2007
Februari 2007 PDF Print E-mail
Written by Maya   
Sunday, 17 January 2010 10:00

February 2007

 

 

Dinsdag 30 januari 2007

 

Vertrek uit Nederland

 

Het huis in Wapenveld is formeel overgedragen, Dagmar en Willem zijn direct ingetrokken, nog een keer afscheid genomen van onze lieve overburen de Smeenkjes en met Taiga los in de auto richting Animals To Fly (shipper) waar we hem uiterlijk 1600 uur moeten inleveren. Los in de auto omdat ik niet degene wil zijn die hem in z’n bench stopt om een toekomstige relatie niet op het spel te zetten. Z’n papieren worden gecontrolleerd en goed bevonden. Een hele geruststelling, want ik heb twijfels over het stempel van onze Wezepse dierenarts, mevrouw   Bouwmeester. Alhoewel zij mij tot 3x aan toe verzekerd heeft dat dit heus het goede is. Wie ben ik om dat dan tegen te spreken, maar het blijft toch ergens knagen. Taiga gaat  vervolgens naar een grote bench en wordt de volgende ochtend om 0610 uur naar Schiphol gebracht zo wordt mij verzekerd inclusief alle originele paperassen zoals z’n europese paspoort, afrikaanse permit en door Bouwmeester ingevulde gezondheidsformulieren.

 

We eten s’avonds bij Joop Braakhekke in “la Garage” omdat we een dinerbon hebben gekregen van de Haan verhuizingen. Dit is weer te danken aan het feit dat de verhuis-aktiviteiten bij ons gefilmd mochten worden ten behoeve van een promotie DVD voor toekomstig verhuislustigen naar het buitenland. De bon blijkt  bij lange na niet toereikend, maar dat zit waarschijnlijk in de champagne die we erbij genomen hebben. We kletsen aan het eind nog even met Joop die een of ander geheimzinnige prutje zelf in elkaar staat te draaien en daar royaal steeds uit proeft of het al de goede smaak aan het worden is.

 

We slapen bij van der Valk hetgeen ons wel een passend afscheid van Nederland lijkt. Nix mis mee hoor, keurige grote kamer en uitstekend ontbijt tot aan zalm aan toe. Ik heb echter  een knoop in mijn maag (zit constant in over Taiga) dus het ontbijt is geen feest.

 

Woensdag 31 januari 2007

 

Chateau d’ Yquème

 

Na het ontbijt met de bus naar Schiphol waar ons de nodige problemen te wachten staan. 7 kg overwicht en dus EUR 240 bijbetalen of de spullen laten staan. (Bertie, onze buurman heeft ook een paar kilo overwicht zo blijkt later, maar die treft kennelijk een soepele KLM’er bij de incheckbalie) en dus nix bijbetalen. Onze emigratie-verhaal en daarmee dan mogelijk gepaard gaand enigszins soepel gewichtsbeleid mag niet baten. Jan heeft z’n fles Chateau d ‘Yquème in z’n rugzak die eigenlijk in de koffer moet, maar helaas de koffer is al op de band verdwenen. Er zit dus nix anders op om de fles achter te laten. Hebben we 20 jaar bewaard tot een passend moment, dat is dus kennelijk nu, ha ha ha. Een upgrade zit er ook niet in naar BC ondanks het feit dat we punten genoeg hebben. Dat kan dus niet bij de goedkoopste tickets.  Kortom: allemaal gezeur. Dat zal in het niet vallen bij hetgeen ons ’s avonds te wachten staat.

 

Ik controlleer …tig keer of Taiga ook aan boord is. Aanvankelijk staat hij niet op de vrachtlijst, maar uiteindelijk de bevestiging dat er een kat aan boord is en de ruimte dus op 18 graden gehouden moet worden. Een grapjas-KLMer vertelt nog dat men dat laatste een keer vergeten was en de hond ’s avonds bevroren uit het vrachtruim kwam.

 

Zeer tot onze verrassing is buurman Bertie Oosthuizen ook aan boord. Hij wist het van te voren, maar moest zijn mond houden bij wijze van verrassing. We kletsen af  en toe wat, krijgen nuttige tips en warme aanbevelingen “how to survive in South Africa”  en nemen ’s avonds bij de bagage-band afscheid. Mischien komt hij naar de farm als hij even tijd heeft.

 

Taiga mag niet mee

 

Gerard van Schendel (African Lodge) staat ons al op te wachten en we gaan hoopvol naar het vracht-station van de KLM om Taiga op te halen. Taiga is gearriveerd maar we krijgen hem niet mee. Het verkeerde stempel. Ik compleet door het lint. En cry myself a river. Ik sta er op dat de Wezepse dieren-artsenpraktijk wordt gebeld en wel . Jan vindt dat op dit tijdstip totaal ongepast, maar mij kan dat niets schelen, ze hebben het aan zichzelf te danken.  Jan legt aan de dienstdoende arts dhr. Willemse het een en ander uit en deze belooft er  de volgende ochtend onmiddellijk achteraan te gaan. Ik mag Taiga dus wel zien en knuffelen maar hij is geheel de kluts kwijt en verdwijnt uiteindelijk naar de quarantaine station, ik woedend op de dierenarts en barst van medelijden met Taiga.

 

We drinken nog een glaasje bij Yvonne en Gerard en gaan naar bed. Van slapen komt het nauwelijks en de volgende ochtend vroeg schrijft Jan de instructie voor de Wezepse dierenartsen. Ik ben totaal uitgeput van het janken en niet slapen.

 

Donderdag 1 februari.

 

Patrick (Taiga heeft hem ooit in z’n vinger gebeten bij het gebit reinigen) wordt die dag bij de praktijk uitgepland zoals dat heet en gaat met gefaxte documenten op weg naar de VWA (Voedsel en Waren Autoriteit, voorheen RVV) in Zutphen voor de juiste stempels. En rijdt vervolgens door naar Dreumel. Want wat wil het toeval: daar vertrekt de familie Cnoups om 1500 uur naar de Düsseldorfse luchthaven  teneinde de volgende ochtend in Joburg aan te komen. Yvonne weet dat omdat Gerard de familie naar Vaalwater moet brengen.  Zij zijn bereid om de documenten mee te nemen (per courier  zou zeker 3 dagen in beslag hebben genomen en zou Taiga dus het hele weekend nog in quarantaine moeten zitten.

 

Ik SMS regelmatig met Patrick over de voortgang en hij meldt nu het juiste stempel te hebben, op weg naar Dreumel te zijn en de doc’s te hebben afgeleverd. Het lijkt dus allemaal betrekkelijk snel toch nog goed te komen.

 

Een Bakkie

 

Intussen zijn Jan en Yvonne op jacht geweest naar een Bakkie en dat is geheel gelukt. Moet alleen nog gereed gemaakt worden, rubberised, opgepoetst en weet ik veel wat nog meer, en kan de volgende dag om 1700 uur opgehaald worden. De bank moet dus ook nog worden bezocht voor de financiële consequenties van zo’n aanschaf.

 

Voor alle hulp van Yvonne en Gerard gaan we ’s avonds met z’n vieren ergens eten. Want het is niet alleen vandaag dat ze ons met raad en daad ter zijde staan, ze zijn ook al op een Bakkie voor ons uitgeweest in Pretoria (120 km vv). Ze willen het Bakkie (Toyota Hilux double cab 4x4 Diesel) kopen, maar dan verschijnt er een tweede kaper op de kust waaraan de verkoper de auto verkoopt. Ze lullen als Brugman (en als je Yvonne zou kennen doet ze dit zeer overtuigend), maar tevergeefs.  Om uit je vel te springen.

 

Vrijdag 2 februari.

 

We gaan met Gerard naar het vliegveld om de fam. Cnoups op te halen en vervolgens naar het quarantaine station te gaan. Met de papieren (nogmaals heel veel dank beste familie Cnoups) en Yvonne naar het quarantaine station (waar we s’ochtends ook al geweest zijn, maar helaas we krijgen Taiga nog niet te zien; eerst de originele papieren en bovendien mogen er geen buitenstaanders in de quarantaine hokken. Terecht overigens uit dierziekte-oogpunt). We overhandigen opgelucht de papieren aan de Chief Veterinair, maar we hebben volstrekt buiten de waard gerekend: stempel niet in orde (zwart in plaats van blauw) en Taiga wordt niet vrijgelaten. Ik radeloos, en janken (dat scheen te helpen vertelde Yvonne mij achteraf) want na weer eindeloos lullen  krijgen we hem toch mee. R8 kost en inwoning betalen en een vervoersdocument naar Vaalwater inbegrepen.

 

Eenmaal terug bij Yvonne en Gerard laten we Taiga los in de kamer waar ons oude vertrouwde dekbek al ligt te wachten. Na te zijn bijgekomen  gaat hij op verkenning uit, eet zijn vertrouwde voedsel en gaat keurig op de door Yvonne gekochte kattenbak waar hij volgens mij wel voor 3 dagen urineert. Zeker 6 jaar niet op de kattenbak geweest in NL, maar het gaat bijna als vanzelfsprekend. Hij lijkt redelijk op z’n gemak en slaapt ’s avonds tussen ons in.

 

Jan heeft ’s middags met Yvonne ons nieuwe (tweedehandsje) Bakkie opgehaald zodat we de volgende dag eindelijk naar de Farm kunnen.

 

Zaterdag 3 februari.

 

Naar ons nieuwe huis

 

Gepakt en gezakt en Taiga los in de auto gaan we richting onze farm na uitgebreid afscheid van Yvonne en Gerard te hebben genomen. Echt fantastische behulpzame mensen die inmiddels het klappen van de zuid afrikaanse zweep kennen na er inmiddels 11 jaar te hebben gewoond. Hun lodge ligt niet zo ver van het vliegveld en uitstekende overnachtingsplaats als je ’s avonds laat in Joburg aankomt (www.africanlodge.co.za) This e-mail address is being protected from spambots. You need JavaScript enabled to view it .

 

De reis verloopt voorspoedig, maar we moeten  nog even bij de Spar in Vaalwater aan alhoewel Lesley voor de nodige mondvoorraad op de farm heeft gezorgd. Op de parkeerplaats treffen we Monique en Hans (Vestjens) die op Rhenosterfontein wonen (maar ook nog steeds in NL hun dierenartsenpraktijk hebben en uitoefenen). We spreken af dat ze de 7e op bezoek komen samen met onze kleding die we daar in december j.l. allemaal achtergelaten hebben.

 

De sleutels van het huis moeten we bij de overburen ophalen. Pat en Brian Taylor. Letty is niet thuis, die zullen we laten ontmoeten. Pat en Brian gaan mee naar de farm, helpen Jan uitladen en ik ga met Taiga naar de slaapkamer omdat we die even kunnen afsluiten zolang de deuren open staan. Ook Pat en Brian zijn uitermate behulpzaam en ze hebben volgens mij onze farm de laatste 7 jaren min of meer gerund omdat Lesley en George (eigenaren/ verkopers) er uisluitend in het weekend of met feestdagen kwamen.

 

Nadat Pat en Brian vertrokken zijn laten we Taiga los om het huis te gaan verkennen en hem z’n kattenbak, water en voedsel te wijzen. Hij is natuurlijk net als een kat in een vreemd pakhuis, maar lijkt niet gestressed of zo. Hij eet, gaat op de bak, snuffelt zich een breuk  en springt ’s nachts weer bij ons op bed.

 

Aan het einde van de middag ga ik een stuk lopen, naar de nieuwe dam. Dat kan ik net halen heen en terug voor dat het donker is. Ik kom slechts een “Duikertje” tegen; het wild is aan het grazen op het vlakke stuk van de farm. Er staat slechts een klein plasje in de dam (de dam is hier het water gedeelte en niet de dijk of bouwwerk anderszins dat het water tegenhoudt zoals naar nederlands taalbegrip). Maar het duurt wel zo’n 2 jaar voordat de dam zich gezet heeft. Geduld oefenen dus. De graafmachine staat er nog steeds. Van van Zyl. Hij is kapot heeft Brian verteld, maar hij zal toch weg moeten op de één of andere manier. Het is hier geen wrakkenkerkhof tenslotte.

 

Het is natuurlijk allemaal onwennig, want nog geen structuur in het huis, je loopt je een breuk van hot naar haar volgens Jan en alles is steeds kwijt omdat het nog geen vaste routine plaats heeft. Dat zal ook nog wel even duren.

 

Zondag 4 februari.

 

Een dagje rust

 

We besluiten die dag nix te doen want de afgelopen 12 dagen zijn al met al toch behoorlijk stressvol en uitputtend geweest. Taiga mag mee naar buiten onder mijn bezielende begeleiding en we lopen een rondje over het terras. Een rondje terras lijkt mij voor deze dag wel voldoende en met een beetje duwen in de goede richting laat ik hem terugsnuffelen tot in het huis. Daarna ga ik maar eens in onze eigen zwembad (nou ja, 5 meter oid) plonsen. 3 slagen heen, 3 slagen terug, maar het is lekker water en het uitzicht adembenemend. Er staan nog een paar struiken in de weg, maar die worden op korte termijn wel verwijderd. 

 

Maandag 5 februari.

 

We moeten naar onze Reekenmeester (accountant) en de bank om ons chequeboek op te halen. Niet dat ik het ga gebruiken want veel bankkosten, maar voor noodgevallen. Het duurt langer dan gepland want Jan is eerst zijn rijbewijs en geld kwijt en heeft dan de verkeerde sleutel van de poort meegenomen (zo’n 2 kilometer hobbel/zandweg vanaf het huis). Gelukkig staat Pat de bloemen net water te geven, dus zij haalt snel haar sleutel even. We moeten als we terugkomen wat bij hen komen drinken en kennismaken met Letty.

 

Bij André (onze accountant dus) tekenen de de noodzakelijke papieren ten behoeve van onze vennootschap (Oosterhoff Investments CC), we gaan naar de bank waar we met John en Johnny een aantal zaken regelen en formulieren invullen voor onze zakelijke creditcard. Vervolgens op zoek naar farmbenodigdheden want alles zit in de container. Je kunt immers niet zonder schroeven, bouten, moeren, schroevendraaiers etc vanuit mannenoogpunt bezien. Straks hebben we alles dus in ….tig voud, maar je kunt nooit gereedschap genoeg hebben volgens Jan. Voordat alles is aangeschaft is het al erg laat en Taiga zit al die tijd thuis in z’n eentje. Alles wat je in S.A. onderneemt is een soort dagtocht. Bank en accountant is zo’n dagtocht dus. Of straks onze permante verblijfsvergunning aanvragen. Weer een dagtocht. Privé bankrekening regelen. Kan alleen in Pietersburg of Joburg. Weer een dagtocht. Of de VIN-registratie voor het Bakkie in Ellisras, want we hebben nu nog een Gauteng nummerplaat en dat moet zsm omgezet naar een Limpopo numerplaat. Dagtocht nummer zoveel.

 

Taiga heeft niet zichtbaar geleden onder het alleen zijn in een vreemd huis en we gaan vervolgens naar Pat, Brian en Letty.

 

De plaatselijke mores

 

Letty steekt gelijk van wal wat het personeel betreft. Want iedereen verzekert ons: wij kunnen niet zonder! Je bent trouwens drukker om je eigen personeel te instrueren en van voedsel en andere zaken te voorzien dan omgekeerd. Onder het nuttige van een aantal biertjes wordt ons uitgelegd dat we zeker 3 à 4 mensen nodig hebben (ik zou bij god niet weten waarvoor, maar we luisteren aandachtig). Een meid voor het huis, maar de sollicitante die morgen komt kan ook de tuin doen. We hebben alleen rotsen en zand! Per werknemer dient er elke 1e dag van de maand te worden verstrekt als volgt:

 

  • 12,5 kilo Mieliemeel,
  • 2,5 kilo suiker,
  • 500 gram zout,
  • 1 kilo creamer,
  • 5 toiletrollen,
  • 1 blok zeep,
  • 100 teabags,
  • 0,75 liter cooking oil.

 

Vervolgens 3x per week

 

  • 1 brood, 1 ui,
  • 1 tomaat,
  • 1 aardappel,
  • halve kool,
  • 350 gram vlees.

 

Allemaal te verkrijgen bij Shoprite, de goedkoopste winkel.  Maar we zijn er nog niet: ook

  • twee stel kleding
  • een regenpak
  • werkschoenen en
  • handschoenen.

 

Het ene elk jaar te vervangen, het andere om de 3 jaar en de regenjassen geloof ik om de 5 jaar want het regent maar 2 maanden per jaar. Het is maar dat je het weet! Vervolgens onderricht over de administratie van het personeel en de aanbeveling dit bij SESA (Small Enterprises South Africa) onder te brengen. Onze koppen lopen om van de informatie en met moeite weten we ons om half acht los te rukken.

 

’S Nachts regent en onweert het geweldig en de aardlekschakelaar springt uit. Ik laat het maar, morgen zet ik hem wel om.

 

Dinsdag 6 februari.

 

Sollicitanten

 

We krijgen de sollicitanten op bezoek. Personeel van onze buurman die moet inkrimpen. Buurman Herman (getrouwd met Dawn). De sollicatie gesprekken verlopen stroef en zwijgzaam. Ik weet niet wat ik moet vragen eigenlijk. Kun je goed poetsen of zo? Daar krijg je toch geen eerlijk antwoord op lijkt me. Maar we vragen  wel wat ze kunnen natuurlijk. Olivier kan naast het gewone farmwork ook metselen. Dat is wel handig omdat er nog wel het een en ander bijgebouwd moet worden. Sakkie en Abram (ja hoe verzin je het niet?) kunnen alleen het gewone farmwork: the fench, roadclearance, wildsuipings en licks verzorgen, bushclearance etc.

 

We besluiten ze alle 4 op proef te nemen voor een maand want Elisabeth kan tuinieren en kan alles in huis, zelfs het gebruik van de stofzuiger is bekend. En wel met ingang van de volgende dag. Na een maand gaan we hoogstwaarschijnlijk terug naar 3. Maar dan weten we in ieder geval hoe ze werken en wie het meest/minst bruikbaar is. 

 

Het toeval wil dat Herman na de sollicitatiegesprekken mensen van SEESA (soort werkgevers organisatie) op bezoek krijgt en stelt voor hen daarna naar ons te sturen. Want voor een entree-fee en een fee per maand lossen zij alle personele zaken op van afdracht aan het werkloosheidsfonds UAF en ontslag aan toe). Zo gezegd, zo gedaan.

 

Ik loop weer een rondje met Taiga en breid het territorium uit. We lopen door de tuin naar het gasten-huis en weer terug waarbij ik hem zijn eigen weg terug probeer te laten snuffelen. Maar opeens schiet er een hagedis onder een steen en al z’n aandacht gaat vervolgens naar de hagedis.  Het duurt even alvorens hem weer op het rechte spoor te krijgen.

 

Intussen belt Hennie Oberholzer, de makelaar, dat de papieren klaar zijn en de vraag om hetzij te betalen hetzij een bankgarantie af te geven zodat de deed-transfer bij the deeds-office geregeld kan gaan worden. Postbank laat doodleuk weten dat er slechts EUR 50.000 per dag getransfereerd kan worden. Dat wordt dan dus 2 weken lang dagelijks internetbankieren in hetzij Vaalwater hetzij Ellisras omdat we nog geen internet verbinding hebben. Plus (nog afgezien van de diesel)  alle bijkomende extra bankkosten zowel in NL van EUR 13,50 per transaktie als hier in SA waar banken zelfs een ontvangstfee rekenen van ZAR 475 per keer.

 

De Postbank

 

We hangen urenlang met de Postbank aan de bel met o.a. mevrouw Willemse van de afdeling buiten-land. Het interesseert haar geen moer wat zo’n gesprek kost en ze is ook niet te vermurwen. Het keuzemenu bestaat uit hetzij internationale betalingskaarten of EUR 50.000 per keer per dag. Beiden kunnen niet bij haar geregeld worden. Daarvoor moeten we ons tot de afdeling cliëntenservice in Leeuwarden wenden. Maar zo wrijft ze nog verder in (ze schijnt er werkelijk plezier in te hebben) : de internationale betalingskaarten worden eerst aangemaakt nadat ik een schriftelijk verzoek daartoe bij Postbank heb ingediend. Aan de hand van dit schriftelijke ondertekende verzoek wordt ons dan een officiële aanvraagkaart toegezonden welke ik dan ingevuld weer aan de Postbank dien te retourneren. Met faxen kan helaas niet worden volstaan.

 

Inmiddels enigszins verhit bellen we cliëntenservice waar weer hetzelfde verhaal wordt gedaan. Dit maal aan een heer wiens naam mij in de stress van het moment helaas ontschoten is. Deze heer vindt het allemaal heel vervelend en treurig en  adviseert mij een fax aan hun adres te schrijven met het verzoek om een beetje maatwerk met betrekking tot èn bankgarantie èn de internationale betalings-kaarten. Wij hebben nog geen fax, bij de buren werkt het ding niet, dus we zullen er voor naar Vaalwater of Ellisras moeten.

 

Van de Postbank wordt echter niets vernomen dus weer bellen twee dagern later. De dame die we aan de bel krijgen weet niets van een fax, vertelt en passant dat de Postbank géén bankgaranties (meer) mag afgeven aan particulieren en dat we het maar met ING moeten regelen. Wat moeten we met ING waarmee we géén enkele relatie hebben??  Ik vraag haar een nummer van ING en krijg een 0800 nummer. Ik leg uit dat ik dergelijke service nummers vanuit ZA niet kan bellen, nou dat is dan jammer voor mij. Uiteindelijk is ze bereid mij intern door te verbinden met ING. Ik krijg daar middels het bandje een kwartier lang de boodschap “alle medewerkers zijn nog steeds bezet”. Uiteindelijk krijg ik een heer aan de bel die mij vertelt op de verkeerde afdeling te zijn terechtgekomen en geeft mij een nummer van de afdeling bankgaranties in Amsterdam. Daar wederom 15 minuten een bandje met de “alle mede-werkers zijn nog steeds bezet” boodschap.

 

Ik krijg daar uiteindelijk een mevrouw aan de bel (Marijke) die mij vertelt dat de ING geen bank-garanties afgeeft en als dat al moet dat er dan eerst een rekening bij een kantoor in NL geopend moet worden en dat kan niet op afstand. Alles op officiële documenten en officiële en originele handteke-ningen, een faxhandtekening is niet legaal aldus Marijke. Manlief en ikzelf zullen dus naar NL moeten vliegen om ons op een ING kantoor te vervoegen teneinde daar een bankrekening te kunnen openen. Het is werkelijk om te ontploffen. Marijke vindt het trouwens belachelijk dat ik niet over mijn geld zou kunnen beschikken danwel een limiet van EUR 50.000 per dag. Zij belt met uw 0800 of 0900 nummer en krijgt daar de verzekering dat het bedrag wel eenmalig kan worden overgeboekt.

 

Hoopvol zijn wij naar het internetcafé 50 kilometer verder op getogen, maar vergeet het maar, meer dan 450.000 ZAR per dag laat het systeem niet toe. Voor elke transaktie moet ik elke dag naar Vaalwater of Ellisras nu nog niet over een internetverbinding kon worden beschikt.

 

SEESA

 

Om een uur of één komen Edward Collman en Christine van SEESA aan en we bespreken het een en ander op personeelsgebied. Ze sturen ons de nodige papieren toe om de zaken namens ons te regelen want we hebben al genoeg aan ons hoofd zonder personele aangelegenheden op dit moment. Christine is een zwarte dame die altijd als tolk meegaat, want ze spreekt de meeste afrikaanse talen vloeiend. Intussen belt Bertie om te vragen “hoe gaan dit” hij is blij dat alles hier goed gaan, en vreest geen tijd te hebben om langs te komen, maar hij doet z’n best.

 

Daarna moeten we naar Ellisras voor de boodschappen voor ons personeel (ja, hoe verzin je het!) en Jan moet hoognodig weer even naar een hardware winkel om het personeel aan het werk te zetten. We kopen een spa, pikhouweel, bezems, bijl, bomenzagen, etc. etc. Een Bakkie vol! We lopen maar even bij onze makelaar binnen om het document naar de Postbank te faxen en leggen hem uit dat het allemaal wat langer gaat duren dan wenselijk. De fax is er door, ontvangstbevestiging gezien, maar we zullen nooit meer van de Postbank vernemen.

 

Het is ca 40 kilometer naar Ellisras en je komt bijna geen hond tegen (behalve een dode  Jakhals dan). Op de terugweg zit er iets midden op de weg dat pootjes heeft. We keren om en het blijkt een schildpad te zijn die ik maar even in het gras zet. Dat lijkt me veiliger namelijk.

 

Woensdag 7 februari.

 

Eerste karwei vandaag is de poort openen voor het personeel. En dat komt in onze Bakkie mee naar het huis. Ze krijgen allemaal instructies en Elisabeth gaat in het huis aan de slag. Ze heeft een bepaalde routine die mij wel goed lijkt. Dus ze gaat haar gang maar. Om 0930 uur is het theetijd met een sneetje brood want ze heeft honger. Naast het andere dagrantsoen lijkt me dat haast onmogelijk, maar ze is niet voor niets aan de royale kant. Ik laat haar kennismaken met Taiga (beter omgekeerd) en druk haar op het hart de deuren voorlopig dicht te houden. Ze doet alles werkelijk keurig, en ik weet nu nog niet hoe ik haar de hele week aan de gang moet houden. Ramen zemen, maar ik ben vergeten spons en zeem te kopen. Maar op de oprit staat nogal wat gras tussen het grind, dus dat moet ze maar gaan verwijderen en vervolgens een plekkie zoeken waar een stukje groentetuin aangelegd kan worden.

 

Sakkie is intussen bezig om de te dichte begroeiing langs het huis weg te halen. Vanwege het uitzicht enerzijds, maar veel belangrijker nog brandpreventie en slangen barrier.

 

We krijgen vanmiddag bezoek van Monique en Hans en dan kan ik me gelukkig weer eens verkleden! Onze zomerkleding was december j.l. bij hen op Rhenosterfontein achtergebleven toen we daar logeerden tijdens onze huizenjacht.

 

 

 

 

 

Onze visite vindt het huis prachtig (dat is het ook!) en gaan na de koffie met Jan een gamedrive naar de rivier maken. Ik blijf thuis voor Taiga maar er kunnen ook maar 4 mensen in het bakkie, vandaar. En ik ga m’n koffertjes uitpakken die we in december j.l. bij hen hadden achtergelaten. Want daar zit o.a. mijn sporenboekje in (van het wild, niet de NS dus).

 

Om 1600 uur komt Elisabeth vertellen dat ze alle vier op Boss Jan (ja ja) wachten om met het bakkie teruggebracht te worden naar de staff quarters. Jammer dan, hij is ergens met onze visite op de farm. Dat wordt dus lopen geblazen (2 km). Maar afgezien daarvan was ik niet voornemens om mij in dienst van mijn personeel te stellen.  Maar met Jan zal het zo wel aflopen want hij gaat ze wel halen. En als hij vanaf vandaag hen dat niet afleert, dan is er geen weg meer terug. Ik heb hem voor gek verklaard, want absolute-daarvoor-gewaarschuwde-beginners-fout-nummer-1!!!

 

Ons bezoek komt verrukt weer terug want bij de rivier troffen ze een volwassen Nyala mannetje met prachtige hoorns dat op een afstand van 20 meter blijft staan en gewoon doorgaat met grazen hetgeen betekent dat hij zich helemaal op z’n gemakt voelt.  Na wat alcoholische versnaperingen en wijze lessen over de afrikaanse arbeidsmoraal gaan ze weer naar Rhenosterfontein. Ze melden via hun cellphone dat ze op weg naar de gate een heleboel Rooibokkies (Impala), Eland Antilope, Zebra’s en Blou Wildebeeste zien. Monique en Hans willen ook graag Eland Antilope, en we hebben er genoeg, maar op dit bergachtige terrein is het schier onmogelijk om ze te vangen voor transport. Wie weet verzinnen we nog een list.

 

Monique, Hans en Harry (broer van Hans) zijn weer weg en onze eerste dag-met-personeel zit er goddank op. Dat is nog wel even wennen hoor. Je bent drukker met het organiseren van je personeel dan anders wat. Elisabeth controlleert onmiddellijk de boodschappen die wij worden geacht 3x week te verstrekken. De margarine deugt niet, dat moet boter zijn zo laat zij weten. Ik vertel haar dat naar mijn mening de margarine wel deugt, dat ik de boodschappen door Letty heb laten controlleren, maar dat ik het voor de zekerheid zal navragen. Ze probeert gewoon wat. En later komt ze mededeling dat ze geen witte, maar bruine suiker wil omdat ze van witte ziek wordt. Als dat prijsneutraal kan, dan kan dat natuurlijk best regeld worden de volgende keer. Maar het 1 kg pak poedermelk zijn we inderdaad vergeten, daar waren we zelf al achter.

 

Donderdag 8 februari

 

Jan haalt dus het personeel op, Elisabeth gaat aan de afwas en wij gaan met de boys en Brian kijken waar alle waterleidingen liggen, waar de boreholes zijn en hoe de stone crusher werkt. Elisabeth vraagt om oude kranten want ze gaat vandaag de ramen zemen. Je zou het niet verzinnen, maar het werkt uitstekend. De ramen worden gewassen en met de kranten drooggewreven en het ziet er streeploos en schoon uit. Bijna een dagtaak want binnen en buiten, 5 grote schuifpuien en nog zo’n 16 kleinere ramen.  De afwas wordt met de hand gedaan ondanks het feit dat we een afwasmachine hebben. Zij is dat zo gewend en ik zou niet weten hoe ik haar anders de dag zou moeten doorhelpen met werk. Maar ze doet het uitstekend en nog tamelijk efficiënt ook. En Jan vindt het heerlijk dat hij de afwas gewoon op het aanrecht in de scullery (bijkeuken, dus je hebt er absoluut geen hinder van) kan achterlaten en de machine niet hoeft uit te ruimen. Het gebrek aan servies is een nijpender probleem, maar dat is over een paar weken  ook opgelost!

 

We gaan naar Vaalwater om de eerste EUR 50.000 over te schrijven en moeten het personeel dus alleen achterlaten. Ik druk Elisabeth op het hart de deuren dicht te houden en ze blijkt alles netjes te hebben afgesloten als we weer terug zijn. Dank zij de Postbank zal deze operatie 14 achtereenvol-gende dagen moeten gaan plaatsvinden.

 

Ik koop op de locale markt 2 zakken tomaten en 2 zakken uien. De tomaten schat ik op 1,5 K per zak, de uien 1 K. Samen 20 rand ofwel zo’n EUR 2,20. Dat is aanzienlijk goedkoper dan bij de Spar en ik heb ze in royale mate nodig gelet op de verplichtingen jegens het personeel. De tomaten zijn trouwens heerlijk zo blijkt. En blijken ook voor ons zeer consumabel.

 

Ik ga met Taiga naar buiten. Het terras kennen we inmiddels wel en we gaan echt de tuin in. Het uitzicht vanaf het terras is trouwens nog mooier geworden want we hebben inmiddels een aantal struiken en ander opschietend spul laten verwijderen door Abram. Er staan blauwe bloemetjes in de tuin en daar is een Kolibrie-achtig insekt van ca 2 cm groot druk aan het fourageren. Ik zie er later trouwens meer. Taiga loopt verwonderd en ogen/oren op steeltjes achter mij aan en ik hoop hem zo in ieder geval het rondje langs het huis te leren kennen.

 

De zon gaat op spectaculaire wijze onder en de hemel kleurt zich in allerlei prachtige rood/roze tinten. Maar nog geen tijd gehad om het foto-toestel ter hand te nemen. Er volgen er hopelijk meer!

 

Vrijdag 9 februari

 

Boodschappen doen

 

Jan gaat z’n personeel ophalen en ik stel de boodschappenlijst samen. Jan gaat straks met in ieder geval Elisabeth en één van de boys naar Lephalale (Ellisras) om hun werkkloffies aan te gaan schaffen. En bij Shoprite boodschappen te gaan doen. Op het lijstje staan 16 broden, want ik ga maar een weekplanning proberen te maken. Een routine die we ons nog eigen moeten maken, maar we hebben nogal veel tegelijk aan onze fiets hangen op dit moment. Abram en Sakkie blijven achter. Die moeten vandaag een stom hekwerkje verwijderen dat om de “tuin” of wat daar voor door moet gaan, staat. Lesley wilde de dieren buiten houden, maar er staat nix van hun gading, dus het hek moet weg. Bovendien; alle bokkensoorten springen er gewoon overheen. Het verwijderen lukt diezelfde dag nog behalve een paar ijzeren palen, daar komt meer voor kijken om die te verwijderen.

 

Zodra ze op weg zijn begin ik met wat tekenwerk van alle veranderingen welke in en om het huis doorgevoerd moeten worden.  Bij de braai moeten zitplaatsen komen. Ik teken een drietal  cirke-vorminge betonnen dingen die aan de buitenkant met Klippe (natuurlijk steen) bekleed moeten worden.  Vervolgens de badkamer en de keuken nadat ik deze grondig opgemeten heb. Voor de Strongroom (een grote inloopkluis waar nu een lullig gordijn voorhangt) ontwerp ik een nep-deur welke door een lokale kunstenaar van een schilderij voorzien moet gaan worden. Vervolgens voor het kruipluik buiten nog een deurtje want er staat nu een hardboard plaat tegen waar de porcupines die eerder al de stroomkabels daar lekker doorgeknabbeld hebben. Brian heeft het ons eerder laten zien en daar zat bij de ingang van de ingang (je moet trouwens wel verdomd klein zijn om er doorheen te kunnen kruipen) een minuscuul klein schorpioentje. Nog geen 1,5 cm groot, maar venemous (giftig) from day one!

 

Naast mijn tekenwerk moet ik ook nog een contract met het personeel uitschrijven. Ik heb weliswaar de laptop maar géén printer. Ik maak één contract (tijdelijk tot eind van de maand) waar ik 4 namen onder laat zetten. Weinig professioneel voor een jurist, maar anders schrijf ik me blauw.

 

Jan en z’n staff zijn verbazingwekkend snel weer terug. Elisabeth heeft twee mooie kleurige jasschor-ten aangeschaft, en voor de boys gewoon legergroen: overall, jack en regencoat plus schoenen maat 7, 8 en 9. Elisatbeth heeft ook maat 7 en die probeert Jan mooie Nikes te ontfutselen, maar als Jan dat veel te duur vindt, ook geen probleem. Dan maar een goedkopere versie.  Ze helpen Jan trouwens uitstekend bij sjouwen e.d. en Elisabeth blijkt God, Jan en Alleman in Ellisras te kennen en ze commandeert iedereen.

 

Thuis gekomen worden de boodschappen uitgepakt, ben ik reeds bezig met de 3xweekse verstrekking voor alle 4 klaar te leggen (ik begin er zelfs aardigheid in te krijgen, ik voel me net een gaarkeukenverstrekker) en legt Jan uit dat het contract getekend moet worden. Ze schrijven keurig hun naam en ID nr op, maar Elisabeth doet dat voor Olivier, haar partner naar het schijnt. Ik beloof ze een kopie, maar die moet in het dorp gemaakt worden. Komt nog wel.

 

We roepen Olivier die met een kleine turtoise (landschildpadje) aankomt zetten. Ik laat hem mijn bouwtekening van de 3 banken om de braai zien en vraag of hij dat kan. Ja hoor, dat kan hij wel. Hij vraagt ons waar we ze ongeveer willen hebben en zegt hoeveel zakken cement naar verwachting nodig te hebben: 10 stuks. Het zand, de klippen en kleine steentjes voor in het cement liggen gewoon op het terrein. Maandag a.s. gaat hij er onmiddellijk mee beginnen. 

 

We gaan nog even zwemmen en ik loop naar één van de waterholes. Werkelijk geen hond te zien (maar goed ook, maar bij wijzen van spreken). Dat komt omdat ik te voet ben, en dan ruiken ze je eerder dan in de auto. En zolang ik nog geen voor hen bekende geur heb, zullen ze voorlopig zich wel uit de voeten maken. Maar het barst er van de sporen en ik baal ervan dat ik m’n sporenboekje vergeten ben.  Ook katten en honden (Jakhals, Leopard en Hyena) sporen, die kan ik wel onderscheiden. Die van de Eland Antilope, Impale en Klipspringer en Zebra ook wel. 

 

Zaterdag 10 februari

 

We moeten naar Ellisras om het cement op te halen en wat beddengoed en handdoeken. Stel je voor er komt iemand logeren, heb ik niet eens lakens op het logeerbed.  De staff moet zaterdagochtend ook werken om aan hun 45 uur te komen. Elisabeth heeft haar nieuwe outfit aan en we complimenteren haar uitgebreid. Ze hoeft vandaag niet zoveel te doen wat mij betreft. Alleen de vaat, badkamer en bed opschudden. Heb ik in NL nooit gedaan, maar dat zit hierbij welke “meid” standaard ingebakken. De boys moeten het weggetje langs het wildhek clearen want er zijn veel te veel overhangende takken. Ze zijn al druk bezig als wij naar het hek rijden waar we Pat de overbuurvrouw treffen. Een kort kletspraatje en we zijn op weg. We kopen ons een breuk bij Ellisras Bou en Hardeware. Schroeven, cement, een kruiwagen, dik draad voor het wildhek, we bestellen hout voor Jan z’n toekomstige workshop, ik zie een paar leuke deurknoppen (leopard en zebra-koppies), deurmatten, you name it!. Ons bakkie zit tjokvol. Het hout wordt volgende week thuisbezorgd en ik leg uit hoe simpel het is om er te komen.

 

We moeten nog wat faxen en kopiëren en mijn beltegoed is bijna op. Er is een klein winkeltje met een stelletje handige donders om het maar zo te zeggen. Alles wordt keurig geregeld. Het hele boodschappenlijstje is bijna afgewerkt behalve de verbanddozen. Een voor in huis, één voor in het Bakkie. Maar bij de apotheek geen verbanddozen, maar wel wat mooie etuien met nauwelijks inhoud. De apothekeres stelt voor dat maar te laten voor wat het is, je betaalt alleen een nutteloze tas/etui en niet de inhoud. Maar mischien moeten we zelf met een mooi koffertje terugkomen zodat gezamenlijk de inhoud kan worden vastgesteld. Maar Jan weet het nog beter en vraagt of zij niet een pakket wil samenstellen, in een zak doen en die komen wij dan volgende week ophalen. Want met de container komen immers Jan z’n 100 houten wijnkistjes voorzien van prachtige sloten en scharniertjes aan! En daar zit vast wel een first-aid-koffertje bij. Dat lijkt de apothekeres ook een goed plan, dus we zijn benieuwd!

 

Liesje

 

Op de terugweg nog even bij een tuincentrum langs waar Jan een prachtige grote cactus koopt. Helaas zag hij het plakkertje “sold” over het hoofd. Dat feest gaat dus niet door. Ik neem een Vlijtig Liesje mee. Zielig scharminkelte, maar de beste die er is.  Thuisgekomen begint het een beetje te onweren en regenen, maar het mag geen naam hebben. En Henk Gunneman belt om te vragen hoe het ons vergaat. Ik geef hem het nummer van de belpiraat, dat is goedkoper dan zonder dat naar onze mobieltjes in S.A. bellen.

 

Zondag 10 februari 

 

Vandaag gelukkig even geen personeel om aan het werk te zetten. Ik heb wel uitgeslapen tot 0730 uur! Lekker de nieuwe spullen wassen zodat daarna de bedden kunnen worden opgemaakt en handdoeken gewisseld. De kattenbak moet ook nodig verschoond en ik doe een poging om wat meer structuur in de ongelofelijk onhandige keuken aan te brengen. Leuk geprobeerd volgens Jan, maar nog steeds geen logica in te ontdekken. Hij heeft gelijk.

 

Met Liesje gaat het niet goed. D’r blommen waaien er af en ze staat droog ondanks de volle bak water die ik haar gegeven heb. En met 1000 potten in de container in aantocht, gaan we nu geen nieuwe potten erbij kopen. Maar als je geen spullen hebt, dan wordt je vanzelf vindingrijk. Jan snijdt een grote plastic waterfles (5L) doormidden, het onderste gedeelte is voor Liesje en ik drapeer prachtige ronde pebbels om d’r lullige potje heen waardoor het een leuke pot wordt waar een heleboel water in kan. En ze gebruikt wat! Maar desondanks laat ze het afweten en gaat er steeds beroerder uitzien. Te veel wind en te heet kennelijk alhoewel we de groene rolgordijnen op het terras neergelaten hebben. Jammer van die R15!

 

Jan probeert het kastjesbouwwerk uit onze slaapkamer te verwijderen. Het blad heeft hij los (gaat naar z’n werkplaats, lijkt mij daar bijzonder geschikt voor, netzoals voor de ladenkastjes) en we lichten het blad er af. Maar dat heeft zo’n scherpe kant dat ik twee sneden in m’n vingers krijg. Bloed aan de paal, en we hebben maar één pleister!

 

Echter, de kastjes zitten zo vast aan de muur geschroefd dat Jan deze met z’n lichte kruiskoppies niet los krijgt en hij ze er ook niet op wil kapotdraaien. We moeten maandag dus maar bij Brian een zware lenen. We weten immers nu nog niet of we dat op zondag ook zouden mogen/kunnen vragen. Ik zie ze niet aan voor echt “kerks” maar je weet maar nooit. We leggen het blad dus maar weer even terug, maar nu met werkhandschoenen aan. Jammer, anders had ik weer een “project” van het lijstje kunnen schrappen.

 

We zwemmen nog wat, Jan maakt een vijvertje schoon dat geweldig stinkt als je het rottend blad-materiaal er uit gaat halen. Daarna nog een gamedrive. Vlak bij huis komen we 4 Blou Wildebeeste tegen met 3 jonkies. Die zijn lichtbruin in tegenstelling tot hun pa’s en ma’s die blauw-zwart zijn. Daarna de 3 Zebra’s met hun kind en de Rooibokkies die echt heel veel kleintjes hebben. En dan is het opeens al weer pikkedonker. Verbazingwekkend hoe snel dat hier gaat.

 

Maandag 12 februari.

 

Het is vandaag weer verstrekkingsdag aan het personeel (het brood, kool, etc.). Dat gaat elke keer in een plastic zak. Ik heb al gevraagd om die zakken mee terug te brengen omdat ik rotzooi op de farm wil voorkomen, maar dat kan niet. Die hebben ze zelf nodig zo laat Elisabeth weten. Echter: straks komen er met de container lege plastic kratten mee en die gaan we hiervoor dus inzetten. De boodschappen gaan in zo’n plastic bak en die moeten ze elke maandag, woensdag en vrijdag meebrengen om weer te laten vullen. En geen bak, dan ook geen voedsel.  En nix smoesjes van vergeten en dan toch maar een plastic zak, niets daarvan. In de winkels vraag ik ook steeds om kartonnen dozen. Men kijkt er raar van op, maar als ik uitleg dat dat beter is voor het milieu dan al dat plastic dan hebben ze er toch wel begrip voor. Ik kan S.A. dan wel niet veranderen, maar wel zelf het goede voorbeeld geven, toch?

 

Geen personeel om 0730 uur. Dat is naar mijn mening aan Jan te danken die hen tot nu toe ophaalde. Maar als ze om 0800 toch komen is dat voor Jan het bewijs dat hij ze daar nog niet aan gewend had. Waarom zijn ze er dan niet om 0730?? Gewoon zitten wachten en na een kwartier de moed op gegeven. Maar wel een half uurtje gesmokkeld. Ben benieuwd of ze vandaag ook een halfuur langer werken of juist een half uur eerder weggaan vanwege de 2 K die ze moeten overbruggen.

 

Bankjes bij de braai

 

Olivier gaat vandaag dus aan de slag met mijn bankjes bij de braai. Het zal mij benieuwen hoe hij dat gaat aanpakken. Eerst zand en stenen verzamelen lijkt me. Daarvoor moeten we zien of we Brian z’n frontloader met Alfi kunnen lenen. Alfi woont nog steeds op ons terrein zolang zijn nieuwe onderkomen bij Brian nog niet gereed is. De ene dienst is dus de andere wel waard lijkt me. Ik moet ook nog zien Pat d’r strijkijzer te lenen en nog een stevige schroevendraaier van Brian. Een kruiskoppie. Dit om het bouwwerk in onze slaapkamer alsnog te verwijderen.

 

Ik laat Elisabeth zien hoe ze de wasmachine moet bedienen en van sop en wasverzachter voorzien. Ze heeft haar nieuwe rode kloffie aan dat ik haar zaterdag gegeven heb. Staat haar heel goed met die donkere huid. Bij zo’n outfit hoort standaard een schortje en een hoofddoekje. Beiden met afrikaanse kleuren/figuurtjes. Ze hoort de machine piepen als hij klaar is en ik leg haar nog even uit dat ze de deur niet onmiddellijk kan opentrekken, maar pas na een minuutje of zo. Ze vraagt waar de wasmandjes zijn. In de container zoals mijn antwoord op bijna elke vraag van haar. In die tussentijd maar even een andere werkemmer of zo gebruiken.

 

Het strijkijzer en strijkplank zitten dus ook in de container. Dat wordt dus lenen geblazen bij Pat. Ik ga voor het eerst in m’n eentje met de Bakkie op pad. Ik rijd als een Koningin over mijn terrein alhoewel ik natuurlijk ook wel weet dat de Koningin waarschijnlijk zelf nooit rijdt of zal rijden! Het is steeds een heel gedoe om de hekken te openen en te sluiten, maar als je niet wilt dat je beesten er vandoor gaan zul je wel moeten. Pat is niet thuis, maar Brian laat hun meid ( Maria) de spullen even klaarzetten en ik vraag Brian intussen naar z’n zwaarst mogelijke kruiskoppie. Hij heeft er maar één en die lijkt mij nog kleiner/kwetsbaarder dan Jan z’n kruiskoppies.  De strijkijzer gaat op de passagiersstoel en als ik thuis kom is hij daarop helemaal leeggelopen en de stoel dus zeiknat. Met deze temperaturen droogt dat vast wel weer in één dag of zo. Maar ik ben nog niet klaar, want Elisabeth heeft geconstateerd dat de polish voor het Rodesian Teakwood op is en dat moet toch echt hoognodig allemaal gepolished worden. Ze heeft gelijk, want hier en daar verschijnen er kringen. We zijn de godganse dag bezig met boodschappenlijstjes te maken. Maar ik ben allang blij dat ze zelf oog heeft voor wat er gedaan moet worden. Net als vroeger onze eigen  Aafke. Als het goed is, blijft ze op nr 24 werken voor Dagmar en Willem. Zal wel raar zijn om opeens na 21 jaar nieuwe spullen en nieuwe mensen te hebben om te servicen.

 

De telefoon doet het niet meer. George heeft ons zeker laten afsnijden nu we de koopprijs nog niet op tafel kunnen leggen. Pat zal het voor ons rapporteren en intussen laat Brian weten dat Telkom gebeld is er er spoedig een technician op de stoep zal staan. Dat staat te bezien want ik zat net gisteren in het boerenblad een ingezonden brief van iemand te lezen die 6 maanden met Telkom overhoop had gelegen en van hot naar haar werd gestuurd zonder ooit iemand te treffen die zich om zijn probleem bekommerde. Grappig blad trouwens waaruit je heel wat van de taal opsteekt. Het afrikaans is goed te lezen en uit de context van de tekst haal je meestal wel wat de strekking van een woord is dat je niet 1, 2, 3 thuis kunt brengen. Een afsnijdatum bijvoorbeeld. Blijkt de uiterste datum te zijn waarop iets kan of moet gebeuren. In dit geval het indienen van de landclaims. 

 

Een SMSje naar Saskia die vandaag 54 wordt. Althans volgens mij is het de 12e; maar de verjaardagskalender ter controle zit (ja, ja, je raad het al!) ook in de container.  Ik ben warm, maar niet goed laat Sas per SMS weten.

 

Weer een poosje met Taiga naar buiten geweest. Het kringetje wordt steeds groter, hij gaat lekker op z’n rug liggen rollen. Ergo: hij heeft het kennelijk wel naar z’n zin en doet voor het eerst een piesie buiten. De weg terug naar een kattenbakloos-tijdperk hopelijk. Want zo’n kattenbak, dat is géén feest. Bovendien nogal kostbaar.

 

Alfi is nog steeds niet met z’n frontloader geweest om het zand op te halen voor het metsel werk, dus Jan gaat met de Bakkie en de twee boys zelf maar op pad. We hebben dan wel geen metselbak, maar nog wel een extra vuilnisbak die als zodanig maar moet doorgaan. De specie wordt aangemaakt en het eerste bankje heeft al een contour gekregen. Jan heeft nog een keer extra uitgelegd dat ze alle drie even ver van de braaiplek af moeten komen te staan en dat hebben ze goed begrepen zo lijkt.

 

Scherp in de vouw

 

Elisabeth heeft de was klaar en is aan het strijken. Dat is een hele “art”. Jan z’n overhemden weten vast niet wat hen overkomt; zo scherp in de vouw hebben ze sinds ze uit hun nieuwe verpakking kwamen nooit meer gezeten.  Ook de ongewassen (doch nog) schone overhemden moeten gestreken want Jan mag van Elisabeth niet naar het durp (dorp) met ongestreken hemden. Dat is haar eer te na. Want iedereen weet natuurlijk inmiddels dat zij bij ons werkt en het zou slecht voor haar PR en CV zijn als Boss Jan er ongestreken bijloopt.  

 

Ik sta perplex: om 1530 uur is de Telkom man er al voor ons telefoonprobleem. Niet dat het helpt want die toren is nie lekker nie. Er worden kastjes gewisseld, systeem gereset, maar tevergeefs. Hij komt morgen weer in de hoop dat een collega ergens anders in het systeem het probleem dan heeft opgelost. Want hij zou hier niet weten wat nog meer te doen.

 

Dinsdag 13 februari

 

Het bankje rond de braai waarmee de boys beginnen zijn is niet goed. Dat moet over want de ronding zit er niet in. Mischien ook wel een beetje mijn eigen schuld, ik had het nog beter moeten tekenen. De vorm wordt opnieuw op de grond uitgelegd en daar moet ik nog twee keer aan schaven, maar dan lijkt het vervolgens goed te gaan. Maar vaak even kijken en zo nodig ingrijpen. Zij willen het graag goed doen dat is het punt niet. Dus als het goed gaat, dan laat ik dat ook weten natuurlijk. En als het uiteindelijke resultaat bevalt dan kan Jan z’n workshop vervolgens op deze manier met klippe worden bekleed om vervolgens aan onze eerste gastenroundavel te beginnen.

 

De landline (telefoon) doet het op en af en er belt een mevrouw op Jan z’n cell phone. Maar binnen hebben we geen goede verbinding, dus dan moet je naar buiten. We missen dus ook telefoontjes waar je dan aan het eind van de middag per SMS melding van krijgt.  De  mevrouw blijkt de zuid afrikaanse tegenhanger van de Haan removers te zijn. De container wordt de 23e februari in Durban verwacht en er moeten weer een heleboel documenten ingevuld worden. Ze stuurt me deze per email. Zodat we naar een internetcafé moeten. En dat is nog niet alles: van Jan z’n paspoort moeten alle pagina’s worden gekopiëerd 9dus ook de lege) en door de policepost gelegaliseerd.

 

Elisabeth komt vertellen dat er ook nog polish voor de granietenbladen op het boodschappenlijstje moet. Want er zitten kringen op de bladen en dat kan absoluut niet. Dat is nie mooi nie.

 

Jan merkt dat er ergens een waterleiding gesprongen is. Hoe dat komt is een raadsel, mischien heeft hij gisteren iets verkeerd gedaan bij het volpompen van onze 4 JOJO tonnen van elk 5000 liter inhoud. De pomp heeft 7 uur aangestaan, en dat is veel te lang voor een gemiddelde borehole die toch zo’n 10-15.000 liter water per uur zou moeten kunnen leveren. Maar Jan is stronteigenwijs en wil dat op z’n eigen houtje doen zonder de boys erbij die de instructies van Brian hebben gekregen. En dan moet je dus maar leergeld betalen. Wel zonde van het water want tot nu toe is de regenval absoluut beroerd te noemen en worden de ondergrondse reservoirs onvoldoende tot geheel niet bijgevuld. 

 

Jan heeft een mooie Agave gezien bij de Staffquarters en deze moet dus naar ons eigen rotstuintje verhuisd. Maar ons rotstuintje is niet voor niets een rotstuintje: geen spa de grond in te krijgen. De Machete en Pikhouweel komen er aan te pas en uiteindelijk wordt er een plekje gevonden dat mogelijk geschikt is. Ergens anders op het terrein staat nog een redelijk flinke cactus (absoluut fout, want een aliën, hoort hier dus eigenlijk helemaal niet thuis), en die moet dus ook verhuisd worden. Bij de rivier staan een heleboel Agave’s maar bijna niet bereikbaar vanwege de ontoegankelijkheid van dat soort stukken van het terrein. Stijl en rotsachtig. De agave wordt uitgegraven en daar blijken nog een aantal zaailingen bij te staan die ook meekomen. Abram poot de grootste Agave en het is inderdaad een prachtexemplaar. Kennelijk is geen karweitje hen te dol. Toch wel erg handig eigenlijk. Ik begin steeds meer van het personeel te genieten. Want wat Jan niet kan, doen zij wel  voor me. Ideaal dus.

 

Ik draag nog een kussen naar het nieuwe bankje bij de Braai en Olivier zegt dat dat hij dat verstaan, dat het baie mooi gaat worden en alles sal regkom. En intussen moet er ook nog met Taiga gewandeld. Hij begint zich steeds meer op z’n gemak te voelen en weet precies op welk plekje hij op (en van) het terras kan springen en door welke deuren hij allemaal naar binnenkan. Op enig moment is Elisabeth Taiga kwijt en komt mij onmidellijk alarmeren. Ze had niet gemerkt dat ik met hem naar buiten was gegaan. Echt hartstikke goed van haar.

 

Ze moet trouwens geld overmaken naar haar kind in Pretoria. Dat verblijft bij haar moeder. Als ik dat voor haar kan regelen in Vaalwater bij de First National Bank dan is me dat een plezier. Zij laat zich immers ook van haar beste kant zien en heeft kennelijk vertrouwen in ons dat we met haar geld op pad kunnen.

 

Slangencursus

 

Hans laat weten dat de slangencursus voor  maandag de 19e februari voorzien is. Maar tijdstip nog onbekend. Kunnen we gelijk ons Cheetah schilderij meenemen want dat durfden zij vorige week woensdag niet aan. Te kwetsbaar en stel je voor het glas breekt. Ik heb trouwens nog een prachtige Cheetah en Leopard painting gezien bij de Black Mamba, mischien neem ik die ook wel mee. Ik doe net of we geld genoeg hebben. Zo’n slangencursus is echt nodig want alleen leren vanaf papier is onvoldoende. Je moet ze gewoon zien, hun bewegingen etc om hun gedrag te leren kennen en how to avoid them. Verder is dat van belang om dat niet elke slang dezelfde soort venom (gif) produceert. Er zijn namelijk 3 soorten en dan is het toch wel erg handig als je de dokter kunt vertellen door welke slang je gebeten bent zodat hij het goede tegengif kan toedienen. Je hebt (1) Haematoxic-, (2) Neurotoxic- and (3) Cytotoxic-gif. Nummer 1 vernietigt je bloedlichaampjes, nummer 2 tast je spierstelsel aan (zodat je dus geen adem meer kunt halen en stikt) en nummer 3 vernietigt je lichaamscellen. Alle 3 niet aan te bevelen dus. En verder heb je natuurlijk nog de Spitting Cobra die perfect op je ogen weet te richten (ook op die van Taiga dus). Als dat gebeurt moet je onder de kraan om het gif uit te spoelen. Het is niet te hopen, maar just in case moet de kat dus ook onder de kraan. Zal hij leuk vinden, maar niet heus.

 

We hebben een kennisje Wendy met een stoeterij van zo’n 35 paarden. En die overkomt dat dus ook wel eens met zo’n knol en dan moeten diens ogen ook uitgewassen. Daar zetten ze geloof ik de gewone tuinslang dan op.  Never a dull moment!

 

De Pharmacie in Ellisas laat intussen weten dat de verbanddoosinhoud klaar is, dat het R486 kost en of dat goed of te duur is. Dat lijkt me wel goed en ik beloof haar dat we de spullen donderdag of vrijdag komen ophalen.

 

Elisabeth vraag mij om geld over te maken naar haar kind in Pretoria. Maar in Vaalwater blijkt de FNB al dicht te zijn. Oop van 0800 – 1400 uur. Vervelend. En ook downloaden bij het internetcafé lukt niet. Geen verbinding krijgen maar toch betalen. Ook niet echt fraai. Jan onderzoekt een paar Vleiswinkels (één ervan pretendeert Zalmfilets te kunnen bestellen; ik ben benieuwd!), we gaan naar NTK (soort Welkoop), Built It (soort Gamma)  dat ook niet de goeie spullen heeft en tenslotte de Spar.  We lopen er de Telkomguy tegen het lijf die ons verzekert dat er aan ons probleem gewerkt wordt. Wat wel lukt is om de aardappels voor Pat te kopen. Dat is in ieder geval nog wat.

 

Woensdag 14 februari

 

Er wordt druk aan m’n bankje bij de braai gemetseld. Aan het einde van de dag is het klaar. Precies zoals gewenst. De volgende dag moeten ze aan de kopie ervan beginnen. De contoure worden uitgezet, maar die moet ik ’s avonds toch wat corrigeren. Maar ik weet wel wat er aan schort, er ligt een grote klip in de weg en die proberen ze kennelijk te vermijden. Ons lijkt het nou net zo leuk om dit brokstuk juist in het bankje te verwerken. Dat zullen we dus morgen met ze bespreken. Hun gevoel voor estethiek en artisiteit wijkt nogal sterk af van het onze zo blijkt steeds weer. 

 

Jan heeft de bomen op het binnenplaatsje weggehaald die te dicht bij het grasdak stonden. Later vinden de boys er een klein puff addertje dat daar lui ligt te wezen. Met de black mamba de meest giftige slang. En hoe sneu het ook is, maar zo dicht bij je huis kun je deze beesten niet veroorloven. Hij is echt beeldschoon, maar de kop gaat eraf. Ook voor Taiga levensgevaarlijk, want wij weten dan wel dat zo’n beestje niet goed voor je is, maar of hij het weet?

 

De dag is weer om voordat we er erg in hebben, maar het is nog wel gelukt om de slaapkamer te herinrichten met het bed tegen de tegenovergestelde muur zodat ik  ’s morgens prachtige  uitzichten heb bij het ontwaken.

 

Donderdag 15 februari

 

Er wordt aan het tweede bankje begonnen en wat blijkt: de klip is opzij gerold. Ook goed, laat maar gaan denken we. Wij gaan cement kopen in Ellisras voor Jan z’n workshop/schuurtje. En glas voor het gastenhuis.

 

Ik moet ook naar het internetcafé want ik moet de douance documenten printen die ingevuld moeten worden om de container zo spoedig mogelijk released te krijgen.

 

Taiga is trouwens vanochtend naar buiten geweest en had geen zin om naar binnen te komen. Straks mag hij opnieuw zonder begeleiding als ik de planten ga watergeven. Het is echt gort en gort droog en de regen blijft uit. Dat belooft niet veel goeds voor het komende winterseizoen.

 

Nieuw serviesje

 

We komen in Ellisras een serviesje  tegen voor de helft van de prijs met leopardpootjes op de randen. Nooit weg denken we. Jan koopt een accu boormachine zodat hij met z’n workshop aan de gang kan zodra vrijdag a.s. de bouwmaterialen worden afgeleverd. We nemen en passant ook een strijkijzer mee want de onze die in de container zit is stokoud en het strijkvlak steeds stroever. Hij kost R129,90, maar in de kassa zit R149,90. Maar het wordt keurig teruggedraaid door het (zwarte) winkelpersoneel. Vorige week had Jan een fles Baileys gekocht en toen hij daar zondag van ging genieten, bleek deze geschift en ik had de bon weggegooid. Wie gaat er nu drank ruilen?  Dus de fles zonder bon mee terug. Geen enkel probleem, de fles wordt zonder meer vervangen want er is nieuwe voorraad en de onze bleek slechts houdbaar tot 2006. En bovendien waren we klacht nr 2. Volgens mij gaat drank niet zo snel kapot nadat de houdbaarheid datum verlopen is, maar mogelijk een kwestie van en leeftijd en temperatuur.

 

Op het winkelplein in Ellisras is het bloed en bloed heet en nergens welke vorm van schaduw dan ook te bekennen. Werkelijk niet over nagedacht bij het ontwerpen ervan. De auto’s staan altijd te koken en daar moeten dan je boodschappen in. Iedereen heeft wel een koelbox bij zich, maar daar kan ook bij lange na alles niet in opgeborgen. Het servies gaat trouwens achterop de bakkie, maar op de weg naar onze farm moet hij toch maar even op schoot (rest van de bakkie zit vol) anders hobbelt de inhoud alsnog stuk.

 

Everdina belt ’s avonds op Jan z’n mobiel want ze krijgt de hele week al geen contact op de landline. Die is inderdaad nog steeds niet goed. Soms kunnen we wel bellen, maar we kunnen zelf niet gebeld worden. Maar de telefoon gaat wel gewoon over, men krijgt dus geen storingstoontje of foutmelding anderszins te horen. Ik krijg steeds meer klachten, ook van leveranciers. Vervelend want mensen worden ongerust over ons terwijl we van de prins geen kwaad weten.

 

Je bent er maar druk mee maar Nederland raakt steeds verder weg, alsof het nooit bestaan heeft behoudens een vlekje op een landkaart.

 

Vrijdag 16 februari 

 

We laten Taiga al vroeg naar buiten. Ik ga een paar keer kijken waar hij is of wat hij uitspookt, maar als ik hem roep laat hij zich steeds keurig even zien en doet verder z’n eigen ding. Na een half uurtje zit hij in de slaapkamer. Op weg naar z’n eerste ochtend rustplek. Buiten is weliswaar heel spannend, maar dat moet gecompenseerd met heeeeel veel rust. Hij heeft de weg terug het huis in dus helemaal alleen gevonden.

 

Elisabeth heeft haar nieuwe blauwe  “overall” aan (duster, met schortje en hoofddeksel) en het nieuwe serviesje wordt gewassen. Ze komt vragen waar ze het moet zetten. Ik zou het niet weten, want de keuken is wel zo’n chaos en zo onlogisch gestructureerd. Ik suggereer maar dichtbij de andere borden en kopjes waar ze zich wel in kan vinden.  Jan laat Abram het zwembad stofzuigen en samen met hem naar een plek die wij hebben uitgezocht om daar een roundavel te gaan bouwen, maar ze blijken de plek niet meer te kunnen vinden.

 

Jan ziet doorgaans meer problemen dan kansen en hij denkt dat een weg er naar toe onmogelijk is. Ik zie het probleem volstrekt niet.  De bladeren vis ik ‘s  ochtends zelf wel uit het zwembad, maar op de een of andere manier waait er toch steeds zand in dat naar de bodem zakt. Of een dode spin, een wandelende tak etc. Ondanks het feit dat het badje klein is, is het toch wel goddellijk lekker aan het eind van de middag om er in te springen.

 

Zolang er nog andere staff van de buren op ons terrein verblijft, gaan we daar nix aan veranderen, maar als die vertrekken dan nemen ze hun kookplaat, koelkast en bed mee. Dat laatste bestaat alleen uit een plank en die zijn ze straks ook kwijt. We hebben al nieuwe kookplaatjes gekocht en de fridge in ons huis maakt zo’n kabaal dat ik het ding wel kwijt wil. Ze mag de staf dus lenen. En wat de bedden betreft moet ik even bezien of Lesley de logeerbedden in het gastenhuis laat staan. Ook met planken bodem, maar er ligt tenminste een matras op. Maar een ding is zeker: we gaan die staffquarters in ieder geval onder handen nemen want op zo’n manier creëer je ook afgunst ook. En ik zie het niet als een knieval om ze in ieder geval de basics te verstrekken.  Want het is toch ook in ons eigen belang dat ze ’s ochtends uitgerust weer aan de slag kunnen.

 

De houten panelen voor Jan z’n workshop worden gebracht tesamen met het cement en glas voor het gastenverblijf. De (zwarte) o zo dikke chauffeur geeft aflaad-instructies aan de 3 hulpjes die hij bij zich heeft; zelf steekt hij geen hand uit de mouwen. 

 

Slachtoffer

 

Even later meld Jan het eerste slachtoffer op de farm. Een aangevreten Rooibokkie (Impala). Verantwoordelijk: een Jakhals volgens Abram, Leopards vreten hun slachtoffers zo niet aan en doden een beest bovendien bij de strot. Een Jakhals begint gewoon aan een levend beest. Niet leuk, maar hij moet tenslotte ook vreten. Erg vervelend dat wel, maar ik vraag aan de staff wat we met de rest van het Bokkie doen en of hom die Bokkie nog kan eet. Nou en of volgens Abram en Sakkie (Sakkie, wordt door iedereen Sakkie genoemd, dus wij dan ook maar). We rijden terug naar het slachtoffer waar moeders nog loopt te zoeken, Abram tilt hem in het bakkie en op naar het Slaghuis. Niet geweten dat dat al zo snel van pas zou komen.

 

Abram vilt het beestje met een zakmesje, althans wat er nog van over is. De voorkant met de voorpootjes, daar zit nog best veel vlees aan. Ruimschoots genoeg voor hun vieren vanavond en ik hoef dus geen vlees vandaag te verstrekken. Ik druk Abram op het hart dat het natuurlijk niet de bedoeling is dat zij nu ook Rooibokkies gaan vangen of skiet, want dat ik anders hen te grazen zal nemen.

 

Het karkas gaat in de koeling, ik speel voor VWA-ambtenaar (die toeziet op de reinheid van de inrichting) en Jan is een soort ISS, belast met het schoonmaken van het Slaghuis. Intussen worden er twee nesten Hornets uitgeroeid met “Doom”. Als je daardoor gestoken wordt (ze zijn ontzettend agressief en vallen gewoon aan) dan ben je nog niet jarig, en geweldige en pijnlijke zwellingen zijn het gevolg. 

 

We worden voor het supper uitgenodigd door Lesley en George die aan de overkant op hun kleinere farm zijn. George is de hele dag druk met bouwen met z’n staff, schoonzoon Thornstein  (door iedereen Poekie genoemd, getrouwd met Michelle en inmiddels een dochter Jessica van 18 maanden) en  een vriend Sven uit Denemarken. Diens vrouw heeft 12 jaar in S.A. gewoond, maar mocht daar niet blijven nadat ze was of haar ouders weer teruggingen naar Denemarken oid. Dus komen ze nu zeer regelmatig naar S.A. met inmiddels een baby.

 

We worden allerhartelijkst ontvangen, smak, smak, smak, alsof we onderdeel van de familie zijn. Een zeer relaxte en close familie trouwens. De wijn wordt in limonadeglazen geschonken want helaas geen wijnglazen voorhanden. Leysley heeft een groentenhusseltje, rijst en jus gemaakt en op de braai ligt boere braaiwors en kip. Pat, Brian en Letty zijn ook van de partij. Alleen Zoon Dominique en diens vrouw Libby ontbreken, die kunnen pas zaterdag komen. We waren eigenlijk ook voor zaterdag uitgenodigd, maar dan moeten we al potjieskos gaan eten bij Hans Vestjens die een feest georganiseerd heeft. Hij waarschuwt me trouwens voor het op te dienen voedsel, want Monique is vorige week vrijdag al naar huis gegaan, en het wordt dus door hem bereid. We zijn benieuwd. Kan ik eindelijk m’n Cheetah meenemen.

 

De discussies gaan over nix en er wordt veel gelachen (en gedronken) maar om 21.30 uur is het einde oefening want George heeft het personeel morgen om 0600 uur besteld. De vriend een schoonzoon staan om 0500 op want die gaan nog wat joggen, of sporten anderszins. Thornstein vertelt dat je hier trouwens fantastisch kunt mountainbiken. Dat belooft wat als straks de container met m’n nieuwe mountainbike arriveert. Kan ik m’n gamedrives te fiets doen.

 

Zaterdag 17 februari

 

Vandaag zal m’n tweede bankje wel klaar zijn tegen 12.00 uur. Elisabeth gaat om 10.00 al weer naar huis, ze wast op zaterdag haar eigen kleren en ze vreest dat het gaat regenen. Maar ze is gewoon klaar in huis, terras geveegd en Jan z’n schoenen (ongevraagd) gepoetst. Die meid ziet echt alles. Als Jan hen naar huis brengt (teruggebracht tot de keren dat ze hun voedsel krijgen) probeert Elisabeth altijd over de arbeidsvoorwaarden te onderhandelen. Doet ze bij mij nooit. Maar ze vraagt wel waar de beddenplank en kastjes naar toe gaan omdat zij er anders ook wel belangstelling voor heeft. Ik leg haar uit dat we alles proberen zo veel mogelijk te hergebruiken en dat het dus naar Jan z’n workshop gaat. Dat vind ze doodzonde, en ik kan me voorstellen dat je je het ook niet kan voorstellen als je zelf alleen een plank (bed), kast en stoel in je kamer hebt staan.

 

Maar er komt straks waarschijnlijk wel het een en ander uit de container wat ze wat mij betreft in bruikleen krijgt. En Lesley heeft gezegd dat ze alle leenspullen bij nader inzien maar aan ons laat behalve de toaster en de magnetron. De toaster kan ze zo terugkrijgen want toast eten wij echt helemaal nooit behalve als je het bij het ontbijt elders voorgeschoteld krijgt. En dan nog vind ik het helemaal nix. Kan ik Elisabeth in ieder geval een bed in bruikleen geven.

 

Het waait de hele dag hard en behoorlijk bewolkt, maar het wil maar niet regenen terwijl dat toch echt hard nodig is.

 

Workshop

 

Jan en Abram vorderen gestaag met de workshop en maandag kunnen Olivier en Sakkie met de Klippe beginnen om de houten wanden aan de buitenkant te bekleden.  Over de constructie heb ik zo mijn bedenkingen trouwens en mijn verbeterings/verstevigingssuggestie wordt uiteindelijk, zij het schoorvoetend, toch maar overgenomen. De planken mogen namelijk niet op de grond rusten om optrekkend vocht te voorkomen. Daarom zijn ze 10 cm boven de grond tegen de (veel te smalle en o zo kromme) latten bevestigd. En als je daar dan straks ook nog van alles aan op gaat hangen, dan dondert de constructie volgens mij in elkaar, de planken moeten dus tenminste elk op 2 stenen rusten. Het wordt bij wijze van compromis uiteindelijk 1 steen, maar hij ligt er onder en nu “hangen” de houtenplaaten niet langer aan het lattenwerk.

 

Olivier vraagt mij om zondag de bankjes nat te maken omdat het cement niet al te snel mag drogen. Het tweede bankje vertoont ‘middags een scheurtje en ik overleg met Jan of niet nu al natgemaakt moet worden. Waarschijnlijk wel, maar als ik de waterslang erop zet smelt de bovenlaag van het tweede bankje weg en ik krijg het niet meer hersteld. Jammer want ze hadden er zo geweldig hun best op gedaan. Maandag maar een nieuw laagje aanbrengen.

 

Er komt weer een Telkomboy langs (op zaterdag!!!) die het communicatieprobleem in een mum van tijd met het zoveelste nieuwe kastje verholpen heeft. We kunnen dus weer gebeld worden.

 

Op visie

 

Ik help Jan ’s middags met het verder aanbrengen van de houten panelen in z’n workshop, daarna nog even zwemmen en vervolgens naar Hans z’n feestje op Rhenosterfontein. Voor nederlandse begrippen een hele onderneming want dik 5 kwartier rijden waarvan de laatste 20 kilometer over de Bakkerspas, een dirtroad.

 

Onderweg nemen we verschillende lifters mee, achter in de bakkie. Heel gebruikelijk hier dat je de zwarte mensen een lift geeft. Het laatste stel blijkt ook naar Rhenosterfontein te moeten. Maar niemand blijkt ze te kennen. Maar Hans heeft een dansgroepje uitgenodigd en dat heeft zich natuurlijk royaal rondgesproken. Hans en Monique doen is aan wellfare in de kraamzorg etc. En zijn zo weer in contact gekomen met het groepje highschoolmeisjes tussen de 13 en 18 jaar die culturele dansvoorstellingen geven, vaak op Kololo. De tegenovergelegen commerciële gamelodge welke in eigendom aan nederlanders toebehoort en waar het management wordt gevoerd door Sabine en Onno, ook nederlanders.

 

Na een rondje kennismaken met de aanwezigen (Hans z’n broer Harry, vriend Kees uit Nederland, vader en moeder van Sabine die toevallig in S.A. op bezoek zijn bij hun dochter, Sabine en Onno, John en Wendy (van de paardensafaries), Grant en Robyn, en Gwen die met haar echtgenoot (noorse diplomaat) en hun twee kinderen voor een weekendje in het gastenhuis van Hans en Moniqe verblijven. Plus een heleboel zwarte mensen die niemand dus kent maar gewoon gaan zitten alsof ze thuis zijn.

 

Hans, Harry en Kees hebben dus potjieskos gemaakt, salades, rijst, brood, kortom een heleboel want iedereen (ook de danseresjes met hun begeleiding) eten mee.

 

Josephina

 

Maar eerst moet er gedanst en we krijgen uitleg wat we te zien krijgen. Ze beelden verschillende culturele uitingen uit tot aan mijnwerkers aan toe. Maar daarna moet het publiek meedansen. Dus elk meisje kiest een slachtoffer, ik wordt door Josephina uitgekozen en ze vraagt hoe ik heet. Een hartstikke mooi en aardig meisje. Dit circus wordt tot 3x toe herhaald. Ik krijg achteraf complimenten over mijn danskunsten maar ik kan daarin absoluut niet meevoelen. Met Tina Turner en Stones muziek kan ik er inderdaad redelijk uit de voeten, maar zwarte danskunst? Ik snapte werkelijk geen hout van de bewegingen.

 

Als ik even aan tafel zit om m’n bord leeg te eten komt Josephina en de andere meisjes naar mij toe. Ze willen weten wat mijn trouwring is. De kleinst mogelijke die je kunt voorstellen en ik vertel hen dat Jan daar géén geld aan wilde uitgeven waar ze erg om moeten lachen. Ze vragen waar ik vandaan kom en ik vertel het trots sinds 2 weken in S.A. te wonen op een farm. Nou daar willen ze ook wel komen dansen zo laten zij weten hetgeen op zich een aardig idee is natuurlijk. Stuk voor stuk aardige meiden die veel vfragen en veel lachen. En dan moeten ze vertrekken maar Josephina “wants to hug” en ze drukt haar superslanke lijf tegen mij aan. Ik knuffel haar dus maar terug. We zien elkaar ongetwijfeld weer!

 

De gesprekken gaan verder over alles en niets behalve dat met Grant en Robyn. Grant is een vliegtuigje aan het bouwen en dat kan over twee weken op voor de keuring. Hij heeft overal gevlogen in Piper’s en Chesna’s, maar in S.A. is dat toch wel het meest spectaculair vanwege het feit dat het hier nog niet barst van allerlei regulations, en als je van je vliegplan wilt afwijken, dan doe je dat gewoon. Hij is van plan om aan “gamecounting” te gaan zien: wild tellen op een farm. Kost 10% van hetgeen gebruikelijk is met een helicopter. Die zien we dus ongetwijfeld ook terug op onze farm.

 

Iedereen vindt het trouwens ontzettend knap, gedurfd en reuze interessant dat we onze toko in Nederland verkocht hebben om hier te komen wonen. Ik zie dat helemaal niet als een waagstuk, integendeel. Maar ik lijk wel de enige.

   

Uiteindelijk weten ook wij ons los te rukken en de terugreis inclusief Cheetah wordt aanvaard. Maar het is 00.30 uur voordat we in bed liggen, want Cheetah moest natuurlijk nog uitgepakt en op de voor haar gereserveerde plek gehangen. Staat werkelijk beeld en beeldschoon.

 

Zondag 18 februari

 

Jan is al weer vroeg wakker, gaat planten watergeven en Taiga uitlaten. En daarna knutselen aan z’n workshop. Rond een uur of 11 komt George zoals afgesproken op bezoek. Hij heeft Aileen (of hoe je har naam ook schrijft), Sven en hun kind bij zich om hen ook ons prachtige huis te laten zien. Ze zijn verrukt. Ze vliegen vanavond weer terug naar Denemarken.

 

Wij hebben een aantal vragen voor George. Bijvoorbeeld of we zijn inboedel en opstal verzekering niet gewoon kunnen continueren in plaats van zelf op zoek te moeten naar een brooker. Telefoon overschrijven, hoe werkt de zwembadpomp, wie komt het grasdak en wanneer repareren, hoe werkt het sewersysteem, etc etc. George heeft een aantal suggesties aan verbeteringen die we zelf ook al bedacht hadden, tot aan een buitendouche en bad aan toe. Dat het wel een heleboel stoftroep oplevert, maar daar heb ik al een list voor verzonnen. Straks in onze container zit er een heleboel folie waar ik een soort werk/stoftent van laat bouwen om dat probleem te ondervangen. George verzekert me dat alle fancy-stuff in Joburg te koop is. De volgende keer als hij weer in de buurt is, moeten maar hier komen eten lijkt me, maar dan mag ik eerst ook wel zo’n potjie voor de potjieskos aanschaffen.

 

Verder is het rustdag en ’s middags maken we een gamedrive naar de rivier. We ontdekken een nieuw pad dat nodig gecleared moet worden want veel gras. Hoe desastreus dat kan zijn zullen wij spoedig zelf ervaren. 

 

Maandag 19 februari

 

Jan vist een schorpioen uit het zwembad van zo’n 15 cm die nog blijkt te leven. Te gevaarlijk voor Taiga en we hebben ngo niet zo’n lange tang om hem op te pakken en ver weg weer uit te zetten. Met de panga dus doormidden geslagen. Zonde, maar voorlopig kan het niet anders.

 

Black Mamba

 

De staff arriveert en zij vertellen van de arm-dikke black mamba die intussen bij hen is ingetrokken. En dat vinden ze niet leuk, terecht. Maar ze wonen vlak bij de voerschuur waar veel ratten en muizen zitten, dus de black mamba zal dit wel een ontzettend prettige winkel om in de buurt daarvan te wonen vinden. Jan geeft de jongens fiat om 5 kattenpulten in Ellisras aan te schaffen om het beest op afstand te houden. Het is het één of het ander, je accepteert het beest danwel komt om van de ratten en muizen. Ze zijn trouwens niet aggressief, maar vallen aan bij wijze van afweer als je (per ongeluk) op ze gaat staan. Maar eerlijk is eerlijk, ik zou het ook niet leuk vinden. Mischien moet wonen en voer wel verder uit elkaar.

 

Jan is een beetje nonchalant geweest met z’n bloedsuikerwaarde controle en dat wreekt zich. Het toevoerslangetje was geknakt en dan komt er dus geen insuline in het lijf. Ik rij de bakkie want Jan is daartoe (nog) niet in staat. We vertrekken dus ruimschoots te laat naar Vaalwater waar ik eerst de documenten voor de container bij Pam Golding moet inleveren. Een representative van de verhuizer komt ze daar dan ophalen. Bij “Built it” duurt het veel te lang voordat Jan geholpen wordt, dus daar met lege handen weer buiten de deur, bij de Spar snel wat melk en yoghurt bij elkaar gegraaid en met een pestvaart richting Hans Vestjens om samen met hem, diens broer en Kees naar de slangencursus op Kololo te gaan. Het lukt me om slechts 20 minuten te laat te zijn, maar once arrived at the farm, zien we veel rook en vrezen het ergste. Ja hoor, het terrein staat in de hens. Dat wordt dus geen slangencursus, maar een brandslangencursus.

 

Brandslangencursus

 

Er zijn al een heleboel handen aan het werk om het vuur uit te slaan, maar er lijkt geen beginnen aan. Het is loeiheet en het waait ontzettend hard. Beiden ingrediënten voor een zeer geslaagde fik.  We vragen hoe het vuur ontstaan is, ongecontrolleerde vuilverbranding? Blik-seminslag? (dat kunnen we ons niet voorstellen want is heeft al heel lang niet geonweerd), or what? Harry zegt dat we dat maar aan Hans moeten vragen. Als we Hans eindelijk vinden vertelt hij dat hij het zelf heeft aangestoken. Niet met het doel om z’n farm in de fik te zetten, maar om een stukje terrein heel dicht bij het huisschoon te branden waar die zelfde avond het lucern (soort hooi voor de wintertijd als die beesvoer erg schaars wordt) op te slaan en er voor te zorgen dat daar in ieder geval géén brand kan uitbreken. 

 

Maar ze hebben het vuur niet onder controle en zijn op het domste tijdstip van de dag daarmee begonnen. Lesson nr. 1 van je gamemanagementcourse (waar ik nog steeds mee bezig ben). Controlled burning at all times in winter, early in the morning wanneer het nog koel is en de wind nog niet opgestoken. Alleen op die manier kun je de zaak in de hand houden. Had de wind de andere kant opgestaan, dan was het grasdakkehuis binnen 10 minuten weggeweest. Verder zijn er nog allerlei andere kneepjes afhankelijk van welk soort vuur je wilt beginnen. Dat is werkelijk een hele wetenschap. Hot or cold burn bijvoorbeeld. Een hotburn is erg snel, pakt alleen het gras (maar ook de teken/thicks) zodat er snel weer de jonge kortere grassoorten kunnen ontspruiten.  Want de langere grassoorten overwoekeren op den duur de kortere soorten welke door bepaalde bokkies gevreten worden die hun voedsel dan van een farm zien verdwijnen.  Een coldburn is om het hele veld te clearen, en brandt veel dieper en neemt en passant ook de bomen voor z’n rekening. Reden ook waarom je meestal Zebra’s en Blou Wildebees samen/achter elkaar ziet grazen. De Zebra’s vreten het lange gras, de BW het korte.

 

Brand is werkelijk vijand nummer 1 van welke farm dan ook. Daarom zijn er voorstanders voor rotational burning. Elk jaar neem je een kwart van de farm daarmee onder handen zodat wanneer er brand uitbreekt niet je hele farm er aan gaat en de beesten een veilige plek hebben.

 

Samen met Lydia zorg ik er voor dat het vuur een bepaald pad niet oversteekt, want dan zou het op een grasveld komen waar zoveel “fuel” staat dat het leed dan niet meer te overzien zou zijn geweest. Ik heb gelukkig  werkhandschoenen in de auto, pak een bos takken op en begin te meppen. Ik ben er niet bepaald op gekleed trouwens en de hitte brand door m’n dunne schoenzooltjes heen. Bovendien moet je extra waakzaam zijn voor slangen, want die proberen de dans ook te ontspringen natuurlijk.

 

Het vuur breidt zich uit naar de belendende farm en berg-op werkt dat als een soort schoor-steen. Het vuur heeft dan niet alleen de fuel van het veld, maar ook de benodigde zuurstof in royale mate voorhanden. Bergafwaarts is meestal gunstiger, want dan vreet het vuur de benodigde zuurstof zelf  sneller op dan de voorraadvoorziening ervan en dooft eerder uit.

 

Buren John en Wendy (van de paarden) zijn tamelijk nerveus, want twee jaar geleden ging hun farm er op deze wijze aan inclusief hun huis omdat ze de bomen tegen hun grasdak aan hadden staan.

 

De hulp van de omliggende farms wordt ingeroepen, Onno en Elise van Kololo komen met hun firefighters (plastic tanks achter op hun bakkies) en een koelbox water voor iedereen, van Suikerbossie komt er een team, van de Nyala lodge, inclusief een 4-tal duitsers die graag willen helpen maar de orders niet kunnen verstaan. Ze spreken uitsluitend duits. John rijdt langs en vraagt of ik duits spreek. Ja hoor ik zal ze wel instrueren. Opgelucht rijdt John verder, maar komt met z’n voorwiel in een vlakvarkhol terecht. Z’n rechtervoorwiel past er precies in. Ook dat nog gromt hij, maar ik zeg hem z’n bakkie in de 4WD te zetten en het teruguit te proberen. Dat lukt in één keer en ik ga met Elise naar de duitsers toe.

 

Wichtigen Auftrag

 

Ik stel me voor aan Herbert, Siegfried, Bernard en ik geloof Heinrich en vertel hen wat te doen, geef ze water mee en pak een hoed van Elise omdat een van hen een kale kop heeft. En dat is niet gezond in de brandende zon. Ze moeten de berg op richting de farm van John en Wendy om de brandhaarden daar uit te slaan. Ik vertel hen dat ze op de berg nog een aantal zwarte mensen zullen treffen maar dat het niet voor de hand ligt dat die duits praten. En op weg zijn ze.

 

Het vuur op Hans z’n farm is onder controle en nu is het zaak om Helmut’s  farm te redden. Want de wind staat zijn kant op (een gelukje voor John en Wendy). Via een nog weer andere farm moet men daar zien te komen met de trekkers, bakkies en rugspuiten.

 

Ik bied de duitsers een pilsje uit Hans z’n koelkast aan en we raken aan de praat. Herbert logeert/werkt al jaren lang bij de Nyala-lodge gedurende 6 maanden per jaar. Hij doet daar de boekhouding of iets dergelijks voor Nico de eigenaar die zelf ook duitser is. Nico heeft besloten nimmer iets anders te spreken dan duits en z’n personeel moet het maar zien te verstaan. Kennelijk lukt dat so far. Herbert heeft het hier uitstekend naar z’n zin met z’n vrouw en heeft nu 3 vrienden uit Duitsland over die hier 10 dagen zullen blijven. Het is hun tweede dag en ze kunnen dus gelijk kennismaken met het farmleven en de gevaren ervan. Ze vragen honderd uit waarom wij hier zijn gaan wonen. Of we niet bang zijn in het donker, voor de stilte, de leegte, al die enge beesten. Neen hoor, schitterend juist.

 

Herbert had onlangs een Cobra op z’n stoep zodat hij van schrik z’n camera liet vallen. Beiden waren zich kapot geschrokken van elkaar want ook de Cobra ging er als een hazewindhond vandoor. Hij weet niet of het een spitting Cobra was. Ik wissel onze contactgegevens uit met Herbert (je weet maar nooit; toekomstige gast moontlik? (wellicht?). En ik wordt bij het afscheid hartelijk door hem gezoend. Zo close had het nu ook weer niet gehoeven wat mij betreft. Maar het is zo tekenend voor de sfeer hier in S.A. die wij nu al bijna 3 weken ondervinden.

 

Aan het einde van de middag is ook bij Helmut het vuur onder controle, Jan en de andere blanken zien zo zwart als een tor, de anderen zijn dat van nature al, en alle hulpverleners krijgen een pilsje van Hans. Allemaal vrolijk, big smile en ze ruimen zelf hun lege bierblikjes op als ik met een vuilnisemmer kom aanzetten. Inmiddels verschijnt de truck met lucern en ze helpen allemaal om de truck geleegd te krijgen. Jan noteert het nummer van de leverancier, want mischien moeten wij ook wel lucern al vast bestellen nu de prijs nog gunstig is omdat er nu nog geen vraag naar is.

 

Deze ervaring heeft een héééél groot voordeel, ook Jan raakt overtuigd van het feit dan het gras om het huis altijd kort moet zijn en de paden breed en altijd brandschoon wat begroeiing betreft.

 

En al die  hartelijkheid, behulpzaamheid van ook de zwarte mede-farmmens laten hem beetje bij beetje ondooien wat zijn argwaan jegens hen betreft daar waar het diefstal, lapzwans etc etc betreft. Alle noodmaatregelen die hij in gedachten had zodra de container gearriveerd zou zijn (en waar ik met stijgende verbazing naar heb geluisterd en gekeken) brokkelen in gedachten (en daarmee straks de facto) stukje bij stukje af.

 

Dinsdag 20 februari

 

Ik kreeg een zeer uitgebreide SMS van Anka. Had met Ed zullen langskomen, maar ze hebben grond bijgekocht in Madikwe, gaan nog twee lodges bouwen en kennelijk nog één of andere kwestie welke de Telegraaf en het FD vorige week heeft gehaald. Nu lezen wij die niet, dus dat soort nieuws ontgaat ons volledig. Later bellen we zeer uitgebreid en zijn we weer helemaal bij.

 

Jan is met Abram naar Ellisras en intussen probeer ik hem telefonisch bij de bouwmarkt waar ik hem vind te instrueren dat hij een mailtje uit mijn hotmailadres moet halen, copiëren en printen bij de Internetshop. Het zijn namelijk de documenten voor de autoverzekering welke vòòr de 22e getekend bij de verzekeraar moeten liggen. Ben benieuwd of het gaat lukken. Dat blijkt half het geval, ’s middags moet ik de documenten na nadere invulling bij Pat gaan faxen, waar ik gelijk een verlengsnoer leen.  Ik hoef me bij de bouwmarkt trouwens niet verder te identificeren en Jan wordt aan de telefoon geroepen.

 

Ik bel Adele Steyn of de documenten voor de container in goede orde zijn ontvangen. Dat is het geval en inmiddels opweg naar Durban. Ze hoopt de container maandag a.s. al gecleared te hebben, zodat de truck spoedig op weg naar Joburg en vervolgens naar Vaalwater kan. Ik  verheug me er wel op, maar vrees er tevens voor. Waar moeten we al die zooi laten? 

 

De arbeidsomstandigheden zijn trouwens gewijzigd, van 7,5 uur effectief per dag, naar 8,5 uur zodat de staff op zaterdagochtend niet meer hoeft te komen. Zij lijken dat onderling democratisch besloten te hebben. Amen.

 

Jan heeft wat leenspullen bij Brian teruggebracht en komt weer met een sterk verhaal thuis. We blijken ook een inwonende Python (niet giftig want wurgslang) van 4 meter lang. En dat die beschermd is. Soms woont hij bij de staffquarters, soms bij ons huis.  Gezellig, als hij maar van Taiga afblijft. Want ongeacht wie daaraan komt: de bijl gaat er in. Het is maar dat je ’t weet Piet. 

 

Elisabeth heeft trouwens mijn ooit lichtblauwe maar thans zwarte schoenen schoongemaakt, gewassen of weet ik wat ze er mee gedaan heeft. Maar ze blijken inderdaad weer lichtblauw en brandschoon te zijn terwijl ik ze in gedachten al had afgeschreven.

 

Woensdag 21 februari

 

Jan gaat om 0630 al aan de slag om werk voor te bereiden in z’n workshop, want vandaag wordt een begin met het metselwerk gemaakt. De zitbanken bij de braai zijn immers klaar en bijzonder geslaagd. Olivier heeft Jan uitgelegd dat diens plan voor het inmetselen van de ramen natuurlijk niet werkt. Dat moet keurig met lattijen ipv een houtenprutselwerkje. Goed zo Olivier en prettig dat hij dat van jou dan ook onmiddellijk aanneemt! Het wordt een keurige dubbelsteens muur dus het bouwwerk is straks onverwoestbaar.

 

Ik moet op zoek naar de architect van het huis, want ik wil aan de slag met de badkamer. Als straks de container aankomt zitten daar mijn 2 beeldschone nieuwe rainshowers in van Hansa en die gaan we niet op de kastplank leggen! De badkamer heb ik trouwens nogmaals geredesigned zodat er niet in de bestaande vloer gebroken hoeft te worden. We hebben toch ruimte zat en het extra bouwwerk kost toch nix. Dat kan Olivier ook best doen. Maar nu nog iemand die het keurig met de juiste maatvoering op begrijpelijke wijze aan het papier toevertrouwd. En de dakconstructie is mij nog even een raadsel hoe we dat aan/in/met het bestaande dak moeten doen. Daar schiet mijn kennis en fantasie namelijk schromelijk te kort.   

 

Bushcamp?

 

Ik mail George en Lesley met de vraag naar de architect en waar zij hun bushtenten hebben gekocht. Die heb ik gisteren even bij Pat bekeken en het is precies wat ik zoek. 3 stuks aan de rivier is thans de gedachte. Tot voor kort verhuurde Pat de tenten voor R300 pppn, self catering en er was veel belangstelling voor aldus Pat ondanks het feit dat hun farm veel minder te bieden heeft dan de onze en ook veel minder scenic is. En ik wil met m’n lodgingbusiness van start. De moeilijkheid bij de rivier is waarschijnlijk om daar electriciteit te krijgen, maar mischien is dat wel helemaal niet nodig en kan worden volstaan met een solarpaneltje om s’avonds een beetje licht te hebben. Een beetje avontuur moet het immers wel blijven. Water is er wel want er is een borehole die ooit gebruikt is. De achterkant van zo’n tent bestaat uit een (wederom zelf gemetselde) muur waarin de leidingen verwerkt voor toilet, douche en wastafel.

 

Abram is vanochtend aan het schoonmaken van de wildsuiping gezet. Een betonnen bak waar de beesten dus ook rustig in gaan staan, en zo krijg je na verloop van tijd een laag met troep en drap dat 1x3 maanden gereinigd moet worden.  Zou een dagtaak moeten zijn volgens Brian, maar om 10.00 reeds zie ik Abram met Jan in z’n workshop bezig. Ik ga kijken of er al weer water in stroomt, maar dat blijkt nauwelijks het geval. En de druppels die er uitkomen zijn bloedheet. Hier klopt iets dus niet, net zo min als van de rest van het systeem. Vorige week heeft de pomp een hele dag aangestaan en nog waren de 4x5000 litervaten pas half vol. De volgende dag bleek de tank bij de staff over te lopen. Het probleem aan Brian en George voorgelegd, maar de tekst en uitleg klonk mij niet plausibel in de oren. Maar goed, zij zullen het wel weten niet?

 

De wildsuiping wil niet vollopen omdat alle 4x5000 liter tanks leeg blijken te zijn. Daar moet meer controle routine in komen, maar daar heb ik nu even niets aan. We gaan naar de pompen bij de boreholes en zetten deze aan. De kraan naar de staff-tank zit dicht, maar bij controle blijkt er toch water in de tank te stromen.  Ra ra hoe kan dat. Een logische verklaring zou kunnen zijn dat de kraan open staat als wij denken hem dichtgedraaid te hebben of omgekeerd. Dichtdraaien is niet het goede woord, het is een hendel dat je een kwart slag moet draaien.

 

We hebben geen gereedschap bij ons maar om de kraan af te koppelen hebben we toch echt de waterpomptang nodig. Voorzien van het goede gereedschap wordt de kraan naar de staff quarters afgekoppeld. Dat wil zeggen: dat doet hij zelf want als hij ietsjes los wordt gezet,  spat hij spontaan aan de andere kant-dan-gepland van de slang af. De kraan wordt vanbinnen bestudeerd en als je de hendel een kwartslag naar links draait, dan is de kraan open. Kwartslag naar rechts dan is hij weer dicht. Aan de kraan blijkt dus niets te mankeren, maar na terugmontage en het weer aanzetten van de boreholepomp, komt er toch een flinke straal water uit ondanks het feit dat hij dicht zit. Hij wordt nu definitief afgekoppeld, er moet een nieuwe kraan komen. De boreholepomp blijkt een zeer forse waterstraal te genereren. Dat blijkt later ook bij de tanks want die hoor je nu duidelijk vollopen.

 

Weer naar de wildsuiping maar nog steeds nix. Ik tref er wel voor het eerst een Kudu-meissie. Tot nu toe nog niet gezien. Ik zet de drukpomp er bij aan en dat blijkt uiteindelijk te helpen. De wildsuiping  begint zich nu ook weer te vullen.

 

Het is vandaag weer erg warm en geen wolkje aan de hemel te bekennen. Terwijl we inmiddels dringend regen nodig hebben. In Nederland zaten we er vaak op te kankeren, hier snakt iedereen er naar. Het kan verkeren.

 

Taiga heeft het ook warm en die ligt op de overloop. Hij heeft geen chaperonne meer nodig want weet de weg feilloos te vinden. Een echte waaghals is het trouwens niet, want hij gaat niet ver weg.

 

En intussen wordt er driftig verder gemetseld aan de workshop, ik maak er foto’s van,  en ik doe zo nu en dan dienst als domme kracht als Jan wat moet zagen. We hebben geen spullen en dan wordt je vanzelf slim. De Bakkie is de werk- en zaagbank. Latten erover, te zagen plaat erop zodanig dat het af te zagen stuk net buiten de bakkie steekt natuurlijk en ik aan de andere-dan-de-te-zagen-kant er op zitten om verschuiven van de ingenieuze constructie te voorkomen.

 

Butternut

 

Het is woensdag en dus weer staff-verstrekkingsdag. Jan heeft bij wijze van afwisseling van de groenten zogenaamde Butternut meegenomen. Vinden zij (en is) ook lekker. Je kunt er goddellijke soep van maken, en ik heb het recept daarvoor toevallig ook nog. Gekregen van Robyn Viljoen, maar tja, de mixer en alle andere noodzakelijke kookgerei nog in de container! Maar ik heb nog nergens nootmuskaat kunnen vinden. En dat zit niet in de container. 

 

Ik wil de wildsuiping nog een keer controlleren. Het is richting Staff quarters dus het personeel springt achter op de bakkie. Elisabeth zit keurig in de bakkie. De wildsuiping is vrijwel vol en de kraan kan dus weer dicht. Op de terugweg spot ik een natte plek, zie twee Klipspringertje wegsprinten en o jee, weer een lekkage. Koppeling gesprongen van een slang die naar ons Hans en Grietje huisje voeren. Dat is helaas totaal vervallen en de Bobbejane (bavianen) hebben het dank volledig geruïneerd. Het is een voormalig herders-huisje uit de tijd dat de farm nog een cattlefarm was. Heel klein en ook laag omdat de mensen in die tijd niet groter waren. Maar met wastafel, toilet en buitendouche. Als we door alle projecten heen zijn, gaan we dit opknappen.

 

Bloomberg

 

Ik wordt ’s avonds door de Haan gebeld met de vraag of het eten bij le Garage in Amsterdam lekker was. Ik kan dat wel bevestigen alsook dat de check bij lange na niet toereikend was. Ze zijn door Bloomberg benaderd vertelt Marcel met de vraag naar namen van emigranten om een verhaal te kunnen maken over het hoe en waarom van emigreren. Een uur later wordt ik al door (toevallig ook een) Marcel van der Hoeve gebeld. Een uur lang beantwoord ik z’n vragen maar voel dat hij er geen hout van snapt. Hoe kan het ook als je in Amsterdam woont zoals hij en gewend met aan drukte, lucht-, licht-, geluidvervuiling en multiculti. Ik zeg hem wel een eventueel te publiceren eerst te willen lezen. Wordt beloofd en hij belt de volgende avond terug. Maar of hij terug zal bellen is maar zeer de vraag want hij zat volgens mij helemaal niet op een haleluja-positief verhaal te wachten. Kommer en kwel om van te smullen verkoopt veel beter.

 

Donderdag 22 februari

 

George heeft me de adressen van de architect en de bushtentleverancier gemaild dus kan ik die ook gaan benaderen. En verder moeten we naar Ellisras voor de lattijen, applicationform voor Internet bij het Telkomkantoor, een tracking device voor de bakkie want anders kan hij niet verzekerd worden voor diefstal en hijacking. Das was ons door de verzekeringsmaat-schappij al uitgelegd, maar die twijfelden er kennelijk aan of we het wel begrepen hadden. Belde er dus gisteravond een nederlander die ze binnen hun organisatie hadden opgespoord om het ons nog eens haarfijn uit te leggen. Verder nieuwe kranen en diverse soorten koppelingen kopen om lekkages snel te kunnen verhelpen. Helaas heeft men bij de aanleg van het watersysteem in de loop van de tijd allerlei verschillende maten gebruikt en het is inmiddels een chaos van slangen en pijpen geworden geworden. Dat moet dus ook allemaal gereorganiseerd en wel zodanig dat het voor een ieder te begrijpen is.

 

Willeke van Ammelrooy

 

Eerst naar de bank, want de R5,7M staat inmiddels dan uiteindelijk op onze SB-rekening en kan uiteindelijk de koopprijs van het huis worden betaald. En een privé-rekening geopend. Dat neemt ruim een uur in beslag en we worden keurig geholpen door Willeke van Ammelrooy in haar jonge jaren. Althans Jan vindt dat ze daar op lijkt. Hij was al eerder bij de SB in Ellisras geweest en had mij daarvan reeds kond gedaan.

 

Het betalen van de koopprijs is wat lastiger want indien per internet wordt er R62.000 daarvoor in rekening gebracht. Bijna 7.000 EUR. Een bankcheck blijkt stukken goedkoper en uiteindelijk besluiten we dan maar een bankcheque te laten uitschrijven. Kost minder dan R100 is het verhaal. De bankmeisjes hebben problemen met het invullen van de cheque want hoe schrijf je R5,7M in cijfers en voluit? Daar moet even op gepuzzeld want zulke bedragen verwerken zij niet dagelijks. Ter geruststelling vertellen wij dat we niet dagelijks een farm kopen. Maar het lukt uiteindelijk en dolgelukkig breng ik de cheque bij de makelaar, want ik ben van die dagelijkse money-transfer-zorg en ergernis af.

 

Als nu de VAT-registratie ook nog eens op zou willen schieten, kunnen de documenten eindelijk naar de Deeds-Office.

 

Het Telkomkantoor blijkt te zijn opgeheven, maar we vinden iemand anders in de plaats die ook internet kan verzorgen, maar nog niet in de bergen. Daarvoor is hij in onderhandeling met een neighbouring farm of daar een mast gezet mag worden. Zou leuk zijn, want hij is meer dan de helft goedkoper en met higher speed data verkeer dan de 64 kbps van Telkom. We wachten het dus maar even af, en voorlopig maar voortmodderen met de cellphone.

 

De tracking chip in de bakkie kan a.s. maandag al ingebouwd. Ze hebben de auto een halve dag nodig. Hoe de tijd stuk te slaan is nog een raadsel want zo spannend is Ellisras nu ook weer niet. Ik stuur Jan wel op pad met één van de staff om de maandelijke staff-boodschappen te doen. Want je sjouwt je een breuk met 4 12,5 kg zakken mieliemeel.

 

Het is bloederig heet in Ellisras, maar op de farm is het niet veel beter. De jongens hebben vandaag Gemsbokken gezien en Eland Antilope. Die laatsten hebben we er dus veel te veel, maar behalve twee wegsprintende exemplaren nog nooit één echt gezien.

 

Elisabeth heeft de telefoontjes aangenomen en nummers keurig genoteerd. Bennie de architekt blijkt gebeld te hebben en Harry Pols. Een nederlander wiens farm we op onze zoektocht ook bekeken  hebben, maar afgekeurd. Harry bood toen al aan ons met raad en daad terzijde te willen staan; het aanbod geldt nog steeds. Hij kent onze farm en George Talbot erg goed. En ook hij begint al over onze geweldige overschot aan Eland Antilope en dat ze bijna niet te verwijderen zijn. Vangen levert gebroken poten op en jagen in bergachtiggebied ook geen succes want ze schijnen nog slim te zijn ook. Ik vraag hem over het “probleem” na te denken en graag een oplossing te horen.

 

Ik heb nog één overall voor Elisabeth meegenomen: zwart met bruin leopardprint afgezet. Nu heeft ze er vijf en kan ze elke dag wat anders aan.

 

Marcel Bloomberg belt inderdaad niet meer terug.

 

Vrijdag 23 februari.

 

Ik wordt er op uitgestuurd om de verlengsnoeren bij Brian te gaan lenen. Maar je kunt het net zo goed als leuke gamedrive zien. Voor het eerst kom ik een kudde van plm 10 Eland Antilope tegen met kleintjes. Die beesten zijn echt ontzettend groot, maar ook zo schuw als wat, want in no time zijn ze onzichtbaar in the bush verdwenen.

 

Op de terugweg kom ik een kudde Blou Wildebees tegen die stukken minder schuw zijn. Die gaan gewoon een stukje opzij en lopen in hun normale tempo verder. Er zijn wel zes kleintjes bij.

 

Sakkie en Abram zijn vanochtend al vroeg vertrokken want zij hebben long weekend (3 dagen) dit in ruil voor het feit dat ieder van onze 4 staff leden éénmaal in de maand weekenddienst heeft zodat er altijd iemand op de  farm is just in case. Ze zijn kennelijk met Pat en Letty meegelift naar Ellisras.  Zij zijn donderdag dus ook door ons uitbetaald. Nog niet het einde van de maand, maar als je naar je vrouw en/of familie gaat toch leuk dat je niet met lege handen komt. Jan heeft een pay-slip-boek gekocht en er wordt keurig voor ontvangst getekend.

 

Olivier heeft te kennen gegeven dat het gebruikelijk is dat voor het zware metselwerk er ook beter wordt betaald. We checken dit na bij Herman waar Olivier ook gebouwd heeft, maar die zegt dat het onzin is.

 

Feitelijk verdient de staff bij ons al royaal meer dan gebruikelijk gelet op de voedsel-voorziening. De staff zit trouwens constant in de maag met de Black Mamba en Olivier suggereert diesel in z’n toeganggaten naar z’n veronderstelde hol te gooien. Schijnen ze de pest aan te hebben. Zo gezegd, zo gedaan, maar ondanks de voorspelling, BM komt niet uit z’n hol. Behalve z’n spoor hebben wij hem nog nooit gezien ondanks het feit dat we er elke dag komen. Ook Elisabeth treft ’s middags een kleine Cobra als ze in ons rotstuintje de planten watergeeft. Ik loop er …tig keer per dag, maar ik zie ze niet. Of ik ben stekeblind of zij hebben een slangenfobie.

 

’s Middags weer naar Pat, om de verlengsnoeren terug te brengen en mijn tekening naar de architect te faxen. Kopje rooibos thee, kletspraatje en Jan belt dat de verlengsnoeren weer mee terugmoeten. Want hij was nog een klusje vergeten. De verlengsnoeren reizen zo wat af. 

 

Er vallen 7 druppels regen, ik probeer de zware buien onze kant op te kijken, maar ze drijven mooi over de belendende percelen. Zelden zo afgunstig naar een zware regenbui gekeken en zo  jaloers op de buren daarvoor geweest.

 

Zaterdag 24 februari 

 

We gaan naar Vaalwater naar de Spar, het postkantoor, naar de curiowinkel waar ik een heerlijk luchtig shirt koop. Met een kameel aan de voorkant. Z’n kop met voorpoten op het ene voorpand, z’n achterkant aan de andere kant. Maar dichtgeknoopt is hij één geheel. Ik koop ook de zonnenhoed die ik in December j.l. al had gespot, maar toen vonden we het een beetje belachelijk om spullen mee naar Nederland te nemen die 29 januari weer terug zouden moeten met de container. Jan vindt dat ik er als een koningin bijloop.

 

We gaan naar Vaalwater besproeings omdat we een tank voor op de bakkie willen hebben met pomp just in case of fire. Ook hier treffen we weer een alleraardigste kerel en zeer behulpzaam. Hij stuurt ons een quotation per email en ’s middags treffen we hem nogmaals, maar nu met vrouw voor de wekelijkse boodschappen. Maar gelijk weer praatje bla bla bla. En zo heb je er weer een handige bekende/kennis bij. 

 

Vuurslaners

 

Bij de NTK kopen we likstenen en vuurslaners. En stokken met kunststof brede flabbers. Dit in de plaats voor de takkebossen om het vuur uit te meppen. En verder bestellen we 3 rugtanks omdat je met de bakkie op de meeste plekken niet kunt komen, maar te voet wel. Ik neem nog wat zaad mee o.a. van Butternut. Ik ga maar eens in het klein experimenteren.

 

Bij “Built it” haalt Jan nog wat bouten en moeren en ik koop er een gele Bougainvillea en een vetplant die het tussen de rotsen vast goed doet. Edoch, hij staat achter in de bakkie en bij thuiskomst blijkt hij van z’n wortel compleet gescheiden te zijn. Ik poot hem toch maar, beetje klam (vochtig dus) houden en wie weet begint hij weer.

 

Bobbejanne ellende

 

Het blijkt trouwens een grote bende bij het huis. De rot apen zijn langs geweest nu er niemand op de farm was. Een drol in het zwembad, overal stront op het terras, maar dat is nog tot daar aan toe. Ze verruineren je hele dak. Ook nu weer handenvol gras eruitgetrokken dat overal verspreid ligt. En de houten ornamenten van sommige palen getrokken, regenmeter gedemonteerd. Het zijn echt geweldig vernielzuchtige krengen. Een dure grap dus maar proberen om zo vaak als mogelijk iemand bij het huis in de buurt te laten zijn als wij weggaan. Want door de week zie je ze nooit, je hoort ze alleen. Lesley en George hadden nep slangen op het dak liggen, want de fabel wil dat ze bang zijn voor slangen. Maar bij beesten gaat alles op reuk, gehoor en zicht. Dus dat het plastic nepslangen zijn heeft zo’n brutaal kreng in no time door natuurlijk. Ze lachten er zich waarschijnlijk zelfs een breuk om.

 

Na de dagelijkse duik loop ik naar de wildsuiping. Ik moet van Jan de Panga (machete) meenemen. Ter geruststelling doe ik het, maar tevens de laatste keer. Wat een onzin. Gewoon uitkijken. Niet al te ver van het huis staat een enorme Kudu te browsen. Niet per internet, maar gewoon in een boom. Als je zelf te voet bent ervaar je hoe groot zo’n Kudu eigenlijk is. Wanneer ik tot op 10 meter genaderd ben, neemt hij toch maar het zekere voor het onzekere. Bij de wildsuiping geen dieren, maar je hoort ze wel trappelen in de struiken, wachtend tot ik vertrokken ben. Hopelijk wennen ze een keer aan mijn luchtje en gaan ze dat associëren met ongevaarlijk.

 

Op de terugweg een paar Blou Wildebees. Die kunnen stampen en snuiven alsof ze heel vervaarlijk zijn. Je kunt de grond soms voelen trillen als de hele kudde ineens aan de haal gaat.

 

Jan is ziek

 

Jan is al een paar dagen niet lekker en heeft koorts. Gestoken op 3 plekken in z’n benen en ik denk dat dat is gaan ontsteken waardoor de koorts onstaat, Jan denkt dat het een allergische reactie is. Maar anyway, op z’n voorhoofd kan ik de aardappels koken. Nu vindt hij het opeens een zegen dat ik de heetwaterkruik had meegenomen, want daar kan nu ijswater in. Maar woensdag a.s. gaan we kennismaken met onze nieuwe huisarts. De heer of mevrouw Poortier te Vaalwater. Schijnt een nederlander te zijn aldus zijn assistente. En wellicht overleeft Jan het tot dan. Want er moet geen dokter geroepen, hij ziet het nog even aan.

 

Zondag 25 februari

 

Jan is weer goed te pas maar de plekken doen wel zeer. Hij is de tuin uitgebreid aan het water geven in de hete zon. In de koelte van de ochtend en/of avond is het veel effectiever want veel minder directe verdamping en sommige planten krijgen gewoon lelijke plekken omdat de druppels als brandglaasjes werken.  Mijn wijze lessen daaromtrent zijn evenwel niet besteed.

 

Ik besluit mijn dagboek part 1 maar eens rond te gaan mailen, maar het kabeltje tussen de telefoon en laptop is weg. Uit mijn hangende constructie verdwenen. Ik had het kunnen weten, die rotapen, want gisteravond vond ik het hor van het raam open hetgeen ik erg vreemd vond. Daar hebben ze dus kennelijk een  duw aangegeven, hor opengeschoten en kabeltje meegejat. Ik zie het gelukkig een stuk verder op het dak liggen. De apen hebben zeker nog geen cellphone voor internetverbinding. En dus ook het kabeltje niet nodig.

 

 

 

 

Afgelopen nacht was de krag  (stroom) weg. Zeker ergens flink geonweerd of zo. Jan maakt zich direct zorgen over het feit dat we nog géén generator hebben. Er zit er één in de container maar die heeft niet veel kapaciteit om hier de hele handel draaiende te houden. Want stel je voor de krag  komt dagenlang niet meer terug? Vervelend voor koelkast en diepvries, maar we gaan met de kippen van en op stok, dus we merken het toch nauwelijks dat het donker is.

 

Na m’n zwemsessie naar de wildsuiping waar de rooibokkies staan te drinken. They are not amused want luid mopperend trekken ze zich in de bush terug. Na 10 minuten komt de dapperste even kijken of ik alweer vertrokken ben. Ze blaft 3x naar de kudde en trekt zich weer terug. Het zal niet veel goeds zijn geweest wat zij met haar geblaf aan de rest communiceerde.

 

Terug naar huis zie ik een aantal slangensporen, klim op de watertanks om te kijken of ik de rood-witte toren kan ontwaren die ons tzt van een wireless internetverbinding moet gaan voorzien. En inderdaad, boven op de watertankconstructie ontwaar ik hem zo’n 6 kilometer verder op. Dat valt weer mee want dat brengt wireless internet stukken dichterbij als wij een antenne op deze constructie laten monteren zodat die beiden kunnen communiceren.

 

Jan wil niet warm eten, daarvoor voelt hij zich net nog niet goed genoeg. Hij neemt warme rijst met roomboter, echte suiker en kaneel, afgesloten met roomijs met slagroom. Als je nog niet ziek was, wordt je dat accuut alsnog denk ik, maar bijt mijn tong af. Diabetisch ook zeer verantwoord.

 

Maandag 26 februari 

 

Klussies

 

Jan moet vroeg richtring Ellisras omdat de chip in de bakkie ingebouwd moet worden. Ons personeel komt opdagen, maar zonder Abram. Die is nog bij die huis volgens Sakkie, kennelijk een taxi gemist oid. Maar tja, ze moeten ook zondag in de loop van de middag al weer terugkomen naar de farm. Dat moeten we dus nog even inpeperen. Jan vindt Abram trouwens onderweg naar Ellisras en neemt hem mee. Kan hij mooi de boodschappen mee doen en vooral sjouwen. Maar ik had andere plannetjes met hem:

1.                  Nieuwe liksteen bij de wildsuiping,

2.                  lekkage in de pijp naar Brian opgraven,

3.                  de tot nu toe onbekende, maar aanwezige, watertrog opzoeken die in de buurt van het huis geplaatst moet gaan worden. Om ons uitzicht op het wild vanaf het terras te verschaffen. Spotje erbij zodat je ook ’s avonds kunt zien wat er gebeurt, want het nachtleven van de nocturnals (nachtdieren) is over het algemeen stukken spannender dan die van de diurnals (dagdieren). Lopen we de kans om die leopards nou eindelijk eens te zien te krijgen waar we veel sporen van tegenkomen, of de Jakhals, bruine Hyena etc. Of de Porcupines. Stekelvarkens met hele lange zwart/wit gevlekte stekels (waar souveniers en schemerlampjes etc van gemaakt worden. Absoluut foute boel om souveniers van dierproducten te kopen, maar het gebeurt nog steeds volop).

4.                  Verder heb ik twee compostcontainers in gedachten. Een bij onze (nog niet bestaande) groententuin en een bij de staffquarters. Daarvoor kan Abram de staanders en het kippengaas gebruiken dat eerder dienst deed als hek om ons rotstuintje. Ook zij moeten leren dat je dit soort vuil moet composteren en niet al te dicht bij je huis in verband met de rodents (knaagdieren) die dan weer slangen aantrekken.

 

Een van onze vuilnisemmers gaat ook naar de staffquarters want nu verbranden ze hun vuil in een lege oliedrum. En dat moet veranderen. De drum staat weliswaar op stenen zodat de grond eronder niet direct zal gaan branden, maar ik vind het brandgevaar gewoon veel te groot. Toen we in 2005 in Alaska waren was het huis waar we op Afognak logeerden een jaar daarvoor ook volledig afgebrand. Ook dank zij vuilverbranding in een drum die wel direct op de grond stond. Bovendien opstallen niet verzekerd. En dat zijn zo van die dingen die vergeet je niet zo snel meer.  En het zou dus nog stommer zijn om diezelfde fouten ook te maken. Want anders dan bij Statistiek heb ik hier aan een steekproef N=1 meer dan genoeg.

 

Elisabeth komt melden dat er maar heel weinig water is want de wasmachine komt maar niet door z’n spoelprogramma heen. We laten Olivier de tanks controlleren, maar daar zit nog baie water in. Genoeg dus. De pomp blijkt stuk en dan moet het water met de zwaartekracht naar beneden komen. En dat gaat knap langzaam. 

 

Ik breek de kast in de logeerkamer (mijn toekomstige kantoor) af zodat dat hok tenminste direct ingeruimd kan worden zodra de container gearriveerd is. Slopen gaat mij over het algemeen goed af. Maar we beginnen ons steeds meer zorgen te maken over de vraag “waar laten we al die zooi uit de container”? Als Elisabeth ziet dat ik de kast afbreek (hangkast voor kleding etc) vraagt ze zich af waar we de kleding uit de container gaan laten. Ze is niet de enige die zich dat afvraagt. Ik zet de onderdelen buiten op het terras, de jongens mogen ze naar het gastehuis dragen.

 

Het is nog niet warm, want tamelijk bewolkt en het waait lekker hard. Als je het laatste laken aan de waslijn hebt gehangen, is het eerste al weer droog.

 

Personeelsproblemen

 

Herman belt of hij vanmiddag of morgenochtend zal/kan komen. Dat hangt er dus vanaf hoelaat Jan thuiskomt, ik raadpleeg hem even. Liever vanmiddag dus. De chip is ingebouwd, maar nu is het wachten of de al dan niet ontvangst van het signaal. Intussen heeft Jan een heel vervelende ontdekking gedaan: tijdens het ontbijt met Abram komt ter sprake dat Abram helemaal niet bij Herman gewerkt heeft, maar bij André (Biltong) Botha, dat hij daar ontslag heeft gekregen plus de eerste week van februari bij wijze van compensatie betaald. Abram heeft donderdag zijn hele maandsalaris bij ons gekregen vanwege diens lange weekend.

 

Jan is des duivels dat Abram hier niets van gezegd heeft, voelt zich bedonderd en heeft Abram daarmee geconfronteerd. Maar het geld is al op en verder schouder ophalen. En dat terwijl het wel een goede harde werker is. Wat nu? Nog een keer een maandcontract en eind volgende maand  het teveel betaalde verrekenen? Geen nader contract aangaan vanwege onbetrouwbaarheid en disloyaliteit? We zijn gewaarschuwd, juich niet te vroeg met je personeel, en binnen 3 weken wordt het bewijs letterlijk geleverd.

 

Ik vrees dat we inderdaad een voorbeeld moeten stellen als de feiten liggen zoals ze liggen: we willen geen oneerlijk,  onbetrouwbaar personeel dat ons probeert te tillen.

 

Maar aan de andere kant: zijn we ook niet self to blame? Bij het ondertekenen van het maandcontract legde ik de staff uit dat ze van ons dus 3 weken salaris aan het eind van de maand uitbetaald krijgen over februari. Maar Jan zegt “neen hoor, 4 weken want dat is zo met Herman afgesproken”. Ik vind dat nogal onlogisch want nu moet ik straks Herman aan het eind van de maand een factuur gaan sturen over die eerste week of zo, en onze CC loopt daarvoor het financiële risico? Maar het is ook niet aan te bevelen om je echtgenoot ten overstaan van je personeel te corrigeren. Hij is immers Boss Jan, laten we die schijn tenminste ophouden. 

 

Taalproblemen?

 

Of is het wederzijds wel allemaal goed begrepen? Abram spreekt dan wel min of meer engels maar of hij met zijn woordenschat de juiste boodschappen weet te communiceren? Ik weet het zo net nog niet. Ik besluit Pat te bellen en te vragen wat zij van A’s werkhistorie weet. Pat bevestigt dat A bij André Botha heeft gewerkt, maar de details kent ze niet. Ze geeft me het nummer van André. Ik bel hem, stel me kort voor met referte aan Rudie Swanepoel (makelaar waar we veel me op stap zijn geweest) en de link is zo gelegd. André gelooft niet dat A de eerste week van februari bij hem betaald heeft gekregen, want slechts één dag in februari gewerkt. Zijn vrouw bevestigt dat dat inderdaad niet het geval is. Baie Dankie André en ik beloof hem spoedig Biltong bij hem te zullen kopen. Dat meen ik natuurlijk niet, want dat spul stinkt als de hel en van de geur in zijn winkel alleen al krijg ik braakneigingen. N.B.: Biltong is gedroogd vlees van welke koeie-, of bokkensoort dan ook. Razend populair hier in S.A.

 

Ik licht Jan dus maar even in om te voorkomen dat hij Abram echt de zak geeft en wel op de verkeerde misbegrepen gronden.

 

Intussen SMS’t André van Niekerk (onze reekenmeester) dat onze VAT-registratie inmiddels ook een feit is. Dat was het enige wat nog aan ons geluk ontbrak om de koop van de farm te kunnen formaliseren. En ik vul het nummer in op mijn invoiceformat dat ik reeds ontworpen had voor het geval ik onverhoopt iemand een factuur zou kunnen sturen. Herman voornoemd bijvoorbeeld, of mischien aan die genen die ons van ons Eland Antiloop overschot komen afhelpen. In het Landbou-weekblad lees ik dat zo’n beest tussen de R18.000 en R 22.500 moet kosten als je deze aanschaft. Zeker de Trophy-sized-bulls.

 

De buren

 

Jan komt toch nog later dan verwacht maar wel op tijd voor de ontvangst van Herman, zijn vrouw Dawn en haar 82 jarige pa Paul. Ze bewonderen het huis, en de asemrowene uitsigte (adembenemende uitzichten) tot aan hun eigen farm in de vallei bij de Poer se loop aan toe. Ze kunnen zelfs hun schapenweitje zien hetgeen het eerste probleem ter sprake brengt. Ze hebben Wilde Honden op hun terrein. De geruchten gingen al langer, maar nu hebben ze zelf bij hun hek gezien. En die vreten de schapen op. Die beesten moeten dus weg. George in der Maur moest een weten want het zijn zijn toetelkinderen waarvoor hij zich al jaar en dag inzet en daar veel tijd en geld aan besteedt, o.a. om ze op de Cites-lijst te krijgen omdat ze highly endangered zijn en ze te laten overbrengen naar grotere leefgebieden zoals bijvoorbeeld Zimbabwe. Er zijn er nog slechts 4 à 5000 in het wild. En dat vertellen we onze gasten dan ook natuurlijk. En als het ze intussen lukt ze over ons hek te zetten, be my guest!

 

Onze gasten hebben trouwens ook Jan z’n beten in z’n been gezien waar hij nogal ziek van is. Geen wonder, want volgens hen lijkt het verdacht veel op de beet van een (als ik het goed verstaan heb) Pythonspider. En bepaalde Aragnides (spinnen) zijn giftig zoals ook bij de slangen reeds beschreven. Deze schijnt dus Cytotoxic te zijn. M.a.w. celvernietiging. Maar de hoeveelheid gif die zo’n spin kan toedienen is veel kleiner dan bij een slang en je gaat er dus niet zo maar dood aan.  Ik kan het me eigenlijk niet voorstellen, dat zou je toch gevoeld moeten hebben als een spin met z’n kriebelpoten je op 3 verschillende plekken te grazen neemt?

 

Jan weigert trouwens systematisch om de hordeuren dicht te houden. En als je mensen in de buurt hoort die een slang of schorpioen in huis hebben gehad, dat meestal hun eigen schuld is vanwege open deuren.

 

Onze gasten moeten nog het een en ander met hun ex personeel afwerken. Sakkie en Olivier zijn hen nog resp 1200 en 260 Rand schuldig. En dat moet terugbetaald. We krijgen dus voor de zoveelste keer het advies NEVER aan je personeel geld te lenen. Maar nog ongeacht de waarschuwingen, ik haal het niet in mijn hoofd zelfs. Sakkie en Abram tekenen een document dat wij de komende maanden een bedrag van hun salaris mogen inhouden om aan Herman c.s. terug te betalen. Elisabeth heeft nog één vakantiedag tegoed, die wordt uitbetaald en ik krijg keurig een envelopje in de handen gedrukt met het salaris over de eerste week van februari. En toegesist (omdat Elisabeth in de buurt is) door Dawn dit goed op te bergen maar het is zo verdwenen. Want Elisabeth hoort, ziet en weet alles, zelfs welke wijn Dawn dronk. Nou lijkt me dat niet zo gek als je een andermans rotzooi mag/moet opruimen. Als je “onze” Aafke zou hebben gevraagd, zou ze daar ook feilloos het juiste antwoord hebben weten te produceren.

 

De argwaan tegen het personeel is bij Dawn  in mijn ogen buitenproportioneel en ik vind het eigenlijk geen prettige mensen. Not my cup of tea. Maar je moet ze te vriend houden vanwege eventuele problemen waarmee buren elkaar geacht worden te helpen. Maar dat ons daar veel gaan kuier lijkt mij onwaarschijnlijk. 

 

Ongoing waterproblemen

 

Het bezoek is vertrokken en we worden gebeld. Ik versta de beller echt niet, maar uiteindelijk begrijp ik dat Baas Jan moet kom. Het zal dus één van de staff zijn, Jan wil eigenlijk niet, maar aangezien we het hek nog moeten sluiten rijden we toch maar even langs. Ik vraag Olivier het jij ons geskakel Olivier? Ja dus, ze zitten zonder water en kunnen zelf de pomp niet meer resetten na de stroomstoring omdat Jan daar een slot op gezet heeft. Maar wat we ook proberen, de pomp slaat na een paar seconden automatisch weer af. En dan blijkt ook de waterleiding gebarsten, waarschijnlijk hebben daar Vlakvarks zitten graven aldus Olivier. Maar ik weet wel beter, hij is gewoon gebarsten omdat ze de verkeerde hendel het eerst hebben opengezet. Maar het heeft niet zoveel zin daar nu ruzie over te maken. Om deze dag geheel in stijl af te sluiten, gaat Jan boven op z’n zonnenbril zitten waar een poot vanaf breekt. (De volgende dag krijg ik te horen dat ik er op ben gaan zitten en dat toen hij er op ging zitten de poot er al afgebroken was. Het moet maar in je opkomen!).

 

Ons nieuw aangeschafte vuilnisvat wordt op het bakkie gezet, gevuld met water, zodat de staff morgenochtend in ieder geval kan poedelen. En morgen zien we wel weer verder want intussen is het pikkedonker. Zoals alles heb elk nadeel se voordeel, want Jan ziet nu voor het eerst “ons probleem” 4 Eland Antilopen. Eerst zie je natuurlijk alleen 8 ogen hoog tussen de bomen en dichterbij blijken daar dan de EA dus aan te zitten.

 

Verder nog ….tig mailtjes uit NL dat mijn dagboek word doc onleesbaar is. Slechts twee vrienden kunnen het wel openen.

 

Dit zou dus een perfecte opname dag zijn geweest voor die TV-maker die drama zoekt of Marcel Bloomberg. Die heeft zich inmiddels trouwens per email gemeld dat hij nog contact zal opnemen.

 

Dinsdag 27 februari 

 

Jan gaat om 07.00 terug naar de pomp om het probleem nader te bestuderen. Intussen komt Elisabeth aan en zij vertelt dat ze de pomp gisteravond om 00.00 weer tot leven hebben weten te wekken en dat hun vat vol zit. Een wonderbaarlijke genezing, net zoals de pomp bij ons huis die ook stuk was. Blijkt ook weer gewoon te werken. Wellicht zit het toch in de mate of instabiliteit van stroomvoorziening waardoor dit soort apparatuur van slag raakt.

 

Elisabeth vertelt mij dat Herman en Dawn zich niet netjes hebben gedragen daar waar het hun ontslag op de farm (“Grootwater” met hiking trails etc.) daar betreft. Zij moesten afvloeien omdat het daar financieel niet langer uitkon, en krijgen 50 Rand oprotpremie. In Nederland zou je daar ook niet mee wegkomen als je je personeel wilt lozen. En alhoewel ik het niet hardop zeg, lijkt het nergens op. Herman en Dawn mogen blij zijn dat ze zo simpel van hun boventallige personeel zijn afgekomen. Elisabeth zegt dat Herman en Dawn denken dat alle zwarten achterlijk zijn, nou Elisabeth in ieder geval niet. Zij heeft daar vanaf 2000 baie gewerkt heeft zonder klachten, Olivier 5 jaar en Sakkie zelfs 10 jaar. Ze heeft het over een blou kaartje dat elke werknemer schijnt te hebben, maar de werking ervan snap ik dus niet. Daarom hebben we ook de SEESA ingeschakeld om ons bij dat soort zaken te helpen, maar er trouwens nog nix van gehoord. Die moeten even opgepord.

 

Ik laat er ook geen twijfel over bestaan dat ik het probleem met Herman en Dawn niet ga oplossen, maar dat wij zullen doen wat reg is en conform de wet. Waar ze het trouwens vandaan haalt weet ik niet, maar ze weet dat ik lawyer ben. Het kwekcirquit werkt dus inderdaad uitstekend.

 

Adèle Stijn belt met de mededeling dat de container vandaag of morgen in Joburg aankomt en vrijdag in Vaalwater arriveert. Zaterdagochtend wordt er dan uitgepakt. Dat is eigenlijk best snel en kennelijk zonder problemen door de douane gekomen. Ik moet haar nog wel even een goede routebeschrijving geven en laten weten dat de truck niet verder dan de workshop kan komen en er dus maar een klein vrachtautootje moet meekomen om de laatste 2 kilometer naar het huis af te leggen.

 

Op de mail tref ik ook de kwotasie voor de firefighterequipment en de safari-tents. Een model op een cementenvloer en één op een vlonder op palen en vervolgens in diverse afmetingen natuurlijk. Zo’n concrete floor lijkt me echt helemaal nix en zeker bij de rivier moet het iets op poten worden voor het geval de rivier ooit nog eens buiten haar oevers zou willen treden. Dat lijkt nu ondenkbaar maar volgens ingewijden was het vorig jaar een baie jaar wat regenval betreft. Het kan kennelijk niet elk jaar feest zijn. Volgens Brian is dat hout geen goed idee vanwege de termieten die het hout voor je ogen wegvreten.

 

De kwotasie voor de firefighter lijkt echt nergens op: een 600 liter container, met pomp en 30 of 60 meter slang kost zo’n R10.500 resp R 12.500 ex VAT.  Ik zal Hans dus maar eens mailen hoeveel hij vorig jaar eigenlijk betaald heeft. Dat blijkt EUR 500,00 te zijn, op een moment dat de Rand stukken duurder was dan nu.

 

Zittend op de stoep hoor ik visite aankomen. Ongewenste visite wel te verstaan: die rotapen zijn terug. Ik loop naar de rand, brul hen toe rechtsomkeert te moeten maken want ek skiet jou! Ik zou wel niet weten waarmee, maar dat weten zij hopelijk niet. En dat maakt indruk!!!!  een half uur later staan ze namelijk weer op te stoep. Maar zodra ze me horen/zien maken ze toch maar weer rechtsomkeert. Het is trouwens een hele grote groep, ’s avonds kom ik ze nog een keer in het veld tegen. Het zijn trouwens rondtrekkende groepen, dus het schieten wat elke boer doet heeft weinig leer-effect. En zoals over alles, zijn er ook fabeltjes over “aap-bezoek-preventie”. Als je de Silverback (zo wordt de leider van een troep genoemd) vangt en hem witverft, ze dan wel wegblijven wegens belediging of minachting van de leider.

 

Hadden we tot gisteren een blauw zwembad, vandaag is het opeens groen. De metingen met zo’n teststrookje wezen uit dat het aan  van alles mankeerde in de pool, maar het water was wel sprankelend helder. Er drijft nu een nieuwe zogenaamde floater in met de hele mikmak aan chemicaliën welke langzaam aan het water worden afgegeven. Ik heb precies de instelling gekozen die bij onze waterbak past. Maar t’is nu dus opeens groen. En de meting met het strookje slaat nu geheel de andere (verkeerde) kant uit voor wat het “free chlorine” betreft, whatever that may be. Ik los straks dus mischien wel geheel op als ik ga zwemmen.

 

Bij Jan vallen de gaten in z’n lijf door de giftige spin en ik opgelost in het zwembad. Hebben we het toch mooi voor elkaar. Alleen de kat mankeert niets so far. De afspraak met de huisarts wordt één dag verschoven want er is opeens een dringende meeting tussengekomen. Het lijkt NL wel: vergaderen belangrijker dan genezen!

 

Er vliegen trouwens de gehele dag vogeltjes af en aan. Om water te komen drinken uit de diverse waterfeatures, maar ik heb ook een voerbak gevuld. Prachtige kleuren en straks als de boeken uit de container zijn gekomen kan ik vertellen wat het allemaal voorstelt. Wat we wel hebben zijn twee soorten bijen-eters waarvan de blauwe volgens ingewijden europese migranten zijn. Ze zijn inderdaad prachtig blauw en we hebben een groepje van zo’n 10-12 stuks op de farm. Het valt trouwens wel op dat de diversiteit aan vogels bij de rivier groter is dan on top of the mountain (1260 boven sealevel). ’s Avonds komt er één vogelsoort als het gaat schemeren waterscheppen uit het zwembad. Zoals je een vleermuis ook wel eens ziet doen. Mij lijkt het meer een chemokuur als je het water drinkt, en zeker nu het zo groen is. Maar deze vogel schijnt er goed tegen te kunnen. Alhoewel, dat moeten we nog afwachten natuurlijk.

 

De groene plant die van z’n wortels was gerukt houdt trouwens goed stand, maar het gevaar is nog niet geweken want vannacht aangevallen door een harige rups die de randen van de nieuwe blaadjes eraf gevreten heeft. Ik heb het beest verwijderd, maar nu die weet waar er een lekker hapje staat zal het wel dweilen met de kraan open worden. Ik heb het er maar druk mee, want Jan heeft ook potgrond meegebracht om wat tryouts te doen met butternut etc. etc. Jan had ingestudeerd dat potgrond gardensoil is, maar bij het tuincentrum wordt dan vervolgens naar achter geschreeuwd: 4 zakkies potgrond!

 

De container is er dan weliswaar bijna, maar ik kan niet op de potten gaan zitten wachten. Tegen de tijd dat die uitgepakt zijn moeten mijn saadjies  al vruchtdragen. Er komt dus een afrikaanse oplossing: ik snijd twee 5 lege literflessen water door midden, twee lege liter potten joghurt waar ik gaatjes in prik zodat ik 6 zaaibakjes heb. Vier met Butternut, 1 x komkommer en 1x spinazie. De afrikaanse spinazie lijkt trouwens in de verste verte niet op de nederlandse. Het lijkt meer op paksoi kwa uiterlijk en de smaak valt niet echt goed thuis te brengen. De potgrond is van een andere-dan-gewend samenstelling.

 

Ik moet nog even een document naar de verzekeringsmaatschappij van de auto faxen: het tracking-certificaat. Kan ik gelijk even vragen hoe het met de arbeidsvoorwaarden en afvloeiingsregelingen in dit land zit. Dat blijkt niet eens zo erg veel anders dan in NL. Als je er zelf een zooitje van maakt, en de baas heeft je voldoende (6x!!!) gewaarschuwd, dan sta je zonder geld op straat. Als je zelf op de loop gaat ook géén geld. Maar als de baas je wegens reorganisatie kwijtwil terwijl je altijd netjes gewerkt hebt: één week salaris per gewerkt dienstjaar ongeacht het feit of je al dan niet onmiddellijk een andere baan hebt. Ons drietal had dus gewoon recht op 5, 7 resp 10 weken extra salaris. Ik vertel Elisabeth wat volgens de wet moet, maar dat ik het probleem met Herman niet kan/ga oplossen. Want diens verhaal zal wel zijn, jullie zijn zelf naar die nieuwe mensen gegaan voordat ik je wegens reorganisatie kon ontslaan. Maar Herman is ze hier gewoon komen “verkopen”.  Ik laat SEESA dit probleem wel aanpakken.

 

Wat een kulverhaal van die giftige spin; het is gewoon tekenkoorts dat Jan heeft volgens Brian. Je hebt hier 3 soorten, maar de kleinste daarvan bijt wel, maar hecht zich niet om gedurende langere tijd bloed te zuigen. Hoge koorts en lelijke rode plekken met zwarte randen die op den duur bijna wegtrekken, maar niet helemaal. Wie het weet mag het zeggen, mischien morgen Dr. Poortier de huisarts wel waarmee we kennis gaan maken.

 

Jan timmert nog een fatsoenlijke afdekplaat boven de zwembadpomp en ik ga toch maar zwemmen. Ik blijk niet op te lossen ondanks het te hoge free chlorine gehalte, maar goed voor je huid zal het ook niet zijn. Dat wordt dus extra smeren. Al zwemmend zie ik in de verte dat er een veld in de fik staat. Maar de wind is bijna geheel gaan liggen en de zon aan het ondergaan, het vuur zal dus ook wel snel bestreden zijn.

 

De staff krijgt te horen dat ze allemaal mogen blijven als ze dat willen. En dat willen ze wel zo blijkt. En zodra mijn computer en printer straks weer operationeel zijn, ga ik de contracten  voor onbepaalde tijd met inachtname van de wettelijke opzegtermijn opstellen.

 

Woensdag 28 februari

 

De opticien

 

Jan wil naar Ellisras om zijn bril te laten herstellen. Hij heeft er een zwaar hoofd in want we zijn immers niet in Hattem, maar donker Afrika. Maar de mevrouw in de winkel verblikt of verbloost niet. Ze loopt naar achter en Jan sombert “nou als ze het al kunnen repareren zal het wel weken duren en moet ik intussen maar een alternatief zoeken”. De mevrouw komt terug en zegt dat het ongeveer een uurtje zal duren en dat ze ons wel een belletje geeft om hem op te halen. Jan flabbergasted en ik een binnenpretje. Weer een vooroordeel omzeep geholpen. Kan ik nog eens wat vaker op z’n bril gaan zitten! Ha ha ha. Het was trouwens niet de eerste keer dat hij boven op z’n bril is gaan zitten en for sure ook niet de laatste.

 

Er moet ook een betonmolen komen. Ik waag te betwijfelen of dat in dit stadium met één metselaar en één cementmaker nodig is, want beiden hoeven nimmer op elkaar te wachten. Als je 2 of 3 man aan het metselen had wordt het wat anders. Maar zo’n ding in Ellisras nergens te koop en het verkopende blanke personeel is unaniem: dat mengen laat je toch gewoon aan je swartmens over.

 

Een uitgebreid marktonderzoek naar een generator leert dat we in ieder geval géén chinees kopen, dat Yamaha véél te duur is, het waarschijnlijk dus een Ryobi wordt (Zuid Afrikaanse makelij) maar dat Jan nog even verder wenst te twijfelen.

 

De NTK blijkt géén saltlicks te hebben. Can you believe that? De “Welkoop” geen koeievoer? Onze missie is dus maar gedeeltelijk geslaagd. Van het andere (foute) blok bleek trouwens al lekker gesmikkeld te zijn.

 

Abram is vanochend aan het creëren van de brandgang gezet en knijpers aan de bomen geven aan welke er uit moeten. Daarna moet het gras weg, maar om 15.00 uur vindt Jan het in het veld te heet worden voor Abram dus die mag het nieuwe luik op het pomphuis gaan verven waarvoor ik zojuist “woodsealer” heb gekocht. Dacht het zelf te gaan doen als de zon onder is, maar dat hoeft dus niet meer. Ik heb één keer in de zon geschilderd en er kwamen onmiddellijk allerlei blaasjes op te voorschijn, dus dan leer je dat wel af.

 

Elisabeth heeft hoofdpijn, en ik geef haar 3 groene pillen tegen van alles en nog wat. Ze zijn hier gek op pillen, daarom krijgt ze er maar drie. Een voor na het eten, voor het naar bedgaan en morgenochtend zo dokter ik wijs.

 

Ik wordt ’s nachts wakker van een gruwelijk gekerm. Er moet minste een Eland Antilope op de stoep op sterven liggen denk ik. Jan heeft het ook gemerkt en is al polshoogte gaan nemen. Blijkt het de Cola-fridge te zijn. Die wilde niet goed koelen, Jan in Ellisras raad gevraagd, handige tips gekregen en die blijken te werken. Zo stond de kast bijvoorbeeld tegen de muur zodat hij z’n warmte niet kwijt kon. Na een uur is de temperatuur al gezakt naar 5-6 graden ipv de 15 waarop hij bleef hangen. Mag de Cola fridge dus blijven en kan de andere herrieschopper met vriesvak naar de staff op leenbasis.

 

Last Updated on Wednesday, 12 May 2010 08:59
 
Maart 2007 PDF Print E-mail
Written by Maya   
Sunday, 17 January 2010 09:57

 

Donderdag 1 maart 2007

 

Elisabeth voelt zich stukken beter dank zij mijn wonderpillen, Abram bleek ze ook al hebben geslikt tegen pijn in z’n rug. De achtermuur van zijn z’n workshop is bijna klaar wat het bekleden met klippe betreft. Het is natuurlijk een tempo van nix, maar omdat die klippen zo zwaar zijn kun je maar een paar laagjes metselen per dag zodat het bouwwerk dus niet de volgende dag al in elkaar gestort is.

 

We gaan zometeen naar Vaalwater, naar Dr. Poortier en ik wil naar de citrusfarm. Zaterdag heb ik immers mijn fruitpers weer beschikbaar en is het afgelopen met de pakken zogenaamd vars vrugtesap. En het afval wat je er van hebt staat mij geweldig tegen.

 

Taiga heeft zo z’n eigen dagprogramma. Om 05.30 wekt hij Jan (resultaat gegarandeerd, bij mij niet vandaar) wil wat eten, gaat naar buiten tot 06.30 uur, meldt zich weer, wil nog wat eten en gaat dan naar z’n eerste rustplaats. Halverwege de middag komt hij weer tevoorschijn, loopt wat rond in de tuin, gaat achter de bank op het terras in de schaduw liggen, om 17.00 weer een hapje, vertrekt naar de bieb en van 19.30 – 20.00 zeuren dat hij naar buiten wil. En dat doen we dus mooi niet. En zo rond 21.00 gaat hij naar (ons wel te verstaan) bed waar hij languit overdwars gaat liggen.

 

Schorpioenstaartje

 

Elisabeth heeft iets raars in de keuken ontdekt. Net op het randje waar muur en dakconstructie elkaar ontmoeten.  En hoe hij er komt is een raadsel, maar typisch een geval van schorpioen-staartje. Maar het staartje hangt er nogal raar en slap bij. Niet keurig in zo’n boogje dus. Elisabeth drukt Jan d’r stoffer-op-steel (een bos struisvogelveren) in z’n handen. Hij mag het beest dus van de muur wippen. De schorpioen krijgt een por en klettert naar beneden op het aanrecht van de bijkeuken. Z’n staartje is niet alleen slap, maar de rest is zo plat als een dubbeltje. Jan verklaart hem voor dood, veegt het om het varken-en-blik (volgens Jan heeft dit stoffer en blik, maar ik ben met het varken opgevoed) en ik gooi hem vervolgens buiten tussen de rotsen voor het geval hij weer tot leven komt. Want hoe pijnlijk hun steken ook zijn, het zijn gewoon nuttige beesten, onderdeel van de voedselketen, die het insecten en andere kleine kruipende spul onder controle houden. Schorpioen nr 3 inmiddels. Dit was trouwens een volgroeid exemplaar en hoe hij dood op dat muurtje van 2.50 hoog is gekomen is ons een volslagen raadsel.

 

We nemen op de heenweg 3 stokoude zeer fragiele mannetjes meer. Keurig in het pak gestoken, hoed op en met een moderne sporttas waar hun hebben-en-houden inzit. Ze klimmen in de bakkie en bij het kruispunt in Vaalwater zeggen we dat we helaas niet verder gaan. Ze komen alledrie met hun (toch al zo plat als een dubbeltje) portemonneetjes naar mij toe om te betalen. Ach, is reg so, was een plesier zeg ik. Ze hebben kennelijk nog nooit met een blanke meegelift want Abram wist ons eerder te vertellen dat liften bij een zwarte altijd geld kost, met een witte nooit. Maar de mannetjes zijn helemaal blij en ik ook door hun verraste gezichten en dankbaarheid.

 

De nieuwe huisarts

 

Dr. Poortier is een aardig begin 40-tiger in bushveld outfit, lijkt een beetje op Bennie van Abba. Z’n vader is nederlander, dus hij verstaat nederlands als ons stadig praat, dus de discussie gaat deels in het nederlands, engels en afrikaans. Hij zal  afspraken maken voor Jan met een diabetes specialiste in Pretoria en een oogspecialist in Ellisras. De medicijnen en toebehoren lijken hem geen problemen te gaan opleveren alhoewel het merendeel der Afrikanen nog gewoon met de pen insuline spuit. Jan z’n beten herkent hij zo. En zowel het verhaal van de giftige spin als de teek is waar. In Jan’s knieholte heeft de spin gebeten. Kun je gewoon niet voorkomen. Het is een roofspin die ’s nachts op jacht gaat en daarbij over alles en iedereen heenloopt zonder te bijten. Maar lig je in bed en ga je net verliggen als hij passeert dan bijt de spin uit zelfverdediging. Inderdaad cytotoxic gif en dus celvernietiging, maar het grootste gedeelte van de huid herstelt weer. En onder in het been inderdaad de tekenbeet met tekenkoorts als gevolg. Poortier constateert dat de ergste periode al weer voorbij is en Jan z’n glands (klieren) niet heel erg meer opgezet zijn, en antibiotica thans niet zoveel zin meer heeft. Wel een zalfje wat we bij de apotheek next door kunnen halen. De symptomen die hij opsomt komen ons allemaal verdacht veel voor.

 

We hebben het nog even over de slangen en schorpioenen. Slangen buitenhouden door middel van gesloten hordeuren, maar schorpioenen komen overal door/overheen als ze willen. De schorpioenen met dodelijk gif komen vooral in de desert-area’s voor, degenen die hier rondkruipen zijn weliswaar ook giftig, maar je gaat er niet dood aan. Wel gruwelijk pijnlijk als je gestoken wordt (uit verdediging als je boven op ze gaat staan) en hij beschrijft de symptomen. Vanaf het moment dat je denkt dat je doodgaat (hoge koorts, braken, opgezette klieren, ademhalingsmoeilijkheden en hartkloppingen) begint het weer beter te gaan zo doceert hij wijs. Maar schoenen te allen tijden uitschudden (ook als ze binnen staan) zo ook je lakens als je ’s avonds in bed stapt in z’n (bekende) advies.

 

Mijn vinger is nog dik van Taiga’s beet in mijn vinger bij de dierenarts toen z’n tanden een servicebeurt kregen. Nu bijna 6 weken geleden, maar het duurt nog maanden aldus Poortier voor dat weer weggetrokken is.

 

Na het bezoek gaan we naar de apotheek waar Jan alles laat zien wat hij aan medicijnen gebruikt. Alles wordt keurig opgeschreven of als voorbeeld achtergelaten. De apotheek belt later terug dat ze alles hebben behalve de slangetjes tussen de pomp en Jan z’n lijf. Ze hebben het webwerf (internet) afgezocht, maar Medimed wordt in S.A. niet ondersteund. Heel S.A. zit nog aan de pen, aldus de apotheek. Dat is dus niet waar, want dat hebben we in NL natuurlijk eerst uitgezocht. Maar wel lastig om het op te lossen wellicht.

 

Verder gaan we Vaalwater Besproeings vertellen dat het oplichters zijn met hun kwotasie voor de firefightequipment. Hans Vestjens immers heeft een jaar geleden ca. hetzelfde gekocht voor minder dan de helft. Dat is niet waar volgens VB. Dat moet Hans verkeerd onthouden hebben. Het is er zelfs goedkoper op geworden zo willen ze ons doen geloven. En dan het verhaal dat wanneer de farm affikt, je nog veel duurder uitbent. Maar dat hangt uiteraard van de te betalen verzekeringspenningen af. Ze kunnen Hans’ offerte niet meer vinden ten bewijze van hun stelling en anders moeten we Coetzier (de eigenaar VB) maar bellen om te kijken wat er nog mogelijk is.

 

Dan gaan we naar de buurvrouw van VB waar we de Honda-folder ophalen van de Quadbikes. Die van Yamaha had ze nog niet binnen had ze ons telefonisch al laten weten.

 

Bij het postkantoor nog steeds niet de post waar we op zitten te wachten, maar gelukkig hebben de giroafschriften wel hun weg naar Vaalwater gevonden. En VISA ook.  Ik had voor Dagmar en Willem trouwens etiketten achtergelaten met “retour afzender, verhuisd naar ….) Maar in plaats van retour te zenden, stuurt TPG (of hoe dat tegenwoordig ook moge heten) het gewoon door. En zo komt de verzendende instantie dus nooit ons nieuwe adres te weten.

 

De citrusfarm staat nog op het lijstje. De farm staat wel aangegeven aan de oude weg naar Ellisras, maar niet echt heel erg duidelijk. We rijden dus een weggetje in om het te gaan vragen. En daar tref ik een vriendelijke afrikaanse dikzak die zich gelijk voorstelt goeie middag, ek is Jan Botha. Hij verduidelijkt dat waar wij dachten dat de farm was niet links, maar rechtsaf hadden moeten slaan. Baie Dankie Jan, en weg zijn we.

 

Sproetenmeissie

 

Bij de citrusfarm ontmoet ik een heel blank meisje met sproetjes en lichtrood haar. Ze heet me hartelijk welkom in Vaalwater, en vind het verskiklyk dat zy my moet teleurstel want het seizoen begint pas per 1 april van elk jaar. Maar dan verkopen zij lemmetjies en naartjies. Ik geloof dat dat citroenen en sinasappels zijn. Het is een hele grote plantage met een dripsysteem van Vaalwater Besproeings. De bomen staan er keurig bij en er hangen nu nog grote groene ballen aan die hopelijk in sinasappels gaan veranderen.  Dus bij de Spar toch maar weer zo’n 2 liter karton met zogenaamd vers sap.

 

Jan drinkt veel melk, maar het hele koelvak staat vol met melk dat diezelfde dag uit de houdbaarheid loopt. En net zo als bij Appie Heijn  in Hattem gaat hij dus maar eens een kletspraatje houden met de tegenhanger van onze (voor de ingewijden) Hattemse Ronald van de Wal. Jan informeert naar hun houdbaarheidspolicy. Nou die blijkt dus duidelijk anders dan gepraktiseerd. De man vindt het allemaal erg vervelend, de melk wordt direct afgevoerd, maar Jan vergeet hem van het 35% kortingsysteem te vertellen. Dat wordt een volgende project!  Want dat kan veel kosten besparen. Beter een dag tevoren tegen 35% korting verkocht, dan de volgende dag weggekieperd toch?.

 

Intussen begin ik me steeds meer het probleem van de container te realiseren. Want de kans dat de truck tot aan het huis kan komen acht ik minder dan gering. Ik vraag Adèle Steyn (verhuizer) of ze niet een kleinere “van’’ kan meesturen om de laatste 2 K naar het huis te overbruggen, maar dat gaat ons veel geld kosten want niet in the quotation inbegrepen. Als het echt niet gaat lukken dan maar met onze eigen Bakkie, die van Brian en veel handen om de zaak gelost en op de plek te krijgen. De buren staan in ieder geval paraat, maar een gedoe wordt het dus wel.

 

Vrijdag 2 maart 

 

Elisabeth en Olivier hebben lang weekend dus vandaag al vrij. Met Sakkie en Abram wordt de komst van de container voorbereid. Het logeerbed uit mijn toekomstige kantoor, idem vanuit Jan z’n tijdelijke kantoortje, rest rotan bankstel van de bieb naar de stoep en de bank uit de woonkamer naar de bieb. Met veel handjes is alles in een mum van tijd gepiept. Bij gebrek aan Elisabeth moet ik dus zelf maar even de vloer dweilen waar de rietenmat lag. Daar komt een heleboel zand uit en de mannen denken dat er nog klontjes cement op de tegels zijn achtergebleven. Maar volgens mij is het gewoon 7 jaar lang ingedroogde hondekots of nog erger. Elisabeth heeft een zogenaamde mob om te dweilen. Wat zijn die dingen zwaar als ze helemaal vol water gezogen zijn. De hele emmer sop verdwijnt er bijna in. Maar het “cement” verdwijnt mede met de hulp van een scherp mesje.

 

Verder olie ik de twee eettafel krukken die tot nu toe door Jan en de boys als keukentrapje-opstapje-bokkie gebruikt zijn en daardoor lelijk gekrast geraakt. Maar tja, anders was er 4 weken nix gebeurd. En een lap teakolie doet wonderen. Ik doe er en-passant de voordeur ook maar even mee die daar geweldig van opknapt.

 

Jans’ workshop wordt nog aangesmeerd en op de ontvangst van z’n gereedschap voorbereid, Abram zet de vier “staanders”  in beton waar de composthoop moet komen. Allemaal materiaal uit het eerder rond het huis verwijderde hekwerk.

 

Met het zalfje van de dokter beginnen Jan z’n lelijke bijtplekken ook de goede kant op te gaan. Minder gillend rood dan voorheen. Maar ik moet hem er wel steeds aan herinneren: liggen en smeren. Z’n pensje begint ook een beetje te slinken tot mijn grote genoegen, maar hij vreest straks een hongeroedeem. 

 

De was wappert lekker aan de lijn en er drijven allemaal valse hoop wekkende donkere wolken over.

 

Het zwembad is ook weer beter, maar nu zitten we sedert 2 dagen zonder heet water. Niemand weet wat daar mee aan de hand kan zijn, tenzij de watertanks volledig leeg geweest zijn. Het systeem blijft namelijk gewoon verwarmen en zonder water brandt het dan door. Ik heb nix geroken (Jan haat mijn neus vanwege haar gevoeligheid voor allerlei met name onaangename luchtjes) en de tanks hebben in die tijd zeker niet droog gestaan. De geyser is boven de pantry (ja hoe verzin je het allemaal, we hebben een keuken, een scullery dat zoiets is als de waskeuken voor de meid, en een pantry waar de cola fridge o.a. instaat) gesitueerd en als je bad- of douchewater nodig heeft, moet dat 50 meter overbruggen. En zo sta je dus 10 minuten bij je douche op heet water te wachten. Dat moet in de nieuwe situatie dus ook anders, en ik geef dat nog even aan Bennie door.

 

Ik bel Bennie om te vragen of hij mijn e-pos (email) wel gehad heeft, want veel mensen krijgen kennelijk mijn berichten niet. Hij heeft het wel gehad en hij zit nog in z’n maag met de dakconstructie. Laat ik daar nou toevallig ook mee gezeten hebben. Volgende week hoopt hij mij een tekening te kunnen doen toekomen.

 

Andere bank, andere gewoontes

En verder pruts ik net zo lang totdat de twee electronische betalingen via internet met de Standard Bank gelukt zijn. Want allemaal net even anders dan bij de Postbank natuurlijk en bijvoorbeeld de NEDBank heeft 7 verschillende subcategoriën. En voordat ik er achter was bij welke Lephalale was ingedeeld, heeft mij 2 internet sessies gekost. Want de NEDBank Ellisras wist het zelf niet, en de makelaar ook niet. Dat was dus trial and error. Ze blijken bovendien beiden de verkeerde branche-code te hebben opgegeven.

 

Het is allemaal even wennen, want bij de postbank bijvoorbeeld krijg je een controle SMS met èn het bedrag èn een TAN-code. Bij SB krijg je eerst een SMS met een code en dan kun je vervolgens allerlei betalingen verrichten (totdat je aan je limiet bent) waarbij je de bedragen niet achteraf te zijn krijgt en dus niet meer kunt controlleren. Dat is dus extra opletten geblazen. Maar over een paar weken weet ik waarschijnlijk niet beter.

 

Zaterdag 3 maart.

 

Vandaag wordt het dus pakjesdag (waarschijnlijk tot aan de volgende Sinterklaas aan toe), maar of ik er blij mee ben? Met sommige pakjes wel, met andere zeker niet. In NL aan zwaar aan getwijfeld of het meemoest en nu week ik het zeker: NEEN!!!

 

Aankomst van de container

 

De container staat om 08.00 gescheduled, we rijden naar de poort, maar geen truck en we zijn onze cell’s vergeten. Nie zo handig dus. Ik blijf bij de poort en Jan gaat beide mobieltjes ophalen voor het geval het volk verdwaald is.  Om 09.00 wordt ik door een blanke afrikaan gebeld dat er pech-onderweg is en dat het later wordt, maar dat ze nu vanuit Vaalwater vertrekken en zullen bellen zodra ze bij de afdraai “Witkop”zijn. Maar Jan rekent uit wanneer dat dan zal zijn en we gaan wederom naar de poort, maar nog steeds geen truck. Zekerheids-halve vraagt hij me nog een keer of het wel een witte was die belde. Ja hoor, het was een witte.  Maar dan gaat de telefoon en belt er dus kennelijk een zwarte. Alle hoop wordt door Jan opgegeven, want ze zijn al veel te laat, dus het wordt gewoon nix meer. En in tegenstelling tot eerdere berichten vertrekken ze nú pas uit Vaalwater. Zie je nou wel wat voor onbetrouwbaar volk het is sombert Jan nog lekker verder..

 

We besluiten om ze maar tegemoet te rijden op de R33. Bij het kruispunt staan een paar swartmense te liften. Ik zeg even dat we niet naar Vaalwater gaan, en het dus geen zin heeft om ze in te laten stappen.

 

We rijden een paar kilometer waar ik geen cell-receptie heb, dus ook niet echt handig. In de buurt ban de Biltongshop gaan we in de schaduw staan wachten. Er komt een Mac-bak voorbij (een hele grote truck met oplegger), later nog een tweede. Maar dan uiteindelijk doemt er iets op in de verte dat onze truck zou kunnen zijn. Helaas, hij is niet groen. Want de onze was groen weet Jan absoluut zeker. Ik heb helemaal geen herinnering aan de kleur, maar als de truck met 40ft container voorbijrijdt, en ook nog van Stuffertford is, dan kan het toch nauwelijks iets anders zijn dan onze container niet? We gaan er achteraan, de chuffeur heeft het gezien en stopt. Ja hoor, het is natuurlijk onze container en het gele seal completteert mijn overtuiging. Wat blijkt nou het geval.

 

De truck mankeert helemaal nix, maar had nog een kleinere “van” bij zich met nog meer mensen om te helpen. Laat dit kleintje nou bandenpech krijgen, en dus moesten ze in Vaalwater op Dunlop wachten  om het euvel te verhelpen. De chauffeur is roetzwart en zijn medemense ook. De chauffeur heet Elias, hij rijdt achter ons aan tot de afdraai Witkop. Daar laat hij de truck met personeel acher in afwachting van de komst van de kleinere “van “ . Hij verkent met ons de weg naar het huis, maar wat hij ook ziet: geen problemen, behalve wat  takken die gekortwiekt moeten worden. Nou was dat toevallig ook al ons plan en dat wordt nu gewoon wat eerder uitgevoerd dan gepland. Alleen de laatste 200 meter naar het huis ziet hij als problematisch. Nou daar hebben we dan het kleine vannetje voor.

 

Uiteindelijk arriveert de stoet om 11.00 ipv 08.00 bij de westgate met een truck waarvan de achterwielen niet meedraaien hetgeen de draaicirkel voor zo’n bakbeest aanzienlijk vergroot aldus Jan. Nou hij heeft helemaal buiten de waard gerekend.

 

Bij de staffquarters stap ik uit om Sakkie en Abram te vragen te komen helpen, en loop met hen voor de truck uit. Het is inmiddels een hele stoet geworden, want ook het volk van Brian is inmiddels gearriveerd. In totaal hebben we nu 12 man om ons heen, en later kom Maria (maid van Pat en Brian) nog aanlopen. En ook zij verleent hand-en-spandiensten.

 

De Panga wordt hier en daar gebruikt en tot mijn verbazing besluit de chauffeur tot aan het huis door te rijden. Edoch, 50 meter voor het huis ligt er een kei die volgens mij met de kern van de aarde verbonden is. Maar met z’n twaalven lukt het ze na een half uur prutsen om die kei te kantelen. Echt een godswonder en wat een doorzettingsvermogen. Ik vertel hen wel dat nu m’n hele tuin verruineerd is, maar of ze dit soort humor begrijpen? Ik vrees van niet. Ik zeg tegen Sakkie,  jy maak dit morre weer reg Sakkie? Grotere glimlachen dan voor dit soort opmerkingen zijn er echt niet. Het is echt geen grapje, een steen van zeker 1500 kg die daar sinds mensenheugenis gelegen heeft. Geen onvertogen woord, gewoon schouders eronder en prutselen met materiaal dat ze op het terrein vinden (bijv. De staanders van het afgebroken hekwerk) tot het klaar is.

 

Bij het huis zelf gaat de chauffeur keren om de achterkant voor de deur te krijgen. Ook dit vereist nog de nodige aanpassingen voor aanwezige keien en een net door Lesley geplant boompje moet het helaas ontgelden.

 

Het zegel kan verbroken!

 

Maar om 12.30 is het dan eindelijk zo ver. Het zegel kan verbroken (moet natuurlijk gefotografeerd) en de boel uitgeladen. Met z’n twaalven gaan ze de container lossen, we proberen het zo goed mogelijk te managen, maar de vrijwilligers kunnen niet lezen. Dus als er iets door ons ongelezen doorheen glipt komt het pardoes op de verkeerde plek. Het zal mij dus benieuwen wanneer ik mijn bergschoenen terugvindt. Want alle boeken gaan ongeopend naar “door nr. 3” en daar zitten dus ook andere zaken tussen. Zo is mijn spiraal pikpoten, terwijl hij wel op de lijst is afgevinkt. Staat dus in het gastehuis. En mijn bureau blad ook weg: staat in de garage. En helaas vallen er ook slachtoffers te betreuren. Mijn kostbare klok is ondanks z’n kistje kapot, en Trix is buiten haar passepartout gezakt. Mooie grote Japanse Azaleapot stuk en twee ingelijste overleden poezen ( Dugas en Raisha). Maar niet alles is uitgepakt dus er kunnen nog meer brokstukken opduiken, maar alle serviesgoed is heel overgekomen en de kunstwerken ook.

 

Ik heb foto’s gemaakt van het gemier van de chauffeur, maar wat hij met zo’n truck kan is echt ongelofelijk en hoe hard zijn mensen en de vrijwilligers gewerkt hebben is bewonderens-waardig. Jan moet dus al z’n vooroordelen opnieuw weer geheel herzien en deelt dan ook royale cijfers uit op het evaluatie formulier en de vrijwilligers krijgen R100 p.p. te weten het zaterdag-overtime-tarief. En terecht. Deze dag heeft ons 8 literpakken melk gekost, 8 liter cola en sprite, 2 zakken appels, 3 liter fruitsap, en Ine c.s. d’r  zak met typisch holland-se boterbrokken. Aan het drop ben ik zelf begonnen. Heerlijk hoor meiden! Want ook die spullen zijn uitgepakt. Een survivalpakket met typisch hollandse snoepjes, Karnemelkzeep, een boterhamtrommeltje, theebekers, een leesbrilletje, boekje met opbeurende woorden, leeuwtje, placemats, en dat alles in Oranje, met hollandse taferelen, ingepakt in een oranje rieten (mogelijk oorspronkelijke schoenpoets-) mandje van Ine. En natuurlijk een kaart met de liefste hartverwarmende woorden die je maar kunt verzinnen. This is not the end girls!!

 

Het huis is trouwens een chaos en de workshop zo mogelijk nog meer. Jan rijdt en-passant een deuk in de bakkie. Een van diens prerogatieven op autogebied. Op een steen die daar al die tijd al heeft gelegen, maar kennelijk even vergeten. We werken ons het apezuur en pas tegen zondagavond heeft een groot deel van in ieder geval het bed en het bankstel in het huis een nieuwe bestemming gevonden, maar lang niet alles. Het huis is veel te klein zo blijkt.

 

Zondag 4 maart

 

Het is dus weer de hele dag aanpoten geblazen, en alles in de keuken lijkt nu een onlogische plek te hebben gevonden. Tja, wie zo iets heeft uitgevonden? Maar dat gaan we dus tzt wel veranderen. Ik vind onze eigen hoofdkussens weer, Taiga kan z’n ogen en neus niet geloven, en aan het eind van de middag toch maar een rukkie zwemmen. Daarna nog een gamedrive maar thans per mountainbike!!!!! En dan blijkt hoeveel dik rul zand we hebben. Dat wordt dus even wennen om daardoorheen te ploegen. De fiets staat even in de kluis, want er zitten nog geen deuren voor de workshop. Moeten er toch echt heel snel komen want elke dag komt er wel een groep Bobbejanne langs en die jatten alles wat los en vast is. Vanochtend zaten ze dus ook weer heel dicht bij en een kabaal dat ze kunnen produceren. Of het oorlog of gewoon spelen/groepsgedrag is, zijn we nog niet achter. Maar net zo iets als op Animal Planet dus.

 

Jan z’n lelijke bijtplekken zijn bijna helemaal over. Een wonderzalfje van de apotheek dus. Maar het valt hem allemaal niet mee wat z’n lijf niet meer kan ten opzichte van his thirties and forties.

 

Maandag 5 maart

 

Abram meldt dat z’n broer is overleden. 65 jaar oud en ernstig ziek. Op die leeftijd zal het wel geen AIDS geweest zijn. Abram komt uit een gezin van 12 en moet de begrafenis voorbereidingen regelen. Hij vraagt om R 200 voorschot ivm te maken begrafeniskosten. Dat kun je moeilijk weigeren nietwaar. Ik informeer waar hij conform de wet recht op heeft: één dag betaald verlof, maar hij mag 2 extra dagen vrijnemen op eigen kosten.

 

We hadden het de staff al gemeld, als de container komt, gaan we over op plastic bakkn voor de kos. En als je ze vergeet, dan geen kos. De eerste keer gaat faliekant mis, maar ze krijgen géén kos. Morgen als ze de box meebrengenen ze begrijpen het maar al te goed. Want vanaf dat moment gaat het niet meer mis.

 

 

Het fietsplezier is een kort leven beschoren geweest want lekke voorband. Maar ik heb voorlopig toch geen tijd om te fietsen, want de komende dagen is het elke dag pakjesdag. Jan bekommert zich vrijwel uitsluitend over z’n workshop, ik doe de rest wel. Ér bellen steeds meer mensen die een fax willen sturen met papieren voor de verzekering, voor de telefoon, voor SEESA, de architect etc. Maar hoe ik ook zoek: geen fax te bekennen. Ik vind hem uiteindelijk dinsdagavond laat. Jan rijdt nog een tweede deuk in de bakkie. Wederom op een niet-over-het-hoofd-te-ziene-kei. Ik stel voor dat we de deuken niet laten repareren omdat we in het tempo waarmee ze gecreërd worden niet bij te houden is, laat staan te betalen.

 

De eerste reservering

 

Jules laat weten dat z’n zoon Jim mijn dagboek min of meer ook verslonden heeft, dat Jim Africa ook geweldig trekt, met de vraag of Jim de eerste 3 weken van juli dit jaar kan komen logeren/werken. Hij is meer dan hartelijk welkom laat ik Jules weten want we hebben voor nog wel 100 jaar werk/klusjes. Mijn kantoor is inmiddels ook op orde, nog slechts één doos waarvan ik zeker weet dat hij tijdens mijn leven waarschijnlijk niet meer heropend wordt (jeugdherinneringen van eigen geborduurdje-lagere-school-kleedjes, mijn eerste gebreide poppenjasje, souveniertjes etc)j. Alleen het poëzie-album houd ik erbuiten.

 

De computer doet het ook weer, maar de printer krijg ik met geen mogelijkheid met de computer aan het communiceren. …..Tig keer printer verwijderd en opnieuw geinstalleerd, maar niets helpt. Ook het ingebouwde “probleemoplosprogramma” laat weten geen uitkomst te kunnen bieden. Ik mail Bert Jan, maar krijg helaas geen reactie. 

 

Woensdag 7 maart

 

Nu ik de fax gevonden heb, moet deze natuurlijk onmiddellijk aangesloten. Wat ik ook probeer, het ding wil niet. Maar na een uur prutselen en niet al te net taalgebruik, krijg ik het ding toch aan de praat. Opdracht nr 1 is de CC gegevens naar het Telkom-office om de rekening op onze naam te krijgen. De snelheid is echter zo beperkt dat ik maar 1 kantje A4 per keer kan faxen en steeds opnieuw moet inbellen. En het kost dus even voordat je dat in de gaten hebt.  Maar uiteindelijk meldt Telkom Elise dat ze alle nodige pagina’s heeft ontvangen. Ik ontvang later een betaalinstructie per fax, en pas als ik het betaalbewijsje of het nummertje ervan doorfax, krijgt de naamswijziging naar onze CC z’n beslag.

 

De fax werkt dus, maar wel over de telefoonlijn. Ik moet dus steeds switschen en ook dat is geen sinecure want het kontaktdoosje zit achter het koelkastje in het  onderste verste hoekje van het barretje. Ik had de koelkast er dus al uitgetrokken, maar nu blijkt ook het (overigens identieke)  piemeltje van het faxsnoertje helemaal in het kontaktdoosje te verdwijnen zodat je steeds een schroevendraaiertje nodig hebt om het er weer uit te krijgen. En het is of de duvel er mee speelt, maar de mensen die willen bellen, komen op de fax, en de mensen die willen faxen komen op de telefoonlijn. Ik ren me de hele dag een breuk naar de koelkast en het snoertje-verwisselen. Aan het einde van de dag ben ik 4 faxen en 4 nog meer verplichtingen om na te komen rijker.  Maar verder gaat alles goed hoor!!!!!

 

M’n “Bokkies” hangen ook weer (de prachtige kunstwerken van Annemiki Bok), in mijn studeerkamer inclusief de lichtjes, in de slaapkamer zonder, want de lichtjes zijn nog steeds zoek.

 

Regen!!!

 

Diezelfde avond begint het tot onze vreugde te regenen, maar de vreugde is van korte duur: slechts 15 mm. Jan is de volgende dag in Ellisras en het gesprek van de dag in elke winkel is: did you get rain? How much? Een soort compitie wie hier de meeste regen krijgt. 15 mm is veel te weinig en heeft geen enkel effect.

 

En intussen verliezen we welke dag zo’n 20.000 liter water en god mag weten waar het blijft. Steeds komen we lekken tegen, maar vervolgens duikt er ergens anders weer een ander op zodra er iets gerepareerd is. En we zitten dus al geruime tijd zonder heet water want de geyser heeft het begeven.

 

Verder heeft Jan eerder deze week bericht gekregen dat zowel zijn pa als ma in het ziekenhuis zijn opgenomen maar de wat er nou precies aan de hand is???? Er wordt dus heel wat afgebeld met NL en ik moet maar gaan kijken of er tickets  at any time beschikbaar zijn. Geen enkel probleem en goedkoper dan vanuit NL.

 

Jan z’n ma is 88 en pa 86. Ze leven in geleende tijd aldus hun huisarts maar dat maakt het gevoel en de emotie van de kinders, kleinkinders en achterkleinkinders natuurlijk niet anders. Ze zijn allemaal stuk voor stuk dol op hun (over-)grootouders.

 

Donderdag 8 maart 

 

Het blijft maar pakjesdag maar inmiddels begrijpt Jan dat het met z’n pa en mam minder ernstig is dan zich aanvankelijk liet aanzien. Hij kan ’s middags zelfs met z’n pa bellen die alles veel te rooskleurig ziet. Denkt dat hij mam weer zelfstandig thuis kan gaan verplegen. Nou beter dan treuren en somberen, maar dit is ook niet goed.

 

Abram is sinds woensdag richting Ellisras om de funeral voor te bereiden nadat hij R 200 heeft geleend bij wijze van voorschot.

 

Ken laat weten dat hij maandag en dinsdag a.s. het fieldassessment komt doen. Ik moet dus als een hazewindhond één van de gastenkamers weer ontruimd zien te krijgen die nu nog uitpuilen van de kartonnendozen. Maar goed ook, want anders staan ze er over een jaar nog.

 

Bennie faxt me de tekening met vragen voor de badkamer door, en de rest van de staff laten weten dat ze vrijdag  om een uur of 3 richting Ellisras gaan om hun collega Abram bij te staan bij de begrafenisaktiviteiten. Dat doen ze in hun eigen tijd want geen familie.

 

 

 

Je ogen uitkijken!

 

Onze staff komt ogen te kort om alle huisraad die wij blijken te hebben te bekijken. Zelfs hebben ze nix en wij komen om in overdaad aan alles. De jongens zijn heel verlegen, maar Elisbeth vraagt honderduit. Hoe alles werkt, en de Dyson (stofzuiger) is het helemaal. Maar ook het electrische bed en de Kerst-engels met roulerende lichtkleurtjes zijn een attractie. Ons Plasma flatscreen staat een poosje in de huiskamer want we hebben de poot nog niet gevonden. Had ze nog nooit gezien, en dat dat een TV kan zijn?????  En mijn glazen vitrine kasten met prullaria. Zo baie baie mooi en zo baie as ek hom gepak het!

 

Alles wat ik haar 1x laat zien, doet ze de volgende keer keurig na. Maar ook wat ze niet vraagt komt keurig op z’n plek terecht. Gewoon alle kastje open, kijken en vergelijken en het komt goed. En nu ze een strijkplank heeft worden zelfs de onderbroeken en sokken gestreken.

 

Donderdag 8 maart 

 

De staff van Brian is eindelijk naar hun nieuwe woonbestemming vertrokken en ik had me voorgenomen eerst op dat moment naar onze eigen staff quarters te gaan kijken. Een nederlands varken zou zich te goed voelen om daar z’n intrek in te nemen. Geen wonder dat Elisabeth (spokeslady of the staff) daarover nu al ruim 4 weken klaagt. Nu waren we toch al van plan er iets aan te gaan doen, maar de noodzaak daartoe is hoog. Kamertjes van 3x4 met een golfplaten dak op sta-hoogte en toilet/douche (wat daarvoor moet doorgaan) aan het einde van het blok. Diep en diep treurig. Tot mijn schrik zie ik dat de lege olie-drum inmiddels weer rechtstreeks op de grond staat, en ik zeg dat dat niet reg is en dat het onmiddellijk moet worden veranderd. De volgende dag staat hij én op stenen én met een extra oliedrum eronder.

 

Letty komt  tussendoor langs met de telefoonrekening waarvan ik me een hartverlamming ga schrikken. Maar eerst moet de nieuwe inrichting bewonderd. Ze is helemaal weg van de “Bokkies”, maar tja die zijn dan ook beeld en beeldschoon. Those colors: exactly her colors. De oh’s en ah’s  zijn niet van de lucht, maar dat hoort een beetje bij Letty.

 

De telefoonrekening is alles behalve om van te schrikken en ik kan me niet voorstellen dat het goed is, maar alla. Ze belt haar zoon nog even voor mij om achter adressen voor fancy stores in Pretoria te komen wat bathroom en kitchenstuff betreft, kwek kwek kwek en weg is ze weer.

 

Nu we toch al verf gekocht hadden besluiten Jan en ik om de staff vrijdag hun staffquarters grondig schoon te laten maken en met verven te beginnen. Jan brengt de verf naar hen toe, maar niemand thuis. Ze zitten bij Maria nog bij te komen van spullen die wij uit NL hebben meegebracht. Jan neemt alles dus weer mee terug.

 

Afblijven!

 

Elisabeth heeft voor de zoveelste keer haar zorg over de kleding uitgesproken en ik vertel haar een heleboel nooit meer te zullen dragen. Nou dan moet ik dat maar verkopen en zij is daar gaarne toe bereid. Ze neemt de zooi mee naar Ellisras, belangstelling genoeg. Lijkt me een goed plan en zij krijgt een percentage van de opbrengst. Maar o wee als ik maar naar Jan z’n 30 jaar lang ongedragen overhemden wijs. AFBLIJVEN!!!!!!! Mijn schoenen passen Elisabeth niet en daar baalt ze van als een stekker. Ze heeft me eerder al gevraagd om advies hoe af te vallen, want ze wordt te vet. Maar de schoenmaat zal daardoor niet veranderen. Ik heb een paar bodywarmers waarvan ik het bij het idee alleen al spaans benauwd krijg bij deze temperaturen, maar zij weet wel beter: heerlijk voor in de winter. Ze mag mijn zooi hebben hoor, maar de mannen kijken afgunstig toe want Jan wil werkelijk nix afstaan ondanks het feit dat hij 95% van wat hij heeft meegebracht gegarandeerd nooit meer zal dragen zo hij het al droeg.

 

De staff heeft hun kwartier schoongeboend, de douche is gewit, maar dat moet zeker nog wel 2 keer want de muur schijnt er nog steeds doorheen. Zaterdag gaan ze enthousiast verder, maar nu eerst naar de funeral-dinner-party. Heel veel mensen, samen eten koken, tot de volgende ochtend 07.00 uur zingen en daarna om 07.30 uur wordt het lichaam aan de aarde toevertrouwd en gaat ieder weer zijns weegs. Ik breng ze even naar de Tarroad waar ze verder zullen liften. Ze hebben hun beste kleren aan en om dan over zo’n zandsweg te moeten banjeren met je goeie goed vind ik sneu. Elisabeth heeft mooie witte elegante teenslippertjes aan, een bruinig gebloemde rok, en rood/wit gestreept colbertje en een wit hoedje. Ik zou de combinatie niet verzonnen hebben, maar zij vindt het kennelijk een zeer geslaagde. Ik wijs haar nog even op de verf die nog op haar dikke zwarte kuiten zit. Mevrouw gaat voorin de bakkie zitten, Sakkie en Olivier conform goed gebruik achterop.

 

Ik heb een plannetje voor andere stafquarters ontwikkeld. En wel in de grote workshop waar Jan nimmer iets zal gaan doen omdat hij 2 km van het huis staat. Ik ga de ruimte opmeten en er kunnen prima 4 appartementen in gecreerd, met aan beide zijden een stoep van 4 meter en het natte gedeelte centraal zodat er slechts over één lengte leidingen en afvoeren gecreëerd hoeven te worden. Water en electriciteit zijn ook al aanwezig vanwege het naastgelegen slaghuis.

 

Zaterdag 11 maart 

 

Lesley belt that the’re up here en nodigt ons op de koffie, want George heeft een nieuw element voor de geyser gekocht. Het wordt een korte visite want ik moet boodschappen doen en naar het postkantoor dat wellicht om 12.00 uur al dicht gaat. Ik ga alleen. Want we hebben geen oppas tegen de baboons en Jan werkt liever verder in z’n workshop. Voor het eerst ga ik dus alleen met de bakkie op stap en aan de verkeerde kant van de weg rijden. Nu heb ik dat al vaker gedaan, maar dan was er altijd een extra paar ogen aanwezig.

 

Onderweg neem ik een lifter mee en rij geheel ontspannen naar het Postkantoor. De gezellige dikke zwarte mevrouw heeft weer dienst. Altijd een hoedje op en ze neemt de betalings-instructie blijmoedig in ontvangst, trekt ergens een streepjescode (die van Telkom zo blijkt) uit een laadje, vult de gegevens in, en klaar is Kees. Ik krijg de kassabon die ik naar Elize moet faxen. In de postbus blijkt een aangetekend stuk te zitten, dus ik moet weer naar de dame terug. Het grote boek wordt tevoorschijn gehaald, mijn ID moet ingevuld, handtekening gezet, paspoort getoond en dan is het stuk van mij. Is het applicationform van SEESA dat ik reeds eerder per fax kreeg, maar nog niet aan toegekomen was.

 

Built-It heeft geen ronde kwasten en de verf lijkt helemaal nergens op. Dan naar naar de NTK, maar de meeste winkels blijken om 1200 uur te sluiten. Pech, dan maar naar de Spar. Daar loop ik de eigenaar tegen het lijf van de Vaalwater butchery shop die mij zalm beloofd heeft. Ik vraag hem waar de zalm blijft, maar die blijkt al gearriveerd. Het winkelmeissie heeft wel een keer de landline gebeld, maar niet mijn  mobieltje zo verontschuldigt ze zich later. Ik neem twee porties mee, als try-out. Kost R82,00/kg, dat is nog eens wat anders dan bij AH. Maar mogelijk smaakt het ook nergens na.

 

In een uur ben ik klaar met de boodschappen. Met Jan erbij kost dat meestal het dubbele want die kan uren treuzelen bij alle lekkere dingen die hij in een winkel tegenkomt. Tenzij hij net gegeten heeft, dan gaat het veel sneller.

 

Je geluk niet opkunnen

 

Ik ga naar weer richting huus. Het is erg rustig op de weg en ik voel me intens gelukkig. Ik realiseer met nu pas echt hoe doodongelukkig ik de laatste jaren in Nederland was. Totaal verrommeld, dichtgebouwd, dichtgeslibt, geen oog voor natuur meer, de zinloze kostbare procedures om wat kleine natuurgebiedjes te redden. Allemaal tevergeefse moeite. Om over de bevolking en aanvankelijke walgelijke politieke correctheid met betrekking tot bepaalde bevolkingsgroepen nog maar niet te spreken. De weinige lichtpuntjes die er waren waren de bezoekjes aan Saskia en Aldert. En de contacten met Everdina. En onze lieve buren natuurijk niet te vergeten. Heel wat mee afgelachen en gedronken. En die lieve Smeenken altijd zonder morren op aanvankelijk Dugas, Castor en Raisha, en sinds de laatste 5,5 jaar alleen op Taiga gepast. Zoiets moeten we hier nog maar zien te vinden/regelen. Maar verder interesseerde me eigenlijk helemaal niets meer, had ook nergens meer energie voor en/of zin in. En een werkelijk pokkehekel aan boodschappen doen. En zelfs dat is opeens leuk. Ik sta versteld van mezelf.

 

Op de heenweg trof ik een doodgereden (ik denk een grote banded) mongoose, maar aan de verkeerde kant van de weg om te stoppen. Die ga ik dus nu maar even aan de kant trekken want ik vind het zo lukkig als zo’n beest nog verder aan baggels wordt gereden. Doodzonde en op het eerste oog nog puntgaaf. Zeker net een klap tegen z’n kop gekregen of zo.

 

Nadat alle boodschappen zijn opgeruimd gaan we proberen om de geyser te repareren. Die staat dus boven de scullery waar je met een trap naar toe moet. Hij staat ongelofelijk onhandig gesitueerd en met lekbakjes en slangen moeten we eerst het water er maar uit zien te krijgen. En vervolgens het element eruit dat helemaal kromgetrokken is. Alsof je aan een kind zit te rukken dat door een veel te nauw geboortekanaal geboren moet worden, maar niet meewerkt. Eindelijk is het eruit na veel geprutsel, het nieuwe wordt erin gedraaid en god-zegene-de-greep. We laten het systeem weer vol water lopen, maar Jan durft er nog geen spanning op te zetten. Eerst veiligheidshalve nog maar aan George vragen. We moesten toch nog even terug, want het gesprek van vanochtend was nog niet af en  ik moet nog even over de bushtents en het bouwteam voor de badkamer praten.  En voor we het in de gaten hebben is het alweer 20.00 uur en gaan we richting huis. De zien Kudu’s en een kudde Blou Wildebees en een hele grote witte uil. Zo’n Harry Potter type. Eerder die dag heb ik leopardtracks langs het huis gezien. Dus dat we Taiga ’s nachts binnenhouden is meer dan terecht.

 

Zondag 10 maart 

 

We moeten de bed-hoofd-plank maar eens gaan installeren vinden we. Dat wordt een hele heisa want de plank is 60 cm breed en bijna 4 meter lang en weegt als dieplood. Er moet sowieso een stuk af van 25 cm en bovendien inhammetje gemaakt voor de bedpoten. Een karwei waar wee vervolgens 4 uur mee bezig zijn en de stofzuiger zich overeet aan het stof. Maar uiteindelijk ligt hij dan en volgt de onmiddellijke inspectie door Taiga. De plank wordt goedbevonden en Taiga vertrekt conform dagelijks ritueel naar buiten. De slaapkamer is nu weer een copie van Wapenveld (vernieuwers dat we zijn!) behoudens dat nu het rode “Bokkie” in de slaapkamer hangt ipv van de gele. Gewoon omdat in de huiskamer er niet zulke grote witte muren zijn waar de rode het beste op uitkomt, en in de slaapkamer wel. De gele hangt nu in mijn werkkamer.

 

Verder houd ik me bezig met het vervolmaken van de guestroom omdat Robyn en Ken morgen komen.

 

Aan het einde van de middag na een frisse “duik” nog even naar de wildsuiping om te kijken of daar nog wat te beleven is. Ik klim nu maar eens in de hoogzit en na 10 minuten hoor ik hoefgetrappen van iets zwaars. In beeld verschijnt meneer Eland Antilope. Hij loop direct naar de liksteen en begint te likken. Daarna volgen 4 vrouwtjes en 1 kind. Een van de vrouwtjes kijkt mij recht aan. Ze ziet me niet maar ruikt me wel. Ik blijf een poosje doodstil zitten, maar om 18.45 moet ik echt naar huis om voor ’t donker thuis te zijn. Ik zal de weg wel vinden, maar heb geen lamp bij me en je loopt altijd de kans op een slang te trappen. Ik klim weer uit de hoogzit en de Elanden gaan er als een raket vandoor. Elanden kunnen tot 1000 kilo wegen en gemakkelijk over een fench van 2,1 meter springen. Ons fench is trouwens 2,4 meter hoog.

 

Maandag 12 maart 

 

Fieldassessment

 

Robyn en Ken arriveren tegen 11.30 en hebben Jenna, hun 6 maanden oude dochtertje bij zich. Dat brengt dus een complete volksverhuizing met zich mee. Nadat we wat bijgekletst hebben, koffie gedronken etc, gaan Ken, ik en Abram met Ken’s bakkie het veld verkennen. We gaan naar de rivier en ik druk Abram steeds op z’n hart om goed naar Ken te luisteren. Want de bedoeling is dat hij er wat van opsteekt en met de informatie daad-werkelijk wat gaat doen.

 

De farm is grotendeels een zogenaamde mixed broadleaf farm, maar toch met 3 verschillende soorten eco-zones naar mate je naar het riviertje rijdt. Dat kun je bijv. aan de bomen zien. Verder veel sporen waaronder een paartje bruine hyena’s, maar ook African Wildcat. En natuurlijk de beesten die we zelf al hadden gezien. De grassoorten worden geinventariseerd, zo ook de bomen, aan de hand waarvan Ken kan uitrekenen wat de carring capacity van het veld is en welke beesten het op de beschikbare voedselbronnen het best doen. Want ondanks het feit dat je farm volstaat met op het eerste oog sappig groen gras of de mooiste groene blaadjes, kunnen deze toch inpalatable (niet te vreten/verteren) voor je beesten zijn. Er worden soms beesten gevonden die er op het eerste oog vet en gezond uitzien, maar toch de hongerdood zijn gestorven. Hebben dan bij gebrek aan voer toch dat inpalatable spul gevreten dat ze niet konden verteren en wat de uiterlijke vette gezonde schijn desalniettemin ophield.

 

Ken laat Abram de sporen zien, doet voor hoe je een kromme staander in een gamefench gemakkelijk weer recht kunt krijgen, doceert dat je niet bang moet zijn voor slangen als je maar bepaalde voorzorgsmaatregelen neemt (normaal gesproken maakt de swartmens alle slangen dood omdat ze er heilig van overtuigd zijn dat elke slang het op hen voorzien heeft) etc. Maar dat is nou juist zo’n punt: die ochtend is de composthoop gereed gemaakt, en Jan zegt Abram dat het uit de brandgang verwijderde  gras daar in moet. Jan doet het zelf voor: graait de grashopper bijeen in gooit deze in de compostcontainer. Abram graait vervolgens de tweede bundel bijeen en grijpt in een slang. Echt zo onoplettend van Jan en Abram doet het kunstje van z’n baas trouw na. Abram molt het slangetje. We laten de dode baby aan Ken zien, en deze constateert dat het een black mamba is. Dat mams normaals gesproken 12 eiers legt, en er dus nog 11 andere babietjes rondkruipen! Altijd een riek gebruiken dus in dit soort gevallen.

 

Ken legt intussen uit dat wanneer Abram walks the fench (moet elke 2 weken gebeuren om te kijken of er gaten of beschadigingen zijn) hij gelijktijdig andere data moet verzamelen. Als hij beesten treft, waar, hoeveel, hoelaat, mannetje, vrouwtje, kind etc etc. en dat wanneer je dat consequent doet, je daar trends uit kunt afleiden. Bijvoorbeeld over de migratie op je farm (hoe bescheiden ook bij 787 ha) , de fertility, de samenstelling van groepen etc.

 

Ook een lesje wildsuiping aanleggen and to attract animals. Als je je leopards echt wilt zien, dan begin je met een toch al dood beest (rooibokkie oid)  in de boom te hangen en je auto er onder te parkeren. Maar zelf ga je naar huis. De volgende keer blijf je in je auto zitten en ga je engelengeduld zitten oefenen, de derde keer rijdt je de auto een stukje dichter naar de boom while the leopard is feeding etc. zodat de leopard er aan gewend raakt en niet meer onmiddellijk op de vlucht slaat.

 

Het aanleggen van de brandgangen waarmee we begonnen zijn kan Ken z’n goedkeuring wegdragen. Want als er brand ontstaat is het veelal  een uphill fire dat z’n weg omhoog raast (zie lesje Hans Vestjens) en is er toch geen houden aan mits je een brede brandgang hebt rond je huis waar je een zogenaamde (gecontrolleerde) backburn kunt beginnen. En als de twee vuren elkaar dan uiteindelijk ontmoeten hebben ze beiden geen voedingsbodem meer. Dure ingewikkelde fire fighting systemen op een bergachtige farm als de onze is een waiste of money. Water backpacks en iemand die je grasdak nat houdt is all that matters. Vaalwater besproeiings kan dus het dak op wat mij betreft met z’n dure kwotasie. However, Jan gelooft het verhaal niet kan zich de werking ervan niet voorstellen en gaat waarschijnlijk toch voor Vaalwater besproeiings overstag.

 

Rotational burning heeft volgens Ken ook niet zoveel zin, want je kunt er vergif op innemen dat in een tijdsbestek van 5 jaar je farm toch een keer in brand staat. Als was het maar door blikseminslag. En vuur is gewoon goed voor je farm omdat de jonge korte grassoorten dan weer een kans krijgen. En waarop bijvoorbeeld door  Blou Wildebeest gefourageerd wordt. Daarom zie je ook vaak Zebra’s en Blou Wildebeest met achter elkaar fourageren. De Zebra’s zijn niet zo kieskeurig en selectief, eten het langere gras en de  BW’s volgen daar direct achter om het korte (totaal ander type) gras te eten.

 

Jan krijgt nog wat wijze lessen over vuilverbranding en dat is niet bepaald op de (door mij reeds afgewezen) manier zoals Jan voor ogen stond.

 

’s Avonds begint het opeens te regenen, maar slechts 8 mm, dus niet de moeite waard. Wat wel grappig is trouwens: er staan een heleboel dode bosjes op onze farm. Ken vertelt dat wanneer je deze een nachtje in het water zet, ze de volgende ochtend weer groen zijn. We kunnen dat nauwelijks geloven, maar inderdaad: de volgende ochtend zijn ze groen. Zo ook die op het terrein van een klein buitje regen.

 

Jan vertelt tussendoor er de pest aan te hebben dat hij het personeel niet verstaat als ze onderling met elkaar praten. Ze praten Tswana. Leer gewoon elke dag een woord, aldus Ken, want hun vocabulaire is niet zo groot en dan pik je zo nu en dan toch wat op.

 

Dinsdag 13 maart 

 

Het ontbijt is om 07.00 gepland, maar Ken heeft dan al een wandeling achter de rug en de diverse grassoorten liggen op tafel reeds uitgespreid met de toepasselijke literatuur erbij.  We blijken de essentiële grassoorten te bezitten, maar ook boom-species waar Kamelperde op kunnen fourageren. 1 bull en 2 females kan helemaal geen kwaad om mee te beginnen, maar meer dan 10 moeten het er niet worden. En dan bij voorkeur Giraffes uit deze omgeving die aan het klimaat etc hier gewend zijn.  Want elk ecosysteem heeft zo z’n eigen eigenschappen. Een giraffe uit bijvoorbeeld Kruger zal het hier niet doen omdat hij bijv. antistoffen heeft opgebouwd tegen de teken-species in het Kruger lowfeld, en dan dus absoluut niet tegen de locale tekensoort hier is opgewassen.

 

Wij krijgen nog een heleboel nadere nuttige tips en suggesties waarna de karavaan weer richting Dullstroom verdwijnt. Elisabeth ruimt alle rommel op, want wij moeten naar Vaalwater om Jan z’n autopapieren op te halen welke Gerard uit Joburg heeft meegenomen. De papieren zijn lang onderweg geweest, maar uiteindelijk zullen we ze dan toch gaan krijgen. De ontmoetingsplek is Big 5 restaurant in Vaalwater. Daar staat een Kololo auto en Carla zit ook op Gerard te wachten. Normaal brengt Gerard gasten voor Kololo, maar nu toevallig de vriendin van Carla die op Kololo werkt. We kletsen wat, ze is net naar Tuli-Block in Botswana geweest, en na 20 minuten verschijnt ook Gerard. Carla gaat er onmiddellijk vandoor want zij moet weer aan het werk.

 

Jan vraagt aan Abram hoe een boom in ’t Tswanees heet. Setari zo blijkt.

 

Gerard en Jan eten een hamburger en zie ik alweer een bekend gezicht aan komen. Het is Marie Lessman, real estate agent (en buurvrouw van Monique en Hans Vestjens) waar we ook mee op stap zijn geweest op zoek naar een farm. Ze komt er ook gezellig bijzitten en groet de mensen aan een naburig tafeltje. Blijken de mensen (Maurice en Daniël [belg van oorsprong] van Indube safaries te zijn, ca onze buurman op het Witkoppad.  Daar moet dan ook maar direct kennis meegemaakt, we worden van harte uitgenodigd voor een braai en enpassant vertelt Maurice een huntingfarm te zijn. Daar hoeven we dus geen gesprek mee aan te knopen over het droppen van de fenches. Maar het is goed om je buren te kennen en daar op goede voet mee te leven in geval van calamiteiten.

 

Setaries

 

Weer thuis vraag ik Abram eerst hoeveel Setaries hij vandaag afgehou het. Grote hiliarteit bij onze swartmense, maar ze weten het te waarderen. Baie aldus Abram maar hij heeft ze niet geteld. Kan ik natuurlijk gewoon zelf door door het aantal knijpers te tellen dat op de tafel ligt. Vervolgens bel ik onmiddellijk Louis Grobler die mij vorig jaar 4 Giraffes aanbod. Hij is in Pretoria zo blijkt, maar op de weg naar huis vrijdag a.s. komt hij even aanwippen zodat we de verdere details van de transactie kunnen bespreken. Lijkt mij namelijk een leuk verjaardagskado: 3 Kamelperde!

 

De braafste kat ter wereld

 

Taiga zit ’s avonds te zeuren dat hij naar buiten wil. Nou vooruit dan, maar alleen op schoot en geen kunstjes. Eerst op schoot, maar dat zit niet comfortabel. Niet voor hem, maar voor mij ook niet. Dan maar op de bank. Hij gaat keurig liggen, wordt uitvoerig gekamd, maar soms begint z’n staart heftig te zwiepen. Dat heeft hij andere dan de door mij geplande plannen. Maar het moet gezegd: hij doet elke dag een gooi naar de titel “braafste kat” van de planeet. Na een uurtje zet ik hem toch maar weer binnen, want er moet bijvoorbeeld nog aan het dagboek geschreven.

 

Woensdag 14 maart

 

Er moeten vandaag eerst Letapa’s (Klippe) worden geselecteerd en opgehaald. Letapa is dus het tweede Tswanese woord dat wij leren.

 

De oogarts

 

Jan moet naar Modi Molle (Nylstroom) naar de oogarts-gespecialiseerd-in-diabetische-afwijkingen. Hij houdt spreekuur in een klein gebouwtje waar ook een soort koffieshop met home made cookies en zo verkocht worden. We lopen het hokje binnen, melden ons bij twee juffen achter een balie en we kijken elkaar aan op een manier: nou ’t zal ons benieuwen, maar veel fiducie hebben we er niet in. Het loopt af en aan en na 20 minuten wachten is Jan aan de beurt. Eugène Meijer blijkt met een nederlandse vrouw getrouwd, z’n schoonvader was dominee in Bergen op Zoom en hij heeft schoonfamilie in Zeeland waar ze in klederdracht wonen. We vragen hem hoelang hij daar al niet meer is geweest: 10 jaar. We helpen hem uit de droom dat dit niet meer echt de huidige situatie is. Hij wil er alles van weten waarom we niet in NL zijn gebleven. Hij heeft veel gereisd, o.a. naar oogheelkundige seminars en conferences in the UK, USA etc. Maar zou daar nooit willen wonen. Allemaal veel te veel geregeld. Hij vliegt zelf en gaat er elk jaar op uit om over de Okavanga delta te vliegen, of naar Malawi waar hij elke 2 maanden spreekuur houdt, of over de Zambesi. In the USA en Europa volstrekt ondenkbaar. Als hij nog eens gaat verkassen, dan is het verder donker Afrika in zo laat hij weten.

 

De onderzoekjes die hij doet stellen Jan gerust, min of meer hetzelfde als in de Weezenlanden en we krijgen een heel moeilijk verhaal voorgeschoteld over het hoe en waarom van lekkage en het nut van laseren en op welk tijdstip dan wel. Als ik het al zou kunnen reproduceren dan is het niet interessant behoudens voor degene die het niet betreft.  Over 6 maanden moeten we naar Pretoria om foto’s te laten maken die dan op CD worden gebrand, en aan de hand daarvan wordt dan verder bezien of er dan verdere maatregelen nodig zijn.

 

Ik rijd terug, want Jan ziet slecht vanwege de oogdruppels die je pupillen tot het maximum oprekken om er goed in te kunnen kijken. We gaan even naar de Spar en naar de Black Mamba, een kunstwinkeltje naast de Spar. Daar kocht ik in December m’n Cheetah schilderij en nu komen er twee kleinere bij: nog een Cheetah- en een Leopard-koppie. Plus een boek over de grass species of S.A. Ik doe het mijzelf allemaal maar kado vanwege mijn op handen zijnde verjaardag. Plus de 3 giraffes natuurlijk. Ik sta te twijfelen bij twee beeldschone houten giraffes, maar Jan denkt dat het te vol wordt op de plek die ik in gedachten heb. We laten ze dus nog even staan, maar mijn gevoel zegt that they will soon be mine as well!

 

Morgen moeten we er trouwens eerst weer op uit, naar Ellisras. Weer officiële dingen regelen. Bijv. met de auto waar we al veel te laat me zijn dankzij het lange wachten op de documenten. Ik maak nog even de gegevens voor Bennie klaar die hij nodig heeft voor een definitieve tekening en kwotasie voor zijn architektenondersteuning ivm de badkamer. Ik ben inmiddels zeer bedreven in het wisselen van de snoertjes van de fax en telefoon, bijna blindelings en zonder dat de koelkast meer van z’n plek hoeft.

 

Er bouwen zich weer met meest fantastische zwarte luchten en donderwolken op, maar over een uur is alles vast weer verdwenen als sneeuw voor de zon. We desperately need rain hoor je overal als eerste.

 

Gisteren hebben we een oranje-rode bougainville gekocht voor ZAR 36. Bij de intratuin 3x zo duur denk ik. Ik zet hem op de hoek van het terras. Op de andere hoek staat ook een blauwe pot met daarin de bolletjes die ik bij ons afscheid van Jeanette en Theo kreeg. Toen ik ze vorige week zondag vond, heb ik ze onmiddellijk gepoot, maar vrees dat het niets wordt. De helft was al verschimmeld en nu komt er nog niets op. Terwijl al mijn andere zaaigoed al fraai bovengronds staat. Ook de bonen hebben hun kopjes inmiddels opgestoken. Elisabeth vindt het geen gezicht, dat moeten twee identieke potten met identieke planten worden vind ze. En gelijk heeft ze, maar ik geef eerst die bolletjes nog een kans.

 

Anna is eindelijk terug

 

Zaterdag j.l. vond ik ook Anna weer. Ik begon al te vrezen dat ze was achtergebleven in Wapenveld. Anna is een geschenk van Saskia, een Alessi pepermolen met een RVS gezichtje, blauw jurkje met roze kraagje en roze centuurtje. Saskia brengt altijd leuke smaakvolle kadootjes mee (ga ik missen!), zo ook een sla-couvert uit Zuid Afrika dat nu dus weer terug is in Z.A. en vanzelfsprekend gebruikt wordt, want er wordt hier baie slaai gegeten. Ook Everdina d’r blauw/oranje gestreepte kunstkatje is weer terug in haar homeland.

 

De donderwolken gaan wel geweldig donderen en bliksemschichten 360 graden rond. Een heuse electric storm maar met slechts 1,5 mm regen. De felste TL-balk valt er kwa verlichting bij in het niet. De stroom valt uit en blijft tot 04.00 uur weg. We hebben alleen electrische kookplaten, dat wordt dus nix meer vandaag. En broodbakken kunnen we ook wel op onze buik schrijven.

 

Jan gaat no even controlleren of de bakkie op slot zit  op z’n blote voeten en stapt bijna op een kwa uiterlijk tarantula-achtige spin die pal voor de deur op de stoep  heeft plaatsgenomen. Heeft hij zeker mooi uitzicht op z’n prooien die langskomen. Wel zo’n 10 cm in doorsnee. Never get out barefeet in the dark en voor het eerst is Jan blij dat de (hor-)deuren van mij altijd dicht moeten blijven en dat ik daar de godganse dag op loop te hameren.

 

Donderdag 15 maart

 

Ik ben jarig! En voor het eerst weer versgeperst sinasappelsap. Want gisteren bij de Spar lag er voor het eerst een heel groot net van een locale boer die kennelijk al aan het oogsten is geslagen. En verder vooral veel lieve mailtjes en e-kaartjes. Vanmiddag komen de buren op bezoek met eigen gebakken chocoladetaart. We hangen de twee grote kattenkoppen op die ik gisteren gekocht heb en Herman en Dawn komen eindelijk de blue cards voor Olivier, Sakkie en Elisabeth brengen. Met wederom de waarschuwingen dat ze je maar blijven uitproberen etc.

 

Intussen blijkt dat de staff weer een slang om zeep geholpen hebben. Jan verbiedt het ze nu gewoon als de slang zich buiten de 200 meter grens rond het huis bevindt. Het is een kleine Puff Adder en blends perfectly in met onze rotsen. De foto is perfect gelukt.

 

Jan hangt inmiddels ook zijn bord “Jan se pad” op. Afscheidskadoo van Bob van de Raadt (Brimos).

 

Chocolade taart

 

Om een uur of half vijf komen Pat, Brian en Letty met de heerlijkste chocoladetaart. We gaan op de stoep zitten, maar het begint te regenen en stormen van jewelste. Maar iedereen is blij met de  regen, dus we blijven gewoon buitenzitten met koffie, thee en home made pie. Brian neemt alleen bier, want hij staat op dieet om z’n pens kwijt te raken. Maar nu wij ons hier toch het apezuur werken, kan een stuk chocolate pie geen kwaad hoop ik maar.

 

Intussen bellen Ria en nichtje Marjelle via m’n cellphone. Ze is met haar zoontje Hidde in het ziekenhuis bij pa en mam. De landline doet het niet omdat de krag dus vaak weg is. Eerst krijg ik pa aan de bel en vervolgens mam. Zij vertelt dat beiden in het ziekenhuis zijn, maar dat het niet ernstig is. Marjelle souffleert alles wat mam moet zeggen. Dat ze Maya aan de bel heeft, dat die jarig is en dat Marjelle en Hidde op bezoek zijn. Verder komt mam niet. In en in triest.

 

De staff krijgt ook een lekkere punt chocolate cake en nadat dit gezelschap verdwenen, verschijnen Maurice en Daniël.

 

Aanvankelijk denk ik dat het een stel is, maar dat is geenszins het geval. De farm (Indube) is van Daniël die z’n fortuin in de Congo vergaard heeft. Met een slachterij of all places. Beiden hunten hier nu nog steeds op diverse farms in de buurt en nu maken ze alleen nog “venison” voor de exportmarkt. Ze hunten bijvoorbeeld ook bij Ben Schutte onze andere buurman (klinkt erg nederlands) maar Ben is nauwelijks tot nooit hier. Maar ik wil z’n telefoonnummer om kennis te maken. Ik krijg een bos Gerbera’s en vette zoenen op mijn birthday en vervolgens worden ons de zoveelste wijsheden gedebiteerd.

 

Maurice is gaarne bereid ons terrein 2 dagen te voet te verkennen om te kijken of het fench wel in orde is en hoeveel beesten er nu echt zijn. We vertellen van ons fieldassement maar dat kan nooit goed zijn volgens Maurice. Je moet hier de omgeving kennen, en niet iemand vanuit Dullstroom-of-all-places inhuren. Zonde van het geld. Maurice is 9 jaar chairman of the gamefarm association geweest en woont al 24 jaar hier. Dus niemand knows any better than him. En de giraffes: geen probleem, zolang je ze maar uit de buurt haalt. Hier dus enige congruentie tussen hetgeen Ken heeft verteld en Maurice thans.

 

Daniël is belg en ronder dan lang. De nootjes en whiskey worden royaal aangesproken, maar ze blijken toch goed thuisgekomen want de volgende dag zien we nergens een bakkie in de bomen hangen.

 

Vanwege het onweer en regen blijft de krag tot zeker 2030 uur weg waarna er pas gekookt kan worden. Onze staff is voor de tweede avond met lege maag naar bed gegaan zo blijkt.

 

De verjaardag eindigt zonder kadootjes van manlief.

 

Vrijdag 16 maart 

 

We moeten nu echt naar Ellisras om de bakkie op onze naam te krijgen want gisgteren is het er gewoon niet van gekomen, maar we moeten ook op tijd terug zijn voor Louis.

 

Bloedend hart

 

Op de R33 komen we een Turpin (ook wel turtoise of landschilpad) tegen. We gaan terug om hem aan de kant te zetten, maar aan z’n loopje zie ik al dat het mis is. Z’n bekkie bloedt en z’n schild is beschadigd. Er is dus gewoon iemand dwars overheen gereden op klaarlichte dag terwijl het beest heus goed zichtbaar is met z’n 20 cm doorsnee. Mijn hart bloedt dus ook, want dit beest kan zeker niet meer fourageren en met een kapot schild een gewillige prooi voor een Jakhals die er uren mee kan bezig zijn om het beest uiteindelijk tot diens maaltijd te hebben geprepareerd.

 

Enigszins bedrukt om de onnozelheid en ongeinteresseerdheid van mensen gaan we eerst naar de bank om onze creditcards op te halen. Een hele toestand en vele formulieren en handteke-ningen verder blijkt het systeem off line te zijn gegaan zodat we geen pin-code mee kunnen krijgen. Dan maar een andere keer, want er staat toch nog geen geld op de persoonlijke bankaccount.

 

Vervolgens naar het Municipality kantoor. We blijken toch nog niet alles in orde te hebben : de auto moet nog gekeurd. Dus meer dan een uur later  richting “APK-keuring”. Daar aangekomen zijn we nummer 3 en het blijkt dat de taak daar zeer serieus wordt opgevat. Er moet een hele lijst afgewerkt en afgevinkt, en daarna weer terug naar het municipality office waar nu een wachtrij van jewelste staat.

 

 

Voordringer

 

Op enig moment gaat één knulletje voordringen. Jan zegt dit niet in de haak te vinden, want we staan allemaal al uren te wachten. Maar het knulletje moet terug naar z’n werk bij Pick ’n Pay en moet dan ook nog een taxi zien te vinden. Jan biedt aan hem mee te nemen, maar dan moet hij wel terug in de rij. Psychologisch ijzersterk opgelost, en zo gezegd zo gedaan.  Want een swartmens die meent weer snel aan het werk te moeten, moet toch aangemoedigd nietwaar?

 

En passant weet Jan nog wel z’n DSTV te regelen. Wordt volgende week geinstalleerd voor wat het waard is, want Louis laat mooi nix meer van zich horen ondanks het feit dat we ons het apelazerus hebben gehaast nadat we ruim 4 uur met de bakkie bezig zijn geweest om die op onze naam te krijgen.

 

De staff krijgt de blauwe verf voor de kozijnen en twee kwasten. Maar Elisabeth laat weten dat de tinner ontbreekt om de kwasten schoon te maken. Dat had ik echter al in huis gehaald bij een winkel die geen ronde kwasten heeft. Absoluut noodzakelijk om kozijnen te verven. Maar geen enkele winkel schijnt ronde kwasten te hebben, dus dan toch maar platte. Ik zelf neem gele verf voor een wand in mijn werkkamer mee.

 

Zondag 18 maart

 

Picasso is back

 

Picasso heeft letterlijk en figuurlijk 2 weken en 1 dag onder mijn neus gelegen. Gestopt in het doosje waar in Wapenveld alleen de dag/nachtschakelaar in zat. Er daar heb ik dus ruim 2 weken omheen lopen draaien totdat ik vanmiddag opeens de ingeving kreeg dat doosje dus maar eens verder te moeten onderzoeken. Nu ben ik alleen de sla-schaal van Frans van Kuyk nog kwijt. Gekregen voor ons trouwen. Een of ander wedgewood ding dat nergens bij paste, maar waarschijnlijk peperduur. Zo was Frans. Wij zijn nooit verder gekomen dan Tavola White en het Appie Heijn servies. Tity was zo lief ons haar kopjes met schoteltjes op de valreep over te doen, want daarvan waren er inmiddels een aantal gesneuveld. Baie dankie Tity!

 

Ook de oude verjaardagskalender komt tevoorschijn en ik zie tot mijn schrik hoeveel mensen ik dit jaar heb overgeslagen om de beste wensen over te brengen. Sorry, sorry, sorry!!! Volgend jaar beter.

 

Ik ga naar de hoogzit waar na een paar minuten een kleine kudde (4 volwassenen, 2 kinders)  Blou Wildebees aankomen. De liksteen is altijd veruit favoriet en ze staan er allemaal een poosje aan te likken. Maar als ik in beweging kom om naar huis te gaan (vanwege het donker worden) dan gaan ze er van door.  Vervolgens schiet er nog een Klipspringertje voor mijn neus over die pad.

 

Thuisgekomen blijkt de krag weer eens weg te zijn. Reden totaal onbekend want géén vuiltje aan de lucht te bekennen. Ik ben inmiddels bijna door al mijn kaarsen heen, maar de stroom komt gelukkig om 20.30 uur weer terug. Zodat er ook nog gekookt kan worden.

 

Maandag 19 maart

 

Eerst Telkom maar even bellen voor de storing sinds donderdag j.l. Vervolgens het ophangen van het flatscreen voorbereiden want de komst van de schotel en PVR (personal video recorder) is aanstaande. En dan naar Ellisras waar weer een hele waslijst met boodschappen voor klaarligt. Bij het DSTV kantoortje om de laatste betaling te verrichten komt gelijktijdig onze schotel en PVR aan. Dinsdag a.s. wordt eea geinstalleerd. Bij de Toyota garage afspraak voor vrijdag om de rollbar te monteren (en passant komen we ook het knulletje nog tegen dat we vrijdag bij het municipality kantoor wilde voordringen en vervolgens een lift van ons kreeg. Hij begroet ons uitbundig, maar Jan herkent hem niet op het eerste oog). Nog wat blauwe verf voor Elisabeth c.s. en een campingasbrander voor het geval de stroom weer tijdens het eten koken uitvalt, naar de bank om onze pincodes op te halen, en dan naar Jan z’n snoepwinkel: Matablas Spares. Een winkel waar hij likkebaardend langs alle gereedschap en electrische of accu-apparaten heen kan lopen.

 

En ja hoor, het moment is daar: de Ryobi generator wordt eindelijk aangeschaft alsmede ook  een luchtcompressor. Plus een re-chargeable lamp vanwege de te vake stroomuitval plus een aantal camping chairs. Alvast voor in m’n bushtenten. Van die opvouwdingen met een uitsparing voor je drankje of bierblikje in de armleuning. Nog een slangetje voor het gastentoilet dat ca 6 weken out of order is geweest. Want nadat Jan daar eind vorige week een nieuw binnenwerk in had aangebracht, knapte er weer een ander slangetje.

 

Skietijzer

 

Maar als klap op de vuurpijl: een skietijzer! Een luchtdrukpistool om de Bobbejanne af te schrikken of eventueel een venemous (giftige; in de rest van de wereld wordt overal het woord “poison” gebruikt) slang die naar binnen is gekomen helaas toch maar te kunnen afmaken. Want voordat we onze wapenvergunning hebben, kan nog geruime tijd duren. En die moeten we echt hebben voor zwaar kaliber geweer oftewel Dangerous Game Rifle (kortweg: DGR). Als er een dier ziek is of door een slang gebeten, moet je het gewoon uit z’n lijden helpen en niet laten creperen en levend aangevreten door van alles en nog wat. Een jaar of meer om zo’n vergunning in huis te hebben is niet onge-bruikelijk.

 

Thuisgekomen oefenen we op een steen en vervolgens gaat het apparaat de wapenkluis (die weer in de inloopkluis ingebouwd is) in. Ik mag de bierblikjes niet weggooien, want daar moet nog vaker en verder op geoefend worden.

 

In Nederland heb ik één schietles gehad in Biddinghuizen en toen wist ik toch zeer nauwkeurig op het “blad” van een papieren zwijn te mikken. Dat is nl de plek waar je op moet richten of de achterflank. Anders geplaatste schoten veroorzaken een hoop inwendige schade bij een dier en dus veel pijn voordat de dood erop volgt. Nu zit er aan een slang niet veel blad, laat staan achterflank. Daarbij moet je dus gewoon op de kop mikken en slangenkoppies zijn niet bepaald groot. Dat wordt dus nog een hele kunst. Nu is het trouwens niet zo dat een dode slang gelijktijdig daarmee ook ongevaarlijk is geworden. Z’n gif blijft nog lang aktief. We gaan als het zover is dus niet in z’n bekkie kijken om z’n vlijmscherpe tandjes eens goed te bestuderen om daarvan verslag te kunnen doen.

 

Het nieuwe slangetje gaat aan het toilet zodat we eindelijk een gastentoilet hebben en het bezoek niet langer naar de spare-bathroom hoeft.

 

Als ik aan het eten koken ben, begint mijn mobiel te rinkelen. Ik kan er niet veel wijs uit, maar begrijp dat het om het mobieltje van Elias gaat die hij hier ruim 2 weken geleden liet liggen. Er komt iemand vanuit Ellisras richting Vaalwater en wil het ding ophalen. In m’n beste afrikaans zeg ik dat dat reg is, dat hij weer moet skakel als hij bij de afdraai Witkoppad is, en ons dan naar die hek toery. Volgens Jan klinkt het inderdaad heel erg afrikaans en na een half uurtje word ik weer geskakel. We rijden naar de gate en komen daar ca. gelijktijdig met een onwijs grote verhuiswagen aan. Er springt een grote breedglimlachende swartmens uit, handjes schudden, de mobiel wordt overhandigd en gaat weer op weg naar z’n baasje, en de verhuiswagen weet op de vierkante centimeter weer te keren om vervolgens richting Zeerust te rijden. Met een wederzijds tuut, tuut, tuut bij wijze van afscheid. 

 

Op de terugweg naar huis komen we de kont van een Blou Wildebeest tegen. En ga ik nog wat geld overmaken vanuit NL naar onze nieuwe privé-bankrekening bij de Standard Bank. De koers wordt steeds gunstiger zo blijkt. Dat is mijn prerogatief: geld overmaken. Een heel gehannes, want alleen met Jan z’n cellphone op diens afrikaanse prepaidcard kan ik internetten en dan moet zijn nederlandse Vodafonekaartje in mijn toestel om een TAN-code van de Postbank te kunnen ontvangen. Een grote goocheltruck zo lijkt het. Maar op den duur raak je er tamelijk bedreven in.

 

Ik krijg het zelfs voor elkaar dat bij wijze van courtesy mijn crèmetjes (die alleen in Joburg en Pretoria, of nog verder naar het zuiden in Kaapstad te koop zijn) per post worden opgestuurd of mischien  wel hier thuis afgeleverd omdat Melissa die mij deze service wil verlenen op een farm geboren is and loves the bush zo laat zij weten. 

 

Vreemde vogels

 

Yvonne (van Schendel van de African Lodge Joburg) belt nog even om te vragen hoe het allemaal gaat, we kletsen een poosje over haar soms zeer bizarre cliëntèle (bjiv. een nigeriaanse die door een plastisch chirurg was verbouwd en vervolgens moest opknappen (zoals in die total-make-over-pro-gramma’s). Had voor 29 dagen geboekt, de helft van de lodge moest verbouwd want ze wilde geen zwarte, maar witte badjassen, ze kon niet tegen de aanblik van dieren terwijl de lodge daar vol mee staat, ze kon niet tegen de honden van Yvonne, terwijl haar man daar gek mee was, maar vertrekt na 4 dagen al weer zonder de rest van het verblijf te betalen of de gemaakte onkosten te vergoeden).

 

Yvonne en Gerard hebben inmiddels een stukje grond in een “development” gekocht voor hun oude dag waar ze een nieuw huis op gaan bouwen. Tussen Bèla Bèla en Modimolle in. Dus niet eens zover bij ons vandaan.

 

Een development is bijvoorbeeld een gamefarm van zo’n 2000 ha waarbinnen dan 100 ha wordt bestemd en afgeschermd om daar 10, 25, of 50 stukken grond uit te geven waar je een huis kunt bouwen. Dit kan op basis van full title, sectional title, shareblock of wat voor eigendomsvorm dan ook. Nadeel is dat je geen eigen baas bent, want altijd afhankelijk van de gemeenschappelijke regels,  en geen zicht over de almaar stijgende levies (servicekosten). Pat en Brian hebben om die reden hun shareblock in Capetown-area opgegeven. Voordeel is dat je niet de zorg voor het wild, de gamefench, schoonmaken, etc. hebt. Je kunt zelfs de boodschappen laten verzorgen indien gewenst. Veel mensen die voor deze vorm van bushlife kiezen zijn bijv mensen uit Joburg die alleen in het weekend komen. Lock-up-and-go zoals ze hier zeggen.

 

Dinsdag 20 maart

 

Integenstelling tot afspraak, staat de DSTV jongen om 08.30 al voor de poort die nog op slot zit. Jan haalt hem op en spoedig zal het met de rust gedaan zijn. Want via de TV dringt de grote boze buiten-wereld zo weer je huis binnen. En conform goed afrikaans gebruik moet het ding dus ALTIJD aan-staan, zelfs tijdens visites blijft de TV gewoon aanstaan met het geluid op oorlogssterkte. Elisabeth staat al weer te kwijlen en wil ook wel een TV. Er wordt gespaard voor een tweedehansje zo vertelt ze. En een muziekje in haar kamer lijkt haar ook wel wat. Want ze heeft natuurlijk wel gezien dat Jan een complete installatie in de workshop heeft, in z’n werkkamer, in de slaapkamer,  in de bakkie, straks twee TV’s waarvan één met Dolby Surround System of weet ik veel. En ongetwijfeld komen er nog twee complete sets uit de dozen die nu nog niet uitgepakt zijn. Al was het maar de radio die ik in mijn fitness kamer had.

 

Gedaan met de rust

 

Na een paar uurtjes werk knalt CNN weer de huiskamer binnen en vernemen wij dat ABN-AMRO door Barclays ingelijfd gaat worden à de lieve somma van 60 miljard Euro. Bedragen waar je je toch nix meer bij kunt voorstellen? En in de bieb heeft Jan Sacha de Boer (in het pink) weer gevonden die het treurige nieuws brengt dat de SP niet langer aan de onderhandelings-tafel kan/wil/mag/moet zitten. Wat een feest. Ik drink m’n koffie wel op het terras want het interesseert me werkelijk helemaal niets wat er wel of niet in Nederland gebeurt. Ze doen maar.  Een dag later blijkt ook Clairy Polak zich weer een weg naar onze livingroom gebaand te hebben. Nog steeds met dezelfde truttige onflatteuse kleding en hopeloze haardracht. Nou heb ik dat laatste toevallig ook, maar ik kom niet op TV.

 

Ik ga een wand in mijn kantoor verven omdat er lelijke (doch weer dichtgeplamuurde) plekken inzitten. Maar de muur moet wel twee keer zo blijkt, ik kom dus verf te kort. De stopkontakten heb ik afgeplakt en dat vindt Elisabeth baie slim. Het bespaart je een hoop werk als je de stopkontakten niet wil meeverven, maar als je het er niet ontzettend snel weer afhaalt, dan ben je ook nog niet jarig want dan scheur je het afplakband helemaal aan snippers. Ik moet dus maar even tot morgen in de rommel zitten terwijl het kantoortje er nou net zo knap en opgeruimd uitzag.

 

Elisabeth wil weten wie de personen op de foto in Jan’s kantoor zijn. Ik leg uit: dochter Saskia met haar twee zoontjes Daan en Stijn. Alleen maar mannetjies? Nie vrouwtjies nie? vraagt ze? Ja alleen maar mannetjies, en neen, nie vrouwtjies nie. En waar is die mannetjie van Saskia zelf? Ik zou het niet weten, die krijgen we niet zo vaak te zien. Het Jan nog meer kinders? Ja, een zoon van 37 en die het ook alleen maar mannetjies, nie vrouwtjies nie. Zonde vind Elisabeth, maar het zijn mooie mannetjies en of ze al gou kom kuier. Daar moeten ze eerst stevig voor sparen zeg ik, want het is baie duur om even met z’n vieren naar Zuid Africa te vliegen.

 

Aan het eind van de middag even zwemmen, maar ik blijk niet de enige die dat idee heeft opgevat. Een jonge schorpioen is zonet in het water gesprongen (meer waarschijnlijk: gevallen), maar was vergeten eerst zwemles te nemen. Hij cirkelt dus steeds dieper naar beneden. Ik besluit om het eruit te vissen. En dat is niet bepaald alleen maar dierenliefde, alhoewel ik het lullig vind om een beest te zien verdrinken. Maar ik zie het gewoon niet zo zitten om samen met zo’n beest het zwembad te moeten delen. Dat wil ik eigenlijk met niemand delen. Met het schepnet haal ik hem op en z’n staartje krult gelijk heel koddig weer helemaal in vorm. Mischien is het wel een soort reflex, want verder lijkt hij mij zo dood als een pier. Jan probeert hem te fotograferen, maar het  focussen wil niet lukken. Jan heeft een haat/liefde verhouding met zijn ingewikkelde camera. Soms wordt hij de hemel ingeprezen, soms de hel. Dood of niet, het schorpioentje gaat in een doosje met een stevig dekseltje erop, en wordt elders op het terrein er weer uitgekieperd.

 

Bea is jarig, maar ik krijg geen internetverbinding. Jan probeert z’n pa in het ziekenhuis te bellen met de mobiel (kostbaar, maar de landline nog steeds niet gerepareerd) maar ook daar wordt niet opge-nomen.  Pa blijkt van bed verwisseld met mam en hoort de telefoon wel rinkelen, maar kan er niet tijdig bij. En mam beseft niet eens meer dat er iets rinkelt, laat staan dat het een  telefoon is die je moet opnemen. Het is maar zeer de vraag of zij het ziekenhuis nog uitkomt. Triest als je op deze wijze afscheid van het leven moet nemen.

 

Woensdag 21 maart

 

Het is een nationale feestdag, dus ons personeel komt niet. Humanrightsday of zo. De officiële gebouwen zijn gesloten, maar de meeste retailshops open variërend van 11.00 tot 13.00 uur.

 

Jacaranda

 

Veiligheidshalve bel ik Ellisras Bou en Hardeware maar even. Stel je voor we rijden voor niets om de verf te halen. Jan besluit ook de deuren voor z’n workshop te gaan kopen, want deze is nu vrijwel geheel klaar en staat vol met gereedschap dat voor de Bobbejanne dus ook  gemakkelijk voor het grijpen ligt. Op de radio tijdens onze terugreis vanuit Ellisras vernemen wji het treurige nieuws dat een bakkie vars hoenders gerol het. Twee mense is beseer. Over het lot van die arme hoenders geen woord. De radio staat meestal afgestemd op Jacaranda. Een soort Skyradio zeg maar. Daar hoor je bijvoorbeeld ook het laatste nieuws over welke Robots er in Joburg niet werken met geweldige verkeerschaos en files tot gevolg. Het duurde aanvankelijk even voordat ik in de gaten had wat een Robot was. Een stoplicht dus.

 

De reis naar Ellisras en weer terug is werkelijk schitterend. Bergachtig landschap, vergezichten, nauwelijks verkeer,  en op de laatste hoge Ridge (ik denk 1450-1500 meter boven sealevel) waar je de Waterbergen uitkomt zie je de vlakte liggen waarin Ellisras gesitueerd is. Jan schat dat het zicht op heldere dagen 50 tot 70 kilometer is. Ik kan niet zo goed schatten, maar het lijkt mij aannemelijk. Ik vind het elke keer weer adembenemend. Deze weg hebben wij trouwens in augustus 2001 ook gereden. Op weg naar Botswana. Toen logeerden we ergens in Ellisras bij een boer die bezig was een camping op te zetten en waarvan ik een Leopard-rug (vloerkleed) kocht. Ik moet het kleed nog krijgen, maar ’t was ook nog niet betaald ook. Een dezer dagen ga ik hem er op aanspreken en kijken of het kleed er nog is!.

 

In het dorp Ellisras zelf wilde ik toen naar een makelaar om te kijken wat er zoal te koop was. 1000 ha leek ons toen wel héél erg groot en eigenlijk onvoorstelbaar om te bezitten. Nu bijna 6 jaar verder wonen we er, en hebben de farm gekocht van dezelfde makelaar waar we bijna 6 jaar geleden bij naar binnen stapte. Z’n naam had ik niet onthoudend, maar het kantoortje herkenden we allebei onmid-dellijk.

 

Tijdens het ontbijt komt Sakkie zeggen dat hij om 08.00 de waterpomp van de boreholes heeft aangezet (inmiddels als routine ingevoerd en wel op ma-wo-vrij) en dat naar schatting er 2 uur nodig is om de tanks weer helemaal vol te krijgen. En hij vraagt om een spitgraaf omdat hij kennelijk wat wil omspitten of zo. En dat op z’n vrije dag. Jan is helemaal weg van Sakkie; het is zijn troetelkind. En toegegeven, Sakkie lijkt de kwetsbaarste en liefste van het hele stel, maar heeft dus wel vriendin en kind. De onschuld zelve is het nou dus ook bepaald weer niet.

 

Meestal zetten we zelf de pomp weer uit, maar ook daar heeft Sakkie voor gezorgd zo blijkt op de terugweg uit Ellisras. Jan gaat Sakkie dus nog eens extra roemen om diens vlijt. Mischien heeft hij nu wel een overhemd verdiend om naar de kerk te gaan veroorloof ik mijzelf op te merken. Of je nu 200 of 170 ongedragen overhemden hebt, maakt niet zoveel uit. Het zal mij benieuwen, want nogmaals: kom niet aan Jan z’n (nooit meer te dragen) kleren! 

 

Brave meisjes komen in de hemel…….

 

In tegenstelling tot Sakkie vindt Jan Elisabeth maar een brutaal wijf. En dat is ze. Zij is meer van de school: brave meisjes komen in de hemel, maar brutale overal. En aangezien ik diezelfde leer ook aanhang, moet ik er wel om lachen. En als je haar neen verkoopt, blijft ze gewoon lachen. Nooit geschoten, altijd mis denkt ze dan waarschijnlijk. En zij is degene die heeft gevraagd om overhemden voor de mannen met de long sleeves om zondags netjies naar de kerk te kunnen. Want ze hebben natuurlijk ook al die dozen vol hemden voorbij zien komen. Zitten nu nog steeds in een kledingbox, en komen er dus gewoon nooit meer uit.

 

Mijn kantoor krijgt de tweede verflaag en de muur ziet er weer prachtig uit. Al mijn kunstschatten/dier-bare herinneringen kunnen weer aan de muur. Bijvoorbeeld de Kakatoes uit Australië, de gouden (zal verguld zijn) postzegels van Koninging Nefertiti, Koning Akhenaten en de papierussen uit Egypte, de Tjonk uit Hong Kong, Stadsgezicht op Saint Paul de Vence en de twee schilderijtjes van de landelijke omgeving daarvan, the Baths at Virgin Gorda. Het berlijnse meisje kan ik nog even niet plaatsen, want ze kleurt helaas nergens bij. De katten met verschillende gekleurde ogen uit Xian hangen in de huiskamer en de twee aardewerken kunstwerkjes (kloosterachtige gebouwtjes op een plexiglasplaat) uit Saint Paul van Jan ook. De oude landkaart van de Veluwe welke Jan van Henk en Arie heeft gekregen hangt in Jan z’n kantoortje.

 

Jans’ kantoortje  is maar een klein hokje met een klein raampje. Ik schat 3,5x4 meter. Maar ik heb 21 jaar lang in Wapenveld het kleinste kantoortje gehad, en de  volgende 21 jaar heb ik dus het grootste. Lijkt me een faire regeling. Behalve dat mijn office groter is (4x5 en dus ca hetzelfde als in Wapenveld)  heb ik ook een schuifpui met veranda en uitzicht op het zwembad.  Het is gewoon een prachtige kamer, maar vanaf het begin was het duideljik dat hij van mij was, want Jan had veel grootsere plannen. Een office in het gastenhuis waar hij bij nader inzien tegenop is gaan zien. Tja, jammer dan.

 

Jan heeft het plan opgevat om de lege oliedrum bij de rivier op te gaan halen om vuil te gaan verbranden. Ik ben mordicus tegen vanwege het brandgevaar. Ben benieuwd wat er dus gaat gebeuren. We rijden naar de rivier en treffen de rooibokkies vlak bij huis, een stukje verderop een paar Elanden die wegschieten en na weer een bochtje mammie Vlakvark met 2 kinders. Bij de rivier pluk ik een aantal grassen om zelf maar eens in ons grassenboek te gaan grasduinen. Daar staan zo’n 200 soorten in, maar ik heb er binnen 5 minuten ook al 12 verzameld. Onderweg wordt het idee geboren op bij het huis een lookout te maken zodat we ons hele terrein zouden kunnen overzien tot aan de rivier aan toe. Moet wel een hele hoge worden dan, maar van houten palen, met een grasdak en zitgelegenheid om je sundowners te kunnen enieten en ’s avonds naar beesten te kunnen spieden met een grote spot. Weer een project erbij dus.

 

Kieskeurig

 

Taiga z’n vis moet nog even gekookt.  Hake whatever that may be.  EUR 2,70 voor 6 porties, ca hetzelfde als een blikje waarvan ik nog geen merk heb kunnen vinden dat zich in zijn belangstelling mag verheugen. Ook de zakjes Whiskas vind hij helemaal nix. En dat laat hij op niet mis te verstane wijze blijken. De afkeurende blikken die hij op zijn bord kan werpen zijn kostelijk om te zien. Maar hij zal er toch aan moeten want z’n favoriete “Gourmet” is hier gewoon niet te koop en de nederlandse voorraad is zo goed als op.

 

Ik ga zelf straks een stamppotje van spinazie maken, lijkt me heel geschikt bij 35 graden C and up. Zo heb ik onlangs ook hutspot  gemaakt. Was heerlijk ondanks de hitte, maar een werk! Nix kant en klaar, maar alles zelf snijden. En dan weet je opeens weer hoe ongelofelijk je ogen gaan tranen als je uien moet snijden.

 

Donderdag 22 maart

 

Nog steeds niemand van Telkom gezien. Dus maar weer een keer bellen. Dat is een instituut met nederlandse trekjes. Zo’n heel computermenu waar je doorheen gestuurd wordt nadat er eerst een boodschap wordt afgedraaid dat met ingang van 1 januari j.l. ook het netnummer voor elk tele-foonnummer gedraaid moet worden en dat 09 voor international calls in 00 is veranderd. En dan de boodschap dat alle medewerkers nog steeds in gesprek zijn.

 

Uiteindelijk heb ik dan een medewerkster die mij meldt dat de storingsmelding maandag j.l. ontvangen was en dat er voor vandaag iemand komt om het euvel te verhelpen. Jan is weg met de Bakkie en ik weet niet of de gate open is. Ik bestijg dus m’n stalen ros om het hek open te gaan doen. Ruim  2,5 kilometer verderop. Dat betekent dus eerst m’n hikingschoenen aan, waterflesje en dan door het zand ploegen en proberen de Klippe zoveel mogelijk te omzeilen. Anders heb ik weer na één tochtje een lekke band. Het hek blijkt wel open en na 5 kilometer door het mulle zand ploegen ben ik bekaf. Dat is toch inspannender bij ruim 30 graden C dan 20 kilometer fietsen in Hattem en omgeving.

 

Ken heeft inmiddels z’n rapport gepresenteerd en veel nieuws, anders dan reeds besproken, staat er niet in. Ik zoek de grassen die hij heeft gedetecteerd op in m’n Grasseboek. We hebben nog geen bomenboek, dus ik kan weer iets aan een boodschappenlijstje toevoegen. Jan heeft morgen toch tijd zat tijdens het opbouwen van de rollbar. Alhoewel: hij moet ook naar het labor-office om Oosterhoff Investments CC als werkgever te laten registreren. Dat kan vlug gaan, maar kan ook héél langzaam. Plus gelijk een boekje meenemen met de basic arbeidsvoorwaarden.

 

Mijn zaaigoed staat er goed bij en als ik het niet ga afschermen dan vrees ik dat het binnenkort door de beesten ontdekt en genuttigd is. Er zijn zelfs 3 bolletjes van Theo en Jeanette opgekomen. Ik schat blauwe druifjes aan de bladvorm te zien.  Het vetplantje dat ooit van z’n wortel was gerukt, leeft ook nog steeds. Dat gaat dus helemaal goedkomen. De gelijktijdig aangeschafte Bougainville is inmiddels ook aangeslagen en begint nieuwe blaadjes te krijgen. Liesje daarentegen heeft het helaas begeven.

 

Ik hou met een uurtje bezig met het ontdoen van een zak voer van plastic. De meeste zakken in de factory bleken aangevreten door de muizen of ratten. En aangezien de zakken van kunstof zijn zitten de witte en blauwe kunststof of plastic sliertjes door de gehele zak heen. Dat kun je je beesten zo niet voorzetten, want daar gaan ze dood aan. Het voer is het hele lichte tot witte kaf van mais met wat anders er door heen gemengd. Dus vooral de witte sliertjes zijn ontzettend moeilijk te onderscheiden. Jan’s suggestie om Elisabeth aan deze job te zetten is een goeie, maar het moet secuur gebeuren. Dus doe ik het gewoon zelf.

 

Gisteren was de staff dus vrij, maar toch hadden we voor hun kos moeten zorgen zo blijkt. Nu heb ik nog wel van alles in huis, maar geen brood en géén tamaties (tomaten). Morgen beter laat ik hen weten, maar het blijkt al weer lang weekend voor Abram en Sakkie.  Jan had begin deze week aan Abram gevraagd nu eens met een roulatieschema te komen om ieder weekend één persoon op de farm te houden.  Elisabeth begrijpt er nix van als ik het haar vertel en daar laat ze géén gras overheen groeien. Abram krijgt dus een beurt. Ik laat haar gelijktijdig de mobiele nummers van de boys en haar opschrijven zodat we ze in nood-gevallen kunnen bereiken als ze bij de buren (tevens familie) aan het kuieren zijn. En hun bankrekening nummers zodat we hun salarissen in het vervolg over kunnen maken.

 

Jan brengt ze naar hun huis want met hun kosbox laten we ze niet lopen. (Nadat ze deze de eerste keer waren vergeten en géén kos kregen, is het dus nooit meer fout gegaan!) Maar dan slaat de motor af en de boys vliegen bijna uit de bakkie. Ik geef ze de geruststellende gedachte mee dat er vanaf morgen een rollbar op de bakkie zal zitten zodat ze zich stevig vast kunnen houden nu Baas Jan kennelijk niet auto kan rijden. Ze liggen bijna dubbel van de lach.

 

Vrijdag 23 maart

 

Jan vertrekt om 06.40 uur na wederom een levenloos schorpioentje uit het zwembad te hebben gevist, pikt Sakke en Abram op om mee naar Ellisras te rijden waar Jan even hun salaris uit de muur moet trekken. Met ingang van deze maand hebben ze conform de vigerende arbeidswetgeving een salarisverhoging gekregen van R100/maand. Zo’n 12,5%. Dat tikt aan als dat in dit tempo zo doorgaat. Volgend jaar nog zo’n portie erbij om de farmworkers op een zelfde niveau als andere workers te krijgen.

 

Ik besluit een gamecount te gaan doen bij de wildsuiping. Camera, verrekijker en voldoende water  mee. Het ontbijt hebben we helaas moeten overslaan want het brood was totaal mislukt. Niet gerezen nadat ik op een verkeerd knopje had gedrukt en Jan het programma had stopgezet en opnieuw geprogrameerd. Dat schijnt die machine niet te pikken, want ook in een vergelijkbaar geval enige tijd geleden ging het faliekant mis. (Zouden we de gebruiksaanwijzig hebben gelezen, dan hadden we geweten dat we de stopknop 5 seconden ingedrukt moeten houden in dergelijke gevallen) En Jan gaat naar goed afrikaans gebruik gewoon bij Wimpy ontbijten. De gedachte eraan alleen al! Daar zit een zetbaas en – bazin die altijd taart lijken te eten als we er komen, want ik wil er nog wel eens een cappucino nemen als Jan z’n trek in een burger niet kan bedwingen. Beiden zijn dan ook moddervet. De helft zou er gemakkelijk afkunnen.

 

Als ik bij de wildsuiping aankom om 08.10 uur  blijkt alle zorgvuldig geselecteerde voer dat ik gisteren heb gebracht schoon op te zijn. Dan begint na een kwartier m’n mobiel te rinkelen. Dat is niet echt bevorderlijk voor een gamecount. Iemand van Nedstar die z’n geld niet geincasseerd kan krijgen van onze CC rekening.  Ik zet de mobiel op trillen en  na een half uur komen er twee Vlakvarks drinken. Spoedig volgen meneer en mevrouw Klipspringer. Het onderscheid is niet zo moeilijk: één met en één zonder horentjes. Een van de varkens gaat pontificaal op z’n dikke achterwerk in de waterbak zitten terwijl de andere de Klipspringertjes bij het water probeert weg te houden. De Varkens drinken trouwens normaliter op hun kniën dat er nogal komisch uitziet.

 

De Klipspringertjes gaan dus op een afstandje staan kijken en wachten tot de varkens weer weg zijn. En dat is al snel, want ze blijven maar een minuut of 10. Dan gaan de Klipspringertjes drinken, maar het meissie vertrouwt het toch niet en die gaat op wacht staan en constant mijn kant opkijken. Alsof ze uit steen gehouwen is. Het mannetje eet tamelijk onbekommerd verder. Maar dan gaat d’r koppie opeens een andere kant op dus daar moet iets anders aankomen. En ja hoor, de Rooibokkies. Zo’n 35 in totaal. Alleen maar meiden met hun kroost.  Op een gegeven moment landen er 5 tamelijk grote zwarte vogels met rode snavels op een Rooibokkie. Zij vindt het helemaal niet erg, integendeel want ze pikken de insecten en/op teken van haar lijf. De Kudu’s krijgen later ook een beurt trouwens.  De vogelboeken zitten nog in de verhuisdozen, dus de naam moet tegoed worden gehouden. Maar waarschijnlijk gewoon Oxpickers.

 

Nadat de Rooibokkies gearriveerd zijn, komen de 4 Blou Wildebeesmeiden met hun twee kleintjes die ik al eerder bij de wildsuiping trof. Het hele stel blijft een beetje rond de liksteen hangen en de kleintjes gaan er maar bij liggen. Vervolgens maken 5 Kudu’s hun opwachting. Een mannetje, twee vrouwtjes en twee jonkies.

 

 

 

 

Daarna  komt er vervolgens een andere kudde  Blou Wildebees: 6 meiden waarvan er één kreupelt, en een kerel. Maar de man is impotent, onvruchtbaar of gecastreerd, want géén kleintjes bij deze kudde. Kan ook een teken van voedselarmoede zijn trouwens. De twee groepen lopen wel door elkaar, maar splitsen zich bij vertrek weer op in hun oorspronkelijk vorm. Blou Wildebees is afhankelijk van bepaalde korte grassoorten waar mogelijk een tekort aan is. Maar er moet nog een kudde zijn want onlangs heb ik een groep van 10 gezien met zeker 6 kleintjes.

 

De zon begint inmiddels behoorlijk heet te worden en ik ga maar weer eens op huus-an. Jan komt thuis, maar zonder roll- en towbars. Om 07.15 bij de garage, sleutels afgegeven en vervolgens nix aan gebeurd. Woedend is hij. Zou ik ook zijn. Erger nog: ik zou het vrouwmens dat  haar afspraken niet nakomt hebben laten weten dat ze de bars in haar jeweetwel kan steken. Gelet op haar omvang zoals Jan deze beschrijft, moet dat namelijk gemakkelijk kunnen. Toyota garages zat in de omgeving.

 

Ik probeer een data-collection format te ontwerpen waar de jongens mee op stap kunnen als ze het hek gaan controlleren. Eén van Ken’s adviezen. Ik verdeel de farm in blokken zodat ze per blok kunnen aangeven of, en zo ja wat, ze er gezien hebben. En dat dan weer onderverdeeld naar aantallen Male/Female/Sub Adult/Young en hun Condition (Good, Fair or Poor). ‘t zal mij benieuwen of ze het snappen danwel of ik het hen uitgelegd kan krijgen. Oliver (inderdaad géén Olivier zoals ik tot nu toe schreef) kan z’n eigen naam niet schrijven, dus lezen kan hij waarschijnlijk dan ook niet.

 

Rijles

 

Louis Grobler belt me terug om te zeggen dat hij zondag a.s. langskomt. Hij zal z’n vrouw ook meenemen. Kunnen we het over de Kamelperde hebben die hij ons vorig jaar aanbod. Vervolgens bel ik een rijschool, want we zullen toch een keer een S.A.-rijbewijs moeten hebben. We moeten een afspraak maken bij het municipality office om een learner-licence te bemachtigen waarvoor een test wordt afgenomen en dan vervolgens lessen nemen. Om alle slechte gewoontes er weer uit te krijgen zo laat Elise van de rijschool mij weten. Ik vertel haar dat de Afrikanen om maar ergens te beginnen aan de verkeerde kant van de weg rijden. Dat is niet onze schuld! Ha ha ha. Op onze plaas maakt het niet uit of je rechts of links rijdt, het pad is toch maar 2 meter breed. Maar op de tarroad moet ik meestal eerst nadenken: aan welke kant ook weer? En hoevaak Jan de ruitenwissers aanzet daar waar hij wil afslaan. En ik dan vraag; regent het schat? Kinderachtig natuurlijk, maar gewoon om de discussie op gang te houden.

 

Zaterdag 24 maart 

 

Het brood is dit keer weer helemaal gelukt. Nog steeds het AH meel dat we hebben meegesmokkeld. Maar daar komt natuurlijk een keer een eind aan en dan moeten we zelf een samenstelling zien te maken, want dit soort gemaksproducten heeft z’n weg naar Vaalwater of Ellisras nog niet gevonden. Ik hang een shadenet over m’n zaaigoed heen want dat hangt in no time slap in hun potjes bij deze temperaturen. Net meegebracht uit NL dat daar ook als shadenet over de plantenkas hing. Soms toch handig dat Jan alles heeft meegesjouwd.

 

Jan gaat weer aan de  slag met z’n deuren in de workshop. Gisteren hebben we de tweede opgehangen, en eerlijk is eerlijk: het ziet er baie netjies uit. En ik moet nog steeds Letty d’r cakeschaal terugbrengen, ik probeer haar te bellen, maar de landline is wéér out-or-order. Donderdag j.l. gerepa-reerd, maar we hebben niet veel geluk met ’t ding. Het gehannes met de fax is  trouwens ook niet langer nodig. Zou ik het handboek van het ding erbij gepakt hebben, dan had ik het zelf kunnen oplossen. Gewoon op “manual” zetten volgens de telefoonboy. Als de telefoon dan rinkelt en je hoort dat het een fax is, hoef je alleen maar op het “start” knopje te drukken. Ik schaam mij diep voor zoveel onnozelheid van me zelf.

 

Aan het einde van de middag weer naar de wildsuiping. Eerst verschijnt er een kudde Blou Wildebees van 1 bull, 5 dames, 2 kleintjes. Maar één van de dames lijkt hoogzwanger hetgeen vreemd is voor deze tijd van het jaar. Vervolgens komen er 12 Rooibokkies en even later nog een kudde Blou Wildebees. Die met het kreupelende vrouwtje. En helaas moet ik ze weer verstoren omdat het donker wordt. Maar het gaat al niet meer in zo’n noodvaart als tevoren. Ze bllijven eerst op een afstandje staan kijken en verdwijnen dan in the bush.

 

Zondag 25 maart

 

We krijgen Louis Grobler op bezoek. De makelaar waarmee we vorig jaar een plaas bezochten die we wel wilden kopen, maar waarvan de verkoper het na 4 weken onderhandelingen en overeenstemming op alle fronten liet afweten. Louis heeft zelf ook een gamefarm en daar moeten een aantal Kamel-perde af. De farm groeit immers niet mee met de jonge aanwas aan dieren. Hij zal bellen als hij uit Ellisras vertrekt, maar de landline doet het wederom niet. Maar de celllphone wel. Hij kondigt zijn komst aan met de vraag of hij zijn kleindochters ook mag meebrengen. Ik zou niet weten waarom niet! 

 

Jan haalt ze op bij de gate, Louis heeft een alleraardigste vrouw en leuke kleindochters van ik schat 7, 9 en 12/13. De oudste blijft keurig bij de conversatie zitten, maar de andere twee zitten al snel voor de TV waarvan het geluid op oorlogssterkte moet. Kanalen 81, 82 en 83, want daar zitten de tekenfilms etc. Er komen geen Kamelperde van Louis, want andere habitat. Dat vinden die Giraffes dus niet leuk en de kans dat ze het hier naar hun zin gaan krijgen is dan ook bescheiden. Maar Louis kent mensen genoeg hier aan het Witkoppad en gaat er gewoon 3 voor ons bestellen. Worden pas in de winter gevangen vanwege de temperatuur. Want het is toch een zeer stressvolle aangelegenheid voor zo’n beest en hij moet met water op temperatuur worden gehouden om oververhitting en dood door stress te voorkomen. Waterbuck moet er ook maar komen, want de omgeving zeer geschikt en die houden het riet in de rivier een beetje onder controle.

 

En a.s. weekend komt hij met een kennis-constructor om te kijken hoe snel de staffquarters ge-upgrade kunnen worden en wat dat moet gaan kosten. Want Louis kent tout Ellisras en heeft contacten met van alles en nog wat.

 

De droogte is ook onderwerp van gesprek natuurlijk en de kans dat we Lucerne moeten kopen om bij te voeren.  Louis vertelt hoe hij z’n Lucerne moet opslaan vanwege de leaf-cutter-ants. Als je deze niet hardhandig bestrijdt, dragen ze met z’n allen 1 baal hooi per dag weg. Aan kleine stukjes gesnipperd, naar hun nest voor hun nageslacht. Maar wij hebben dat type mieren geloof ik niet, maar desalniettemin toch opletten geblazen. In Brazilië hebben we ze vorig jaar trouwens wel gezien: hele slieren lopende groene stukjes blad. Want het stuk te versjouwen blad is groter dan de mier zelf.

 

En dan natuurlijk weer het verhaal over de slangen die in de winter naar je huis komen. Niet om je op te vreten, maar gewoon: lekker warm. Met name met de grote black mamba’s is het uitkijken geblazen want ze kunnen achterwaarts aanvallen waarbij ze 2/3 van hun lichaamslengte kunnen opwerpen en bij voorkeur in je gezicht of bovenkant lijf bijten waar het succes op fatale afloop het grootst is. Lekker dicht bij je hart, dus het gif in no-time je hele lijf doorgepompt (net als bij Steve Irwin [Animal Planet] die de Stingray-steek in z’n hartstreek kreeg en die hem fataal werd).

 

Nadat het gezelschap weer vertrokken is ga ik Maike even een verjaardagsmailtje sturen en daarna maar weer  verder met het voer van plastic scheiden. Als ik klaar ben, brengt Jan me met cementbak ¾ vol naar de wildsuiping. We legen de bak, ik blijf achter en klim weer in de hoogzit.

 

Elanden-egoisme

 

Na 10 minuten komt er een grote Eland bull met twee dames in z’n kielzog. Een beetje drinken, maar dan ontdekt hij het voer. Hij gaat er alleen pontificaal voorstaan en probeert beide meiden weg te houden. Dat is niet zo moeilijk met zulke grote horens. Uiteindelijk mag er één toch zo nu en dan mee-eten, maar de andere wordt steeds hardhandig opzij geschoven. Best sneu om dat te zien. Ik kijk naar het klokkenspel van de bull indachtig de eerdere discussie die dag met Louis over de nut/noodzaak van de thick-dispenser. Dat is een ton waar je onderin voer stopt. Midden in die ton is een paal met daar weer  bovenop een vaatje gelast waar je de anti-teken-vloeistof in doet. (hij is te zien in de foto met de Blou Wildebees) Dat druipt dan langszaam langs die paal naar beneden (in een opvangvaatje zodat je het kunt recyclen). Als de beesten dan vreten of aan de soutsteen likken, schuren ze met hun kop langs die paal en krijgen op die manier het anti-tekenspul toegediend/aangesmeerd.

 

Dat is eigenlijk alleen noodzakelijk voor beesten die niet endemic zijn (betekent dat ze wel in Zuid Afrika thuishoren, maar niet specifiek in deze omgeving). Elanden zijn dus niet indegeneous integen-stelling tot de Kudu en andere beesten die we hebben. Louis denkt dat het dus toch verstandig is het spul te gebruiken want op Elanden hebben die  teken een hele nare uitwerking. Die teken hebben het speciaal op de tepels en andere zachte delen van de Elanden voorzien. Zo erg dat de tepels er af vallen en de kleintjes dus niet meer kunnen drinken en sterven. De ballen van de bull zitten inderdaad vol met teken. Het tekenmiddel moet dus maar op het boodschappenlijstje. Van het merk Deadline wel te verstaan omdat dat bird-friendly is. Anders gaan je Ox-pickers ook dood. De vogels die teken en ander ongedierte van de bokkies etc. af eten.

 

Vervolgens komen de 3 Zebra’s (stallion, vrouwtje en kind) even drinken. Dat duurt niet lang en ze kuieren eigenlijk direct weer verder. Daarna  komen er twee jonge Elanden, niet van december afgelopen jaar jaar maar al een seizoen eerder. Een Sub-Adult dus. Ze lijken elkaar te kennen want er wordt gesnuffeld en geen enkele vorm van agressie. Een van de kleintjes gaat staan piesen, en de grote bull neemt even de tijd om z’n snuit er op de grond doorheen te wrijven. Hij ziet er mischien een toekomstige partner in? En vreet vervolgens weer rustig verder. Na 3 kwartier heeft hij de bak vrijwel in z’n eentje schoon leeg gevreten en moet ik er vandoor.

 

Ik kondig mijn op handen zijnde vertrek uit de hoogzit maar aan. Nu hadden ze al die tijd al in de gaten dat er iets aanwezig was, wat er eigenlijk niet hoorde. Maar ik wil ze ook niet de schrik van hun leven bezorgen door als duveltje-uit-een-doosje te komen, en op deze manier wennen ze mischien een beetje aan mijn aanwezigheid. Ze gaan er uiteindelijk vandoor, maar niet als een speer zoals eerder wel het geval.

 

Maandag 26 maart

 

Slangenlijkje

 

Jan heeft besloten dat het een goede dag is om de vuilverbrandton in te wijden. Ik was en blijf het er niet mee eens, maar hij doet maar. De lege “De Haan” dozen moeten bijvoorbeeld weg. En wat zit daar lekker warmpjes onder weggekropen? Ja hoor, een klein Puff-Addertje. Z’n kop gaat er af, want die willen we echt niet zo dicht bij het huis. Maar conform goed gebruik blijft ook dit addertje dus gewoon liggen, vertrouwt op z’n schutkleur en beweegt niet. Dat belooft wat voor al die andere ….tig dozen die er nog liggen. Jan wil het lijkje in de ton gooien, maar dat mag absoluut niet. Het bijgeloof leert dat dat juist een slangenplaag veroorzaakt. Sakkie draagt het levenloze slangetje dus ergens in the bush ten grave.

 

Abram komt niet opdagen, want z’n pa moet naar ’t ziekenhuis vandaag zo laat hij via Sakkie weten. Aangezien z’n gestorven broer al dik in de zestig was, moet pa dus dik in de 80 zijn.

 

Het is niet te geloven, maar bij Build-It in Vaalwater komen we een nederlands stel tegen. Logeert 5 weken bij Kololo in de buurt. En die zijn op zoek in Nederland naar een huis in de IJsselvallei en waren eergisteren nog in Wapenveld, alhoewel Vorchten hun voorkeur heeft. Staat de helft van de school te koop. Ze vragen of we niet zo nu en dan naar Nederland terug zouden willen. Een horror scenario waar ik maar liever niet aan denk zo laat ik weten.

 

Bij Rollermeuel Voere kopen en losse soutsteenn. Goedkoper dan de verpakte saltlicks, het mielie-meel voor de staff, liquid voor de thick-dispenser en nog wat ander krachtvoer. Hier kost het Lusern al 40 Rand per baal en de verwachting is dat dit oploopt tot 60 Rand. Ik vrees dat wij er toch ook aan zullen moeten geloven. Een aantal farms voert op dit moment zelfs al bij.

 

Dinsdag 27 maart

 

Abram belt dat hij op die pad is naar die plaas. Met z’n 85 jarige pa gaat het niet goed, heeft pillen, medicijnen en injecties gekregen in het ziekenhuis en is weer naar huis teruggekeerd. Jan vertrouwt Abram van geen meter, zeker niet omdat hij gelijk ook weer met de andere de tea-break geniet. Maar ze doen hier nou ’t liefst alles samen en hun kwek staat nooit één seconde stil. Ook in het weekend zit de hele meute bij elkaar, hetzij bij de een (meestal bij Maria aan de overkant, want die heeft TV) hetzij bij de ander. Ik kan me dus best voorstellen dat Abram deze tea-break niet wil missen. Bovendien heeft de krag het weer eens begeven, dus kon Abram het klussie waar Jan hem aangezet had zwembad schoonmaken) toch niet afmaken. Maar nog afgezien daarvan: het volk in de slachterij(en) waar Jan baasje over mocht spelen liep er op alle mogelijk manieren de kantjes vanaf zodra ze hun kans schoon zagen.

 

Gewoon een kwestie van vertellen. Want gisteren heeft Abram dus Sakkie gebeld om 06.00 om te zeggen dat hij niet komt. En dat moet je natuurlijk aan je baas melden. Maar de landline lag er weer eens uit en het is maar de vraag of Jan om 06.00 bij z’n positieven was geweest om de telefoon op te nemen. Maar goed, ik ga Sakkie en Oliver vertellen dat sy Abram moet skakel en hom sé hij sal baas Jan of my skakel als daar probleme is. Verstaan jij? Vraag ik er voor de zekerheid nog maar even bij. Nou dat verstaan ze dus maar al te goed.

 

Als Abram klaar is met het stofzuigen van het zwembad vraag ik hem hoe hij de dag van gisteren eigenlijk ziet. Vakantiedag of compenseren met a.s. zaterdag werken als wij naar de Wildveilig gaan en baboon-oppas nodig hebben. Het wordt zaterdag werken.

 

Neil van Zyl komt vanochtend eindelijk met z’n manschappen de kapotte machine demonteren, maar ook daar moet nog een appeltje mee geschild: hij moet de dam nog afmaken want de lappen zeil liggen nog her en der verspreid en het lijkt mij verre van af te zijn. Ook de oilspillage van die machine moet verwijderd. Het blijkt een alleraardigste jongeman die hier in de buurt geboren is en nog steeds woont. Na het uitwisselen van een aantal wetenswaardigheden gaan we naar de dam en de machine. Neil kruipt zelf onder de machine. Dat dus opkrikken om hopelijk morgen ter plekke de gebroken balk te kunnen lassen. 3 swartmense zijn al bezig om voorbereidende handelingen te verrichten.

 

De dam

 

We kijken naar de dam die volgens ons absoluut niet klopt. De ene kant waar het dijkje ligt (dat trouwens ook niet waterpas ligt) is veel hoger dan het omringende veld.  Het water zal dus nooit in de dam blijven staan, maar z’n weg daar buiten om heen zoeken. Dat is precies wat Neil ook aan George Talbot verteld heeft, maar George is nogal “single minded” een eufemisme voor stront eigenwijs. Een kwalificatie van George die we vaker horen. Hoeft niet persé verkeerd te zijn, maar in dit geval wel. Als de machine weer gebruiksgereed is laat Neil in ieder geval het dijkje egaliseren en waterpas maken en dan kunnen we gelijk met de laser bekijken of ons timmermansoog ons niet bedriegt. Het zou mij verbazen.

 

Een van de volgende projecten is een wildsuiping voor het huis. Ik leg de contouren ervan alvast uit. Daar gaan we dus dan ook voeren en de liksteen plaatsen. Eerst komen de beesten alleen ’s nachts drinken, maar op den duur wennen ze aan de aktiviteiten in en rond het huis. Mauritz vertelde op mijn verjaardag een vriend te hebben die nogal een partybeest is. Elke avond feest met veel Bier, Weib und Gesang. De beesten trokken zich daar op den duur nix meer van aan. Als ik nog met de contouren bezig ben, roept Elisabet madam, madam, Abram het een Cobra. Gaan kyk by die workshop. Ik spoed mij naar de bezienswaardigheid. Het blijkt een volwassen Puff-Adder te zijn. Lag bij het gastenhuis.  70 cm lang en mijn polsdik.

 

Pof Adder

 

Abram heeft hem aan iets puntigs gespietst en Jan probeert met een botte takkenschaar z’n kop af te knippen hetgeen jammerlijk mislukt en het beest nog meer te lijden heeft. Vervolgens komt de spa er aan te pas waarmee de kop  van het lichaam gescheiden wordt. Jan en ik hebben er beiden zwaar de pest over in, maar ’t kan echt niet anders bij het huis. Ik verwijt mezelf dat ik al ….tig keer mijzelf heb voorgenomen zo’n slangentang aan te schaffen, maar dat nog steeds niet gedaan heb. Dan kun je het beest (z’n kop) in de tang nemen en  in een ton met schroefdeksel doen om hem  kilometers verderop weer loslaten. Het lijf blijft kronkelen omdat het hart van zo’n beest halverwege tot achter in de staart. Ik betuig mijn spijt aan het prachtige beest en strijk even over z’n dode achterlijf om te voelen hoe zacht hij is. Niet zo zacht als de  Phyton die ik ooit in Mae Hong Song (Thailand) aaide zo blijkt, maar toch dood en dood zonde.

 

De slang gaat door Abram begraven worden omdat de reuk van het dode beest weer anderen aantrekt. Dat is ook de reden dat hij niet in de vuilnis-verbrand-ton mocht: de reuk waar de anderen op afkomen. Slangen ruiken met hun tong en daar vangen ze ook de vibraties van hun omgeving op. Daarom ziet men dat gevorkte tongetje ook steeds heen en weer schieten. Het is dus gelijktijdig  z’n oog, oor en neus voor zo’n beest.

 

Het is de gehele dag hoopvol zwaar bewolkt geweest, maar regenen: ho maar. Ik probeer om een beetje korting te bedingen op de bushtents waarvan ik  voornemens ben er 3 te gaan bestellen. 9 à 10 weken levertijd na het storten van 50% deposit. Ben benieuwd of het gaat lukken. Neen dus. Mischien moet ik gewoon even verder zoeken want zij zijn vast niet de enige fabrikanten ervan.

 

Jan besluit dat we toch maar eens met ons skietijzer moeten gaan oefenen met de ervaring van vandaag met de Puff Adder. Hij neemt een verhuisdoos en tekent daar een roos op. Dan moeten de kogeltjes in het ding. Het doosje zonder dekseltje inmiddels zet Jan op een instabiele ondergrond waardoor ze omvallen. Tussen het grind. En daar liggen dan de kostbare kogeltjes. Maar met een magneetje weet ik ze toch bijna allemaal weer op te vissen.

 

De doos als schietschijf gaat hopeloos mis. Dan dus maar de gespaarde bierblikjes welke Jan boven op de doos plaatst. Ik bak er echt nix van. Maar dan vertelt Jan dat een klein viziertje op zit en dat het piemeltje aan de voorkant precies in het gaatje aan de achterkant moet vallen en je dan je beoogde doel raakt. Ik knal achter elkaar twee bierblikjes van de doos. Genoeg geoefend voor vandaag en geslaagd vind ik zelf. Ook Jan is  tamelijk succesvol.

 

Woensdag 28 maart

 

Slaag jou leerlinglisensie maklik

 

Gistertavond is er letterlijk één druppel in de regenmeter terechtgekomen, minder dan een mm. Vanochtend is het weer geheel bewolkt en het miezert een beetje, maar je kunt gemakkelijk tussen de miezerige druppeltjes doorlopen zonder nat te worden. Maar volgens de radio worden er hier zware regenbuien in het weekend verwacht.

 

We hoeven niet eens tot het weekend te wachten want inmiddels begint het echt te regenen en dat gaat de hele dag door. We krijgen uiteindelijk 23 mm. Nog nix vergeleken met wat we eigenlijk nodig hebben. Dat is zeker 100 mm. Bij het boodschappen doen in Ellisras regenen we overal kleddernat maar iedereen is blij. Jan heeft een “map” van Pretoria nodig en we stuiten bij de boekhandel ook op het boekwerk slaag jou leerlinglisensie maklik. We moeten immers opnieuw een rij-examen afleggen. Er is ook een engelse versie beschikbaar, maar we wonen nu eenmaal in S.A. en dan zul je ook S.A. spreken en leren ook! Daarin worden allereerst uitgelegd die voertuig se beheer meganismes. Dus waar het koppelaarpedaal, voetrempedaal, versneller, truspieël, kantspieëls, ruitveërs en ruitveërskakelaar, snelheidsmeter en temperatuurmeter zich bevinden.

 

We halen onze definitieve nummerplaat voor de auto op BJY 755 L. Boer Jan (de Y kan ik nog even niet thuisbrengen) 755 (is ons kengetal) en de L is van Limpopo. En ik raak weer eens een zonnenbril kwijt. Mijn mooie paarse. Net zoals mijn paarse in NL: ook spoorloos verdwenen. En het begint steeds erger te worden met dingen die zoek zijn. Ongelofelijk irritant en ik erger me mateloos aan mezelf hierom. Jan schildert mijn toekomst: het wordt nog vééél erger! Hij kan het weten. 

 

Als we thuiskomen is ons personeel totaal verkleumd terwijl het helemaal niet koud is. Lekker juist. Sakkie en Oliver moeten bijgebracht met hete soep en Elisabeth krijgt een oud winterjack van mij waarvan de rits stuk is. Geel, dus staat haar geweldig. En vandaag was het uiteindelijk ook zover: Jan kon afscheid nemen van wel 7 (!!!!) hemden. Oliver zou ook nog wel een stropdas willen hebben voor de kerk en Jan belooft deze spontaan voor ze te zullen uitzoeken.

 

Donderdag 29 maart

 

Officieel bericht dat de plaas nu formeel van ons is, maar dat het nog wel zo’n 8 à 9 maanden duurt voordat het we het officiële document in bezit hebben. En Jim heeft laten weten 28 juni a.s. om 20.50 op O.R.Tambo te zullen arriveren. Hij blijft tot 23 juli en ziet er geweldig naar uit! Wij ook hoor Jim!

 

Wonderlijk genoeg zien we overal nieuwe groene grassprietjes en ook de bomen hebben opeens nieuwe verse blaadjes. Dat wordt nooit meer genoeg om de beesten de winter door te helpen, maar het is wat. Het is nog steeds zwaar bewolkt en hopelijk volgt er meer regen zoals voorspeld.

 

Neil van Zyl meldt zich met zijn staff om de machine te komen lassen (sweissen in afrikaans, tevens min of meer duits). En ik ga een poosje naar de wildsuiping. Heeft eigenlijk niet zoveel zin want er is nu zoveel water in  holletjes in de stenen op de plaas dat het wild helemaal niet naar de wildsuiping toehoeft. Inderdaad, alleen de rooibokkies in de buurt maar verder niets. Dan gaan we maar even bij Neil z’n vorderingen kijken. Ik rijd die bakkie en krijg instrukties van Jan hoe dat moet op heavy 4x4 terrein. In z’n low-gear sukkelt de bakkie vanzelf de berg en het pad met overal losse rollende klippe af. Maar ongelofelijk inspannend, je aandacht mag  geen miliseconde verslappen. Want je ligt zo in de kloof.

 

Neil is al zo zwart als een tor maar het lassen gaat goed. Ze hebben de machine opgekrikt en met een tractor wordt het lasapparaat van stroom voorzien. In de dam staan een paar miniscule plasjes water, de 23 mm reflecteert daar in ieder geval niet in. Maar duurt ook nog zeker twee jaar voordat de bodem zich gezet heeft en van voldoende sediment voorzien. Daarom sukkelen we maar naar de rivier om de toestand daar te bepalen. Er zitten een paar hele stijle stukken in het terrein, maar uitiendelijk komen we gewoon heelhuids beneden bij de rivier aan. Gelukkig staat Jan achterop de bakkie zodat ik van al diens commentaar verschoond blijf. Want in zijn ogen kan alleen hij zelf goed autorijden, verder niemand. Laat ik dat nou toevallig hetzelfde van mezelf denken! We lopen een stukje langs het riviertje waar inderdaad iets meer water in staat. We komen een soort reiger, maar dan bruin, tegen. Een paar grote lizards, maar geen grotere zoogdieren.

 

We sukkelen maar weer terug, via Neil, naar boven naar het huis want we moeten nog naar Pat die jarig is. Wordt 67. Omhoog sukkelen is nog lastiger dan naar beneden want er zitten een paar keien in de stijle stukken die je moet zien te omzeilen zonder links het ravijn in te storten. Neil is klaar met lassen, morgen wordt het gevaarte naar de gate gebracht om daarna op een grote truck geladen te worden. Neil komt met een andere machine tzt (???) terug om de dam af te maken belooft hij plechtig.

 

We komen zonder deuken en heelhuids weer thuis. Toch wel een self accomplishment want ik zag er al geruime tijd als een  berg tegen op om de tocht naar de rivier te aanvaarden.

 

Eenmaal bij Pat, en na de felicitaties and hugs te hebben overgebracht, komen Paul en Nellie (buren en Paul is de pa van Dawn) ook op bezoek.  Paul 83 en Nellie 70. Zij hebben 128 mm regen gehad. Wonen nota bene tegen ons terrein aan! De regenmeter kon het niet aan. We kletsen en drinken wat en dan is het al weer donker.

 

Taiga gaat in het donker nog een uurtje of zo z’n eigen gangetje. Maar als ik het roep komt hij keurig aangelopen, springt op het terras en gaat binnen ogenschijnlijk geheel tevreden languit op het tapijtje liggen. Want z’n aversie tegen de kattenbak wordt met de dag groter. Bespaart ons tevens kosten en  werk om het schoon te houden.

 

Vrijdag 30 maart

 

Vannacht weer 7 mm water gekregen. Er staat een boompje naast het huis dat opeens witte bloemetjes blijkt te hebben en mijn eerst aangeschafte bougainville begint geel te bloeien (verkeerd woord, maar goed). Het is nog steeds zwaar bewolkt dus mogelijk komt er nog meer zegen van boven.

 

Het gele monster

 

Al een tijdje horen we het geluid van een auto en de machine bij de Dam. Als hij vlak in de buurt is gaan we maar even kijken. Een bezienswaardigheid op je terrein die je je toch niet kunt laten ontglippen wel? Het gele monster komt langzaam omhoog gekropen, diepe wonden in de grond met z’n rupsbanden achterlatend. Maar de swarte machinist die we al een paar keer gezien hebben, doet het zo voorzichtig mogelijk en dat gaat hem goed af. Ogenschijnlijk geheel relaxed bestuurt hij het gevaarte met de nodige precisie. Allemaal aardige, ontzettend handige en kundige mensen so far.

 

Sakkie moest vanochtend de pomp aanzetten, maar deze deed het niet. Ik besluit om de black box maar eens te gaan bestuderen want daar staat een hele waslijst met storingsverschijnselen in beschreven en hoe daarmee om te gaan. Ik ga het voor een ieder duidelijk leesbaar overtypen en als ik alle mogelijke vormen van storing lees, de waarschuwingen en wat je allemaal beslist N I E T moet doen, dan is het een godswonder dat het ding het tot de dag van gisteren nog gedaan heeft. Want de eerdere gemelde problemen werden door Jan c.s. met trial and error opgelost. De wonderbaarlijke genezing waar ik het eerder over had, was dus helemaal geen wonderbaarlijke genezing. Maar een voorgepro-grammeerd resetmechanisme dat afhankelijk van het type storing na 5 minuten (uitlopend tot 4 uur) vanzelf weer aan de slag gaat.

 

Verder staan Sakkie en Abram met de pikhouweel de nieuwe wildsuiping uit te hakken. Ze komen vooral veel rotsen tegen, maar al kwekkend wordt het gat steeds groter. Ik verheug me heel erg op deze nieuwe wildsuiping zo vlak bij het huis. ’s Nachts komen de beesten sowieso al dicht bij het huis, want elke ochtend verse sporen en droppings.

 

Pompellende

 

De pomp wil nog steeds niet en Jan, Abram en Sakkie gaan polshoogte nemen. De pomp gaat het niet meer doen ook omdat de electriciteitskabel is doorgeknauwd. Door een Porcupine. Zo’n stekel-varken met hele lange zwart-wit geringde stekels. (Kudu’s blijken het trouwens ook heerlijk te vinden om op zo’n stuk kabel te kauwen). En tot overmaat van ramp is de electriciteitskabel vlak bij de pomp doorgebeten en in z’n geheel in het boorgat van 150 meter diep verdwenen.

 

Jan c.s. zijn uren bezig om de pomp en 150 meter slang naar boven te halen. De slang moet helemaal uitgelegd worden om er geen knikken in te laten komen. En als ze dat dan uiteindelijk voor elkaar hebben, is er nog net tijd genoeg om naar Ellisras te racen om onderdelen te kopen om de boel weer hersteld en aan de gang te krijgen. Tegen half 7 zijn ze terug met lege handen. Want Ellisras Bou en Hardeware heeft de onderdelen niet en de winkel die hen in “Onverwacht” (een soort satelliet dorp van Ellisras)  is geadviseerd kunnen ze niet (althans niet tijdig) vinden.

 

Bij wijze van compensatie heeft Jan op de terugweg de toeristische route genomen. Ons Witkoppad, maar dan vanaf de andere kant. Een uitermate scenic drive die we spoedig ook samen maar weer eens moeten gaan maken. Jan vertelt dat Abram hem op enig moment op ons huis wijst: hoog boven op de berg. En als Jan dat vertelt weet ik het opeens weer: vorig jaar hebben we bij Dieter gelogeerd omdat diens plaas hoog op Jan z’n verlanglijstje stond (en door mij tenslotte afgewezen vanwege zicht op de Matimba powerplant, en de zwart geteerde palen in het huis die slecht voor je gezondheid zijn en waardoor je altijd hoofdpijn hebt). We hebben het pad toen dus ….tig keer gereden en toen was mijn oog ook al gevallen op dat prachtige huis boven op de berg. En dacht wauw, dat is nog eens een room-with-a-view! . En nu wonen we er!!!!!

 

Maar intussen is ook de krag weer eens verdwenen. Abram en Sakkie gaan doodmoe zonder kos te kunnen koken  of douchen naar bed. Wij kunnen dus ook niet koken, maar Jan weet voor zichzelf op de campinggasbrander in de keuken toch iets in elkaar te frutselen. Tegen 21.00 uur komt de krag weer terug, maar dan vinden wij het ook tijd om naar bed te gaan. Morgen is er weer een dag toch?

 

Zaterdag 31 maart

 

Om 07.30 uur staat Abram paraat, was immers zo afgesproken. Maar Sakkie is er ook om te kijken hoeveel water er nog in onze 4 tanks zit, maar wil bovendien niet in z’n eentje in de staff quarters achterblijven. Hij houdt Abram dus gezelschap. Wij gaan naar Vaalwater naar de postbus, maar met als eigenlijke doel: de wildveiling.

 

Bij het postkantoor blijkt mijn pakketje met crèmetjes aangekomen. Niet helemaal zoals besteld, maar ze hebben er hun best op gedaan iets moois van te maken. Veelbelovend, dus de foutjes zullen wel worden hersteld is mijn veronderstelling.

 

Bij Vaalwater Besproeiings koopt Jan de onderdelen voor de waterpomp en dan begeven we ons naar de veiling. De bedoeling is dat je een veilinglijst meeneemt, de beesten gaat bekijken waarna dan op enig moment de veiling begint. Het is erg druk, maar ik zie het als een soort “paardenmarkt” die we in Nederland één keer per jaar hadden. Weinig paarden, maar veel straathandel met allerlei volstrekt overbodige prullaria/hebbedingen.

 

De Wildsveiling

 

Zo is het niet helemaal. Er staan hele grote “pens” (hokken) waarin de beesten zich bevinden met lotnummers en de samenstelling van het lot. Zoveel mannetjes, vrouwtjes, kinders. Je kunt alleen door kijkgaten naar de beesten kijken en je moet je kwek houden. Maar die beesten zijn ook niet achterlijk: ze ruiken de mensen natuurlijk en kijken je recht in de gezicht aan. Veel Gemsbok, Eland, Kudu en Rooibok. Paar Zebra’s. Maar ook twee Rhenosters (witte neushoorns) en schone Buffels. Schoon betekent vrij van MKZ. Ik ben benieuwd wat ze gaan opbrengen, maar weet uit ervaring dat ze loei duur zijn.  En tenslotte 2 lots met ieder 3 Kamelperde. Zo prachtig.

 

Alle beesten zijn tamelijk kalm, maar mogelijk volledig in een stressdeuk of shock. Eén grote Kudu-bull heeft een wond op z’n gezicht. Die zal het dus met diens ‘capture” wel niet eens zijn geweest.  Voor dit soort beesten is het meestal het voorstadium voor hun dood. Het zijn immers zogenaamde Trophy’s die worden gekocht om op een farm te worden uitgezet, waarna de international hunters komen om hen tegen 3 à 4 de aanschafprijs weer te komen afknallen.

 

We lopen al snel Letty, Pat, Thorstein, Dominique, Michelle, Libby, George en de kleinkinders Bradley en Jordan tegen het lijf. George is gekomen om wat te kopen onder druk van z’n pantoffel regering zoals hij zijn vrouw Lesley en z’n dochter Michelle noemt. De stoelen zijn allemaal bezet, met uitslutiend witte zuid afrikanen en iedereen zit te eten of drinken.

 

Het gebed

 

Als het feest eenmaal gaat beginnen komt er eerst een “Minister” (dominee) die een paar verzen uit Mattheüs leest. Dat gaat over wat het veld ons geeft. En in zijn gebed gaat hij in op de droogte en het feit dat wij vertrouwen moeten blijven houden in het feit dat OLH ons daar door heen zal helpen. Dat heeft hij immers altijd al gedaan. And believe it or not, maar binnen 3 kwartier staat Vaalwater helemaal blank. Toegegeven, het was bij het gebed al zwaar bewolkt, maar toch. Wij krijgen op de farm geen drup.

 

De helft van de veilinglijst moet gecorrigeerd omdat de Rooibokkies en Njalas door elkaar zijn gehutseld, maar dat geht’s los. In Afrikaans afgewisseld met Engels. Aanvankelijk denken wij dat de prijzen die worden afgemijnd voor de hele lot zijn. Dus bijvoorbeeld ZAR 700 voor de lot van 9 Rooibokkies, maar het blijkt de prijs per dier. Netzoals met diamenten: je koopt een zak met rijp en groen.

 

De schone buffels gaan voor ZAR 70.000 (EUR 7.250) per stuk naar iemand die via de cellphone zit te bieden. De Elanden (waarvan wij er dus kennelijk heel veel hebben, maar zelden zien) voor ZAR 5500-6000 per stuk. Tel uit je winst!!!

 

We moeten helaas weg van die verdomde pomp zit ons in ons maag, maar Louis Grobler komt ook nog langs met zijn aannemer om een kwotasie te maken voor een aantal bouwwerkzaamheden. Maar eerst nog even langs de Spar voor wat boodschappen en Jan biedt aan om de Giraffes toch maar te gaan kopen. En die moeten dus achter op de bakkie terwijl het knalhard begint te regenen dankzij het eerdere gebed. Ze worden in noppenfolie ingepakt en op de Tarroad zal dat verder wel goed gaan. Maar eenmaal bij onze dirtroad aangekomen ga ik ook maar achter op de bakkie zitten en probeer ze zo maximaal voor schokken te behoeden. Hun koppies steken bij het bakkie, ik heb pijn in al mijn spieren, maar ze komen heelhuids aan. Baie Dankie Jan vir die Kamelperde!

 

Jan gaat met z’n onderdelen en de jongens naar de pomp en ik ontvang Louis met Adam. Adam is klein, zwart met een aangenaam open gezicht en geheel in stijl zoals een echte aannemer betaamt: in een Mercedes.

 

Hij bekijkt het huis en ik laat hem mijn diverse plannen zien tot aan de Grohe rainshowers met thermostaat kranen aan toe. Hij bestudeert het nauwkeurig en ziet geen problemen. Wat de keuken betreft heeft hij weet van Miele en ook de vrijstaande kraan bij de toekomstige Jacuzzi heeft hij onlangs in Pretoria nog gezien. Het zal mij benieuwen, maar we wachten eerst z’n kwotasie maar eens af en laten hem met het simpelste (de staffquarters) beginnen allvorens “ja” tegen de volgende opdracht te zeggen.

 

A.s. donderdag reeds denkt hij een kwotasie gereed te kunnen hebben om te bespreken. We zijn beniewd!

 

Jan heeft wat onderdelen vergeten om de pomp weer te her-installeren. Ik ga die dus even halen. Een ritueel wat nog 3 maal herhaald moet worden. Maar uiteindelijk blijkt de pomp toch niet te werken en ik ga maar naar George om hulptroepen in te roepen. Letty vertelt mij al dat George 2 Kamelperde heeft gekocht en al spoedig brult Michelle that they have been doing very good and nice shopping today!. Inderdaad, 2 Kamelperde, Zebra, Njala en Kudu aangeschaft. De Waterbuck is niet gelukt. Pa zat te pitten aldus Michelle. Mogelijk komen de beesten vandaag al of anders morgen. Ik laat ze beloven mij te bellen zodra het zover is, want ik wil de Giraffes afgeladen zien worden. ZAR 15.000/stuk.

 

George komt mee naar de pomp op z’n quadbike. Grappig gezicht zo’n kort dik mannetje van dik 60 met fleeceshirt en backpack met tools op de rug op zo’n quadbike. Maar tegen de tijd dat George arriveert doet de pomp het weer. De storing van zoeven werd waarschijnlijk veroorzaakt door het feit dat het lijm/hars waarmee de verbinding was gemaakt nog niet helemaal droog was en stroom liet lekken. Weer een wonderbaarlijke doch oh zo te verklaren genezing.

 

We kunnen de pomp dus weer laten zakken in z’n schacht. Abram en Sakkie bij het gat, ik in het midden en Jan aan het eind van de slang. En naar mate de pomp dieper zakt moet je meer kracht zetten om hem niet naar beneden te laten kletteren. Maar om 18.30 uur is de klus eindelijk geklaard en zijn we met z’n allen toch leuk weer een hele dag van de straat geweest.

 

Ik heb bij de boys nog wat extra kos in hun koelkast gelegd, nadat ze vanmiddag al een héél extra brood hadden zitten opkanen met een pot chocoladepasta waarvan ik niet had verwacht dat er nog iets in achter zou zijn gebleven. Maar toch, er zit nog een restje in. Gisteren kregen ze een koekie bij hun Cola. Na het nuttigen ervan bracht Sakkie de koekies terug naar de keuken was mijn best guess, maar neen, ze gingen mee de bakkie in richting Ellisras en waren al op nog voordat ze het portier hadden dichtgeslagen. Dat is hier kennelijk goed gebruik: je neemt niet één koekie, maar eet gewoon de hele verpakking leeg.

 

 

Last Updated on Wednesday, 12 May 2010 08:57
 
April 2007 PDF Print E-mail
Written by Maya   
Sunday, 17 January 2010 09:54

Zondag 1 april.

 

Jan gaat de pompklus afmaken want de leidingen moeten weer ingegraven etc. Hij loopt te mopperen want iets stoms gedaan waardoor de hars niet op de juiste plek, maar over z’n handen liep. Verder lijkt het de gehele dag of het gaat regenen, maar weer nix. Het weer is hier bizar. Al dagen lang rondom onze plaas bij de buren inkt- en inktzwart met zware regenbuien, storm en onweer, bij ons blauwe hemel en stralende zon. Ik kijk ernaar als naar een film of het journaal waarbij beelden van hevige stormen worden getoond.  Het water is de gehele week al te koud (20 – 21 graden, brrrrrrr!) om te zwemmen, dus er moet een list verzonnen worden om de watertemperatuur omhoog te krijgen. Met een klein pompje, koperen leiding en zwarte achtergrond. Dat moet Jan wel lukken om dat in elkaar te prutselen.

 

Bobbejaanspin

 

’s Avonds (Jan kijkt voetbal) zit ik op het terras, lekker in een deken gewikkeld. Komt er opeens een grote schaduw aangemarcheerd over de stoep. Een reusachtige spin. Zet je hand met gekromde vingers op een tafel: dat is ca de afmeting van de spin. Ook zo hoog op z’n poten. Eenwandelendee hand, maar dan niet met vijf maar acht vingers. Ik zeg tegen hem pardon me, who the hell  invited you here?   Hij negeert me volkomen en marcheert gewoon door, de gehele stoep over. Ik had hem beter in het afrikaans kunnen aanspreken waarschijnlijk. Deze griezels, een bobbejaanspin,in die geval  heb je dus de gehele dag om je heen, maar laten zich overdag gelukkig niet zien! 

 

Maandag 2 april.

 

Elisabeth vertelt dat baas George Kamelperde gekoop het en dat sy gesien het die beeste word afgelaai. Sy het die Kamelperde van die kar af sien spring, en Kudu’s, Njala’s  en Sebras.

 

Papierrompslomp

 

We moeten weer een heleboel papierwerk voorbereiden voor onze permanente permits, leerling rijbewijs, contracten met Eskom. Er moeten belachelijke bedragen aan Telkom en Eskom worden betaald om alles op Oosterhoff Investments CC overgeschreven te krijgen inclusief deposits. En als je nu waar voor je geld kreeg. Maar bijna elke dag is de krag wel weg, en van de 8 weken die we hier wonen heeft de telefoon het er alles bij elkaar nog geen 3 gedaan. Nu al weer een week uit de lucht. Faxen sturen en ontvangen gaat dus ook niet.

 

Ik bestel uiteindelijk de 3 Bosveld Ranger Bushtenten. Levertijd 9 à 10 weken, maar eerst de helft aanbetalen. Nu is dit een vertrouwd adres waar ook George zijn tenten gekocht heeft. En hij kent de mensen in Joburg persoonlijk.

 

Ik probeer nog maar weer eens een nederlandse cliënt, tevens “vriend”  aan de bel te krijgen. Hij is me sinds 3 jaar EUR 10.600 schuldig, maar betalen ho-maar. Het aantal smoezen was tot voor kort groter dan de omvang van de  3-delige Dikke Van Dale samen. En nu laat hij gewoon helemaal nix meer van zich horen. Beantwoord telefoontjes, SMSjes en emails gewoon niet. Zal wel denken: die zitten lekker ver weg en voor EUR 10.600 komen ze heus niet terug. Van je vrienden (best man at your wedding on Nassau) moet je het maar hebben.

 

In het Landbouweekblad lees ik dat de vrouw van Adré (Biltong) Botha, ondernemersvrouw van het jaar 2007 is geworden inclusief de foto’s van het gelukkige ietwat te dik uitgevallen slagers-echtpaar tussen alle overige, inmiddels afgevallen (in figuurlijke zin gesproken) dames.

 

Dinsdag 3 april

 

Bij de wildsuiping zie ik een Red Duiker. Een kastanjekleurige kleine Antilope soort. Had ik nog niet eerder op onze plaas gezien. De telefoon wordt ook weer gerepareerd en we krijgen nieuwe instructies in geval van onweer. Niet alleen de stekker uit het stopkontakt, maar ook nog de telefoonplug uit de fax is het advies. Ben benieuwd hoelang het systeem dit keer standhoudt.

 

Home Affairs

 

Ik probeer Adam te bellen bij Home-Affairs in Ellisras. Dat is de persoon waarmee we het interview zullen hebben in verband met onze aanvraag voor een permanente vergunning. Adri (van Niekerk te Pretoria; onze consultant die alle documentatie voor de tijdelijke en permanente permit heeft voorbereid) doet al meer dan een maand verwoede pogingen om zo’n afspraak voor ons te regelen, maar de man lijkt onbereikbaar. Gisteren toen ik het probeerde was hij er inderdaad ook niet. En vanochtend, is hij er wel, maar boodschapjes doen in het dorp. En rond twaalf uur krijg ik steeds een ingesprektoon. Zeker lunchpauze. Maar rond half één krijg ik Adam aan de bel, ik vertel wat ik wil en of wij een afspraak kunnen maken. Ik doe alles in m’n beste afrikaans, en Adam vraagt of wel alle documenten op orde hebben. Volgens mij wel. Kom dan maar zegt hij. Nu? vraag ik ongelovig. Ja nu. Nu duurt een uur zeg ik hem, maar geen probleem. Jan legt de hand aan de laatste financiéle gegevens die ik van internet geplukt had, ik neem veiligheidshalve ook maar onze dossiers van de CC en Staff mee. En met een boodschappentas vol gaan we op weg, niet wetend wat ons te wachten staat.

 

Home-Affairs is gevestigd naast Ellisras Bou en Hardeware, dus niet moeilijk te vinden. Echt een overheidsgebouw met posters van kalenders van lang voorbije jaren aan de muur. ….tig verschillende soorten archiefkasten waarvan de laden deels openhangen of deurtjes waar een sleutel in moet zitten openstaan. Met interventie van de portier kunnen we vrijwel direct doorlopen. Een grote swartmens met groot rond doch vriendeljk hoofd komt ons in de gang tegemoet. Hij neemt ons mee naar een kamertje waar een mevrouw druk zit te telefoneren en een andere meneer achter z’n bureau zit, maar zonder ogenschijnlijke werkzaamheden  te verrichten.

 

Hij vraagt ons of we terug willen naar Nederland. Doe me een lol zeg, denk ik, maar formuleer dat op nettere wijze. Dat was dan kennelijk het interview want hij laat ons nu over aan Esther die inmiddels is uitgebeld. Blijkt ook een aardige meid die druk in onze documenten gaat zitten bladeren en allerlei lijstjes uit een chaos aan andere papieren trekt om te bezien of ze alles wel goed doet. Want het is geen klus die ze elke dag doet alhoewel: gisteren was er ook al een meneer van het Witkoppad. Van Indube. Ik  vraag haar: was zeker Daniël, belg, kort, dik  en rond? Ja, inderdaad. Een van de buu-rmannen die op mijn verjaardag was. Wat een toeval zeg.

 

Op dit kantoor geschiedt alleen de administratieve voorbereiding waarna de handel naar Pietersburg wordt gestuurd. Maar Esther waarschuwt ons al dat Limpopo met alles achterloopt, dus ook met de behandeling van dit soort dossiers. En dat dat dus niet haar schuld is. Voor onze ID-card moeten onze vingerafdrukken worden genomen. Niet eentje, maar van alle vingers, en dan nog eens per hand van de vier vingers naast elkaar met nogmaals de duim apart erbij. 14 afdrukken bij elkaar dus.

 

Esther schrijft ons telefoonnummer nog maar eens extra op, want mischien komt ze ons wel opzoeken. Ze is van harte welkom hoor laten wij haar weten. Na een uurtje of anderhalf zijn we wel klaar, ZAR 3040 lichter en  ik ga Adam nog even baie dankie zeggen en we wachten het verder nu maar af.

 

We doen nog wat andere boodschappen en op de terugweg kun je zien dat het in onze buurt regent. Hele gordijnen water vallen er naar beneden, maar de regen weet onze plaas wederom kunstig te omzeilen.

 

Woensdag 4 april

 

Firebreak

 

Sakkie heeft gisteren het hek gecontrolleerd, maar Jan was vergeten te vertellen dat hij ook de dierenadministratie moet bijhouden. Gelukkig heeft hij onthouden wat hij zag en ik leg in ieder geval aan Abram uit hoe mijn systeem werkt. Hij zegt het te snappen en daar ga ik tot nader order dan ook maar van uit.

 

De firebreak is bijna klaar, de laatste bomen worden weggehaald en gelijk door Jan met de motorzaag in hanteerbare stukken gezaagd. De jongens laden de takken op de bakkie, en die breng ik steeds weg. Naar een stuk vlak terrein dat geheel overbegraasd is geraakt. Door het met takken af te dekken, krijgt het gras weer een kans en heb je volgend jaar weer een sappig groen weitje voor de beesten, mocht het onverhoopt ooit nog gaan regenen. Waar het dus niet naar uitziet. Want ook nu weer komt er een gigantische bui aan, je ruikt de regen, maar bij onze plaas houdt het gewoon op.

 

Aan het eind van de middag komt Sakkie met een verrassing. Hij heeft geld nodig en komt morgen niet. Hy  gaan loop by die kerk laat hij weten, en Elisabeth ook. Hoezo loop jij morre bij die kerk vraag ik. Morgen is het donderdag en er wordt pas vrijdag gekerkt. Een heel verhaal over de reis, de taxi en moeilijk moeilijk. Nu heeft Elisabeth die ochtend ook al een heel verhaal tegen mij opgehangen, maar over Maria (ik denk dus aan Maria van de overkant) iets massaals dat er op TV komt over Goede Vrijdag etc. En dat iedereen daar naar kijkt. Maria van de overkant ook. Maar echt niet dat ze morgen niet komt.

 

Sakki krijgt géén geld, maar een  preek. De eerste week van de nieuwe maand is nog maar half voorbij en alles is er al doorgejast. Dat blijkt ook bij Oliver het geval. Die heeft vorige week donderdag zijn salaris gehad, moet nu naar de dokter want hij is ziek en moet ZAR 150 voorschot hebben want bij de dokter is het contant afrekenen. Heel verstandig dokter!. Komt dus morgen ook niet. Ook hij heeft een lange preek van Jan gekregen dat dit de laatste keer is, en dat ze hun geld maar moeten gaan plannen. Maar hij krijgt z’n centen.

 

Donderdag 5 april

 

Bou en Hardeware

 

Tot onze verbazing verschijnt Oliver toch op z’n werk want hij gaat er blindelings vanuit dat Jan toch wel naar Ellisras gaat om boodschappen te doen. En dan kan hij mooi meerijden. Nu was Jan dat inderdaad van plan, want Ellisras Bou en Hardeware kan nauwelijks één dag worden overgeslagen. De man van de opslag zegt altijd “see you tomorrow” en dan roep ik stevast terug ”no, the day after tomorrow”. Nou dat zullen we dan nog wel eens zien, zo laat hij dan meestal weer weten. En dan vertelt Abram dat de rest bij de staff quarters op ons staat te wachten. Sakkie staat inderdaad gepakt en gezakt klaar, stapt in de bakkie en vertelt dat Elisabeth al vast is gaan lopen.

 

Op de dirtroad komen we haar inderdaad tegen. We spreken af vriendelijk naar haar te zwaaien toch door te rijden om haar te plagen. Dikke pret achter in de bakkie. En ja hoor, we zwaaien vriendelijk en rijden rood. En Elisabeth staat druk met haar hand te wapperen (in de andere heeft ze haar tas) dat we moeten stoppen. Grote hilariteit dus. Ze klimt ook achterin, zodat ze met z’n driën op de achterbank zitten. Elisabeth heeft zich weer mooi aangekleerd: haar rode gestreepte jasje, maar nu met rode gebloemde rok en groen hoofddeksel. En ze blijkt ook nog een flitsende zonnenbril te hebben. Ze ziet er echt schitterend uit.

 

Sjeld

 

Elisabeth en Oliver stappen bij het oude postkantoor uit. We spreken met Oliver af dat we hem daar over 1,5 à 2 uur weer oppikken. En Sakkie moet bij Shoprite uit de auto gezet. Maar hij stapt niet uit, want hy het nie sjeld nie. Boss, missizzzzzz assieblief, gé my sjeld zo bedelt hij. Waarom ze sjeld tegen geld zeggen is mij een raadsel. Uiteindelijk krijgt hij het geld voor de taxi en beetje voor eten. Maar de helft wat hij wil hebben, plus wederom een preek van 20 minuten. Dat dit zo echt niet kan en dat ik hem wel zal leren plannen. Niet alle salaris meer in één keer, maar elke week een portie zodat hij nooit zonder zit in noodgevallen. Ja, missizzzzzz, ek sal so doen soos jy sê. Het woord “mrs” spreekt hij wat eigenaardig en in wel 3 verschillende toonhoogten en zeer langgerekt uit. Klinkt wel grappig, maar nu vind ik het even helemaal niet grappig. Verantwoordelijkheidsgevoel nul en dat heeft dan ook nog een kind dat binnenkort een keer naar school zal moeten.

 

Oliver is na een uur al klaar en staat opeens bij onze bakkie. We worden goed in de gaten gehouden en het lijkt soms wel of de staff onze gedachten kan lezen. Op de terugweg gaan we bij het tuincentrum aan. Ook in Nederland al een attractie waar je echt niet zomaar voorbij kunt rijden. We kopen een bougainville met bont blad, een soort vingerplant die Jan node in NL heeft moeten achterlaten en die hij nog van het SVO geërfd had, een rode chinese roos en iets wat op een Lantana lijkt, ook rood. Flinke planten allemaal trouwens. Totale kosten ZAR 135. Bij het tuincentrum staat een swartmens te liften. Moet weliswaar naar Pretoria, maar hij gaat toch mee.

 

Ik ga aan de slag met m’n planten en wil de oude idle thickdispenser bij de dam ophalen. Kunnen we dan alvast bij de wildsuiping-in-wording plaatsen. Er zit helaas geen voorraadvaatje meer op de paal waar het thick-liquid in moet. En het ligt ook nergens in de buurt meer ook. We vinden er ook nog een oude watertrog. Verroest weliswaar maar tijdelijk nog best bruikbaar. Jan klimt achter in de bakkie om het oude ijzer op z’n plek te houden en ik sukkel in the lowgearing weer de berg op. Ik begin er zelfs aardigheid in te krijgen.

 

Er zitten wel een paar kleine gaatjes in de watertrog zo blijkt, maar Jan weet wel een oplossing, schroefjes, ringetjes en moertjes. Goed vastdraaien en klaar is Kees. En inderdaad de bak is ca geheel weer waterdicht. Jan begrijpt mijn ongeduld wel, maar vindt het niet verstandig om de spullen nadat ik alles heb schoongemaakt naar de nieuwe wildsuiping te brengen. Want straks moet er beton gestort worden en daar lopen die beesten dan dwars doorheen. Tja, daar heeft hij een punt natuurlijk. We laten de spullen dus  bij de workshop staan, maar ik doe er wel alvast wel water in en een soutsteen onder in the Thickdispenser.

 

Vrijdag 6 april

 

We blijven opruimen rond het huis en ik verf de bak zwart waar Jan z’n koperen-pijpen-uitvinding moet komen om het zwembadwater wat warmer te krijgen. Dan belt Letty met de mededeling dat haar schoondochter Cherylee uit Pretoria is aangekomen en nog wat shoppingblaadjes voor me heeft meegebracht. Ze komt wel even naar ons toe als dat schikt. Natuurlijk schikt dat en een kwartier later staan ze op de stoep inclusief Bradley and Jordan, Cherylee’s zoons. En weer een grote heerlijke chocoladetaart. Keurig opgevoede en uiterst beleefde knulletjes trouwens die braaf gaan zitten en wachten tot de visite over is.

 

Aan het eind van de middag gaan ze een gamedrive maken op hun terrein en ik moet ook komen om hun nieuwste aanwinsten, o.a. de Kamelperde te komen bewonderen. Ik ga maar even op de fiets, want Jan is druk met het afvoeren van rommel naar de factory. Oud ijzer, prikkeldraad and you name it. Letty c.s. hebben 80 ha terrein, maar met veel internal roads lijkt het een hele lap. De Kamelperde laten zich niet zien, maar de nieuwe aanwinsten Njala’s en Sebra’s  wel. En bij hun buren (Tswana plaas) staan pappie, mammie en babietje Rhenoster naar ons te kijken.  Het zijn white Rhino’s. Heeft niets met de kleur te maken, maar verbastering van “wijde bek” .

 

De dag is,  zoals alle anderen, weer omgevlogen. Nog even lekker lui op het terras naar de sterren kijken en als ik uiteindelijk naar binnen ga, zit er een hele grote wandelende tak op één van de hordeuren. Zijn lange magere lijf is zo’n 20 cm lang, en z’n 6 nog veel dunnere pootjes zo’n 15 cm. Ik raak z’n pootjes voorzichtig even aan, o zo fragiel, maar hij maakt helemaal geen aanstalten om zich uit de voeten te maken. Waar dit soort rare beesten zich overdag toch allemaal ophouden is mij een raadsel.

 

Zaterdag 7 april

 

Sjop sjop

 

Oliver en Abram zijn gisteren geen kos meer komen halen. Maar vanochtend staan ze opeens op de stoep. Abram in een rode trui van Jan en Oliver voelt zich dank zij de pillen van de dokter weer helemaal sjop, sjop. Een woord dat tesamen met de duimen omhoog wordt gebruikt als alles in orde is. Ik ben net met het ontbijt bezig en vraag of ze thee willen. Een domme vraag, want ik heb nog nooit “neen” op zo’n vraag gehad en ze hebben nog nimmer iets afgeslagen.  Ze zeggen m’n blommen prachtig te vinden. Leuk dat het ze opvalt. Abram komt hun theekopjes afspoelen en Jan brengt ze met hun handeltje weer naar huis. Ze vertellen dat ze gisteravond bij de staff van buurman Ben Schutte (ze zeggen hier dus “Skutte”) gebraaid hebben. Nu moest ik Ben ook nog bellen om een afspraak te maken. Hij komt over twee weken naar de farm en dan gaan we elkaar ontmoeten. Z’n farm wordt geheel door swartmense (waaronder ene Klaas) gerund.

 

In de tuin staan nog lelijke verroeste palen waar we het gaas al van verwijderd hadden. Die moeten vandaag dus verwijderd. We halen er 4 uit, want dan is de slijpschijf van de haakse slijper vrijwel geheel opgebruikt. Ik hou de boel maar nat met de slang, want dat slijpen vonkt geweldig. De zwarte waterslang die dwars door de tuin ligt, wordt alvast richting nieuwe wildsuiping gelegd. Ik breng het oude ijzer naar de factory en rij op de terugweg langs de wildsuiping. 2 prachtige Kudu-vrouwen en ik meen 3 kleintjes. Er staat dus ongetwijfeld nog ergens een Kudu-vrouw naar mij te kijken. Ze gaan op een afstandje staan kijken en ik laat ze verder met rust en ga de kraan naar de wildsuiping open-zetten. Er mag wel wat water bij.

 

Ik heb al twee dagen mijn email verslonst, dus dat moet rechtgezet. Een gezellige lange mail van Marjelle, Paul wil ook wel op de verzendlijst van Taiga-in-Africa, de Vestjens zijn weer gearriveerd, Hans heeft z’n weblog weer bijgewerkt en ik krijg mijn contactlens gegevens van Bert en Emelien doorgemaild. Als ik beneden kom hoor ik een heel bekend geluidje: een Kingfisher (IJsvogel). Hij zit op het muurtje tussen de keuken en het gastenhuis. Ik begrijp niet goed wat hij hier moet, want alles wat we hebben is een gechloreerd zwembad. Mischien is het wel dezelfde (maar nu volwassen) die in de eerste week dat we hier waren in huis zaten. Bij de rivier zie ik ze trouwens wel vaker.

 

Erwin Drol

 

Het begint vervaarlijk te onweren, maar ik heb er géén vertrouwen meer in dat het gaat regenen. Leuk om te vertellen is nog wel dat Erwin Drol ook op BVN het weer doet en dan vertelt welk een prachtig weer we hier in S.A. hebben. Nou is het voor nederlandse begrippen inderdaad prachtig, maar iedereen zit hier om regen te bidden en smeken. Hij krijgt dus zelfs post dat het weer hier helemaal niet prachtig is, integendeel! Waarvoor  zijn verontschuldi-gingen. Maar eerlijk is eerlijk: het is hier al 9 weken het mooiste weer van de wereld hoor.

 

De dag krijgt een totaal andere wending omstreeks 16.00 uur. Het lijkt nu echt te gaan regenen. Ik ga op de stoep kijken wat daar allemaal gered moet worden aan kussens etc. De regendruppels maken wel een erg raar en zwaar geluid op het dak en tot mijn verbazing zie ik grote hagelstenen naar beneden komen. Neen de droogte is heus niet naar mijn hoofd gestegen: ik heb foto’s als bewijs! Ik kan beter mijn planten gaan redden, want de vingerplant, Cana en Chinese Roos stellen dit vast niet op prijs. Het blijft een poosje regenen na de hagelbui, maar veel stelt het niet voor: 4,5 ml. Maar alles is lekker opgefrist en het zonnetje breekt toch nog even door. Maar conform goed gebruik is de krag weer weg. Dat wordt dus weer op een houtje bijten straks.

 

Ik ga nog even de stellage van afvalhoutjes en plankjes verven die Jan heeft gemaakt om onze buitenschoenen etc op te bergen in plaats van random op de stoep. De stellage past precies in één van de nissen op de stoep. Maar halverwege is het blik al leeg, maar ook bijna donker.

 

Dan maar de kaarsen aangestoken. Ik weet ze weliswaar op de tast ook te vinden, maar dit is toch wel zo handig. Als het helemaal donker is besluit Jan toch maar de generator aan het werk te zetten want z’n ijs in de vrieskist moet gered. Er zit verder vrijwel nix in de vrieskist, maar wel 4 liter rum-raisin-ijs. De gele wel te verstaan, want de roze van de Spar is niet lekker. Onze prinses op de erwt! Maar  dan blijkt hij de snoeren/pluggen  nog niet op orde dus die moeten nog even verwisseld. En dat allemaal in het donker!  Maar het lukt en het ijs is gered. Dan is de koelkast aan de beurt om gered te worden en er kunnen ook nog wel een paar lampjes op de generator draaien. En het diner? Dat wordt slaai met fêta, en een blik baked beans plus een omelet klaargemaakt op het campinggas!  Met horten en stoten komt de krag tegen 21.30 uur weer terug. Er kan dus gelukkig wel brood gebakken worden zoals het er nu uitziet.

 

Zondag 8 april

 

Vannacht is er nog 11,5 ml regen bijgekomen en we hebben een heerlijk geurend broodje. Nog steeds van onze meegebrachte AH-voorraad. Jan heeft inmiddels een poging gedaan met lokaal meel een broodje te bakken en dat lukt ook prima, maar gewoon niet lekker. Volkoren meel, maar toch bijna wit brood. We moeten dus nog even verder zoeken.

 

Er komt een hele troep Bobbejanne langs, tussen het huis en de workshop door. Apen hebben hele herkenbare sporen: handjes!  Daar heb je geen sporenboekje voor nodig. Maar goed dat de workshop klaar is incluis de deuren, want anders hadden we het gereedschap kunnen nazwaaien!

 

We maken vorderingen met de species die er zoal over de stoep komen: een slang.  Ik denk eerst een flinke lizardstaart te zien en loop er naar toe, maar blijkt er een slang aan vast te zitten. Een grasslang is mijn best guess die, zodra hij mij ziet, zich van de zwembadrand af de afgrond in laat storten. Zo’n 2,5  meter lager en daarmee dan direct ook totaal onzichtbaar.

 

Opeens heb ik helemaal genoeg van alle nutteloze zwarte slangen die rond het huis liggen. Lesley had overal bomen geplant in ronde gemetselde, soort Vrouw-Holle-achtige waterputten. Werkelijk geen gezicht in het landschap. Ze moeten dus ook nog gesloopt, maar naar elk “rond” loopt een zwarte waterslang. Ik ga de handel stuk voor stuk afkoppelen, was de koppelstukken netjes uit zodat die in de voorraad kunnen voor betere tijden en nuttiger bestemming.

 

Spin zoekt beschutting

 

’s Avonds is het echt fris, maar het raampje staat nog open waar de electriciteitskabel naar Jan z’n workshop door naar binnenkomt. En dus altijd een beetje open staat. Zit er toch een geweldige spin in het kozijn naar binnengekropen. 10,0 cm diam als hij z’n poten strekt. Had het vast ook koud. Ik overleg even met hem of hij toch maar niet beter naar buiten kan gaan, maar ga alvast de dwanghulp-middelen in keuken halen. De vleesvork lijkt me heel geschikt en een stuk papier. De spin heeft zelf nog geen besluit genomen, dus plaats ik het papier in het kozijn en probeer hem met de vleesvork voorzichtig richting uitgang te manoevreren. Hij snapt mijn bedoelingen direct en klimt weer naar buiten. En ik doe het raampje snel dicht!!

 

Jan z’n solar-uitvinding is klaar en wordt geplaatst. We zijn benieuwd!

 

Maandag 9 april

 

Laura laat weten graag in de zomervakantie met haar pa Dolph te willen komen logeren en hoever het lopen is vanaf O.R. Tambo. Nou een stevig tippel van 280 km!

 

Bij de wildsuiping kom ik weer de 2 prachtige Kudu-meiden tegen met de twee kleintjes en iets daar tussen in. Een Sub Adult. Niet 3 kleintjes dus zoals ik zaterdag j.l. meende te zien.

 

Dinsdag 10 april

 

Moria

 

Onze staff is weer gearriveerd en Elisabeth vertelt honderd uit over “Moria”. De Paas-gebeurtenis in Polokwane (Pietersburg) waar dit jaar bijna 7 miljoen mensen op afgekomen zijn. Zelfs Mbeki, aldus Elisabeth. Ik vraag haar waar ze dan slaapt, maar ze slapen helemaal niet. Dutten ’s nachts een beetje, verder niet. Maar er is baie veel toilet- en wasgelegenheid (mannen en vrouwen gescheiden) zodat ze de kerk-kleren kunnen aantrekken en zich opfrissen, maar dat het lang in de rij staan is. Verder wordt er kennelijk thee-van-de-kerk geschonken. En dat de reis naar huis ook erg lang duurt. Geen wonder als er tussen de 6 en 7 miljoen mensen weer afgevoerd moeten worden naar diverse windstreken. Gisteren tegen 18.00 uur waren er al 250 doden gevallen. Een hele verbetering ten opzichte van vorig jaar zo laat de nieuwslezeres weten, maar de dag is nog niet om. Het zijn er ongetwijfeld weer meer geworden.

 

Bij de wildsuiping-in-wording ga ik kijken of het vlees dat ik daar gisteren heb neergelegd door even-tuele scavangers (aaseters zoals Hyëna en Jakhals) is opgegeten. Niet alles is weg, de gekruide worstjes bijvoorbeeld liggen er nog merendeels. Ik zie eigenlijk geen duidelijke sporen,  maar het is daar dan ook erg rotsig en weinig zand. De restanten gooi ik het tussen de struiken. De onderdeur van de vrieskist met daarin het vlees voor Jan had kennelijk de hele nacht opengestaan en alles was opgedooid en bloedwater gaan lekken. Lekker fris maar niet heus. Opnieuw invriezen lijkt mij uit bacteriologisch oogpunt geen optie. De staff vindt het zonde, maar ik probeer uit te leggen dat je kans op ziekte na het alsnog nuttigen ervan niet ondenkbaar is.

 

We gaan naar Vaalwater om boodschappen te doen en de post op te halen. Zit er weer een Tortoise op de weg. Het asfalt is lekker warm aan hun lijfles kennelijk, maar dom is het wel. Gelukkig is deze nog helemaal onbeschadigd en ik zet dus hem ergens onder een wildhek door, zo ver mogelijk van de tarroad af.

 

De WOZ beschikking van de Gemeente Heerde voor de Noorderkampweg zit bij de post! Ze hebben er ten opzichte van vorig jaar maar even EUR 150.000 bij opgezet zo blijkt.  Hier in het boerenland hebben wij zoiets nog niet, maar in de Kaap begint dit soort onzin- en plukbelastingen ook te komen. Bij de Spar is aan aantal jongeren (kwa uiterlijk net Hollanders) een bord aan het bevestigen dat de aandacht op accommodatie in Rhenosterfontein moet vestigen en aanprijzen. Jan spreekt ze aan, en ja hoor: hollanders. Hun pa is gepensioneerd, heeft een farm van 430 ha gekocht en daarop staan nu bushtenten die ze verhuren en een Hydro – Spa waar je je lekker kunt laten masseren. Dat lijkt mij wel wat. Maar het begint hier intussen wel heel eng op een nederlandse kolonie te lijken. Onze vrienden Hans en Monique wonen niet in, maar OP Rhenosterfontein. De naam van hun plaas.

 

Bij de Spar hebben ze soms de heerlijkste verse sunseedbroodjes. En aangezien we zelf niet de juiste broodmixen hier weten te vinden, ga ik het de eigenaar/zetbaas maar eens vragen wat het geheim van z’n sunseedbroodjes is. Dat geheim nu blijkt in een witte zak van 25 kilogram te zitten en uit Joburg te komen. Ik vraag hem of hij dat ook voor ons wil bestellen, en ja hoor, geen enkel probleem. En zo lijkt het broodprobleem in één klap opgelost als het zo gaat zoals afgesproken.

 

De sinasappels bij de citrusfarm blijken nog steeds niet rijp. Vorige week zijn de nog getoetst, maar nog baie suur aldus het rode sproetenmeissie. A.s. donderdag worden ze weer getoetst en hopelijk dan voor directe verkoop geschikt. De exportproducten worden inmiddels al wel geplukt want die kunnen kennelijk nog wat narijpen of zo.

 

Bij de emails treft ik heerlijke lange berichten van Anka. Africa-lover as well. En wij herkennen dus veel aspecten in elkaars berichtenuitwisseling. Maar zij en Ed hebben nog veel spannender verhalen want ook Leeuwen en Olifanten in Madikwe. En die brengen toch wel wat meer leven in de brouwerij moet ik zeggen. Maar ook een pack Wilddogs en die laten weinig van je bokkenbestand over, zeker als ze jongen hebben. Anka en Ed hebben een waanzinnig mooie luxe 5* lodge waar men desge-wenst de hele dag met de heerlijkste gourmet happen verwend wordt of anderszins in de watten gelegd en een wijnkerlder waar Jonnie en Thérèse (Librije) vast jaloers op zouden zijn. De gamedrives daar staan vrijwel garant voor altijd encounters met Leeuwen en Olifanten. Ik heb er schitterende foto’s van dat wij achterna worden gezeten door een kudde Olifanten die van ons gezelschap opeens werkelijk meer dan zat had. En de leeuwen lekker lui zonnend op het dijkje bij de dam. Wel duur, maar voor diegenen die het zich kan  veroorloven een aanrader. Kijk op www.morokuru.com voor een impressie. En rechtstreeks boeken is waarschijnljk aanzienlijk voordeliger dan via een reisbureau als Thika oid. Of evt. via mij te contacteren.

 

Ook een bedanktje van Gijs voor de Leopard-kaart die hij van Taiga heeft gekregen. Gijs heeft Taiga z’n territorium overgenomen in Wapenveld, maar heeft bewondering voor de moed van Taiga zo laat hij weten.

 

 

 

Woensdag 11 april

 

Kameelperd zoek

 

Brian belt of hij onze staff mag lenen want één van de nieuw aangeschafte Kameelperde is er vandoor. Loopt nu bij de buren op het terrein. Met de staf gaan we dus richting Brian en moet er een plan de campagne gemaakt. Eerst een wijde opening in het wildhek en vervolgens proberen met z’n zessen het Perd weer de goede kant op te drijven. Nou daar heeft het  Perd helemaal geen zin in. We lopen de hele ochtend mee en er staan overal verse Perde-sporen, maar dan Jan is low on sugar, dus wij houden het voor gezien en gaan z’n suikerspiegel weer op peil brengen. We moeten nog wel een kilometer teruglopen naar onze bakkie want die staat nog bij de buren-van-de-buren geparkeerd. Het is geen wonder dat het Perd er vandoor is als we naar het hek kijken. Je duwt het zo omver. Brian loopt al 5 jaar bij George om een nieuw wildhein te zeuren, maar te vergeefs. Daar echter komt nu verandering in. In het weekend moet het hele hek vervangen. Een duur grapje hoor. Volgens mij spannen het Perd en Brian gewoon samen ha ha ha.

 

Verder lukt er vandaag werkelijk nix meer. Een aantal faxen gaan de deur uit, maar de gene die het dringendst de deur uit moet wenst niet verzonden te worden. Soms heb je van die dagen dat er ondanks de plannen en goede bedoelingen gewoon nix uit je handen komt. Zelfs Jan z’n solar-uitvinding doet helemaal nix. Het water komt er net zo koud (19 graden) uit als het erin gaat. Maar dat is vanwege de pomp die veel te snel pompt. 2000L per uur en dat is veel te snel. Dat vreesden we al, dus er moet gewoon een langzamer pompje komen.

 

En alhoewel we de rekeningen nog niet goed uitgespit hebben, maar het lijkt erop dat we hier EUR 750 per maand aan electriciteit kwijt zijn. Dat kan niet waar zijn! Hopelijk zien we wat over het hoofd of anders gaan al die energievretende koel- en vrieskasten op idle for sure. Ik had al zo’n idee dat die namelijk niet echt energiezuinig zijn. Vooral de Cola fridge die ook nog eens is gaan lekken als de ziekte. Er staan dus overal lekbakjes in, maar Jan is gek op het ding want van buiten je precies waar alles staat.

 

We hebben voor vrijdag wel een aantal afspraken kunnen plannen: met de oud-politieman voor skietonderrig en licentie-aanvraag, autorijschool en iemand die zelf firefighters bouwt voor aanzienlijk minder dan Vaalwater Besproeiings zoals het er nu uitziet. En Adam laat nog weten dat hij morgen met de kwotasie langskomt.

 

Donderdag 12 april

 

Het Kameelperd is nog steeds niet gevangen, en onze staff loopt dus weer bij de overburen. Moet natuurlijk kwa werk wel gecompenseerd, dus King, Sammy en Alfi van de overkant mogen morgen of volgende week komen om hier de handen uit de mouwen te steken. Want er moeten nog een heleboel losse klippe uit de brandgang en bij de wildsuiping-in-wording worden weggehaald. Ik begin maar aan de kleintjes tot 10 kilo zodat ik tenminste het gevoel heb nuttig bezig te zijn. Verder achter Geberit Joburg aan, want we hebben dan wel zo’n shower-toilet-seat op de valreep nog uit Nederland meege-nomen, maar nu moet er nog een  pot onder! Anton belooft mij de docu-met-foto’s toe te mailen. En ik probeer een afspraak te krijgen met Craig Spencer. Die bouwt kastelen van huizen in Welgevonden waaraan je je werkelijk met open mond kan vergapen. In ieder geval om een tweede kwotasie te krijgen, maar hij heeft dus veel ervaring met de meer fancy stuff dan Adam denk ik zo maar.

 

De cellphones van alle staff is opeens stuk. En je kunt het dus al voelen aankomen: sjeld voor een nieuwe aub. Neen dus, maar ze kunnen wel een spaarsysteem bij mij beginnen. Elke maand wat opzij leggen om grotere aankopen te kunnen doen zonder er voor te hoeven lenen.

 

De jacht op het Perd wordt opgegeven zo laat Brian weten. Er zijn te weinig mensen om een kring te kunnen maken om het terug te drijven. Er moet dus waarschijnlijk een helicopter aan te pas komen in de hoop dat het beest niet al te gestressed is geraakt, want van een chopper schieten de meeste beesten totaal in de stress met gevaar vir beseering of zelfs potenbreken. Arm Perd. Maar aan het eind van de middag belt Pat met de blijde mededeling dat het alsnog gelukt is het Perd weer terug te krijgen. Grote opluchting want ze zijn eigenlijk allemaal als de dood voor baas George.

 

Renovatie staffquarters

 

En Adam komt met zijn kwotasie. Valt ons niet eens tegen, en na wat gesteggel krijgen we de prijs die we willen betalen, worden de betalingscondities aangepast van 50% upfront naar 30% en hij gaat onmiddellijk aan de slag. Dat wil zeggen met het verzamelen van bouwmaterialen. Totale bouwtijd inclusief bouwmaterialen on site zo’n 6 weken.  Ik vertel Elisabeth dat de plannen doorgaan en dat ze tijdelijk in het guesthouse moeten komen wonen want het gehele dak gaat er immers vanaf. Zij in het kleine kamertje, de mans met z’n 3en op de grotere kamer. Onze mannen moeten meewerken met Adam, met name met het graven van de french drain. Gewoon een septic tank met zakput, maar Adam pakt het allemaal erg professioneel aan. Op papier althans. De werkelijkheid moet nog blijken. Maar aangezien er meerdere opdrachten in het verschiet liggen zal hij zijn best wel doen en ik zal elke dag op de bouwplek zijn. Don’t worry. De staff quarters krijgen dus een uitbouw aan de achterzijde van 2,5 meter over de gehele breedte met daarin douche, toilet, wastafel en opberggelegenheid voor hang- en legkleding. Nieuw hoger dak, nieuw verfje en nieuwe voordeuren, nieuwe electrische bedrading. Wordt vast erg aangenaam om te wonen.

 

Ik neem Adam mee naar het guesthouse, want dat moet ook aangepakt direct nadat de staff quarters klaar zijn.

 

Na diens vertrek fax ik nog even een resumé van hetgeen in het guesthouse moet gebeuren door aan Adam.

 

Vrijdag de 13e!

 

Ik krijg de bankgegevens van Adam doorgefaxt en ga het upfrontbedrag maar onmiddellijk over-maken. Goed voorbeeld doet hopelijk goed volgen. En in tegenstelling tot andere moment gaat alles in één direct goed met èn de internetverbinding en moneytransfer. Anton heeft de “pan” gemaild waar de Geberit shower toiletseat op past. ZAR 880 inclusief VAT. En heus een hele mooie pot van Laufen Switzerland.

 

We hebben weer een hele waslijst aan verplichtingen in Ellisras af te werken. Eerst een ontmoeting bij Matablas met de firefightequipment meneer. Jan Heinrich oid. Hij kan hetzelfde, maar dan voor minder dan de helft van de prijs  van Vaalwater Besproeiings en wel binnen 3 weken. We blijken een lekke achterband, dus die wordt bij het tire-centre achtergelaten. Nix bonnetjes tekenen en moeilijk papier werk. Gewoon band inleveren en over een uurtje weer ophalen.

 

Dan naar de voormalig politieagent om onze wapenvergunning zien te krijgen. A.s. dinsdag om 0745 op appèl en dan krijgen we onze eerste les. Vervolgens naar de rijschool, maar Elise raadt aan eerst een afspraak bij de Municipality office te maken want de wachttijden zijn inmiddels behoorlijk opgelopen voor het afleggen van de leerlingtoets. Bij dat office echter blijkt het computersysteem down, dus nix afspraak en ogen kunnen dan ook niet getest. Band ophalen: ZAR 20! Naar Oasis waar je lege 5 (of 25)  liter waterflessen worden gevuld voor  ZAR 3 ipv de ZAR 15 voor de flessen die je bij de supermarkt moet kopen. En wie staat daar in de winkel? Lezelle, voormalig vastgoedmeisje bij Aida Ellisras. Ik mag achter in het bedrijf de filterinstallaties bekijken en krijg het systeem uitgelegd. En het is inderdaad prima water.

 

De boekenrails zijn helaas nog niet aangekomen bij Ellisras Bou en Hardeware. Volgende week for sure zo laten ze ons weten. We worden er inmiddels stevast allerhartelijkst begroet.Geen wonder gelet op de bedragen die we er achterlaten.

 

Telkom in de bocht

De kroon op het boodschappen doen vandaag is het betalen van de Telkom-nota ad ZAR 662,80. Ik heb dat eerst via internet geprobeerd, precies zoals op de rekening  voorgeschreven, maar krijg het niet voor elkaar. Daana ga je dan Telkom bellen om te kijken wie er nou eigenlijk gek is. Telkom laat weten dat je de eerste rekening contant moet gaan betalen bij hetzij het postkantoor of een bank of bij Pick’n Pay. Maar ik wil nou juist zo graag van dit soort gedonder af en wil een debit-order afgeven. Dat kan, en dat wordt ook zo geregeld, maar die eerste rekening zal en moet contant betaald. Ik dus naar de Standard Bank en die kijken mij aan of ik gek ben. Maar zij gaan aan de slag en komen tot dezelfde conclusie als ik: ondanks de instructies op de achterzijde factuur, kan niet per bank of electronisch betaald worden. Ze bellen zekerheidshalve nog maar eens even met Telkom, maar helaas: CASH!

 

Het meisje stelt voor een bankcheque t.l.v onze CC uit te schrijven en daarmee dan helaas toch maar naar het postkantoor te gaan. Zo gezegd zo gedaan. Bij het postkantoor aangekomen, valt de mevrouw bijna van ongeloof en de lach van haar stoel. Zo iets belachelijks heeft ze nog nooit meegemaakt. Maar goed alles wordt keurig genoteerd, gestempeld, ingeschreven, van mijn ID nr voorzien en door haar contragesigneerd, nogmaals gestempeld en ik krijg een betalingsbewijs mee.

 

Inmiddels belt Letty met de medeling hoezeer het gewaardeerd is geworden dat onze staff heeft meegeholpen om het Kameelperd weer terug te drijven en dat baas George hen daar graag rijkelijk voor wil belonen. Ik wil dat eigenlijk helemaal niet want wij komen ongetwijfeld ook een keer in de problemen en dan wil ik een beroep op hen kunnen doen zonder direct diep in de portemonnee te tasten. Maar goed, je bent rijk of je bent het niet, George is dat wel en de mans krijgen ZAR 200 per persoon. Bijna een weeksalaris terwijl het met de inspanningen nogal meevalt in een kringentje, met je fles water richting de opening in het hek lopen. Daar wordt je echt niet moe van hoor. We hebben er immers zelf ook aan meegedaan. Was meer een leuke game-walk.  Maar onze mans laten weten toch wel erg moeg (moe) te zijn geworden van die aktiveit.

 

En dan belt Maryëtta. Of ze vanmiddag kunnen langskomen. Samen met Henk, Chrissie, Kas, en de naam van de andere zoon schiet effe niet te binnen. Hartstikke gezellig laat ik weten, maar dan moeten we nu wel even heel erg voortmaken om op tijd weer thuis te zijn. Henk en Maryëtta hebben de 24Riviere lodge in 1,5 jaar tot een enorm succes weten te maken. Alleen de re-zoning van hun plaas is niet gelukt hetgeen hen een geweldige financiële domper heeft bezorgd en nu de bank dus hinderlijk in hun nek. Maar er is een nieuw plan de campagne in de maak, in de hoop dat dat wel gaat lukken.

 

Een heel erg gezellige visite en het uitwisselen natuurlijk van ons afrikaanse leven inclusief personeel waar je toch wel ongelofelijk lui van kunt worden. Vooral de kinderen laten alles tegenwoordig achter hun gat slingeren, want het wordt toch wel opgeruimd. Voor Nederland dus totaal ongeschikt geworden. Nu hebben ze ook absoluut die neigingen niet. Integendeel. Elke dag (net zoals ik) blij Nederland ontsnapt te zijn. En de slangenavonturen natuurlijk. Doe je je keukendeur open, zit daar opeens een baby spitting Cobra rechtop klaar om je in je ogen te spugen. En heus, die beesten zorgen goed voor zichzelf. Of hun kat die met een black mamba op de stoep zit te spelen terwijl je nog denkt aan een onschuldige muis.

 

Voordat Henk en Maryëtta komen, spreek ik onze staff nog even toe. Want we gaan nu dan wel hun staff quarters fors aanpakken en fors voor dokken, maar ze moeten er zelf ook wat voor doen. Ze moeten sowieso onder supervisie van de aannemer meebouwen, met name aan de french drain, maar nu moeten ze n hun eigen tijd het afgedankte toiletblok gaan afbreken. En ze zijn al zo moeg van het Kamelperd vangen. Dat hebben we vandaag wel gemerkt aan de hoeveelheid arbeid die is geleverd. Bar weinig dus. Nix mee te maken laat ik weten. Ik werk ook 7 dagen per week en als je je plaas mooi wil hebben, zul je er wat voor moeten over hebben. Ik stel ze wel een grote braai in het vooruitzicht als het lukt. We gaan morgen gewoon zelf kijken, nemen de braai-spullen mee. En als het niet gebeurd is of grotendeels klaar, dan gaan de braai-spullen mooi weer mee terug. Want zo laat ik hen weten, ik kan ook gewoon 8 Kamelperde kopen ipv hun verbouwing. Kost hetzelfde en voor mij wel zo leuk eerljk gezegd. En dan hebben ze straks 8 Kamelperde om achteraan te zitten ipv 1 bij de buren. Zulke opmerkingen doen het altijd wel.

 

De boodschap is helder en duidelijk en ze hebben zelf het benodigde sloopmateriaal al achter in het bakkie geladen tegen de tijd dat Jan ze naar huis brengt met hun kos-box. Ook Maryëtta c.s. vertrekken om voor het (uitblijvende) noodweer weer in 24-Riviere te zijn. 

 

Zaterdag 14 april

 

De helft van het toiletblok blijkt gesloopt. Valt niet eens tegen. Het kan ook niet in één keer gesloopt worden vanwege de electriciteitsdraden waar de staff doodsbang voor is. Nog erger dan een Black Mamba en de zwaar lekkende geyzer hangt tussen hun gebouwtje en het toiletgebouw in een roestige constructie. Zoals beloofd brengen we de Braaikos, maar ze zitten alweer bij Maria TV te kijken. Ik laat het Abram toch maar even weten op z’n sell (mobieltje) dat de spullen in de koelkast zitten. Mooi braai en de groeten.

 

Abram heeft 3 tonnen voer uitgesorteerd, maar daar moet ik zelf ook nog maar even aandacht aan besteden. Zeker aan de rottige kleine doorzichtige sliertjes. En verder moet dat hok gewoon uitgemest en het niet meer bruikbare voer verbrand. Gewoon kwestie van doen, maar tja zo zijn er elke dag zoveel klussen te doen.

 

Ramen lappen

 

Jan en ik halen een waagstukje uit: het zemen van de bovendste raampartij in the living. Elisabeth kan dat echt niet, want als die de trap in de living naar de bieb op moet klauteren moet ze bij elke trede even uitblazen en rusten. Die zie ik dus niet op een hoge uitgeschoven ladder wiebelen. Het is een hele hoge raampartij waar in de 7 jaren dat het huis bestaat, nooit meer iemand geweest is. En ik heb me er nu 10 weken aan geërgerd, vanzelf gaat het niet over, dus dan maar aktie! Aan de buitenkant moet er eerst nog een Hornetnest verwijderd. Zit er ook al 10 weken, maar volgens Jan zo dood als een pier. Vergeet het maar. Hij gaat dus met de “Doom” de trap op en ik zet hem een rode zonnenhoed van mij op. Want ze vallen echt letterlijk van dat gif naar beneden en dan gegarandeerd op Jan z’n hoofd waar ze dan hun laatste agressie nog wel even zullen  botvieren. Hij is blij dat hij hem op heeft, want ze dwarrelen inderdaad nu op mijn hoed ipv in zijn haar. En de ramen? De blinken weer!

 

Nu heeft Taiga een probleem. Zit helemaal vol met teken. Van de één op de andere dag. Hele kleintjes en bijna onzichtbaar maar toch. Ik ben de hele middag bezig om hem weer schoon te krijgen, maar ben nog lang niet klaar. Ik had wel druppeltjes bij me, maar die blijken in 2003 als uit de houd-baarheidstermijn gelopen. Maandag dus eerst maar naar de Vet, want de gewone dierenzaak in Ellisras heeft er nix tegen. Maar die dierenzaak heeft sowieso meer niets dan iets. Steeds kom je er onverrichter zaken van terug.

 

Manchetknopen zoek

 

Jan is twee van z’n gouden manchetknopen kwijt. Van elk stel één. Zaten in z’n houten-olifanten-pillendoosje met los dekseltje dat op die manier kennelijk ook mee geëmigreerd is. Hij zegt het niet hardop, maar je ziet hem denken “dat heeft Elisabeth gedaan, immers de enige die hier overal in huis komt”. Ik kan het me eigenlijk niet voorstellen. Dat zou toch wel teleurstellend zijn. Maar dat ze zo stom zou zijn om twee verschillende te jatten, is nog veel teleurstellender eigenlijk. Ik vraag hoelang hij ze al mist: pas nu dus en ik probeer Jan z’n hersenen te pijnigen om terug te denken hoe hij die dingen eigenlijk ingepakt en meegenomen heeft. Bij z’n pillen kennelijk en die zitten dan weer in één of ander blauw zakje. Maar hij weet het echt niet meer. In de inloopkluis staan een aantal dozen met medicijnen maar vooral slangetjes-voorraad. Ik doe een greep in de groene heinekenzak die ik tijdens vakanties ook nog wel eens zie opduiken, en heb direct beet. Twee gouden, maar verschillende, manchetknopen.

 

Maandag  16 april

 

Kommer en kwel in de relatie Elisabeth – Oliver. Uit een vroegere (verbroken) relatie heeft ze 3 kinderen en dus nog contact met de vader van de kinderen die in Pretoria op school zitten. En dat kan Oliver kennelijk niet (of niet meer) verkroppen of zo en heeft nu een nieuwe vrouw in Vaalwater. Dat is nog tot daar aan toe, maar nu kan Elisabeth dus niet meer kuier bij Maria, Oliver’s zuster. En daar liep ze de deur echt plat. Althans dat begrijp ik uit het verdrietige relaas op te maken als ik haar vraag hoe die naweek geweest is. En d’r mobieltje doet het ook al een tijdje niet meer. Daar staat “silent” in het scherm. Kan madam dat mischien niet repareren? Nou reken maar: gewoon opnieuw instellen bij ‘profiles” en aktiveren! Dat brengt toch weer een brede lach op haar gezicht!

 

Er moet weer het een en ander uit het zwembad gered: een sprinkhaan die ik met de badthermometer opvis. Hij blijkt nog springlevend. En een harige rups. Bij gebrek aan beter vis ik die maar aan z’n haren het bad uit. Blijkt ook nog te leven maar ziet er uit als een verzopen kat natuurlijk. Maar hij over-leeft het avontuur.

 

De wildsuiping in wording (in het vervolg “NWS” om misversstanden met de bestaande te voorkomen die ik maar “OWS” ga noemen) begint nu echt vormen te krijgen en de mannen maken er een heel kunstwerk van. De bodem, voor zover nog niet bestaand uit rots, wordt volgelegd met zo goed moge-lijk passende kleinere klippies. Jan heeft al voor cement en zand gezorgd, zodat ze morgen verder kunnen als wij naar skietonderrig zijn. 

 

Dinsdag 17 april

 

Schietles

 

We moeten om 07.45 uur in Ellisras zijn, meer precies: op Orion. We zijn met zo’n 10 cursisten zo blijkt, maar het merendeel van de mensen is op herhaling en als Ranger in dienst op gamefarms of natuurparken. De nieuwe Fire Arms Control Act (FACA) staat niet langer een vergunning-for-life toe, maar van slechts resp 2, 5 of 10 jaar. En elke keer moet je opnieuw een toets afleggen en zeer tijdig een  nieuwe licentie aanvragen. Doel van de nieuwe wet is om het (illegale) wapenbezit terug te dringen en daar-mee het aantal  moorden en hijacking. En de bewijslast is gewijzigd (alhoewel anders gepresenteerd, maar ten faveure van de opsporingsbeamten vanzelfsprekend). Soms duurt de behandeling van de aanvraag langer dan de periode waarvoor de licentie geldig is.  Maar heb je tijdig aangevraagd, dan blijft je oude licentie geldig totdat de nieuwe door de autohoriteiten is verstrekt. Brian wacht al 2 jaar op zijn nieuwe vergunning bijvoorbeeld.

 

De FACA is op iedereen van toepassing, zelfs op de politie. Het onderdeel wetskennis van de FACA (in 2000 van toepassing geworden en de oude fire-act van 1969 vervangend) neemt een groot deel van de vragen in beslag. Aan de hand van een vrijwel onverstaanbare instructie video worden alle vragen gezamenlijk besproken, en beantwoord. Dat neemt de hele ochtend in beslag. Daarna is de praktijk aan de orde. We moeten allemaal 5 schoten lossen met hetzij een revolver of pistool, 5 met een rifle en 1 met een haëlgeweer. Een shotgun dus. De rifle waarmee we moeten schieten weigert dienst, maar gelukkig hebben twee cursisten hun eigen rifle bij zich en daar mogen de andere cursisten dan wel mee schieten. Jan en ik slagen beiden met vlag en wimpel, alhoewel: ik met iets meer wimpels volgens de instructeur. Ook mijn feiten/schoten in de roos spreken daarbij voorzich. Papieren die aan de afgelegde toets worden aangehecht. Binnenkort krijgen we dus onze licentie en mag dit gezin in bezit zijn van, jawel:

 

twee handguns (pistool of revolver),

2 shotguns en

4 rifles met max. 200 stuks amunitie per wapen!!!

 

Hier moeten we dus even vooruit kunnen. De werkelijkheid thans is dat we alleen een luchtdrukpistool hebben waarmee we eerder op bier blikjes oefenden en je dus géén vergunning voor nodig hebt. De aanschaf van een/de wapens is trouwens geen goedkope aangelegenheid, net zo min als deze dag-cursus/toets. Ik gokte op ZAR 1000 voor ons 2en, Jan op de helft, maar de werkelijkheid is ZAR 1000 per persoon.

 

De les in Biddinghuizen vorig jaar heeft mij trouwens wel geholpen. Want je krijgt toch een opdonder van zo’n rifle als je de trekker overhaalt, en een oorverdovende knal natuurlijk. Je moet dus hoorbe-schermers op. Dan is het dus prettig als je dat al een keer hebt gedaan en je niet van schrik stijl achteroverslaat of ongelofelijk staat te klunzen met zo’n ding.

 

Bij wijze van viering van ons succes kopen we een fles Vonkelwijn, halen lekkere dingen bij Pick’n Pay en als toetje naar het tuincentrum. Truttiger kan haast niet, maar ik koop twee Clivia’s met oranje blommen voor in de grote blauwe potten bij de voordeur. Estetisch geheel verantwoord en kwa com-positie beeldschoon zo bevestigt ook onze staff. Maar die vinden alle blomme mooi.

 

Zodra we thuis zijn spoeden we ons naar de NWS om te kijken wat de mans ervan gebakken hebben: we’re flabbergasted. Boven alle verwachtingen goed gelukt en zo natuurlijk in de omgeving ingebed dat het bijna niet artificial lijkt. Echt prachtig. We complimenteren hen uitgebreid en volgens Oliver kan morgen het plastic/zeil er in en mijn suggestie om daar dan nog het overtollige kippengaas overheen te leggen alvorens de laatste cementlaag aan te brengen, blijkt een hele goeie. Jan vond het niet nodig, maar onze Chief Engineer wel! Aan het eind van de week kan het water er moontlik al in! Geweldig!

 

Taiga voelt zich niet prettig. Heeft last van alle tekenbeten is onze best guess. Hij loopt te klagen en wil ook nix eten behalve vis. Vrijdag a.s. kunnen we tekendruppels ophalen bij de man van Topsie (assistentie dr Poortier) wier man veterinair is. Druppels voor honden worden gewoon bij de super-markt verkocht, die voor een kat moeten via de veterinair.

 

Woensdag 18 april

 

De NWS is nog niet helemaal ideaal want de hoogte niet aan alle kanten hetzelfde. Aan één kant moet er dus nog een rantjie klippies bijgemetseld. Jan en Sakkie gaan dus weer op weg naar ons eigen zanddepot. We noemen Sakkie dus in dit soort gevallen Sakkie Sand tot ieders grote plezier.

 

Riaan Venter en z’n broer komen een GPRS wireless modem installeren. Wat een zegen, want nu hoef ik niet langer in de bieb bij het raam contact met de buitenwereld te zoeken of betalingen te verrichten, maar gewoon vanachter mijn bureau. Het gaat niet sneller maar dus wel comfortabeler. Riaan is net zo’n whizzkid als Bert Jan: flits, flits, flits en de zaak is geinstalleerd en het werkt nog ook! Ik krijg leuke foto’s van Saskia die ik kan down-loaden zonder me zorgen te maken of m’n beltegoed er ja/neen doorheen jaagt!

 

Coby (van Chobe Crushers bouwmaterialen) laat weten dat morgen de stenen etc worden bezorgd voor de staffquarters en ik instrueer haar waar de spullen in de factory  te lossen en waarbij mijn staff wel zal assiseren. Ik bereid maar alvast een aantal dingen voor morgen voor, want om 05.30 uur moeten we echt rijden om op tijd bij Jan z’n internist te zijn voor kennismaken en wat er zoal nog meer nodig is. De slangetjes bijvoorbeeld welke volgens de Vaalwater-apteek in S.A. niet te krijgen zijn, maar absoluut noodzakelijke equipment om de insuline in Jan z’n lijf te krijgen. 

 

Donderdag 19 april

 

Taiga is ziek

 

Taiga is onverminderd niet lekker en laat dat ’s nachts weten ook. Jammeren en als ik het oppak bijt en krabt hij zelfs. Ik heb er dus kromme tenen van om naar Pretoria te gaan. Ik krijg hem uiteindelijk in z’n “hang-zak”, zet de kattenbak erbij en hij knort weer een beetje. Maar het blijft wel knagen. Na een ca slapeloze nacht zijn we toch om 05.30 uur op weg naar Pretoria. En het duurt inderdaad 3 uur voordat we bij het Zuid Afrikaanse Hospitaal zijn. Er zijn er trouwens …..tig in Pretoria. Met mijn uitstekende kaartleeskunst rijden we er in één ruk naar toe.

 

Het lijkt trouwens niet op de ziekenhuizen in Nederland. Beetje oud, inrichting uit een ver verleden, geen wachtkamer vol met zeurende patiënten, geen druk hollende verpleegsters die je van je sokken dreigen te lopen, maar vriendelijke receptie met fatsoenlijke glossies en dus niet van die afgeleefde oude Libelles en Margrieten van 10 jaar oud. En de arts is een aardige mevrouw in haar fifties: Jannie van den Berg. Met een nederlander getrouwd geweest vertelt ze. Maar veel ervaring met “pomp”- patiënten heeft ze niet: ze heeft er slechts twee in haar praktijk, maar ze stelt alle goede vragen en Jan krijgt vriendelijk doch beslist ingepeperd dat zijn waardes gewoon te hoog zijn en eigenlijk omlaag moeten. Nou dat weet Jan zelf maar al te goed.

 

Hij wordt onderzocht waarbij z’n bloedsuiker abnormaal hoog is en z’n bloeddruk bijna boven de capaciteit van de meetapparatuur uitstijgt. Echt onbegrijpelijk. En ze maakt gewoon zelf een hartfilmpje. Ik ben helemaal perplex: in Nederland wordt je afgeraffeld en de secretaresses doen de rest maar, voor een hartfilmpje maak je maar een nieuwe afspraak etc etc. En hier doet de dokter alles zelf, tot aan het bellen met Medtronic over de slangetjes aan toe. We zijn er ruim een uur en een kwartier a de lieve somma van ZAR 520.00.

 

Als we staan af te rekenen komt de dokter nog even terug. Haar volgende patiëntje (12, 13??) dat net naar binnen is gegaan heeft interesse in pomptherapie en wil graag weten hoe dat in z’n werk gaat. Jan legt dat maar al te graag uit, want echt een zegen voor diabetes-patiënten. Zeker voor kinders/ tieners.

 

Exact dezelfde slangetjes worden in Africa inderdaad niet geleverd, dus halen we de anderen op bij de apotheek. Deze is gevestigd in het Rugby stadium in Pretoria. Als we daar zijn belt de dokter nog een keer om Jan te waarschuwen dat z’n huidige inserter mogelijk not matches met de nieuwe slangetjes. En om dat dus even goed te checken. Maar voor de nieuwe slangetjes blijkt helemaal geen inserter nodig (om de naald je lijf in te jagen). En mischien is het dus wel een hele verbetering! De tijd zal het leren.

 

De spullen zijn trouwens schandalig duur: ruim ZAR 2000,00 voor één maand plastic handel dat kwa productie- en grondstoffenwaarde nog geen tientje waard is. Maar we weten niet eens wat de prijzen in Nederland waren, want daar ging de rekening  rechtstreeks naar de verzekeringsmaatschappij.

 

Daarna gaan we naar het hoogtepunt van onze reis naar Pretoria: Woolworths Foodcourt. Gesloten!!!!! Daar heeft iedereen geweldig over zitten opscheppen bijv. kwa groenten-aanbod. Ik had met daarop dus ontzettend verheugd, en Jan droomde al van de Old Amsterdam die hij daar ging kopen. De winkelketen is op een nieuw computerbevoor-radingsysteem overgegaan en dit blijkt niet te werken. T‘is te hopen dat de software-leverancier goed verzekerd is!. Wat een domper zeg. Dan maar naar de Makro. Ik heb altijd een hekel aan die winkel gehad, en dat wordt hier weer eens herbevestigd. Erg duur, zelfs het kattenvoer is er duurder dan bij Pick’n Pay. Ik ben voor de komende 25 jaar weer helemaal genezen.

 

En voor alle fancy keuken- en badkamerzaken is er helaas geen tijd meer over want ik wil naar huis, naar Tai.

 

Op onze farm staan de Zebra’s ongeveer in onze tuin. De cirkel van 10 meter rond ons huis noemen wij onze tuin. Slaat echt nergens op want exact hetzelfde als de rest van de farm, behalve dat er een aantal blauwe blommen staan te bloeien die tegen zo ongeveer van alles en nog wat opgewassen zijn. Het is brownnose met z’n vrouw en kind. Ze stappen toch maar even tussen het struikgewas in om ons te laten passeren.

 

Taiga heeft nu opeens iets aan z’n voorpoot, ik mag er  niet aankomen en hij loopt aan één stuk door te kermen. Dat wordt dus morgen naar de dokter, maar hij eet zijn normale porties voer.  Elisabeth heeft eten voor hem klaar gezet zo blijkt. Ontzettend lief en attend van haar.

 

Vrijdag 20 april

 

Taiga loopt ongelofelijk te klagen, maar gaat op enig moment naar buiten met Jan in z’n kielzog. Buiten kermt hij helemaal niet meer en loopt het pad af maar met duidelijk zichtbaar zeer pootje. Desalniettemin springt hij over de klippen, maakt uitgebreid gebruik van de zandhoop die er ligt om straks tot specie te worden getransformeerd, en vervolgt zijn weg waar hij tussen de klippen een plekkie zoekt en lekker gaat liggen. Jan krijgt hem niet mee terug naar huis. Ik ga maar even kijken en we besluiten om hem daar maar te laten als hij zich daar op z’n gemak voelt. En het doktersbezoek (anders dan z’n tekenmiddel halen) nog maar even uit te stellen. Maar na het ontbijt blijkt Taiga verdwenen. Waar ik ook kijk: nergens te vinden. Maar er liggen hele hoge klippen waar hij zich gemakkelijk achter/onder kan verbergen als hij niet gezien wil worden.

 

De staff heeft nix aan de NWS gedaan. Ik vraag of ze gisteren tijdens onze afwezigheid mischien lekker uitgeslapen hebben of zo. Maar neen hoor: ze hebben eerst meegeholpen om de truck af te laden en omdat ze een beetje in de buurt van de gate moesten blijven in afwachting van de truck, hebben ze hun toiletblok maar verder afgebroken en de stenen op een hoop gelegd en alvast wat gegraven oid. De linkmichiels, want dat moesten ze dus in hun eigen tijd doen. Maar vanochtend gaan ze dus weer verder aan de NWS. Het plastic lag er al in, nu het kippengaas nog en dan de laatste laag cement erover. Hopelijk komt het vandaag allemaal klaar.

 

En dan ziet Jan dat m’n groententuintje geplunderd is. De spinazie dat net wat begon voor te stellen is verdwenen en een aantal potjes waar peultjes en bonen in waren gepoot omgegooid. Maar tja, het was te verwachten. Eerlijk gezegd had ik gehoopt dat Jan z’n tuin klaar zou zijn want mijn zaaigoed was bedoeld om daarin verder uit te zetten. Maar we hebben proefondervindelijk kunnen vaststellen dat spinazie, bonen, butternut, komkommers, tomaten etc. etc. hier dus ook gewoon kunnen groeien.

 

Deadline

 

We gaan nu eindelijk de thickdispenser bij de OWS maar eens vullen want de fles met het smerige goedje dat Deadline heet à raison van ZAR-veel staat nu ook al weer zo’n 4 weken te wachten. Het vat moet eerst afgetapt en daar komt toch een vieze drab uit. Ik begraaf dat onder het zand, want het lijkt me niet best als een beest daarvan iets binnenkrijgt. Dan wordt het vaatje gevuld en het begint weer keurig langzaam te drippen. De rand van de OWS moet trouwens ook weer aangevuld met zand en steengruis want de beesten hebben dat in de loop der tijd weg gelopen of getrapt zodat de betonnenrand nu helemaal vrijligt. Als er een zwaar beest op gaat staan dan kan de rand zo gemakkelijk afbreken en is er nog meer onderhoud nodig.

 

Nog steeds geen Taiga en nu begin ik me toch echt zorgen te maken. Dat is namelijk nix voor hem om zolang weg te blijven. Maar hij blijft onvindbaar ondanks het feit dat ik de omgeving rond het huis nu al 4 keer helemaal afgestroopt heb. En als hij om 15.00 uur niet opeens als uit het niet verschijnt zoals de afgelopen 11 weken gebruikelijk (dan begint hij namelijk al om eten te zeuren) dan begint er toch lichte paniek bij mij te ontstaan. Ook Elisabeth gaat ongevraagd op zoek naar die kat zoals zij hem noemt en Abram vraagt regelmatig of ik die kat al weer gevind het. Neen dus. Nadat de staff naar huis is gegaan wordt de zoek-aktie geintensiveerd en schreeuw ik de longen uit mijn lijf hetgeen aan de linkerkant tegen een heuvelrug wordt weerkaatst.

 

Als hij er om 18.00 uur nog steeds niet is vermoeden wij het ergste en is hij in gedachten al dood en worden de nodige tranen reeds geplengd. Om 18.30 doe ik een uiterste poging om heel Zuid Afrika te overschreeuwen en dan zegt Jan opeens “ik hoor hem”. En ja hoor, daar komt Taiga aangehinkeld van een totaal andere kant dan waar hij was verdwenen en heeft hij toch wel honderden meters of zo gelopen. Wat bezielt zo’n beest als je niet fatsoenlijk kunt lopen en anders zo lui als het achtereind van een varken. Onbegrijpelijk en als ik hem wil pakken, probeert hij er weer vandoor te gaan. We nemen hem mee naar binnen en krijgt hij te eten. Dat gaat erin als koek. Daarna z’n portie vis dat nog sneller wordt opgeschrokt. Portie nr 3 ook maar direct er achteraan (hij had er nog één te goed van ’s morgens). Z’n eetlust tart elke theorie dat hij toch op de een of andere manier door een slang gebeten of door schorpioen gestoken is.

 

Daarna deponeer ik hem op bed waar hij de hele nacht blijft liggen.

 

Zaterdag 21 april

 

Ik besluit Taiga toch maar mee te nemen naar de dokter en vraag Pat een telefoonnummer, want we hebben nog steeds geen gids. Pat kent het uit haar hoofd en vervolgens bel ik Abram met de vraag wie er weekenddienst heeft. Daar krijg ik geen antwoord op (het staat wel geregeld in hun arbeids-overeenkomst die nog steeds getekend moet worden). Ik zeg dat er iemand bij het huis een uurtje of twee moet oppassen en wie het is kan me niet schelen. Abram staat in no-time zelf voor de deur. We planten hem in een luie stoel voor TV, want ze zijn gek op sport. Maak een pot thee met wat lekkers en dan gaan wij op pad. Bij de tarroad pikken we een pikzwart meissie op. Blijkt op Tholo (Tswana voor Kudu) te werken, ook aan het Witkoppad. Ook een development waar geen hond interessein blijkt te heben. Ze heeft al 10 kilometer gelopen en mag dit weekend naar huis. Ze stapt in en we kletsen wat heen en weer. We droppen haar bij Shoprite. Kennelijk een goede liftplek om naar haar dorp te gaan.

 

De Vet blijkt een aardige mevrouw die luisert naar de naam Helen die Taiga onderzoekt. Haar zwarte assistent Abel houdt Taiga in z’n nekvel vast. Taiga bromt vervaarlijk en de Vet kan eigenlijk nix ont-dekken anders dan mogelijk een geblesseerde spier of pees. Want waar ze ook drukt, hij bromt/gromt op dezelfde manier. Als we haar onze gedachte aan een slangenbeet of schorpioenensteek voor-leggen blijkt deze werkelijk helemaal nergens op te slaan. Een Black Mamba beet overleeft hij niet ongeacht hoe snel je de kat vindt, een Puff Adder beet is te overleven als we binnen een uur bij haar kunnen zijn, want ze heeft anti-venom, van een schorpioenensteek verlamt z’n achterlijf, niet dodelijk en ook daartegen heeft ze anti-venom in huis.

 

Hij krijgt Frontline  tegen de teken. Niet voor de poes, maar voor de kleinere hond tot 10 K en in die kategorie valt Taiga precies in. Het middel hoopt zich op in de vetlaag en dood teken, luizen en vlooien gedurende ca 4 weken, waarna er weer nieuwe druppels tussen de schouderbladen in de nek moeten. Werkt binnen 24 uur aldus de Vet.

 

ZAR 520 armer gaan we (via Pick’n Pay)  weer naar huis waar Taiga een rustig plekkie zoekt. Abram heeft zijn serviesgoed keurig naar de scullery gebracht en afgespoeld en Jan brengt hem naar huis met de 4 kakel-verse donuts die ik voor de staff heb meegebracht. Want Sakki en Oliver zijn nog bezig om hun toilet-blok te slopen. En daar kun je best iets aardigs tegenoverstellen toch? 

 

M’n groententuintje is nu helemaal leeggeplunderd. Eén boon  is nog in takt omdat die is gaan klim-men en de tomaten staan er nog omdat die bitter smaken. Ik verhuis wat er nog levensvatbaar is naar het binnenplaatsje omdat dat afgesloten kan worden met een hek. Maar als de apen de schuldigen zijn, dan helpt dat natuurlijk ook niet. Wait and see!

 

Zondag 22 april

 

Halvewege de nacht begint Taiga weer rond te spoken en klagen. Om 06.00 weet ik hem eindelijk in bed te krijgen en daar ligt hij tot 18.00 uur prinsheerlijk onder een deken, koppie er net boven uit. Als Jan in de scullery bezig is ziet hij tot zijn verbazing een Klipspringer boven op het muurtje rond het binnenplaatsje springen. Nou is dat natuurlijk wel z’n vak om klippe te springen, maar het is toch een vreemd gezicht zo’n bokkie boven op de muur. Zou hij mischien degene zijn die op zoek is naar het groentetuintje??

 

Buurman Ben

 

Vervolgens belt Ben Schutte met de vraag what the problem is. Ik heb helemaal geen probleem Ben, ik wil je alleen maar leren kennen! Over een half uur staat hij op de stoep zo laat hij weten. Ze komen in een Landcruiser. Jan kan daar helemaal van kwijlen (ik ook hoor) en wil zo graag zo’n ding als plaasbakkie, maar veel te duur. Ben wordt vergezeld door z’n vrouw Nina, vrienden Johan and Suzanne die hun kleinkind Ruben bij zich hebben. Ben is rijk geworden in de kermis-attractie-business. Hij heeft zo’n 2000 ha en hij is degene die ooit de discussie to drop the gamefenches is gestart. Veel beter voor de beesten. Wij zeggen daar helemaal voor in te zijn, maar er zijn een paar buren die dat blokkeren. Mensen die sowieso al niet our cup of tea waren trouwens vanwege hun totaal foute opvattingen. Als je Wilddogs wilt afschieten omdat ze je schapen opvreten, dan deug je gewoon niet in mijn ogen. Zoek dan een plaas in agrarisch gebied waar je zonder gevaar kippen, geiten en schapen kunt houden. Of het dus ooit tot het droppen van de fenches gaat komen? Vooralsnog veel te veel tegengestelde belangen met schietlustige buren zoals Mauritz en Daniël bijvoorbeeld.

 

Taiga moet z’n eerste pil na het eten slikken hetgeen conform goed gebruik een soort worstelwedstrijd is. Maar het meeste krijg ik er tenslotte toch in.

 

Maandag 23 april

 

Jan had z’n aanwezigheid al eerder gemeld, maar bij de wildsuiping ontmoeten we een hele Hoppen-familie. Als ze willen kunnen ze hun kuif helemaal uitzetten en hebben een hele lange snavel waar-mee de bodem driftig bewerken op zoek naar insecten, emelten, etc. En we zien een prachtige jonge Kudu-man.

 

De staff is bezig de NWS met de 2e laag cement te bekleden. Daar was het vrijdag niet meer van gekomen omdat het kippengaas zorgvuldig omgevouwen, omgebogen, gedrapeerd etc. etc. moet worden. Het gaat allemaal tergend langzaam maar wat ze doen, doen ze gewoon goed. Vanochtend zag Jan al een Klipspringer bij de NWS staan. Die dacht vast dat het een zwembad was met het zwembadblauwe zeil dat nu nog (inmiddels slechts gedeeltelijk) blootligt.

 

Poezenleed

 

Taiga blijft kreupelen, maar de pil van vandaag zit er gelukkig al in. Als z’n 4-daagse-pillenkuur af is en nog steeds geen verbetering, dan moeten we maar weer naar de Vet. Maar in plaats van rustig te gaan liggen totdat het beter is, wil hij alsmaar lopen. Hetgeen voor het genezingsproces natuurlijk niet bevorderlijk is. Maar tja, stronteigenwijs zoals dit hele gezin trouwens.

 

De japanse tuinlampen zijn  bijna zover dat we weer een plekkie in de tuin gaan krijgen. Er zitten er nog een paar in de lijmtangen, maar de rest is voorbereid. Ze staan toevallig langs het paadje waar Abram nu cement aan het kruien is. Ik vertel hem dat we de lampen speciaal voor de staff neerzetten zodat ze in het vervolg 24 uur per dag kunnen werken hetgeen met een bulderende lach beantwoord wordt.

 

De prijskaartjes van de Giraffes liggen nog steeds op de grote tafel. Nog steeds niet opgeruimd en Elisabeth wil weten wat ze ermee moet. Die gaan in de kluis bij de documenten van de andere kunstwerken. Maar ze wil eerst nog even de prijs bestuderen. R495 per stuk. Een half maandsalaris dus. Ik vertel haar dat dit in het niet valt bij de prijs  van een echte: R15.000. En nog verder in het niet bij een Rhenoster: R120.000. En een Rooibokkie? Wil ze weten. Zo’n R700-900. Want ze heeft gehoord dat er bij George Rooibokkies geschoten gaan worden. George vindt dat hij er teveel heeft. In onze ogen helemaal niet waar, maar hij heeft Sebra, Kudu en Nyala’s bijgekocht, dus hij is gewoon overstocked geraakt en de Rooibokkies moeten dat bezuren. Hij heeft gevraagd of hij ons slaghuis mag gebruiken. Prima hoor, maar dan wil ik wel een bokkie voor de staff. Lijkt me een redelijke deal want als hij het vlees bij de slager aanbiedt voor Biltong of zo, krijgt hij R5/kg.

 

Elisabeth stelt voor dat wij dan ook maar wat laten schieten als daar zoveel geld in omgaat, dat brengt immers geld in het (haar!!!) laadje. Want hunters zijn altijd héél gul met fooien, vooral als er genoeg drank-in-de-man zit. Dat gaan wij dus mooi niet doen Elisabetje, maar hopelijk komt dat sjeld straks van onze gasten als de staffquarters klaar zijn, gastenhuis gerenoveerd, bushtenten en roundavel gebouwd. En als je dat natuurlijk heel netjes poetst en schoonhoudt. Geen enkel probleem, want dat is haar wel toevertrouwd laat ze geheel zelfverzekerd weten. Het is me een tante hoor die Elisabeth. Maar ze vraagt wel als eerste bij aankomst vanochtend naar het wel en wee van die kat.

 

Ik bel de buren van Tswana. We willen hen ook leren kennen. Vooral ook omdat ze een landings-strookie hebben. Want we hebben inmiddels een assuradeur gevonden die je met een vliegtuigje of helicopter ophaalt als de nood aan de man/vrouw is. Maar dan moeten ze wel in de buurt kunnen landen. Wij hebben in ons projectenboek ook wel een heli-pad staan, maar we zijn nog lang niet bij dat hoofdstuk. We gaan Tswana (dat ook alweer aan een Nederlander toebehoort) die toestemming maar vragen. Ook voor eventuele gasten die willen invliegen.

 

Ik bel Louis ook maar weer eens hoe het met onze giraffes gesteld is. Die zijn besteld aldus Louis en komen van de Marken-road. Een met ons vergelijkbaar gebied. Kosten ZAR 17.000 per stuk. Ik vraag of hij niet goed wijs is. Op de veiling 2 weken geleden deden ze ZAR 14.500/stuk. Hij gaat met die boodschap terug naar de prospect-leverancier. Prijzen trouwens exclusief transportkosten. We gaan a.s. zaterdag overigens weer naar de veiling en zullen Monique en Hans daar ontmoeten om bij te kletsen. Die veilingen zijn gewoon een soort social event waar alle witmense uit de buurt zo’n beetje op afkomen. 

 

De staff heeft al een paar keer laten weten hun salaris wel via de bank te willen ontvangen, maar ze blijken nog niet eens een bankrekening te hebben m.u.v. Elisabeth. Ik schrijf een support-letter voor ze waarin ik verklaar dat ze employed worden door Oosterhoff Investments CC en dus elke maar ZAR 1000 op de rekening gestort krijgen. Anders krijgen ze zeker géén bankrekening nu ze over kip noch kraai beschikken. Want dat is zo ongeveer de eerste vraag: proof of means. Dat gold voor ons trouwens net zo.

 

De arbeidscontracten liggen nog steeds ongetekend te wachten en die geef ik hen ook maar ter bestudering en indien accoord ter ondertekening. En mischien hebben ze dat zelfs ook nog wel nodig voor het openen van een bankrekening. A.s. donderdag hulle loop almal by die bank. En Elisabeth heeft ook al een smoes klaar om mee te gaan. Maar goed, ze leest de brief (in het engels) en laat weten dat Oliver niet Dikgale, maar Dikgake heet. Toch handig! Oliver kan niet lezen en schrijven en Dikgale meende ik ontcijferd te hebben van hetgeen er toch met moeite op papier gekomen was.

 

Elke keer leren we weer een nieuw stukje van ons terrein kennen. En wat blijkt: het plantje dat eerder van z’n wortel gerukt was (en dat overleefd heeft) blijkt gewoon in onze “tuin” te staan! Als volwassen plant zijn ze niet echt mooi en decoratief meer. Net zoals andere, tot de Agave-familie-behorenden,  gaan ze, na een bloeistengel geproduceerd hebbende, dood. Maar het nageslacht is dan al weer in aantocht. En dat graaf ik uit en breng het wat dichter bij huis. De plantjes blijken het overal te doen, ze komen zelfs tussen de klippe op waar nauwelijks tot geen voedingsbodem/grond tussen zit. En Jan heeft elders schijfcactussen ontdekt, die gaan dus één dezer dagen ook op transport for sure.

 

Ik krijg een ontzettend lieve email van Ina. In het Afrikaans. Heerlijk, want dat is de manier om het echt te leren. Ik praat dan wel steenkolen-afrikaans tegen de staff, maar niemand die het in z’n hoofd durft te halen om mij te corrigeren. Ik waardeer dit dus echt heel erg!

 

We krijgen onverwacht bezoek. Van Pieter Botha. Woont ook aan het Witkoppad. Hij probeert samen met Herman het Witkoppad weer een beetje begaanbaar te maken. Nou hoeft dat voor mij helemaal niet, voor vooruit. Herman had al gevraagd of hij zand uit ons depot mocht halen en nu staat hij met Pieter voor de deur. Zijn bakkie heeft waterproblemen wat ik ervan begrijp. De bakkie z’n tank moet dus gevuld, maar ook het bier gaat er bij de mans zelf prima in. Aardige knul die Pieter. Ik beloof de biertjes dubbel en dwars te komen terughalen.

 

Zoetfontein

 

Heel leuke bijkomstigheid is Jan z’n gewijzigde verhaal omtrent het afwijzen van Zoetfontein. Een farm aan hetzelfde Witkoppad waar Jan z’n zinnen vorig jaar maart op had gezet, en waar we een aantal dagen hebben gelogeerd. Maar door mij om een aantal heel plausibele redenen afgewezen. Uitzicht op de Matimba powerplant als belangrijkste. In Wapenveld kon ik ook het uitzicht hebben op de IJsselcentrale. En om nu een zelfde uitzicht terug te krijgen, maar daarvoor te moeten emigreren en allerlei andere bijkomstigheden, leek mij toch wel een heel dom plan.  

 

Jan heeft dus maanden lang mijn beslissing op basis van de powerplant volstrekt belachelijk gemaakt bij een ieder die dat maar wilde horen. Maar nu de buren spontaan beginnen te roepen dat zij zo’n farm nimmer zouden kopen, is het verhaal van Jan opeens dat “W I J “ de farm om die reden hebben afgewezen. Let op de nuance!!. Zo vertelde Ben Schutte zondag met een vliegtuije over dit gebied te zijn gevlogen op zoek naar een farm om de absolute  zekerheid te krijgen dat er géén enkel uitzicht was op wat voor bebouwing dan ook. En dat was het eerste moment dat Jan omging in zijn argumentatie. Met vanmiddag die van Pieter erbij is het echt helemaal klaar: WIJ!! hebben Zoetfonfein afgewezen om redenen van de Matimba powerplant.

 

We worden ook nog door Jan Lighthart gebeld (als ik zijn naam goed verstaan heb). Nederlander en eigenaar van Twsana. Hij gaat in het weekend weer naar NL en heeft zijn vrouw vandaag al op het vliegtuig gezet. Wonen in Loosdrecht en hij is over 5 weken weer terug en dan gaan we elkaar ontmoeten. Maar in noodgevallen gebruikmaken van zijn landingsstrookie? Geen enkel probleem. Buren zijn er om elkaar te helpen, zeker als het nederlanders betreft. En waar hij het vandaan heeft: maar hij weet dat wij in het vlees gezeten hebben. Ik denk van Harry Pols wiens farm wij vorig jaar ook gezien hebben op zoek naar een plaas.

 

Met Taiga blijft het tobben alhoewel het probleem eerder in zijn schouders blijkt te zitten nu dan in z’n rechter voorpootje zoals eerder door ons “gediagnostiseerd”. Maar hij is ontzettend braaf en zoet en ik heb ontzettend met hem te doen. Als beloning krijgt hij een stukje blauwschimmelkaas. Welke kat is er nou gek op blauwschimmelkaas? Taiga dus! Als Jan in NL de Old-Amsterdam of Dana Blue uit de koelkast haalde, stond de kat direct paraat ongeacht waar hij zich op dat moment in het huis bevond.  En nog steeds, behoudens dan dat hier géén Old Amsterdam voorlopig beschikbaar is, maar de andere soorten zweetvoetenkaas dus wel. 

 

Dinsdag 24 april.

 

Jan probeert één van z’n nieuwe  slangetjes. Lijken mij eenvoudiger aan te brengen dan de vorige. En dan blijkt opeens dat Jan vorig jaar dezelfde slangetjes in NL al toegestuurd had gekregen van de fabriaknt met het verzoek om deze te willen proberen omdat de bestaande mogelijk uit het assortiment worden gehaald. Maar toen heeft Jan ze niet willen proberen, want alles wat nieuw is??? Het gaat goed met de nieuwe slangetjes en het zal ook blijken goed te blijven gaan!

 

We moeten nodig naar de postbus in Vaalwater en de hele mondvoorraad is weer op. Met 4 mee-eters wil dat nogal opschieten namelijk. Oliver vraagt ons grof sout mee te brengen, maar ik snap absoluut niet waar het over gaat. Sakkie  doet ook een poging om het mij uit te leggen. Ik blijk het niet verkeerd verstaan te hebben, ze hebben echt grof sout nodig om de randen van de wildsuiping mee te wassen of iets dergelijk. Ik breng het gewoon mee en zie dan wel wat ze er mee doen. En ook nog 4 zakken cement.

 

De NWS is nu bijna helemaal klaar, maar de randen moeten nog worden afgewerkt en gebackwas-hed what ever that may be. Ik kan bijna niet wachten om hem te gaan vullen, maar het water moet natuurlijk eerst nog uitlogen en dan weer vervangen. Hopelijk doet de zon dat voor ons want er zit geen afvoer in om hem te laten leeglopen!

 

De zak meel voor de sunseedbroodjes is aangekomen bij de Spar. Maar wij verdenken de manager ervan eerst te hebben uitgerekend hoeveel broodjes er uit die 25 kilo gaan (nr. 50) want de zak kost exact hetzelfde als 50 broodjes bij hem in de winkel. En dan moeten wij zelf de gist en het water nog bijdoen en 3,5 uur krag om te bakken. Never mind!

 

Lemoene

 

De lemoene (sinasappels) zijn inmiddels ook lekker zoet, worden volop geoogst en we kopen 4 netten à 7,5 kg kilo bij het rode sproeten meissie ad de somma van in totaal EUR 5,00 (VIJF euro). Daar kunnen we krap 3 weken mee toe. We mogen mee naar de opslagplaats in om te kijken welke we willen hebben want ze hebben verschillende maten: XL (R12/kg), L (R13/kg), M (R11/kg), S (R8/kg) en XS (R7/kg). Het meissie vertelt dat ze tot ongeveer oktober kunnen oogsten, daarna wordt er tot begin januari uit de koeling aan de locale bevolking (zoals wij) verkocht en van januari – april is er géén aanbod. Althans niet bij hen. Maar de oes is baie.

 

En er moeten boeken aangeschaft. Er staan nog 80 onuitgepakte dozen, maar er kan altijd nog meer bij. Nuttige boeken trouwens over slangen, game-management (maar onlangs ook een Bijbel in t’ Afrikaans),  etc. Hier volgt een korte stukje pof-adder-slangenkennis:

 

Gewoontes: ’n Stadig bewegende, humeurige en prikkelbare slang wat sal sis of blaas as dit gesteur word. Die Pofadder is ’n gesette slang met ’n dun nek en driehoekige kop. Die oë is klein met ’n vertikale pupil, die snoet gerond en die neusgate is groot en wys boontoe. Bly gewoonlik op die grond maar sal ook op klein struikies of bossies in die son lê en bak. Dit skuil in digte gras of onder bosse, in gate en onder enige vorm van grondbedekking. Hoofsaaklik snags aktief, maar sal bedags, veral in die reënseisoen, n die son bak. Dit lê dikwels op teer-paaie en bak waar dit doodgery kan word. Dit maak staat op die uitstekende kamoeflering om niet gesien te word niet en sal vries eerder as om weg te seil. Mense trap dikwels op of naby ’n Pofadder en word dan gebyt. Hoewel dit ’n trae slang is, pik dit  baie vinnig en trek dikwels die kop en lyf in ’n S-vorm terug voordat dit vorentoe skiet om te byt. Hierdie slang beweeg gewoonlik in ’n reguit lyn vorentoe op ’n manier wat as ’n “rusperagtige”beweging beskryf kan word, maar as dit gesteur word, kan dit vinnig op die gewone kronkelmanier seil. Soos die meeste andere slange swem dit goed.

 

Jan heeft de japanse lantaarntjes aan het werk gekregen, staat erg leuk, maar het is wel ongelofelijk wit licht. En ik krijg een derde voorstel van Ben de architect voor de uitbreiding badkamer. De man luistert niet echt want wederom en voor de 3e keer met een totally covered porch. Ik ga het nu niet langer proberen vriendelijk te formuleren, maar laat weten dat dus gewoon NIET te willen. In de hoop dat dit thans doel treft.

 

We besluiten morgen weer met Taiga naar de Vet te gaan want er is geen enkele vorm van verbe-tering, maar eerder verslechtering zichtbaar. Ik probeer een filmpje te maken om bij de Vet te kunnen laten zien hoe hij loopt.

 

Woensdag 25 april

 

De boodschap is bij Ben aangekomen en ik krijg een nieuw voorstel. The best I can get. Nog niet perfect, maar  als we het dak ook in thatch uitgevoerd willen hebben, kan het gewoon niet anders/nog kleiner. En golfplaten is ook zo wat. Thatch (gras) moet een hoek van 45 graden hebben omdat anders de regen (wat is dat ???) er niet vanaf glijdt en het gras dus gaat rotten. Je moet zo’n grasdak toch sowieso ca elke 15 jaar vervangen. Het gras is absoluut niet vergelijkbaar met het in nederland bekende riet. En dus ook lang zo duurzaam niet.

 

De theorie dat een Porcupine m’n groententuintje heeft leegevreten is nog steeds valide. Eergisteren vond ik een souvenier (zwart-wit-gevlekte pen) van hem, vanochtend weer een bij het vormalige groententuintje. Maar hij kan mooi niet tussen de spijlen van de hekken bij het binneplaatsje door (hoop ik).

 

Christinenhütte

 

Elisabeth heeft gisteren al hulp gevraagd bij het schoonmaken van de pronkkast. Daar ben ik helemaal niet voor, want de kristallen glazen van Christinenhütte bijvoorbeeld zijn ontzettend delicaat en Aafke heeft er ook ooit één beschadigd bij het poetsen. Bij de verhuizing is er ook één gesneuveld helaas. En het Cheetah-servies zou ik toch ook niet graag zien sneuvelen. Kleinoden/Kostbaarheden die ik ooit van Maren heb gekregen. Maren en Hans-Werner zijn duitse vrienden en ooit getuigen bij ons huwelijk op Nassau. Ik zal de kast leeghalen en hom weer pak, zij poetst de rest van de kast. Want toegegeven, het is één groot vliegenkerkhof vanwege de verlichting die ’s avonds brandt.

 

Verder is het geen leuke dag want we moeten weer naar de Vet met Taiga. Ik leg kussen en dekens op de vloer van de bakkie zodat hij niet zo erg meebonkt op de klippen. Hij gedraagt zich overigens ongelofelijk braaf. Gaat lekker liggen. Bij de Vet moet hij weer voorlopen en is ook de man van Helen (ook Vet en in Namibië met wildlife gewerkt) aanwezig. Hij moet onder narcose om al zijn gewrichten te kunnen controlleren en later de foto’s maken want bij elke aanraking bromt hij vervaarlijk en begint de Vet te bijten. Het narcosemiddels schijnt een soort prettige LSD trip op te leveren. Geen idee wat het is, maar het is op mensen uitgeprobeerd en die zagen de meest prachtige beelden is het verhaal. Het zal wel. Maar Taiga is met één shot niet onder zeil te krijgen. En het zijn pijnlijke injecties.

 

Als Taiga dan toch onder zeil is, vragen we de Vet ook maar z’n tanden gelijktijdig te doen. Hij con-stateert dat er een kies aan het aftakelen is en denkt dat het beter is deze te trekken. Dat moeten we maar aan het oordeel van de Vet overlaten. Leuk is het niet en implantaatjes voor een kat bestaan nog niet. Believe of not, maar voor honden wel!!! De grotere honden wel te verstaan.

 

Schnabbel

 

De Vet beschikt niet over X-ray apparatuur, dus Taiga moet mee naar Marapong. Zo’n 25 kilo-meter verderop. Bij de Matimba-powerplant!! Een privékliniek voor mensen, maar met een bekende/ vriendje radioloog die de foto’s gaat maken, mits Taiga door de achterdeur aangeleverd en zonder factuur natuurlijk. De radioloog klust op deze manier een beetje bij kennelijk.

 

We moeten Taiga dus helaas achterlaten and we feel bad about it. We kunnen hem naar verwachting rond 16.00 uur weer ophalen. We slaan de tijd maar stuk in Ellisras want heen en weer rijden is ook zo wat. Gelukkig komen we weer een boekwinkeltje tegen en dan heb je aan Jan geen kind meer. Opval-lend veel christelijk getinte lectuur, maar ook de verderfelijke. Ik koop een afrikaans woorden-boekje-met-plaatjes. Geschikt voor kinderen rond de 4/5/6 jaar. Op dit punt ben ik niet veel verder!

 

We lopen bij een tapijtenzaak binnen en zoals gebruikelijk kletsen de mensen de oren van je hoofd en weet je in no time hoeveel kinderen ze hebben, hoe oud ze zijn, waar ze werken, waar ze wonen and you name it. De dochter van de mevrouw in de tapijtzaak heeft een winkeltje met groenten en fruit aan de overkant. We zijn daar  nog niet binnen of ma is ook al naar de overkant gesneld om haar dochter van de komst van de nieuwelingen in kennis te stellen. Ik koop er het Landbouweekblad. Je bent nu eenmaal boer of niet. Het doet me aan mijn jeugd denken waarbij Opa Bongers en alle andere boeren in de buurt geabonneerd waren op “De boerderij”.  Ik geloof dat het blad nog steeds bestaat. In het Landbouweekblad gaat het over de wereldmarktprijzen voor graan en soja, de grondeise en hoe daarmee om te gaan, veilingen van wild of boerderijen, een vervolgverhaal met een bijzonder hoog Kasteelromangehalte, maar o zo goed voor je Afrikaans, maar ook een katern vir die gesin met o.a. recepten.

 

Een recept dat smelt in die mond. Grondboontjie-en-rosyntjiekoekies.

  • 750 ml koekmeel
  • 5 ml bakpoeier
  • 5 ml sout
  • 250 ml pitlose rosyne, fyner gekap
  • 180 ml sagte botter
  • 250 ml growwe grondboontjiebotter
  • 10 ml vanieljegeursel
  • 250 ml ligte bruinsuiker
  • 250 ml strooisuiker
  • 2 groot eiers.

Voorverhit die oond (oven) tot 180o C en voer ’n paar bakplate met bakpapier uit. Meng die meel, bakpoeier, sout en rosyne in ’n bak. Verroom die botter, grondboontjiebotter, vanieljegeursel en suikers goed saam tot lig en romerig. Voeg die eiers een vir een by en klits goed ná elke byvoeging. Voeg die meelmengsel by en maak aan tot ’n deeg. Verkoel tot stewig genoeg om te rol. Rol in balletjies en druk effens plat met jou duim. Bak vir ongeveer 10-15 minute tot liggoudbruin. Laat op die bakplate ferm word en sit dan op draadrakke om heeltemal af te koel. Lewer ongeveer 60 koekies.

 

We lopen bij Marcel-Wireless naar binnen om hem achter z’n vodden te zitten, maar hij is er zelf helaas niet. Hopelijk nieuwe antennes aan het bouwen.  Elise van de rijschool zit (in roze tent gehuld met bijpassende fladderbroek) ook maar een beetje voor haar deur te hangen, vertelt dat het computer systeem bij de municipality office weer in de lucht is, maar dat er dagelijks lange wachtrijen staan, dat we onze ogen kunnen laten controlleren bij de Optometrist voor ZAR 10 p.p. Dat scheelt in het wachten bij de municipality office waar ze de ogentest ook doen. We drinken wat bij de Spur en dan krijg ik een telefoontje van de Vet dat Taiga weer opgehaald kan worden.

 

We spoeden ons naar de Vet en Taiga is nog een beetje suffig. De Vet toont de foto’s, maar heeft eigenlijk niet echt één aanwijsbare reden voor Taiga’s mankement kunnen ontdekken. Wel een twee-tal verdenkingen welke hem mogelijk levenslang pillen opleveren. In z’n rechter elleboog is de bot-dichtheid veel minder dan in z’n linker. Kan er altijd gezeten hebben, maar kan ook een gevolg zijn van het accuut opholgeslagen zijn van z’n auto-immuunsysteem. Moet dus de komende 10 dagen bij wijze van proef met prednison behandeld worden: 2x1,5 pil per dag. Met de antibiotica (ook 2x1,5 pil per dag) komt dat dus op 6 pillen per dag. Hoe krijg ik ze er in ’s hemelsnaam in vraag ik me af. En in z’n rechterschoudertje is iets van beginnende artritis te ontdekken. Samen met mogelijk een val kan dit de pijn en het rare lopen getriggerd hebben. Maar het zijn maar veronderstellingen welke via trial and error hopelijk al dan niet bewaarheid moeten gaan worden.

 

Ik heb zo te doen met Taiga. Van de een op andere dag voorlopig invalide en geen prettig vooruitzicht wat die pillen betreft. Hij blijft tot ’s avonds laat eigenlijk suf en dat zint mij nix. Ik zit de hele avond bij hem, met het bord op schoot, want zodra je hem alleen laat, wil hij er van door, maar hij kan het niet. Valt steeds om en schuift op z’n buik over de koude tegels. ’s Zomers is dat heerlijk, maar hadden we voor dit geval nu maar vloerverwarming!

 

Hij eet een beetje vis en zoekt z’n donkere hol in de kleedkamer op. Aan z’n oriëntatievermogen mankeert dus nix.

 

Donderdag 26 april.

 

Taiga eet een klein beetje, en dan moeten de pillen erin. De witte zijn niet zo groot, maar de roze wel. Ik maak ze wat kleiner en draai ze in de smeerleverworst. Ik doe z’n mond open en Jan moet het erin mikken. Maar hij durft geloof ik niet goed (weet hoe diepe wond Taiga kan veroorzaken als hij bijt) dus met wijsvinger en duim probeer ik z’n mond open te houden en m’n andere hand mik ik de balletjes in z’n keelgat. Omdat het lekker plakt kan hij niet zomaar die pillen van de worst scheiden en al gruwend en de pillen weer naar buiten werken, behalve één kwart pilletje. Katten zijn daar werkelijk meester in. Soms houden ze de pillen achter hun kiezen en als je niet meer kijkt spugen ze ze alsnog uit. Dat kwartje moet er ook nog achteraan. Maar als beloning krijgt hij blauwschimmelkaas. Je moet alles maar weten van je kind-dat-niet-kan-praten.

 

Niewe Water Suiping

 

De waterslang (met kleine w) ligt in de NWS. De randen moeten deels nog wel afgewerkt, maar daar hoeft het water niet op te wachten. Hij is echt prachtig geworden en we zijn er allemaal apetrots op. De staff op zichzelf, wij op de staff!  Abram moet nog wat platte klippe voor de rand zoeken en komt  vlak bij het huis en de NWS een prachtige Kudu-vrouw met haar Sub Adult zoon tegen. En dat op klaarlichte dag.

 

Ik weet het nu zeker: de Porcupine heeft m’n groententuintje leegevreten. Want de potjes die er nog stonden (waar mischien nog zaad in zat?) liggen weer om en ik vind daar weer een souvenier van Porkie. Nog even en ik kan ook zo’n dom schemerlampje van Porcupine-pennen in elkaar gaan prutsen. Toeristen schijnen er dol op te zijn, maar absoluut not done omdat die beesten met opzet daarvoor geplukt/gedood worden.

 

Adam is ook gearriveerd met zijn staff om de staffquarters onder handen te gaan nemen. Maar waar moeten zijn mannen slapen? We zeggen dat er mogelijk iets is, maar dat hij het zelf maar moet beoordelen. De voerschuur waar de ratten over het dak racen en waar Black Mamba huist. Daar zitten 2 kamers in die afgesloten kunnen worden, met ramen en water in het slaghuis nabij. Adam bekijkt de ruimtes en zegt dat het gewoon perfect is. T’is toch maar tijdelijk en de bezem erdoor. Zijn mensen werken van ’s ochtends vroeg tot ’s avonds laat zo laat hij weten, dus veel ander comfort hebben ze niet nodig.

 

We kijken nog even bij het gastenhuis zodat Adam daarvoor z’n kwotasie kan maken en ik druk hem op het hart dat er baie vinnig werkt moet worden. Maar dat had hij al eerder begrepen. A.s. woensdag wordt er met een grote ploeg begonnen, want morgen is het een nationale feestdag, en dinsdag a.s. alweer één. Het stikt hier van de nationale feestdagen zo lijkt het.

 

Elisabeth moet maandag eigenlijk iets doen voor haar Society. Het kerkgenootschap waartoe zij behoort vraagt vrijwilligerswerk van haar. En hoe dat nu moet met de dagen. Ik ken haar inmiddels, want ze begint meestal met: madam ons moet ‘n bietje praat. En dan beweegt ze haar vingers (dat kwebbel moet voorstellen) voor haar mond. Zij mag het zeggen: of ze werkt de dinsdag of de vrijdag van het weekend waarin zij eigenlijk haar lank naweek heeft. Het wordt de vrijdag. Maar ze neemt alvast een voorschotje: mischien vergeet ze het wel. Nou dan kom ik je in je kraag vatten zo beloof ik haar en sleep jou naar die huis! Heb ik waarschijnlijk een hijskraan voor nodig.

 

Jan is met de staff en Alfie (van de overkant) naar Ellisras. De jongens moeten immers hun bank-rekening openen. En hoe ze het toch altijd flikken, maar Alfie stapt bij Adam uit de auto. Jan herkent hem niet eens, want hij is werkelijk keurig aangekleed met z’n eeuwige oortelefoontjes in. Of het een iPod of telefoon betreft weet ik eerlijk gezegd niet eens. Alfie vraagt of bossie die pad naar Ellisras gaan vat en zo ja, wanneer. Over een uurtje beloof ik hem.

 

De reis naar Ellisras is niet helemaal succesvol. Sakkie en Abram krijgen een bankrekening met pasje, Oliver niet. Z’n I.D. verouderd. Hij dus naar Home-affairs, in de rij voor een nieuwe. Nadat hij z’n nieuwe I.D. heeft bemachtigd, terug naar de bank. Het is niet slim maar hij laat zowel z’n oude als nieuwe zien en de bankemployee merkt één nummertje verschil met het oude. Dus weer terug naar Home-affairs? Het is al laat en Jan heeft geen zin meer. En Oliver heeft geen zin meer om te werken. Dat wordt dus zaterdag inhalen. En ik zal hem zeggen z’n oude pasje niet meer te laten zien danwel gewoon naar één van de 10 andere banken te gaan. Maar toch leuk ca een hele dag zoet geweest.

 

Ik moet een aantal keren naar de NWS lopen om te kijken of hij nog niet overloopt. Op één van mijn tochtjes kom ik een slang tegen. Ik roep Jan om mee te komen kijken, maar wat het is? Geen idee. Dus nadat de slang zich heeft teruggetrokken snel het slangenboek geraagdpleegd. Een Westelike gestreepte Sandslang, matig giftig, maar geen gevaar vir die mens nie. De beschrijving van z’n gedrag klopt perfect: Die slang gee baie vinnig pad as dit gesteur word en vries sodra dit in die naaste bos of struik kom. Daar maak dit op sy uitstekende kamoeflering staat om niet gesien te word nie. Hoewel n ‘grondslang, seil dit in struike of lae bosse op om te bak of prooi te soek.  Mooi rank zwart slangetje met 4 dunne gele lengte-strepen over z’n gladde lijffie.  Nu vriest het hier natuurlijk niet, maar een uitdrukking zoals bekend van bijv de TV: to freeze of het beeld stilzetten.

 

Taiga gaat even mee naar buiten, maar ik moet hem wel dragen. Even frisse lucht. Hij heeft z’n avondeten op, maar de pillen is een crime. Ik had ze in gehakt gerold dat Jan eerder vandaag gekocht had. Blijkt gekruid te zijn en dat blieft Taiga dus niet. Het lukt tenslotte wel, maar voor ons beiden zeer stressvol.

 

Vrijdag 27 april.

 

Het is dus weer eens een public holiday en dus geen staff over de vloer. Een verademing zo nu en dan. Ik ga snel naar de NWS om te kijken of ik sporen kan ontdekken. Vooral mijn eigen voetafdruk-ken van gisteren, maar ook Klipspringerspoortjes. En een hele groot en dood insect. Dom hoor want je kunt er aan alle kanten uitklimmen uit het water. Ik vis het eruit om te kijken of er nog een beetje leven in zit, maar neen.

 

Letty belt om te zeggen dat Cherylee met d’r man Peter, hun kinders en een bevriend echtbaar (Patrick & Chevonne) gearriveerd zijn en dat Cherylee een heleboel groenten bij Woolworths heeft gekocht voor ons. Ik kom over een uurtje Letty en maak de kosbox voor Elisabeth en Olivier klaar. Elisabeth zit een kleed te borduren met blauwe Kudu’s. Voor straks als haar kamer-en-suite klaar is. Ze heeft een hups jurkje met spaghetti bandjes aan. En een hoedje op. Oliver is er ook en die neemt de kosbox van mij over. Ik zeg hem dat hij zaterdag wel moet komen werken ter compensatie van donderdag. Daar helpt geen moedertje lief aan. Hij lijkt niet veel zin te hebben, maar belooft het desalniettemin.

 

Heerlijke verse groenten

 

Cherylee heeft zo ongeveer de hele groentenafdeling van Woolworths meegebracht: butternut soep-groenten, lentile soepgroenten, boontjes, spinazie, spuiten, bloemkool, broccoli, groentenspiesjes voor de grill en 4 soorten brood. Ondanks aandringen wil ze er niets voor hebben. Ze zijn allemaal benieuwd naar onze nws en we verhuizen dus terug naar onze plaas. Patrick blijkt een zeer verdien-stelijk fotograaf (hobbyist) en heeft schitterende foto’s van beesten op onze plaas, maar ook uit de Kalahari van Leeuwen, Cheeta’s en Leopards. Hij vond het heel erg dat George van d’een op andere dag de farm zonder enige kennisgeving verkocht had. Hij heeft prachtige verhalen over onze plaas en de beesten die hij in de loop der tijden is tegengekomen. Een Pangolin die in de buurt van de Stonecrusher vertoeft. Niet moeders mooiste om te zien, maar goed, zo’n beest heeft niet iedereen. En gestalkt door een hele grote Bobbejan, en all-maal zijn ze wel een keer door een schorpioen gestoken te zijn, tot in bed aan toe. De beschrijving van de pijn alleen al veroorzaken mij de rillingen, maar het is bekend dat hoe klein de Schorpioen ook is, het lijkt of je doodgaat. Niet de grote zwarte, maar de kleine bruine met het vergif in hun fangs ipv staat (deze zijn namelijk vrijwel staartloos). Ze zijn allemaal razend enthousiast over de NWS, hij wordt gefotografeerd en Patrick vraagt of hij zon-dagochtend vroeg een gamedrive mag komen maken. Natuurlijk, anytime zolang je het maar tevoren aankondigt. Of wij meegaan? Nou neen zegt Jan want 06.00 is wel erg matineus.

 

Peter nodigt ons uit om naar Pretoria te komen ivm een soort huishoudbeurs waar alle fancy stuff en huishoudelijke nieuwtjes worden gepresenteerd. Ze hebben een groot huis, kamers zat, dus wat let ons. Nou Taiga bijvoorbeeld want in plaats van beter, gaat het steeds slechter met hem. Ik wil er niet al te veel over jammeren want dan lijk ik net zo’n moeder die vanaf day-1 de komende ….tig jaren over nix anders dan haar kinderen kan zeuren, maar het zit ons beiden ongelofelijk dwars dat de medicijnen niet aanslaan en het doet ons veel verdriet om ons oogappeltje zo te zien lijden. Hij blijft wel rustig dooreten, maar beide voorpootjes zijn bijna onbruikbaar.

 

Het begint ongelofelijk te waaien, beetje te onweren en nog minder (5 ml) te regenen. We moeten echt de kieren gaan dichtmaken, want we waaien ook in het huis bijna van de bank.

 

Zaterdag 28 april

 

Oliver staat al om 07.30 uur voor de deur alhoewel ik hem gezegd had pas om 10.00 te hoeven komen. Als wij ontbijten maak ik thee voor hem met de laatste paaseitjes. En ik zet wat extra kos klaar voor de lunch. De staff moet het prettig vinden om op zaterdag on duty te zijn. We laten Taiga in z’n hol achter en gaan naar de wildsveiling in Vaalwater. Dat is zo afgesproken met Hans en Monique. Maar ik ga niet helemaal naar hun plaas aan het einde van de veiling, want ik wil Tai niet zolang alleen laten. En aangezien Hans en Monique beiden Vet zijn, hebben we het natuurlijk over Taiga. Hans vraagt welke medicijnen hij krijgt, maar dat weet ik niet uit mijn hoofd anders dan ontstekings-remmers en prednison. Bellen we nog wel door. Desnoods moeten we morgen toch naar Hans z’n plaas om desgewenst Taiga door hen te laten onderzoeken.

 

De Kameelperde op de veiling doen vandaag 12.000, 12.500 en 13.000 ZAR. Maar het zijn alleen bul-len. En de rest van de beesten ca hetzelfde als de vorige keer alhoewel er nu ook Rooihartebees en Waterbucks zijn. Hans en Monique willen wel Rooihartebees, maar hadden afgesproken niet hoger dan ZAR 4.200 te zullen gaan, maar de prijs wordt opgedreven tot 4.250. Ze nemen dus alleen Rooibokkies.

 

We gaan samen met hen, en kennissen die hen vergezelen, nog wat drinken en kletsen en gaan daarna ons eigen weg weer. We bellen de medicijnen aan Hans door, maar de landline ligt er weer eens uit. Komt door het onweer gisteravond, ondanks het feit dat we alles afgeschakeld hadden.

 

Een kwart van de rand van de NWS moet nog gedaan worden, dus die komt maandag helemaal af. Oliver heeft in z’n eentje ongeveer een kwart gedaan. Maar hij moet zelf zand kruien, cement halen en maken, klippe zoeken en metselen. Nogal arbeidsintensief in je eentje. Elisabeth en hij lopen samen (zou het weer “aan” zijn???)  in tegengestelde richting te kuieren op het Witkoppad, zien een lifter in onze bakkie zitten, springen er ook weer in en gaan weer mee terug naar hun staff quarters. Elisabeth ziet er weer flitsend uit met haar zonnenbril en nu blauwe hoofdbedekking met glitters erin.

 

Ik stuur onze eigen Vet in Ellisras een SMS over mijn toenemende ongerustheid. Ze belt later terug en heeft treurige verhalen tot mogelijk een tumor in Tai’s ruggengraat aan toe. Toch maar blijven door-gaan met de pillen, z’n oude dossier raadplegen om te kijken welke onderzoeken hij in het verleden heeft gehad (Leukemie? Kattenaids?….) en bespreken met  Jan of we naar Joburg willen waar spe-cialisten en geavanceerde apparatuur beschikbaar is.

 

Er zit al dagen een eekhoorntje in huis en we krijgen hem niet te pakken en niet naar buiten. Water-vlug en kan onder alle deurspleten door. Op enig moment zit hij in de jassenkast en Tai heeft het ook in de gaten. Sleept zich naar de kast en blijft als uit steen behouden zitten wachten tot de eekhoorn tevoorschijn komt. Het eekhoorntje laat zich niet meer zien.

 

Zondag 29 april

 

Een list

 

We kunnen lekker uitslapen, maar Tai wekt mij een aantal keren voor de bak etc. Ik heb een nieuwe methode voor z’n pillen ontdekt: weliswaar nog steeds in smeerworst, maar ik zet nu ook z’n gewone eten klaar en 10 cm daarvoor moet hij eerst zijn pillenballetjes zodat hij daarna onmiddellijk kan aanvallen zonder de pillen weer uit z’n mond te laten vallen of er anderszins uit te werken. Het werkt wonderbaarlijk goed eigenlijk.

 

Nadat ik Tai in een dekbedovertrek gedrapeerd heb, gaan Jan en ik een gamewalk maken op onze eigen plaas. Zo’n 1,5 uur stilte, rotsen, droppings, mooie uitzichten, Aalwijns (Aloë) voëltjies (vogels). We komen hele verse (Sebra) droppings tegen, maar Jan neemt toch het sporenboek erbij met achterin een speciaal drollen-hoofdstuk. En ja hoor, de droppings zijn 5 cm lang, iets gebogen als een boontje en dus van een Sebra.

 

Jan begint nu eindelijk maar eens aan de boekhouding die ik hem al 1.5 maand onder z’n neus hou. Maar Jan en stilte gaan niet goed samen: hij moet  altijd herrie om z’n hoofd. Hetzij de radio, TV, CD of wat voor andere kabaal-dragers dan ook. Ik doe alle deuren dicht zodat ik toch naar de beesten-geluiden kan luisteren, want er zal toch wel iemand op m’n NWS afkomen?

 

Ik meende al een tijdje voetstappen te horen, maar opeens verschijnt er een Kudu. Volgens mij het zelfde Sub Adult mannetje dat  3 dagen geleden met z’n ma ook al langskwam. Ik kan hem goed bekijken met z’n grote oren en hij brult/blaft een aantal malen naar z’n soortegenoten lijkt mij. Ik ben zo ongelofelijk blij met deze ontmoeting en al zo snel!

 

Mongoose family

 

Maar intussen hoor ik ook een heleboel gepiep bij het huis. De familie Mongoose met z’n 30tigen is gearriveerd. Maar het hoekje waar ze  eigenlijk niet uitkunnen blijkt toch leeg. Ze hebben een beluchtingsbuis gevonden (of liever: kenden deze natuurlijk al lang) en lopen onder de stoep door naar de andere kant van het huis waar ik het luik hoor kletteren dat we nu juist hadden geinstalleerd om Porkie onder het huis weg te houden. Had immers al diverse leidingen doorgebeten. De Mongoose spelen en ravotten dat het een lieve lust is totdat ze mij zien. Want dan durven ze niet meer. Elke keer 4 à 6 koppies buiten het luik en zodra ze me zien een heleboel kabaal om de anderen te waarschuwen. Dolle pret want ik lig met m’n hoofd ca boven het luik en kan ze goed bekijken.

 

Op enig moment pluk ik Jan toch maar bij z’n klassieke muziek vandaan en ook hij geniet van het schouwspel. Tot het donker wordt want dan verdwijnen deze Diuarnals (dagdieren) als sneeuw voor de zon en ik zet het luik weer terug.  Wat een fantastische dag die perfect zou zijn geweest als Tai gezond zou zijn geweest.

 

Leugentje om bestwil

 

Jan kijkt elke dag naar BVN, naar het NL nieuws. Ik begrijp niet wat hem trekt. Maar toen ik 2 avonden geleden met Taiga bezig was hoorde ik bij toeval dat liegen-om-bestwil in Nederland thans gelega-liseerd gaat worden. Dat de overheidsfunctionarissen à raison van EUR 150.000/jaar zelf niet inzien hoe stom dat is en tot welke juridische consequenties dat gaat leiden is mij (als jurist) een compleet raadsel. Wordt het Wetboek van Strafrecht aangepast voor alleen alloctonen? Hoe dan verder met het grondwettelijk anti-discriminatie-artikel? Wordt het grondwettelijk gelijkheidsbeginsel losgelaten?? Is 100x dezelfde leugen nog steeds het zelfde leugentje??? Wat is de definitie van leugentje om bestwil???? Moet de  rechter elke keer beslissen wat bestwil is???? Nou ja, ’t land was toch al niet meer te redden.

 

Maandag 30 april

 

Elisabeth hoeft pas volgende week vrijwilligersdienst te verrichten zo blijkt. Sakkie komt te laat en Abram staat nog in Ellisras. Hij zal blijken de hele dag niet meer te komen opdagen. Dat wordt dus weer inhalen in het weekend. Ik krijg SMS’jes van Telkom waarin de komst van een technician wordt aangekondigd die niet komt opdagen. En het blijkt dat de Kudu zelfs het paadje vanaf de NWS tot aan het huis aan het onderzoeken is.

 

Elisabeth is weer aan het stoffen en vegen dat het een lieve lust is. Ook onder de vuilnisbak die buiten op het binnenplaatsje staat. Ja kom er maar eens om! En wat vind zij daar? Een grote zwarte schorpioen. Hij zit helemaal ineen gedoken te wachten op de nacht en hij had er natuurlijk niet op gerekend in het felle zonlicht te komen. Wat nu? Een lege joghurtpot met deksel om hem elders neer te zetten, want doodmaken zien wij niet zitten. ‘t Beest kan er ook nix aan doen dat hij en lelijk en giftig is en bijzonder pijnlijke steken kan veroorzaken. Jan probeert hem er in te vegen, maar Schorpie laat zich niet zo maar vrijwillig oppotten en klimt tegen de muur op. Dan daar maar de joghurtpot tegenaan, Elisabeth met haar bos struisveren probeert hem er verder in te porren, deksel erop en verder op het terrein weer losgelaten. Ik probeer een foto te maken, maar niet wetende hoe agressief hij is geworden durf ik toch niet al te dicht in de buurt. Met als resultaat: wel een foto, maar Schorpie staat er mooi niet op! Hij zoekt trouwens onmiddellijk een spleet op in de steen waarop Jan hem loslaat. Terwijl ik zit te schrijven zie ik opeens twee Mongoose koppies boven de stoep uitkijken. Ze zijn vannacht dus kennelijk onder de stoep gebleven. Mischien hebben ze hier hun intrek wel genomen. Als ze maar van de leidingen afblijven! Want op hun menu staan o.a. Slangen, Schorpioenen, knaagdieren, maar ook Lizards en dat is nou juist weer niet de bedoeling.. Ze blijven de hele dag kiekeboe spelen en ik maak een paar aardige foto’s van ze.

 

Maar als Patrick aan het eind van de middag na een gamedrive nog even langskomt met z’n “kanon” laten ze zich niet meer zien om te fotograferen. Ze worden ’s avonds kennelijk door hun ouders opge-haald want de volgende dag horen en zien we ze niet meer. Volgens Patrick hangt er een Rooibokkie klaar voor onze staf maar we moeten nog even aangeven hoe hij opgedeeld moet worden. In hapklare brokken lijkt mij.

 

De NWS is klaar en staat vol met water, maar dat moet eerst nog uitlogen, dan leeggepompt en opnieuw gevuld. Zo zal geen beest z’n tong er aan wagen.

 

Last Updated on Wednesday, 12 May 2010 08:56
 
Mei 2007 PDF Print E-mail
Written by Maya   
Sunday, 17 January 2010 09:50

Dinsdag 1 mei

 

’T is weer een public holiday en fantastisch weer zoals altijd. Maar als de zon ’s avonds is onder-gegaan wordt het erg koud. Het is dan binnen nog 21 graden, maar wij zitten met dikke truien aan. We zijn dus al behoorlijk ingeburgerd als we het met deze temperaturen koud hebben. En op de stoep is het ronduit onaangenaam omdat het meestal ook nog stevig waait. Jan heeft de kieren onder de ramen in de bieb inmiddels dichtgesmeerd met cement en dat scheelt al stukken. En voor/achter de voordeuren moet gewoon plexiglas oid want daar giert de wind ook doorheen.

 

Taiga lijkt wat minder ongemakkelijk te lopen met z’n voorpootjes, maar hij rust hééél erg veel. Wij gaan de resterende rommel bij de NWS opruimen en het water blijkt inderdaad erg zout. Jan heeft twee dompelpompen, dus die klus van leegpompen is heel snel geklaard. Denk we. Maar de pompen blijken beiden stuk en de stoppen vliegen om onze oren bij wijze van spreken, want het huis staat immers 30 meter verder op. De aardlekschakelaar slaat steeds uit. Dan maar op de ouderwetse hevelmethode: 2 slangen erin, maar het duurt wel erg lang op deze manier. En aangezien geduld niet mijn sterkste zijde is vind ik het maar nix, maar het is niet anders. Maar om 15.30 uur is de NWS leeg, ik haal de laatste restanten troep er met veger en blik uit en kan dan weer gaan vullen. Gelijktijdig ook maar de pomp aanzetten want er gaat schatten we toch al gauw zo’n 10.000 liter water in. Ik leg er ook maar alvast een heerlijk Wildsblok bij om de beesten te lokken. Er komt een troep Bobbejanne voorbij die moord en brand schreeuwen. Zoals altijd trouwens. Ik schreeuw dat ze hun kop moeten houden. Stomverbaasd blazen ze kennelijk de aftocht, maar de Silverback hoor ik tot 18.00 uur in de verte nog steeds protesteren.

 

En tussendoor haal ik alvast aantal boekendozen uit het gastenhuis naar ons huis, want binnenkort trekt de staff in in ons gastenhuis gedurende de verbouwing van het hunne. De bieb had al lang klaar zullen zijn, maar de plankendragers en rails zijn er nog steeds niet. We hebben weken op witte zitten wachten die in bestelling waren, maar vorige week kregen we opeens de mededeling dat die niet geleverd kunnen worden. Alleen standaard grijs. En dat wil ik niet en ik ga ook niet zelf zitten verven ook. Maar ik krijg een adres van iemand uit Joburg, John Gibbs, die ze in alle kleuren kan leveren naar verluid. Ik bel Jonn dus maar en volgens hem is wit gewoon een standaard kleur. Geen enkel probleem. Ik vraag hem een kwotasie en de levertijden.

 

En ondanks eigenlijk zaterdag j.l. al toegezegd, staat ook de Telkom-boy vandaag op de stoep. Maar het is intussen een routine-klus, we hoeven nix uit te leggen, in de paal klimmen, kastje verwisselen en klaar is Kees. Op onze vraag of er toch niet een wat stabieler systeem aanwezig is, antwoord de jongen dat dit er natuurlijk is (WiFi), maar vooralsnog in de steden toegepast, en zeker not in the rural area’s waar het grote geld niet te verdienen is. Twee uur later krijg ik een SMS van dear customer en dat de fout hersteld is.

 

Woensdag 2 mei

 

Brokkenpiloot

 

Geen enkele vooruitgang bij Taiga te bespeuren en Elisabeth heeft binnen 2 minuten al een groot wijnglas gebroken. Ze heeft eerder al een prachtige mooie blauwe vaas gebroken zonder wat te zeggen en ik vertel in het vervolg toch echt voorzichtiger met m’n spullen te zijn want dat ik dit helemaal niet leuk vind. Integendeel. En dat ik aan een excuus helemaal nix heb. Maryëtta vertelde me een keer dat ook zij geen kopje of schoteltje meer heeft waar geen stukje af is. Abram is weer komen opdagen en komt melden dat hij zaterdag komt werken ter compensatie van z’n ongeoorloofde afwezigheid. Er was geen taxi te krijgen aldus Abram en alle bussen waren vol. Hmmmmmmmmm. Hij gaat het zwembad stofzuigen en het pad naar de Wildsuiping grasvrij maken om slangenongelukjes zo maximaal mogelijk te beperken.

 

Oliver en Sakkie hebben twee nieuwe T-shirts gekregen bij wijze van baie dankie vir die nuwe wildsu-iping! Het is dan wel hun werk, maar ik ben er gewoon erg blij mee. Het zijn m’n twee Rollings Stones T-shirts die ik vorig jaar kreeg ten tijde van hun (voor mij waarschijnlijk laatste) concert. Maar tja, ik heb er in de loop der jaren dan waarschijnlijk ook wel zo’n 20 bijgewoond. De T-shirts zijn mij véél te groot zijn en Jan zie ik er niet mee lopen, alhoewel hij wel altijd braaf mee naar de concerten ging (Shea stadium New York, Wembley London, Arena Amsterdam, Maliveld den Haag, renbaan Groningen, de Kuip èn Ahoy Rotterdam).

 

En Abram die was er dus niet, jammer dan. Mischien een reden om de volgende keer wel op tijd op z’n werk te zijn voor dergelijke incentives. Sakkie kwam immers ook uit Ellisras, maar was maandag-ochtend toch op tijd.

 

Ik moet een aantal bankzaken regelen en zet ons geld dat nog geinvesteerd moet worden in onze Plaas (Kameelperde, Bushbucks, roundavel, bushtents, guesthouse, staff quarters) tijdelijk maar even op een zgn. Open MoneyMarket Call Account. Krijg je toch leuk 8,4% rente.

 

Achteraf bezien is het wel prettig dat de plankenrails en –dragers in wit hier in de buurt niet verkrijg-baar zijn, want in Joburg aanzienlijk goedkoper. So heb elk nadeel se voordeel zou Johan Cruyff zeggen. En hetzij via George hetzij via Gerard krijgen we de handel wel hier op de farm. Het is heerlijk om in zo’n remote-area te wonen, maar het vereist soms wel enig organisatievermogen en –talent.

 

Donderdag 3 mei

 

Hoera! Drollen en een piesie bij de NWS. Aan de sporen en keutels te zien een stel Elanden. Ze hebben van het voer gegeten, maar niet alles is op. Er staan nog meer spoortjes, maar het sporen-boek voorziet daar niet in wat het kan zijn. Hier ben ik dus heel erg blij mee.

 

Nog steedsg geen vooruitgang met Taiga, dus we gaan morgen weer naar de Vet om een plan de campagne te bespreken. Wordt waarschijnlijk toch de kliniek in Joburg, maar dat moet dan maar. ’T zou prettig zijn als ik een lift met een chopper zou kunnen organiseren.

 

En onze mannen zijn bezig met het graven van de fundering van hun eigen staffquarters. De rest van de Adam-construction-ploeg komt morgen. In no-time is de waterleiding doormidden, maar ook net zo snel weer gerepareerd. Knik erin met ijzerdraad eromheen, zo doen we dat hier!

 

Frans

 

’s Middags komen Craig en Frans om over de keuken- en badkamerrenovatie te praten. Craig heeft een flink aantal (uiterst luxueuze) lodges in Welgevonden gebouwd en heeft dus ervaring met het water betere marktsegment (hoe lullig en pedant dat ook moge klinken). Ik vertel hem dat we Adam ook om een kwotasie gevraagd hebben voor de vorm. Ze blijven bijna de hele middag en een heleboel spontane ideën en suggesties passeren de revue. Leuke mensen trouwens en hopelijk lijkt hun kwotasie ergens op en kan Frans inderdaad goed keukenskastjes maken. Daniël van Indube blijkt z’n keuken ook door Frans hebben laten ontwerpen en bouwen. Daar moeten we dus maar eens even gaan kijken, alhoewel de stijl mij in het geheel niet aanstaat, maar je kunt toch wel zien of hij kwaliteit levert en de kwalitatief goede materialen zijn gebruikt.

 

Daarna komen Pat en Letty nog een 30tal pakjes Rooibokkiesvlees voor de staff brengen. Elisabeth staat er helemaal bij te glunderen. Eindelijk Plaasvlees! En als Pat haar prijst om haar schoenpoetsen waar ze mee bezig is, glimt ze nog harder!

 

 

Vrijdag 4 mei

 

Met een bakkie vol rijden we naar Ellisras: Taiga, Elisabeth, Oliver en Sammy van de overkant (broer van Abram) blijkt ook van de partij. Onderweg pikken we nog een meissie op van Tholo, maar de boys, ondanks onze opmerkingen over being a gentlemen mogen niet baten: Oliver en Sammy blijven zitten waar ze zitten en het meissie moet achter op het bakkie waar ze bijna vanaf waait.

 

Bij Taiga worden neurologische tests gedaan die niets opleveren en bloed afgenomen. Dat is géén feest: eerst een stuk van z’n keel kaalscheren, naald erin en dan maar tappen. Helen heeft besloten één grote buis te nemen en van daaruit over te brengen naar de 4 separate buizen. Een gedeelte kan hier in Ellisras bij het lab worden onderzocht, en gedeelte moet opgestuurd naar ??? En de uitslag daarvan kan dus wel een week op zich laten wachten. Levert dat allemaal niets op, dan gaan we naar Joburg.

 

Sakkie is bij het huis bij wijze van Bobbejanne-oppas en Abram hakt in z’n eentje verder aan de french drain. Het personeel van Adam komt pas tegen de middag opdagen, maar dat gaat desalniettemin Jan z’n verwachtingen toch te boven.

 

Onwel

 

Bij de Vet ga ik bijna van m’n stokkie. Van de lucht en de temperatuur denk ik. Het lijkt Jan beter eerst z’n twee krukken maar naar huis te brengen en alleen de boodschappen te gaan doen. Lijkt mij ook een uitstekend plan! Taiga en ik helemaal alleen thuis, wat een luxe en geestelijke rijkdom!. Geen lawaai van staff, radio’s etc. maar gewoon doodstil. Taiga wil wel buiten op de bank liggen en ik loop even naar de NWS waar ik na een paar meter al op een Kudu stuit. Die schrikt zich een breuk en gaat er vandoor. Ik loop terug naar de stoep in de hoop dat hij weer terugkomt. Intussen zit het eekhoorntje weer op z’n bekende plekkie te zonnen. Ik besluit er maar even naartoe te sluipen, maar hij smeert hem en ik kijk vervolgens recht in het gezicht van een Eland bull. Z’n dames komen ook aangetippeld, maar de bull vindt de ontmoeting kennelijk minder geslaagd dan ik en maakt rechtsomkeert met z’n  gezelschap. Jammer! Ik rommel maar een beetje aan en als ik weer op de stoep een blik op de NWS wil werpen, blijken de Elanden teruggekomen. 

 

Ze zien me wel, maar blijven toch maar ronddreutelen. Meer dan een uur lang en ik maak foto’s. En dan komt er opeens een beest dat ik eigenlijk niet herken, maar met twee Kudu-vrouwen en Kudu kinders in z’n kielzog. Ik vind het helemaal niet op een Kuduman lijken, maar tja wat moet je hier nou van denken? Ook zij blijven zeker 3 kwartier. Maar de batterij van m’n fototoestel is leeg. Éen Kuduvrouw gaat aan het wildsblok knabbelen maar dat is knap hard en er moet dus stevig geknaagd. De Kudukinders lopen de tuin in en dat rare Kudu-mannete blijft bij hen in de buurt.

 

Helen (Vet) belt dat een aantal bloedmonster-uitslagen inmiddels bekend zijn en dat er mogelijk sporen van Toxoplasma aanwezig zijn. Schijnt bij zwangere vrouwen en katten voor te komen en een ontsteking in de spieren te veroorzaken. Ze laat nog een contra-expertise uitvoeren bij een ander lab, maar dit probleem zou met anti-biotica goed op te lossen zijn. Laten we dat dan maar hopen. Maar intussen lijkt hij een beetje levendiger dan de afgelopen twee weken. Hij wil weer naar buiten.

 

Vreemde Kudu

 

Als Jan eindelijk thuiskomt van het boodschappen doen zijn de Kudu’s er nog en hij sluipt ook nader. Dat is een Njala man zegt Jan. En hij kan het weten, want hij had het beest al eerder bij de rivier gezien met Hans en Monique. Tja, ik vond het ook al een vreemde Kudu. En ook het sporenboek bevestigt dat het een Njala man moet zijn.

 

We  gaan de bakkie uitpakken en Jan blijkt heel Ellisras te hebben leeggekocht. Prettig dat er zooooo-veel in een bakkie kan. Tot aan een fituurpan aan toe! Daarna moet de staff nog van proviand voorzien en dan komen we weer de twee Kuduvrouwen, -kinders en het Njala mannetje tegen. Zou hij (of zij??)  wat aan z’n ogen mankeren of zo? Of gewoon denken: “ach ze hebben ook verticale streep-jes, dus wat kan het mij verder schelen??”

 

De fundering bij de Staffquarters is gestort, maar de stenen helaas nog niet afgeleverd zodat ze jammergenoeg niet verder konden. Maandag is er weer een dag. En Abram komt morgen om z’n achterstand in te halen. Er wachten klussen genoeg. Weer richting huis komen we Brownnose met z’n Zebra vrouw en kind tegen en nog een keer de Kudu-familie met de Njala. Ik kan m’n geluk niet op dat de NWS al zo snel zo’n daverend succes is en de beesten gewoon overdag langskomen. Echt niet te geloven!

 

Zaterdag 5 mei

 

Abram komt opdagen en Jan gaat samen met hem klussen. Ik ga de voerbak bij de NWS  bijvullen en de houtjes die van de boomtakken worden gezaagd met de kruwa (kruiwagen) achter de workshop kruien. Om 13.00 is de Kudu-familie met het Njala mannetje er weer en Jan gaat Letty helpen om de koelkast weer aan de gang te krijgen die het na haar schoonmaakbeurt blijkt niet meer te willen doen. Hij gaat het niet meer doen ook zonder professionele hulp van buiten zo blijkt.

 

Tijd om de open haard maar eens te  gaan proberen! Aan twee zijden open, erg gezellig en er komt nog een beetje warmte van af ook. En we hebben voorlopig hout genoeg.

 

Zondag 6 mei

 

Taiga wil weer naar buiten en het lopen gaat hem wat minder ongemakkelijk af dan voorheen. Hopelijk horen we maandag of er inderdaad sprake is van Toxoplasma en er dus een gerichter aanpak kan komen. Het is weer goddellijk heerlijk weer zoals altijd en om 12.00 uur staat de Kudu-Njala familie al weer bij de NWS. Ik heb water bijgevuld en een extra liksteen neergelegd. Jan komt ook kijken en Taiga komt miauwen. Geen geluidje blijft onopgemerkt bij de Kudu’s, dus ze lopen weer weg. Rustig en nix schrikachtig. Binnen 10 minuten staan ze er weer. Een dame kijkt mij recht aan; ik kijk recht terug. Zulke mooie hoofden, ogen en prachtig grote oren! Maar ze besluit dat het geen kwaad kan. Er blijken trouwens 3 Kudu kinders bij de groep te lopen in plaats van de door mij veronderstelde 2..

 

En verder tutten we maar wat aan. Ik breng één gastenkamer op orde zodat de 3 staffboys volgende week kunnen intrekken als het dak van hun staffquarters wordt verwijderd en om 15.00 uur komt het Kudu-vrouwtje met haar zoon furageren. De eerste weken dat we hieren géén Kudu te zien, en nu lopen ze de deur plat.

 

Taiga pakt een hagedis ondanks z’n handicap. Muizen praatte ik in NL uit z’n mond, maar zo’n kwetbaar beestje is bij de eerste beste aanraking al beschadigd, dus kan dan maar beter opgegeten worden. Maar op zo’n moment kun je je lieve oogappeltje z’n mooie nekkie wel omdraaien.

 

Ik breng de vuilniszak naar de vuilverbranding en daar komt een Vlakvark uit het struikgewas. Hij komt tot op 3 meter afstand, ziet mij niet (de meeste wilde varkens zijn vrijwel blind), maar ruikt mij wel. Hij blijft een poosje staan twijfelen, maar gaat dan maar weer terug, een ander pad naar de NWS zoeken denk ik.

 

Pronkkast

 

Tenslotte broed ik nog twee nieuwe plannen uit in de hoop dat Jan ze ook leuk vindt. Het ene is in huis: in de gang naar de slaapkamer zit een ingebouwde kast waar de deur eeuwig half  open staat,  gewoon omdat hij kromgetrokken is. Als ik die deur er nu eens uithaal en door een glazen exemplaar vervang? en de planken door glasplaten? lichtje erboven, en voilà een nieuwe pronkkast voor Jan z’n Toekan-verzameling.

 

Het andere idee gaat over de afwerking uit esthetische en privacy-overwegingen van het terras bij het gastenhuis aan beiden zijden. Daar staat nu wat onbestemd  struikgewas. Weghalen en vervangen een houten schutting van heel dicht tegen elkaar gepakte grillig gevormde boomstronken. Ik heb deze toepassing al vaker gezien en dat ziet er echt prachtig en natuurlijk uit.

 

Maandag 7 mei

 

Om 13.00 komen de Kudu’s lunchen. De kudde met het Njala mannetje. Maar de gezinsverhoudingen worden steeds vreemder, want er loopt nu ook een flinke echte Kudu Bull bij. Maar als die wat wil eten wordt hij door het kleinere en veel lelijker Njala mannetje het struikgewas ingejaagd.

 

Ik haal de gangkast leeg, demonteer de planken en deur en heb gelukkig nog wat gele verf over van mijn kamer. Ik heb net genoeg zo blijkt.  En Elisabeth komt me complimenteren dat ik een baie slimme vrouw ben. Gelukkig nog iemand die het opvalt! We moeten nog ergens een sterrenhemeltje (setje van 6 mini-mini halogeentjes) op voorraad hebben liggen. Ook meegekomen uit NL. Die kan Jan leuk in een vals plafonnetje monteren.

 

De Mongoose zijn terug. Mischien vinden ze het onder de stoep van het huis wel lekker warm om te overwinteren. Van ons mogen ze gelet op hun eerder beschreven eetgewoontes. Jan hangt z’n video-systeem in de kruipruimte zodat we ze leuk binnen op de monitor kunnen bekijken.

 

De jongens zijn inmiddels ook begonnen om die rare vrouw-holle bakken om de boomples te slopen, maar dat ligt nu even op z’n gat omdat ze bij hun staff quarters aan de gang moesten. De keurig gebikte stenen ga ik maar de plek kruien waar de tuin moet komen. Ik sjouw me een breuk en besluit ze maar op de bakkie te laden en de handel in een keer naar de nieuwe plek te brengen.  Best zwaar werk eigenlijk want het zijn grote zware stenen. Groter in ieder geval dan ik gewend ben.

 

Taiga gaat even naar buiten. Ik moet hem wel van de trap afhelpen, maar hij springt er zelf weer tegenop.  De Vet heeft nog steeds de uitslag 2nd opinion (Toxoplasma ja of neen) niet binnen helaas. En ’s avonds gaat de open haard weer lekker aan, maar ik mis wel een pook om het vuurtje op te porren.

 

Dinsdag 8 mei

 

Boer op klompen

 

Midden  in de nacht krijgt Jan opeens visioenen van z’n video systeem dat door de Mongoose moge-lijk gesloopt kan gaan worden en gaat het redden. Op z’n klompen!!! Raad eens hoe dat klinkt midden in de nacht op de tegels.  De hele familie in één klap klaarwakker en met het video systeem is nix aan de hand.

 

Er is weer een lange boodschappenlijst voor Ellisras, waaronder m’n glazen plankjes voor de gang-kast. Maar eerst even bij de bouwwerkzaamheden kijken. De voorman van het bouwteam wordt voorgesteld als mr. Tree. Ik vraag hoe dat zo? Omdat u zo lang bent? Want hij is inderdaad tamelijk lang. Neen hoor, dat is de engelse vertaling van z’n Tswana-naam. Oh zeg ik, meneer Setari dus? Yes Yes Yes roepen ze in koor.

 

We gaan bijvoorbeeld met Adam naar een tegelboer om tegels voor het gastenhuis uit te zoeken. We vinden wel wat dat naar ons beider zin is, maar de prijs exorbitant hoog. We nemen de prijsop-gave beleefd aan maar besluiten alras géén vermogen op de vloer te gaan neerleggen. Gemarbeled concrete is ook heel erg mooi! Beton met een bepaalde coating behandeld waardoor het een natuurlijk effect krijgt en er uitziet als een heel gladde graniet/marmervloer zonder voegen.

 

We kopen een kachelpook. Ik moet de hele set nemen maar heb daar geen zin in. Wat moet ik met een bezempje, een schrapertje en nog iets ombestemds?  We hebben immers Elisabeth?  (Die blijkt dus bij thuiskomst de openhaard keurig te hebben leeggehaald en schoongemaakt zonder enige vorm van opdracht daartoe!) Nou als het niet kan zoeken we toch gewoon verder? En dan kan de pook wel opeens alleen verkocht worden.

 

Bij Bosveld worden de glazen plankjes gesneden. De mevrouw loopt te foeteren want één personeels-lid schijnt in no time al 3 grote ruiten gebroken  te hebben. Onze glazen plankjes worden keurig verpakt overhandigd, maar thuis blijken ze toch niet allemaal dezelfde maat te hebben en het polijsten is ook maar gedeeltelijk gelukt. Maar erger nog: de kast blijkt niet vierkant en ik heb alleen de planken nagemeten. Dat valt niet op als ze achterin de kast (waar deze wijder is dan aan de voorkant) maar net op de richteltjes liggen, maar met glas zie je dat des te beter. Jan legt er veiligheidshalve maar latjes onder en we moeten gewoon dikker glas en elke plank secuur aan alle kanten nameten. Maar het is erg leuk geworden met Jan z’n Toekan-frutsels van Swarovski tot de grootst mogelijke kitch uit Brazilië aan toe. Maar ook KLM koffer labels die ik bij wijze van verrassing voor hem had laten maken. Van een eigen gemaakte foto bij Foz d’Iquazu (Brasil). Echt beeldschoon. Ik heb ze zelf met een Leeuw erop van een foto genomen in Etosha (Namibia).

 

We hebben zelf geen wild gezien, maar volgens Elisabeth waren de Kudu’s ongeveer de hele dag in de buurt, inclusief de Trophy-sized-bull!. Elisabeth ziet het grote geld lopen!

 

Er zijn nog steeds geen stenen gearriveerd en het personeel van Adam vraagt of ze onze stenen niet mogen gebruiken. Die van de Vrouw Holle bouwsels. Nou ja, als ik er nieuwe voor terugkrijg is dat geen probleem. Maar zoveel hebben we er nu ook weer niet, dus we nemen de mannen mee die en passant nog zo’n Vrouw Holle ding slopen (twee vliegen in één klap!) en dan stenen genoeg hebben voor in ieder geval het fundament van de uitbreiding staff quarters.

 

Streepjescodes

 

Omdat het ’s avonds niet waait, kan ik nog lekker een tijd op het terras zitten. Prachtige sterrenhemel, en melkweg die langzaam overtrekt. Verbazingwekkend in welk tempo de wereldbol draait! Ik hoor veel gritsel in het struikgewas, maar tot mijn ergernis kan ik niets zien. Aan het gesnuif lijken het de Zebra’s, maar waarom zie ik die streepjescodes nu toch niet? Er moet nog een grote spot in de nok gemonteerd, maar we kunnen nou eenmaal niet alles tegelijk. De andere spot past alleen in het aanstekergat in de bakkie. Irritant!

 

Woensdag 9 mei

 

Jan gaat naar André van  Niekerk, onze Reekenmeester in Bela-Bela. Kijken of onze wijze van boek-houden de toets der kritiek kan doorstaan. Want dat is al veel te lang blijven liggen eigenlijk. Ik bljif lekker thuis, want nog zoveel te doen en ik kan niet wachten om de sporen van gisteravond op te zoeken. Ik hoef niet ver te zoeken, want vlak bij het huis een hoop verse Zebra vijgen. Die hebben dus inderdaad de weg naar de NWS ook gevonden. .

 

De trog bij de NWS blijkt schoon, maar dan ook echt schoon leeggevreten. Dat wordt dus eerst voer sorteren en ook nog een emmertje krachtvoer erbij. En er moet water bij. Ik ben nog niet klaar of er staat al weer een Kudu klaar om aan te vallen (op het voer) maar zij wenst door mij niet gestoord te worden en staat dus maar een beetje in mijn richting te blaffen.

 

We hebben gisteren nog een Bougainvillea gekocht die ik ga poten. Een snelgroeiende klimmer met 3 kleuren blommen: rood, oranje en paarsig. Er staan ook een flink aantal Camelia’s bij het tuincentrum, maar de bakkie is helaas vol. Wat een pech. ZAR 60/stuk voor echt flinke planten. Daar kan ik er dus wel een aantal van gaan aanschaffen.

 

Met Taiga blijft het allemaal een beetje hetzelfde, niet voor- en niet achteruit. Alhoewel ik vind dat z’n koppie smaller begint te worden. Balen die onzekerheid wat er met hem aan de hand is.

 

De Kudu-Njala familie komt eten en de Elanden komen ook langs. Het Eland mannetje is een ronduit onverdraagzaam kreng. Er mag niemand mee-eten, altijd knokken maar helaas voor hem kan hij niet gelijktijdig èn de sout-steen en de voertrog beschermen omdat die een paar meter uit elkaar staan.  

 

Lusern

 

Jan komt naar huis met 4 balen Lusern. Lusern is een erwt-achtig product dat net zo als hooi gedroogd en geperst wordt. In tegnestelling tot de hooien/grassen die relatief veel koolhydraten leveren, levert Lusern juist proteïnen voor het wild. Elisabeth vraagt naar de prijs: ZAR 40 (zij verdient ZAR50/dag). En jij moet er nog voor werken ook in tegenstelling tot de beesten meid! Jan heeft al een hele rit achter de rug, dus ik breng Elisabeth even naar huis met de kosboxen en inspecteer de (uitblijvende) voortgang bij de renovatiewerkzaamheden, want nog steeds geen stenen. Maar de french drain is zo goed al klaar. Die kan dus met de afvalstenen van het door de staff afbroken ablutionblok opgemetseld worden.

 

Jan heeft Trix weer keurig in haar lijst gekregen en nu moet ze nog een plek in huis krijgen. En dat is niet eenvoudig. Het huis is wel groot, maar relatief weinig muren vanwege de raampartijen. Ik heb inmiddels een baal Lusern naar de NWS gebracht en op een paar verschillende plekken neergelegd

 

Donderdag 10 mei

 

Nog voor het ontbijt breng ik een baal Lusern naar de NWS, want opnieuw is de voertrog schoon leeggevreten. Ik verspreid het Lusern over een paar plekken om te voorkomen dat de Eland Bull hem in één keer achter z’n kiezen werkt. Het is weer prachtig weer en in de verte zitten de Bobbejanne weer ongelofelijk herrie te schoppen.

 

Trix

 

Jan heeft Trix weer recht in haar passepartout weten te krijgen en nu moet ze nog opgehangen. En alhoewel het huis groot genoeg is, hebben we verbazingwekkend weinig muur waar ze tot haar recht komt. Maar ze heeft al 3 maanden scheefgezakt in de kluis gestaan, dus ze moet nog maar een beetje meer geduld oefenen. Ze moest eens weten!

 

Nog steeds geen stenen bij de staffquarters, maar ze zijn wel de vloer aan het storten. Het cement-maken gaat met de hand want het werk is te klein voor een betonmolen. En dat is echt zwaar werk. Maar de zink- en zakput zijn zover klaar dat ze met de stenen uit het toiletblok weer kunnen worden opgemetseld.

 

Het verhaal van Marcel Verhoef van Bloomberg/Newsroom (New York) is klaar en gepubliceerd. Ik weet eigenlijk niet eens waarin, maar het gaat over de Exodus uit Nederland waarvan wij met Taiga dus onderdeel blijken uit te maken. Volgens hem wonen we op een mountain ranch alhoewel ik dit eerder al gecorrigeerd had naar een gamefarm. Tevergeefs kennelijk. Arnold Heertje staat ook in het artikel vermeld, dus toch een hele eer om samen met hem genoemd te worden! Wij kennen Arnold (en Betsy z’n vrouw) en zijn ideën maar al te goed. En op seminars was het altijd een feest om naar hem te luisteren. Hij was één  van de eersten die vond dat aan de natuur een prijskaartje gehangen zou moeten worden. Dit om de kaalslag van natuurgebieden (teneinde in bebouwing en/of infrastructuur te veranderen) tegen te gaan.

 

Bloedtestrekening

 

Ik krijg een rekening van Jan onder m’n neus geschoven om te betalen. De bloedtests van Taiga volgens Jan. Met de vermelding op de invoice dat the results have been sent to the doctor. Wat raar, want Helen had toch beloofd te bellen als de uitslag binnen was? Ik bel haar dus maar even met de vraag wat nou de resultaten zijn. Want we hebben de rekening immers ook al binnen? Meer dan ZAR 1000. Dat is wel hééél erg duur volgens Helen. Ze snapt er nix van. En ze heeft ook helemaal geen resultaten. Ik lees voor waar de rekening vandaan komt en begin al een heel raar gevoel te krijgen. Want tussen m’n oogharen zie ik opeens  een datum van 19.4. en toen waren we met Taiga zeker niet bij een dokter. Ik lees haar vervolgens voor over welke bloeduitslagen het gaat en als ik dan aankom bij “prostaat” dan weet ik dat er definitief iets mis is. Het is de rekening voor Jan z’n eigen bloedtests in Pretoria. Soprry, sorry, sorry Helen!

 

Maar die rekening moet toch betaald dus surf ik naar de Standard Bank en voer de gegevens in. De opdracht wordt echter geweigerd want mijn EAP (géén idee wat het is, maar schijnt een soort betalingslimiet te zijn) is 00,00. En dat nadat ik eerder deze week de hele dag bezig ben geweest om met m’n cheque card te ook internetaccess te krijgen. Ina en/of Bertie gaan me dat vast nog eens uitleggen, maar wij snappen van het afrikaanse banksysteem geen hout. Een cheque-account, een debit-account, een credit-account? En allemaal verschillende kaarten die je kunt laten linken. Dat laatste hadden we veiligheidshalve maar laten doen omdat we het hele gedoe niet begrijpen, maar het schijnt vooralsnog niet te werken.

 

Met het CC account wat het activeren van internetbankieren een peulenschil, met m’n credicard 3 dagen geleden ook, maar met m’n chequecard lukt het niet. De bank heeft m’n paspoort voor dit cardnumber namelijk niet gescand zo laat de helpdesk weten. Ik vertel de dame dat het 3 dagen eerder toch echt met een andere card voor hetzelfde account wel gelukt was en geef haar het nummer van de creditcard. Maar ze geeft geen krimp. Het kan niet. Ik probeer ook de CC card nog met het nummer. Het is allemaal wel te vinden en de paspoort gegevens zijn wel bekend, maar N I E T gescand voor deze card. Sorry hoor, maar wordt ik geacht dit te begrijpen? Bij de Standard Bank hebben ze inmiddels tenminste 12 kopiën van m’n paspoort.

 

De dame zegt nu niet verder te kunnen, maar met de branch (Lephalale) te zullen gaan bellen. Ik adviseer haar dringend met Patrys (Jan z’n filmster Willeke van Ammelrooy) te bellen want die heeft de zaken in orde gemaakt. Aan het eind van de dag wordt ik teruggebeld. Het is goedgekomen met m’n paspoort maar ze hebben m’n echtgenoot nodig om m’n gegevens te controlleren. Nou ja laat maar, maar veel begrip kan ik hiervoor niet opbrengen.

 

Dat met internetbankieren voor m’n chequecard is dan weliswaar voor elkaar, maar betalen via internet ho-maar! We moeten dus weer naar onze filmster.

 

Er is vandaag geen beest bij de NWS geweest. En het Lusern is volkomen onaangetast. Onbegrijpelijk gelet op de ervaringen van de dagen ervoor.

 

Vridag 11 mei

 

Ik spoed mij weer naar de NWS, maar nog steeds niets van het Lusern gegeten. Echt heel vreemd.

 

We moeten weer een heleboel zaken regelen in Ellisras. Elisabeth rijdt mee want ze heeft een begra-fenis van een 16 jarig nichtje. Ik heb gevraagd waaraan het nichtje gestorven is, maar krijg daarop hoogstwaarschijnlijk geen eerlijk antwoord. Iets in haar kop aldus Elisabeth. Ze ziet er trouwens weer flitsend uit. Met oorbellen en een roze-groene hoofddoek kunstig om haar hoofd gewikkeld. En Sakkie past op voor/tegen de Bobbejanne en zet zich aan de verdere sloop van de Vrouw Holle bouwsels.  Er zijn nog steeds geen stenen ondanks mijn intensieve contact met Adam gisteren. Maar de boys zijn begonnen met het opmetselen van de french drain (septic tank). Meneer Setari bedankt mij voor de pillen die ervoor hebben gezorgd dat hij zich weer helemaal in orde voelt.

 

Tity vroeg mij eerder of we nog wel tijd hadden voor leuke dingen. Dat hangt af van wat je leuk vindt, maar we zijn inderdaad nu al 3 maanden bezig met van alles en nog wat te regelen, het vreet tijd, en voor echte leuke dingen (het white Lion breeding project waar ik nu al 8 weken plan om naar toe gaan bijvoorbeeld) hebben we inderdaad nog geen tijd gehad. Temeer niet omdat we de laatste 4 weken met Taiga sukkelen. En die laten we niet een hele dag aan z’n lot of iemand anders over.

 

C(h)ampagne

 

Elisabeth wijst ons het politiebureau. Jan moet daar een verklaring laten tekenen dat hij nog leeft en nog steeds met mij getrouwd is. Campagne (pensioenverstrekker) heeft dit zo verzonnen. Maar we brengen eerst Elisabeth naar het taxi station bij Shoprite en gaan daarna een ogentest doen bij een optometrist. Kosten ZAR 10 p p en mijn ogen blijken uitstekend! Want zelfs de kleinste lettertjes kan ik met m’n lenzen lezen. Maar ook Jan z’n ogen zijn goed genoeg voor het verkrijgen van een licentie aldus de opticiën. Bij de Apteek laat Jan nog even pasfoto’s maken.

 

Met ons ingevulde formulier en ieder 2 pasfoto’s gaan we naar de Municipality om eindelijk een af-spraak te krijgen om de leerlinglicentie-toets af te leggen. We staan een half uur in de rij en als we dan eindelijk aan de beurt zijn blijk ik één pasfoto tekort te komen. Want de beambte meent dat er een 3e formulier aan te pas moet komen waar ook een pasfoto op moet. Maar ergens buiten moet ik wel pasfoto’s kunnen laten maken. Ik dus naar buiten en zie nix behalve in de verte een rij bebouwing. Ik loop daar dus maar naar toe. Blijkt het winkelcentrum te zijn waarin ook de “Spur” is gevestigd. Een mexicaanse steakketen waar we wel vaker komen. Bij de eerste Apteek kunnen géén foto’s worden gemaakt, maar bij degene naast de Spur wel. Daar is ook nix wat wijst op een plek voor het maken van pasfoto’s, maar de manager komt met een fototoestel en neemt mij mee naar een stukje in de winkel waar nog net geen schappen gemonteerd zijn. Ik moet echt plat tegen de muur staan om de belendende schappen net niet ook in beeld te krijgen. Maar hoe hij de foto’s uit het toestel moet krijgen? (het is een witmens), daarover moet eerst met de leverancier gebeld.

 

Maar als ik dan eenmaal m’n pasfoto’s heb (niet eens onaardige; de mooiste werden gemaakt in Katmandu voor onze trekking-around-the-Annapurna-permit) belt Jan met de vraag waar ik nou toch blijf. Nou ik ben op weg hoor. De beambte heeft Jan plechtig beloofd dat ik niet opnieuw in de rij hoef, maar voor mag dringen. Als ik weer binnen ben en de beambte ziet mij dan schuift hij de twee dames die aan de beurt zijn opzij en laat mij voor. Ik krijg een prachtig document met een datum (23 juli 2007 0800 uur) om de toets af te leggen. Allemaal duimen hoor!

 

Maar Jan z’n missie is mislukt. Want hij schijnt al een document te hebben gekregen (en waarvoor ik nu m’n  3e pasfoto nodig had) bij het overschrijven van de Bakkie van Gauteng Province naar Lim-popop Province) dat hij had moeten laten zien. En zonder dat originele document te hebben gezien, doet de beambte nix. We zien het verband zelf absoluut niet, but it’s a fact. Dat wordt dus waar-schijnlijk op twee verschillende data afleggen van onze toets.

 

Vervolgens naar het politiebureau. We treffen een beambte, vertellen dat we een stempel nodig hebben, en hij verwijst ons naar buiten: onder de boom. Wij denken eerst dat we daar lekker in de schaduw kunnen wachten, maar neen hoor. Daar zit een beambte met een stempel. We vertellen hem wat we willen en dicteren hem vriendelijk wat in te vullen en waar te tekenen hetgeen hij braaf doet en tenslotte afstempelt. So far zijn de zaken die bij het politiebureau geregeld moesten worden altijd met grote voortvarendheid afgehandeld. Zo ook dit keer. Het knulletje heeft waarschijnlijk in de verste verte niet begrepen waarvoor hij zijn naam, handtekening en stempel heeft gezet. Maar het bewijs dat Jan leeft, en ik z’n huidige en wettige echtgenote ben, is voorlolpig weer geleverd!

 

En dan moet m’n kredietlimiet bij de bank natuurlijk geregeld. Want ik verricht alle betalingen so far. Patrys de filmster blijkt aanwezig en vrij. We hoeven nix meer uit te leggen en ze verwijst me naar haar collega die dit in no-time regelt. Maar wederom een kopie van m’n paspoort. Jan probeert intussen bij Patrys een garage-card te krijgen. Lekker handig voor de in te leveren CC administratie vanwege het maandelijkse overzicht van het aantal getankte liters diesel. Daar nu moeten weer andere formulieren ingevuld bij weer een andere bank-employee. Deze hoeft geen copiën van onze paspoorten, maar na ons aandrngen gaat hij ze zekerheidshalve toch maar even maken. We kennen immers inmiddels de consequenties  van de afwezigheid daarvan.

 

Eindelijk even tijd voor koffie bij Wimpie waar Jan een burger niet kan weerstaan. De manager zit bij wijze van uitzondering geen taart te eten, maar staat achter de kassa!

 

Het kantoor van Adam zit boven de bank, dus ik ga toch nog maar eens even over de stenen zeuren. Adam blijkt bij de steenhandel te zitten voor hetzij de stenen, hetzij z’n geld terug. Hij heeft er speciaal een vergadering voor laten schieten als gevolg van m’n intensieve gezeur. Hij laat mij halverwege de middag telefonisch weten dat de stenen onderweg naar de plaas zijn.

 

Daarna naar Bou en Hardeware voor verf en om te bekijken of er genoeg planken voor de bieb beschikbaar zijn. Daarna weer naar Bosveld om nu de juiste glazen platen te laten maken en door Jan zorgvuldig opgemeten. En bij wijze van toetje naar het tuincentrum waar ik 3 roze dubbelbloemige Camelia’s aanschaf. Op stam. ZAR 60/stuk. Bij de Intratuin waarschijnlijk zo’n EUR 45,00/stuk.

 

We zijn veel later thuis dan gedacht en Sakkie heeft z’n middageten dus moeten overslaan. Dat stond immers nog bij de staffquarters waar hij deze week moest meewerken. Het joch is zo braaf, die is keurig blijven hakken. Ik vraag of hij honger heeft. Nou en of! Ik haal dus snel 3 boterhammen uit de vriezer, bakt twee eieren en smeer dik chocoladepasta. Het bord lijkt wel schoongelikt: geen kruimeltje meer te bekennen. En het was heerlijk misssizzzzzzz!

 

Ik laat het nog een foto zien op m’n pc van een heg met de vraag of hij ook zoiets kan maken. Aan z’n reactie te zien heeft hij zo’n heg (min of meer in elkaar geraaide boomstammen) nog nooit gezien, maar volgens hem kunnen hij, Abram en Oliver dat wel. En we hebben morgen en zondag nog oppas nodig voor/tegen de Bobbejanne. Sakkie komt maar al te graag, want hij mag z’n was meebrengen die dan in de machine gaat en kan ’n bietjie tievie kyk en tea drink! Dat schijnt een heel aanlokkelijk vooruitzicht te zijn! Want de mans doen hun was zelf en zitten dan in een klein teiltje te boenen van jewelste.

 

Er blijken wederom geén beesten bij de NWs te zijn geweest, maar Taiga lijkt opeens veel beter te pas. Als ik hem zelf buiten zet en de trap afhelp, moet dat absoluut niet en wil hij weer naar binnen. Maar als ik de planten water ga geven, zie ik hem opeens bij het gastenhuis lopen waarvoor hij toch een aantal trappen heeft moeten klimmen. En vervolgens komt hij uitgebreid knuffelen en neemt nog maar een 5e voeding. Zeker om weer aan te sterken. Maar wij zijn allang blij dat er weer een beetje levendigheid in hem zit en niet zo beroerd meer loopt. Helen heeft alle bloeduitslagen binnen. Alles negatief (en dus positief voor Tai) maar de 2nd opinion Toxoplasma is nog pending. Hopelijk zaterdag of anders uiterlijk maandag.

 

Meetkunde

 

Jan gaat de nieuwe glasplaten plaatsen, maar ze blijken niet te passen. Waar is m’n briefje met maten zo wil hij weten. Dat heb je in Ellisras achtergelaten schat! Maar dan zal ik nooit weten wie de fout heeft gemaakt zo moppert  Jan. En doet mij voor dat de platen echt niet passen. Als je ze nu eens omdraait en de brede kant achterin plaatst in plaats van voorin lief? Want zo dom is die kast immers in elkaar getimmerd. En inderdaad; de platen blijken dan opeens wèl te passen. Ik ga het nep plafon-netje nog even blauw spuiten en dan kan alles hopelijk zaterdag gemonteerd worden.

 

Zaterag 12 mei

 

Ik wordt gewekt door voetstapjes en ook Taiga z’n oren staan rechtovereind. Ik heb inmiddels een verrekijker bij bed die mijn beroerde zicht-zonder-contactlenzen perfect weet op te lossen. Ik ontwaar de Elanden en de Njala-Kudu familie. Met de Elanden in de buurt kun je er zeker van zijn dat alle voer opgaat. En inderdaad, ze blijven 2 uur rondhangen terwijl wij toch echt ons best niet doen om zo zachtjes mogelijk te doen om hen niet te storen.

 

Ik heb Sakkie “besteld” om op het huis te passen want we moeten naar Vaalwater. Daar gaan we Yvonne en Gerard ontmoeten die de plankendragers etc voor de bieb bij zich hebben en nog een addtionele verrassing voor Jan.

 

Op de afgesproken plek treffen we Onno en Sabine (management copple of Kololo gamereserve) met Onno’s moeder die haar kind graag weer eens wilde zien. Het loopt op het eind wat Onno en Sabine betreft want het contract is afgelopen en zij willen niet verlengen. Ze gaan nog een 50-daagse reis door zuiderlijk Africa maken met ee n fully equipped Landrover en dan terug naar NL waar ze het appartement van Sabine’s zuster in Amsterdam gaan betrekken. Op zoek naar een nieuwe baan. Ondenkbaar in mijn ogen om terug te gaan en dan naar Amsterdam-of-all-places. Maar ze zijn nog jong!

 

Yvonne en Gerard gaan één nachtje mee naar Kololo. Gerard brengt 2-3 x week gasten vanaf Joburg naar Kololo. 

 

Inmiddels arriveert ook Ton Janse, de eigenaar van Kololo en diens vrouw Yvonne (ja allemaal heel verwarrend). Zij vroegen ons destijds of er nog ruimte in de container over was om afgedankte kleding uit Nederland mee te nemen voor één of ander project hier in de buurt. Helaas niet dus.

 

En dan komen eindelijk Yvonne en Gerard van African Lodge aan. Yvonne helemaal in de stress want voor het eerst heeft ze haar business achter/overgelaten aan een stagiare wier verantwoordelijkheids-gevoel nogal zwaar te wensen overlaat. Er wordt wat afgezoend en Yvonne vertelt dat ze 1/5 van de lading helaas heeft moeten afstaan. Jan snapt niet waar het overgaat. Ga dan maar lekker met Yvonne kijken in hun “van” suggereer ik manlief. Want wat is het geval: Yvonne en Gerard hebben zonet de vriendin van Maryëtta van Herwaarden (24 Rivieren) bij the Big Five gedropt en daar bleef de Old Amsterdan niet onvermeld. Welnu, daar wilde Maryëtta ook wel een stuk van hebben. Zodoende schieten er slechts 4 van de 5 stukken voor Jan over! Jan is totaal verrast en kan nu werkelijk helemaal niets meer te zeuren bedenken.

 

We drinken gezellig koffie en kletsen maar wat raak voordat ieder zijn/haar weegs weer gaat.

 

Op onze plaas staat Brownnose midden op het pad vlak bij he huis en we vinden Sakkie helemaal in de wolken. Want Zuid Africa heeft gewonnen. Waarvan zou ik niet weten, noch welk spelletje daarmee gemoeid was. Hij vertelt dat er morgen weer een heel belangrijke wedstrijd is om 15.00 uur en dat Abram dan ook wil meekomen om op te passen. Goed hoor knul wat ons betreft.

 

Jan brengt Sakkie naar huis, maar de Zebra’s staan er nog steeds. Sakkie weet niet wat hij ziet, want hij is altijd te voet en dan gaan de beesten er van door. Maar als je in de bakkie rijdt blijven ze gewoon staan. Hij vindt het geweldig en zwaait aan de Zebra’s. Belachelijk natuurlijk, maar ik gedraag mezelf ne zo debielig: dag popjes, you are beautiful, take care en dat soort gillende onzin nog al meer. Maar ik ben gelukkig dus niet de enige idioot.

 

Zondag 13 mei

 

We hebben te weinig brackets zo blijkt en denken aanvankelijk ook de verkeerde maten, maar dat valt gelukkig mee. We bestellen dus nog wat extra bji John in Joburg en die komen deze week dan ook wel deze kant uit.

 

Ik bel Sakkie dat we weg moeten en hij komt samen met Abram naar het huis. Elisabeth komt straks ook kijken zo laten ze weten. Ze doen maar. Ik heb een grote pot thee gezet, 2 liter frisdrank en een nieuwe verpakking koekies. Zal allemaal op blijken te zijn als we weer thuiskomen, maar ik ben allang blij. Kunnen we straks nog eens wat vaker en langer weg. De jongens weten hoe de zap-machine werkt en trekken de luie stoelen in een zodanig positie dat ze lekker lui tievie kunnen kijken.

 

We gaan met Russel (van Matablas Spares) naar plaasbakkies kijken en de firefighter ophalen. De plaasbakkies blijken of niet operational te zijn, danwel geen papieren te hebben want geimporteerd uit Botswana. We zijn niet erg enthousiast en vragen Russel nog maar even wat verder te zoeken, en het mag ook net iets meer kosten dan EUR 5000 wat onze aanvankelijke limiet was.

 

De firefighter is een keurig ding, maar van 2e hands spullen in elkaar gezet. Maar het blijkt te werken en hij hoeft niet in de pronkkast en hopelijk nooit te worden gebruikt.

 

De Elanden en Kudu’s hebben alle voer opgegeten en gedragen zich steeds vrijer. Ik praat nu gewoon hardop op de stoep. Ze houden me wel nauwlettend in de gaten of ik niet te dichtbij kom, maar gaan verder hun gang. En als het donker wordt lopen de Zebra’s in de tuin. Ik onderscheid ze dan weliswaar niet, maar aan hun loopje te horen is het de brown-nose-family.

 

Maandag 14 mei

 

New domain

 

Ik ga m’n domeinnaam laten registreren bij MDV Solutions in Ellisras: www.leopardleap.co.za met bij-passende aliassen zoals:

 

This e-mail address is being protected from spambots. You need JavaScript enabled to view it ,

This e-mail address is being protected from spambots. You need JavaScript enabled to view it ,

This e-mail address is being protected from spambots. You need JavaScript enabled to view it ,

This e-mail address is being protected from spambots. You need JavaScript enabled to view it .

 

En nu is het nadenken geblazen wat er allemaal op moet. Een fotogallery natuurlijk, routekaartje, con-tactgegevens, etc etc.

 

Het personeel van Adam blijkt niet gekomen, dus dat wordt weer bellen. Maar ze zijn opweg volgens Adam en hij komt morgen zelf met Louis ook langs om weer het een en ander te bespreken.

 

Helen Vet belt dat alle bloeduitslagen negatief zijn, dus ook geen Toxoplasma. Aan de ene kant wel jammer want dat was gemakkelijk te behandelen geweest. En nu de vraag ja/neen Johannesburg. Want het gaat onmiskenbaar beter met hem, ook het lopen alhoewel niet perfect. We kijken het nog een weekje of 2 aan of de verbetering zich voortzet.  Want het gedokter met Dugas en Raisha (one overleden blauwe rus en russin) resulteerde in overmedicatie met alle negatieve gevolgen van dien tot aan epileptische aanvallen en vroegtijdig inslapen aan toe. Een lijdensweg en spookbeeld dat ik in ieder geval nooit meer vergeet.

 

De Toucan-pronkkast is klaar. Heeft wat langer geduurd dan de bedoeling was, maar het nepplafon-netje wilde maar niet lukken. Jan probeerde daar de oude legplanken uit die kast voor de gebruiken, maar de verf viel er al af als je er naar keek of wees. Daar rustte dus kennelijk geen zegen op. Op enig moment ligt de hele zooi in de brandton, maar de planken willen zelfs niet branden!

 

Dinsdag 15 mei

 

Oliver komt de kruiwagen halen om de klippe mee te vervoeren die de jongens aan het zoeken zijn om in de zakput te gooien. De stenen mogen niet al te klein zijn om dichtslibben te voorkomen. Sakkie heeft al laten weten graag de kruwa van de missssizzzzzzz te hebben want die heeft een luchtband en loopt veel beter dan de andere kruiwagen die wel een vierkante houten wiel lijkt te hebben. Want zo lullig kruit hij. En het bouwteam van Adam valt van de stoel van verbazing. Een kruwa met een luchtband? Dat hebben ze nog nooit gezien. Dat lijkt hen ook wel wat.

 

Jan legt de laatste hand aan een boekenwand in z’n kantoor(tje) en daarna moeten het sytseem in de bieb geinstalleerd. Ik vraag een offerte voor fatsoenlijk houten boeken planken aan Frans want het Plywood dat bij de bouwmarkten te koop is, staat zo ontzettend goedkoop. En ik plak met zwart plakband onze gesneuvelde houten wijzer van de klok maar weer aan elkaar. Helaas niet onzichtbaar, in tegendeel, maar hij hangt inmiddels weer en doet z’n werk: de tijd aangeven. Maar lijkt aanzienlijk kleiner dan in NL. En of we ooit van van de verzekerings-maatschappij horen? Incasseren kunnen ze als de beste, maar als het op uitkeren aankomt? Het zal mij benieuwen. Maar hun eerste smoes was reeds dat de digitale foto’s van de schade niet ontvangen waren.

 

Het is best warm en ontzettend droog en de bladeren beginnen nu masaal van de bomen te vallen en inmiddels komen de Kudu’s en Elanden dagelijks langs om de voerbakken te inspecteren en water te drinken.

 

We hebben weer Giraffes aangeboden gekregen. Dit keer ZAR 18.000/stuk ex VAT. ! bull en 3 cows en we moeten ze alle vier tegelijk kopen. Het wordt steeds doller. Per kilogram valt de prijs natuurlijk wel mee, maar het is nu eenmaal geen slagerswaar wat we willen kopen. Over twee weken is er weer een veiling in Vaalwater en we gaan daar eerst nog maar eens kijken.

 

Floorplan

 

Aan het eind van de middag gaan we de bouw nogmaals inspecteren. De jongens zijn bijna “uitge-bouwd” want ze weten niet hoe ze verder moeten, waar de muurtjes moeten komen  etc etc. Het is toch bijna einde werktijd en ik beloof hen morgen mijn eigen floorplan te brengen. Adam heeft eerder al laten weten vandaag niet te kunnen komen en de werkzaamheden zijn kennelijk in het geheel niet voorbereid. Ook de voorman, mnr Setari is verdwenen.

 

Taiga gaat eventjes naar buiten, naar het toilet en de 3 huis-Francolins (Patrijsachtigen) lopen rakelings langs hem heen zonder dat hij er achter aan gaat.

 

Woensdag 16 mei

 

Ik maak een beter floorplan met boven- zij- en achteraanzicht van het bouwwerk zoals dat moet worden en breng het naar het bouwteam. Ik leg het een en ander uit en de mannen zijn blij. Ze heb-ben tot nog toe helemaal géén plan/tekening gezien. Onbegrijpelijk. Het zal wel Afrikaans zijn, maar dit belooft niet veel goeds voor toekomstige bouwwerken door Adam uit te voeren. Of we elders beter af zullen zijn is maar zeer de vraag, maar dit kunnen we zelf met onze staff ook wel. Ik druk Oliver, Abram en Sakkie dus nogmaals op het hart heel goed te kijken hoe ze stenen moeten metselen en daarna maar naar het huis te komen. Want de french drain is klaar, en ik heb Brian gevraagd om Alfi met de frontloader te sturen om met de frontloader de verzamelde klippe op te halen en in de zakput te gooien. Dat kan trouwens pas vrijdag want Alfi is in de ziektewet. Hij heeft van de dokter 2 dagen rust voorgeschreven gekregen omdat hij een hele zware boomstronk op z’n enkel had gekregen.

 

Ik moet de 2 nieuwe zijplankjes waar de 4e glasplaat op moet komen te liggen in de pronkkast nog een keer verven, want ik blijk verkeerde verf gekregen te hebben. Geen muurverf, maar iets op terpentine-basis. Ik vond het al zo raar ruiken en het kwam als stroop van de kwast af. En de plekjes die ik bijwerkte (blauw geworden door het gerag met de verschillende mislukte nachtblauw gespoten nep-plafonnetjes) blijken opeens te glimmen. Dit is wel erg vervelend en storend. Mischien doe ik de hele kast wel over, maar Jan heeft nu net allerlei dingen in die kast aangebracht waar de Toekans aan hangen, op zitten, tegenaan geplakt etc. zijn.

 

Adam en Louis komen eindelijk opdagen en hebben gillende haast zodat ik nauwelijks tijd heb om mijn zegjes te doen. Op de bouwsite wordt nogmaals voorgedaan hoe het moet worden, waar de kranen moeten komen etc. etc. En alles wordt met kruisen en strepen aangetekend. Een wonder dat er überhaupt op deze manier bouwwerken tot stand komen. En zoals een goed aannemer betaamt begint het gezeur over de inmiddels sterk gestegen prijzen (dat is inderdaad waar dank zij het wereld kampioenschap voetbal in 2010 waarvoor van alles uit de grond gestampt moet worden en het niet kan schelen wat het kost) van de diverse bouwmaterialen. Jammer dan, dat was 4 weken geleden niet anders toen we overeenstemming over de bouwsom bereikten. En dat er blijkbaar toch veel meer “geplasterd” moet worden dan gedacht omdat de muren zo krom zijn. Sorry hoor Adam, maar de muren waren al krom toen jij het werk aannam en inspecteerde. En de onze stenen die in de fundering verdwenen zijn moeten ook weer aangevuld. En het wachten is nog steeds op de kwotasie voor het gastenhuis waarvoor ik het open calculatie model al maakte. Maar deze meneer gaat zeker niet mijn badkamer en keuken onder handen nemen.

 

Onze staf moet de OWS schoonmaken en de betonnen randen gaan repareren. Ze treffen daar een hele grote Bobbejanne-man die hen probeert te intimideren door met stokken hard op de grond te slaan en te luidkeels te schreeuwen. Ik heb al vaker gehoord dat je zo’n beest beter niet in je eentje kunt tegenkomen. Ze hebben tanden groter dan een leeuw. Onlangs hadden ze een Boerboel (zeer vervaarlijk en foeilelijk uitziende hond) in stukken gereten/gebeten volgens de krant.

 

Donderdag 17 mei

 

Z3

 

 

We krijgen bezoek van een legal advisor van SEESA, de “werkgeversvereniging”. Paul Rothmann. Hij belt diverse keren om de weg te vragen maar arriveert uiteindelijk in een…….Z3! Wie had dat gedacht dat we nog eens bezoek van een Z3 zouden krijgen. Weliswaar blauw maar toch. Het is de auto van z’n vrouw. Die zu een hartverlamming hebben gekregen als ze onze internal roads met rotsen had gezien. Hij zelf rijdt in een Jeep. Een Wrangler, maar enige similarity is autopark valt wel te ontdekken!

 

Verder keurige knul, netjes in het pak, net iets te geplakte vlotte haren. Fijn dat ik ook jurist ben want nu kan hij zijn ei eens goed kwijt. We horen niet veel nieuws, want het arbeidsrecht heeft de zelfde nare werknemers-mindend trekjes als in Nederland. Zij het dat er hier nog een schakel tussen zit van de “hearing”. Een soort informeel gebeuren waar werkgever en werknemer worden gehoord en waar je maar beter tot een vergelijk kunt komen alvorens naar de arbitration court te moeten. En zorg vooral dat je het schikkingsbedrag cash bij je hebt, want van een stapel geld, al is het maar ZAR 1000, puilen de ogen meestal uit en wordt met beide handen aangenomen ondanks het eerdere gevorderde veel hogere bedrag. De schade is hier overigens wel beperkt tot maximaal één jaar salaris, danwel twee indien je iemand hebt ontslagen die ontslagbescherming genoot zoals zieken en zwangeren (klinkt da even bekend?)

 

Paul zet wat wet- en regelgeving op m’n Kingston (stick) met voorbeeld brieven zoals waarschuwingen en dat soort zaken om te zorgen dat de dossiers perfect in orde zijn. Want ook hier komen procedurele foutjes de werkgever duur (het voorgaande in acht nemende) te staan.  Hopelijk hebben we ze nooit nodig.

 

Gelukkig gaat het met Taiga beter

 

Taiga begint steeds beter te lopen gelukkig. Soms komt hij al weer op een drafje achter mij aan (richting etenskast). Maar nog steeds erg schrikachtig en als hij plotseling wil/moet draaien dan maakt zijn rechte schouder nog die rare beweging. Maar wij blijven ons afvragen wat er nou werkelijk gebeurd is. Want hij is als de dood voor Elisabeth die trouwens de broodtrommel naar de knoppen helpt. Scharnier kompleet afgebroken. Hoe ze het voor elkaar krijgt. We vertellen haar steeds versigtig met die goed te wees maar het zit er kennelijk niet in. Als klap op de vuurpijl gaat ze onmiddellijk Jan z’n Toekan-pronkkast stoffen en soppen terwijl alles er net schoon ingegaan in. Jan doet haar voor dat hij nek omdraait als ze iets breekt. Ze lacht er hartelijk om. Zou toch erg vervelend zijn als die Swarovski dingen zouden sneuvelen.

 

Nadat Paul uiterst voorzichtig met z’n cabriootje weer vertrokken is, gaan wij naar Ellisras want Russel heeft weer een paar plaasbakkies georganiseerd. Maar eerst in de rij bij de Municipality om een af-spraak te krijgen voor Jan z’n leerlinglicentietoets. Wordt 31 juli om 11.00 uur. Er staan een paar witmense ongelofelijk op het huidige ambtenaren apparaat en de bijbehorende papierwinkel te kankeren. Ze hebben gelijk, maar ’t helpt helemaal niets.

 

Ik krijg een telefoontje dat de bushtenten klaar zijn en opgehaald kunnen worden in Hammanskraal. Ligt ergens tussen Bela Bela en Pretoria, maar eerst even de resterende verschuldigde koopsom overmaken aub.

 

De landcruiser

 

De plaasbakkies ze zijn er nog niet, en ik wacht buiten de winkel in de zon op de komst ervan. In de winkel zelf bevries je namelijk vanwege de airco die altijd op storm lijkt te staan. Er komt een zilverkleurige Landcruiser met winch (lier) voorop om de hoek en ik denk bij mezelf:  dat is nou een aardig plaasbakkie. Russel komt er onmiddellijk aan dus dit is inderdaad één van de kandidaten. We maken een proefrit, het lijkt wel een vrachtwagen en Anton (eigenaar, veeboer en Taxidermist= preparateur) laat ons de kracht van de auto op de oevers van de (droogstaande en zeer zanderige) Mogolriver zien. Hij doet er dingen mee die ik niet in m’n hoofd zou halen. We kunnen er rustig mee naar de Kalahari of Namib desert. Maar eerst moet de lucht uit de banden en de locks op de wielen zodat ze niet gaan spinnen. Klinkt allemaal erg bekend dankzij onze eigen ervaring met de Bush-camper in Botswana. Er zitten zelfs twee stoelen op de laadruimte voor gamedrives en een stellage bovenop waar je een rooftent op kunt bevestigen. Maar welke gediend heeft als steuntje voor jagers. Op z’n vraag of wij ook gaan jagen, laten we Anton weten van levende dieren te houden in plaats van hen te doden. Dat we daar de lol absoluut niet van inzien.

 

We willen de auto wel hebben, maar er moet nog wat van de prijs af. Russel belooft de volgende dag Anton en diens vrouw uit te nodigen for a couple of beers, want dan wordt Anton kennelijk wat gewilliger. Bovendien wil Anton een jongere auto die al bij de garage staat, maar die hij nu dus nog niet kan betalen. En de garage houdt de auto niet eeuwig voor hem beschikbaar. Altijd nuttig om dat soort dingen te weten. Russel doet maar en wij geven het maximum bedrag aan wat we willen betalen.

 

Het tweede plaasbakkie is een Ford en fatsoenshalve rijden we er even mee, maar voor ons géén Ford!.

 

De achtermuur van de uitbreiding staffquarters is tot halverwege opgemetseld. En de deur voor de bergruimte is keurig gesteld. Ze moeten in het weekend doorwerken om de planning te halen en onze staff moet zaterdagochtend vertrekken omdat het dak er dan afgaat. Ik geloof dat ze er tegen op zien om bij ons in de buurt te zitten gelet op hun toch enigszins afwijkende leefgewoonten. En Sakkie komt weer om geld zeuren want z’n kind is ziek. Daarmee moet z’n vriendin naar de dokter in Vaalwater. Hijzelf vraagt ook pillen voor/tegen de griep. Assieblief misssizzzzzz. Hij zegt er wel bij dat hij zelf ook nog ’n bietjie sjeld het om een preek te voorkomen denk ik. Goed zo Sakkie, dat hoort ook zo als je verantwoordelijkheden voor een kind hebt. En laten we het maar als een onvoorzien noodgeval aanmerken.

 

Oliver heeft vandaag het gamefench gelopen en kleine reparaties verricht. Maar hij moet morgen terug met een draadspanner want onze Kudu-bullen en die van Ben Schutte hebben elkaar door het hek bevochten vanwege de koeien. Het gras aan de overkant blijkt ook hier groener. En als je de horens van zo’n Kudu-bull ziet, dan weet je ook hoe gemakkelijk ze zo’n fench aan baggels trekken. Maar wij hebben géén spanner, dus die moeten we maar even van Brian lenen. Alfi komt morgen toch met de frontloader, kan hij gelijk die spanner meebrengen. En verder heeft Oliver dus 5 Kudu bullen en 5 koeien (Kudu vrouwen) met kleintjes gezien, 7 Sebra’s en verder niet. De Rooibokkies (waar we er toch dik 100 van moeten hebben) zijn in géén velden of wegen meer te bekennen. Bij Brian trouwens ook niet zo laat hij weten, maar tja, daar zijn ze een paar weken geleden bejaagd, dus geen wonder. Maar hier? Een volslagen raadsel.

 

We kopen nog een Mogol Pos. De plaatselijke krant die altijd zeer tot de verbeelding sprekende berichten brengt: Op 11 mei 2007 is mnr Christo Kaiser, bekende in jagkringe, tragies dood tydens ’n jagtog in Botswana. Verslae, geskok, hartseer! So het die hele bosveld Vrydag gevoel toe die tragiese nuus van Christo Kaiser se dood ons getreft het. Christo was volgens bronne saam met buitelandse kliënte op ’n jagtog in Botswana waar hy deur ’n olifant doodgetrap is. Geef hem eens ongelijk die olifant. En: voertuig rol: man in twee geskeur. Foto’s daarvan is te grusaam om te publiseer. Precies op het kruispunt van het tuincentrum waar wij met enige regelmaat komen.

 

Vrijdag 18 mei

 

Jan moet om 08.00 in Nylstroom zijn want de bakkie moet een beurt en krijgt een  towbar/bullbar/ cangaroo-rack, you name it)  opgebouwd. Hij neemt Sakkie met kind en vriendin mee naar de dokter. Scheelt een paar rand voor de lift of taxi. En Brian komt zelf even langs met de draadspanner, kletspraatjes en hij stuurt zijn staff mee om het hek te repararen als ik Elisabeth moet geloven. Zij gaat mij nog eens uitgebreid uitleggen hoe dat werkt met het hek en zo’n spanner. Het klinkt erg plausibel en wij moeten natuurlijk ook zo’n ding kopen volgens haar. Bij de NTK. Dat moet zeker gebeuren en het hek moet vaker gecontroleerd nu de “kerels” om de “meiden” vechten. Maar als eerste ziet ze mijn nieuw aangeschafte Hibiscus en een nieuwe broek. Weer van het merk Jeep. Komt het bord ‘Jeep-parking-only” binnenkort toch weer van pas. Niet in de garage, maar in de kledingkast.

 

Het kan hier on top of the mountain ongelofelijk waaien, zo ook nu. De prachtig dieprode blom aan de Hibiscus zal dan ook wel geen lange leven beschoren zijn. Het hek is weer gerepareerd en de Rooibokken bevinden zich richting de rivier want daar staat veel meer gras dan hierboven. Volgens Oliver is er daar voorlopig nog voedsel genoeg voor de beesten. Ze hebben 4 elanden gezien, 5 Kudumeiden en zo’n 20 Rooibokkies.

 

Ik krijg de zoveelste tekening van Bennie doorgefaxt met betrekking tot de uitbreiding badkamer. Begint er zo waar op te lijken!

 

I dreamed of  Africa

 

Ik zit op de stoep Kuki Gallmann’s boek “I dreamed of Africa” te lezen, althans dat probeer ik. Ik heb het boek van Herma gekregen en kom er nu pas aan toe. Maar dat heeft het voordeel dat ik er nu nog meer uit herken nu we hier wonen dan te voren. Jan heeft het boek allang uit. Maar Elisabeth vindt dat de stoep nodig gedweild moet worden en praat honderd uit. Of ik de open vlakte in de verte zie. Ja hoor, die zie ik. Dat is de plek waar een rijke swartmens uit Johannesburg of Pretoria naar toevliegt als hij naar zijn plaas komt. Hij heeft wel zes auto’s (waarvan de merken ook nog worden opgesomd) vertelt ze en hij wordt met een auto opgehaald. Het blijkt de eigenaar van Tholo te zijn en heeft verschilldende farms hier in de buurt opgekocht. Tholo is zo’n ontwikkelingsproject met 49 stands van een hectare of zo voor ZAR 600.000 per stuk. Maar volgens het personeel dat we zo nu en dan een lift geven tot nu toe zonder veel succes. En zo vliegen zijn huntingguests dus ook in van Jan Smuts (Pretoria Airport). Ze loopt in gedachten het hele Witkoppad af, en wie er zoal wonen. Zoetfontein kent ze ook, dat daar geen Eskom is, maar wel baie Kudu’s (ik heb ze er nooit gezien) en dat er een Aussie woonde. Ze zal Oostenrijkse bedoelen waar Karin inderdaad vandaan kwam. Haar man Dieter is een duitser.

 

Jan haalt op de terugweg de resterende brackets op bij Mariëtta die ze uit Joburg heeft meegenomen en krijgt gelijktijdig het floorplan van hun roundavels mee. Zo één gaan wij er dus ook bouwen. Mischien wil Gerard wel als projectmanager optreden. Gekscherend is het wel aan de orde geweest, maar het zou mij wat waard zijn zo’n pietje precies! Daarna gaat Jan naar de Citrusfarm en koopt de hele oogst aan sinasappels op. Ik geloof wel 6 7,5 kilozakken, want ze waren lekker goedkoop. Hij krijgt er een kistje citroenen gratis bij en de groeten aan zijn vrouw van het sproetenmeissie.

 

Tenslotte komt het bakkie met een prachtige bullbar naar huis. Overbodig achteraf, want we krijgen ook een telefoontje van Russel dat Anton het eens is met de door ons geboden prijs. Maandag aanstaande betalen en halen dus. En dan hebben we gelukkig weer twee auto’s alhoewel ik formeel dus niet de weg op mag met alleen m’n nederlandse paspoort. En Oliver kan ook autorijden. Heeft dan wel geen rijbewijs, maar ik zal er hier op de plaas niet naar vragen! Handig want er moet nog een hoop werk verzet: de bushtenten voorbereiden middels het storten van een cementenvloer. Dat wordt dus klippe zoeken, zand en cement naar de locatie toerijden.

 

Omdat het weer koskrydag is voor de staff brengen we ze met hun kosbox naar huis en om de vorderingen op de bouw te inspecteren. Ondanks de toezegging van Adam, zegt zíjn staff in het weekend niet te zullen werken. Dat zullen we dan nog wel eens zien denk ik. Want het heeft ook weer consequenties voor het tijdstip waarop onze staff moet verkassen.  Ik SMS Adam dat zijn personeel niet werkt in het weekend met de vraag wat ze dan überhaupt hier nog op de plaas doen.

 

Zaterdag 19 mei

 

Om 08.00 uur SMSt Adam terug dat het personeel zal werken. Mooi zo. Krijgen ze straks een beloning: een 2 liter fles fanta en plaasvleis. Want de arme schapen leven echt op Mieliemeel, kunnen door een lampenglas (uitdrukking uit mijn jeugd dat ze niet al te dik zijn)  en ze hebben me al eerder deze week om vlees gevraagd. Maar ik heb geen plaasvlees meer,  dus ik bedel 4 zakjes bijeen bij Pat en Brian. Die willen er nix voor hebben, want zij krijgen water van ons. Komt gratis uit de grond, maar de pomp moet er wel voor lopen en onderhouden, zo is hun valide redenering.

 

Black magic

 

Brian heeft gisteren Jozef ontslagen. Een knalharde werker, maar zo nu en dan een draadje los. Hij was aan het toveren geslagen met op bijgeloof gebaseerde magische onzichtbare dingen die hij overal op de plaas aan het neerleggen was. Het bijgeloof wil als je er per ongeluk op trapt, dan ga je dood. De rest van het personeel (Alfie, Sammy, King en Maria) dus compleet op tilt natuurlijk want de geloven er namelijk allemaal in. Kerks en gelovig of niet, maar deze magie is iets dat je maar beter serieus kunt nemen volgens hen.

 

Maar ook Alfie, Sammy en King komen voor onthoofding in aanmerking zo laat Brian weten want ze hebben de poles van het nieuwe gamefench op de verkeerde plek gezet. (Waar eerder het Kamelperd door was ontsnapt). Althans één van de palen en de rest die dan volgt natuurlijk ook. Nou kun je denken, wat maakt dat nou uit, maar de draden zitten op rollen van 100 meter en als je dan ergens een gat van 140 meter overhoudt kun je daar niet zodanig draden aanbrengen dat ze ook nog gespannen kunnen worden. En de palen staan nu al in het cement!  Ja, we hebben zo wat te stellen met ons personeel!

 

En Letty haar vrieskist blijkt het te hebben geven. Ze denkt dat het aan de thermostaat ligt, maar a-techisch. Jan belooft haar z’n spanningsmeter op te halen zodat er gekeken kan worden of het probleem al dan niet gemakkelijk te verhelpen is. Maar de vrieskist blijkt professionele hulp nodig te hebben.

 

M’n bokken blijken het groenafval uit de keuken niet te willen vreten. Terwijl ik nu net dacht dat een sappig koolblad of een restje komkommer een aangename afwisseling voor het menu zou zijn. Maar elke ochtend liggen de bladeren verlept in de voerbak terwijl het andere voer verdwenen is. Ik ga dus maar weer eens een baaltje Lusern naar de NWS kruien. Want die dingen zijn nog best zwaar. En kom weer een Zandslang op m’n pad tegen. Mischien wel dezelfde als vorige keer.

 

Zondag 20 mei

 

Gideons

 

Toen Jan enige tijd geleden bij onze reekenmeester (accountant) André van Niekerk was, kwam het in het kader van de smalltalk aan de orde dat Jan een bijbel in het Zuid Afrikaans had gekocht. Dat had hij beter niet kunnen doen. André blijkt een diep gelovig mens en lid  van de Gideons. Een genoot-schap dat zich bezig houdt met de verspreiding van bijbels all over the world in alle denkbare talen. Tot in Nederland aan toe!!!!! En waar de leden persoonlijk veel tijd, energie en geld in steken. André schuift  alle paperassen opzij en gaat uitgebreid op het onderwerp in, zijn accountantspraktijk en waar-voor Jan eigenlijk gekomen was helemaal vergetend. Temeer daar Jan een aantal kennelijk goedge-plaatste opmerkingen maakt. Immers ook christelijk opgevoed. Hij belooft Jan gratis bijbels voor in de bushtenten, roundavel en gastenhuis.

 

Maar ik had ook een plannetje en vraag André later of de bijbels ook in het Tswana gedrukt zijn want het lijkt mij namelijk wel aardig om ons personeel een bijbel te geven als hun gerenoveerde onde-komen gereed is. De bijbels zijn dan weliswaar wèl in het Tswana beschikbaar maar helaas niet voor personeel, want dat staat niet in de doelstellingen van het genootschap zo laat André weten. Voor die categorie zijn er zogenaamde PWT’s beschikbaar. Personal Workers Testaments. En als de worker Jesus dan eenmaal gevonden heeft, dan zal deze uit zich zelf de bijbel in (ons geval) Tswana wel aanschaffen à raison van ZAR 35-40 per stuk.

 

Onze rhodesian teak voordeur (eigenlijk twee deuren) kiert aan alle kanten en nu het koud begint te worden en steeds harder te waaien, moeten die kieren dicht. Jan heeft teak-latjes gekocht en op lengte gezaagd, en ik heb ze geschuurd. Om ze te bevestigen moet de deur uit z’n hengsel gelicht, maar dat lukt niet. Dus hij wordt in z’n geheel gedemonteerd en blijkt loeizwaar. Hij wordt op bokkies  (van hout) gelegd en de latjes moeten worden gelijmd en steeds met lijmtangen geklemd en een half uur drogen. Aangezien er 25 latjes aan elke deur te bevestigen zijn en het aantal lijmtangen beperkt, neemt deze klus dus de gehele dag in beslag. En dat nog hebben we pas één van de twee deuren winddicht gemaakt.

 

Maandag 21 mei

 

Het heeft vannacht ongelofelijk gestormd en het verbaast mij dat niet alle blommen stukgewaaid zijn en de kussen nog  gewoon op de bank liggen. En alhoewel het er prachtig uitziet buiten, is het ijs en ijskoud.

 

Onze staff komt vandaag met hun hele hebben en houden naar het gastenhuis. Het stelt trouwens niet zoveel voor: slechts 2 bakkies vol inclusief de koelkast en het bed van Abram. En hun kookgerei natuurlijk want vanaf vanavond wordt er kos gemaakt in het kleine kamertje van het gastenhuis dat na hun vertrek tot badkamertje wordt omgetoverd. We laten Oliver de muur alvast opmetselen tot aan het grasdak want daar zit nog een flinke kier waar nu nog de vleermuis elke nacht naar binnenkomt. Deze zal helaas een ander onderkomen moeten gaan zoeken. Maar dak, gaten en kieren genoeg.

 

Wij moeten naar Ellisras voor de boodschappen en wat paperassen bij Russel bezorgen om op de tweede hands goederen (firefighter en plaasbakkie) toch nog VAT te kunnen terugclaimen. Tot onze verbazing is dat namelijk mogelijk ook in het geval van particulieren is gekocht die zelf niet BTW plichtig zijn.

 

En we moeten naar Francois van de MDV groep die onze domeinnaam heeft geregistreerd: www.leopardleap.co.za met aliassen zoals taiga@, jan@, info@ and maya@. Het lijkt allemaal zo eenvoudig, maar thuisgekomen krijg ik zelfs de email niet aan de gang terwijl ik toch alle instructies goed opvolg. Francois heeft een paar dagen nodig om de website te bouwen waarvoor we de layout gekozen hebben en alvast foto’s in de galery te plaatsen en mijn dagboek. Dat gaan we in maanden rubriceren.

 

Toerische route

 

Op de terugweg rijden we de toeristische route naar huis. Het is weliswaar hetzelfde Witkoppad waar-aan wij wonen (zo’n 35 kilometer lang), maar dan vanaf de andere kant. Echt een prachtige route en op zo’n 15 kilometer afstand zie je ons huis hoog boven op de berg liggen. Adembenemend mooi.

 

De staff zit thuis in hun nieuwe behuizing op de stoep te kleumen. En echt, het is bere koud. Vooral vanwege de harde koude wind die het ongelofelijk onaangenaam maakt.

 

Dinsdag 22 mei

 

Bij de staffquarters schiet het van geen meter op en over 2 weken moet het volgens planning toch echt klaar zijn. Een man metselt, 5 staan er met hun handen in hun zakken toe te kijken en één zit er te koken.  Ik ga Adam dus maar weer eens bellen die belooft vanmiddag nog te zullen langskomen. En verder zit ik de hele dag te pielen om de email met onze nieuwe emailadressen aan de gang te krijgen en constant aan de telefoon met Francois in Ellisras. Aan het eind van de dag heb ik jan@ and maya@ aan het werk, maar taiga@ en info@ wil maar niet. De hele dag bezig en binnenzitten zonder veel resultaat.

 

De jongens hebben hout gebracht voor de openhaard, want dat hebben we vanavond weer heel hard nodig. Elisabeth krijgt een telefoontje  van haar broer dat haar kinderen in Pretoria blauwbekken van de kou, want het vriest daar zelfs. En aangezien ik 6 paar handschoenen heb mee laten emigreren, kan daar wel wat van naar haar kinders. Mijn fitness mallots ook maar, want liggen hier toch maar ongebruikt te wachten op wat eigenlijk???? Ze is ontzettend blij en God will bless me. We hebben absoluut geen last van ze in het gastenhuis, en het ruikt er best lekker aan ze kos aan het maken zijn. Om 20.30 gaan ze naar bed, nou ja dan gaat het licht uit.

 

Woensdag 24 mei

 

Weer aan de telefoon met Francois, en uiteindelijk lukt het me de twee andere emailaccounts ook voor elkaar te krijgen. Adam belt dat hij op de plaas is want gisteren kwam het er niet meer van omdat z’n chauffeur niet in de buurt was. Ja aannemers in Nederland: daar kunnen jullie nog wat van leren! Niet alleen rondkarren in een Mercedes, maar ook nog rijden met chauffeur! Ik neem zekerheidshalve maar weer een tekening mee van het dak, want ik vrees met grote vrezen dat dat niet goedgaat zonder mijn inmenging. Maar volgens Adam was dat nou net de bedoeling wat ik getekend had. Volgens mij niet, maar goed. Volgende week is het heus klaar aldus Adam en Jan vraagt hem waarom hij accepteert dat er weer 5 mensen met hun handen in hun zakken staan. Daar gaat je winst man! Je hebt een managementsprobleem. Dat weet Adam zelf ook wel want elke keer vraagt hij Jan of Jan de engineering bij hem op kantoor niet wil overnemen. Maar alles gaat met vriendelijke woorden en brede smilen want met kankeren kom je niet ver. We blijven een poosje rondhangen en op enig moment heeft Adam toch 7 paar handjes aan het wapperen.

 

De deurkozijnen die vervangen moeten worden, gaan eruit, de raamkozijnen idem en er wordt begonnen met het graven van de pilaren waar het dak boven de lapa op moet komen rusten. Adam komt later koffie drinken met z’n chauffeur om op te warmen en over mooie auto’s de praten. Een Porsche Cayenne is om te smullen, of een X5 of een Mercedes-weet-ik-veel. Hij denkt dat een Cayenne wel ZAR 1M kost. Wij helpen hem uit de droom: het is eerder  ZAR 2.5M! En de chauffeur smult mee. Van de auto’s en van de koekies, want conform goed gebruik: de schaal gaat leeg. De jongen is roet en roet zwart en weegt dik over de 100 kilo.

 

Jan heeft het eindelijk zover: Sakkie verdwijnt in het kruipgat onder de stoep want daar lekt het bij het gastentoilet. Sakkie is de kleinste en die past dus net in het gat waar ook de Mongoose zich zo nu en dan ophouden. Sakkie brengt verslag uit, maar doet dat aan mij. Hij rapporteert altijd aan mij als ik er ook bij ben. There is two problems missssizzzzzzzz. Maar het kan geplakt worden met tape. En verder brengt hij verslag uit wat hij zoal aantreft onder de stoep. Bij het zwembad schijn je zelfs rechtop te kunnen staan. Jan heeft een bonus beloofd aan degene die het kruipgat indurft en de reparaties verricht. Sakkie gaat als eerste dus, maar Abraham moet later ook omdat Sakkie hulp nodig heeft. Dat wordt dus 2x100 rand. Sakkie wil mij direct terugbetalen, maar ik heb z’n salaris al overgemaakt minus het voorschot. Dus niet nodig. Maar wel erg attent en braaf van hem. Als er geld op hun rekeningen wordt gestort, krijgt de staff een SMSje. Abram heeft dus de SMS van z’n salaris gehad en komt dankjewel zeggen. Maar Sakkie heeft bij de bank een verkeerd sellnommer opgegeven en nu krijgt dus iemand anders het bericht dat er geld gestort is. Hij heeft mij gevraagd dat bij de bank te willen veranderen, maar dat gaat natuurlijk niet. Het zou wat worden dat je zomaar van een willekeurig iemand z’n gegevens  zou kunnen veranderen. Hij moet dus zelf naar de bank.

 

Anton heeft gebeld  dat we het plaasbakkie om 16.00 uur bij Matablas kunnen komen ophalen. Alles gerepareerd en papieren in orde. Jan wil in het weekend ook nog naar een tweede hands tractor gaan kijken. En er moet ook nog een trailer komen. Maar alles tweedehands geritseld, dus de kosten vallen vooralsnog mee.

 

We moeten nog even op Anton wachten want die heeft nog iets met een koe. Hij is veeboer, tevens taxidermist (beesten-opzetter). En hij moest naast dit ouwe bakkie, nog een paar koeien verkopen om een nieuwer bakkie te kunnen kopen. We lopen dus een kunstwinkeltje binnen. Met prachtige dingen. Maar Jan ziet z’n “nieuwe” bakkie aankomen en gaat alvast terug. Jan is maar geld aan het spenderen aan bakkies, gereedschap etc. en opeens krijg ik ook geweldig zin om lekker geld over de balk te smijten. En dat kan daar, trust me! Ik koop twee prachtige kussens, één met een Leopard-hoofd en één met  Leopard-cub. Met blauwe ogen, dus prima passend bij m’n blauwe bankje. En passend bij de nieuwe naam van de farm: Leopard Leap.

 

Nieuw speeltje

 

We brengen Anton naar huis en kijken nog even in z’n workshop waar talloze dode beesten zitten, staan, liggen, hangen. Ik vind het walgelijk, maar het heeft geen zin om dat te uiten. Hij heeft z’n werk gemaakt van andermans afwijking. Anton weet dat we op zoek zijn naar Kamelperde en weet nog wel een adresje, maar hij heeft ook 3 opgezette exemplaren die te koop zijn. Zoals al eerder gemeld Anton houden wij van levende dieren in plaats van dode!

 

We moeten nog inkopen doen voor de staff. Ik besluit 3 groene kolen mee te nemen voor Adam z’n staff en tot mijn grote plezier ligt er witlof in de winkel. Dat heeft hier Cichorei. Dat klinkt toch stukken minder lekker dan Witlof!. Bij de kassa verbaast het inpakmeisje zich over het product, houdt het omhoog en vraagt aan het andere personeel of zij zoiets wel eens gezien hebben. Neen dus. Ze vraagt wat ik er mee doe: in repen snijden, koken, zachteitje er doorheen roeren, met wat peper en nootmuskaat en dan is het baie lekker! Ze kijkt me ongelovig aan en legt het in de tas. Dat is ook iets waarover ze zich altijd verbazen. Een tas die al 35 jaar oud is en precies in een winkelwagentje past. (Hier gaat alles in talloze plastic tassen die je overal verspreid weer tegenkomt). Destijds probeerde een kennis deze tassen aan in de markt te zetten. Ik begrijp niet dat het geen succes is geworden. Maar de tas begint nu toch wel ernstige slijtage plekken te vertonen en is vrees dat hij niet lang meer meegaat.

 

Ik breng het blauwe bakkie thuis, Jan z’n nieuwe speeltje.

 

De poort van de staffquarters is al gesloten en het isl donker. Ik toeter dus maar en roep luidkeels: maak oop die hek assieblief! Iemand van Adams staff komt aangerend en maakt open. Als ik net binnen ben en hij ingestapt is, komt Jan er ook aan. Die wordt dus ook nog even binnengelaten. Ik zet het jochie af bij z’n kampvuurtje waar de rest zit te eten en te koken en hij krijgt de 3 kolen van me. Baie baie dankie! Eet smakelijk hoor en lekker aand.

 

Ik krijg een mailtje van Roelof dat Plusfood verkocht is aan Perdigão. Een braziliaanse company waar Plusfood al enige jaren mee in conflict is over het registreren van merken door Perdigão die teveel op die van Plusfood lijken. En waarvoor Plusfood in Engeland in het gelijk werd gesteld door de rechter. Als je het merk dan niet kunt hebben of registreren, dan koop je toch gewoon de hele onderneming? Ik zie de humor er wel van in. Roelof waarschijnlijk niet, Plusfood voelde immers als zijn “kind”.

 

Donderdag 24 mei

 

Ik lig in bad als het personeel om 07.30 uur hoor uitrukken. Het was te voorspellen, ze scharen zich om het nieuwe bakkie dat aan een grondige inspectie wordt onderworpen, beklopt en van commen-taar voorzien. En Elisabeth komt vertellen dat de kussens ontzettend mooi zijn. Tja meid, een half maandsalaris denk ik. Soms is dat eigenlijk best wel stuitend dat we zoveel geld uitgeven als je het aan hun inkomen relateert. Maar anderzijds wordt de Here regelmatig door Elisabeth in mijn bijzijn bedankt dat hij haar de Missis op haar dak heeft gestuurd. En we doen ook best veel voor ze en alles bij elkaar opgeteld krijgen ze royaal meer betaald dan het wettelijk voorgeschreven minimum.

 

Er is weer eens een oom (of broer?) dood. Nu van Sakkie. Helemaal niet erg volgens Sakkie, want hij was degene waar Jerry (Sakkie’s zoon), ziek van geworden was. Rookte en dronk te veel. Dus dat probleem is nu van de baan. Mensen kijken hier zo ongelofelijk anders tegen het leven en de dood aan. Maar Sakkie vertelt dat hij niet rookt en drinkt want dat maak jou dood. Dat wordt dus geen birth-dayparty voor Abram zaterdag, want het is indirect ook family van Abram en dan hul loop almal by die begrafnis. We gaan dus morgen of maandag maar taart eten bij de koffie en het kadootje over-handigen. Airtime voor z’n mobieltje. Een mooi kadootje is het niet, want gewoon een lullige betaalslip van Pick ’n Pay met een nummer ter aktivering erop. Maar ik heb het wel mooi ingepakt.

 

Met het nieuwe bakkie (wat heet: 20 jaar oud) ga ik bij de staffquarters de vorderingen bekijken. Het is net een vrachtwagen en het is wel even wennen. Jan springt achterop want wil daarna wel even naar Brian om de werking van de winch (lier) te laten voordoen. Daar kijken we ook even hoe de bush-tenten opgebouwd zijn en blijkt er een dood rooibokkie op de stoep (met z’n pootjes onder zich gevouwen) van zo’n tent te liggen. Doodsoorzaak volslagen onbekend. Alleen een paar krassen in z’n hals. Als het een Jakhals, of grote kat geweest zou zijn, dan zou het bokkie aan- of opgevreten zijn, maar dat is niet het geval. Ongelofelijk zielig gezicht.

 

Oliver en Sakkie zijn druk met het muurtje tussen het onze en het gastenhuis en Jan gaat met Abram boomtakken zoeken om er in te zetten. Ze kunnen het muurtje helaas niet in één dag opmetselen, anders zakt het door het eigen gewicht als een plumpudding weer in elkaar. De motorzaag en generator gaan mee het bos in om de arbeid te vergemakkelijken. Jan lijkt wel 10 jaar jonger, fitter en aktiever dan ik hem ooit heb meegemaakt. Abram komt met een heel klein schildpadje terug. Om aan de missis te laten zien. Schattig beestje en niet bang want hij steekt z’n koppie nieuwsgierig naar buiten. Dan zet ik hem weer in de tuin en in een mum van tijd is hij weer verdwenen. Op zoek naar een plekje voor een winterslaapje onder de rotsen.

 

En Taiga? Het gaat hem elke dag beter. Je merkt haast niet meer dat hij wat aan z’n rechterpootje mankeerde, behalve als hij plotseling moet/wil omdraaien. Hij zit op de stoep gebiologeerd naar de Kudu’s te kijken. De familie met het Njala mannetje.

 

Vrijdag 25 mei

 

Het pompvat bij het huis lekt en er blijkt een gat in de pakking te zitten. Abram en Sakkie hebben lang weekend en bieden aan om de pomp te demonteren en baas Jan in Ellisras te wys waar hij spareparts kan krijgen. Niet geheel van eigen belang ontbloot natuurlijk, want het scheelt hen reiskosten naar Ellisras.

 

Snert

Elisabeth brengt de soeppan weer keurig schoongemaakt mee terug. Ik had snert gekookt, en aan-gezien je dat alleen maar in een grote hoeveelheid kan maken, we geen zin hebben in 7 dagen erwtensoep, heb ik het grootste gedeelte aan de staff gegeven. Ze vonden het heerlijk glundert Elisabeth. Zelf waren we  iets minder enthousiast want geen laurierblad, noch jeneverbessen. En zon-der rookworst vind Jan het géén erwtensoep.

 

Op enig moment komt het kleinste magerste jochie van Adam’s staff bij de onze om eten bedelen.  Sy het nie kos meer nie. En de bouwmaterialen willen ook maar niet komen. Elisabeth heeft haar restant mieliemeel meegegeven en komt mij vertellen dat het natuurlijk nergens op lijkt. Dié mense, dat sukkel missis! Ze is toch al tamelijk fors, maar als ze wijdbeens voor je gaat staan en haar handen in haar zij plant dan is het een behoorlijk vervaarlijk tante! Als swartmens zou ik niet graag ruzie met haar krijgen. En als wij kos voor die mans kopen, dan moeten we dat maar mooi van het geld van Adam aftrekken. Precies meid, dat is nou net wat wij ook gaan doen!

 

Ik maak me hier zo razend om en bel Adam. Is hij nou helemaal gek geworden? Voice-mail natuurlijk. Dat had het jochie ook al gemeld want ook zij doen natuurlijk ook verwoede pogingen om de baas aan de bel te krijgen. Dan maar het kantoor gebeld waar een meissie vertelt dat Adam er niet is, maar ze neemt de boodschap aan. Er zou zogenaamd een auto onderweg zijn, maar dat ken ik inmiddels. En nog maar even een mailtje, fax  en SMSje zodat de boodschap niemand kan ontgaan. Ik bel Jan die in Ellisras is om hem nog wat extra kos te laten kopen en trek dat straks allemaal mooi van de eindrekening bij Adam af. Jan blijkt bij Wimpy te zitten met Sakkie, Abram en diens vrouw Lina. Lekker aan Burgertje. Waar je toch zin in hebt om 11.00 uur . Ik haal de restanten uit de koelkast en breng die naar de knullen toe. Ze hebben inderdaad nix te eten. En in het weekend gaan ze naar huis, en komen niet meer terug. Adam kan barsten. Groot gelijk denk ik, maar de staffquarters moeten wel af.

 

Ik ga ze later nog wel een keer paaien met eten en onze eigen net nieuw aangeschafte grinder (haakse slijper) om de doorbraak tussen de slaapkamertjes en nieuwe badkamertjes te realiseren.  Maar we hebben slechts één slijpschijf zo blijkt, doch de jongens gaan direct aan de gang. We hebben een stofbril en mondkapje meegebracht en iedereen is enthousiast aan het werk en ontzettend blij met het voedsel. Of het aan mijn email of fax ligt, geen idee, maar na een paar uur wordt opeens de haakse slijper van Adam afgeleverd. En nog een paar uur later volgt er voedsel. Door de persoonlijke chauffeur van Adam gebracht en die weet te vertellen dat er een brief van de missis op het kantoor lag. Ja, en die kun je maar beter te vriend houden aldus Jan!

 

De jongens gaan echter toch naar huis want ze zitten hier al twee weken onafgebroken, maar geven Jan een gedeelte van het voedsel terug en vragen hem op de nieuw door de chauffeur van Adam gebrachte waar (een doos worstjes en nog een schaal met ander vlees) te passen. Want ze komen terug! Verbazingwekkend hoeveel vertrouwen ze in je stellen om op het voor hen zo waardevolle voedsel te passen,  terwijl er vaak zoveel wantrouwen van de witmense tegenoverstaat. Voor het zelfde geld immers hadden ze het in dank aanvaard en mee naar huis genomen om in het weekend lekker op te peuzelen.

 

Zaterdag 26 mei

 

Liesbeth komt haar was en die van Oliver in de wasmachine stoppen. Dat ding staat er toch, waarom dan ook niet gebruikt? Ze wil ook het schotelgoed wassen, maar dat heb ik al in de machine gedaan. Het is haar vrije dag. Maar nix te beroerd om werk te doen dus. Ze ziet er in haar vrije tijd altijd hartstikke netjes uit en Oliver komt om het boek vragen. Want hij heeft een beest gezien heel groot met een heel klein koppie en hij doet voor hoe het beest beweegt. Ik haal het boekje maar Jan denkt uit de beschrijving al op te maken dat het een Pangolin is. Dat is inderdaad het geval. Het is een nocturnal (nachtdier) kan tot één meter lang worden en fourageert op termieten.

 

Elisabeth zit te wachten tot haar was klaar is en leest intussen in haar Bijbel.

 

Ik loop naar de rivier. Anderhalf uur heen, anderhalf uur terug. Het loopt een beetje lastig vanwege de vele losliggende stenen waar je gemakkelijk op uitglijdt, zeker op de stijlere stukken. Waar je ook loopt, je hebt overal prachtige uitzichten op het Waterberggebied.

 

 

Bij de dam kom ik 2 Klipspringertjes tegen, bij de rivier een grote rood-bruine bok, maar ik kan niet zien wat het is, en in no-time in het struikgewas verdwenen. Een boom vol met apies (Vervet Monkeys) een Njala man en verder is het er dood en doodstil bij de rivier met uitzondering dan van alle vogeltjes, kikkertjes en voetstapjes van zich in het struikgewas ophoudende dieren. Ik heb nog nooit katachtigen op de plaas gezien, maar kom wel hun droppings tegen. En intussen maak ik een aantal foto’s in de hoop dat er iets moois voor de website tussen zit.

 

De waterval is nu helemaal drooggevallen maar in de rivier staat gelukkig nog genoeg water, maar of we het er de komende 5 maanden mee uithouden? Volgens de mensen hier wel, want er blijven altijd wel poeltjes met water achter. Er staat heel veel riet in de rivier, maar ook daarop wordt door de beesten gefourageerd als al heet andere eetbare begint op te raken. Je ziet veel wildwissels door het riet en ongelofelijk veel spoortjes. Zoals Oliver ook al had verteld, zijn de Rooibokkies richting rivier vertrokken. Het hele pad naar beneden is één en al diersporen. Maar Gemsbok kan ik er niet bij ontdekken.

 

De weg terug is een hele klim en daarbij kom ik nog een paar Vlakvarks tegen. Nog even in het zonnetje op het terras voordat hij onder is, en beginnen in een boek van Adriaan van Dis “in Africa” . Kuki Gallmann heb ik uit. Een prachtig, tevens ontroerend, boek waar zoveel in te herkennen is, behalve haar leed omtrent het verlies van Paolo haar man, en drie jaar later haar 17 jarige zoon Emanuelle. De zoveelste beet van een Puff-Adder wordt z’n dood, die hij zelf overigens een paar maanden eerder al voorzag. Hij had z’n eigen snake-pitt met ongevaarlijke, maar ook gevaarlijke slangen die hij molk voor hun gif en om er tegengif van te kunnen maken. Gif van een Puff-Adder breekt niet af in je lichaam, maar bouwt op. Zodat een zoveelste dosis uiteindelijk fataal wordt, zoals bij Emanuelle dus.

 

Zondag 27 mei

 

We halen nog wat voerzakken uit de voerschuur die nog niet helemaal kapotgevreten zijn, ik sorteer een royale portie uit voor het wild. En we moeten weer eens naar Ellisras, om met Russell naar een tractor te gaan kijken ergens in de buurt van de Mokolodam. Hemelsbreed vlak bij, maar je moet links of rechtsom een eind omrijden om er te komen. In de Mokolorivier en Dam zitten trouwens Kroko-dillen, maar ze schijnen toch de Poer Se Loop (ons riviertje) niet in te komen ondanks het feit dat de PSL er wel op afwatert.

 

Taiga ligt weer in z’n hol. Dat wil zeggen, mijn bed met een ontbijttafeltje daarop en daar het dekbed weer overheen. Totdat hij weer wat anders verzint want van sleur houdt Taiga niet.

 

Ik vraag Elisabeth of hul  tievie wil kyk als wij weg zijn. Nou en of: soccer!

 

In de omgeving van Ellisras bekijken we een paar trailers maar de ideale zit er niet bij. En vervolgens de tractor. Oud lijk met totaal versleten lekke banden en olielekkage, maar er toch nog EUR 3000 voor durven vragen. Het lijkt mij een slecht plan en wat kan zo’n tractor nou eigenlijk meer dan de land-cruiser? Eigenlijk nix aldus Jan, dus het ding is alleen maar voor de heb. Nou vind ik dat best, maar een oud lijk voor de heb moeten we gewoon niet doen. Weggegooid geld en je haalt je een hoop ellende op de hals voor de zichtbare en verborgen gebreken.

 

We rijden onverrichter zaken via Hermanusdoring weer terug en komen een  dode Jakhals tegen op de weg vanaf de Mokolodam. Daar staat nog water in, maar het peil is flink gezakt sedert de laaste keer dat we er waren. Het is een prachtige tocht en tevens kortste weg naar huis.

 

Maandag 28 mei

 

Ik moet Adam weer achter z’n vodden zitten, maar besluit zijn compagnon Louis te bellen. Die heeft Adam immers van harte aanbevolen en nu regelt hij het maar dat de renovatie eind deze week klaar is want dat er anders nix meer in het verschiet ligt. Dat ligt er inderdaad niet, maar dat ga ik nu nog maar niet vertellen. En bovendien gaat er 5% van de prijs af want de uitbouw is geen 2,5m maar  slechts 2,25 meter.

 

Binnen een uur staat een van de jongens van Adam’s staff voor de deur om de kos op te halen en te vertellen dat er extra volk komt om de klus deze week te klaren.

 

Mijn mannen gaan aan de takkenmuur werken. Het metselgedeelte is klaar, nu de takken er in pas-sen, meten en vlechten. Ze vinden het een prachtig idee, dat ze straks bij hun eigen braai ook mogen gaan uitvoeren in plaats van die lullige houten –deels verotte- schotten en platen die er nu omheen staan.

 

Een indringer

 

De takken moeten op de plaas gezocht worden en met het plaasbakkie gaan ze op pad. Maar ze komen niet ver met de takken zoeken/verzamelen want er worden vreemde sporen op onze plaas ontwaard. Mensensporen wel  te verstaan. M’n mannen gaan de sporen volgen want vreemden op je terrein, hetzij om te stelen hetzij om te stropen is onacceptabel. We could not agree less than this. Tot op het openbare zandpad worden de sporen gevolgd en Alfie van de overkant wordt er ook bijgehaald. Hij wordt als een soort Alpha-male gezien lijkt het wel. Hij kan en weet alles. Na uitvoerig overleg en speurwerk, hetgeen met enige stemverheffing gepaard gaat en waar werkelijk iedereen zich in mengt, is de conclusie:  t ‘is Jozef. De jongen die aan de overkant ontslagen is vanwege z’n duistere macabere toveraktiviteiten.  Jozef kent onze plaas een beetje, want destijds heeft hij zich rotgewerkt om de verhuiscontainer mee leeg te ruimen. 

 

Niemand weet waar Josef slaapt of hoe hij aan de kost komt, maar iets om goed in de gaten te houden. Het blijkt dat de verse sporen zelfs tot om ons huis staan. Nu had ik zelf ook al vreemde sporen vanochtend gezien maar die waren van beesten en ik baalde als een stier dat ons sporen-boekje daarin niet voorzag. Ik wordt elke dag blijer met onze staff, want het blijken dus ook nog eens eerste klas trackers (sporenzoekers) te zijn. En ook zij zijn helemaal niet blij met iets dergelijks, want met een plaasmoord op de blanken, ben je ook als swartmens je leven niet zeker!

 

Dinsdag 29 mei

 

In plaats van meer staff, blijkt er nu nog minder staff aan de staffquarters te werken. Dus Adam maar weer achter z’n vodden zitten. Rond de middag komt er versterking: nu 11 man, maar de stenen blijken bij lange na niet voldoende. Zelfs niet om de gevels op te metselen zodat het nieuwe dak erop kan.

 

We gaan naar Vaalwater, want de postbus moet maar weer eens geleegd en het is weer tijd voor de maandelijkse verstrekking aan onze staff waaronder het mielemeel. Dat halen we bij Rollermeule Voere in Vaalwater, direct af fabriek. Plus zoutstenen en ander krachtvoer voor het wild. Je wordt altijd heel aardig geholpen, iedereen kent je inmiddels en komt een praatje maken en het personeel zorgt ervoor dat alles keurig achter in het bakkie terechtkomt. Het blauwe bakkie wel te verstaan want de “nieuwe” aanwinst heeft het al laten afweten. Jan doet verwoede pogingen om Anton aan de bel te krijgen, maar die lijkt van de aardbodem verdwenen.

 

We gaan ook bij Riaan langs omdat het installeren van de wireless modem op de laptop mislukt bleek. Dat moet nog even opnieuw gebeuren en zo kom je nog eens ergens. De klus is snel geklaard en Riaan’s moeder vertelt van de aannemer die hen in de steek liet op het moment dat alleen de muren van het huis er nog stonden. Klinkt dat even bekend! Ze hebben de klus zelf maar verder afgemaakt en niet onaardig moet ik zeggen. Maar ze zijn nog niet klaar, kopen nog wat grond bij en gaan dan ook game houden in plaats van de koeien die er nu nog lopen.

 

Ik wordt op Jan z’n mobiel gebeld door de Standard Bank. Ik moet naar de bank komen met m’n ID boekje due to new legislation. Beste man, ek het nie ’n ID boekie nie, en bovendien liggen er al 15 kopiën van mijn paspoort in èn Ellisras en Warmbad. Dag meneer!

 

Bij de post zit er een kaart voor Taiga van Gijs met beterschapswensen, de groeten uit de hele buurt en het feit dat hij er handen vol aan heeft om Jumping uit zijn tuin te houden. Een bericht voor ingewijden only!!  Taiga had het ook regelmatig met Jumping aan de stok!

 

Jan vertelt dat onze staff repen binnenband gebruikt om waterleidingen etc.  te repareren. Dus als de geklapte binnenband (die we op de heenweg zagen) er nog ligt, wordt hij mooi ingeladen! En gelukkig, hij ligt er nog.

 

Nieuwe bewoner

 

Ik moet wat printen als we weer thuis zijn, maar de papierlade blijkt leeg. Ik wil de lade bijvullen, maar wordt aangekeken door een Gekko. Achter elk schilderij woont er wel één en ook achter de vrieskast, want daar is het lekker warm en kennelijk ook goed vertoeven wat voedselaanbod betreft. Insecten enzo.

 

Bij de Spar waren er helaas geen taarten, dus Jan koopt wafels die opgewarmd moeten worden met een klodder ijs en een dot slagroom kan dat ook als zodanig nog wel dienst doen om Abram z’n verjaardag alsnog te vieren.

 

Sakkie heeft het gamefench gecontrolleerd en er was nauwelijks reparatie nodig. Hij heeft 20 Elanden gezien, een stuk of 15 Rooibokkies, de 3 Sebra’s en 5 Bosbokke bij de rivier. Verder heeft hij Gems-boksporen gezien, en Abram vertelt dat hij ze eergisteren vlak bij het huis heeft gezien, maar dat ze ontzettend schuw zijn en direct wegsprinten als ze je zien. Of het male or females zijn is dan ook niet duidelijk. Toch fijn dat we ze nog blijken te hebben, nu nog zien!

 

’s Avonds krijgt Jan eindelijk Anton aan de bel en legt uit wat de knelpunten zijn. Anton komt morgen wel even langs zo laat hij weten en zal proberen een reserve wiel op de kop te tikken. Want we moeten de bushtenten ophalen in Hammanskraal en Jan gaat niet op pad zonder reservewiel. Terecht. Anton vraagt of de kerel van de Kamelperde al gebeld heeft. Heeft even geduurd, want z’n helicopterpiloot (40) die de Kamelperde normaliter dart (verdooft) is gecrashed en dood. Dus het zal allemaal wat tegen. Maar wij hebben niets gehoord.

 

Intussen hebben we van Frans ook een kwotasie voor de boekenplanken en zijn achterovergeslagen van schrik. Maar Jan heeft nog een ijzertje in het vuur: Mevrouw Baber. Dus die vragen we ook maar om een kwotasie. En ik wil eigenlijk ook wel nader met haar in contact komen, want hun familie is aktief met het Waterberg-Biosphere gedoe. En als ik aanknopingspunten kan vinden om Witkop daar ook bij onder gebracht te krijgen, zal ik het niet nalaten natuurlijk. Buurman Ben Schutte krijg ik vast als medestander ook wel mee.

 

Woensdag 30 mei

 

De staff van Adam komt doodleuk mededelen dat ze nog zeker een week nodig hebben om de staff quarters af te krijgen want géén materiaal. Het is de loodgieter, een oud manneke van 73, en een jonge werkelijk keurige jongen die goed engels spreekt. Ik vind het wel lullig voor hem, maar ik accepteer dat niet. Want ook eind volgende week is het niet klaar zal blijken.

 

En verder gaan de andere helft van de voordeur vandaag maar van latjes voorzien want het is weer lekker aangenaam weer en de kou lijkt uit de omgeving verdreven. Zeker als er nauwelijks wind is.

 

De stokkenwand is bijna klaar en wordt van cement voorzien om het bouwwerk niet onmiddellijk te laten omvallen. Er wordt nog een snoertje in het cement aangebracht zodat er ook nog een lampje aankan straks. De jongens zijn erg trots op hun werk en terecht alhoewel bij het volgende stokken-muurtjes-project er toch wat wijzigingen moeten worden aangebracht ter verdere verbetering.

 

Tussen hoop en vrees

 

Anton komt niet opdagen zonder wat van zich te laten horen. Jan zweeft tussen  hoop en oplichter! .

 

Ik neem ’s avonds een deken mee naar buiten en ga bij volle maan naar de NWS zitten kijken.  Ik kan m’n ogen niet geloven zoveel beesten er lopen. Ik herken de Elanden aan hun lichtgele kleur, Kudu’s en ik meen ook de contouren van een Gemsbok te zien, maar dat weet ik niet zeker. Geen Blou Wildebees want die lopen altijd te stampen en snuiven. Op enig moment wandelen de Kudu’s de tuin in en één vrouw staat pal onder me en kijkt mij recht aan. Ik kijk recht terug. Ze besluit dat het weinig kwaad kan en gaat een paar meter opzij om verder te browsen en grazen. Ik krijg het er helemaal warm van, van al dat moois.

 

Donderdag 31 mei

 

We gaan bij de staffquarters kijken. De WC potten en wasbakken zijn gearriveerd en ook de plafondlampen. Hadden muurlampen moeten zijn, maar Adam is beleidsresistent is wel gebleken. De stenen zijn op, maar ze komen vandaag. Dat horen we nu al 4 weken lang. Maar de mannen hebben wel genoeg te eten. Gelukkig is er één ding dat goed geregeld is.

 

Ik bel Anton waarom hij gisterenmiddag niet is komen opdagen zonder een belletje. ….tig keer sorry en hij is nu op weg uit Joburg naar Ellisras en komt nu aan zo belooft hij. (Zijn bezoek levert overigens niets op behalve de  suggestie om een relaitje(?) of zo te vervangen en het sparewheel is hij nog mee bezig. Kunnen we morgen bij hem ophalen, maar Taiga vind hij prachtig! Net een echte wilde kat).

 

Onderweg komen we een jonge slang tegen. Het lijkt verdacht veel op een jonge Black Mamba en bij de NWS staat een Kuduvrouw en lopen de Bobbejanne druk heen en weer. Ze eten niet van het Wildsblok, neen, ze nemen het gewoon mee ergens anders naar toe. De laatste dagen beginnen de Bobbejanne de dag boven op onze 4 groene watertanks want daar heb je een heel wijds 360graden uitzicht en daarna komen ze naar de NWS. Ze maken er niet eens zo’n grote bende van, behalve dan dat ze het voer meenemen. De Kudu trekt zich niets van hen aan en gaat haar gang.

 

Ik bestel de boekenplanken bij Frans, want die kan op 3 weken leveren (belooft hij voor wat dat waard is), terwijl Simone Baber pas in september zo ver kan zijn want ze heeft het heel erg druk met andere opdrachten. Nou dat is tenminste eerljik!. Maar we hebben nu lang genoeg tegen die 80 boekendozen aangekeken. Frans kan ook wel sliding doors regelen voor het gastenhuis zo blijkt.

 

We eten sinds afgelopen zondag aan de grote rhodesian teak wood tafel. Net zo lang als de glazen tafel die wij in Wapenveld hadden, maar iets minder breed. De glazen tafel was ooit zo door mij ontworpen dat we tegenover elkaar de krant konden lezen. Maar het grote voordeel hier is dat we geen krant hebben!  Ander voordeel van eten aan deze tafel is de warmte in m’n rug van de openhaard want na zonsondergang is het gewoon koud.

 

 

Last Updated on Wednesday, 12 May 2010 08:54
 
Juni 2007 PDF Print E-mail
Written by Maya   
Sunday, 17 January 2010 09:44

Vrijdag 1 juni

 

Charnelle heeft aan de hand van wat voorbeelden van mij,  een aantal schetsjes voor een logo gemaakt, maar ik ben er niet gelukkig mee. Maar haar schetsen duwen mijn fantasie weer een beetje verder op weg zodat er opeens toch iets heel aardigs uitkomt. Ik ga haar m’n definitieve schets brengen en nu kan aan de hand van het logo ook de werbsite verder vormgegeven.

 

Het is de eerste van de maand en wij moeten nog de rest van de staffinkopen doen. Maar zoals elke eerste van een maand, is Shoprite bijna geplunderd. Iedereen heeft immers z’n centjes gekregen en dat wordt onmiddellijk in mieliemeel, chickenparts, suiker, zout, margarine, cookingoil, etc. omgezet.

 

En zoals te verwachten: het sparewheel is er dus helemaal niet bij Anton. Later vandaag belooft hij plechtig, maar daar gaan wij niet op zitten wachten.

 

 

Zaterdag 2 juni

 

De boomstammen liggen nog in de openhaard nog na te gloeien en ik gooi er maar snel nieuw hout op want het is zwaar bewolkt, en de storm giert nog steeds om het huis. Jan gaat bij de staffquarters kijken of er gewerkt wordt, hetgeen inderdaad het geval blijkt. Met z’n vijven en ze lopen allemaal te klappertanden. De dakspanten worden in elkaar getimmerd. Jan vindt het maar wat sneu dat ze het koud hebben en stelt voor een pan soep te koken. Hij vindt nog twee zakjes chicken noodle soep en ik gooi er een paar diepvriesstukken kip bij, wat prei zodat het toch nog een heerlijke soep wordt. Ik heb weliswaar de grootste pan gebruikt, maar hoe krijg ik het bij de staffquarters over 2 kilomter bumpy road? Een handdoek er omheen gewikkeld en ik houd de pan maar in mijn handen om te schokken op te vangen. De soep komt min of meer zonder al te veel knoeien over, maar ik met kramp in m’n armen.

 

Laat nou toch meneer Setari allergisch zijn voor kip! Die zou wel beef-soup lusten zo laat hij Jan desgevraagd weten. De 2,5 liter soep wordt bijna achterelkaar weggelepeld en Jan vindt dat we voor meneer Setari nog maar een ander soepje moeten gaan maken. Dat wordt dus champignonsoep uit een pakje met gehaktballetjes. Die heeft Jan altijd in voorraad en door hem zelf gedraaid. Meneer Setari ook gelukkig, maar om 14.00 uur zijn ze vertrokken want het begint te miezeren. En dat blijft zo de rest van de middag. Stelt niets voor trouwens: 0,8 mm regen.

 

Adam krijgt z’n formele ingebreke- en aansprakelijkstelling toegezonden. Dat er iets zwaait weet hij allang want z’n staff probeert uit te vissen wat hem te wachten staat. Nou dat is nog een surprise. Het  heeft alles te maken met het achter- of mogelijk zelfs definitief inhouden van de 3e termijn, maar dat ga ik hem nu nog niet aan de neus hangen! En vervolgopdrachten kan hij wel op z’n buik schrijven.

 

We komen gelukkig voor het eerst in weken weer een aantal Rooibokkies tegen en de Brownnose family.

 

Taiga kan z’n draai niet vinden en loopt de hele dag te zeuren. Om eten, naar buiten, naar binnen, v.v. want het is buitengewoon onaangenaam op de stoep. Je waait er bijna vanaf en uitzicht nul.

 

Zondag 3 juni

 

Sakkie en Abram hebben hun kleding gewassen en vragen of het aan de lijn mag. Natuurlijk, maar waarom niet in de wasmachine gestopt? Dat komt omdat ze al heel vroeg op waren en de missis niet wilden storen omdat die nog ’n bietjie wil slaap miskien. Ze wassen alles op de hand, en keurig schoon zo constateer ik met genoegen.  Ze vragen of wij van plan zijn weg te gaan, en zo niet, dan gaan ze bij Samuel kuier. Ben Schutte z’n staff. Gaan jullie maar mooi kuier hoor, wij hebben geen plannen.

 

Jan meldt de komst van de Elanden. Het bekende groepje. Ze zien er hartstikke goed uit. Jan maakt een prachtige close-up foto van één van de kleintjes. Een uitermate geschikt website exemplaar. Maar het vervelende is dat hij een ander merk camera heeft en dus een ander fotoprogramma, ander snoertje om de foto’s te lossen etc. Wat een gedoe toch allemaal. Waarom niet gewoon alles standaard.

 

Daarna verschijnen de Kudu’s en een nieuw hoogtepunt: de Zebra’s!. Brownnose c.s. Brownnose probeert de restanten van het wildsblok op te eten, maar dat is keihard geworden. Hij neemt het in z’n mond en laat het dan stuiterten in de hoop dat er brokjes afvliegen. Best slim eigenlijk. Hij is er bijna de gehele middag mee bezig terwijl de moeder en het kleintje maar een beetje rondscharrelen. Het kleintje is trouwens hard  gegroeid in de afgelopen 4 maanden. Alle beesten blijven de gehele middag zo’n beetje hangen, kijken regelmatig of we wel op onze plaats op de stoep blijven en niet te dichtbijkomen. Echt fantastisch!

 

De Gekko heeft definitief z’n intrek in m’n printer genomen. Elke keer als ik iets wil printen, open ik eerst de la om hem te waarschuwen dat er weldra  één of meerdere vellen  onder z’n gat uitgetrokken gaan worden  door de printer.

 

Jan belt Friedhelm Nowak om het te feliciteren. Het is niet onze gewoonte om mensen die jarig zijn in het verre buitenland te (gaan) bellen, maar Friedhelm wordt 80 en is een oude zaken relatie en nadien altijd mee bevriend gebleven. So ein netter Mensch! En omdat we niet weten of hij thuis in Essen is, of in Bad Brück waarvan ik geen nummer heb, raadpleeg ik het telefoonboek van Oostenrijk On-Line. Verbazingwekkend hoe snel het lukt om Friedhelm te vinden. Alleen naam en provincie intypen en voilà.

 

 

Maandag 4 juni

 

Vandaag eindelijk even tijd om even bij Velen Rozen in Ellisras langs te gaan. We kopen daar vele rozen maar tegen dezelfde prijs als in de supermarkt zowel hier als bijvoorbeeld ook bij AH. Gewoon dure blommen dus. En verder ga ik m’n tapijt ophalen dat mij 7 jaar geleden werd beloofd. Het is ca de buurman van Velen Rozen, maar het vakantieoord bestaat nog steeds in de zelfde vorm als 7 jaar geleden, maar inmiddels 3x van eigenaar verwisseld. Naar m’n tapijt kan ik dus eeuwig fluiten.

 

En Jan haalt hoopvol een nieuw relaitje voor de landcruiser in de hoop dat dat de oplossing van het probleem zal zijn.

 

Op de parkeerplaats bij Pick ’n Pay treffen we Adam die we uitgebreid de oren wassen. De staffquarters zijn echt a.s. vrijdag klaar en het is allemaal de schuld van die stenen volgens Adam. En vraagt wanneer hij aan het guesthouse kan beginnen. Nooit dus,  maar dat houden we achter onze kiezen en vertellen Adam dat dank zijn wanprestatie we aan de renovatie niet toekomen omdat onze eerst gast al spoedig arriveert. En we dus geweldige inkomsten derven fantaseer ik er verder bij. Het huilen staat hem nader dan het lachen, maar hij kan z’n bedrijf gewoon niet aan. Hij is niet georganiseerd en niet gestructureerd en als er morgen kranen geinstalleerd moeten worden, verzint hij op eens dat deze vandaag nog gekocht moeten worden en dan blijken er in de winkel geen 4 dezelfde te zijn. Hij had alle materialen gewoon ook 7 weken geleden kunnen bestellen en dan was alles royaal op tijd beschikbaar geweest. Want we hebben inmiddels weer een stenenprobleem en onze geheime voorraad moet opnieuw aangesproken.

 

Ik ga ook gordijnen kopen voor de staffquarters. Om te voorkomen dat de ramen weer worden volgehangen met plastic tassen/zakken en wat voor andere blindeermiddelen dan ook. Van het mooiste stofje is er helaas niet voldoende beschikbaar: stof met luipaardhoofden. Dus het wordt de second-best: ook wildtaferelen met de Big-Five. Plus band en garen. De verkoopster kan mij alles wijs maken want het vak “naaien” is mij nooit bijgebracht en ik ervaar het allerminst als een gemis. Hopelijk weet Elisabeth er wat van te bakken. Maar die vlieger gaat niet op zo laat Elisabeth weten. Met de hand? Dat gaan nie mooi wees nie madam. Maar miss Pat heeft een machine die doet trrrrrrrrrrrrrt en klaar is kees aldus E. Maar de stof vindt ze schitterend en de Here wordt wederom met mijn komst geprezen.

 

 

Dinsdag 5 juni

 

Jan heeft het relaitje in de Landcruiser verwisseld en is als een kind zo blij dat het ding het weer doet. ’s  Middags gaat hij er de jongens mee ophalen die bij de waterval de road aan het clearen zijn. Maar naar beneden begint het gedonder al weer en als ze bijna weer terug bovenaan de berg zijn bij huis, laat het kreng het weer afweten. Ze komen dus lopend (inclusief Elisabeth want die mocht mee van Jan omdat ze nog nooit in dat gebied geweest was) weer naar boven. Maar het was voor mij al duidelijk hoorbaar: luide knallen vanuit het dal en alle beesten op hol. Want het klinkt precies hetzelfde als een geweerschot. Ik had al besloten om, als ze rond 18.00 uur nog niet boven zijn, ik ze met de blou bakkie zou gaan ophalen want dan is het pikkedonker en ze hebben vast geen lampen bij zich. Wel allemaal een telefoon  bij zich, behalve Jan, maar hun airtime is allang weer op. Maar zover komt het dus niet.

 

De Brownnose familie komt trouwens nu ook elke dag naar de NWS. Zulke fantastisch mooie beestjes.

 

 

 

Woensdag 6 juni

 

Jan moet vroeg uit de veren want eerst moet de trailer in Ellisras opgehaald om de tenten in Babelegi/ Hammanskraal op te halen.  Maar hij laat ook gelijk de achterbanden van de blou bakkie verwisselen. Als hij er om 07.00 is, is het karwei in een uurtje gepiept liet het bandencentrum eerder  weten.

 

Elisabeth gaat met hem mee want ze wil naar de rechtbank. Om een soort alimentatie voor haar kinderen van haar ex te los te krijgen. Voor dit soort zaken is de rechtbank alleen op woensdag geopend vanaf  09.00 uur. Ze is er dus zeer bijtijds. En ik loop wel naar het  teerpad zodat Jan met die trailer niet weer helemaal terughoeft naar de plaas. Als iedereen zich aan z’n afspraken houdt, kan Jan dus om 08.00 klaar zijn en als ik dan op pad ga, dan zijn we beiden zo’n beetje rond 09.00 uur bij het teerpad tevens kruispunt met het Witkoppad. Maar als ik om 09.00 uur bel zit Jan te godveren bij het bandencentrum, want de nieuwe banden liggen er dan weliwaar om, maar moeten nog uitgelijnd en laat nou toch de computer niet op willen starten. Nou schat, ik loop alvast maar naar Pretoria dan hoor!  En of de duivel er mee speelt, maar het heeft zo’n 7 weken niet geregend, maar uitgerekend vandaag als ik een eindje moet lopen wel. Het stelt trouwens niets voor (1,5mm)en je wordt er niet echt nat van, maar toch.

 

Maar op weg naar Pretoria komen we in geweldige hoosbuien terecht die het zicht op de weg vrijwel ontnemen. Want Jan is uiteindelijk toch gearriveerd met trailer en al. Mooi trailertje, zou hij ook wel willen hebben.

 

We willen ook nog even naar Woolworths en Jan wil nog even naar de Makro. Want om alleen voor de tenten zo’n eind te rijden is ook wat. We worden onderweg aangehouden door de verkeerspolitie. Aardige swartmens die het rijbewijs wil zien en het skyffie vir die trailer. Ons het nie ’n skyffie vir die trailer nie, ons het dië bakkie gehuur. En laten de huurovereenkomst zien. Alles wordt in orde bevonden en we kunnen weer op pad. Bij Woolworths is het ijs maar dan ook ijskoud binnen (buiten trouwens ook) zodat ik naar de coffeeshop daarnaast moet om met een capucinno weer op temperatuur te komen. De Makro is nog steeds geen feest, maar ik koop een paar mooie grote badhanddoeken.  Dat vind ik zelf altijd ergernis nummer één in hotels of andere gastenverblijven. Van die zielige rottig kleine handdoekjes waar je jezelf niet lekker in kunt wikkelen. Nou dat zal bij ons niemand overkomen! Behalve bij Morukuru dan! Geweldige grote zachte handdoeken en in zeer royale aantallen beschikbaar.

 

Op de terugweg worden we weer aangehouden door de politie. De swartmens wil weten of wij wel weten waarom hij ons aanhoudt. We hebben géén idee! Hij vertelt trots dat ze met camera’s werken om de speed te kunnen meten, maar vanwege de bullbar kan de camera onze nummerplaat niet lezen. Wij vinden dat eigenlijk wel een voordeel, maar de politiemens meent dat de nummerplaat op een voor de camera zichtbaarder plek moet worden aangebracht. En vervolgens weer gezeur over de trailer waarvan trouwens de knipperlichten niet goed werken. Slaan we linksaf, dan geeft de trailer dus rechtsaf aan.

 

Dan hebben we vervolgens moeite om het adres van de  tenten te vinden in Babelegi. T’is aan de 6e straat zogenaamd, maar de straten hebben geen naam noch nummer en onze telling blijkt verre van te kloppen.

 

Het is een afgrijselijk saai, fantasie- en troosteloos industrieterrein zoals in de jaren 50 (en sommige  nog steeds) in NL ook gebruikelijk. En de gloriedagen dus allang voorbij. Bij de tentenfabriek zit het kantoor met een dik hangslot dicht. Dat wordt van binnenuit opengemaakt. Het is hier kennelijk niet te vertrouwen. De tenten en aanverwante zaken liggen keurig te wachten en hadden ook gemakkelijk op de blou bakkie gekund. Trailer dus geheel overbodig achteraf. En dus EUR 25,00 huur voor niets over de balk gesmeten. We krijgen een keurige factuur en de assemblage-instructie bevindt zich in één van de tentzakken.

 

Op de terugweg eten we bij O’Hagans in Bela Bela (Warmbad) want het duurt nog wel even voordat we weer thuis zijn. Ik stuur Elisabeth een SMS dat zij hun kos zelf maar bijelkaar moet sprokkelen in de keuken/koelkast want ik weet niet zeker hoe krap ze in hun spullen zitten en als wij te laat zijn ze dan ook daadwerkelijk zonder eten zitten. De boodschap is overgekomen zo blijkt, en zij heet Taiga eten gegeven.

 

Gert Jan Dröge blijkt dood als Jan het nieuws aanzet. Longkanker. Tja, hij zag er altijd al niet zo gezond uit, maar ik vond z’n programma’s altijd wel aardig zoals hij de BN’ners te kakken kon zetten.

 

Donderdag 8 juni

 

Er zijn veel mensen bij de staffquarters aan het werk, maar als het volgend jaar om deze tijd klaar is! Ik ga naar Pat lopen met de gordijnen want ze is graag bereid om te helpen. Brian en Pat hebben een probleem: geen eigen water en het drillen van een borehole is ook mislukt. 2x 150 meter diep en géén water. Aanvankelijk werd er naar water gezocht met stokjes (wichelroede-achtige praktijken die hier heus blijken te werken aldus mensen die echt niet al te stom zijn) maar inmiddels ook met een geologist. Beiden blijken het faliekant mis te hebben. Maar hoe nu verder? Want George en Lesley willen wel dat het gras groen blijft en de bomen in leven.

 

Pat heeft gisteren haar naaimachien eerst maar even gecontrolleerd of het nog werkt. Er blijken zich allerlei beesten in te hebben genesteld dus ze moet het apparaat helemaal schoon maken. Maar het werkt nog alhoewel het een angstwekkend naar geluid laat horen. Op sterven-na-dood of zoiets. Ze doet één gordijn en omdat ik dus helemaal geen haast heb, gaat ze de andere 3 de komende dagen wel doen. Ze roept Maria erbij en die vindt de gordijnen ook baie baie mooi. Tja zegt Brian, you work on the wrong farm Maria! Want Pat vertelde mij al dat haar staff inmiddels stinkend jaloers op de onze aan het worden is gelet op de bouwaktiviteiten etc.

 

Weer thuisgekomen blijken Jan en de jongens een tent aan het uitproberen te  zijn. Maar ze snappen van de handleiding geen hout. Ik bel Brian voor hulp want hij heeft immers ook 3 van die tenten op z’n terrein staan. Brian komt aangestoven, neemt de leiding direct over en instrueert de jongens hoe het allemaal moet, maar doet zelf ook mee. Ik vrees dat het zonder Brian’s hulp nog dagen geduurd had voordat Jan c.s. het zelf uitgevonden zouden hebben. Want de gebruiksaanwijzing laat aan duidelijkheid inderdaad te wensen over.

 

Maar één ding is duidellijk: zo’n tent zet je niet in je eentje op, daar zijn zeker 6 – 8 mensen voor nodig. De tent blijkt trouwens anders dan gedacht dus we moeten een nieuw plan bedenken voor het natte-gedeelte. Daar gaan we maar een leuk apart gebouwtje voor maken.

 

 

Taiga in Africa part 6

 

 

Vrijdag 8 juni

 

Anton (van de Landcruiser) weet iemand die gaat emigreren en zijn hele handel (melkveehouderij) verkoopt, inclusief een perfect werkende tractor en trailer. Daar gaan we dus maar eens kijken want Jan wil zo’n combinatie nog steeds hebben. Zodra we de plaas oprijden is het voor mij al duidelijk. Zelden zo’n klere-zooi gezien. Afgedankte was- en overige keukenmachines verroest op een hoop in de tuin. Kippen met klompvoeten, een stel hangbuikzwijnen en ganzen in hun eigen stront in een sorot kraal, een schuur vol met opengereten voerzakken dat her en der verspreid ligt, met daar midden in een hond en een tractor. 4 platte banden en géén batterij. En de trailer lijkt een  platte bandenwagen te zijn. Mischien een begrip uit mijn jeugd, maar vier wielen met een platte bodem erop en een trekstang. Alles volstrekt afgeleefd en uitgewoond. Maar het moet toch nog ZAR 48.000 kosten. Zo’n slordige EUR 500. De eigenaar blijkt er trouwens niet, maar wel een kerel die de melkkoeien aan het kopen is. En die wilde de tractor wel hebben omdat hij zelf ook een melkveebedrijf heeft, maar hij heeft de combinatie tot op heden niet betaald. Is kennelijk ook dat dat idee teruggekomen.

 

Anton belt de eigenaar en die belooft alles keurig in orde te maken, maar dat soort toezeggingen kennen we inmiddels. U neemt uw tractor maar mooi mee naar Nieuw Zeeland hoor. De plaas is trouwens niet groot. 43 hectare met een vraagprijs van ruim ZAR3,6M. Belachelijk duur lijkt mij, maar volgens Anton krijgt hij er dat geheid voor. Immers dicht bij Ellisras en aan de overkant worden plots verkocht van 1 hectare voor ZAR 650.000. Nou lijkt me dat onvergelijkbaar want alles fonkelnagelneu en of je deze plaas schoonkrijgt moet je nog maar afwachten. Het kost in ieder geval een vermogen om het netjes te krijgen zo lijkt mij. 

 

Ik wrijf Anton toch nog maar eens even onder z’n neus dat de Landcruiser het steeds laat afweten. Dat is behoorlijk pijnlijk vind Anton. De ruilmotor en computer besturing zijn in Joburg ingebouwd. Anton huurt wel een trailer, pikt de Landcruiser op en gaat samen met Jan naar Joburg om het in orde te krijgen en wel op zijn kosten zo laat hij weten. Een hele operatie, maar hoe het anders opgelost moet worden weten Anton en Jan ook niet.

 

We gaan vervolgens cement kopen voor de ondergrond van de bushtenten en laden dat thuis bij de Dam vast af. Want daar komen er in ieder geval 2 te staan. We hebben eerst de jongens beneden bij de rivier opgehaald waar ze nog steeds de weg aan het grasvrij maken zijn. Een hele klus zo blijkt wel. Sakkie vertelt wat hij vanochtend gezien heeft. 5 Gemsbokken bij de pomp. 1,2,3,5. Wat Sakki? vraag ik: 1,2,3,5?? Iedereen ligt in een deuk en Sakkie antwoordt: ja ek tel vinnig!  Maar of het mannetjes of vrouwtjes zijn weet hij niet, want ze sprinten onmiddellijk weg als ze mensen horen/zien. En verder heeft hij vandaag nog vars Tiegersporen gezien. Hij bedoelt natuurlijk tijgersporen, maar dat is wel knap. Die komen in Afrika namelijk helemaal niet voor. Ik vraag hem het maar in het Tswana te zeggen. En ja hoor: Nkwe sporen. Leopardtracks dus.

 

Jan vertelt nog dat ze gisteren 3 Kudu bullen hebben gezien die tegen de helling opklommen.

 

 

Zaterdag 9 juni

 

De staff van Adam moet in het weekend werken want hij is al zwaar over tijd. Zaterdag loopt er veel volk bij de staffquarters en één van de mannen zegt er geen bezwaar tegen te hebben weer van die heerlijke soep te krijgen. Vorige week immers hadden we soep gemaakt omdat het ongelofelijk koud was. De koude is gelukkig weer voorbij, maar het is wel veel volk om soep voor te maken. Zeker 15 man. Maar ik begin er toch maar aan want i kben zelf ook dol op soep. Voporal de butternut soep waarvoor de soeppakketten in de supermarkt te koop zijn is werkelijk goddellijk.

 

Alles aan koppen en lepels wordt bijelkaar gescharreld en met een 10liter pan vol gaan we op weg. Het klotst wel over de rand, maar een handdoek eromheen vangt dat wel op. Als ik begin op te scheppen blijven er maar mensen komen. Waar komen ze in ’s hemelsnaam allemaal vandaan? Het blijken er uiteindelijk 25 te zijn en de soep gaat schoon op. Morgen aub weer hetzelfde recept grapt één van hen. Nu zijn er wel 25 mensen, maar die lopen elkaar voornamelijk ongelofelijk in de weg in 4 kamertjes waar en electriciteit wordt getracht aan te leggen, riolering, pleisteren, etc etc. Desondanks: het schiet niet op.

 

Verder lummelen we maar een beetje rond en kijken naar onze vaste stamgasten. De Zebra’s, Kudu’s, Vlakvarks.  En Jan kijkt tennis op Roland Garos.

 

Zondag 10 juni

 

Jan is de soepspullen al weer bij een aan het zoeken. Kennelijk moet er opnieuw soep gemaakt. Maar we hebben nog een aantal pakjes op voorraad dus waarom niet. Want we hebben daarmee veel eer van ons werk. Want er zitten knullen bij die voor verder bouwwerk wel in aanmerking komen, maar dan zonder Adam natuurlijk.

 

Ik maak een praatje met één van de mannen. Heeft 4 kinderen waaronder een tweeling van 16. Verdient ZAR 1500 (EUR 160) in de maand en dat is moeilijk rondkomen omdat de boodschappen bij Shoprite alsmaar duurder worden en die kinderen moeten  gaan studeren. Hij moet dus heel goed plannen om alles rond te krijgen. En dat dit vaak bij andere swartmense wel anders is: ze maken gelijk alles op wat ze aan salaris krijgen zonder aan de dag van morgen te denken, laat staan aan hun pensioen. Ik ben aangenaam verrast over zoveel wijsheid. Z’n vrouw werkt wel, maar daar wil hij geen rekening mee houden. Hij moet tot aan z’n dood werken, dat hoort nu eenmaal zo. En bovendien is z’n vrouw na 10 meter lopen al moeg. Dat betekent dus hoogstwaarschijnllijk dat ze heel erg dik is. Hij schaamt zich voor het feit dat de bouw zo lang duurt en daar hebben we het dus ook over: Adam z’n management probleem. Hij probeert Adam zo goed mogelijk te helpen, want het is zijn buurman. Maar plannen is inderdaad niet Adam’s sterkste punt.

 

Inmiddels zijn trouwens alle materialen we zo’n beetje on-site tot aan de mengkranen aan toe.

 

Aan het eind van de middag loop ik nog een keer naar de Staffquarters, maar de mannen zijn aan het vertrekken, behalve één knulletje dat overblijft. Op de terugweg bedenk ik via een omweggetje via de NSW terug te klimmen naar huis. Vlak bij stappen echter één voor een een hele Kudu-familie uit het struikgewas en de Brownnose family. Ze kijken eerst of ze moeten rennen of niet. Kennelijk niet, want de grazen rustig verder het weggetje af.

 

Aan dit weggetje ligt ook het Hans en Grietje huisje. Het grasdak is nu totaal naar de knoppen dankzij de Bobbejanne. Dat moet vernieuwd, het huisje goed schoongemaakt en dan maar kippengaas over het grasdakje om verdere plunderingen te voorkomen. Het is een heel klein, maar o zo schattig huisje. Voor een doortrekkende backpacker werkelijk bijzonder geschikt. Ik zou er zo aan willen beginnen, maar Jan vindt dat we toch al veel te veel werk en verplichtingen hebben. Ik ben dat niet met hem eens but you cann’t always win! Of…..? 

 

Maandag 11 juni.

 

Verrassing; er blijkt geen cement om de rest van de staffquarters af te pleisteren. Hadden jullie dat gisteren niet in de gaten?. Neen hoor, volslagen verrassing, dus ze gaan weer terug naar Ellisras om cement te kopen. De pleister wil maar niet drogen als het zo koud is, en dan kan er niet geverfd noch getegeld. Maar wij gaan naar Vaalwater boodschappen doen en kuier bij Henk en Maryëtta. Ik neem een stukje Oud Amsterdam voor ze mee dat we vorige week in Pretoria kochten. Henk wil ons wel helpen met het project management van ons nog te bouwen roundavel. Nieuwsgierig hoe die er uit gaat zien? kijk gauw op www.24riviere.com bij de accommodatie.  Planning zo eind oktober/begin november a.s. klaar.  Bij ons komt er een kleine kitchenette in zodat gasten desgewenst in hun eigen voedselvoorziening kunnen voorzien. Dat is bij Henk en Maryëtta niet het geval: daar kookt  Maryëtta de sterren van de hemel. Zij hebben royaal leergeld betaald bij hun bouwwerkzaamheden en weten welke valkuilen er zoal op de weg zijn tegen te komen. Maar inmiddels dus wel een batterij aan geschikte mensen zo her en der waar je goede zaken mee kunt doen en die beloften nakomen. Want een tweede Adam-avontuur hebben wij toch niet zo’n trek in eerlijk gezegd.

 

De gasten blijven maar komen bij 24-riviere en deze maand staat er een heel leuk artikel over hun Lodge in Africa-Wild. Een prachtig natuurblad met aandacht voor guesthouses etc. Ze staan inmiddels ook bovenaan de Waterberg-map en worden overladen met complimenten.

 

Op de terugweg moeten we nog boodschappen doen en Lemoene bij de citrusfarm kopen. Als we aan komen rijden kijken we elkaar aan. Wat zien die bomen er raar uit, en wat liggen er veel sinasappels onder de bomen. Het sproetenmeissie vertelt dat de bomen vanwege de ijzige koude in de stress zijn geraakt, bladeren verdroogd en ze laten alle sinasappels vallen. Een geweldige strop want het seizoen was al veel te laat begonnen en nu veel te vroeg geëindigd en hebben ze geen sinasappels meer en wat er nu nog afkomt is voor export ongeschikt. We kopen 7 zakken, krijgen de 8e gratis en dan vertelt ze dat de val-sinasappels als wildsvoer verkocht wordt. 20 cent per kilogram. ZAR 80 voor 400 kilo! We nemen dus nog maar 400 kilo extra sinasappels voor onze beesten. Een bakkie vol. Bij de Spar kijkt er swart-iemand vol verbazing in de bakkie. Pak maar rustig hoor zegt Jan.

 

Thuisgekomen brengen we Adam’s staff ook maar sinasappels, laden af bij de oude Wildsuiping, laten Abram een emmer uitzoeken voor onze eigen staff en vullen cement bakken die ik zo in de loop der tijd bij de NWS ga brengen. Het restant neemt Jan mee naar richting rivier (waar hij de Sakkie en Oliver gaat ophalen, Abram heeft vandaag het fench gecheckt) om bij de Waterval af te laden.  De jongens hebben 4 Zebra’s gezien (1 man, 3 vrouw, geen kind) en 4 Kudu vrouwen met kleintjes. En de Bosbokken weer. En opnieuw: Tiegersporen. Jan heeft foto’s gemaakt, ik hoop er wijs uit te kunnen worden.

 

Eerlijk gezegd ben ik benieuwd of de beesten inderdaad sinasappels eten. Olifanten zijn er in ieder geval gek op.

 

Dinsdag 12 juni

 

Op het eerste oog lijken de sinasappels onaangetast, maar schijn bedriegt. De Bobbejanne zitten in het struikgewas en steeds duikt er ééntje op. De Silverback neemt er steeds één in z’n bek, onder elke oksel één en één in iedere hand. Je mocht eens tekort komen. De kleintjes komen er steeds ééntje halen. Echt een heel koddig gezicht zo’n zwart gezicht met grote oranje lemoen in hun bek. Die lemoene is amper klaar volgens Elisabeth. Bijna op dus. En ik ga maar eens wat persen. Ik heb een lege 5 liter water fles, maak een constructie zodat het uit de pers via een trechtertje zo in de fles belandt. Jan zorgt voor de aan- en afvoer. Elisabeth vraagt waarom ik niet alles zo ga persen. Omdat de rest voor de beesten is meissie. Ja, maar de Kudu’s eet net (alleen) die skille. Dat komt goed uit, want die sta ik er nu net een heleboel te maken. Ik pers zo’n 25 kilo voor 5 liter sap. We vriezen het in voor de hongerwinter. Morgen doe ik mischien nog wel zo’n portie. Lang niet alle lemoene geven goed sap en terecht dus dat ze niet meer in de winkel verkocht kunnen worden.

 

We gaan maar weer naar ons zorgenproject. En wat blijkt: geen krag en dus kunnen ze de drilboor niet gebruiken. We laden 2 jongens op en gaan de generator ophalen zodat ze verder kunnen. We rijden ook even langs de oude Wildsuiping waar we gisteren lemoene hebben neergegooid. Ze zijn bijna allemaal aangevreten en de 5 Elanden maken zich rap uit de voeten. (Het mannetje met de twee vrouwtjes en 2 kleintjes).

 

Ik ga Ben Schutte maar eens bellen of hij toch niet wat plaasvleis vir ons staff het. Maar voor ik mijn vraag kan stellen, krijg ik een onverwacht en gratis wisselgeld in de schoot geworpen. Ze hebben kennelijk zaterdagavond nogal wat gefeest na het jagen met luide muziek. Hij is dus bang dat ik bel om te klagen. Ben, nodig ons in het vervolg gewoon uit, dan is er geen vuiltje aan de lucht, maar bovendien nix gehoord. Ik vraag of hij nog wat bushmeat voor mij te koop heeft en of zijn staff hier wil komen kijken of mijn gedroomde roundavel-plek vanuit hun huis te zien is. Dat laatste wordt bijzonder gewaardeerd en nog geen 10 minuten later krijg ik een telefoontje dat Klaas (z’n swarte manager) weldra het vlees komt brengen. Elisabeth hoort het met open mond aan. Wat die missis toch allemaal niet geregeld krijgt.

 

Er is weer eens iemand dood. Dit keer een kind van net in de twintig. Familie van Oliver en dus gaat de hele staff weer naar die begrafnis maar of het deze of volgende zaterdag is, is nog niet bekend. Omdat er een staking heerst onder public functionarissen werd het kind niet op tijd naar het ziekenhuis gebracht en nou is het dood aldus Elisabeth.  Maar de hele daaraan voorafgaande vrijdag is ter voor-bereiding (kos maak, skottelwas) van het event op zaterdag, dus dan hebben ze een vrije dag en dat respecteren we. We gaan hun gewoontes niet zitten veranderen op dit punt.

 

De staff van Adam zit weer een beetje krap in hun kos dus laden we een plastic tas vol met ui, aardappel, een kool en wat wortelen. Maar één ding is wel duidelijk: ook deze week is het project niet klaar.

 

Woensdag 13 juni

 

Er moet maar een tent niet al te ver van het huis worden opgezet voor het geval de staffquarters inderdaad deze week niet klaar zijn en onze gast Jim-from-Holland niet onder de blote hemel hoeft te slapen. Jan en ik worden het niet eens, dus ga ik met met onze jongens diverse construction-sites bekijken. De mooiste is ook de moeilijkste dus we kiezen een evenens mooie plek die gemakkelijker bereikbaar is en waar dus vinniger gewerkt kan worden. Maar deze plek moet ook nog goedgekeurd door buurman Ben omdat hij geen bebouwing van ons, en wij niet van hem willen zien. Bij het zoeken vindt Abram een hele grote Turpin/tortoise/landschildpad. Waarom heb ik nou toch mijn camera weer niet bij me? Hij is echt heel groot: zo’n 40 cm lang. Het is een vrouwtje volgens de jongens, dat kun je aan de lijnen op haar knalharde platte buik zien.

 

Klaas (Ben Schutte’s  swart-manager) komt toch vlees brengen, drinkt met z’n hulpje een colaatje en eet een pak koekies leeg, en daarna gaan we de site bekijken. Maar eerst nog even een handvol lemoene bij de voordeur graaien. Eigenlijk net die Bobbejanne ha ha ha. Ook Abram vertelt het verhaal van een grote Bobbejaan die er ééntje in z’n bek stopte, twee onder z’n oksels en twee onder z’n handen, maar die hief z’n armen op enig moment zodat de lemoene er tot z’n stomme verbazing weer onderuit vielen. Iedereen ligt weer in een deuk. Ze lachen trouwens bijna altijd lijkt het wel.

 

Klaas inspecteert de omgeving vakkundig en vlagt de site groen! Het is al een tamelijk vlak stuk dus morgen kunnen ze wel met het Klippe muurtje beginnen zodat er een vlakke cementbodem gestort kan worden. De plek heeft een fantatisch uitzicht. Klein wasgebouwtje erbij en een braaiplek en dan hebben we een wonderschone logeerplek.

 

Het vlees (een grote Kudupoot en een Njala karkas) liggen op de keukentafel. Want het moet nog aan stukken gezaagd. Als het maar snel weg is, want ik kijk er kokhalzend naar. Maar ik zou anders ook niet weten waar ze het moeten laten. Elisabeth begrijpt niet dat ik zoiets niet lekker vind. Krijg ik soms last van m’n maag? vraagt ze. Mischien wel, maar om te beginnen vind ik het gruwelijk stinken en de mededeling dat ik van de aanblik sec al bijna moet kotsen laat ik maar achterwege! Shame, shame, shame. Maar dat zegt ze van alles wat zij zonde vind. Het lijk gaat aan stukken gezaagd worden als de mans er weer zijn. Met/na de lunchpauze dus. Ze zijn er zeker een uur mee bezig om alles in hanteerbare brokken te verdelen. Een gedeelte gaat in de vrieskist, het kookvlees in een grote pan met kruiden.

 

We gaan maar weer eens even bij de staffquarters kijken. Sakkie’s kamer heeft inmiddels een watafel en toilet geinstalleerd gekregen, maar helaas: de tegelzetter inmiddels ook dood. Dus moet er weer een nieuwe gezocht. Tja, d’r gaan zo wat mensen dood her en der in de omgeving.

 

Jan heeft boodschappen gedaan in Ellisras en brengt heerlijke witlof mee.  En verder drinken we ons allemaal een breuk aan het vers geperste sinasappelsap dat eigenlijk voor het wild bestemd is, maar die krijgen ook hun royale portie. En de Kudu’s vreten de schillen. Mevrouw Vlakvark heeft trouwens uitgevonden dat je de voertrog om kunt kieperen. Ze gaat er met haar lompe voorpoten op hangen en de hele handel valt om zodat ook zij met haar nageslacht van de inhoud kan genieten. Rotwijf. Want vanaf nu kan ik elke dag die trog weer overeind gaan zetten for sure.

 

De jongens zijn begonnen om de contouren van de cementvloer uit te graven zodat ze morgen met het klippe muurtje kunnen beginnen dat net hoog genoeg moet zijn om er een gladde cementvloer in aan te brengen. Wij het wippen van de in-e-weg-liggene-klippe is de oogt twee schorpioenen. Een zwarte (niet zo gevaarlijke) en bruine uiterst gevaarlijke. Nou ja, pijnlijke als je gestoken wordt. Het zijn maar mini’s hoor. De zwarte ontkomt en de bruine probeert Jan op de schop te nemen en tussen de rotsen te gooien. Dat kost enige moeite, want het beest wil niet op de schop, maar uiteindelijk beland hij toch ergens verderop tussen de rotsen.

 

Jan is weer helemaal gelukkig want er is weer één of andere  voetbalwedstrijd life on TV. In NL zat hij de laatste tijd altijd te kankeren dan de leuke westrijden door Talpa waren geannexeerd en dus Pay-TV en dus voor hem onzichtbaar. Maar ik kan gelukkig de laatste paar avonden weer gewoon op de stoep zitten. Weliswaar met een deken, maar het koufront lijkt geweken. Ik zie hier trouwens vaak vallende sterren en heb inmiddels een paar standaard wensen daarvoor ontwikkeld.

 

Donderdag 14 juni

 

We gaan naar Vaalwater om waterpijp te kopen. Jan’s schatting is zo’n 300 meter (op rollen van 100 meter). Maar hij wil ook naar een quadbike gaan kijken. Hij heeft een tweedehansje gezien maar ’t ding ziet er volstrekt afgeleefd uit, niet werkende onderdelen en problemen met de ontsteking. Waar heb ik dat eerder gehoord? Jan heeft er zwaar de pest over in over mijn kritiek. Bovendien moet het ding nog ZAR 10.000 kosten en de eigenaar wil er géén cent meer aan uitgeven. Dan weet je wel hoelaat het is. De eigenaar kent de gebreken en weet ook hoeveel het kost om het gerepareerd te krijgen. Bovendien is het nog eens een 4x2 ook ipv 4x4, dus volstrekt onbruikbaar op onze plaas, behoudens op het vlakke gedeelte.

 

We kopen een paar planten op de locale markt en fruit wetende dat we geweldig getild worden. Sharonfruit en een kistje kleine Ananassen. Van zo’n figuur dat in staat is om ijs op de noordpool te verkopen. Maar als je het fruit stuksnijdt, met nog wat banaan gemengd erbij en een hele grote scheut rum erbij, dan is het echt smullen geblazen. Onze staff heeft nog nooit Sharon fruit gezien, laat staan gegeten. Kan je dat echt eten? Maar ze vinden het heerlijk.

 

Ik regel met Pat de overbuurvrouw dat Oliver en Elisabeth morgen met haar naar Ellisras kunnen rijden waar ze de taxi naar Shongoane kunnen nemen voor de begrafenis.

 

De staffquarters schiet van geen meter op en ik kan Adam zo langzamerhand wel wurgen.

 

Vrijdag 15 juni

 

We krijgen onverwacht bezoek. Van Rudie Swanepoel. De estate-agent die veel tijd aan, en met, ons besteed heeft om een ideale plaas te vinden. Hij heeft André (Biltong) Botha, tevens voormalige werkgever van Abram, ook bij zich. André doet naast de Biltong ook aan estate (ver-)koop. Ze vinden het een prachtige plaas en Rudie wijst ons een farm aan de overkant die we met hem bezocht hebben, maar volstrekt ontoegankelijk leek. Tenzij je over een helicopter beschikt. Rudie heeft een cliënt die precies zoekt wat wij hier hebben en die bereid is ZAR 10M cash neer te tellen voor onze plaas. Toch een leuk return on investment zouden we willen cashen (hetgeen niet het geval is!!!!!) in 5 maanden van ZAR 6,2 naar ZAR 10M.

 

Het wel geplande bezoek komt niet opdagen: de slidingdoors zouden vandaag worden afgeleverd.

 

Onze buurman is een airstrip aan het aanleggen, maar nu is inmiddels ook duidelijk zichtbaar dat hij daarvoor …tig hectaren bos heeft gekapt en tot overmaat van ramp schijnt hij ook geasfalteerd te gaan worden en dat alles pontificaal in ons zicht.

 

Ik probeer te achterhalen of de goede man wel over de benodigde vergunningen beschikt. De project ontwikkelaar denkt van wel, maar weet het niet zeker en begint steeds onaardiger in mijn richting te worden over specifiek gestelde vragen. Ook buurman Ben is allerminst van deze ontwikkeling gechar-meerd. Welke idioot van rijkswege kan hebben toegestaan dat het Waterberggebied geasfalteerd mag worden? Want als die buurman (die toevallig en erg zwart en nog veel rijker is) dat mag, waarom de rest van de farms dan niet?

 

Als dat de airstrip legaal aangelegd blijkt te zijn, dan zij het zo want fighting the townhall is altijd en overal een bij voorbaat verloren strijd maar mocht dat niet zo zijn dan is het laatste woord nog niet gevallen.

 

Ik vind uiteindelijk een ambtenaar (de ambtenaren staken hier al geruime tijd voor hogere lonen) die a.s. maandag op kantoor zal uitzoeken of de airstrip al dan niet legaal is aangelegd. En ik wend me ook nog tot Rupert Baber, de contact persoon voor de Waterbergbiosphere (Unesco heritage site), waar onze Witkop helaas nog net buiten valt.

 

www.unesco.org/mabdb/br/brdir/directory/biores.asp?mode+all@code=SAF+03 )

 

Rupert is helaas 3 weken overseas. Dus praat ik een poosje met z’n pa en stuur Rupert een emailtje. Want we willen hem toch sowieso leren kennen om te kijken wat die Biosphere nou precies inhoudt, wat de doelstellingen zijn etc. en om te bezien of wij daaraan iets kunnen bijdragen.

 

Adam en Sakkie zijn vandaag klippe aan het zoeken voor de vloer van de bushtent, en in de middag gaat Jan de waterslang met ze uitrollen. De slang blijkt royaal te kort en er zit ook een heuveltje tussen de watertanks en de plek van de tent. Dus of het water door gravity (zwaartekracht) naar de tent zal lopen is maar zeer de vraag.

 

De sinasappels zijn nog niet op, en elke morgen gooi ik een nieuwe lading bij de NWS en de Bobbe-janne komen elke dag de voorraad ophalen.

 

Jan vertelt enpassant een wijziging bij de staffquarters te hebben toegestaan. Wàààààt??? Dat zullen we nog eens zien. Hij  gaat hij morgen maar mooi terugdraaien want ik heb het er uitgebreid met Gert over gehad hoe het moest. Wat wil het geval: de douche heeft 3 zijden maar toevallig hebben ze het derde muurtje te laag opgemetseld, en daar zit dus een halve tegel in plaats van een hele zoals bij de andere twee muren. Ergo: ongelijke hoogte tegels. Geen gezicht en dus volstrekt onakseptabel. Ik zou het in m’n eigen huis niet willen en bij de staff gaat dat dus ook niet gebeuren. Dan denk je maar beter na voordat je gaat beginnen.

 

Zaterdag 16 juni

 

Jan gaat naar de staffquarters om z’n tegelfoutje te herstellen. En wat blijkt, de halve tegels zitten er al op. Die moeten er dan maar weer af zegt Jan want die weet wat er gebeurt als ze er niet afgaan. Dan komt Maya ze er hoogstpersoonlijk afmeppen. En de opzichter weet natuurlijk ook donders goed dat hij fout zit dus zonder al te veel gekrakeel gaan ze het doen zoals eerder afgesproken.

 

Maar het volgende probleem is al weer opgedoken. Waterlekkage tussen nieuw gemetselde muren. Want daar zat een oude waterleiding en die wordt hiet niet keurig afgedopt. Oh neen. Die wordt omgevouwen en een ijzerdraadje er om heen. En dat blijkt dus niet goed gegaan te zijn. Dus de muur kan weer gesloopt. Zo zie je maar: gemakzucht loont echt niet.

 

Er wordt dus wel hard gewerkt bij de staffquarters, maar als donderslag bij heldere hemel is opeens de verf om 14.00 uur op. En alle winkels gesloten zo is de stelling. Onzin want we weten uit ervaring dat Bou en Hardeware gewoon open is, zelfs op zondag tot 13.00 uur. Maar de hele meute vertrekt gewoon.

 

Ik ga een poosje naar de NWS zitten kijken want de Bobbejanne zijn nu al uren bezig met iets waarvan ik vermoed dat ze gewoon de droppings van de andere beesten zitten op te vreten. Ze spelen en dollen, maken snelle wippen tussendoor, zitten onbeschaamd aan hun gat te krabben, drinken uit de NWS, duwen elkaar omver en zitten elkaar achterna. Ondanks dat het gewoon vernielzuchtige viespeuken zijn, toch een feest om naar te kijken. Zolang ze maar niet bij het huis komen. De Njala-Kudu familie komt ook aanzetten en dan opeens de twee Klipspringertjes. Ik zit op de stoep, maar ze komen helemaal tot onder aan de stoep. Ze zijn mooi dik en lijken gezond en ze lopen altijd op “spitsen”. Zo oneindig elegant. Maar tja, de camera ligt weer eens ergens anders. Ze blijven wel een half uur dralen, maar dan komt Jan naar huis met de bakkie en dan gaan ze ervan door. De Bobbejanne zijn opeens ook en-masse op de vlucht. Een voor mij onherkenbaar geluid, maar ze gaan er tegelijkertijd als een speer vandoor. Ik vermoed dus een Leopard, maar die is bedags niet aktief.

 

Zondag 17 juni

 

Elisabeth d’r kinderen zijn al gearriveerd. Het is dan wel nog geen schoolvakantie, maar de leraren staken dus ze zijn deze kan alvast opgekomen. Maria, (7), Salomon en Aaron. Als we ze gaan begroeten hebben ze net gegeten. Pap en vlees.

 

Bij de NWS zijn de Bobbejanne weer aan het ravotten nadat er één dikzak op z’n gat achter elkaar alle lemoene zat weg te werken. De Elanden zijn er oo; het bekende groepje mannetje, 2 vrouwtjes, 2 kinders en Ma Vlakvark met d’r kind schuiven voorbij. Ik ben haar mooi te slim af, want ik heb de voertrog tussen twee grote keien getrokken zodat ze hem niet meer omver krijgt. Het keukenafval gaat nu ook naar de NWS want het composteert toch niet en elke dag is het schoon op. De beesten hebben op het ogenblik weinig meer te vreten dus alles wat ik ze bijvoer is hartelijk welkom.

 

Bij de staffquarters wordt met een man of 10 gewerkt en ik heb een soepje in elkaar gedraaid. Met kip en ik verzeker hen dat er echt geen “pig” inzit. Ze zijn nog steeds aan het tegelen, voegen en schilde-ren, maar nu zou het met een dag of twee toch wel klaar kunnen zijn. Een van de mannen zegt dat er eigenlijk een plafond in moet om het af te maken. Veel mooier volgens hem. Ik zal het met Adam bespreken beloof ik hem, maar ik heb met Adam eigenlijk nix meer te bespreken behoudens compen-satie voor de veel te late oplevering waardoor een aantal andere plannen voorlopig in duigen zijn gevallen.

 

Jan is druk met het maken van de legplanken voor de staffquarters. Elisabeth krijgt de mooie witte planken die wij in het begin uit mijn werkkamer sloopten. Daar heeft ze al die tijd al op lopen vlassen, en nu krijgt ze ze dus. We kunnen er verder zelf toch nix mee.

 

Er komt nu ook een andere Elandenfamilie langs: 1 mannetje, 1 vrouwtje en 1 kleintje. Hij gaat over de berg sinasappels heenstaan en niemand mag er bij. En de Bobbejanne laten het wel uit hun hoofd om een lemoen te pikken, die hebben vast al een keer kennis gemaakt met de spitse horens van zo’n Eland. Ze hebben er in ieder geval heilig ontzag voor zo blijkt.

 

Maandag 18 juni

 

Jan gaat meer kunststof waterpijp halen plus ander buis- en leidingwerk voor de 1e bushtent. En brengt gelijk ook de boodschappen mee voor de staff en voor onszelf. Wildsvoer kon er helaas niet meer bij.

 

Ik loop wat rond op de plaas naar de ideale plek voor de roundavel maar een hele expeditie hoor. Want het uitzicht moet mooi zijn en bij voorkeur ook de zonsondergang zichtbaar. Er zijn een paar opties die samen met Jan nog een keer bekeken moeten worden voordat Henk aan de slag kan.

 

Aan het einde van de dag gaan we nog een keer naar de staffquarters want ze zijn begonnen met de tegeltjes op de douche-vloer. Eén vloer is klaar, aan de tweede is begonnen. Op de vloer komen lichtgrijze kleine tegeltjes die op matjes geplakt zitten. Simpel neervleien, voegen en klaar is Kees. Dat had je gedacht! Ik kan mijn ogen niet geloven, de matjes liggen schots en scheef met grote voegen, kleine voegen, scheve voegen, kromme voegen. De geschiedenis gaat zich herhalen, want het is niet de eerste keer dat ik tegels laat verwijderen (of bij gebreke aan medewerking zelf verwijderde).

 

Ik roep Gert erbij en vraag wat hij er zelf van vindt. Gert vindt alles wat ik vind, maar ik heb mijn mening nog niet geven dus hij kan niet zeggen wat hij er van vindt. Ik vertel hem dat dit zo niet kan, dat de tegeltjes er helaas uitmoeten en dat vanuit het midden (afvoerputje) naar de zijkanten gewerkt moet worden. Ik zoek een doos met tegeltjes en ga het ze gewoon voordoen. Eerst vier matjes om het afvoerputje waarna ik één tegeltje uit elk hoekje wegsnij zodat het prachtig om het putje past. En vervolgens volleggen in vier richtingen en de laatste eindjes gewoon netjes bijknippen met het tegelknippertje. Zo moet dat dus. Er staan 5 man met open monden achter mij naar m’n kunstwerk te gapen. Oh, zegt Gert, die lyne gaan reg wees!. Zo is’t maar net Gert, die lyne gaan reg wees. Ja, beaamt Gert so gaan dat baie mooi wees. De tegeltjes worden verwijderd, maar niet allemaal. Het laatste randje tegen de muur blijft liggen. Ook d’ruit zegt Jan, beteuterd of niet.

 

De eigenlijke tegelzetter komt zich verontschuldigen want hij kan niet op alle plaatsen tegelijk kijken. Geeft nix hoor, tegeltjes netjes afwassen en gewoon opnieuw beginnen. Ze blijven netjes en beleefd, maar in de auto op weg naar huis schelden ze ons waarschijnlijk verrot. Alhoewel, Jan heeft de tegelzetter zaterdag ZAR100 gegeven vanwege het feit dat de tegels in de douche, in tegenstelling tot mijn eerdere instructie, met Jan’s toestemming niet één rechte lijn vormden.

 

S’avonds staat er een kunstwerk aan de hemel. De maan gaat weer wassen en aan het uiteinde van z’n linker punt staat Venus ongelofelijk helder te stralen. Prachtig om te zien. Net een piece-of-art.  Integenstelling tot in Nederland wast de maan hier van onder naar boven.

 

Elisabeth heeft mij om staalwol gevraagd. Ik denk voor hun eigen aluminimum pannen die ze steeds geweldig laten aankoeken. Er wordt voor een paar dagen pap gekookt en dat laten ze gewoon in die pannen staan. En dan heb je na 3 dagen gewoon een beitel nodig. Nou neen dus, mijn eigenste roestvrijstalen pannen en waterkoker hebben een beurt gekregen. Elisabeth vindt dat alles moet “shine” maar een geheel gekraste en verprutse pannenset incluis waterkoker zijn  het resultaat. Ik gooi de sponsjes op de hoogste kast die ik kan vinden en vertel Elisabeth dat we dat spul in dit huis dus nooit meer gaan gebruiken. Ze biedt haar excuses aan want ze had zelf ook al gezien dat het er niet mooier op werd.

 

 

Dinsdag 19 juni.

 

Lara is jarig! Hoera. Ik stuur haar een verjaardagsmailtje in m’n beste afrikaans. Ze is immers geboren afrikaanse.

 

Brian komt polshoogte nemen want ik heb hem om z’n cementmolen gevraagd. Die komt Alfie straks brengen met de frontloader zo belooft Brian. We krijgen weer duizend-en-een handige tips van hem plus de story dat Alfie nu zn 3e waarschuwing te pakken heeft, dat er nu 5 van de 12 maanden om zijn om hem de zak te geven. Alfie is zo lui als wat meent Brian. Maar zie hier je personeel maar eens kwijt te raken. Nou Brian, ga eens buurten in Nederland en dan weet je weer hoe relatief simpel het hier is.

 

Even later komen Alfie en King samen met de frontloader en hebben de concretemixer al op de juiste plek achtergelaten. We vragen hen nog wat zand ook naar de constructionsite te brengen, koeter-walen wat met hen in ons beste Afrikaans en ze gaan weer op pad. Altijd vrolijk en alles wat je vraagt doen ze gewoon.

 

We gaan weer naar de staffquarters. Voor inspectie, maar ook om de gordijnroeden en kastplanken te bevestigen. Maar op weg erheen rijden we vlak bij huis een baby-puffadder dood. We merken het niet eigenlijk niet eens, maar opeens maakt Jan een noodstop omdat hij wat vergeten is. En dan ziet hij het beestje liggen. Net z’n staart geraakt waar nu z’n ingewanden uitpuilen. So heb elk voordeel (schutkleur) se nadeel (dood). Maar zwaar balen is het wel. Jan gooit z’n levenloze lichaampje een stukje verder de struiken in.

 

Bijna alle douchevloertjes zijn klaar en de tegelzetter troont mij onmiddellijk mee naar z’n eerste kunstwerk. De douche die ik gisteren zelf heb uitgelegd. Not perfect, maar ’t kan er mee door. Maar dan kom ik in douche nr 2. Daar steekt het afvoerkoppie pontificaal boven de tegeltjes uit. Ik roep Gert erbij en vraag hoe hij denkt dat het water hier zal weglopen. Gert denkt dat het water op deze manier helemaal niet gaat weglopen. Inderdaad Gert, water stroomt niet tegen de berg op. Hij denkt eraan het afvoerkoppie te laten verzinken, maar ik denk dat het goedkoper en sneller is om een tweede tegelvloertje aan te brengen.

 

Dit zijn dingen waar ik echt met mijn verstand niet bijkan. Zelfs al verpruts je het estetisch op alle fronten, maar dan kun je het technisch toch nog wel goed aanbrengen??? Kennelijk niet dus. Want ook de verf lijkt nergens op. Eén keer geverfd en de ondergrond schijnt dus nog gewoon door. Zo lakt Gert bijvoorbeeld de deuren vandaag voor de tweede keer. Maar gewoon over de verf heen die er  na het aanbrengen van de eerste laag, later op is gespat. Hetzij wit, hetzij blauw. En als je zegt dat dat zo niet kan, dat het anders moet, dan doen ze het wel, maar zelf verzinnen ze het niet en ik kan er niet 24 uur per  dag bij staan of zitten.

 

Het wordt een lange lijst met gebreken voor Adam die zich nooit meer heeft vertoond, maar voor de oplevering toch acte-de-présence zal moeten geven.

 

En-passant registreer ik onze CC ook nog even bij ‘t  UIF = Unemployement Insurance Fund (eerder noemde ik dat UAF, fout dus). Dan kun je in het vervolg de werkloosheidspremie voor je personeel online betalen. Want daar moet je echt zelf achterheen. Je krijgt geen factuur of aanmaning, maar wel een boete als men fysiek op controle komt en je aan deze verplichting niet hebt voldaan.

 

De dag is al weer om zonder dat wij onszelf er op kunnen beroemen bergen te hebben verzet. Gelukkig werken onze eigen kereltjes stug door alhoewel ook niet snel, maar goddank gebruiken ze hun hersens en valt er van hen nog het een en ander te leren ook zelfs.

 

Woensdag 20 juni

 

Het was te verwachten: geen Gert om de douche-afvoer in orde te maken. Ik bel Louis (Adams partner) dat hij de renovatie zelf moet komen bekijken en beoordelen. Hij is stik verbaasd want Adam heeft hem op de mouw gespeld dat wij uitermate tevreden zijn over het uiteindeljke resultaat. Reden te meer om zelf te komen kijken  Louis! Dat gaat dus a.s. vrijdag gebeuren. Louis probeert nog een verzachtende omstandigheid voor Adam aan te dragen. Diens vrouw krijgt haar 2e kind. Ik heb daar geen boodschap aan en waarschijnlijk geen gebeurtenis die als donderslag bij heldere hemel kwam aanzetten wel?

 

Op het boodschappenlijstje staat het ophalen van de nieuwe koelkast voor de staff want de oude heeft het begeven. Maakte een hels kabaal en gebruikte waarschijnlijk ongelofelijk veel stroom. En verder een toilet en wastafeltje voor de eerste bushtent die opgezet moet worden. Verder haal ik 5 liter losse melk bij de Tauwfonteinwinkel voor Elisabeth in een zelf meegebrachte waterfles. De winkel staat vol met swart- en witmense. Maar Jan moet er niet aan denken zulke melk te moeten drinken. Een grote onhygiënische bende weet Jan. Tja, hij kan het weten als stadsjongetje terwijl ik tussen de melk-bussen ben opgegroeid. Hij koopt hetzelfde merk liever in 1,5 liter flessen bij de supermarkt voor dezelfde prijs als de losse 5 liter.

 

Maar voor we aan het boodschappen doen toe zijn worden we aangehouden door de politie. Twee swartmense die wel eens wat willen schrijven zo laten ze met een brede grijns weten. Ze kijken nauwelijks naar het bakkie, bewonderen Jan z’n rijbewijs, krijgen een standje omdat het bakkie zo smering, vuil en stoffig is van binnen. Ik kan het niet ontkennen, maar de agent maakt een geintje en vervolgens moet er uitvoerig over cricket worden gepraat. De ene agent kent alle, vooral australische namen, uitslagen, standen, runs en wat er al niet meer bij cricket komt kijken. Want Australië lijkt op dit moment onverslaanbaar. En Jan heeft ook alle recente wedstrijden bekeken, dus ze hebben wat te bespreken.  En dat alles met een draaiende motor aan de kant van de weg waar de agent gemoedelijk in het open raam naar binnenleunt en als spraakwaterval bijna niet te stoppen lijkt.

 

De tent-cement-vloer is nog bij lange na niet klaar en nu hebben we ook nog een waterprobleem. De pomp meldt ‘dry run” de bron staat dus gewoon droog is de meest voor de hand liggende veronderstelling. En aangezien de vloer ingewaterd moet worden, gaat dat dus  voorlopig niet door. Alfie heeft de jongens de gehele dag geholpen met z’n frontloader om puin en zand aan te leveren om de vloer op te vullen.

 

En die kleine snotapen van Elisbeth gooien hun snoeppapiertjes op de grond. Hierkomen en opruimen kids. Zo zijn we hier niet getrouwd. En bij gebrek aan een vuilnisbak steek je het gewoon in je eigen zak totdat je er wèl een tegenkomt.  Jan heeft wat lekkers voor ze gekocht bij Shoprite. Komt uit de bakkerijafdeling maar ziet er eng paars-rozig en ongelofelijk ongezond uit.

 

We zijn tot ’s avonds laat nog bezig om de legplanken in de staffquarters af te maken. Het schoon-maken moet maar even wachten totdat de inspectie heeft plaatsgevonden.

 

Donderdag 21 juni

 

De pomp meldt onveranderd “dry run” en Jan blijft hopen dat alleen de pomp stuk is. En bestelt een expert om naar de pomp te komen kijken. Tot onze positieve verrassing komt de man ook direct aangesneld vanuit Vaalwater. Heeft de goede apparatuur bij zich en de pomp wordt uit z’n schacht gehesen. Gedemonteerd en er worden een aantal zichtbare gebreken geconstateerd die in ieder geval de opbrengst van de pomp sterk verminderen. Maar er hangt nog water aan dus helemaal droog staat de bron niet.

 

De man neemt de pomp mee terug naar Vaalwater om te kijken of deze hersteld kan worden danwel of er een ander leenexemplaar beschikbaar is. Beiden blijkft niet het geval en Jan heeft geen zin in verder gezeur, dus er worden twee nieuwe identieke pompen besteld (want die van het andere boorgat zal het binnenkort naar verwachting dan ook wel opgeven). Maar de pompen moeten per courier uit Joburg komen, dus mogelijk pas zaterdag a.s. beschikbaar. Reden om iedereen op het hart te drukken zuinig met water te  zijn en niet uren onder de douche te staan, of wasgoed te wassen.

 

Ik begin spuugzat van die kinderen te worden en de middelste is gewoon een eersteklas achterbakse etterbak van jewelste. Dat vind ook Jan. Dat joch staat als een gek aan de mengkraan te rukken totdat hij een mep op z’n vingers krijgt van mij. En om chocolade komen zeuren moet je ook vooral niet aan beginnen bij mij. Ze krijgen al genoeg extraatjes van ons.

 

Ik bereid onze lijst met gebreken staffquarters voor voor het bezoek vrijdag a.s. van in ieder geval Louis. Zo’n 26 punten en Jan heeft er al buikpijn van. Die kan er slecht tegen om mensen slecht nieuws te brengen over wat er zoals niet deugt. Die zegt liever dat alles helemaal pico-bello in orde is, betalen en wegwezen.

 

Vrijdag 22 juni

 

Ik poedel mij vanwege de waterrestrictie in een heel klein beetje water en begeef mij te voet, vergezeld van de gebrekenlijst in 4-voud na het ontbijt op oorlogspad, althans  dat zou het best eens kunnen worden,  richting staffquarters. Louis heeft gebeld dat hij uit Ellisras vertrekt samen met Frans. Na Adam kennelijk eerst verantwoordelijke nu Adam nergens tijd  voor heeft behalve het kind uit z’n vrouw te kijken.

 

Louis arriveert en na het uitwisselen van de beleefdheden wordt aan de inspectie begonnen. Maar er is niet veel voor nodig om Louis en Frans van het broddelwerk te overtuigen. Al na de tweede kamer zegt Louis dat hij niet meer verder hoeft te kijken. Maar het kopstuk heeft hij dan nog niet gezien,  en ze zullen deze gifbeker tot op de laatste druppel leegdrinken.  Frans, dat alles gaan kak wees, zegt Louis tegen Frans die daar weinig tegenin kan brengen. Shitzooi dus. Ze schamen zich beiden een ongeluk en verontschuldigen zich een breuk. Als je mij in m’n hart kijkt heren, dat gaat de hele rotzooi aan tegels eruit en wordt alles opnieuw, doch niet schots en scheef met stukjes eraf,  maar haaks met afgeronde hoeken en keurig gevoegd aangebracht. En wordt het broddelmetselwerk geplasterd zodat de grootste fouten bedekt gaan worden. En aldus gaat geschieden. Louis is het goddank roerend met ons eens en Frans weet er geen enkele positieve draai aan te geven.

 

De gehele klerezooi gaat er uit en er gaat kamer voor kamer gewerkt worden zodat de staff wel in het weekend kan terugverhuizen, maar ze om beurten toch nog een week hun kamer uit moeten. Een pak van zowel mijn, maar vooral Jan z’n hart. Die kan hier absoluut niet tegen. Ik vind het ook geen feest, maar ik laat me gewoon niet oplichten of vernaggelen door wie dan ook.

 

De nieuwe pompen komen helaas niet vandaag, maar morgen zo wordt beloofd en zijn niet 2x zo duur zoals eerder t ussentijds al  in het vooruitzicht gesteld, maar 4x. Het water wil dan wel niet stromen, maar het geld des te harder.

 

Omdat we zelf nog wat inkopen moeten doen, al het voer voor de beesten is op, bel ik nog even met Frans wanneer hij de boekenplanken en slidingdoors komt afleveren. Zekerheidshalve spreken we rond 1645 af zodat we in ieder geval weer thuis zijn.

 

We gaan naar de citrusfarm om weer 400 kilo lemoene te kopen voor ons wild, naar Rollermeule voere voor Lusern en Wildsmeel, en naar de Spar. Het broodmeel is ook bijna op dus daar moet weer een nieuwe zak voor worden besteld in Joburg. 

 

Bij The Black Mamba kan ik 2 sjaals niet weerstaan. Met leopardprint, lekker zacht en warm. Ik doe er een om, de tweede gaat in kadoverpakking voor Elisabeth die 26 juni a.s. 39 wordt Bij de Spar heb ik al douchegel, shampo en liquid hand soap gekocht.

 

Thuisgekomen vlieg ik altijd als eerste naar de NWS om te kijken wat zich daar afspeelt. Ik zie een nieuwe rots liggen lijkt het wel, maar zoveel eeuwen zijn we nu ook weer niet weggeweest. Maar er blijkt een hoofd aan te zitten! Een Eland hoofd. Mevrouw is er maar lekker bij gaan liggen om te herkauwen terwijl meneer nog steed staat te vreten. Ik praat tegen ze, Taiga loopt te blèren om eten, maar nix (behalve empty) krijgt ze van de voertrog vandaan. Terwijl ze in het begin zo schuw waren en er bij het minste of geringste als een speer vandoor gingen.

 

Ik moet nog het een en ander uit de auto laden en weet dat Jan achter z’n computer zit. Maar als ik door de voordeur naar buiten stap hoor ik toch iemand naast me in het grind. Kan Jan toveren of zo? Verbaasd kijk ik opzij waar een Vlakvark verschrikt wegsprint.

 

Ik kan m’n ogen en oren niet geloven: Frans staat om 16.45 uur op de stoep met de beloofde handel en Gerrit is ook meegekomen. Een leuk ogend joch dat uitverkoren blijkt te zijn door de Limpopo provence voor baseball. Blijkt het voorlaatste stadium voor professional te zijn, want dat is wat hij wil. Hij is eigenlijk ontzettend tenger en dat past helemaal niet bij het beeld wat wij van een baseballplayer hebben. Maar mogelijk hebben en een toekomstig celebrity over de vloer gehad. We wensen hem ontzettend veel geluk en hopen veel van hem op TV te zien!

 

De teakhouten boekenplanken zijn prachtig afgewerkt, de slidingdoors zien er op het eerste oog ook prima uit en de deur is niet met een Olifant-, maar Leeuwenprint. Frans had daar buikpijn van want we konden aanvankelijk kiezen tussen de Olifant en Protea (S.A. national flower), maar die bleek niet leverbaar. Maar wij hebben geen enkel bezwaar tegen de leeuw, integendeel!

 

Frans heeft ook de kwotasies voor de badkamer en keuken bij zich. En eerlijk gezegd valt het me niet eens tegen. Het zwembad van 5x15 meter inclusief pomp met aan tweezijden overflow alsof het water in het niets verdwijnt voor ZAR 83.000 (EUR 9.000 roughly). In cannot believe my eyes. Dat zou best helemaal goed kunnen gaan komen.

 

Na Frans’ vertrek vertelt Jan dat de boys weer om vlees kwamen vragen want dat had ik niet in hun pakket gestopt. Gisteren ook al 3 kilo meegenomen. Zijn ze nou helemaal belazerd? In één week tijd die hele Kudupoot opgevreten. Een ander woord kan ik er niet voor vinden. Zeker 15 kilo vlees met z’n 3en want Elisabeth had liever hoender. Dat gaan ze bezuren, en voorlopig dus maar weer terug bij af: hun “kool” – dieet en nix extra’s. En de pakjes vlees maar weer 3 keer per week uitreiken op kos dag. Maar op de een of andere manier schiet het wel zo in mijn verkeerde keelgat. Ik kan ze opeens wel schieten. Want die vervelende snotapen beginnen mij ook danig te irriteren. Vooral dat achterbakse Salomon-kereltje. Maar morgen gaan we ze goddank verhuizen.

 

Zaterdag 23 juni

 

De staff accepteert de huisregels node en binnen een uur zijn ze tot mijn grote opluchting vertrokken. De kamers hebben ze trouwens netjes achtergelaten en Elisabeth heeft beloofd het bloed uit de koelkast maandag weg te poetsen. Ze hadden de Kudu kennelijk druipend van het bloed en al in de koelkast gelegd in plaats van diepgevroren gehouden.

 

Ruddie is bijna de hele dag bezig om de nieuwe pompen te installeren en verzint elke keer weer iets anders dat ook nog verbeterd moet worden. De pijp naar beneden heeft bijvoorbeeld 3 lassen en dat is van nadelige invloed op de waterdruk. En Jan vindt alles goed want die wil van de waterproblemen af. Ik ga ook maar even kijken en krijg les van Ruddie over Sekelbush. De pest voor je grasveldje omdat het net onder de grondoppervlakte horizontaal wortelt en het gras geen kans meer krijgt. En dat het bovendien woekert als de ziekte. En we blijken nogal wat Sekelbush te hebben. Dat wordt dus weer een nieuw project: met een flesje roundup en kapmes in ieder geval onze weide-gronden ontsekelen. Rond een uur of vijf is de pomp-vervang-klus geklaard, althans dan hebben we weer water uit de grond. Hoera! Maar de automatiek komt volgende week. Als de druk beneden een bepaald nivea komt, gaat de pomp automatisch pompen en hoeven we niet elke keer naar de pomp om het aan en uit te zetten en te gokken hoelang er gepompt moet worden. Ik krijg enpassant de invoice in m’n handen gedrukt en krijg terplekke bijna een hartverlamming.

 

Ik besteed ook veel tijd aan tekst voor de website, want het design ziet er nu veel beter uit en nu moet ik dus ook zelf aan de slag om er wat tekst bij te krijgen. Aan het einde van de middag ons gaan kuier by George en Lesley. Ik heb een fles Whisky voor George van Graham Harris gekregen. George z’n jongere broertje (eind 50) Chris, diens vrouw Veronica and zoon Brice zjjn ook over uit Australië. Ze hebben een lekker groot vuur buiten gemaakt en Lesley heeft gekookt. Dat wil zeggen dat heeft Woolworths gedaan, zij warmt het alleen maar op.  Maar Pat heeft een heerlijk mieliebrood gebakken. Net cake. En er wordt natuurlijk veel vlees gebraaid. Zoals altijd heel gezellig en zondag komen ze waarschijnlijk naar onze plaas omdat Chris de bushveld ontzettend mist en graag wil komen wandelen oid.

 

Thuisgekomen kijk ik nog even met de spot bij de NWS. Er stormt een hele kudde Elanden weg. Veel meer dan het gebruikelijkek groepje van 5. Waarschijnlijk de bende van 20 die onze staff zu nu en  dan tegenkomt.

 

Nog even een mailtje naar Laura die vandaag 18 wordt. Ook een mijlpaal,  al was het maar dat je dan aan je rijbewijs kunt beginnen.

 

Zondag 24 juni

 

Bij het wakker worden blijken de Kudu’s naast de slaapkamer te staan fourageren. Ik zie een koppie verbaasd op- en naar binnenkijken als ik uit bed stap.

 

Ik moet verder met m’n teksten voor de website en tussendoor stofzuigen bij Jan z’n boorgaten. Hij is vandaag begonnen met de wallbands in de bieb. En als er geboord wordt in huis, ben ik er toch wel graag bij om niet ….tig weken later nog in dat fijne stof te zitten.

 

Er is veel aanloop bij de NWS en als ik voer ga brengen schrikt Brownnose kennelijk en gaat precies de andere kant op dan vrouw en kind. Hij is ze helemaal kwijt en loopt nog een uur te blèren van jewelste. En tussen onze beiden heuvelruggen weerkaatst dat ook zo leuk.  Maar van Darwin hebben vrouw en kind kennelijk geleerd dat ze maar beter hun mond kunnen houden als hun beschermheer er niet is. Ze staan niet eens zo ver weg, want ik hoor ze hun manen schudden, maar ze laten hun kerel mooi een uur lang angstig hinneken en schreeuwen. Ik hoop dat ze elkaar snel weer vinden.

 

’s Middags komen de buren inderdaad buurten. En conform goed gebruik wordt er een biertje aangerukt, is er altijd stof voor gesprek en tot slot maken ze nog even een ritje naar de rivier. Dat duurt trouwens heen en terug bijna 2 uur.

 

Voglens de bushphone is er 600 ha naast onze farm te koop met niets erop. Geen borehole, geen huis, erg ruig met veel indigeneous beesten (Kudu etc) zonder wildhein. Als het waar is zou ik het graag willen hebben, maar daarvoor hebben wij niet de middelen. George vraagt mij het hem te laten weten of het echt te koop is, want dan kunnen we er mogelijk wel een mouw aan passen.

 

Maandag 25 juni

 

De staff komt een kwartier te laat en krijgt een schrobbering van Jan. Elisabeth meldt dat haar toilet bijft doorlopen en als haar buurman Sakkie doucht, het water in haar badkamer loopt en de hele dag een natte plek nalaat. We gaan kijken en inderdaad een voor ons onoplosbaar probleem want het zit in de vloer. Die gingen ze ondanks ons protest eerst storten en later weer uithakken op een manier die haast niet anders dan tot problemen kon leiden.

 

Sakkie z’n vriendin is (met toestemming) ook op de farm en heeft hun kamertje leuk ingericht. Ze heeft nog een ander kind bij zich. Ik vraagt wie dat is: het zusje van haar zoontje aldus Esther, in plaats van haar dochterje. Je ziet het er niet aan af, maar ze zegt dat het een meissiekind is. Elisabeth had haar kinderen buiten de kamer gesloten want die waren stout. Ze lopen ergens anders op het terrein, maar het zijn er géén 3, maar opeens 5. Kennelijk de kinderen van Maria van de overkant: die heeft 5 kinderen hoorde ik van Pat en die zijn alle 5 hier tijdens de zomer/winter-vakantie.

 

Nu er weer water is kunnen de jongens weer verder met de vloer voor de eerste bushtent en ik ga leuk nog wat punten toevoegen aan de default-list voor Adam.

 

De lading sinasappels bij de NWS trekt weer een heel leger Bobbejanne aan. Maar Taiga is ook buiten, dus Jan gaat ze wegjagen. Hij loopt naar beneden, de snotapen trekken zich een stukje verder terug tussen het struikgewas en zitten hem ronduit uit te lachen. Zodra hij z’n hielen gelicht heeft zijn ze weer terug. Maar het is vervelend dat Taiga buiten is, want voor zo’n aap is nix veilig. Ze rukken een poezenbeest zo uit elkaar om het vervolgens levend en al op te eten. En als je ze ooit in je huis zou krijgen dan is de chaos niet te overzien. Want ze proberen alles wat er in een woning staat of het te eten is. Ongeacht het materiaal: ze zetten hun tanden erin. Tanden die groter zijn dan van een leeuwenbeest.

 

We halen wat extra afsluitbare vuilnistonnen bij NTK die als voerton moeten gaan dienen. Want de muizen vreten elke zak voer aan en dat moet stoppen. Dezelfde tonnen blijken bij Shoprite ook te staan: voor ca de helft van de prijs. En we kopen een taart bij Shoprite voor Elisabeth d’r verjaardag morgen.

 

Taiga in Africa, part 7.

 

Dinsdag 26 juni

 

Vandaag kan begonnen worden met het storten van de vloer voor de 1e bushtent. En Elisabeth is jarig. We feliciteren haar en beloven haar vanmiddag thee-met-taart samen met de mans. Verder worden er tussen de bedrijven door gaten in de bieb geboord waar de planken aan opgehangen moeten worden.

 

Leopardkill.

 

De vloer bij de bushtent vraagt veel meer cement dan ooit voorzien en gepland. Hy gaan baie baie strong wees aldus Oliver. Da’s mooi, maar we hoeven geen helipad maar een vloertje voor de tent. Bij de twee volgende moeten we toch maar eens nadenken of het niet anders kan want er zit nu al voor ZAR 1500 cement  in, en dat is toch wel een beetje veel van het goede. Maar goed, beneden bij de Dam liggen nog 10 zakken (voor bushtent nr 2 en 3 dus) en die moeten opgehaald. Tijdens de rit naar de Dam roept Abram opeens: STOP! Hij ziet een Tiegerspoor (ze blijven de Leopard consequent Tieger noemen) met prooi. Dat zie je aan het sleepvlak wat hij/zij achterlaat. Ze gaan er achteraan en het blijkt een Rooibokkie te zijn. Leopard en Rooibokkie worden niet gevonden, maar er wordt niet lang gezocht want dat was immers niet het doel van de reis.

 

We hangen bij Elisabeth een spiegel in d’r kamer en een schilderij dat ze eerder uitzocht. Mijn eigen geverfde tulpen waar ik hier in huis niet echt een toepassing voor zag. En in hun voorraadkast nog wat planken waar ze eten op kwijt kunnen. Ik kijk even in de gloednieuwe koelkast waar het al weer een troep aan het worden is. En de kookplaatjes (5 maanden oud) lijkt wel 100 jaar en ongelofelijk smerig. Je moet ze er elke keer op blijven aanspreken. Het is mij een raadsel waarom ons huis zolang gepoetst wordt totdat alles blinkt, maar hun eigen gloednieuw verworven spullen direct “zum Kloten” helpen. Een veel gehoord antwoord is dat alles wat “umsonst” verkregen wordt, geen waarde voor ze heeft.

 

Verjaardag.

 

Vlak voor einde werktijd drinken we thee met taart en krijgt Elisabeth haar kadootjes. Het is niet de gewoonte om die uit te pakken kennelijk, maar ik vraag haar mij een plezier te doen en er tenminste één op te maken. Het sjaaltje. Ze vindt het prachtig en het wordt onmiddellijk omgedrapeerd. De rest van de taart gaat mee naar de kinderschare.

 

Ik heb erwtensoep gemaakt, zeer wel passend bij de temperatuur. IJskoud en loeiharde wind vallen ons ten deel. Maar tja, zonder gelderse rookworst vind Jan het toch niet af. De boerewors is maar een slap en niet gewaardeerd surrogaat zo blijkt.

 

Woensdag 27 juni

 

Het stormt van jewelste en het is ijzig koud. De Kudu’s gaan er zelfs maar bij liggen bij de NWS behalve het mannetje gigareuzen horens blijft heen en weer dreutelen. Vanuit de bieb waar we de laatste hand aan de boekenrails leggen zijn, hebben we een prachtig uitzicht op het tafereel.

 

De website begint er nu best aardig uit, en van informatie voorzien, te raken en de cementvloer voor de tent komt vandaag ook gereed. So far so good maar dan……..

 

Halverwege de middag rijden er twee bakkies voor met 2 wit en 4 swartmense. Op de ene  staat een frame waar je glas of deuren tegenaan zou kunnen zetten. Ik blij, want ik denk: die komen de laatste boekenplanken brengen. Maar de meneer vertelt dat hij de slidingdoors komt ophalen. Pardon? Waar hebt u het over?

 

Weer een oplichter erbij?

 

Het blijkt dat Frans de deuren niet betaald (nou ja, een niet gedekte check afgegeven) heeft en de meneer, Dennis geheten van Fair Deal Wooden Windows uit Nylstroom, beroept zich namens z’n baas op hun eigendomsvoorbehouden. Zo, heeft u dan toevallig ook een verlengd eigendoms-voorbe-houd, wil ik weten, want alleen dat zou ons kunnen treffen. Dat weet hij niet maar de deuren gaan mee aldus Dennis. Dennis overlegt alle papieren en ik vraag hem of ik de factuur mag kopiëren. De deuren schijnen de helft minder te kosten dan wij hebben moeten betalen. Zo zie je nog eens wat. Ik ga Frans bellen, is hij nog helemaal belazerd? Maar Frans heeft mooi z’n mobieltje thuisgelaten en ik krijg z’n vrouw die begint je janken en te snotteren. Ze weet nergens van. Nou lijkt me dat sterk want ze hebben een gezamenlijke bankrekening waarvan ik toch denk dat ze wel weet wat daar wel/niet op gebeurt. Ze gaat proberen Frans te pakken te krijgen en zal terugbellen, maar conform verwachting hoor ik nix meer van haar.

 

We spreken af  dat de deuren hier blijven, we ze nog niet zullen inmetselen (anders zijn de door na-trekking ook onze eigendom in tegenstelling tot hetgeen Dennis aanvankelijk denkt. I.c. dat hij ze er zo weer uit mag halen)  en dat we druk op Frans zullen uitoefenen om alsnog te betalen.  En mocht daar niets van terechtkomen, we maar moeten kijken how to controll the damage. Ook Dennis kan zich wel voor z’n kop slaan, want 5 jaar geleden exact dezelfde ervaring met Frans die bij hen op de zwarte lijst was terechtgekomen. Maar een nieuwe medewerkster verkocht doodleuk toch weer handel aan Frans.

 

En alhoewel daartoe hoogstwaarschijnljjk juridisch helemaal niet gehouden lossen we het probleem liever entre-nous op. Want om in S.A. nu direct in rechte betrokken te worden, daar voelen we nix voor. Kost handen vol geld, nog meer kopzorg, en voorlopig geen gerenoveerd gastenhuis, en uit ervaring blijven er alleen maar verliezers over. Maar K is het allemaal wel.

 

Tesamen met de totaal mislukte staffquarter renovatie, krijg je hier toch wel een vervelend gevoel over. Ik bel Craig, die Frans heeft geintroduceerd, en die is totaal overdonderd. Hij vond het al vreemd dat hij maar niets van Frans hoorde ondanks telefonische pogingen. We spreken af het even aan te kijken en de vinger aan de pols te houden. Craig kijkt inmiddels uit naar een contractor voor de badkamer en keuken, want we hebben geen zin in nog meer avonturen met Frans die de boeken-planken hopelijk nog komt leveren. Of krijgen we straks iemand die de boekenplanken komt ophalen omdat ze niet betaald zijn?

 

Donderdag 28 juni

 

Arrestatie.

 

Ik krijg een telefoontje van Dennis dat Frans is gearresteerd. Een ander bouwbedrijf laat hem wegens fraude vervolgen. Dag centen en dag boekenplanken en 2x betalen voor de sliding doors. Ondanks alle waarschuwingen, en ondanks alle voorzichtigheid door alleen in zee te gaan met mensen die je van harte worden aanbevolen door in onze ogen betrouwbare mensen, betalen ook wij zwaar leergeld. Ik vraag me af hoe je dat  überhaupt dan kunt voorkomen. Want ook Adam heeft in Ellisras een juweel  van een huis gebouwd bijvoorbeeld. En Frans heeft in Welgevonden de meest luxueuze lodges van schitternde keukens voorzien. Zelfs bij onze buurman Daniël van Idube. Was ik zelf maar bouwvakker geworden.

 

We krijgen Ria Britz op bezoek. Soort makelaar in verzekeringen. We zijn nu weliswaar tegen brand verzekerd, maar de premie per maand is hier net zo hoog als destijds de jaarpremie in Nederland. De moeite waard dus om nog even door te zoeken. Ria is ons aanbevolen door Hans Vestjens. Ze heeft haar  dochter van 4  bij zich. Een ongelukje van de pil zo laat zij weten want haar andere dochter is in de 20. En het is schoolvakantie, dus ze kon moeilijk anders dan het meisje meenemen wat zich als een strontvervelend meisje ontpopt. Op de tafel klimt, met de cellphone van ma zit te spelen, aan de  stoelen staat te raggen, etc.

 

Verder ben ik de hele dag druk om het gastehuis op orde te krijgen voor Jims’ komst morgen en Jan bekom-mert zich om de mensen die met de waterpompen/boreholes bezig zijn en de lijst met klachten over Adams’ renovatie bljift zich uitbreiden. Alle stortbakken van de toiletten blijken te lekken bijvoor-beeld, maar a.s. maandag komen de Adam’s klunzen weer om de verbouwing alsnog te laten slagen of er een nog groter puinhoop van te maken natuurlijk.

 

 

 

Vrijdag 29 juni

 

Jim

 

Ik bel Yvonne of ze Jim op het vliegveld gevonden hebben, en jawel hoor. Jim ligt nog te pitten aldus Yvonne maar ze gaat hem wekken om met Gerard richting Warmbad te komen waar wij hem over-nemen. Het is trouwens prachtig weer, het waait niet zo hard meer en de temperatuur weer lekker aangenaam. In Bela-Bela (Warmbad) is het ongelofelijk druk. Maar het is èn vakantie, èn pay-day voor de locals, die hun hele maandsalaris allemaal tegelijk uit de muur willen rukken en het ook onmiddellijk bij een Shoprite in goederen gaan omzetten. Zo gaat dat nu eenmal hier.

 

Jim en Gerard zitten bij  O’Hagans in het zonnetje aan de koffie. Gerard heeft niet veel tijd, maar wel genoeg voor de financiële afwikkeling en het overhandigen van de kaas. Oud Amsterdam. Met vooral veel dank aan Yvonne die zo lief is hier steeds aan te denken en er achteraan te gaan.

 

Maar Jim heeft ook twee grote verrassingen bij zich, 1 kilo groene Sencha thee voor mij en een héééél groot stuk Oud Amsterdam voor Jan. Waarvoor ook hartelijk dank aan zijn ouders natuurlijk. Jan haalt de administratie op bij onze reekenmeester en ik wip bij Tony  (lawyer) binnen met de vraag over het eigendomsvoorbehoud. Tony vreest dat de manufacturer gelijk heeft en dat niemand dus ooit zeker is van het feit of een door hem/haar gekochte zaak ook daadwerkelijk eerder in de keten van transakties is betaald en je spullen dus zomaar onder je gat weggehaald kunnen worden. Ik heb er toch zo mijn twijfels bij  en zal nog wel eens verder informeren.

 

Onderweg kopen we in Nylstroom (Modi-Molle) muurtegels voor het muurtje in de bushtent. Een klein muurtje voor toilet en wastafel. En dan richting Spar om de voorraad aan te vullen. Want Jim is jong en lang dus daar gaat waarschijnlijk heel veel voer in. En als je eenmaal thuis zijn is dag al bijna weer om en wachten wij met spanning op de komst van Frans die heeft beloofd nog planken te brengen. Heeft de nacht dus kennelijk toch niet in een cel doorgebracht. Maar wie er ook komt: geen Frans. Al ik hem bel is hij nog druk bezig aldus Frans en moeten we morgen maar bij hem in de factory komen kijken als we toch in Vaalwater zijn. Dat gaan we dan dus maar doen.

 

’s Avonds wordt voor het eerst tijdens ons verblijf hier, een groot vuur op de braaiplek gemaakt. Heer-lijk warm en ontzettend gezellig. Kun je lekker tot laat buiten blijven zitten, zonder te vernikkelen van de kou.

 

Zaterdag 30 juni

 

Breaking the rules.

 

De staff zeurt over het water. Op. In één dag 5000 liter water verbruikt. Dat is tot daar aan toe, maar Jan had hen verboden aan de pomp te zitten omdat deze nog niet klaar is en enkele onderdelen nog ontbreken. Edoch, ze blijken wel aan de pomp gezeten te hebben, maar ontkennen het glashard. De aap komt echter al spoedig uit de mouw, want Sakkie moet oppassen bij het huis en hij is degene die de pomp “bedient” en de tanks checkt. Oliver en Abram waren  gisteren straal bezopen zo blijkt (pay-day en dan moet je geld in drank omgezet), hebben aan de pomp zitten kloten met hun dronken kop en bovendien is Klaas blijven slapen. Gisteren hebben ze de house-rules gekregen, begrepen en geaccepteerd en dezelfde avond nog aan hun laars gelapt. Jan is raaaaaazend, ik zo mogelijk nog meer.  Op weg naar de wilsveiling in de auto verzinnen we met z’n 3en allerlei wraakoefeningen, maar slechts voor ons eigen gemoed want het heeft geen enkele zin en het betaalt zich dubbel en dwars in negatieve zin terug. Maar het is om uit je vel te springen. Jan geeft ze het liefst de zak.

 

Wildsveiling.

 

We gaan dus naar de veiling in de hoop om er wat op de kop te tikken en bovendien leuk voor Jim. Er zijn twee koppeltjes gireraffes en een mooi teelpakkie Waterbokke. Conform goed gebruik wordt de veilig vooraf gegaan door het gebed.Und dann geht’s los. De eerste Eland gaat voor ZAR 15.000 van de hand. Het is dan wel een trophy beest en wordt voor EUR of USD 15.000 waarschijnlijk binnenkort afgeknald, maar het zet een toon. Lot nr 2, 3 en 4 gaan ook van de hand voor prijzen die fors hoger liggen dan bij de vorige veilingen. Dat wordt dus helemaal nix meer somberen Jan en ik, “we kunnen wel naar huis gaan” want we hebben een maximum afgesproken waarvoor we op de giraffes en bokken zullen bieden.

 

Kamelperde en Waterbokke.

 

Dan komt het teelpakkie Waterbokke onder de hamer. Jan biedt en overbiedt en voor een zeer rede-lijke prijs, onder het afgesproken maximum, krijgen we ze in handen. En dan is lot nr 24 aan de beurt, de giraffes. Jan hoeft maar één keer z’n bordje op te steken (hij was er op gaan  zitten om mij te verhinderen impuls aankopen te gaan verrichten). ZAR 14.500, maar de eigenaar wil ze daarvoor niet laten gaan. Het wordt uiteindelijk ZAR 15.000/stuk, maar ex BTW en ex transportkosten die er niet om liegen. We vinden dat we fantastisch inkopen hebben gedaan. Hans Vestjens zit naast ons want die wil Elanden hebben, maar veel te duur en hij rekent even uit hoe “rijk” wij zijn met zo’n 50 Elanden op onze farm. We zouden er graag een paar aan hem verkopen, maar op onze bergachtige plaas is het ondoenlijk om ze te vangen anders dan met veel schade, onrust en beenbreuken.

 

Het afrekenen is een heel circus, want we doen dit voor de eerste keer en zijn dus nog groentjes. We laten de administrateur zelf maar de cheque invullen en ons wordt in het vooruitzicht gesteld dat de beesten vanmiddag mogelijk al worden afgeleverd.

 

Wij raffelen de Spar dus af en vliegen naar huis. En ja hoor, om 15.45 arriveren de 2 trucks. Ik krijg tranen in m’n ogen en een brok in m’n keel: “daar komen m’n giraffes” zingt het vanbinnen. De Bokken worden bij een grote zandhoop uitgeladen om te voorkomen dat ze hun benen breken als ze uit de truck springen. We  zien alleen een hele grote stofwolk, en de Bokken stuiven er vandoor. De giraffes hebben een truck met lage in/uit-stap zodat ze direct op de grond staan. Ik loop echt over van blijdschap en ook Pat en Letty zijn komen kijken en de gehele staff met kinders, kleinkinders etc. Die zijn nogal verrast met de komst van de Kamelperde! De Giraffes blijven even wat rond drentelen voordat ze heel statig wegschrijden zij-aan-zij over hun nieuwe plaas. Schitterend.

 

Braai.

 

Na 5 maanden de eerste buitenbraai. Jim maakt een mooi vuurtje en roostert het vlees. Ziet er mooi uit, maar op het bord blijkt er wel heel weinig vlees aan het been te  zitten vind Jim.

 

Last Updated on Wednesday, 12 May 2010 08:49
 
<< Start < Prev 1 2 3 Next > End >>

Page 1 of 3