2010
Mei 2010 PDF Print E-mail
Written by Maya   
Monday, 31 May 2010 14:06

Mei 2010

Zaterdag 1 mei  

Vertraging

We hebben in Emeral Guesthouse geslapen en treffen er bij het ontbijt vrijwel uitsluitend hollanders en een Nieuw Zeelander die hier een project heeft gedaan en zich beklaagt over het feit dat het leven hier, dank zij Soccer2010 vrijwel onbetaalbaar is geworden. Hotels, autoverhuurbedrijven, iedereen en alles slaat er een slaatje uit. Althans dat is de bedoeling, maar de helft van de tickets blijkt nog niet verkocht en wij denken zomaar dat dat niet gaat gebeuren ook. Men heeft zich compleet uit de markt geprijsd. Tegen half tien gaan we naar de ontvangsthal om onze logé’s op te halen. Het vliegtuig staat op 20 minuten vertraging en blijft daar op staan ook. Geen bericht van landing oid, dus ik ga maar eens bellen. De A380 is net aan het leegstromen meld Frank. Er komt geen eind aan de stroom passagiers uit zo’n groot vliegtuig. Ik geloof dat er zo’n 500 in kunnen en de kist zat afgeladen vol. Eindelijk komen ze dan door de glazen deuren en kunnen we na de hartelijke begroetingen, tekeningen voor opa etc. naar huis. Nog even de trailer oppikken bij EGH en dan begint het zuid afrikaanse avontuur voor Frank, Wina, Mart en Luc.

In Bela Bela maken we een  tussenstop bij Greenfields om wat te drinken en te eten waarna we het laatste traject naar onze farm afleggen. De pottenboer is helaas al dicht en de potholes blijken provisorisch gerepareerd hetgeen het reisleven een stuk minder onaangenaam maakt, maar ideaal is anders.

En zoals bij alle gasten: het huis, omgeving en uitzicht wordt uitgebreid  bewonderd waarna de bagage uitgepakt gaat worden. En daar blijken de heerlijkste dingen in verstopt te zitten: verse hollandse witte asperges, heerlijke jonge Beemsterkaas, de politieke biografie van Luns, groene Sencha, en de Volkskrant, tegenwoordig kennelijk op tabloidformaat, voor Jan die daar vervolgens dagenlang zoet mee kan zijn.

Feestmaal

Na een feestmaal met de asperges (voor het eerst in 4 jaar!) vertrekken Mart en Luc naar hun bedjes waar ze in no time naar dromenland vertrokken zijn. Althans de babyfoon laat geen enkel geluidje meer horen.

Zondag 2 mei 

Slangenkunde

Al voor het ontbijt ziet Jan iets dat zich door één van de schuifpuien probeert naar binnen te wurmen. Het heeft dan weliswaar het formaat “wurm” maar het blijkt in werkelijkheid een slangetje. Hij wordt in de glazen doos opgevangen en onze logé’s mogen straks in het slangenboek opzoeken om wat voor soort het gaat. Frank gaat direct aan de slag zodra hij op het toneel verschijnt en determineert de “wurm” als gewone bruine huisslang.  Daar kunnen wij ons ook wel in vinden. Onze wijze lessen van gisteren om altijd de schuipuien en deuren gesloten te houden, je schoenen uitkloppen voordat je ze aantrekt, en onder de lakens kijken voordat je in je bedje stapt, spreekt opeens wel héél erg tot de verbeelding.

Kerkhof?

Na het ontbijt maken we een rondje over het vlakke gedeelte van de farm en stuiten daarbij op de Kameelperde.  ’s middags gaan we naar de rivier. We zien niet veel beesten, maar het landschap sec zorgt al voor genoeg afleiding en bewondering. Onderweg vinden we wel een schedel en vers afgekloven botten. De schedel, van een zebra, en de botten van de poten inclusief klein hoefje, passen niet echt bij elkaar. Mischien zijn we op het kerkhof van een bruine hyëna gestuit. Die bewaart zijn trofeën immers op één plaats.

We zijn helaas de sleutel van het hek vergeten zodat we niet bij (voor de helft onze) grote dam en waterval kunnen komen; we moeten het met de aanblik ervan alleen doen. Het weer laat zich niet van z’n beste kant zien zodat er niet gebraaid kan worden.

Maandag 3 mei

Vannacht is er 25 mil regen gevallen en er drijven nog wolken onder ons in het dal. Via de route touristique gaat Jan met het gezelschap naar Ellisras, voorzien van een aanzienlijke boodschappen-lijst. Er staat ook sushi op die op de heenweg bij Wiesenhof besteld kan worden en op de terugweg opgehaald.  Bij terugkomst aan het eind van de middag is de sushi schotel vergeten, ondanks het feit dat ze op de heenweg wel lekker een ijsje hebben zitten eten bij Wiesenhof. Als de boodschappen uitgepakt zijn, nemen ze een duik in het zwembad. Veel te koud naar mijn smaak want het is slechts 22-23 graden, maar niemand schijnt er last van te hebben. Na een sushi-loze maaltijd en vele indrukken rijker, gaan Mart en Luc naar bed. En tafelen wij nog lange tijd na.

Dinsdag 4 mei 

Ik ga met WFM&L lopend naar de waterval want dan zie en hoor je weer heel andere dingen dan met het bakkie. Een heleboel hagedisjes met rode staartjes, een klein slangetje dat tussen de rotsen glipt, een wandelende tak, een rood gestipt padje, zaaddoosjes die op een apen-doodskoppies lijken, een porcupinepen, vlindertjes, libelles, kortom: het kleinere maar desalniettemin interessante spul. Bij de waterval willen Mart en Luc te water en trekken hun schoenen en sokken uit. Maar Luc valt al snel op z’n gat met een natte broek als gevolg. Ze trekken de rest vervolgens dus ook maar uit en spetteren  lekker poedelnaakt in de ondiepe plas. We hebben een sporenboekje meegenomen zodat M&L onderweg kunnen zien wat voor beesten allemaal over het pad gelopen hebben.

Braai

Vanochtend hadden we al besloten dat het vandaag uitstekend braaiweer zou gaan worden, ik maak een flink vuur waarop later een gemarineerde lap texaanse steak, lams ribbetjes en een stukje zalm voor mij op belanden zodra de vlammen gedoofd zijn.

Woensdag 5 mei

We ontbijten vroeg omdat we om negen uur richting Madikwe/Morukuru willen rijden. Abram is geinstrueerd en Onyx moet in de slaapkamer blijven om niet door Raja vermoord te worden. Ik vind het uiterst pijnlijk, maar we slagen er maar niet in om Raja een beetje normaal tegen Onyx te laten doen. Elke kans wordt door haar te baat genomen om hem te grazen te nemen, waarbij hij het inmiddels bij voorbaat reeds uitgilt van de mogelijk a.s. pijn en angst.

Op het Hermanusdoringspad wil Frank achterop het bakkie zitten (Jan heeft voor dit doel een speciale plank gemaakt bij gebreke aan geriefelijke seats) en we komen allerlei interessante dingen tegen: een dode pofadder, een grote miliped, en njala’s, kudu’s, rooibokkies achter de diverse wildhekken. En de Mogol rivier blijkt over de brug te stromen in plaats van eronderdoor. Het is een prachtige machtige stroom die zich richting de Mokolodam spoedt. Ik probeer onderweg tevergeefs onze vorderingen per SMS aan Anka door te geven, want het is beroerd gesteld met de cellphone ontvangst op het traject richting Madikwe. Uiteindelijk lukt het haar ons aan de bel te krijgen en een schatting te maken van onze aankomst bij het hek van Vance rond half één.

Madikwe/Morukuru

Net even voor Anka en Ed bereiken we het hek tot Vance z’n privéterrein waarvan hij 500 ha bij het Madikwe Reserve gaat laten inhekken. De ontvangst is zoals altijd allerhartelijkst en Tom rijdt ons bakkie naar de lodge. Wij stappen met z’n allen bij A, E en Kevin in de gamedrive vehicle, en onze eerste gamedrive begint. Vance heeft geen big 5 op zijn terrein maar wel het ordinairy plainsgame. De amerikaanse buren van A & E hebben ook geen big 5 maar wel sable antilopen die dit jaar bijzonder fortuinlijk in de voortplanting zijn gebleken. We tellen wel 6 jonkies. Sables zijn in het wild vrijwel uitgestorven en ongelofelijk duur. Desalniettemin wordt er toch wel eens een door een Luiperd als avondmaal aangezien. Ook komen we de nodige roofvogels tegen zoals bijv. de brown snake eagle. Dat is echt helemaal Frank z’n ding: vogels. En dan spotten we de eerste olifanten als we eenmaal in big-5-area zijn.

Bij de lodge staan Maggie, Amy en Philemon ons welkom te zingen en serveert Evanz een lekker drankje waarna we kunnen aanvallen op de lunch in de Sala. Maar eerst Lucy knuffelen. Lucy is zwanger van Oliver. Oliver is niet de verwekker, maar het jongetje-in-wording dat dus al een naam gekregen heeft. De lunch bestaat uit spinage-fêta-taartjes, kudu- en zalmspiesjes en een griekse salade dat allemaal met een lekkere witte wijn weggespoeld moet worden. We hebben het nog maar net achter de kiezen, of het is al weer tijd voor de volgende gamedrive. Mart en Luc hebben een Morukuru-kidz-rugzak op hun kamer aangetroffen met daarin o.a. een sporenkaart. Zij zijn er erg verguld mee, en wij een beetje jaloers!  De rugzak gaat uiteraard mee, want zo’n trofee laat je niet zomaar achter op je kamer. Een wel zeer fortuinlijke gamedrive zo zal blijken: wilde honden, een rhino, een kameelperd en als klap op de vuurpijl een kudde van meer dan 100 buffels bij een drinkplaats. Het is dan al lang donker, maar waar we ook kijken: overal buffels. Het toetje tenslotte is een bruine hyëna. W&F kunnen er niet over uit hoeveel ze gezien hebben vandaag. Het diner bestaat vervolgens uit struisvogelbiefstukjes of line-fish met een heerlijke chocolademousse als afsluiter van een werkelijk fantastische dag. Het paradijs bestaat echt, maar alleen op aarde. Voor de levenden dus.

Donderdag 6 mei

Schranspartij

Eerder vanochtend werd er op de airstrip een pride lions aangetroffen. Die gaan wij dus opzoeken, alhoewel: er wordt op dit moment aan de airstrip gewerkt met veel mensen en grote machines. De lions zijn er waarschijnlijk al lang van door. Edoch: langs de airstrip liggen de twee, ons overbekende, males zonder zich ook maar iets van alle aktiviteiten aan te trekken. Nadat we ze voor de ….tigste keer gefotografeerd hebben (wat doet m’n camera toch raar?), gaan we op zoek naar de rest van de pride. Het duurt niet lang of Gummy merkt droog op: ik zie ze lopen hier links. Het is in ieder geval een jong kereltje dat in het struikgewas verdwijnt; Kevin er achteraan. Tussen de struiken ontwaren we een blou wildebeest waar de buikholte inmiddels van is leeggevreten. Kevin heeft al zo’n vermoeden wat er nu gaat komen, en cleart met de vehicle een stukje terrein  rond de vindplaats van het blou wildebeest. Het duurt geen 5 minuten of de hele troep leeuwen minus de twee males, komt op het karkas afgestormd en begint gulzig te vreten waarbij ze over elkaar heenbuitelen en je een b.w.-poot zo nu en dan door de lucht ziet zwiepen.  Het lukt me nog een filmpje te maken, maar de m’n camera begint zich steeds abnormaler te gedragen. De foto’s van de wilde honden gisteren zijn ook vrijwel allemaal mislukt. De schranspartij gaat met veel gegrom gepaard en dat hebben de twee males ook gehoord natuurlijk. Het duurt dan ook niet lang, of de heren komen met opgeheven majesteitelijke hoofden aangeschreden. Zonder ook maar één kik te hoeven geven verdwijnen de andere leeuwen om plaats voor de Lion Kings te maken. Alhoewel één vrouwtje nog pogingen doet om mee te eten, wordt haar dat niet toegestaan.

We gaan kijken of we de rest van de troep nog kunnen vinden en stuiten op een jakhals die geduldig op z’n beurt staat te wachten om een graantje van het blou wildebeest mee te pikken. En dan zien we de hele troep lekker op het pad liggen luieren, elkaar wassen, neusjes geven. Ik tel er wel 16. Ik kan nog een paar plaatjes schieten, en dan laat de camera het definitief afweten. Er is geen land meer mee te bezeilen. Geen enkel knopje reageert meer op commando’s; alles wat hij wil en doet is een video maken. Nu vind ik dat zelf ook wel leuk, maar alleen als IK daar opdracht toe geef, en niet omgekeerd.

Bushdinner

Maar al met al een spectaculaire gamedrive die onze logé’s niet snel zullen vergeten. Op onze middag drive komen we niet echt veel tegen, behalve een rhino bij de hide waar we een drankje genieten, maar de dag kon kwa sightings toch al niet meer stuk. Maar er staat desalniettemin nog een geweldige verrassing te wachten: een bush dinner op Ed’s view. Er hangen lampjes in de bomen en overal staan vuurkorven met flinke vuren om ons te warmen, want het is behoorlijk fris. En over de stoelen liggen dekens gedrapeerd, waar we ons lekker in kunnen wikkelen, genietend van het diner en de schitterende sterrenhemel. M&L maken het allemaal niet meer mee: die zijn op twee tegen elkaar geschoven stoelen in slaap gevallen.  Living in a dream.

Vrijdag 7 mei

Op onze laatste gamedrive al weer komen we bij de rivier twee watermonitoren tegen die zich op een rots in het zonnetje liggen te warmen en een westlike gestreepte zandslang in struik die aan het vervellen is. Dat kun je zien aan het waas dat over z’n ogen ligt. Hij blijft dan ook doodstil liggen in plaats van onmiddellijk weg te schieten naat een beschutter omgeving.

Afscheid

En dan, voordat je het weet, zit het fantastische bezoek er al weer op. Hopelijk realiseren onze logé’s zich dat ze ongelofelijk veel mazzel hebben gehad met zulke spectaculaire sightings in zo korte tijd. Dit genoegen smaakt lang niet alle bezoekers. Ed, Asion, Quinten en Evanz vliegen vandaag met de EPZ naar Durban waar vandaag de jaarlijkse Indaba geopend wordt. The place to be als je in de hospitality zit. Ze moeten om half twee op het vliegveld zijn en dat ligt in dezelfde richting als Vance’s poort van waaruit wij Madikwe weer gaan verlaten.  De lunch (3 heerlijk door Asion vers gebakken pizza’s minus 3 voor Anka afgesnoepte puntjes) wordt mooi ingepakt,  zodat we daar later thuis van kunnen genieten, en met z’n allen vertrekken we richting airstrip. Wij in de gamedrive vehicle, Gummy brengt ons bakkie (schoongewassen en afgetankt) naar de poort. In de verte duikt de EPZ op aan de horizon en we rijden een aantal keren de airstrip op-en-neer, om de vlakvarks weg te jagen. De EPZ zet zich aan de grond en Carl en William stappen uit. Na de innige omhelzingen van de piloten, gaan M&L het vliegtuig inspecteren en ook wij werpen er een blik in natuurlijk. Na het laden van de bagage en het schoonvegen van de airstrip stijgt de EPZ weer op en verdwijnt als stipje aan de horizon. Wij rijden naar de poort waar we afscheid nemen van Anka, Gemma en Gummy. Een onvergetelijke ervaring voor W, F, M & L en voor ons het einde aan ons zoveelste bezoek aan dit lustoord en schatten van vrienden.  Het duurt bij mij altijd een aantal uren voordat het gevoel van weemoed en achter m’n ogen prikkende tranen iets begint te zakken.

Nog meer sightings!

De terugweg zal blijken alles behalve saai te zijn. Op de military road ligt een pofadder. Jan stapt uit om te constateren dat, en hetgeen  ik ook reeds vastgesteld had, het beest nog springlevend is. Nu moet dit niet al te letterlijk worden genomen, want hij ligt bewegingsloos op het asfalt. Jan gaat er met de panga naast staan timmeren om het beest naar de kant te laten gaan. Maar dat is het hem nu juist: een pofadder vertrouwt op z’n schutkleur en gaat voor gekletter op het asfalt echt niet weg. Ik ben niet zo blij met jan z’n optreden, want pofadders kunnen opeens razendvlug uit hun slof schieten. Dat doet hij ook, maar gelukkig van Jan af, richting graskant. Daarna zien we nog een slang de berm inschieten, merk onbekend, maar in ieder geval géén pofadder, en tenslotte nog twee dode exemplaren. Langs het Hermanusdoringspad staan ons nog meer verrassingen te wachten waarvan één wel zeer uitzonderlijke: Bij Ka’Ingo liggen de twee collared Cheetah’s langs het fench en een farm verderop aan twee kanten van de weg Kameelperde. Het geluk kan kennelijk nog steeds niet op.

Eenmaal thuisgekomen, gaan de pizza’s de oven in om vervolgens vrijwel in z’n geheel in hongerige monden te zien verdwijnen.

Zondag 9 mei

Sushi

Gisteren was een rustdag, en werd een duik in het mij veel te koude zwembad genomen, hetgeen niemand scheen te hinderen,  maar vandaag moeten er boodschappen gedaan worden om vanavond iets te eten op tafel te kunnen zetten. Ik doe een nieuwe poging voor een sushi-schotel, en heb in ieder geval twee getuigen om mee op te letten. Ik doe huishoudelijke taken en zie het gezelschap pas laat in de middag weer terugkeren met ……..Sushi! M&L krijgen pasta en vissticks, want tot deze culinaire hoogte zijn ze nog niet gestegen, alhoewel Mart toch wel een stukje wil proeven en het nog lekker vindt ook.

 

 

 

Maandag 10 mei

Mama Tau

Vandaag staat Mama Tau op het programma waar we om half drie verwacht worden.  Daar kunnen onze logé’s de Big-5 volmaken vanwege het Luiperd dat nog op hun lijstje ontbrak. We nemen Abram en Oliver ook mee. Ik had hen dat al eerder beloofd en aangezien Frank ook achter op het bakkie wil zitten, kunnen zij er mooi bij. Ze blijken keurig opgedoft en lekker fris gewassen.  

Onderweg steekt een forse black mamba statig het zandpad over. Dat ontbrak nog aan ons geluk, de sierlijkheid waarmee zo’n slang zich voortbeweegt. Wina is helemaal flabbergasted.

De oude man rijdt ons weer rond en brengt ons naar een kampje waar twee spotted hyëna’s worden geacht te zitten. Ze laten zich niet vaak zien, maar vandaag hebben we geluk: ééntje laat zich uitgebreid bekijken. Verder is iedereen geweldig onder de indruk van de leeuwen, hun afmetingen en hun grote poten, terwijl Abram het toch maar eng blijkt te vinden. De oude man vertelt dat de leeuwen op dieet staan, want ze zijn veel te vet geworden en krijgen veel te weinig beweging. Vooral de vrouwtjes hebben dikke penzen. Ze zullen nu trouwens wel honger hebben, want ze worden maar éénmaal per week gevoerd en dat is …….. morgen! Een kwart zebra (of vergelijkbare bok/buit) per keer. In het wild moeten ze zelf achter hun diner aan hetgeen de nodige energie vreet; hier krijgen ze het wekelijks voor hun neus geworpen zonder er ook maar één poot voor hoeven uit te steken. En het Luiperd laat zich ook van z’n beste kant zien en poseert gewillig totdat er een paar bobbejanne langskomen. Die eisen al z’n aandacht op.

Niets zo veranderlijk als het weer

Het was de bedoeling om te braaien, maar het is gedeeltelijk zwaar bewolkt en er steekt een straffe wind op. Dat betekent onheil, maar de mannen denken dat het allemaal wel mee zal vallen en die gaan het vuurtje dus alvast aansteken. De waterslang wordt erbij gelegd voor het geval dat… Maar het is niet de waterslang die het vuurtje dooft, maar onze lieve heer die het water opeens met bakken tegelijk uit de hemel gooit en de badkamer in luttele seconden blank zet omdat ik niet de kans kreeg de glasdeuren tijdig dicht te doen. Maar zelfs dat helpt niet: het stormt en regent zo hard, dat het water tussen de kozijnen door alsnog binnendringt. Maar zo snel de bui gekomen is, vertrekt hij ook weer, en zijn onze logé’s al weer een ervaring rijker:  hoe veranderlijk en snel het weer hier kan zijn. De braaiworst verdwijnt noodgedwongen dus in de koekenpan, maar lijkt er niet minder om te smaken.  Althans, hij gaat schoon op terwijl het toch niet bepaald een klein stukje was. Integendeel!  

Dinsdag 11 mei 

Croc’s spotten en vreemde sporen

We gaan naar de Mokolodam in de hoop er krokodillen te spotten. Franks is weer achterop het bakkie geklommen en ziet bij de oversteek van de Mogol rivier een giant kingfisher op de powerlines boven het water zitten. Dan duikt de kingfisher in het water en komt met prooi weer boven. Dat gaat hij een stukje verderop op een rots in het water zitten stuk hameren en verorberen. Eerder zagen we al een brown hooded kingfisher in Madikwe. Anders dan diens naam doet vermoeden is de brown hooded kingfisher helemaal geen visser, maar een insecten-eter. Eénmaal op het zandpad richting dam beland, spot Jan vreemde grote sporen. We stappen uit en met het sporenboek in de aanslag gaan we op onderzoek. Maar ook zonder sporenboek is het zo klaar als een klontje: een hippo. Frank meet het spoor na; ja hoor 28 cm. Het beest blijkt kilometers gelopen te hebben vannacht, maar vlak voor de dam verdwijnt het spoor. Wij kunnen zonder betalen het terrein oprijden en parkeren het bakkie in de schaduw onder een boom. Ik heb laarzen aan, en kan dus gemakkelijk door het water waden, op zoek naar croc’s die in het zonnetje liggen te luieren. Vlak voor m’n neus schiet er één het water in. Als we een stuk gelopen hebben, spot ik er weer één, nu drijvend in het water. We gaan een poosje zitten en Frank stelt z’n telescoop op. Daarna spotten we er nog een paar waaronder een tamelijk forse. De lijst van dieren die Frank c.s. inmiddels gezien heeft, wordt steeds langer. Natuurlijk zien we ook watervogels, steltlopertjes en tenslotte een agame, die zich kwa kleur helemaal aan de grijze boom waarop hij zit heeft aangepast. Op de terugweg lift er een swartman-met-fiets met ons mee, na ons eerst op het hippo spoor te hebben gewezen. Het beest blijkt tot bijna helemaal aan de tarroad (15K) gelopen te hebben, waarna het spoor in een weiland-met-openstaand-hek verdwijnt. Wat een avonturier.

We rijden terug via Vaalwater en kopen mandarijntjes onderweg bij een citrusfarm. In Vaalwater gaan we even naar de Gateway Gallery omdat Jan Mart en Luc een afrikaans shirt heeft beloofd. Via de Spar en een milkshake (en weer is de chocolade smaak uitverkocht) gaan we richting huis. Langs de R33 ligt sinds een paar maanden een hoge zandwal waarvan wij ons steeds hebben afgevraagd wat het doel daarvan is. Wina ziet dat doel plotsklaps uit haar ooghoeken als we langsrijden: 3 rhino’s. We kunnen het eigenlijk niet geloven: ze worden aan de lopende band gestroopt, dus wie zet er nu drie rhino’s op een stuk grond, direct naast de tarroad gelegen en daarmee wel heel gemakkelijk doelwit voor stropers. Als dit niet de kat op het spek binden is … Een volgende keer als we langskomen gaan we het eens goed bestuderen nemen we ons voor, want daarvoor is het nu eigenlijk al te laat en te schemerig.

Het is mooi weer, dus nu kan er wel gebraaid worden, waarna het gezelschap naar het bushcamp vertrekt. Want in een bushtent slapen was er tot nu toe nog niet van gekomen. Omdat het vuur veel te laat werd aangestoken, is de braai niet echt geslaagd, maar in het bushcamp wordt opnieuw een vuur gemaakt waar het resterende vlees op geroosterd wordt. Jan deelt een tent met Mart en Luc. Het schijnt er heel erg gezellig geworden te zijn onder de sterrenhemel met een vuurtje en royaal booze voor handen.

Woensdag 12 mei

Jan gaat met Frank c.s. naar de rivier en ik wijd me aan huishoudelijke taken, de poezen en de laatste voorbereidingen voor de bijeenkomst van het Waterberg Leopard Forum morgen. Raja heeft het onderminderd op Onyx voorzien, dus het is de hele dag regelen wie in welke kamer moet, of wie er naar buiten kan. Er is werkelijk geen enkele vorm van verbetering in de relatie te bespeuren. Jan heeft buurman Herman gevraagd of het goed  is dat hij naar diens dam gaat, maar dat vind Herman helemaal niet goed omdat er op het ogenblik mensen kamperen. Maar het is dan ook de verkeerde vraag die Jan stelt, die wil gewoon naar de waterval die toevallig aan de andere kant van het fench ligt, maar voor de helft toevallig gewoon wel van ons is. En daar heeft Herman helemaal geen bezwaar tegen uiteraard laat hij me later weten als Jan c.s. al weg zijn en buiten cellphone-bereik.

 

Thrilled

Het gezelschap keert weer en Frank trilt nog een beetje na. Hij is twee slangen tegengekomen bij het verwijderen van prikkeldraad langs het stroompje vanaf de waterval. Geheel onbevangen liep hij het draad te verzamelen totdat er plotsklaps een cobra rechtop ging staan en z’n prachtige hood voor Frank opzette. Zwart en oranje aldus Frank, dus hoogstwaarschijnlijk een rinkhals. De lol van het prikkeldraad verzamelen was op slag verdwenen. Letterlijk en figuurlijk thrilled dus. En alhoewel een hele mooie sighting, maar toch maar liever géén herhaling. De andere slang was snel weggeschoten zonder genoeg van hem te zien om hem te determineren.

Tegen half vier, als we allemaal in het zwembad liggen, komen Pat en Brian op bezoek met hun logé Gannish from Ireland. Gannish kwam vroeger wel vaker hier op de farm en bracht uren door bij de oude hide die inmiddels afgebroken is vanwege instortingsgevaar. We hijsen ons uit bad waar Mart geen genoeg kan krijgen van het “bommetje-spelen” en waar Luc steeds vervelende “billeknijpers” tegenkomt waarbij hij het uitgiert van plezier.

We kletsen gezellig over ditjes en datjes en M&L komen trots de van karton nagebouwde gamedrive vehicle laten zien, inclusief trackerseat van Gummy. Die zit aanvankelijk aan de verkeerde kant van de vehicle, naar nederlands model dus, maar wordt direct hersteld na op deze omissie te zijn gewezen.  Pat en Gannish zijn vanochtend op Olifantensafari geweest in Vaalwater. Je kunt daar een tocht op een olifant maken van een uur en je wordt er ontvangen met koffie, thee en bisquits, maar je moet er wel om half acht al zijn. Dat zou betekenen dat we om half zeven al weg zouden moeten en dus wel heel erg vroeg uit de veren. Pat vindt het wel een aanrader, maar ons ontbreekt de tijd om dit avontuur met Frank c.s. nog te gaan beleven.

Het kamperen is gisteravond kennelijk goed bevallen, want na het avondeten vertrekt het gezelschap wederom naar het bushcamp royaal van drank voorzien. Maar of dat nou zo’n goede keuze is? Omdat het aanzienlijk frisser is dan gisteren, suggereer ik tevergeefs een warme kruik mee te nemen.’s Nachts steekt er opeens een storm op, maar die gaat ook even snel weer liggen, maar het zal er wel lekker gewapperd hebben tussen het canvas vermoed ik zo maar. En inderdaad: Jan meldt de volgende ochtend het stervens koud te hebben gehad.

Donderdag 13 mei 

Waterberg Leopard Forum meeting

We vertrekken naar de vergadering, Frank c.s. gaan ook mee uit belangstelling en je ziet nog eens iemand. Het wordt een informele vergadering die wordt afgesloten met een braai en waarbij de toekomst van het WLF en het voorzitterschap op de agenda staan. De bijeenkomsten werden steeds minder bezocht, en steeds dezelfde onderwerpen besproken zonder ook maar een stap verder te komen. Daar moet verandering in komen, want anders kunnen we onze tijd beter aan iets anders gaan besteden. En er moet een onafhankelijk voorzitter komen om alle belangentegenstellingen van de diverse participanten in goede banen te leiden. De opkomst is wederom niet overweldigend, maar een aantal smaakmakers zijn in ieder geval wel komen opdagen. Ook Werner Botha van Kwalata, een hunting-farm. Voorzitter Fred heeft het in no-time met hem aan de stok. En alhoewel hunting, vooral –maar daartoe niet beperkt- van de grote katten, in onze ogen een walgelijke ziekelijke disgusting afwijking is, hebben we ook een gezamenlijk doel: er voor te zorgen dat ze blijven voortbestaan op basis van een zo omvangrijk mogelijke en gezonde genen-pool.

Constant Hoogstad van het Endangered Wildlifde Trust geeft een presentatie over birds and powerlines.  Een stukje uit de notes van de meeting for those who might be interested in these subjects as well:

 

Birds and Powerlines, a presentation by Constant Hoogstad

 

Constant manages the project: Birds and Powerlines (a project in a strategic partnership between the Endangered Wildlife Trust (EWT)) and ESKOM). Many of the greater birds like the secretary bird, blue crane, sea birds and birds of prey get collided with the Eskom powerlines and get electrified. The numbers of blue cranes for instance have dropped dramatically due to collision and electrification. The aim of the project is to get as many reports as possible of these collisions to serve as proof to Eskom. Once a problem-area is identified and supported by reports, Eskom will be able to attend to the problem and develop solutions to prevent these collisions. Also Eskom will benefit from this project because many of the collisions result in powerfailures as well.

 

Please report bird fatalities linked to powerlines to the toll free number: 0860 111 535.

 

Constant and/or his assistants will come out to collect the damaged and/or dead birds. Posters about the birds involved and their vulnerable status are available on request at the same toll free number as well.

 

Operation Oxpecker, a presentation by Arnoud le Roux

 

Arnoud manages Operation Oxpecker. The EWT Poison Working Group aims to address the poisoning of wildlife through data assimilation, dissemination, analysis and investigation on a scientific and interactive basis, and to take appropriate pro-active education and conservation action for the protection of wildlife and people in Southern Africa. The Poison Working Group is a working group of the Endangered Wildlife Trust.

 

The use of all kind of uncontrolled and illegal pesticides and herbicides has brought some species (such as certain species of the appr. 650 species of dung beetles and yellow billed oxpecker) almost to extinction. With education (supported by posters and manuals for farmers and the industry) as described in the mission statement, the EWT aims to stop the use by humans (and farmers in particular) of these uncontrolled and illegal environmentally hazardous pesticides and herbicides, and to promote the production of environmental friendly varieties by the industry. Reported poisoned animals will be collected by, and transported to Onderstepoort for investigation, by EWT.

 

This approach has resulted in increasing numbers of the Oxpeckers already which could be additional supported by placing birds nests (R120 each) at waterholes some 3 meters above level. Arnoud shows a specimen which can be ordered at EWT or from the manufacturer mr. Du Plessis (076 4597651) directly. Arrangements for collection can be made with him to meet in Ellisras because he is 20K out of Ellisras onto Stockpoort. One nest at a waterhole for the alpha female bird and her “helpers” only.

 

Manuals can be ordered at This e-mail address is being protected from spambots. You need JavaScript enabled to view it and poisoned wildlife to be reported at the Operation Oxpecker Helpline: 082 325 6578. Also see: The importance of Dung beetles in Sustainable Parasite Management on www.dungbeetlesforafrica.org.

 

Please help to protect our wildlifde and environment by using oxpecker compatible products only!

 

Maya for President!

De aanwezige deelnemers zijn het er roerend over eens dat het forum moet blijven voortbestaan en dat we ons op een paar key-issues moeten focussen: 

  • damage-mitigation-management,
  • research and
  • sustainable utilisation.

We krijgen de hunters toch niet uitgeroeid, dan er maar het beste van zien te maken en ze proberen bij de les te houden. Men is het er ook over eens dat het afgelopen moet zijn met alle tegengestelde belangen zo openlijk uit te spelen en elkaar mee om de oren te slaan.  En dat dat stadium alleen kan worden bereikt, indien er een onafhankelijke voorzitter wordt gekozen. En dat wordt ik dus:  terplekke tot President/voorzitter gebombardeerd onder het uiten van de meest lovende bewoordingen. Terecht overigens hoor ha ha, maar ze zijn al lang blij een “slachtoffer”  gevonden en aangewezen te hebben. Maar Jan mag de vergaderingen mooi voorzitten, mijn talenten liggen meer op het organisatorische vlak.

Het laatste avondmaal

’s Avonds braaien we nog een keer, elke kans bij mooi weer moet immers te baat worden genomen en Wina haalt de omvangrijke was van de lijn zodat ze morgen niet direct met koffers vol vuile was richting huis hoeven. En dan wordt ons laatste avondmaal hier op de farm genuttigd.

Vrijdag 14 mei 

Alles is ingepakt, in het gastenboek geschreven waar M&L mooie tekeningen bij gemaakt hebben. We ruimen de ontbijtboel op zodat we om negen uur kunnen rijden. Dit keer geen “cooked breakfast”  vanwege de omslachtigheid en de spetters die dat met zich meebrengt, waar we vandaag géén tijd voor hebben. Ik heb geprobeerd elke dag een ander ontbijtje op tafel te zetten van gekookt-,  gebakken-, ( met en zonder bacon) scrambled and omelette eggs tot wentelteefjes en pannenkoekjes aan toe. En elke dag vers fruit zoals frambozen, ananas, meloen, en een vers geperst sinasappelsapje. Dat laatste kan alleen in de winter vanwege het royale aanbod;  ’s zomers is dat een beetje dure aangelegenheid om  dagelijks 2 kilo sinasappels uit te persen. Maar  eerlijk is eerlijk: vers geperst sap, daar kan geen enkel pak tegenop.

Abram is weer geinstrueerd, Onyx zit weer in de bad-slaapkamer en m’n  poezenkinders worden uitgebreid nog een keer gedag-geknuffeld.

Getver

We hebben de biltongshop nog steeds niet bezocht, en dat gebeurt nu. Ik blijf binnen in het bakkie vanwege de stank en de drie smerige kleine rottige vuilnisbakkeffertjes die in je broekspijpen klimmen en bijten. Mart is er ook allerminst van gecharmeerd. Het gezelschap is nog geen minuut binnen of komt bijna kokhalzend al weer naar buiten. En ondanks dat ze eerder de biltong bij Morukuru wel lekker vonden, lijken ze daarvan nu vooral genezen. Jan wil André Biltong Botha nog iets vragen, blijft dus wat langer weg, zodat de rotlucht goed in z’n shirt kan penetreren en nog een hele tijd blijft hangen. Getver.

 

 

Imaginary bird

Frank meent onderweg een secretarisvogel te spotten, maar als we terugrijden is het beest in geen velden of wegen meer te bekennen. Mogelijk was het een imaginary secretary bird? En dan komen we bij de zandwal aan en moet het nader onderzoek uitgeoefend. Frank en ik klimmen op het bakkie en het leidt geen twijfel: er lopen 3 rhino’s te grazen. Echt onbegrijpelijk om de kat zo op het spek te binden.

In Vaalwater treffen we een bord waarop een Bosveld-wildveiling voor vandaag aangekondigd wordt. Deze was helemaal niet geagendeerd, maar wel een hele mooie meevaller voor onze logé’s want de veiling van 1 mei liepen ze net mis. We rijden het veiling terrein op en gaan naar de zogenaamde holding pens waar de bokken opgesloten zitten. Ik vind het toch wel zo’n treurige aangelegenheid voor die bokken en andere beesten. Stijf van de stress begluurd worden. Eén waterbok is het er helemaal niet mee eens en probeert de tent tevergeefs af te breken. Bij een leeg hok staat “kameelperd” maar de giraffes zelf zijn er niet. Het is ook een grote modderpoel, dus ze zullen wel elders gestald staan. Volgens de brochure zijn er ook schone buffels en rhino’s, maar ook daarvan geen spoor te bekennen. Maar Frank c.s. zijn weer een ervaring rijker, alhoewel we de feitelijke veiling, die om twaalf uur begint, niet kunnen afwachten.

Daarna rijden we via de R101 tot en met Hammanskraal voor een goed beeld van de zwarte afrikaanse samenleving hier. Waarna ik het stuur overneem en richting Lionpark rijd. Wina neemt M&L onderweg een interview af: hoe ze heten, hoe oud ze zijn, waarom ze in Z.A. zijn, wat ze gezien en gedaan hebben en wat het leukste was. Morukuru aldus Luc!

Leeuwtjes knuffelen

Het is druk bij de kleine leeuwtjes, dus gaan we eerst naar het makke kameelperd waar we voer voor kopen. Frank is de enige die het beest met z’n ongelofelijk lange paarse tong durft te voeren, maar M&L overwinnen hun angst en gaan z’n lange nek wel knuffelen. We hoeven er niet bang voor te zijn dat hij overvoerd raakt, want volgens de oppasmeisjes houdt hij vanzelf of als hij genoeg heeft. Dan kun je voer kopen en hem voorhouden wat je wilt, dan is de belangstelling geheel over. En daarna naar de lioncubs. Het zijn toch zulke schatjes, maar er moet nog enige schroom overwonnen worden bij M&L alvorens de beestjes aan te raken. Er zijn tamelijk veel bezoekers, dus het is maar een kort bezoekje aan de cubs. Daarom gaan we nog een tweede keer als het iets rustiger is; de schroom bij M&L  is geheel verdwenen. Daarna bekijken we nog de side-striped and black backed jackals, de spotted en striped (uit Noord Afrika) hyëna’s, cheetah’s, wild dogs, volstruise en meerkatte.  

Zakgeld

We drinken iets en Mart en Luc spelen met hun nieuw verworven aanwinsten, de sleutelhanger leeuwtjes-knuffels. Ik vraag of ze die van hun zakgeld betaald hebben, maar dat is niet het geval. En dan vertelt Frank dat Mart van z’n allereerste zakgeld een verpakking met 4 van die cakejes met gillend roze glazuurlaagje kocht om samen met z’n ouders en Lucje te delen. Wat ontzettend lief en Frank lijkt er nog emotioneel over te worden.

Tot slot rijden we snel nog een rondje over het park dat op punt van sluiten staat waarbij we nog een aantal volwassen leeuwen voor de auto krijgen die door een bakkie van het park naar hun nachtverblijven worden gejaagd.

En dan beginnen we aan het voorlaatste gedeelte van de vakantietrip: naar Sandton om nog wat te eten. Het begint al te schemeren en de onmetelijk grote stad ligt voor onze voeten uitgestald te glinsteren. Onderweg wordt geprobeerd ons vanalles aan te smeren, vooral Soccer2010 attributen. Maar we bezwijken nergens voor. Als we Sandton bereikt hebben, lopen we nog langs de prachtige winkels richting Mandela Square waar we bij Montigo bay het afscheids diner consumeren.

En dan is het tijd voor de laatste gang naar O.R.Tambo. We brengen Frank c.s. tot de incheckbalies waar er afscheid geknuffeld wordt en nagezwaaid tot we uit elkaars beeld verdwenen zijn. Hopelijk hebben we hen een fantastische en onvergetelijk vakantie bezorgd die naar meer smaakt. Sparen dus voor een volgende bezoek. Want de ticket-subsidie gold slechts éénmalig.

Wij zoeken Emerald Guesthouse op en zien City Lodge nu slechts twee keer. We maken dus vorderingen.

Zaterdag 15 mei 

Na het ontbijt gaan we richting Brooklyn waar we een afspraak hebben met een accountant. Onze  huidige ”Numeri”  in Bela Bela heeft ons de laatste jaren zwaar over-invoiced. Dat gevoel had ik al langer, maar hun laatste rekening voor het (veel te laat) opstellen van de jaarrekeningen, heeft mij helemaal over de rand geduwd. Zelfs een nederlandse accountant zou z’n baard er bij hebben afgelikt en ook Jan is inmiddels overtuigd van geraakt. Dus ontmoeten we meneer Venter wiens kantoor naast de nepblommenzaak ligt. Het lijkt ons een aangenaam persoon en we wagen het er maar op. Want Monique en Hans hebben hele goede ervaringen met hem lieten ze ons eerder weten. Maakte Numeri  ons wijs dat elke twee maanden de VAT gedeclareerd moest worden (en elke keer dus een lekkere dikke rekening schrijven) hoeft dan in praktijk maar tweemaal per jaar. Tel uit je winst!

De boodschappen van Woolworths liggen al in het bakkie, dus na dit bezoek gaan we richting huis via de pottenboer in Bela Bela die dit keer gelukkig nog open is. Ik scoor er weer twee-met-korting.

Eenmaal thuis kan het grote wassen beginnen. Het zal blijken twee volle dagen in beslag te nemen  om alle beddengoed, handdoeken, etc. uit het gastenhuis en bushcamp weer keurig gestreken, in afwachting van nieuwe gasten, te kunnen opbergen.

Woensdag  19 mei

Ik haal Maria op bij de poort en  onderweg zien we de Kameelperde. De andere beesten lijken weer van de aardbodem verdwenen. Zelfs de njala’s heb ik al twee weken niet gezien. Alleen de varkens hangen de hele dag rond het huis want Jan vind het zo leuk om ze te voeren. In de bomen rond het huis duikt een koppeltje rooibek of gewone kakelaars op. Een hop-achtige met vuurrode snavel en poten. Vertoon swart op ’n afstand, maar het ’n blinkgroen metaalskynsel op sy kop en rug. Sy rooi snawel en pote is kenmerkend. (Die soortgelyke suidelike perskakelaar van Namibië het nie ’n blinkgroen kop nie). Jonges het swart snawels, maar dit is nie so krom soos die swartbekkakeelaar s’n nie. Hou in dele met genoeg bome. Rusteloos en lawaaierig. Groepe soek kos onder die bas van bome (Red-billed Wood-hoopoe).

Ik ga naar Ellisras om boodschappen te doen en haal twee oxpecker nestkasten op bij Connie’s plants.  Verder ben ik de afgelopen dagen ik druk geweest met het WLF en bijwerken van het dagboek dat de laatste weken maar bar weinig aandacht gehad heeft. En ben ik onverminderd kattenhoeder.  Via DWDD vernemen we van de opmars van de VVD, en gisteren vond ik in het bushcamp gelukkig een handdoek weer en Luc z’n leeuwtjes knuffel  die hij tot zijn grote verdriet was kwijtgeraakt.  Maar bij opa werden ter compensatie dus al nieuwe (sleutelhanger-) leeuwenknuffels in het Lion Park gebietst, hetgeen het leed enigszins verzachtte. De prijzen daar zijn trouwens echt belachelijk hoog. De placemats die je hier 6 stuks in een bossie voor R150 koopt, kosten daar R60 per stuk om maar een voorbeeld te noemen.

Donderdag 20 mei

De gaten in het schaduwdoek van de kas zijn vrijwel allemaal weer gedicht en ik doe maar weer eens een zaai-poging. Verder is het prachtig weer, maar net niet warm genoeg om het zwembad op temperatuur te krijgen ondanks de heatgenerator. Die lijkt behoudens stroom te vreten, sowieso weinig meer te presteren.

Klagen helpt soms

Bekloeg ik me gisteren nog over het feit dat alle beesten wel verdwenen lijken; vandaag rond vijf uur staat het grootste njala vrouwtje opeens voor onze neus met een duidelijke brokkies-vraag in haar ogen. Een poosje later verschijnt de rest van het gezelschap inclusief het kleintje.

Zaterdag 22 mei 

Onverwacht bezoek

Monique en Hans komen ’s middags gezellig op bezoek, want hun bakkie doet het gelukkig weer. Daar zijn ze de laatste weken behoorlijk zoet mee geweest om een latent aanwezige  euvel voor eens en altijd verholpen te krijgen. En elke keer moesten ze er voor naar Modimolle. Nieuwe accu’s, startmotoren, spoelen, niets leek te helpen.

Omdat het bezoek niet gepland was, liggen de nederlandse kranten die ze altijd voor Jan mee-brengen nog bij hen thuis, maar die laten ze wel achter bij de Bushstop als ze eind van de maand weer naar Nederland vertrekken. Ze nemen ook Luc’s knuffeltje mee dat ze in NL op de bus zullen doen. Dat hoef ik hier niet te proberen want pakjes verdwijnen vrijwel zonder uitzondering direct in de eerste beste zak van een postbeamte. Daar hebben we inmiddels zoveel slechte ervaringen mee, dat we het avontuur niet eens meer aangaan. We zitten lekker in het zonnetje aan de Nederburg Lyric. Als ze weer naar huis gaan, staan de njala’s klaar om hun brokkies in ontvangst te nemen. M&H hebben geen njala’s, maar bij deze aanblik gaat Hans opnieuw proberen Monique over te halen toch maar een teelpakkie njala’s aan te schaffen.

Zondag 23 mei 

Als ik naar de kas loop, zie ik een paar rooibokkies en schiet er een slang schielijk weg tussen het gras. In de flits meen ik een westlike gestreepte sandslang te herkennen. En dan opeens blijkt er een kikker op m’n linkerschouder te zitten. Hoe is dat beest daar gekomen? Ik klop hem eraf en bied mijn excuses aan voor de wat onelegante afgang van het beest.

De slaapkamerdeur piept al ongelofelijk hinderlijk sinds installatie zo’n twee jaar geleden, en elke keer op het verkeerde tijdstip denken we eraan behalve nu. Jan haalt een spuitbus met “ lubricant”  maar de bus valt in de woonkamer uit z’n handen. De dopbreekt er af en als een ongeleid projectiel schiet de bus al olie spuitend door de kamer totdat hij in een hoek leeg en uitgeput tot stilstand komt. Is het nodig om uit te leggen wat een zooi dat veroorzaakt heeft op de vloer en tegen de muren en hoelang ik aan het schrobben ben geweest om de grootste ellende weer weg te werken? Gelukkig ligt er nog zo’n bus in de workshop waarop de prijs nog in guldens vermeld staat. Met grote omzichtigheid wordt de bus behandeld, doet zijn werk, en zijn wij van het gepiep af.

Mijn ex Dolph maakte in het hele verre verleden ooit een vierkante lage koffietafel en die hebben we nog steeds. Hij staat buiten met planten erop, maar hij begon wat gammel te worde. Jan heeft hem dus grondig onderhanden genomen, van een aantal onzichtbare protheses voorzien, geschuurd en een nieuw verfje gegeven, en nu kan de tafel zeker opnieuw 30 jaar mee!

Maandag 24 mei 

Gratis boodschappen

We gaan naar Ellisras voor boodschappen en een kadootje voor Abram die woensdag jarig is. Op het verlanglijstje? Een Bafana Bafana shirt. Nu zijn die echt belachelijk duur: R599 dus veel te veel voor een kadootje want het is een half maandsalaris. Maar desalniettemin gaan we op zoek. We komen bij een klein winkeltje waar het een chaos is van jewelste, alles over en door elkaar hangt, maar ze hebben er wel die shirts van Adidas voor minder dan de helft van de prijs. Het originele prijskaartje hangt er nog aan, dus waarschijnlijk niet helemaal eerlijk aangekomen. En ik met deze wetenschap (had, moet of kunnen  weten) nu dus medeplichtig, maar wel lekker goedkoop! Verder staat er een schoenlepel op het lijstje maar die worden nergens verkocht. Bij Clicks (grote pharma keten) tref ik ene Jacob die mij naar Markham verwijst, naar Richard. Jacob gaat hem bellen en zal er voor zorgen  dat ik daar een schoenlepel krijg. Zo gezegd zo gedaan. Ik loop Markham binnen en vraag naar Richard en heb gelijk de goede man te pakken. Ik vraag hem of Jacob hem al gebeld heeft, en ja hoor dat blijkt het geval. Richard verdwijnt achter in de winkel en komt met een schoenlepel terug. Ik vraag beleefdheidshalve wat het kost: niets natuurlijk, want dat had Jacob immers gezegd. Ja dat is ook Africa dus! Geweldig, alhoewel het natuurlijk een plastic ding van een duppie is of zo.  Waarschijnlijk broers van elkaar is our best guess.

Daarna nog lekkere koffie bij Wiesenhof en dan weer naar huis om de kosboxen te vullen voor de boys. Jan neemt er een burgertje bij.

Ik pak de shirtjes mooi in en ben benieuwd naar de reakties woensdag a.s.

Woensdag 26 mei

Om half acht staan de boys op de stoep en Oliver begint over een probleem. But first things first, eerst Abram feliciteren. Ik wens hem nog vele jaren in goede gezondheid. Dat weet net die Here spreekt Abram wijs. Ja hoor, dat weet alleen OLH. Het probleem van Oliver is een metsel technisch probleem dat zo opgelost is. Ze vertellen dat er wilde honden sporen staan vlak bij het huis en een sleepspoor. Ik ga het spoor bekijken, maar het is een bruine hyëna. De sporen lijken erg veel op elkaar, maar de tenen van de wilde hond staan net iets verder van de voetzool af dan bij de hyëna. En een karkas wordt niet gevonden.

Dan haal ik Maria op en ga vervolgens met Jan naar Vaalwater want er is weer eens is niet in huis waar hij echt niet zonder kan. En ik ga naar de dokter want ik heb al weken ontzettende maagpijn. Een amoebe volgens Poortier die ik waarschijnlijk via het bronwater heb binnengekregen. Ik krijg pillen om de amoebe te vernietigen (en mij er bij zo zal later blijken). Ik krijg gelijktijdig een gratis afkick cursus want ik mag er geen alcohol bij gebruiken. Dat is minder, maar wie weet overleef ik een drie dagen alcoholloos tijdperk wel. De pillen zijn smerig geel, groot en ik moet er 5 per avond slikken want ik wordt er een beetje naar (understatement of the century) van aldus Poortier. Hij heeft ook een brief van m’n procureur ontvangen over het verstrekken van de medische gegevens in de zaak tegen Solar2000 die mij bijna te pletter liet vallen 5 juli 2008. Ik kan het niet verkroppen om dat bedrijf zo maar weg te laten komen met wat door hun toedoen mij is overkomen. Mischien kost het alleen maar geld en levert het niets op, maar zo maar opgeven sluit het hoofdstuk ook niet netjes af.

Bij Built It (waar ongetwijfeld Jan z’n ongelofelijk dringende boodschap gekocht moet worden) treffen we Hans met Frans. Monique is thuisgebleven, dus dat wordt niet gezellig even een milkshake scoren bij de Bushstop.

Op een houtje bijten

Bij de post wacht een nare verrassing: ik heb nu ook een brief van de ING dat buitenlandse betalingen met onmiddellijke ingang geblokkeerd zijn vanwege het niet hebben van een woonadres. Jan heeft dat begin van de maand schriftelijk al uitvoerig uitgelegd hoe het hier werkt, maar het mocht kennelijk niet baten. Ik had net vrijdag j.l. weer een pensioenbedrag overgeboekt en dat is dus nu ook geblokkeerd. En kunnen we mooi op een houtje bijten tot nader order. Ik word hier wel zo ongelofelijk gillend woedend over. Zogenaamd vanwege terrorisme bestrijding, maar volgens mij ongebreidelde bemoei- en regelzucht van de nederlandse overheid. Maar goed, wij zitten er maar mooi mee. Of beter gezegd: ZONDER.

Bij de post troffen we ook onze stembiljetten voor de komende parlements-verkiezingen in Nederland. We kruisen ter plekke onze voorkeur aan waarna de gillend oranje envelop direct retour gaat naar de ambassade in Pretoria. We liggen derhalve royaal voor op onze nederlandse mede onderdanen. En op het allerlaatste moment veranderen van mening is er dus ook niet bij. Maar onze echt favoriete partij zit er nog steeds niet bij GROENRECHTS. Maar eh….. waar bemoeien we ons eigenlijk mee? het is ons pakkie aan niet meer, behalve dan de belastingdruk waar we toch geen bal aan kunnen veranderen. Stemrecht of niet. En de monetaire politiek niet te vergeten, want ook die is van directe invloed op ons binnenlandsbelastingplichtige buitenlanders.  Hopelijk valt de EURO nog te redden en worden de monetaire spelregels zodanig aangescherpt dat er geen ontsnappen meer aan mogelijk is.

Verjaardagsfeest

Bij de Spar hebben we een chocoladetaart gekocht en die gaan we thuis lekker met z’n vijven opsmikkelen. Abram, Oliver en Maria worden aan tafel genood met taart en cola en dan krijgt Abram z’n pakje. Hij is helemaal onder de indruk: een echte Bafana Bafana. Het is echt hartstikke blij. En dan vraag ik Oliver of hij wel zeker weet dat hij in December jarig is, want z’n ID vermeldt mei. Maar hij weet het zeker: het is het december. Maar wij verklaren hem jarig in mei en geven ook hem een pakje. Hij is echt helemaal flabbergasted en glimt helemaal. Ook voor hem een echte Bafana Bafana Ik heb ook nog een lekkere pan met pasta gemaakt en een fles nepbubbels erbij; kortom, we hebben hen een fantastisch verjaardagsfeest bezorgd denken wij in onze onschuld, maar ’t wordt nadien royaal bevestigd.

Donderdag 27 mei 

Ik ligt in bad te soppen en zie opeens een klipspringer op de rand van het zwembad springen. Hij staat prachtig in de opkomende zon. Wat een schitterend gezicht is dat toch en wat fantastisch dat de natuur op minder dan 5 meter afstand overal om je heen is.  

Later komt Marten Keuken eindelijk de laatste losse eindjes van het badkamermeubel regelen. Gut, weer een afrikaan die z’n woord houdt, stelt Jan tevreden vast. Hij moest een weten hoe vaak ik daarvoor gebeld, geSMSt en gemaild heb. Maar het is nu helemaal af en gewoon mooi. Ook het project koof is inmiddels klaar en het metselwerk rond de stop dat bij het uithalen van het oude kleine zwembad deels weggeslagen moest worden. En zo zijn er dan opeens zomaal 3 projecten die van het lijstje afgevoerd kunnen worden.

En ik ben na het innemen van de eerste ronde pillen gisteravond wel zo hondsberoerd dat ik nauwelijks op m’n benen kan blijven staan. Om zes uur vertrek ik naar bed weer met een lading pillen en weer zonder slaapmutsje.  

Zaterdag 29 mei 

Jan gaat weer naar Vaalwater, soms wel  een beetje koopziek als je het mij vraagt. Gelukkig gaat het alleen maar om kranten en voedsel. Ik heb er niets te zoeken; de post is woensdag j.l. opgehaald, boodschappen genoeg in huis en toch geen geld om iets op de wildsveiling te kopen. Ik haal de laatste boerenkool planten uit de kas en verwerk eea tot handzame porties die in de vriezer gaan, en dat soort ongein nog al meer.

Hebt u dan nu ook?

Ik kan aanspraak maken op inmiddels honderden miljoenen dollars uit het buitenland met Nigeria als koploper. Van zgn. overleden Shellmedewerkers die geen Will of ergenamen achterlieten, van nigeriaanse weduwen die hun zogenaamd stinkend rijke man en kinderen in de oorlog hebben verloren, dames van middelbare leeftijd die met gillende kanker op hun sterfbed in het ziekenhuis liggen, niet meer kunnen corresponderen, waarbij gillende spoed geboden is vanwege de naderende dood binnen enkele dagen (my god, je moet maar durven om zo met je leven te spotten om geld in de wacht te slepen, hopelijk gaan ze inderdaad dood aan gillende kanker, dat zal ze leren),  en hun geld aan een goed doel willen schenken. Van overheidsinstanties die investeringsgelden van offshore companies bezitten die nooit besteed zijn, van mensen die in the USA op airports opgepakt zijn met dozen vol met geld die zogenaamd van de afzender (mij dus) afkomstig zou zijn en waarbij het arme slachtoffer nu vastzit, met het verzoek je als rechthebbende op die som geld bekend te maken, kortom te veel om op te noemen. Soms schrijf ik een hatelijk mailtje terug dat, zo ik al als nabestaande met dezelfde naam zou worden aangemerkt, ik dan niet gewoon met mijn naam aangeschreven wordt. En hoe het die nigerianen toch altijd weer lukt om mensen geld uit hun zak te lullen. Een praktijk zo oud als de weg naar Rome, want toen ik begin zeventiger jaren bij Plukon kwam werken, ontving ik daar al de meest schitterende goudomrande op een handmachientje getypte brieven uit Nigeria met de prachtigste postzegels. En nog altijd zijn er mensen die er intrappen. Even een klein bedragje van rond de USD 150 – 250 storten om de transactie daad-werkelijk te doen plaatsvinden. Waarom stoomt het schip met geld niet gewoon zonder al deze poespas bij ons binnen? Gewoon, omdat we niet aan een rivier wonen, althans een niet bevaarbare!

Jan komt terug met de veiligcatalogus. Een jonge kameelperd-vaars voor R18,000.00. Maar de blou wildebeeste blijken niets meer waard: R 1500, maar je moet er dan wel 10 tegelijk kopen. Hij heeft het kennelijk naar z’n zin gehad en heeft de oude kranten die Monique en Hans meegebracht hadden, bij de Bushstop opgepikt. Dat was volgens mij het enige doel van de reis, maar goed. Om even 100K voor oude kranten te rijden? Je moet er maar zin in hebben. Maar er zit ook een boekje bij: Ek sien jou. 15 verhalen van nederlanders die in Z.A. zijn neergestreken waaronder Gordon.  Kan hier met z’n blauwe ogen leuk jongens versieren pocht hij. Getver. Maar ook iemand die het land niet verlaat totdat er niemand (ook in de naburige landen niet) meer aan AIDS overlijdt. Hopelijk heeft hij het eeuwige leven, want met de mentaliteit van de (swart-)man krijg je die ziekte echt nooit onder de knie. Bij de swartmense niet omdat die zich het genot om het zonder condoom te doen niet laten afnemen, bij de wittes niet omdat er toch medicijnen/remmers bestaan waar  je   toch lekker oud mee kunt worden? Maar het is een ontzettend leuk boekwerkje, vooral ook omdat het over Z.A. gaat.

Op tafel staat vanavond boerenkool  met worst die Jan eerder deze maand bij La Spiga in Pta aanschafte tegen een mega-bedrag. Maar volgens Jan close en de boerenkool had uiteraard langere tijd in de vrieskist doorgebracht bij gebreke aan vorst-aan-de-grond hier. Raja, Luna en Onyx hebben allemaal een stukje rookworst gekregen en dat smaakte naar meer zodat ik Luna met enige regelmaat een mepje met de pollepel op z’n neus moest verkopen om hem bij de dis weg te houden. Maar hij is zoooooooo ontzettend lief ons vuilnisbakkie uit het asiel. Daar kan tot nu toe echt geen enkele poes tegenop, alhoewel: Castor, onze abbessijn die uiteindelijk 18 jaar en twee-en-halve maand werd. Ik denk niet dat welke poes dan ook die ooit zal kunnen overtreffen, bij benadering zelfs niet. Waarom ben ik toch zo gek op katten? Omdat ik er zelf één ben naar Jan’s stellige overtuiging. Amen.

Zondag 30 mei 

Gistermiddag begon het al donker te worden, er naargeestig uit te zien, en vannacht hebben we wel 15 mil regen gekregen. Echt ongekend en ongebruikelijk. Het is de hele dag zwaar bewolkt en stervens koud. Ik loop met twee dikke truien, maillot, en sjaal om m’n nek door ’t huis. ’s Middags gaat lekker de openhaard aan en Raja springt Onyx weer op z’n nek, omdat Onyx mij net even te vlug af was en regelrecht in de armen van de vijand liep.

Een verpletterend bericht

Aan het eind van de middag krijg ik een SMS van Anka met een verpletterend bericht: Paul heeft zelfmoord gepleegd nadat Jenine de relatie met hem heel kort daarvoor verbroken had en ontslag bij Morukuru had genomen. Kevin heeft hem eerder vandaag gevonden. Ik wordt er helemaal beroerd van. Zo’n aardige rustige aantrekkelijk ogende knul van amper 24 jaar oud? Vlak voor de opening van het Farmhouse eind februari j.l. werden hij en Jenine als management-koppel van het Farmhouse aangesteld en daar hebben wij hen ook leren kennen. Hij heeft ons toen een aantal keren tussen de Lodge en het Farmhouse heen en weer gereden, was zo enthousiast over z’n nieuwe baan en wist zijn kennis op wel zo’n prettige manier over te brengen. Ik kan er met m’n verstand niet bij. En wat te denken van het mischien wel eeuwige schuldgevoel en zelfverwijt dat Jenine zal blijven achtervolgen. Had ik maar, had ik maar. De gasten uit het Farmhouse waren enerzijds gelukkig net vertrokken. Anderzijds, waren ze maar gebleven dan had hij zijn aandacht op iets anders moeten richten dan op z’n verbroken relatie met dit desastreuze gevolg. Hoe hij een einde aan z’n leven heeft gemaakt laat zich wel raden:  z’n rifle met caliber waarmee je met gemak een olifant omlegt. Ook Gemma en Kevin zijn er kapot van. Voor Kev is het al de tweede keer dat hij dit meemaakt. Bij zijn vorige werkgever deed ook iemand een (mislukte) poging om zich van het leven te beroven. Een poging die de jongen z’n leven voor eeuwig fysiek getekend heeft.  

 

Ik bied onmiddellijk aan om er naar toe te gaan en direct in de auto te stappen. Want A&E zijn in Nederland. Vrienden heb je immers niet alleen in voor- maar vooral ook in tegenspoed. Gem en Kev staan er immers helemaal alleen voor omdat Lucy en Quintin on leave zijn in London. Gelukkig hebben ze een behoorlijke vriendenkring in het Reserve om hen vanavond op te vangen en bij te staan. Wat in en in triest en wat een verspilling.

Ik heb m’n mobiel mee naar bed genomen voor het geval dat, en de email komt er ook op binnen, just in the case we’re needed. Maar zover komt het niet.

Maandag 31 mei 

En in huize Oosterhoff woedt de stammenstrijd op leven en dood tussen Raja en Onyx gewoon voort. Afleiding genoeg dus zou je denken, maar ik krijg Paul niet uit mijn hoofd. Quelle drama.

 

 

 

 
April 2010 PDF Print E-mail
Written by Maya   
Wednesday, 12 May 2010 10:18

April 2010

Zaterdag 3 april

Ongewenst bezoek

Tot mijn verbazing en ergernis staan er opeens 4 zwartjes achter het huis. Salomon en kleine Maria van Elisabeth plus waarschijnlijk iets uit de koker van grote Maria. Jan is eerder vanochtend, op weg naar Ellisras, bij de staff langsgeweest en ik weet dus niet of, en zo ja wat, hij hen beloofd heeft. Dus ik kan moeilijk zeggen dat ik hier echt geen zin in heb. Ze komen zwemmen en kleine Maria is jarig aldus de mededeling. Ze is vandaag 10 jaar geworden. Hmmmm. Ik maak het poolcover open en zeg dat ze eerst onder de douche moeten. Ze kunnen allemaal zwemmen roepen ze om het hardst, dat liegen ze, maar ik ga er toch echt niet bijzitten als badmeester. Maar bovendien: er blijven er altijd nog genoeg over mocht er perongeluk eentje sneuvelen. Ze hebben het kennelijk uitstekend naar hun zin, want ze houden het uren vol. Jan is inmiddels al weer terug en heeft een taart bij de staff achtergelaten ter ere van Maria’s verjaardag. Tussendoor komt Maria mij vertellen dat Salomon honger heeft. Lafbek om z’n zus dat te laten vragen. Als jullie honger hebben, dan ga je maar mooi naar huis, daar is voedsel genoeg. Maria kijkt beteuterd en brengt de boodschap vervolgens aan d’r broer over.

Bij aankomst troffen ze trouwens een slang, maar voordat ik hem zie heeft hij zich al onder een steen teruggetrokken. Ik zie hem wel vaker; cremekleurig, maar verder gaat mijn kennis niet, want hij laat zich niet uitgebreid bestuderen. Het lijkt een beetje op een cobra. Onlangs stak hij z’n kop uit het gat onder het huis toen ik Raja riep dat ze thuis moest komen. Hij keek echt op zo’n manier van “heb dat nou echt nodig dat geblèr”? En verdween weer in z’n hol.

Jan en ik klussen weer verder aan de handrail. Het begint al aardig op te schieten, de bevalling van bijna één jaar lang zit er bijna op.

Zondag 4 april

Als ik de was aan het ophangen ben, hoor ik de meute al weer aankomen. Jan zegt dat het feest vandaag niet doorgaat, morgen weer. Op zondag worden we graag met rust gelaten. Dan belt Moses  met de mededeling dat hij héééél erg ziek is geweest, maar hij is nu weer beter and very strong. Oftewel hij komt de handrailklus doen. Well I have a surprise for you Moses, it’s almost finished so we do not need you anymore. And by the way, this is the perfect way to loose business! Hij is dodelijk teleurgesteld, maar dat was ik ook toen hij het tot driemaal toe liet afweten.

Ontsnapt!

We leggen de laatste hand aan de handrail en zijn apetrots op onze huisvlijt. Jan ruimt alle zaag- en houtbewerkingsmachines op en ik boen de stoep want alles was omgetoverd tot één groot stof- en zaagsel nest. En al die tijd staat Onyx te blèren dat hij naar buiten wil. Maar ik kan niet op hem letten, dus moet hij binnen blijven. Maar Onyx denkt daar heel anders over. Op enig moment loopt hij toch buiten rond te struinen en krijgt Jan er gelijk van langs dat hij een deur heeft laten openstaan. Maar er is geen openstaande deur te bekennen. In één van de hordeuren zat een heel klein gaatje waarvan ik al tijden dacht: ik moet dat eens repareren. Het kleine gaatje blijkt nu een groot gapend gat waar Onyx zich doorheen naar buiten gewurmd heeft. Nu rest alleen nog dichtplakken met ducktape hetgeen natuurlijk een gezicht is, maar iets beters hebben we op dit moment helaas niet.

Nadat ik de njala’s gevoerd heb, en het begint te schemeren, beginnen de twee groepen jakhalzen weer tegen elkaar te huilen. Een heerlijk geluid.

Maandag 5 april

Michiel komt eten en Jan doet het treurige verslag dat ik z’n laptop niet alleen van alle virussen, maar ook van alle programma’s en bestanden heb ontdaan. AVG had 50 troyan horses, worms, etc gevonden en alles in quarantaine geplaatst kennelijk om verdere beschading van de laptop te voorkomen, maar dat is was gelijk wel erg drastisch. Michiel probeert het een en ander om de laptop z’n hersens weer terug te geven, maar ook hem lukt het niet. Hij neemt de laptop wel mee naar huis om Windows opnieuw te installeren, en op die manier bij de verborgen bestanden te komen. De oorspronkelijke diner-gedachte was een braai, maar de laatste paar dagen spettert het met enige regelmaat (in de regen-meter nauwelijks terug te zien overigens) dus echt aangenaam toeven is het niet buiten. Ik maak kingprawns in zoet-zuur-saus met rijst en diverse verse groenten.

Dinsdag 6 april         

Wonderdokter

Michiel belt dat het hem gelukt is om een aantal bestanden weer terug te toveren op de laptop, dus Jan weer helemaal gelukkig. Voor een internetverbinding moet hij echter naar dezelfde figuur in Ellisras die vorig jaar mijn laptop daarvan ook voorzag. Het is alleen de vraag of het figuur er nog is, want ben je twee weken daar niet geweest, is vrijwel het hele landschap aan winkeltjes weer veranderd en zijn de nodige ondernemertjes en oplichtertjes weer met de noorderzon vertrokken. Michiel komt de laptop brengen, want hij wil enpassant ook Windows 2007 bij mij installeren en m’n emails van de oude computer op m’n laptop overzetten. Kan die oude computer eindelijk van m’n bureau verdwijnen. Want mij was het, ondanks de imbeciel proof handleiding, niet gelukt. Het zou mij niet gelukt zijn ook blijkt, maar ook daarvoor heeft Michiel een aantal handige trucjes en hulpmiddelen om het onwillige systeem te bedwingen.

Eskom laat het afweten, de generator eveneens. Diens opstartaccu lijkt niet te willen opladen. Met overstartkabels en het bakkie wordt geprobeerd het ding aan de praat te krijgen, maar de overstart-kabels blijken net ietjes te kort. Maar voor één gat zijn we niet gevangen: de accu wordt uit de tractor gehaald en bij de generator geplaatst, en zie er is weer licht. Later die dag komt Eskom weer terug.

Het is de gehele dag naar somber weer maar ik ga toch maar een poosje naar buiten met Onyx om hem aan het terrein te laten wennen.

Woensdag 7 april 

Na een week zware bewolking en een beetje regen, begint eindelijk het zonnetje weer door te breken en staan er om één uur 6 zwartjes op de stoep. Twee meisjes van borstjes-krijgende-leeftijd. De ene heeft wel een bikinitop aan, de andere niet. Alhoewel ze zich niet lijkt te generen, geef ik haar uit mijn oude doos een fitness bra en dat wordt toch wel op prijs gesteld. Mij lijkt het water veel te koud na een aantal koude vochtige dagen, maar zij lijken nergens last van te hebben. De poezen vinden het maar nix al dat geschreeuw en gespetter en houden met gespitste oren en argwanend kijkend de boel op veilige afstand in de gaten.

Ik ga met Onyx naar buiten en Raja volgt hem. Op een gegeven moment ziet ze haar kans schoon en springt met d’r vette lijf boven op hem en begint te krabben en bijten. Onyx weet te ontsnappen, maar ons dikke trutje is veel sneller. Onyx krijst het uit en uiteindelijk heeft ze hem in het topje van een boom waar hij nog slechts aan een heel dun twijgje bungelt, en er niet meer uitkan op zich te verdedigen. Ergo, ik moet ook de boom in om haar in d’r kladden te grijpen en tot de orde te roepen. Waar bemoei je je mee spatten haar smaragd groene ogen. Wat een rotwijf en hoe het komt? Binnen lijkt alles pais en vree, maar zodra ze buiten vrij spel hebben, moet ‘t kleine ding het ontgelden. Jaloezie? Voedselconcurrentie? Want Luna is zo’n beetje psychiatrisch patiënt. Hij moet de hele dag aandacht, geknuffeld, en gerustgesteld. Wat hebben we ons gezin toch aangedaan?

Donderdag 8 april

We gaan naar Ellisras naar om de internetverbinding te laten herstellen. We staan voor de winkel, maar het bedrijf blijkt spoorloos. De nieuwe uitbater zou ook niet weten waar ze gebleven zijn. Francois brengt uitkomst: dicht in de buurt zit een nieuwe computerwinkel. Wij er naar toe en inderdaad, de eigenaar zegt de verbinding weer te kunnen herstellen, maar pas maandag a.s. want z’n techneuten zijn deze week volbezet. Maar ik ga m’n laptop daar geen 4 dagen achterlaten, ik zou het niet overleven 4 dagen zonder laptop en email. Ik koop een impala lily en halfmens en daarna drinken we een bakkie troost bij Wiesenhof.

Vrijdag 9 april

Mot de parole

Om zeven uur vertrekken we naar Krugersdorp om de trailer te laten repareren die Jan vorig jaar gedeeltelijk aan baggels reed. Er blijkt een hele nieuwe as onder te moeten; tel uit je winst. En pas over 2 – 3 weken klaar. Bij de Markro (waar het gelukkig nu helemaal niet druk is), koopt Jan z’n medicijnen en ik twee houten vrouwen figuren. In het gastenhuis is er nog een grote kale wand waar ze goed tot hun recht zullen komen en passen bij alle andere vrouwenfiguurtjes in gordijnen, handdoeken en dekbedovertrek. We doen inkopen bij Woolworths in Brooklyn en halen tenslotte de solar geyser op. De een of andere onverlaat heeft hem laten stuiteren, hij moet dus nog even bijgewerkt worden zodat we er tenminste een uur zoet zijn. Maar we krijgen koffie en thee aangeboden en maken een praatje met Carole. Ze is fran?aise maar spreekt al een aardig mondje engels en ze is belast met een speciaal optimaliserings-project bij Suntank. Ze heeft het best naar haar zin in Z.A. zo laat ze weten en ziet er nog bijzonder aardig uit ook. En op het beeldscherm van haar laptop prijkt Mot de parole in plaats van password.

Er staat een grote truck voor de deur die helemaal wordt volgeladen met solar systems en die eind van de middag naar Zambia moet vertrekken om de handel daar te gaan afleveren. Pas om half acht zijn we weer thuis en treffen we Onyx gelukkig levend aan. Raja is nog steeds niet te genieten en is ronduit vals tegen hem: krabben en bijten. ‘s nachts kruipt hij lekker bij mij in bed.

Zaterdag 10 april

Ik loop de checklist door en dweil het gastenhuis nog snel even voordat Hedwig en Jurjen komen.  Jan heeft de houten poppenkoppen al opgehangen. 

Tegen vieren arriveren Hedwig en Jurjen in een prachtige Jeep Grand Cherokee. Het ding is al 10 jaar oud, maar ziet er nog prachtig uit, ook de binnenkant met lederen bekleding vertoont geen enkel teken van slijtage. Ik denk met weemoed terug aan onze V8, maar hier op de farm zou je er niets aan hebben, nog afgezien dat hij veel te duur in onderhoud en verbruik is, maar je kunt er nog geen baal lusern mee vervoeren. Jurjen is zo trots als een pauw, en terecht.

We kletsen gezellig bij en horen alle belevenissen van de eerste twee weken bij Yvonne en Gerard, de auto kopen, Kapama waar hen een teleurstelling te wachten stond, alle papieren en administr-atieve rompslomp waar ze hoofdpijn van krijgen en gefrustreerd van raken, maar waaraan ze toch echt zullen moeten leren wennen als ze hier in Z.A. willen overleven. Kortom geen gebrek aan stof om over te praten.

Verrassing

Tegen vijven komen de njala’s hun brokkies halen en hebben een verrassing meegebracht: een kleintje terwijl er toch aan geen van de meiden te zien was dat er eentje drachtig zou zijn.

Zondag 11 april 

Er is er een jarig hoera!

Hedwig viert vandaag haar 51e verjaardag. Jurjen heeft haar een leuke wandeling in het vooruitzicht gesteld. Ze begrijpt er niets van als we in hun Jeep stappen. We nemen de toeristische route naar Ellisras en eindigen bij Wiesenhof voor koffie en taart. Van mij krijgt ze een “Taiga in Afrika”  zodat ze toch een pakje heeft om uit te pakken. Na de heerlijke versnaperingen rijden we nog even door het troosteloze Ellisras en keren huiswaarts. Op Jan se Pad zie ik ons kleine Kameelperd in de verte, pa en ma zijn ontzichtbaar, maar toch leuk om hem eventjes te zien.

Ik heb een lekker verjaardagsmaal voor Hedwig in gedachten, maar vlak voor het eten blijkt ze niet lekker. Jurjen verdenkt de probleem-SMSjes van hun 24 oude dochter eerder die dag ervan. Hedwig maakt zich zorgen en dat leidt tot spanning. We eten het verjaardagsmaal met z’n driën en doen het morgen nog wel een keer over als Hedwig weer beter te pas is. Maar sneu is het wel natuurlijk. Ze krijgt een paar slaaptabletten van mij om in ieder geval lekker te kunnen slapen. De slaaptabletten zitten altijd in Louis en alleen bedoeld voor lange intercontinentale vluchten.

Maandag 12 april

Gelukkig is Hedwig weer opgeknapt en na het ontbijt gaan ze richting Vaalwater o.a. op zoek naar een verlaat verjaardagskado in de vorm van een giraf. Want het is mij niet gelukt om vandaag een afspraak bij Mokolo Nature Reserve met Heide te krijgen. Ze hebben problemen met een olifant, dus geen tijd voor visite. Ik wil sowieso nader kennismaken met Heide en wellicht zit er daar wel een traineeship voor Jurjen in. Het is een private non-commercial reserve waar dus ook geen gasten worden toegelaten. Alles staat daar in het teken van conservation en rust voor beesten zoals olifanten, leeuwen, cheetah’s en white rhino’s. Maar Heide heeft beloofd me later  vandaag terug te bellen over een beter passend moment. En ze houdt woord: woensdagochtend om negen uur bij hun gate.

Ik houd me bezig met de administratie en andere onbenullige doch noodzakelijke zaken. Tegen vijven steek ik het vuur op de braai aan, want het weer is aangenaam en het waait niet al te hard.

Slimme vogel

Ik heb Onyx veiligheidshalve in de slaapkamer opgesloten, want die doet allerlei pogingen om naar buiten te komen. Daar is het namelijk nog veel leuker en spannender dan binnen. Jurjen gaat na het eten even iets ophalen in het gastenhuis, en als hij terugkomt zien we Onyx ook buiten op de stoep lopen. Hoe is dat in ’s hemelsnaam mogelijk: wie heeft hem naar buitengelaten? Iedereen is onmiddellijk suspect ofcourse. Maar niemand heeft hem buitengelaten en ik ga naar de slaapkamer om daar naar een eventuele escape te zoeken. Blijkt meneertje de hordeur te hebben openge-schoven. Nu kijkt hij altijd zeer oplettend toe als ik iets aan het doen ben, zo ook bij het openen en dichtdoen van deuren, maar dat hij zo slim is om en z’n pootje in de richel te zetten en dan te trekken, dat had ik toch niet echt verwacht. De deur loopt weliswaar soepeltjes, maar hier moeten we een list op verzinnen. De kleine deugniet heeft dus urenlang in het donker buiten rondgelopen.

Dinsdag 13 april 

Mama Tau

We gaan vanochtend met z’n driën naar Mama Tau want J&H hebben nog geen leeuw gezien deze reis. Op het Witkoppad treffen we een politieauto en een aantal functionarissen. Zowel wit als zwart. Ik vraag wat er aan de hand is? Is er weer ingebroken? Er is niet ingebroken, maar ze zitten al 3 dagen achter een rapist aan en die lijkt zich nu ergens op de farm van buurman Ben op te houden. Het is een zimbabwaan en heet Ifraim. Ik zeg het niet hardop, maar als ze met z’n 10en hier om hun auto blijven hangen, zal de rapist zich hoogstwaarschijnlijk wel in de struikgewas blijven schuil-houden. Waarom geen speurhond meegenomen? Omdat dit wel een lekker relaxte manier van werken is. Je hangt wat rond en je wordt er niet moe van.

Het luiperd is inmiddels naar een iets groter camp verhuisd in afwachting van het gereedkomen van z’n definitieve camp. Daar hoort een luiperd natuurlijk helemaal niet, maar zo kun je hem wel heel mooi van dichtbij bekijken. We maken de standaard ronde in de gamedrive vehicle waarbij de oude man ons rondleidt tot mijn teleurstelling. Hij weet alles van z’n beesten hoor, daar niet van, maar hij is erg moeilijk te verstaan en z’n gameranger doet het toch net even wat leuker en aantrekkelijker. De witte en gewone leeuwen kunnen van heel dichtbij gefotografeerd worden en na de rondrit blijven wij bij het luiperd hangen. We kletsen gezellig en hij purt en lustig op los en komt als je hem roept. Hij gaat uitgebreid op de foto, maar helaas kan ik hem niet aanraken want er zit …….tig volt tussen. Hij is ongelofelijk mooi, maar een beetje te dik. Hij krijgt nog twee keer per dag eten (de leeuwen éénmaal per week) en dat is goed te zien. We scheuren ons node los van dit prachtige beest en rijden via Ellisras terug naar huis omdat Jurjen nog wil tanken. Kwamen we op de heenweg al klipspringers tegen, nu komen we langs een farm waar wel 7 – 8 kameelperde lopen, we zien njala’s, kudu’s, blesbok bij verschillende farms waar we langsrijden en zien een jakhals oversteken.

Jan moest naar Ellsiras voor een nieuwe reserveband. Ondanks mijn suggesties om van te voren even te bellen, hetgeen uit dien hoofde alleen al niet gebeurt, is hij ook vandaag weer voor Jan L naar Ellisras gereden. Weer geen band, maar wel een zoveelste belofte rijker, keert hij weer huiswaarts.

Woensdag 14 april  

Mokolo Nature Reserve

Het ontbijt staat voor zeven uur gepland want om kwart voor acht moeten we uiterlijk rijden richting Mokolo Nature Reserve. We gaan met twee auto’s omdat J&H vandaaruit direct door willen rijden naar Tzaneen. Tot mijn grote opluchting staan de giraffes bij de blauwe poort. Die weten op het allerlaatste moment meestal nog de courtesy te hebben om zich te tonen. Hartelijk dank daarvoor.

Op het Hermanusdoringspad crossen we de Mogol river die behoorlijk stroomt en direct daarna bevindt zicht de poort naar MNR aan de rechterkant. We worden opgewacht door Lee, Heide en haar buurman Heinz, eveneens een duitser. Woont in z’n uppie op een 1300ha gamefarm en heeft een zoon met twee kleinzoons in Duitsland. Zijn hier nog nooit geweest, maar mischien komt het er volgende jaar van. Ik had eigenlijk alleen een praatje over het traineeship verwacht, maar we worden in hun bakkie geplaatst en gaan het reserve bekijken. En al het werk wat daar bij komt kijken. Ze zijn immers een big 5 area en als het fench (zoals vorige week door de rivier compleet meegenomen) stuk is, moet daar men man en macht aan worden gewerkt om het weer te herstellen om geen permits te verliezen. Het gebied is zo’n 8000ha en in bezit van een overseas conglomerat. Heide (ik schat haar 65) is een soort zetbaas, rookt zich te pletter en Lee is haar manager. Lee’s vriendin doet de administratie en heeft een zeven jaar oude dochter uit een eerdere relatie.

Een aantal jaren geleden kreeg het reserve 2 jonge wees olifanten uit het Krugerpark. Een soort K-marokaantjes zeg maar, maar ze heeft er fatsoenlijke beesten van weten te maken die inmiddels zelf succesvol voor nageslacht hebben gezorgd. Ze praat met ze en ze komen naar haar toe. We ontmoeten één van de bullen bij een waterhole en hij komt inderdaad, nadat ze hem op z’n gemak heeft gesteld, naar haar toe. Maar met gasten durft ze hem niet al te dichtbij te laten komen. Ook omdat Jurjen z’n fluisterklep niet kan houden ondanks Heide’s eerdere uitdrukkelijke verzoek te blijven zitten en geen geluid te maken. Als gameranger-in-spé zou je toch beter moeten weten. En Heide is er zwaar geirriteerd over kun je aan haar lichaamstaal wel merken.

De leeuwen zijn helaas niet in de buurt (dat kan Lee checken met z’n antenna en luisterkastje) en de cheetah’s zitten aan de Ka’Ingo kant, ver bij de leeuwen, tevens voedselconcurrenten waarvan ze het vrijwel altijd verliezen, vandaan.  MNR liet vorig jaar hun fenches neer met Ka’Ingo en dat was groot nieuws in alle nature conservation bladen, maar begin dit jaar besloot de Zorgvlietgroep (eigenaar Ka’Ingo) om de stekker uit het stopcontact te trekken zonder daar ook maar iemand te voren van in kennis te stellen. Bij MNR sloeg het in als een bom en hoe het verder gaat? Niemand weet het. Maar alle olifanten en de vier leeuwen zijn naar MNR gekomen, alleen de cheetah’s zijn dus verkast.

Tegen twaalven zeg ik dat we wel genoeg misbruik hebben gemaakt van hun gastvrijheid en we maar een eind moeten breien aan het bezoek. Dat wordt afgesloten met de vraag wat Jurjen eigenlijk precies wil, want echt een feest op MNR is het niet: 24/7 werken van 0600 tot 1700 en op dit moment geen gastenverblijf beschikbaar. De chemie en verwachtingspatronen blijken niet overeen te komen, dus einde oefening, maar wij houden ongetwijfeld contact met Heide en Heinz want zulke erudiete conservationists kom je maar zelden tegen.

Heinz vertelt en-passant nog vorige week een twee meter lange python z’n keel te hebben doorge-sneden. De python had z’n hond te grazen genomen en wilde niet meer loslaten. Dus toen maar een snee in z’n nek waarna de python er nog in slaagde de Mogol over te zwemmen. Maar Heinz heeft hem alsnog gepakt en gerapporteerd bij de politie teneinde vergunning te krijgen om het beest z’n vel te laten prepareren. Pythons zijn higly endangered en die mag je, behoudens noodgevallen als deze, dus niet om zeep helpen.

We nemen afscheid van iedereen en keren huiswaarts en gaan aan de slag om het gastenhuis voor het volgende bezoek weer in orde te maken. De wasmachine draait in dit soort gevallen overuren.

Donderdag 15 april 

Jan gaat opnieuw met de laptops naar Ellisras waar hij om tien uur een afspraak heeft. Maar weer gebeurt er niets aan de laptops en twee en half uur later lijkt de techneut gewoon verdwenen. Dit is de laatste keer dat m’n laptop meegaat, want die kun je niet zomaar bij een wildvreemde achterlaten zonder te zien wat er gebeurt. Had ik dit tevoren geweten, was hij ook nu niet meegegaan. Maar gelukkig weet je niet alles van te voren.

Ik heb olie de diverse decken weer en loopplank naar de hide. Nu alle werkzaamheden achter de rug zijn kan ik daar met een gerust hart aan beginnen. Geen onnadenkende onverlaat meer die met krassende gereedschappen over het hout sleept, en daar lelijke krassen mee achterlatend.

Oliver en Abram hebben de lekkende vijver gesloopt. Daar zijn ze een week mee bezig geweest. Een volstrekt zinsloze excercitie, want de volgende vijver zal een zelfde lekkend lot beschoren zijn als manlief niet naar wijze raadgevingen wenst te luisteren, en het slechts op een herhaling van zetten uitdraait.

Pok

Ik heb een halfmens gekocht voor de pot bij Hans en Grietje. Ik vul hem met stenen en de jongens gooien hem half vol met zand. Ik moet even de kraan bij de watertanks gaan aanzetten om het geheel lekker in te wateren. Als ik weer terugben bij H&G hoor ik “pok” en zie tot mijn schrik dat de waterslang de bodem onder de pot heeft weggespoeld die daarbij tegen H&G is geknald. Hij is aan gruzelementen, ik woedend op mezelf over mijn eigen stompzinnigheid en al het tevergeefse werk. Halfmens kan ik gelukkig nog redden, die moet tijdelijk in de kas maar een nieuwe pot afwachten. Dat kan trouwens nog wel even duren, want ze komen uit Bela-Bela en daar komen we voorlopig niet in de buurt.

Vrijdag 16 april 

Abram heeft lang weekend en Oliver checkt de fench. Op weg naar de workshop vind ik een hele mooie gave grote porcupine-pen, die heeft hier dus vannacht rondgemarcheerd.  Dat blijft één van m’n grote ergernissen: niet kunnen zien wat er ’s nachts allemaal langskomt en rond het huis spookt, en het dus alleen maar met de sporen van de beesten te moeten doen.

Jan heeft de solargeyser weer geinstalleerd, maar het pompje dat voor de toevoer van en naar de solarpanelen zorgt is doorgebrand. Het was in november vorig jaar al duidelijk dat dat ding stuk was, want elke keer als het werd aangezet, vloog de aardlekschakelaar eruit, maar soms duurt het even voor een boodschap overkomt. Vandaag was dat eindelijk het geval. En zo is er altijd wel wat kapot en lijken de prijzen van de te vervangen onderdelen gevaarlijk nederlandse trekjes te gaan vertonen, of loop ik heel erg achter? En simpel pompje met nauwelijks doorvoerkapaciteit voor EUR 125? Ik vind het nogal wat.

Zaterdag 17 april 

Ik heb nog een bergje was te strijken en olie het deck bij het zwembad. De kwast die ik daarvoor gebruik begon al tekenen van slijtage te tonen en werd steeds slapper in de steel. Nu breekt hij kompleet af, dus moet ik het met de kwast zonder steel doen. En het goedje is zo destructief (behalve voor het hout kennelijk) dat het zelfs door m’n rubberen handschoenen heenvreet. Maar de klus is weer geklaard, alle decken liggen er weer toppie bij constateer ik vergenoegd. Van iemand anders hoef ik geen complimenten te verwachten, dus geef ik ze gewoon mezelf.

Maandag 19 april    

Tot onze verrassing is het afgelopen nacht begonnen te plenzen en onweren. En dat moet je echt je bed uit om de telefoon, TV en laptop te redden. Dus alle stekkers uit het stopcontact. Onze aardlek schakelaar slaat uit en ik vermoed dat de nieuwe weerligafleier bij de garage geraakt wordt aan de rondvliegende sparks te zien. Tegen negenen is de bui weer overgedreven en de lucht helderblauw. De snelheid waarmee het weer hier kan veranderen, het is nauwelijks te beschrijven.

We moeten naar Ellisras met weer een hele waslijst. We moeten nog steeds ons cellnummer laten registreren (het nut en de noodzaak ervan zie ik niet, want dieven zijn alleen geinteresseerd in de mobiel en niet de simcard), maar goed we hebben ook geen zin om de eigendom van onze mobiele nummers te verliezen, dus doe je aan deze gillende onzin mee. En Jan moet bij de politie weer een stempel halen dat hij nog leeft van het pensioenfonds (vroeger c(h)ampagne, maar nu gewoon campagne want de laatste 5 jaar geen indexering te zien, maar kosten levensonderhoud sindsdien wel verdubbeld). En de wegenbelasting voor de trailer moet worden betaald. Daarvoor moet je naar de municipality. Via internet betalen kan ook, maar of het vignet via de post dan ooit aankomt? Een onaanvaardbaar risico.

TON/TOM

Maar we kunnen niet zomaar naar Ellisras zo blijkt. In mijn voorbereidingen op de reis wordt ik ernstig verstoord (tassen, koelboxen, voorbeeld gordijn meenemen). Jan troont mij mee naar de workshop waar ook Oliver, Abram en Solly (zoon van Maria, die een paar dagen mag meewerken voor een bepaalde rotklus) zich al verzameld hebben. Ik spreek het niet hardop uit, maar ze hebben ongetwijfeld een slang. Wat is die probleem? Jan schijnt er met de zaklamp op: een pofadder. Het beestje ligt lekker opgeknoeddeld tussen de wildsbrokkies onder de stellingen die tegen de muur geplaatst zijn. Het is een nachtdier, dus overdag zoekt hij een donker hoekje op. Ek soek die stok van die slang  merkt Oliver totaal overbodig op. Ik zeg hen de slangenton in gereedheid te brengen terwijl ik de slangenhaak ga halen. En daar staan vier volwassen kerels toe te kijken hoe ik de pofadder vang. Dat lukt niet één, twee, drie, want ik krijg de haak niet precies achter z’n kop en glijdt de slang dus gracieus steeds weer uit de haak, maar de vierde keer heb ik hem dan eindelijk te pakken. De haak precies achter z’n rechthoekige kop en dan kan hij geen kant meer op, en zo til ik hem de slangenton in nadat Solly nog een hooivork op z’n kop had willen drukken. Moennie doodmaak nie Solly waarna hij de hooivork weghaalt. Het deksel gaat op de ton en ik vraag applaus van mijn toeschouwers. Dat komt er maar met moeite uit.  Niet Trots Op Nederland, maar Trots Op MEZELF dat het me gelukt is de slang te pakken en in de ton te laten zakken. Mijn hart is er goed voor om het beest op z’n gemak te stellen dat het heus allemaal goedkomt, zoals ik bij andere beesten wel doe, maar dat lijkt me in dit geval een beetje tricky.  Het beest leefde daar in luilekkerland natuurlijk vanwege de muizen die op de wildsbrokkies afkomen. Slechts een kwestie van je bek opendoen, en ze lopen vanzelf naar binnen. We laten de slang op het Witkoppad in de berm weer los en wensen hem veel geluk in z’n nieuwe leefomgeving. Hij blijft in totale verbijstering en desorientatie alleen achter. Ik heb eigenlijk medelijden met hem, maar hij vindt z’n draai en een nieuwe voerschuur hopelijk snel weer.

We gaan naar Leka Reka waar gordijnstof verkocht word. Ik zoek stof voor ons nieuwe project “koof”  en ik meen de goede kleur te hebben gevonden, maar absoluut zeker ben ik niet. Alhoewel? Ik vraag om een monstertje dat Elna voor me afscheurt. Via Wiesenhof gaan we weer naar huis waar we net op tijd arriveren om de kosboxen voor de jongens te vullen. Maar ook de terugreis verloopt niet zonder oponthoud: halverwege ligt er aas op de weg en een grote roofvogel probeert dat tussen het zware verkeer door op te pakken. Dat loopt vast niet goed af voor de vogel, dus ik zet het bakkie aan de kant, en Jan haalt het aas van de weg. Het blijkt een blauw apie (vervet monkey) te zijn, en dat zie je toch niet vaak een doodgereden aap omdat ze meestal watervlug zijn. En op het Witkoppad steekt een stel dwarfmongoosjes over.

Project Koof

Sinds medio vorig jaar hangen er gordijnen in de woonkamer voor de grote schuifpuien en om de rail onzichtbaar te maken, moet er een koof voor komen. De metalen beugels om de koofplank tegen te bevestigen hebben we ook al geruime tijd in huis. En nu het project “handrail” af is, is dit project dus aan de beurt. De haken zijn in co-productie het afgelopen weekend inmiddels bevestigd en het wachten is dus nu op de stof om rond de plank te spannen. De beugels moeten weliswaar weer van de muur om ze in de juiste kleur van de stof te kunnen spuiten, maar nu ze eenmaal gepositioneerd zijn is dat een fluitje van een cent. De reep stof blijkt kwa kleur vrijwel exact overeen te kom en met de gordijnen en ik laat Elna weten dat ze de stof kan afknippen en dat ik het later deze week kom ophalen.

Raja is nog steeds woedend op Onyx en ze als ze de mogelijkheid krijgt om hem ergens te “corneren”  zal ze het niet laten waar hij vervolgens compleet afgerost wordt. Hij verweert zich wel en zet het op een schreeuwen zodat de hulptroepen snel ter plaatse kunnen zijn, maar door haar omvang en gewicht heeft ze uiteraard de overhand. Ik probeer met speelgoed hen aan het spelen te krijgen om zo de aandacht af te leiden. Met Luna lukt dat prima en dat gaat ook steeds beter, maar Raja  is totaal onvoorspelbaar.  De ene keer loopt ze straal langs Onyx heen, de andere keer is het compleet oorlog.

Was de hemel om kwart voor zes nog blauw, binnen tien minuten is alles inkt- en inktzwart, en begint het zo erg te stormen dat alle buiten stoelen en tafels omver gaan de de stoep in no-time blank staat. Daarbij onweert het ook nog eens aanzienlijk en weet Onyx niet wat hem overkomt. Verschrikt kruipt hij op schoot. Na een uur of twee is de bui weer vertrokken, maar weten we niet hoeveel regen er precies gevallen is, want ook de regenmeter is uit z’n houder geragd, maar we schatten zo’n 10 – 15 mil aan de stijging van het niveau in de waterfeature te zien.

Dinsdag 20 april 

Emmy is gekomen om het gastenhuis voor het a.s. bezoek van Frank c.s. in orde te brengen en het puin is vrijwel helemaal uit de lekkende vijver verwijderd. Dat is naar de stone crusher gebracht omdat ik wil dat het gerecycled wordt in plaats in de bodem gedumpt dat al m’n mannen het liefst doen. Lekker makkelijk, maar ik wens geen vuilnisbelt op eigen terrein en het gecrushte beton kan mooi als vulling voor de deels weggespoelde paden dienst doen.

Stekkie van de Fuchsia (Ja Zuster, Nee Zuster)?

Een paar maanden geleden schreef ik over de bloeiende Agave die een nieuwe verrassing voor ons on petto blijkt te hebben. Nu het gisteravond zo gestormd heeft, liggen er opeens overal stekjes. En als we de lange piemel wat beter bestuderen, blijken deze stekjes gewoon aan die lange stengel te groeien en die wachten op de wind om elders geparachuteerd te worden om weer wortel te kunnen schieten. Ik ben dol op die planten, en we kunnen dus nu een heuse kwekerij voor eigen gebruik gaan beginnen. En er zitten er nog heel veel aan te komen zo te zien.

Onyx is niet goed te pas, wil niet eten en heeft koorts. Gisteravond heeft hij urenlang met Luna lopen ravotten door de kamer. Wellicht te veel van zichzelf gevraagd, of gewoon en griepje? Altijd vervelend dat zo’n beest niet kan praten en je maar moet raden wat er aan de hand is.

De hel breekt los

Tijdens het eten steekt er opeens een storm uit het niets op. Hoe hard we ook rennen om alle ramen te sluiten, alles vliegt al door de lucht. Als buitenstaander kun je je er echt geen voorstelling bij maken. Met de wind barst er ook een regenbui los. Voordat we van de eettafel bij de badkamer zijn, staat de vloer al blank, en zijn de kussens van de sunloungers spoorloos verdwenen. Een spot ik er tegen de muur op het terras (de ander vinden we later in de brandgang terug). Die sunloungers staan weliswaar buiten maar onder een rieten kap en zitten met klittenband aan de sunloungers vast. De hoes van de parasol is er ook afgewaaid en de parasol zelf staat ongeveer een meter verder op het zwembaddeck, dan waar hij de laatste maanden had gestaan. Alle stoelen en tafels liggen weer om en het flyscreen dat de stoep voor het huis tegen de felle zon moet beschermen is compleet aan gort. Gisteren waren de eerste tekenen al zichtbaar en ik had gevraagd dat vanochtend als eerste klus aan te pakken, maar tevergeefs. Nu is het leed nog veel groter. Maar we hebben wel mooi 20 mil te pakken en alles is weer schoon en fris gewassen. So heb elk nadeel se voordeel sal ik maar segge. Jan zit inmiddels weer voetbal te kijken, dus deze Johan Cruyff term lijkt mij niet ongepast.

Eskom was ook onmiddellijk weer vertrokken en Jan zit te mopperen dat de generator niet auto-matisch aanslaat. Nou schat, dat komt omdat je hem gisteravond zelf bent wezen uitzetten verdedig ik de beschuldigde partij. Als de bui een beetje geluwd is, gaat Jan naar het generatorhok, en binnen vijf minuten: zie daar, er is weer licht.

Woensdag 21 april   

Om kwart voor acht vertrekken we naar Pretoria. Jan moet op artsenbezoek bij een dermatoloog want er bestaat een verdenking van psoriasis. Er gaan 3 koelboxen en de tot op de draad versleten bruine tas mee. Die tas viert dit jaar waarschijnlijk z’n 30 jarig bestaan. We zullen er binnenkort afscheid van moeten nemen want de rits wil nu ook niet meer dicht. Er gaat ook een deken mee om een pot bij de pottenboer in Bela Bela te kopen. De jongens gaan het puin uit de vijver crushen en Emmy gaat het bushcamp schoonmaken. Want Jan wil straks met z’n kleinzoons wel een nachtje in een tent slapen. Het is te hopen dat het dan niet meer zo stormt.

ING in de bocht

In Vaalwater legen we de postbus en treffen een brief van de ING. Ze komen er drieenhalf jaar later achter dat ze geen fysiek adres van Jan hebben (van mij ook niet, dus ik krijg vast ook nog wel zo’n brief) en dat ze als gevolg daarvan geen internationale betalingen meer voor hem zullen verrichten. En als hij voor 15 mei a.s. geen fysiek adres doorgeeft, dan wordt de relatie heroverwogen (nette bewoordingen voor beëndigd). Ach, hij bankiert er pas zo’n 42 jaar. Nu hoeft ING nooit internationale betalingen voor ons te verrichten, dat doen we zelf wel achter ons computertje. En het gaat alleen om het pensioen elke maand. Wat moet je nou met zo’n achterlijke brief? Lachen of huilen? Zullen we die randdebielen überhaupt aan het verstand kunnen brengen dat farms een officiele farmnaam en een soort kadastraal nummer hebben, maar geen straatnaam en geen straatnummer? Ik waag het te betwijfelen. Wat een achterlijk land.

We gaan in Pta eerst koffie drinken bij La Spiga. Daar verkopen ze een engelse krant van tabloid formaat die onbeschoft duur is voor zo’n vod, maar Jan vindt het kennelijk een teken van beschaving om hem te lezen of er mee gezien te worden. De krant wordt zorgvuldig in het zijvak van de bruine tas opgeborgen. Die gaat hij straks op de terugweg lezen als ik ons voertuig  richting huis bestuur. Daarna gaan we naar Woolworths voor de boodschappen. We laden alles terug in de kar om in de koelboxen (die achterop het bakkie staan) te verdelen. Aan zo’n boodschappentrolley zit altijd wel een haakje voor je handtas oid, maar Jan hangt de loeizware bruine tas eraan. Niet zo’n goed idee vind ik, want er kan van alles uitvallen nu de rits niet meer dicht kan, en de tas zelf staat gewoon op uitelkaar vallen. Dus ik zie hem liever (doch tevergeefs) in een trolley vervoerd. De niet bederfelijke waar en goddelijk lekkere verse bruine broodjes gaan in de bruine tas. Ik sta achter op het bakkie waar Jan mij alles aanreikt wat in de koelboxen moet, heeft trolley leeggemaakt en vervolgens weggezet. Waarna we het ziekenhuis gaan opzoeken. Dat ligt in de diplomatenwijk aan Pretoriusstreet, en is gemakkelijk te vinden met een uitstekende kaartlezer zoals ik. We leren de ziekenhuis zo wel kennen, want dit is inmiddels nummer 6.

Prof Jasic

De dokter is een klein manneke en op z’n naambord zien we dat hij Professor is. Wat een eer. Eerst een document invullen en cash afrekenen en daarna mogen we naar de Prof. De man is al lang met emeritaat zo te zien en aanvankelijk gaat het over van alles, behalve over Jan’s aandoening. De Prof is pool, spreekt russisch en de geschiedenis wordt even kort uit de doeken gedaan. Dat is aan Jan wel besteed, want die is dol op historische-, en oorlogsliteratuur. De Prof blijkt er gezonde opvattingen op na te houden en hij werkt nog slechts 3 uur in de week. Niet als dermatoloog an Sich, maar voor 2nd opinions. Alle dermatologen in Pta zijn zo ongeveer leerlingen van hem vertelt hij, want hij was Prof aan de university van Pta. Hij heeft alle tijd van de wereld en kijkt en passant naar Jan z’n plekken die eerder door de GP (huisarts) als psoriasis werden afgedaan. De Prof herkent de plekken niet als zodanig hetgeen op zich een geruststelling is. Hij schrijft een aantal zalfjes voor die de jeuk moeten inperken. De Prof reist kennelijk nog steeds veel en is fervent vogelaar. Hij vraagt dus of er bij ons ook veel vogels aanwezig zijn op de farm. Die zijn er inderdaad. Ik vraag hem op mijn beurt hoe ik van m’n rimpels afkom, maar dat zou hij niet weten, want hij was niet van the cosmetics. Zelf heeft hij wel een heel gladde huid voor z’n (geschatte) leeftijd. Hmmm.

Afscheid

Nog even bij Builders Warehouse langs en dan gaan we lekker naar huis, en Jan z’n peperdure krantje lezen. J: Waar is dat eigenlijk? M: In het voorvak van de bruine tas. J: Waar is de bruine tas? M: Hoe weet ik dat nou, jij hebt de trolley uitgeladen. Op de achterbank tussen de andere tassen, valt geen bruine tas te bespeuren. We zitten al ruimschoots op de N1 naar het noorden en ik zet het bakkie in de berm. Lichtelijk ongerust stapt Jan uit: geen bruine tas achter op het bakkie. Ergo: die hangt nog aan de haak van de boodschappentrolley. Ik had me het afscheid van de tas toch net even anders voorgesteld. Ik vraag Jan om Woolworths te bellen (nummer staat op de bon), dit lijkt me toch wel het minste wat hij kan doen, om te vragen of een eerlijke vinder de tas daar naar toe heeft gebracht. Maar geen haar op z’n hoofd die daar over denkt. Het idee alleen al om zo’n stupiditeit toe te moeten geven……… never. Hij zakt nog liever door de grond bij wijzen van spreken. Maar de poezen en ik zijn echter wel de grootste slachtoffers: bijvoorbeeld alle heerlijke verse bruine broodjes en shebaatjes zitten in die tas. Alles bij elkaar toch zeker wel zo’n R600-700 aan waar. Dit is toch weer een nieuw hoogtepunt in Jan’s …………………, ja geef er maar een passende naam aan.

In Bela Bela pikken we twee bloempotten op bij het zwarte manneke die de potten zelf maakt, en die gaan op de achterbank in de veiligheidsriemen.

Potjiekospot

Weer op de plaas rijden we langs de staffquarters, want we hebben een potjie voor hen gekocht. Ze zitten immers al weer een paar dagen zonder stroom en kunnen geen eten koken anders dan op de braai. En zo krijg je de aardappels en groenten niet gaar, dus vandaar deze peperdure aanschaf. Zo’n dik zwaar zwart gietijzeren geval dat je op het braairek kunt plaatsen, en er vervolgens van alles in kunt kieperen hetgeen in potjiekos resulteert.

Donderdag 22 april 

Ik laat het er niet bij zitten en bel Woolworths, maar daar is de tas niet naar teruggebracht. Vervolgens zoek ik op de website de security van Brooklyn Mall op. Ik beschrijf de swartman de tas en die roept onmiddellijk dat hij hem gisteren heeft gevonden. Hing gewoon aan de haak van de trolley en staat nu bij hem in de controll room. Ik vertel hem dat we heel erg ver weg wonen, maar dat we volgende week vrijdag toch naar het vliegveld moeten, en we de tas dan wel ophalen. En dat hij de heerlijke broodjes lekker mag opsmikkelen, die zijn na een dag toch al niet zo lekker meer, en na een week verschimmeld waarschijnlijk. Echt waar? vraagt hij. Echt waar, maar van de rest afblijven hoor! Hij noteert nog even m’n naam en telefoonnummer.

Jan heeft stiekum zitten meeluisteren natuurlijk en komt te voorschijn: hm, zijn we dus nog steeds niet van die oude versleten tas af? Neen, je moet een effectievere methode verzinnen dan deze.

Vrijdag 23 april

Sushi

We gaat de stof voor de koof ophalen en Jan gaat ook mee. Het idee is om de stof aan de plank te nieten, maar in Z.A. blijken nergens de nieten te koop, die in de twee uit NL meegekomen niet-machines passen. Dus moet er een nieuwe nietmachine komen. Bij Bou en Hardeware hebben ze een Bosch, maar ze hebben er geen batterij voor en ook geen bijpassende nieten. Wat moet je dan met zo’n ding in je winkel? Bij Mica vinden we er wel een, electrisch en met passende nieten. We drinken lekkere koffie bij Wiesenhof en ober Kelvin vertelt dat ze vandaag een heuse Sushi-chef uit Pretoria aan het werk hebben en, omdat wij vaste klant zijn, krijgen wij een gratis selectie Sushi’s. Vallen wij even met onze neus in de boter. Het blijkt niet zomaar een klein proefje, maar een bord vol. Helaas niet met verse zalm, tonijn of garnalen, want die zijn hier niet te koop. Na afloop vragen we de chef te spreken, na Kelvin te hebben geadviseerd ook voor Kirin bier te zorgen in het vervolg. We complimenteren de chef en vragen hoe hij de toekomst ziet. Ook Shashimi en evt op bestelling zodat we, als we gasten hebben, ’s avonds lekker thuis van deze heerlijkheden kunnen genieten? Als het aan hem ligt wel, maar dan moeten wij wel genoeg eten glimlacht hij, want anders ligt hij er zo weer uit als er geen omzet in het product komt.

Bij het tuincentrum heb ik nog een Impala Lily gekocht. Ik ben helemaal verslaafd aan deze planten geraakt. En ze kosten gelukkig niet veel, maar fleuren de stoepen mooi op. Ik ga wel zwemmen, maar het is onaangenaam weer en de heat exchanger kan het maar net bijhouden met de temperatuur.

Zaterdag 24 april

Ik zoom de gordijnstof voor de koof en Luna helpt mee. Van de wal in de sloot. Het is grauw en grijs en het regent een hele tijd. Om de kilheid te verdrijven maak ik de openhaard alvast aan, dat staat ook wel zo gezellig straks als buurman Gerrit kom kuier. We hebben hem veel te lang niet gezien en dus hebben we ontzettend veel bij te praten. Het zijn niet allemaal leuke dingen die de revue passeren, maar ook een klassieke familie tragedie. En 18 mei a.s. wordt Tswana geveild in Pretoria. Hopelijk heeft hij meer geluk dat Tholo en Ka’Ingo waar de veilingen bij gebrek aan belangstelling werden afgelast. De avond vliegt werkelijk om en voor je het weet komt er al weer een einde aan het gezellig samenzijn.

Raja heeft het onverminderd op Onyx voorzien en zo verandert Onyx van een onbezorgde robbedos, in een bang katje en moet ik hen uit elkaar houden. Wat een waardeloze situatie. Ook het kleine njalaatje lijkt al weer verdwenen. Ik heb het al dagenlang niet gezien terwijl de rest gewoon komt eten. Wij hebben niet veel geluk met njala babies, terwijl ze het bij Gerrit juist zo ontzettend goed doen en de populatie groeit.

Zondag 25 april 

Het is nog steeds guur hollands weer, alleen het uitzicht is anders. Ik heb twee truien aan en de vloerverwarming in de badkamer houdt daar onze voeten warm. En er lijkt een griepje aan te komen want ik voel me beroerd en er komt niets uit m’n handen. Zelfs ademhalen is me eigenlijk te veel.

Donderdag 29 april 

Ik ben gelukkig weer een beetje opgeknapt en gistermiddag is eindelijk het zonnetje weer door-gebroken. Het is meer dan een week lang oerhollands takkeweer geweest. Maria komt poetsen, Abram krijgt instructies voor het kattenbeleid vrijdag/zaterdag omdat we morgen richting Krugersdorp gaan om de trailer op te halen, de vergeten tas met boodschappen. Zaterdagochtend halen we dan Frank, Wina, Mart en Luc van het vliegveld die hier 14 dagen komen logeren. Het gastenhuis is klaar en twee single bedden erbij gepropt zodat de eerste nacht in ieder geval gezamenlijk in den vreemde kan worden doorgebracht.

En dan nog even met Onyx naar de dierenarts. Hij heeft een onsteking bij zijn oog en niest een beetje. Hij heeft de hele ochtend leuk met Luna buiten geravot, maar nog geen minuut binnen of Raja heeft hem al weer achter de wasmachine gemept. Ze kan er zelf gelukkig met d’r dikke pens niet achter, maar als ’t moet zou ze er desnoods voor op dieet gaan als je het mij vraagt. Dat brengt mijn gedachten terug op Halina Reijn gisteravond bij DWDD. Eerst dikker worden om vervolgens tot Anorexia formaat af te slanken voor een film. Er zijn meer acteurs die zo met hun gezondheid spelen, ik zou het er never voor overhebben. En dan Rita Reys, 85, nog tamelijk straks in het vel in haar gezicht en nog steeds op tournee. Echt ongelofelijkdat je op die leeftijd er nog zo kunt uitzien en zo ontzettend in het leven staat alsof je 50-60 bent. Grote bewondering daarvoor.

Het project koof is op een haar na gevild, ik heb me alleen vergist bij een van de uiteinden, daar moet nog een extra plankje gemaakt en het stof dat ik overhad, daar heb ik al een kussenovertrek van gemaakt, ergo, er moet nog een 30 centimeter stof bijgekocht worden.

Vrijdag 30 april 

Om negen uur vertrekken we naar Krugersdorp en vergeten boodschappentas. Rond Pta en Joburg wordt onverminderd aan de weg getimmerd, maar wij zien geen enkele vooruitgang en vrezen dat het over krap 6 weken (Soccer 2010) ook niet klaar zal blijken te zijn.

Het is nog een hele kunst om de controll room te vinden, maar eindelijk is het dan zover. Ik meld me en het duurt even voordat de verantwoordelijk ambtenaar vanachter de getraliede deur verschijnt. De tas komt te voorschijn en zelfs het brood zit er nog onaangetast in en is niet eens verschimmeld. Maar wel keihard. Op het eerste oog lijkt alles er nog in te zitten, zo ook een droge worst. De ambtenaar lijkt dat wel erg lekker, but my husband will kill me als ik die weggeef, dus hij blijft mooi in de tas. Na ….tig handtekeningen and “collected”  is de tas weer van ons en geef ik de swartman R20 fooi bij wijze van dankje-wel-voor-de-oppas. Ik heb meegekeken in de diverse boeken en je hebt er geen idee van wat er allemaal in zo’n parkeergarage kan achterblijven om vervolgens nooit meer opgehaald te worden. En de controllroom bestaat uit …tig beeldschermen waarop het winkelende publiek te volgen is, en waarbij op het individu kan worden ingezoomd.

Net iets over tweeën arriveren we bij Cruisertrailer. Die gaan officieel om twee uur dicht op vrijdag, maar ik heb hen telefonisch vriendelijk doch dringend gevraagd nog even 10 minuten te wachten. De trailer is weer keurig gerepareerd. En blijft deze keer hopelijk langer in onbeschadigde staat dan tot nu toe, want het was al de tweede keer dat hij voor repairs terugmoest. We overnachten in het Emerald Guesthouse en slaan eerst onze tijd stuk in Sandton. Daar kom je altijd tijd, oren en ogen te kort. Maar de hand blijft dit keer op de knip. De vrij te besteden middelen zijn deze maand opgeslokt door de trailer.

Op het nippertje

Als we het parkeerterrein weer verlaten, loods ik Jan tussen de slagboom door naar de uitgang. Althans, dat probeer ik. Naar binnen was geen probleem, maar naar buiten tussen de poortjes door behoeft niet noodzakelijkerwijze automatisch goed te gaan. Ik roep dat Jan moet stoppen omdat het niet goed gaat, maar volgens Jan gaat het best goed en hij negeert mijn stopgebod. Nogmaals schreeuw ik dat hij moet stoppen want het spatbord van de trailer zit op een haartje na op de betonnen shoulders. Er komt een securityguard zich mee bemoeien die mij meldt dat Jan naar links moet sturen. Ga het hem maar mooi zelf vertellen, want naar mij luistert hij toch niet merk ik vals op. Dus gaat de guard het Jan uitleggen en zo komt de trailer toch nog ongeschonden van het parkeerterrein.

Een illusie armer

Emeral Guesthouse ligt ongeveer op het vliegveld, maar het is al donker en de wegen rond het vliegveld zijn zodanig veranderd ten opzichte van de kaart dat we Citylodge ongeveer 6 keer tegen-komen voordat we het EGH hebben gevonden.  Daar eenmaal aangekomen, ontkoppelen we de trailer en laten ons naar Emperor Palace brengen, want daar zouden genoeg leuke restaurantjes voor het diner zijn. Hadden we het maar nooit gedaan, want tot nu toe had het Emperor Palace de illusie van James Bond glitter and glamour met smokings, martini’s, stirred-not-shaken, lange-diepe-decolleté-jurken met blonde-langharige-schonen/spionnes op hoge hakken. Niets is minder waar: fastfood restaurants met een doorsnee-van-de-straat-publiek in camping-outfit en talloze gokkasten die allemaal bezet zijn door jong, oud, wit, zwart, burka’s, kinderwagens met babies. We eten bij een aziatisch restaurant waar alles in warmhoud-zelfbedienings-bakken staat te pruttelen. Er is ook een plateau met sushi’s, maar als ik daar eenmaal enthousiast wil gaan opscheppen, spot ik een bak met blanke looptenen er vlak naast. Alle eetlust is op slag verdwenen en ik krijg de aanblik van die kippeklauwen niet van het netvlies. In retrospectief dringt de smerige weeige geur van de kippen-slachterij, waar ik ooit mijn brood verdiende, mijn neusgaten weer binnen.

 

 

 

 

 

 
Maart 2010 PDF Print E-mail
Written by Maya   
Wednesday, 12 May 2010 10:13

Maart 2010

 

Maandag 1 maart

 

M’n dagboek februari moet af, en de foto’s van onze Morukuru-trip gemanaged en ge-upload. Een fluitje van een cent zou je denken, maar met ons tergend langzame internet, en steeds wegvallende verbinding, duurt dat zo maar driekwart dag. Tegen die tijd zijn Oliver en Abram klaar met het dichtmetselen van het gastenhuis en kan ik aan een verfklus beginnen. De vorige eigenaren hadden uit gemakzucht een gedeelte van het gastenhuis dichtgemaakt met gipsplaat dat aan alle kanten begon te kieren zodat alles vrij en en uit kon lopen. O&A hebben het keurig met klippe gedaan, maar het heeft wel een week geduurd. In de eerste plaats kun je maar twee rijen klippe per keer metselen, anders stort het bouwwerk in. Daarnaast is het heel hoog en moet er met steigerwerk en daarbovenop weer een trapje gewerkt worden. Ik heb Ollie op het hart gebonden de ladder vast te moeten maken aan de balken zodat hij niet omver kan kachelen. Dat zag hij zelf ook wel in.

 

Emmy was al gekomen om schoon te maken, maar een beetje te vroeg. Maar H&G moeten ook een beurt ivm ons bezoek volgende week. Dus ze kan toch aan de slag, en s’ avonds belt Pat voor de laatste Sakkie roddel en de vraag of Maria morgen al mag komen omdat ze woensdag naar het ziekenhuis moet voor haar AIDS-treatment. Ik heb daar uiteraard geen enkel bezwaar tegen.

 

Dinsdag 2 maart

 

Ik haal Maria op bij de gate, maar stuit eerst op twee Zebra’s met een kleintje. Een paar honderd meter verder op staat mams Kamelperd met d’r kleine jochie. Pa is in geen velden of wegen te bekennen. Ik vertel Maria Sakkie’s verhaal en ze lacht zich een breuk. Wat een onzin van een witte dokter bij Moria. Het is gewoon een kerk en pas in April is er weer een happening. Hy lieg en hy soek net die geld van die missizz.

 

Verfverdriet

 

Ik ben nog steeds niet klaar met verven in het gastenhuis dus laat Emmy alle ramen van ons huis maar wassen. Jan gaat boodschappen doen in Ellisras en moet nieuwe verf meebrengen want waar ik mee bezig ben is vrijwel op. 22 januari heb ik de laatste bus gekocht en daar is weer een mooi nieuwe kaart van gemaakt die in het systeem bij Mica is gegaan voor future purchases. Hij komt thuis met een 20L bus die meer dan 2x zoveel kost dan de vorige. De bus staat nog op het bakkie; het blijkt eggshell enamel te zijn. Behalve de kleur de totaal verkeerde verf. Ze hebben bij Mica een kaart uit het archief gehaald van 3 jaar geleden en Jan heeft er verder niet bij nagedacht. Die gaan ze dus mooi terugkrijgen. Ik bel Gerhard die mij de bus verf verkocht. Hij kan zich dat nog goed herinneren maar zegt dat deze verf ook heel goed op een muur gesmeerd kan worden. Die is niet goed wijs, en hij capituleert dat hij de verf terugkrijgt en cashback as well. Maar ik zit mooi te kijken zonder verf. Gelukkig is de binnenkant klaar en hoef ik alleen de buitenkant nog maar, maar balen is ’t wel.

 

Ik serveer m’n poetsmeiden hun lunch. Bestaat steevast uit 3 boterhammen met boter, kaas of ei en jam of pindakaas. Met fruit en thee.

 

Aan het eind van de middag is iedereen uitgepoetst, hangt de was weer scherp in de vouw in de kleedkamer en breng ik Maria terug naar de overkant. Jan is een gedeelte van de bood-schappenlijst vergeten, dus er is geen bier in huis. Hij balen en ik neem er wel eentje bij Pat en Brian want ik moet Pat de schuld van Sakkie afbetalen die ik op z’n oprotpremie inhield. Maar eerst kijken Maria en ik uitgebreid na mams Kameelperd met d’r knulletje. Pa is nog steeds in geen velden of wegen te bekennen.

 

Woensdag 3 maart 

 

 

 

 

Retrenched!

 

Het werkloosheidsfonds UIF moet weer betaald en dan kun je gelijktijdig wijziging in het personeelsbestand of salariëring aanbrengen. Tot mijn grote vreugde meldt ik dat mnr Mahlatse Jesaya Molopologe niet meer bij ons werkzaam is waarna er een dropdown menu volgt waarbij de reden kan worden aangegeven. Retrenched klik ik vergenoegd aan, en voila: het systeem mij laat weten dat de gegevens van hem successful updated zijn. En ja hoor, bij het volgende scherm schitteren alleen nog Oliver en Abram als werknemers van Oosterhoff Investments CC.

 

Donderdag 4 maart

 

Jan is met het bakkie naar de garage geweest voor een servicebeurt en komt terug met de goede verf. Veiligheidshalve had ik hem de oude emmer maar meegegeven, want dat het bij een tweede poging meteen goed gaat is niet bij voorbaat gegarandeerd. Abram wil de oude emmer graag hebben voor mij onbekende doeleinden. Ik ga aan de slag met de verf en naai tussendoor een paar kussenovertrekken. Van de oude gordijnen in het gastenhuis, de rest daarvan heb ik bij wijze van grand foulard over de banken gedrapeerd want de kleurstelling van dat bankstel (grijs met bordeaux rood) past echt nergens bij. Maar het is verder een prima bankstel dat op deze wijze nog jaren meekan.

 

Oliver meldt de komst van Elisabeth, want hy wil die Fanny saterday by dr Poortier vat. Sy maag pla hom krijg ik er als anamnese bij.

 

Vogelslang

 

Vooralsnog bij gebrek aan verf, zet ik de loopplank naar de hide en de stoep maar weer eens in de olie. Dat moet eigenlijk elke 3 maanden bij deze felle zon. Terwijl ik bezig ben roept Abram: missizz ’n slang. Hij staat bij een Impala Lily met een grijzige stam en op dit moment mooie roze blommen. Wat ik ook zie, geen slang. Hij wijst hem met een tak (die hij toevallig aan het opruim is) aan, maar ik zie nog steeds niets. Ik loop de stoep af naar hem toe en hij wijst met de tak nogmaals de slang aan. Joh, dat is gewoon een tak, maar nee hoor het blijkt een vogelslang want opeens zie ik een knal oranje tongetje uit z’n bekkie flitsen. Ik haal m’n fototoestel, maar z’n koppie zit tussen de grassprieten en daar gaat de camera op focussen ipv op het mooie slangenhoofd. Abram probeert hem in beweging te krijgen, maar de slang blijft zo stijf als een plank hardnekkig een tak imiteren. Ek ken hom, hier die slang is baie baie stil laat hij me weten. Pas als ik het slangetje aan z’n staart trek, zeilt hij weg. Het is een Savannavoëlslag Thelotornis capensis die ook wel Takslang, of Twig Snake wordt genoemd. Volgens het slangenboek is hij baie gevaarlik omdat hij haematoxic is waar nog geen kruid tegen gewassen is. Z’n gewoontes volgens het slangenboek: ’n slanke slang wat meestal in bome leef en lae struike, bosse en bome verkies waar sy kriptiese kleure so goed met die agtergrond saamsmelt dat ’n mens dit selde sien. Dit beweeg grasieus en vinnig as dit gesteur word. Dit sal verskeie dae in dieselfde posisie bly as dit nie gesteur word nie. Hoewel sku en terughoudend, sal dit, al dit bedreig word, die nek opblaas om die helder vel tussen die skubbe te vertoon. Dan skiet dit gewoonlik vorentoe om te pik, terwyl die helder tong golwend flits. Dit jag bedags aktief en nader die prooi eers in kort sarsies en pyl dan vorentoe om dit te gryp. Die prooi word stewig tussen die kake gehou terwyl die gif werk. Grondprooi word vanuit lae struike gejag.

 

Ik kom niet helemaal boven aan de (mij veel te hoge) muur, dus Abram mag dat stuk morgen mooi afmaken terwijl Oliver de trap vasthoudt. Ik had de klipspringers al gehoord, maar als ik naar de zwembadpomp loop om het aan te zetten, staan de achter het zwembad en scheren zich met sierlijke sprongen over de rotsen weg. Bij de NWS komen bijna dagelijks twee hele grote Kudubullen drinken en zoutlikken laten de njala’s zich om de paar dagen ook zien voor hun brokkies.

 

’s Avonds vernemen we dat Agnes Kant is opgestapt wegens jammerlijk falen van de SP in de gemeenteraadverkiezingen. Ik vond het zo nu en dan een behoorlijk viswijf en om Wilders de bedreiging van de nederlandse samenleving te noemen ipv die achterlijke gevaarlijke godsdienst, het zal wel politiek o zo correct zijn moet ze hebben gedacht, werd door helemaal niemand geapprecieerd zo buitelden de politici over elkaar. En dan wordt er een flapdrol gepresenteerd waar wij nog nooit van gehoord hebben, maar die de SP gaat redden en weer op de kaart zetten. Ons lijkt het meer een Prins Carnaval.

 

Vrijdag 5 maart 

 

Naaimachien

 

Abram verft het laatste stuk waar ik niet bij kon (durfde) terwijl Oliver de trap stevig vasthoudt. Ik schilder de resterende randjes die ik gisteren niet meer zo goed kon onderscheiden. Het gastenhuis ziet er werkelijk keurig uit al zeg ik het zelf. Daarna zet ik me weer aan een paar kussenovertrekken en alles gaat met de hand. Ik heb geen naaimachine en zo ik er al één zou hebben, ‘k zou niet weten hoe zo’n ding te bedienen. In mijn vorige leven met Dolph, bracht mijn pa ooit een naaimachien als kado mee naar de Brugmanstraat in Doetinchem. Pa zei tegen Dolph, kom op, dan laat ik je zien hoe het ding werkt. Dolph werd dus in de geheimen van een naaimachien ingewijd, ik bleef onwetend. Met zijn nieuw verworven kennis, naaide Dolph een rok met steekzakken voor mij. Een mooie rok, maar de steekzakken waren in zoverre mislukt, dat zij niet identiek waren.

 

En weer komen de klipspringers en kudu’s langs, later gevolgd door Truus d’r kinderen en kleinkinderen en de njala’s.

 

Zaterdag 6 maart

 

Bruidstoilet

 

Ik tut maar wat aan met de gastenverblijven die piekfijn in orde moeten zijn voor het a.s. bezoek. Een weinig opwindende dag tot zover, behalve dan dat Anka mij een prachtige foto mailt van bruid Gemma en bruidegom Kevin. Gemma heeft een waanzinnig mooi bruidstoilet aan dat door een tante van haar gemaakt ik. Echt schitterend. Ik moet maar eens op zoek naar een nieuwe vent, kan ik nog een keer trouwen in een wolk van witte tule, zijde, kant, pareltjes etc.etc! Want bij m’n eerste huwelijk was het slechts een bescheiden broekpak vanwege de ontbrekende financiën en het feit dat er weinig reden tot feest was omdat hij huwelijk door m’n vader en moeder getracht werd te verhinderen. Voor mij was dit huwelijk m’n escape from Alcatraz en daarmee niet langer aan ouderlijk gezag onderhevig op m’n 17e. Het tweede huwelijk vond plaats op Nassau, de Bahama’s. En gelijk het eerste, ook dit huwelijk kon en mocht zich niet in veel goedkeuring verheugen. Daar had ik wel een mooie, maar korte okerkleurige wildzijden bruidsjapon aan, die door Karin Meijn gemaakt werd. Hij hangt nog altijd keurig in een hoes in de kleedkamer, want zoiets doe je niet weg hoe ondraagbaar in het dagelijkse farmleven dan ook. 

 

Begin van de middag brengt Brian de groenten die Lesley en George uit Joburg hebben meegebracht. Hier is de laatste tijd alles boontjes wat de klok slaat en dat begint toch behoorlijk te vervelen. Maar bij Woolworths isde situatie niet veel beter zo blijkt.

 

Na m’n zwemsessie ga ik de pomp onder het dek uitzetten en de kraan dichtdraaien. Het is een nogal ingewikkeld verhaal, maar het zwembad is zo stom geconstrueerd dat wanneer de pomp van de infinity edge wordt uitgezet, het zwembad via de opvangbak leegstroomt tot waar de inlaatjets zitten. Bovendien is het niet alleen een kwestie van kraan dichtdraaien, maar deze moet altijd een zetje na hebben, want anders sijpelt het bad alsnog leeg, zij het langzamer. Dan moet ik m’n voet op een randje zetten en geef dan met m’n knie nog dat laatste zetje aan die kraan. Voor de ingang van de machine kamer zit een stalen hekwerk om de bobbejanne buiten te houden. Mijn ritueel is dat ik het open en daarna 2x achter elkaar dichtsla hetgeen een hels kabaal maakt en waardoor de slangen zich uit de voeten maken. Dat ritueel doe ik ook vandaag dus weer.

 

Het laatste zetje

 

Ik zet de pomp uit en daarna m’n voet op het randje voor dat laatste zetje. Toevallig kijk ik naar m’n voet en zie vlak daarnaast iets zwartigs wat ik daar nooit eerder zag. Gekker nog, het heeft kraaloogjes en dan komt er ook nog een gevorkt tongetje uit. Ik kijk boven op de kop van een Pofadder. Nou meid, da’s niet goed, denk ik bij mezelf en doe een stapje terug. Aan de kop zit een kompleet volwassen Pofadderlijf dat er echt heel mooi bijligt, dat wel. In prachtige kronkels met een sterke chevrontekening op z’n rug. Hmmmmmm, wat nu? Ik haal Jan erbij en gewapend met de slangenhaak, slangenton, en ik in laarzen gestoken, gaan we hem vangen. Maar als we Poffie eenmaal in beweging hebben kan Jan de slangenhaak niet goed onder z’n kop krijgen en trekt  Jan steeds aan het korste eind van de slang die sierlijk onder de geyser wegzeilt. Operatie slangenvangen jammerlijk mislukt, maar als hij hier z’n intrek heeft genomen zien we hem ongetwijfeld terug.

 

Zondag 7 maart 

 

Ik ga toch niet zo onbevangen de zwembadpomp meer aanzetten als voorheen, en als hij aan het eind van de middag weer uit moet, guess what…..? Poffie ligt weer keurig op de plek van gisteren, maar als ik met de zaklantaarn op hem schijn, verdwijnt hij onmiddellijk weer onder de geyzer. Voor mijn voeten hupt een grote kikker heen en weer. Als je je zo nonchalent in het openbaar vertoont beste kikker, zou dit wel eens je laatste avond kunnen worden, waarschuw ik hem. Und: der Feind hört mit!

 

Maandag 8 maart

 

Nog een laatste inspectie in de gastenverblijven en dan is het wachten op Thea, Joost en Joep die net na de middag arriveren. Joost heeft mijn welkomstwoord op de website in het russisch vertaald in ruil voor een nacht gratis full board accommodatie. Ze lijken nogal onder de indruk van hetgeen ze aantreffen qua huis en uitzocht en verwonderen zich over hoe we hier beland zijn. Na het welkomstdrankje gaan ze inburgeren in hun resp. gastenverblijven waarna we ’s avonds lekker braaien want het is vrijwel windstil. Ze hebben ook 50 Taiga in Afrika’s meegebracht om hier uit te venten en 3 flinke stukken heerlijke oude boeren kaas. Dat is weer een paar weken smullen geblazen.

 

Gewapend met een bezemsteel ga ik de zwembadpomp uitzetten, maar Puf is in geen velden of wegen te bekennen.

 

Dinsdag 9 maart 

 

Joost en Joep gaan al heel vroeg richting rivier en zijn tegen half tien terug. Meer dan een Bosbok,  Dik Dik en kleine leopard tortoise hebben ze niet gezien. Maar wel een vruchtdoos gevonden die sprekend op de schedel van een heel klein aapje lijkt.

 

Krokodillen kijken en bestolen worden

 

’s Middags gaan we naar de Mokolodam waar het doodstil is en we geen toegangsfee hoeven te betalen. Nu is het  is een prachtige oase van rust en we spotten zowaar een paar krokodillen. Vlak voor Joep schiet er één te water die lekker aan de kant lag te zonnen. Hij laat een hele lange streep in het zand net onder de wateroppervlakte na. Ik heb een koelbox met bier, frisdrank en nootje meegenomen. Als Jan die gaat uitpakken, blijken de vervet monkies hem al voor te zijn geweest. De koelbox zat kennelijk niet goed dicht, ergo: de macadamia’s zijn compleet verdwenen. Van de pistaches is het zakje tijdens de daad kennelijk gescheurd zodat er tenminste nog een paar tussen de blikjes gevallen pistaches voor ons overgebleven zijn. Op een boom vindt Joep een Agame, en ik zie aan de overkant van het water een lang lint mongoose rennen. Dan komen er twee bakkies met een motorboot en is het binnen de korste keren met de rust en de krokodillen gedaan.

 

We rijden via Ellisras (en Wiesenhof voor een heerlijke capucinno of milkshake) weer naar huis. Tot onze grote ergernis laten de beesten zich weer niet zien. Bij Ine en Folkert flikten ze dat ook al. Maar via de wildcamera wordt hen bestaan gelukkig bewezen. Maar leuk is het niet.

 

Woensdag 10 maart 

 

Fatsoen

 

Opnieuw maken J&J een ochtendwandeling, maar weer zonder enige vorm van succes. Ze hebben besloten donderdag al richting Kruger te vertrekken, dus de afspraak bij Mama Tau moet geannuleerd. Daarna boodschappen doen met Jan via de route touristique. Ze komen afgeladen weer naar huis en hebben een aardige indruk overgehouden hoe en waar wij hier boodschappen doen. En dat er in de winkels echt alleen boontjes, boontjes en nog eens boontjes te koop zijn op dit moment.

 

Ik breng Maria naar huis en de Kameelperde staan keurig langs het pad. Nadat ik Maria bij de gate gedropt heb ga ik J/T&J ophalen voor deze bezienswaardigheid. Ze blijven keurig een poosje poseren en bedank ik hen voor het fatsoen dat zij in ieder geval wel hebben weten op te brengen om zich aan onze gasten te laten zien. Daarna bekijken we de card van één van de wildcamera’s met daarop vooral veel kudu’s, maar ook blou wildebeeste, kameelperd, njala, zebra en bobbejanne.

 

’s Avonds wederom braai en vroeg(er) naar bed omdat J/T&J morgen vroeg willen vertrekken.

Bij het uitserveren van het dessert ziet Jan opeens dat de voordeur wagenwijd openstaat. De knop hapert en de laatstbinnengekomende heeft deur dus niet goed dichtgedaan. Gedurende een paar uur hebben de nocturnals hunters waaronder slangen en schorpioenen dus vrij in- en uit kunnen lopen. Op hoop van zegen maar dat dat niet gebeurd is.

 

Donderdag 11 maart 

 

Het rondje verjaardagen is weer begonnen. Toen we nog in Wapenveld woonden, was Maart een echte verjaardagsmaand van alle meiden in de buurt, maar wij zijn vertrokken en andere buren verhuisden ook naar Heiloo. Maar we blijven gewoon een glas op elkaar verjaardag heffen in den vreemde!

 

Om half acht is iedereen present en kan het ontbjit geserveerd. Eieren met lekker vet spek voor J,J&J voor de derde dag op rij. Je moet toch wel een ijzeren maag hebben om zoiets op je nuchtere maag te kunnen ontvangen. Daarna is het afscheid nemen, en kan de was-machine aan het werk om de berg wasgoed weg te werken, ik mag hem vervolgens wegstrijken in afwachting van nieuwe gasten.

 

M’n linkervoet heeft een ronduit slechte dag zonder dat ik er enige aanleiding voor kan verzinnen. Geen wilde danspartijen of lange wandelingen. Helemaal niets van dat alles.

 

Vrijdag 12 maart  

 

Inbreker

 

Om half vijf worden we gewekt door rinkelend glas. Ik vermoed dat Raja of Luna tegen een wijnglas aangebotst is, maar Jan gaat toch maar even kijken. Want het zou net zo goed een inbreker kunnen zijn. Dat is het ook, maar hij is zonder braakschade binnengekomen. Jan loopt eerst in het donker rond om zichzelf niet direct in de spotlight te zetten, maar kan niets ontdekken. Daarna maar het licht aan. De prachtige schemerlamp met de paarsblauwe kelkjes hangt over de bank en daarbij zijn 4 kelkjes tegen elkaar aan geknald en gebroken. En dan ziet Jan de inbreker. Die ligt languit en doodstil in de kamer. Jan roep mij om wakker te worden en te komen. Het is niet echt helder verlicht in de kamer, dus we herkennen de inbreker niet onmiddellijk behalve dan dat het een bijna 2 meter lange slang is. Weer proberen we hem met de haak op te pakken maar ook deze slang is ons te slim af en verdwijnt onder de kier van de deur in de jassenkast. Het lijkt wel of hij de weg weet. Ik haal een deken die ik in die kier stop en zet daar een houten Intratuin-hert bovenop om te voor-komen dat de slang kan ontsnappen. Maar wat nu? Gaan we zelf verder hobbyen of wachten we tot een fatsoenlijk tijdstip om de staff en buren te bellen? Na rijp beraad wordt het dit laatste. Jan houdt de wacht, ik ga nog even liggen. Raja en Luna gedragen zich nogal vreemd en schuiven bijna op hun buik over de vloer, speurend naar het onraad en onheil dat hen vannacht overkwam.

 

Om kwart voor zeven belt Jan Brian en haalt Oliver op. Abram is al vertrokken. Brian heeft Sollie (zoon van Maria) ook meegebracht en met bezems etc in de aanslag, wordt de kast geopend. Geen slang. Alles wordt er voorzichtig met een stok uitgevist: tassen, handschoe-nen, hoeden en wat blijkt: hij heeft zich onder mijn hoeden op de hoedenplank helemaal opgerold verschanst. Het blijkt een luislang oftewel python te zijn. De jongens proberen hem in een voerzak te krijgen, maar daar heeft de slang geen zin in. Uiteindelijk wordt hij met de slangenhaak van de plank getrokken, valt op de vloer en met de bezems wordt hij naar buiten geveegd. De slang belandt alsnog in een voerzak en Oliver neemt hem mee. Jan geeft de beide jongens een veel te vette fooi.

 

Raja en Luna zijn behoorlijk op tilt en vertrouwen het allemaal van geen meter. De slang had hen gemakkelijk kunnen bijten en wurgen. Goddank is dat niet gebeurd. Je probeert je lievelingen te beschermen, maar op deze gebeurtenis hadden we absoluut niet gerekend en/of voorzien. De strips om onder de kieren van de deuren te bevestigen liggen al 3 weken vlak bij de deur waar het beest onderdoorgekomen moet zijn te wachten. Mischien verstandig om de nu toch maar te gaan bevestigen?  Alhoewel, ik kan werkelijk niet geloven dat de slang door die kier naar binnen is gekomen. Daarvoor was hij veel te dik. Maar dan schiet mij het voorval van eergisteravond te binnen dat de voordeur uren heeft opengestaan. We hadden de slang waarschijnlijk dus al een dag in huis en had hij zich al eerder in de jassenkast verschanst. Daarom ook vond hij waarschijnlijk zo snel de weg terug naar de jassenkast en is afgelopen nacht pas op jacht gegaan.

 

Suider-Afrikaanse luislang Python natalensis

 

Die grootste slang in Suid-Afrika, gemiddeld 3-4 m en kan elders in Afrika 6 m lank word. Groot eksemplare (langer as 5 m) is deesdae skaars. Snags die aktiefste, maar lê en bak graag – veral na ’n groot maal. Dit lê dikwels prooi voor, gryp dit met die kragtige terug-gekromde tande, en versmoor dit. In teenstelling met die algemene opvatting, druk dit nie die prooi fyn nie en geen bene word in die proses gebreek nie. Dit is ook nie waar dat ’n luislang sy stert om ’n boom moet anker voordat dit die prooi kan versmoor nie. Hierdie slang is lief vir water en dit sal in diep poele afduik waar dit baie lank onder water kan bly. Die prooi sluit dassies, rietrotte, hase, ape, klein wildsbokke en wildsvoëls in. Visse, likkeane, en krokodille word ook gevang. Onvolwassenes vang meestal grondvoëls en knaagdiere.’n Veelsydige slang wat in water, tussen klippe, of selfs in bome aangetref kan word.

 

Na dit avontuur op naar het volgende. Eén van de boreholepompen laat het sinds enige tijd helemaal afweten. Electrisch nog in orde, maar er komt toch geen water boven. Jan heeft gisteren een wiel bij Herman geleend om de 150 lange kabel en pomp wat gemakkelijker naar boven te hijsen. Na de nodige haperingen lukt het eindelijk en brengt Jan hem naar Vaalwater Besproeiings. Kan hij gelijk een flexibele bocht ophalen bij Built It. Die idioten belden vanochtend om kwart voor zeven al dat de bocht gearriveerd was. Gelukkig waren we wakker, maar we hadden gisteren eigenlijk het plan omgevat lekker uit te slapen omdat we zaterdag ook al heel vroeg uit de veren moeten. Dit plan is dus niet echt gelukt. De pomp blijkt inderdaad stuk en moet er een nieuwe à raison van ZAR heel veel worden aangeschaft.

 

Raja wil de hele dag niet binnenkomen en als ze dan eenmaal binnen is, is ze erg schrik-achtig en durft eigenlijk niet in de kamer. Voor mij is het wel duidelijk: de slang had het vannacht op haar gemund. Eigenlijk dus een geluk dat de lamp sneuvelde en wij aldus gealarmeerd werden. Maar waarom ze het dan niet op een schreeuwen zet? Net zo min als Taiga deed toen hij in doodsnood verkeerde en uiteindelijk verdronk? Een luislang heeft warmte sensoren in z’n snoet om prooi te detecteren en te (blijven) achtervolgen.

 

Jan is nog bezig met wat klussen en stuit daarbij op een groep van wel 30 mongoose met zeker 10 kleintjes bij ons op het terrein en vanochtend belde Roelof al van Nungu dat hij gisteren 17 wilde honden bij zijn huis had, en ze mogelijk wel deze kant opkomen.

 

Zaterdag 13 maart 

 

We gaan om kwart voor zeven richting Pta. Ik moet nodig naar de kapper en we snakken naar lekkere dingen van Woolworths. We snakken ook naar regen, maar daar kunnen we niets aan doen. Aan dit snakken gelukkig wel. Na Brooklyn, gaan we naar Menlin Shopping mall. Veel groter, maar ook veel drukker. Om gek van te worden zoveel mensen en zo groot dat je zou verdwalen als je niet zo nu en dan een bord zou tegenkomen waar je je op dat moment bevindt. Bij Checkers kopen we een bos gele langstelige rozen. Bijna de helft goedkoper dan bij ons op ’t platteland. Op de terugweg worden we weer aangehouden, en weer om het nummerbord dat achter de bullbar verborgen zit. Jan belooft plechtig voor de zoveelste keer dat te zullen verhelpen. Dat gaat hij pas doen als hij een dikke boete krijgt, eerder zie ik dat niet gebeuren.

 

Op het Witkoppad komen we Roelof met vrouw en kind tegen. Ze hebben een week verlof en gaan hun dochter aan de resp opa’s en oma’s laten zien. Kind nr 2 is ook al onderweg vermeldt zij er nog bij. Proficiat er maar mee. Na een kort kletspraatje vervolgen zij hun weg, want zij moeten tegen het donker nog die vervelde R33 met mega potholes zien te overwinnen richting Bela Bela waar Roelofs ouders wonen.

 

Wij stellen alle heerlijkheden op tafel uit voor een feestmaal.

 

Zondag 14 maart  

 

De njala’s komen hun brokkies bietsen, de twee grote kudu males bij de NWS en ook een klein blou wildebeestje. Hij is alleen. De jongens hadden al eerder gemerkt dat er eentje alleen rondliep en dat die mogelijk ziek zou zijn of verstoten door de groep. Tot dusverre lijkt hij het in z’n eentje prima te doen, maar mischien dat het uiterlijk bedriegt.

 

Het is intens zwaar bewolkt rond om, maar de regen wil maar niet vallen. Overal om ons heen giet het, wij zitten in de stralende zon. Dat is opzich natuurlijk heerlijk ware het niet dat we het water zo dringend nodig hebben.

 

Raja is nog steeds van slag en ook Luna schrikt van elk geluidje. Ze lopen met een grote boog om de jassenkast heen terwijl wij hem open hebben staan ten bewijze dat de slang echt weg is. Maar zijn reuk hangt er waarschijnlijk nog en die is niet zo eenvoudig te verwijderen vrees ik.

 

De voordeur is voorzien van de strips plus nog een extra latje zodat er zelfs geen regenwurm meer door naar binnen kan komen.

 

Maandag 15 maart 

 

Het is al weer mijn 4e verjaardag hier in Z.A. Op bed worden de kadootjes geserveerd: o.a. heerlijke warme bedsokken van Anka van Hästens à la dekbed. Ze had Jan het pakje eind februari al meegegeven en hij had het goed verborgen kennelijk, want ik zag niet niet meer terug. Die donzen sokken zal ik straks hard nodig hebben alhoewel we ons dat nu nog niet kunnen voorstellen. Van Jan m’n rimpelbestrijdende cremetjes. Of het werkt weet je maar nooit, maar ik hoop er toch echt niet zo gekreukeld en gerimpeld te gaan uitzien als m’n moeder. Henk en Maryietta komen koffie drinken en verblijden met met het boek mannen die vrouwen haten van Steg Larsson. Zij kopen 5 exemplaren van m’n boek voor hun curio shop. Het gaat hen gelukkig weer goed na die afschuwelijk brand in 2007 waarbij ze hun hele hebben en houden verloren. Ze hebben een paar plots verkocht en konden zich als gevolg daarvan o.a. een meer dan knap karretje veroorloven. Later verschijnen ook Pat en Brian.

 

De njala’s komen mij ook feliciteren en krijgen brokkies in plaats van taart. Dat ljkt me slecht voor hun tanden. Het restant van de overheerlijke (maar o zo machtige) chocolade taart gaat naar Oliver en Abram. Ik heb hen niet gezien en ga niet voor de 4e keer vertellen dat ik jarig ben. Tegen de tijd dat ze zelf jarig zijn komen ze dat fijntjes even melden, zodat ik dat toch vooral niet zal vergeten. 

 

Elke dag is het zwaar bewolkt, aan het einde van de middag breekt het open om daarna weer niet presterende dikke vette donderwolken te gaan opbouwen. 

 

Woensdag 17 maart  

 

Werkoverleg-voor-de-vorm

 

Tienie van Rooyen heeft eindelijk tijd om de handrail te komen lassen liet hij ons gisteren weten. Tienie heeft tot nu toe altijd woord gehouden. Iets wat je niet van alle afrikanen (ongeacht de kleur waarin de voorkomen) kunt zeggen. Tienie heeft gevraagd of de onderste dwarsverbinding, om een beetje functioneel te zijn, niet iets hoger moet dan bij de bestaande handrail. Neen, natuurlijk niet, dat komt de esthetiek niet ten goede. Het moet allemaal in een rechte lijn met de bestaande handrail worden gemonteerd. Dus Jan gaat een malletje maken om dat mogelijk te maken, maar hij heeft geen stuk hout dat precies hoog of laag genoeg is om als mal te dienen. Ik krijg derhalve de keuze: of de onderste dwarsverbinding komt hoger of lager, maar identiek kan niet. Dat zijn voor mij géén opties; zoals reeds eerder mede-gedeeld: alles in één strakke rechte lijn. En dan ga ik naar Vaalwater waar de nieuwe bore-hole pomp opgehaald moet worden. Althans met die boodschap wordt ik op pad gestuurd. En 150 meter touw, want dat is ook aan vernieuwing toe om de nieuwe pomp in het 140 meter diepe gat te laten zakken.

 

Ik ben nog maar een paar kilometer op de tarroad of het begint te gieten van jewelste. Halverwege moet ik het bakkie aan de kant zetten want ik zie geen hand voor ogen, en de potholes dus ook niet meer. A ha denk ik, dit kan onze farm echt niet onopgemerkt voorbijgaan. Eindelijk regen. En nu maar hopen dat er iemand zo slim is om de was binnen te halen. Maria bijvoorbeeld die ik eerder vanochtend al ophaalde bij de poort. Het blijft gieten tot in Vaalwater aan toe. Eenmaal daar aan gekomen, klaart het snel op en bevinden we ons weer onder een strak blauwe hemel met stralende zon.

 

Bij Vaalwater besproeiings ligt de nieuwe pomp klaar en moet het touw afgemeten van een grote rol. Het touw wordt eerst een heel eind uitgerold en dan weer terug naar de uitgangs-positie. Je hoeft dus maar te meten tot het keerpunt, want het stuk dat terugkomt naar die uitgangspositie is natuurlijk net zo lang. Maar dat hebben de swartmense niet door. Ze meten ook het tweede stuk dat tot hun verbazing net zo lang blijkt te zijn als het eerste. Ik moet nog even naar de Spar en krijg een SMS van Marietta en Henk, die zitten bij het Bushstop cafe, om gezellig wat mee te drinken. Een heerlijke chocolade milkshake. Jammie.

 

Ik keer huiswaarts en constateer tot mijn ongeloof, verbijstering en frustratie dat het beginpunt van de plensbuien kennelijk tevens het eindpunt was. Ongelovig staar ik naar de kurkdroge weg. Eenmaal terug op onze eigen kurkdroge farm, rijden Oliver en Abram het laatste stukje mee, want hun lunch zit er net op. Als ze de nieuwe pomp zien, vragen ze waar de rest van de pomp is en de electriciteitskabel. Hoezo? Die had Baas Jan ook meegenomen naar Vaalwater. Waarom dat gewoon niet even tegen mij gezegd dat er nog meer mee moest komen dan alleen de nieuwe pomp? Jan sputtert tegen: ze hadden beloofd om alles weer netjes aan elkaar te monteren. Ergo: er wordt nog een keer naar Vaalwater op-en-neer-gekard. Lekker efficiënt. En wat blijkt: de onderste dwarsverbindingen in de handrail zitten LAGER dan bestaand. Je kunt die kerels ook geen seconde alleen laten en uit het oog verliezen. Bij alles wat ze doen, moet je met je neus bovenop blijven staan om ze te corrigeren en in te grijpen. Jan werpt tegen dat hij heus heel erg zijn best heeft gedaan. Dat kan wel wezen, maar zoals hij mij destijds bij Plukon, in diens hoedanigheid als CEO, altijd inpeperde dat goede bedoelingen niet op de balans staan, dan geldt datzelfde uitgangspunt nu nog steeds. Dat is een lesje dat ik destijds goed geleerd en onthouden heb.

 

Donderdag 18 maart  

 

Slimmerikken

 

Karwei nummer 1 is het neerlaten van de pomp in z’n boorgat. Met veel pijn en moeite kon de pomp er eindelijk uitgetakeld worden, en nu wil hij niet terug. Althans, op tweederde van de afstand blijft hij in de schacht steken. Hoe ze ook draaien en wurmen, de pomp wil niet verder zakken. Maar dan verzinnen Oliver en Abram een list. Ze stellen voor het oude touw te gebruiken en daar een flinke haak aan te maken om te kijken wat er dwars in de schacht zit en of dat er uitgetakeld kan worden. In de workshop wordt een flinke haak gemaakt (waar je gemakkelijk een haai mee zou kunnen vangen) en dan gaat het grote vissen beginnen. Na een paar keer hengelen hebben ze beet. Met vereende krachten trekken ze een grote bos kabel uit de schacht en zijn ze werkelijk apetrots dat hun list gewerkt heeft. Daarna kan de pomp tot op de bodem van de schacht worden neergelaten en kan er weer water opgepompt worden. Zoveel slimheid moet beloond, en ik vraag of ze van pizza houden. Is julle baie lief vir pizza? Jaaaaah!  Dat laat aan duidelijkheid niets te wensen over. Ik haal een pizza uit de vrieskist en leuk deze op met verse tomaat, italiaanse vleeswaar en dik kaas!

 

Maar tussendoor beleven we nog een ander avontuur. Jan is bezig met het ophangen van een Gecko-met-lamp aan een buitenmuur van het gastenhuis en daarvoor moet hij iets in het keukentje van dat gastenhuis prutsen. Hij klimt het trapje op en wat ziet hij? Iets waar ik absoluut naar moet komen kijken. Ook ik klim het trapje op en ziet hem direct liggen: een rockmonitor. Een kleintje weliswaar, maar toch. Ik zal hem wel pakken, in een voerzak doen, en elders weer loslaten. En vraag me intussen af hoe dat beest binnengekomen kan zijn, want alle hoeken en gaten zijn potdicht gemaakt. O&A veronderstellen dat hij gewoon al in het guesthouse was, aan z’n winterslaap begonnen, en zich gewoon heeft laten in/binnen metselen. Dat verklaart ook de rommel eerder deze week: een heleboel gras op de grond, grote fles met water omgegooid waar een roos in stond etc. Het beest is op zoek naar eten en water gegaan en heeft daarbij brokken gemaakt.

 

Dood-act

 

Met handschoenen aan pak ik hem op en hij sist en blaast voorl het onheil dat hem overkomt. Ik spreek hem bemoedigend toe dat het heus allemaal goed komt en dat we hem naar een nieuw onderkomen brengen. Dat bevindt zich bij een drinkplaats waar een flink aardvarkhol gegraven is. Daar kan het beestje zich mooi in verschuilen. Als ik de zak openmaak begint hij opnieuw vervaarlijk te sissen en z’n lange tong te flitsen. Ik pak hem bij z’n mooie lijffie en dan klemt hij z’n klauwtjes om m’n vingers en is opeens doodstil. Ik krijg de schrik van m’n leven: hij zal toch niet aan een hartaanval overleden zijn? Hij beweegt niet meer en ik vrees dat ik hem onbedoeld vermoord heb. Maar dan verraden z’n ogen zich: die knipperen een keer. Het is kennelijk een dood-act om z’n belager voor het lapje te houden. Ik leg hem naast het aardvarkhol neer, en dan opeens komt hij weer tot leven en in de benen en schiet het hol binnen.

 

En dan opeens worden we vergast op een regenbui. Heel kort en heel hevig. 3 mil. Het zet geen zoden aan de dijk, maar alles is toch lekker even opgefrist.

 

Vrijdag 19 maart 

 

De solar Geyser heeft ruim vierenhalve maand op demontage liggen wachten om terug-gebracht te worden naar de fabriek vanwege lekkage. Jan zou niet weten hoe hij hem zou moeten demonteren hoor ik nu al die tijd al. Want hij is aangesloten met eenmalig bruikbare koppelingen etc.etc. Nou schat als je het na vierenhalve maand niet weet, dan weet je het volgend jaar om deze tijd waarschijnlijk nog steeds niet. Ik maak dus gewoon een afspraak voor maandag a.s. om het in te leveren in Pta bij Suntank, dus nu moet het toch echt gebeuren. Het blijkt achteraf een klussie van nix te zijn en samen met Oliver heeft Jan alles keurig ontkoppeld zonder schade en dus gewoon ook weer bruikbaar. Daarna moet Oliver de geyser schoonschrobben. Omdat deze onder het deck bij het zwembad ligt, krijgt hij bij elke oliebeurt van de planken, dus ook het nodige op z’n kop. De volgende keer moet er maar een zeil overheen, om dit gemors te voorkomen. Oliver is uren bezig, maar het ding ziet er daarna weer uit als nieuw. Abram oliet de planken die op de handrail bevestigd moeten worden. Dat laatste komt Moses doen. Die blijkt erg in z’n nopjes dat ik hem bel. That’s why I like you madam! Slijmbal!

 

Intussen regent het een paar uurtjes en krijgen we 7 mil gratis en voor niets in de schoot geworpen. En moeten Raja en Luna naar binnen omdat ik bobbejanne hoor aankomen en de hele middag blijft er een vlucht bijeneters over onze daken heenscheren.

 

Ik heb de lassen in de handrail gemenied om roestvorming te voorkomen, en die moeten nu, net zoals de rest, ook matzwart worden. Maar helaas is de verf halverwege op en kan ik het karwei niet afmaken. Ik heb een speciale verf-outfit die er niet meer uitziet, maar ik hoef me geen zorgen over spetters oid te maken en kan lekker m’n handen gewoon aan het shirt en/of broek afvegen. Ideaal. Eerder had ik een verfjas, zo’n ding dat men in pluimveeslachterijen draagt, met Friki erop. Maar die staat inmiddels echt helemaal stijf van de verf, en is aan vervanging toe. Dus Henk, als je nog zo’n jas achterover kunt drukken, dan houden we ons aanbevolen! Liefst twee: een M en een XL!

 

Zondag 21 maart 

 

Sir Elton John

 

We gaan naar Joburg voor het concert van Sir Elton John vanavond in Emmarentia Botanical Gardens. Sir Elton John under African Skies. Een openlucht aangelegenheid derhalve. En in tegenstelling tot de uitblijvende regen bij ons, wordt Joburg royaal daarmee bedeeld. Tegen de tijd dat we Joburg binnenrijden begint het al weer te spetteren hetgeen overgaat in een gestadig regentje.

 

We hebben net een tussenstop in Centurion bij Hirschs achter de rug, want daar heb ik nog R4000 vrij te besteden. Het worden o.a. koekenpannen in de hoop dat mijn mede huisge-bruikers deze niet weer binnen de korste keren met messen en vorken gaan bewerken en ik weer met aanbak- in plaats van koekenpannen zit. Daarna gaan we naar Patio Warehouse, want ik wil graag een grote eettafel op de stoep om met gasten ’s avonds ook buiten te kunnen eten. Van een klus die ik gedaan heb, moet ik dat net kunnen bekostigen. Jan wil echter een luie zit, maar tja, die heeft geen klus gedaan waarvoor hij iets extra’s heeft bijverdiend. Er staat een prachtig stel, maar in de verkeerde kleur. Grijs en aluminium en dat past echt helemaal nergens bij. Zouden we een modern strak in- en exterieur hebben gehad, dan was dit de perfecte oplossing, maar nu zou het alleen maar vreselijk disharmoniëren. We moeten dus nog even verder kijken, maar het alternatieve adres is op zondag en feestdagen (maandag 22 maart is een feestdag in Z.A.) helaas gesloten.

 

Joost belt dat hij en Thea op het vliegveld staan en afscheid van Joep hebben genomen. Die is richting Kaapstad vertrokken. Ze hebben een heerlijke vakantie achter de rug en prachtige dingen van Zuid Afrika gezien, laat Joost weten. Het is altijd heerlijk als mensen zo van dit prachtige land genoten hebben en dat het hopelijk naar meer smaakt.

 

Linger On

 

Ik heb een B&B vlakbij Emmarentia uitgezocht zodat we lopend naar het concert kunnen gaan, want het gevecht om met een auto bij dergelijke aangelegenheden weg te komen, daar heb ik echt geen zin meer in. Linger On heeft maar één gastenappartement, vroeger garage, schat ik zo. Celia wacht ons op en wil ons best naar de Gardens brengen of halen als het blijft regenen. Maar we gaan gewoon eerst te voet in de hoop dat het ophoudt met regenen, en zien bij afloop dan wel wat we doen. In Centurion zit ook een zogenaamd “ Foodlovers court”  waar we inkopen voor het “diner”  hebben gedaan, niet wetende of er nog tijd overschiet voor een restaurant. Sushi en Shashimi dat voor onze neus door een japanner is klaargemaakt. Na het verorberen van de maaltijd begeven we ons naar de Gardens. Ik in rubberen kaplaarzen gestoken en m’n Barbor jas, want die kan wel tegen een stootje en regen. We lopen over de brug van het meer waar mensen zitten te vissen. Het regenen is opgehouden en de lucht lijkt open te breken. We zijn niet de enigen die naar het park lopen en alle parkeerplaatsen staan al afgestampt vol. Er in gaat nog wel omdat het geleidelijk gaat, maar er allemaal tegelijk uit?? Voor ons is dit een nieuwe ervaring en dat wordt maar al te zeer duidelijk: iedereen sleept met stoelen, tafeltjes, koelboxen etc.

 

Ik heb m’n camera niet meegenomen, want in NL was dat ten strengste verboden. Hier geldt maar één verbod: geen booze (drank) mee naar binnen. Reden: dat zou ten koste van de omzet in het park gaan. Verder kun je van alles mee naar binnenslepen want er wordt letterlijk alleen op booze gecontrolleerd. Spijt als haren op m’n hoofd dat de camera thuisligt. Ik kan wel fotograferen met m’n HTC, maar weet (nog) niet hoe ik kan inzoomen.

 

Het grote grasveld loopt af richting Emmarentiadam en daar is het podium geplaatst. Het zit al redelijk vol: oud en jong op uitgestalde dekens, stoelen, tafels, etenswaren, booze uit de bar, kortom iedereen heeft er een complete pick-nick toestand van gemaakt. Wij hebben alleen twee bananen bij ons; noodvoer voor Jan. We laveren tussen alle mensen en dekens door en komen tamelijk dicht bij het podium nog een vierkante meter vrij gras tegen waar we neerzijgen. Er wordt aangekondigd dat SEJ precies om half acht zal aantreden, en hij houdt woord. Het eerste half uur speelt en zingt hij alleen. Niet de standaard bekende songs maar ook onbekende(re) nummers met prachtige lange piano intro’s. Daarna verschijnt Ray Cooper op het toneel. Ray is slagwerker, kaal, net als Elton op leeftijd, maar wat er uit z’n handen komt is werkelijk spectaculair. Bijna 3 uur lang duurt het concert en het laatste nummer is aangepast met tekst en beelden aan Afrika. Elton is al een week in het Kruger park geweest waar hij het geweldig naar z’n zin heeft gehad. Hopelijk sponsort hij niet alleen arme zwartjes (zoals al die andere performers en filmsterren dat wel doen, want dat doet het toch zo goed in de wereld als je kokketteert met je inzet voor arme HIV besmette zwarte kindertjes) maar ook wildlife. Dat heeft het veel harder nodig. Vele soorten worden met uitsterven bedreigd of zijn reeds uitgestorven. Hun habitat raakt steeds verder versplinterd en verkleind in ruil voor land-bouwgronden om al die, in aantallen onverminderd verder oprukkende, wereld overbevolking maar aan het eten te houden. Wanneer zal het besef eens komen dat dit moet stoppen? Waarom doet niemand hier iets aan?

 

Wat een fantastisch en uniek concert waarin Elton hartelijk naar het publiek is. Vooral bij het laatste nummer zijn vele mensen naar voren naar het podium gestroomd en geen beveili-gingsbeambte die hen tegenhoudt. Een groot beschaafd geciviliseerd en onbezorgd feest.

 

Daarna pakt iedereen z’n spullen bij elkaar en proberen we de uitgang te bereiken. Met een dik lint mensen lopen we naar de poort, over de brug wordt het lint al dunner en als we een paar honderd meter verder onze straat bereiken, lopen we alleen. We kijken nog even naar BVN en nestelen ons dan in het veel te krappe bed. Voor zo’n klein bed moet je wel heel veel van elkaar houden, of jong en straal verliefd.

 

Maandag 22 maart 

 

We gaan haar Sandton voor de boodschappen en lopen over een afrikaanse kunstmarkt waar we een olifantenmaskertje kopen. Ze vragen er R950 voor, en ik wil maar R450 betalen. Het wordt uiteindelijk R500 en de verkopers lachen nog steeds. Hmmmm, ik heb jullie dus nog teveel betaald, anders zou je nu wel huilen. Maar neen hoor, ik ben hun eerste klant die dag en ze hebben gewoon geld nodig voor een maal.

 

Voordat we Woolworths induiken ga ik snel even naar @home voor een badborstel en Jan brengt wat spullen naar de auto. Ik haast me rot om Jan niet al te lang te laten wachten bij Mug en Bean voor een heerlijke capucinno en espresso. Maar wie ik er ook zie: geen Jan. Ik wacht 10 minuten en ga de zaak dan binnen. Het zit er stampvol, maar geen Jan te ontdekken. Ik bel hem op z’n mobiel, maar geen antwoord. En dan eindelijk nog nog eens 20 minuten staat meneer opeens op de balustrade. Heeft de espresso al achter z’n kiezen en heeft zich geen seconde erom bekommerd of ik al dan bij de ingang op hem sta te wachten of de moeite genomen de ingang in de gaten te houden.

 

Vervolgens nog even naar Yvonne en Gerard. Yvonne wilde 5 Taiga-in-Afrika boekjes hebben en we hebben rond de middag afgesproken. Mijn batterij is leeg en Jan z’n airtime is op. Yvonne heeft hem gebeld zie ik aan de gemiste oproepen, waarschijnlijk met de vraag waar we bleven, maar hij had z’n mobiel in de auto laten liggen. We arriveren om twee uur, en treffen alleen Gerard. De boekjes mag ik er achterlaten en als ze verkocht worden, krijg ik ze wel betaald. Maar daar heb ik geen zin in. Ze zijn niet verpakt, dus ik zie het al voor me: ze gaan mee naar de kamer, worden uitgelezen zodat op den duur alleen nog onverkoopbare exemplaren resteren.

 

Tenslotte leveren we de geyser in bij Suntank. Officieel gesloten, maar de techneut is wel aanwezig. Maar is van onze komst niet in kennis gesteld, en heeft ook geen vervangend exemplaar kunnen voorbereiden.

 

We vallen succesvollere dagen te noterenl.

 

Dinsdag 23 maart 

 

Ik heb wat slaap in te halen, maar om zeven uur belt buurman Abrie al. Hij wil zand uit ons depot om de weg op te knappen voor de veiling a.s. zaterdag. Hij laat z’n bijna 2000 ha grote bezit veilen omdat het gezin naar de west kaap wil vertrekken. Bovendien heeft Erika er genoeg van om twee keer per dag naar Ellisras op en neer te karren om d’r kinderen naar school weg te brengen en weer op te halen. Hij stuurt een TLB en vrachtauto en intussen wordt de aanhanger van onze tractor ook mooi volgeschept omdat we zelf ook zand nodig hebben om de garagevloer te egaliseren en aan te stampen.

 

Abram en Oliver kondigen de komst van hun gezinnen aan omdat het volgende week Paasvakantie is. Aaron en Herman moeten hen meehelpen om de garagevloer af te krijgen.

 

M’n website blijkt weer gehackt en ik krijg ook geen email meer binnen. Ik verstuur zelf wel, maar of het aankomt? Op internet worden gewoon openlijk uitnodigingen gedaan om je bij hackersgroepen aan te sluiten en waar vol trots wordt verteld hoeveel slachtoffers ze dit jaar al weer hebben gemaakt. Sickening.

 

Woensdag 24 maart  

 

Jan z’n laptop is al heel lang geinfecteerd, dus download ik ook AVG op zijn PC om alle virussen op te ruimen. In totaal vindt AVG 50 virussen, worms, troyan horses etc. Het downloaden heeft ruim 5 uur in beslag genomen en al die tijd moet ik er bij blijven want als de verbinding wegvalt, en ik die niet onmiddellijk herstel, zijn alle tot dan toe gedownloade bestanden weer weg. Als het karwei tegen zeven uur dan eenmaal voltooid is, moet je volgens het systeem de computer opnieuw opstarten. Zo gezegd zo gedaan. Maar als de laptop dan weer wordt opgestart is alle informatie weg en is er niets meer benaderbaar. Denk je een goede daad te doen.

 

Donderdag 25 maart 

 

De website is weer in de lucht, maar ik kan hem niet bewerken vanwege een virus dat zich op de pagina zou bevinden. Ik krijg de meest alarmerende berichten van AVG, maar de naam van het door AVG gemelde virus komt in hun eigen catalogus niet voor. Email komt er nog steeds niet binnen want de mailbox zou vol zitten. Echt gillende onzin als je elke dag je berichten download.

 

De vloer van de garage is aangestampt met zand waarna Oliver en Abram samen met Jan proberen om de gaten in het schaduwnet van de kas te herstellen om de sprinkhaneninvasie een halt toe te roepen.

 

Letty (de oude overbuurvrouw) belt in verband met de verrassingsparty voor Pat a.s. zaterdag. Pat is de 29e jarig (wordt 70) en Letty heeft een verrassing voor haar in petto. Ze vraagt of ik salad wil maken, want iedereen die komt, moet iets te eten meebrengen om het betaalbaar te houden. Nou dat doe ik met alle plezier voor haar/hen.

 

De njala’s komen zoals gebruikelijk rond een uur of zes en de laatste tijd ook 3 grote kudu bullen bij de NWS. Ik sla hen gade als ik in het zwembad aan de infinity-edge hang. Maar ze voelen mijn ogen vrijwel onmiddellijk prikken en staren terug voordat ze weer verder gaan met drinken en zoutlikken.

 

Truus d’r 3 kinderen zijn ook weer van de (vreet-)partij en een van hen heeft ook al weer voor 3 kleinkinderen gezorgd. Het zijn en blijven toch zulke koddige beesten, vooral dat kleine grut. Wat heerlijk toch al die beesten om je heen.

 

Vrijdag 26 maart  

 

Oliver is met Pat naar Ellisras gegaan om zeven uur. Wij volgen tegen tienen en treffen Oliver in Pick ’n Pay met Maria (Elisabeth’s dochter). Hij zal ons wel gevolgd zijn, heeft al het nodige achter z’n kiezen en heeft nog R30 (van de 1100 die hij vanochtend uit de muur getrokken heeft) en wil nog wijn kopen. Zo’n 5 liter pak Namaqua. Ik had een zak mieliemeel bij wijze van extraatje willen kopen voor de hele meute die de paasvakantie hier doorbrengt, maar dat wordt nu dus wijn. Onbegrijpelijk dat je ’s ochtends om tien uur al aangeschoten rond kan en wil lopen. Wat een voorbeeld voor die kinderen. Het is de bedoeling dat ze met Pat weer teruggaan, maar er wordt hevig getwijfeld. Uiteindelijk wordt het toch Pat omdat Elisabeth en Salomon zich al in haar bakkie geposteerd hebben en alle boodschappen ingeladen. Bij gebrek aan een toilet piest Oliver tegen de muur van P’nP. Zonder drank in hun kraag zijn ze best verdraagbaar over het algemeen, maar dit zijn zo van die momenten….. We kwamen Pat ook bij P’nP tegen. Ze heeft met Maria samen de hele week alle gastenverblijven schoongemaakt, en laat Lesley gisteren nu toch afgebeld hebben. Ze kan er niet over uit. Maar het is Lesley en George hun prerogatief om op het laatste moment het af te laten weten, dus een echte verrassing is het niet voor haar, maar toch….. al dat werk, verzucht ze. Maar wij weten wel beter!

 

Ik ben eigenlijk wel blij dat ze met Pat mee teruggaan, want dan kunnen wij nog even gezellig koffie drinken bij Wiesenhof. Als wij al weer op de farm zijn, is het illustere gezelschap nog niet gearriveerd en zetten wij het pak wijn in de keuken bij de staffquarters. De pauw zit zoals gebruikelijk op de veranda en belooft goed op te passen op de drank.

 

Sloerie

 

Jan vindt in retrospectief dat hij mij een Abbessijntje voor m’n verjaardag had moeten geven en belt Brian Ubsdell die destijds Simba meebracht. Brian heeft net een nestje gekregen, maar de sloerie blijkt vreemdgegaan te zijn. In plaats van het met de voor haar bedoelde “stud”  te doen, heeft ze de bloemetjes flink buitengezet met de eerste beste straatkat. Een ander meisje is ook drachtig, dus het duurt nog even voordat ons gezin met poezenkind nummer 3 verblijd wordt. We nemen nog een kind om het huwelijk te redden zeg maar!

 

Zaterdag 27 maart 

 

Tholo on auction

 

Vandaag wordt Tholo geveild. Tholo is van Erika en Abrie en 1921 ha groot. Nu twee van de 3 kinderen leerplichtig zijn geworden rijden ze tweemaal per dag op en naar naar Ellisras oftewel 200 kilometer over een deels slecht Witkoppad. En dat trekken ze niet meer. Want er zijn ook geen buren met schoolgaande kinderen zodat men elkaar kan afwisselen bij het haal- en brengwerk. De hele plaas wordt geveild, maar ook de 41 van de 49 stand (2500m2 per stand) en dat lijkt mij toch een moeilijk verhaal. Ze willen er R19M voor hebben voor het geheel en dat maakt de evt. standkopers mogelijk kopschuw. Immers je weet niet met wat voor nieuwe eigenaar en (waan-)ideën je opgezadeld wordt.

 

We zijn nog nooit op Tholo geweest en hebben Erika zelfs nog nooit ontmoet, en daar gaan we nu verandering in aanbrengen. We rijden het Witkoppad af tot 4 kilometer verop waar Tholo zich aan de rechterkant van de weg bevindt. Ze hebben de afgelopen jaren veel geinvesteerd en er staat een werkelijk prachtige toegangspoort. De bebouwing en stands van Tholo liggen in het dal en de stands zijn allemaal rond de Poer se Loop gesitueerd. Maar klem op elkaar. Ik begrijp dit echt niet. Natuurlijk geld is de drijfveer, maar als je dan toch in de bush wil wonen, dan toch niet hutje bij mudje. Voor de bekenden: zoiets kwa omvang en afmetingen als de Henk Cramerlaan en Noorderkampweg samen, met de Poer Se Loop daar tussen in.

 

Bij aankomst op Tholo zien we maar beroerd weinig auto’s. We ontmoeten eindelijk Erika, een klein tenger meissie, en de auctioneers. Er is koffie, thee, broodjes, biltong, etc.etc. en we registreren ons voor de vorm. Herman en Dawn zijn ook van de partij en de eigenaren van een van de bebouwde stands: Gisela (1948 en van duitse afkomst) en Richard van engelse afkomst. Ze hebben ook nog een huis in Midrand, maar zijn van plan hun tijd steeds vaker hier te gaan doorbrengen.  Er arriveert nog een real-estate echtpaar uit Ellisras: Maria en Nico. Verder zien we ene Jane en Brian, vermoedelijk van de tweede bebouwde stand. Want ook zij zijn natuurlijk nieuwsgierig of de farm verkocht wordt, en zo ja, aan wie.

 

Er is ook voor kleine heli gechartered voor de geinteresseerde kopers. En aangezien die er niet blijken te komen, maken wij ook een vluchtje met piloot Johan. De heli kan slechts twee personen vervoeren, waarvan Johan er een is, en ik in dit geval de ander. Ik vertel hem dat we buren zijn van het huis on top of the hill. Daar wil je dan zeker wel naar toe, vraagt hij. Nou en of! Maar m’n richtinggevoel laat me compleet in de steek. Geen huis on top te vinden. Ik heb wel een house on top gezien zegt Johan, en vliegt vervolgens in de tegenovergestelde richting. En ja hoor, daar doemt wat op. Echt fantastisch om je huis zo van boven te zien. Ik wist dat we een mooi huis hadden, maar vanuit deze positie is het echt schitterend! We vliegen over het bushcamp en langs de staffquarters. Ze moesten eens weten! En weer realiseer je je in wat voor een schitterend prachtig mooi gebied we wonen en dat er eigenlijk een filty rich iemand op de proppen zou moeten komen die alle te koop staande farms koopt en het gebied omtovert tot een groot aaneengesloten gamereserve. Dus als iemand de staats- of postcodeloterij wint en niet weet wat hij/zij met het geld aanmoet! Ik kandideer me bij dezen.

 

Er komen geen gegadigden en de veiling wordt afgelast. Wat ongelofelijk sneu voor Erika en Abrie en wat een domper/teleurstelling. Ze houden zich groot en alles heeft een reden is hun overtuiging. Ze zijn namelijk heel erg christelijk. Maar het kan niet anders dan een geweldige, tevens kostbare tegenslag voor hen zijn. Want een auctioneer rekent gewoon 10% van de prijs die je uiteindelijk wil binnenhalen. R2M in dit geval oftewel twee eurotonnen zomaar door de drain. En wij voelen ons wel een beetje aasgieren om te gaan kijken, mee te eten en drinken en te vliegen terwijl we geenszins voornemens waren iets te kopen.

 

Weer thuisgekomen, bel ik Angie. Zij heeft een 4 maanden oud abbessijntje liet Brian Ubsdell ons gisteren weten. We spreken af om het kereltje morgen te komen halen omdat we de volgende week al weer redelijk vol gepland hebben met andere dingen. Dan nog snel een salade maken en de aardappelsalade garneren voor birthdayparty van Pat.

 

Birthdayparty

 

Tegen vijven arriveren we bij de buren waar het een drukte van jewelste is: Letty en haar drie zonen (Andrew met Hester en 2 koters, Mike en Cheryl met 2 of 3 kids en Pieter met Cheralee, z’n dochter Chereen (die haar portugese vriend Claudio ook meegebracht heeft), z’n zoon Bradley (is het laatste jaar twee keer zo groot geworden lijkt het wel) en Jordan die geen steek veranderd is. And everybody wants to hug. De zus van Cheralee is ook meegekomen en Michelle (dochter van George and Lesley) is weliswaar van Thornstein gescheiden, maar beiden zijn ze van de partij met hun dochter Jessica. Ze wonen in Joburg overigens 100 meter van elkaar af, dus Thornstein ziet z’n dochter elke dag. Er loopt nog een stel vrienden rond die we ooit eerder zagen, maar niet echt thuis kunnen brengen. En Mike Taylor, ook Ier, maar geen familie van Pat en Brian. Gewoon een keer toevallig tegenge-komen en aan blijven hangen. En tenslotte Dawn en Herman.

 

Pat was gisteren buitengewoon aangenaam verrast toen het hele gezelschap arriveerde. Want eerder die dag, bij P’nP was ze nogal verbolgen over al de gedane arbeid en de afzegging door Lesley en George. Cheralee heeft de tafels prachtig gedekt en de lapa helemaal versierd, en er ligt een schaap aan een spit te sputteren. Gelukkig is het een dichte braaibak zodat het lijk meestentijds aan het zicht onttrokken blijft.

 

Cheralee heeft ook nog een zoektocht op touw gezet naar Paaseieren voor de kleintjes, kortom het is een geweldig feest royaal voorzien van voedsel en drank. Thornstein heeft dit keer geen Jägermeister bij zich, maar oude Jenever en black Tequilla. Beiden niet te zuipen, maar het gaat er bij de jongens in als koek en het wordt in één teug achterovergeslagen, want zo hoort dat vinden ze.

 

Hester

 

Toen Letty mij twee weken geleden belde vertelde ze dat Hester naar het ziekenhuis moest voor een biopsie op verdenking van borstkanker. Hester heeft een rood hoedje op en ik vraag haar of de uitslag al bekend is. Die is bekend en ze heeft al een chemo achter de rug, maar ze voelt zich niet echt beroerd. De gyneacoloog heeft besloten haar ongeboren kind niet te halen, dus dat geniet mee van de chemokuur. Er moest snel gehandeld, want na de ontdekking was de knobbel tot vijf centimeter uitgegroeid. Maar nog keurig ingekapseld dus een operatie wordt vooralsnog niet overwogen om uitzaaiingen te voorkomen. Want zelfs met de biopsie kunnen de kankercellen die aan de naald blijven hangen uitzaaiingen veroorzaken. Ze vertelt er openhartig over en is optimistisch, maar dat het een geweldige dreun voor hen was die je leven totaal op z’n kop zet. En ze is nog zo jong: 30-35 maximaal.

 

Paul

 

Ook Dawn heeft een probleem want haar vader Paul (86) zit inmiddels in een bejaardenhuis en is zwaar dement, maar niet 24/7. De eerste maanden had hij het daar goed naar z’n zin, maar de laatste maanden niet meer. Hij denkt dat hij weer jong is, wil terug naar de farm, gaat citrusbomen planten en voedsel verbouwen om Ellisras van voedsel te voorzien. En Dawn kan en mag hem niet terughalen naar de farm, want de man heeft bijna klokrond zorg nodig die zij hem niet kan geven. Elke keer als ze hem gaat bezoeken is haar angst dat hij zegt “en nu ga ik mee”  en wat dan? Bovendien belt hij op z’n goede momenten Jan en Alleman dat hij terugwil naar z’n farm, maar dat het van die vervelende dochter van hem niet mag. Ze zit er geweldig mee en heeft een boek van de arts gekregen waarin de symptomen etc beschreven staan hoe de familie er wel, maar vooral ook, hoe er niet mee om te gaan. Ze vindt het loodzwaar en lucht haar hart hartgrondig.

 

Ik had voor Maria ook een cadeautje meegebracht, zij was de 25e jarig. En waarom Pat wel een verjaardagskadootje en zij niet? Er is een oudere vrouw bij haar op bezoek: my ma! Zegt ze en ik geef ma een hand. Maria is erg verguld met haar pakje.

 

Tegen half tien nokken we af, want morgenochtend is het weer vroeg dag. We willen om acht uur rijden richting Ventersdorp om het kereltje op te halen. Vlak bij ons huis staat een hele grote groep rooibokkies die niet van plan waren echt ver opzij te gaan.

 

Angie

 

Het is een heel eind naar Ventersdorp en bij Centurion komen we langs de Makro. Jan wil er even naar toe want z’n medicijnen (Mars) zijn op. Mijn aversie tegen de Makro veronderstel ik bekend, maar loop even mee naar binnen. De parkeerplaats staat afgestampt vol, en de rij van de kassa blijkt zich door de gehele winkel heen te slingeren. Daar gaan wij mooi niet achteraan sluiten, dus onverrichter zake vervolgen we onze weg. Het gebied waar we naar toe moeten vertoont veel agricultuur en bloemen. Dat blijken allemaal hollanders, aldus Marius later. Het huisje waar Angie en Marius wonen zou niet het mijne zijn. Ik zou in zo’n zwijnenstal met 3 of 4 grote dikke honden niet kunnen leven. Voor het huis lopen een paar paarden die al hun blommen opvreten en Angie (ik schat haar en Marius mid zestigers) is vrijwel kaal. Ze vertelt me dat ze kanker heeft en aan de chemokuren zit. En dat ik geluk heb dat ze het kereltje moet verkopen, omdat ze naar Engeland naar haar familie gaat en hij dus haar zakgeld is. Haar familie heeft geld voor een ticket bijeengesprokkeld, omdat ze haar graag willen zien. Ze zijn erg aan het beestje gehecht en Marius heeft nog een keer gevraagd of ze het wel zeker weet. Dat niet, maar het kan niet anders. Wat een afschuwelijk dilemma, en ik voel me bijna schuldig. Ik zou het niet gedaan hebben, dat weet ik wel.

 

Ze knuffelen het prachtige kereltje allebei nog een keer uitgebreid voordat hij definitief in de bench verdwijnt. Ik beloof ….tig keer heel goed voor hem te zullen zorgen en hen foto’s te sturen. Het huilen staat ze nader dan het lachen en ik herken dat gevoel heel goed. Ik nam ooit afscheid van 6 russisch blauwe kittens. Janken, janken en nog eens janken plus de overtuiging dat niemand beter dan ik voor die kittens kon zorgen dan ikzelf, maar wat moet je met 9 poezen en een meer dan fulltime baan? Dat die anderen niet voor die kittens konden zorgen, werd al snel duidelijk: één van hen viel uit het raam van een flat, twee anderen werden per omgaande doodgereden, nummer 4 ge-euthaniseerd omdat ze van het vele verhuizen stapelgek was geworden, nummer 5 overleed aan kanker en wat er van nummer 6 is geworden, dat weet ik niet. Die leefde nog toen wij de eigenaresse ervan voor het laatst gezien hebben.

 

We zijn nog maar een paar kilometer op weg, of Jan rijdt een band aan gort op een grote steen die hij kennelijk niet gezien had. Hij was vast al lek, want zo hard heb ik die steen niet geraakt schuift hij de schuld weer eens van zich af (ik heb namelijk vrijwel de gehele heenweg gereden). Maar de onherstelbare verticale scheur in de band spreekt boekdelen! Onze eigen krik was al een onding gebleken en verguisd, nu laat hij het weer afweten. Ik hou dus een bakkie aan en vraag de bestuurder of hij een fatsoenlijke “jack”  heeft. Dat heeft hij en hij helpt Jan de band te verwisselen. Het is een zwitser die perfect afrikaans spreekt, ongelofelijk veel te klagen heeft, en van plan is al zijn bezittingen (en dat zijn er nogal wat: een aantal koeien/geiten/schapen-farms, en onroerend goed in Pta en Joburg dat hij verhuurt) te verkopen en terug te keren naar hetzij Zwitserland of naar Italië waar hij ook nog een vakantiehuis heeft. Binnenkort gaat hij in Limpopo een paar rooibokke schieten en hij vraagt waar onze farm is want dan komt hij mischien wel langs. Zijn klachen begrijpen we wel, zeker als je, zoals hij,  de apartheid meegemaakt hebt en onder het blanke regieme het er toch stukken beter aan toe ging en georganiseerd was dan nu. En er wordt veel van z’n veestapel gestolen. Tel daar de politieke toekomstige onzekere situatie (Malema, leider van de ANC jongeren, is nog een graadje erger en gekker dan Mugabe) daar nog bij op, en dan kom je tot zo’n besluit.

 

We denken nog iets in Bela Bela te drinken, maar tegen de  tijd dat we daar zijn hoost het wel zo geweldig, dat we geen hand voor ogen zien, en van dat plan dus maar afzien. Het kereltje (Harvey, maar wij noemen hem Onyx), gedraagt zich wel zo keurig; hij is lekker gaan liggen op z’n catnip-kussentje dat we eerder van Ine en Folkert kregen. De pottenboer net buiten Bela Bela blijkt gelukkig wel open en daar schijnt de zon alweer. Ik koop 3 mooie afrikaanse potten die op de achterbank in de veiligheidsgordels worden gesjord.

 

Onderweg worden allerlei tactieken besproken voor als we straks thuis zijn. Wij verzinnen altijd hele verstandige dingen, maar de poezen houden er meestal totaal andere gedachten op na. We zetten hem gewoon in de bench in de kamer zodat R&L kunnen komen snuffelen en hij in de veiligheid van die bench aan alle rare nieuwe geluidjes en luchtjes kan wennen. Dat had je gedacht. Zodra de bench de vloer raakt, zegt Onyx Miaaaaaauw op een manier die niet voor tweerlei uitleg vatbaar is. Ik doe het deurtje dus open en hij marcheert zelfverzekerd z’n nieuwe wereld binnen. Binnen 10 minuten heeft hij het hele pand geinspecteerd terwijl R&L op veilige afstand verbijsterd toekijken naar het onheil dat wij over hen hebben uitgestrooid. Kortom: they are not amused! Dat wordt nog een hele kunst om dit huishouden op verantwoorde wijze te bestieren. Ik maak een foto van Onyx en samen met het betalingsbewijs van de bank, stuur ik deze naar Angie en Marius. De poezen moeten het vannacht met z’n driën maar uitzoeken. Wat ik ook organiseer/regel, het gaat toch altijd anders. Maar Onyx kruipt onder de dekens en gaat bij m’n voeten liggen slapen nadat hij in alle tien tenen heeft gebeten. 

 

Maandag 29 maart  

 

Jan gaat heel vroeg naar Ellisras om de compressor, die hij vorige week gereserveerd heeft, op te halen. Die heeft Pieter Pretorius nodig om 2 meter lange gaten in de rotsen te boren ten behoeve van de weerligafleier. Een paar uur later belt hij op: de compressor is er niet, die staat bij Medupi en sorry, sorry, sorry. Maar daar koop je nix voor en hem wordt plechtig beloofd dat ze de compressor zullen laten ophalen en bij ons afleveren. Jan maakt een routebeschrijving met de exacte afstanden. Maar wat er ook komt: geen compressor. Blijken ze opeens bij Nungu te staan. Ipv 3.7 K hebben ze op het witkoppad inmiddels 30 K afgelegd. Pas begin van de middag arriveert de compressor. Maar Pieter had toch al besloten dat hij een nacht moet overblijven en z’n swartmense slapen op het zoldertje van de nieuwe garage. Hij gaat in Hans en Grietje dat Emmy dus met een pestvaart moet schoonmaken en aan-kleden.

 

Oliver en Abram hebben de bobbejannestront op de stoep opgeruimd. De etterbakken zijn gisteren uitgebreid langsgeweest, op de balken gezeten en de hele stoep ondergescheten. Vanochtend zijn trouwens niet alleen Oliver en Abram op het toneel verdwenen, maar ook Herman (zoon van Maria), Aaron en Salomon (van Elisabeth) en kleine Abram van Emmy. Ze worden allemaal aan het werk gezet.

 

Moses

 

Ook Moses had vandaag zullen komen. Maar die had gisteren Abram gebeld met het verzoek mij hem te laten terugbellen. Maar ik heb geen telefoontje ontvangen terwijl mijn HTC toch heus alle ontvangen al dan niet beantwoordde gesprekken registreert. Hij liegt dus en hoeft voor mij niet meer te komen. Hij is diep teleurgesteld, en sorry sorry sorry, maar voor sorry koop ik nix. Afspraak is afspraak, daar houd ik me immers ook altijd aan. Nu zal het mij benieuwen of hij morgen toevallig toch niet/wel op de stoep staat.

 

En onze poezenkinders? Onyx gedraagt zich alsof hij nooit ergens anders heeft gewoond, trekt zich van R&L weinig aan en als het nodig is blaast hij even terug. Raja is sneller over het  haar aangedane leed heen dan Luna. En ze komt steeds dichterbij waarbij er voor de vorm even lichtelijk geblazen wordt. Luna verkoopt zelfs mij een optater als ik hem probeer te troosten, dat hij niet jaloers hoeft te zijn, dat hij nog steeds mijn mooie lieve Luna-vriendje is en welke onzinnige poezenmoedertaal nog meer. Van kwaadheid heeft hij de hele Sunday-times compleet aan baggels getrokken/gevreten. De hele kamer ligt bezaaid met papier-snippers. Maar aan het eind van de middag begint ook hij lichtelijk te ontdooien en komt hij weer knuffelen.

 

Pieter’s 3 swartmense zijn hun pot vergeten. Dus of de missizz nog een pot en mes heeft asb. Ik heb een grote emaille pan met een houten pollepel. Pas op dat je m’n pan niet krast waarschuw ik hen. The missizz will shoot you Georgie if you scratch the pan zegt Pieter Ja, en dan belandt jij morgen op de braai voeg ik er aan toe. Het plaatsen van zo’n weerligafleier heeft nog heel wat voeten in de aarde want er moeten wel 6 pennen 2 meter diep de rotsen in worden geboord.

 

Dinsdag 30 maart

 

Maria komt vandaag omdat ze morgen naar het ziekenhuis moet voor d’r HIV behandeling en binnen een uur staat de weerligafleier  fier overeind en is Pieter c.s. vertrokken, onder achterlating van de factuur. Mosshire staat vrijwel onmiddellijk ook op de stoep om de compressor weer op te halen. Mijn factuur voor accommodatie trek ik gewoon van de zijne af.

 

Emmy komt het gastenhuis schoonmaken want in april krijgen we weer logé’s uit Nederland en dan heeft ze ook een beetje zakgeld. Met Moussa wil het helemaal niet. Hangt nog steeds als een zak zout op haar rug (inmiddels 14 maanden oud) en hij schijnt inmiddels of ook iets aan z’n ogen te mankeren waaraan hij geopereerd moet worden. Maar hij schijnt wel kruip-pogingen te zijn gaan ondernemen.

 

R&L raken inmiddels tamelijk relaxed met Onyx en proberen nieuwsgierig aan hem te snuffelen en Onyx stinkt gelukkig niet meer naar hond, maar heeft wel vlooien. Die hebben we hier nog nooit gehad, en dat moet dus snel de kop ingedrukt. Hij laat zich uitgebreid kammen.

 

Handarbeid

 

Bij gebrek aan Moses, beginnen we zelf maar aan de handrail. Moses hoeft wat mij betreft dus niet meer te komen ook. Want in de eerste plaats kunnen we het best zelf, maar we gunden hem gewoon een week extra werk. Het gedrag en gedachtengoed van de swart-mense: het zal ons eeuwig een raadsel blijven. Jan had alle topplanken al voorbereid, behandeld en genummerd, het is nu een kwestie van gaten boren in het staal, schuine kantjes aan de planken maken omdat bij het lassen er altijd is van een bobbeltje overblijft, en ik schroef ze vervolgens vast. En: het ziet er prachtig uit.

 

Brian komt even met Mike Taylor op bezoek om alle vorderingen te bewonderen en zij nemen gelijktijdig Maria mee naar huis. We krijgen 7 spetters regen uit de inktzwarte wolken.

 

Woensdag 31 maart

 

We gaan weer verder met de handrail en Onyx wil persé naar buiten. Maar hij kan niet zonder toezicht en uit protest klimt hij in de hordeuren en zet het op een krijsen. Ik heb alle ramen al gesloten om de hordeuren te redden, maar in één ervan zat al een klein gaatje. In een oogwenk heeft ons monstertje dat gat groter getrokken en loopt hij trots op zichzelf over de stoep te marcheren zo van “kijk mij nou”. Ik krijg bijna een hartverlamming van schrik en moet het kitten-grote-gat provisorisch repararen met goose-tape en het is echt geen gezicht. We krijgen met dit kereltje nog een heleboel te stellen. Zo klein hij is, zo groot is z’n wil en doorzettingsvermogen.

 

De blauwe kelkjes van de Harco Loor Winglamp zijn helaas niet meer naleverbaar; alleen witte à raison van het belachelijke bedrag van EUR 20 per stuk. En daar zit ik echt niet op te wachten en heb een advertentie op marktplaats.nl geplaatst. Wie weet zijn er wel meer gelukkige paarsblauwekelkjesbezitters die er eigenlijk wel vanaf willen. 

 

 
Februari 2010 PDF Print E-mail
Written by Maya   
Monday, 01 March 2010 11:10

Februari 2010

 

Maandag 1 februari

 

We gaan naar Dr Poortier om Jan’s hechtingen te laten verwijderen. We hebben ook de toolbox van Moses bij ons. Ik bel hem dat we bij Poortier staan en hij antwoordt: yes madam, I can see you! Blijkt hij aan de overkant van de straat bij de FNB het geld uit de muur te staan tappen dat ik gisteren op z’n rekening heb overgeschreven. We brengen z’n toolbox naar z’n huis, maar hij gaat weer mee terug naar ’t dorp. Wij gaan naar Big 5 waar we Monique en Hans zullen ontmoeten. Zij wachten daar op gasten uit Nederland die met Waterberg taxi naar dit ontmoetingspunt worden gebracht.

 

Het is altijd erg gezellig om lekker met M&H bij te kleppen en Monique heeft zoals gebruikelijk weer nederlandse kranten meegebracht en marsepein-balletjes voor Jan om snel weer aan te sterken. Want Hans vindt nu juist dat Jan z’n pensje niet misstond terwijl ik blij ben dat het verdwenen is. Kan hij weer zien wat er onder hangt.

 

We zetten ons aan de koffie en skommels en als de gasten Kees met diens kleinzoon Rik arriveren, gaat het gezelschap aan de hamburgers en bier. Ik volsta me een watertje. Daarna nog snel boodschappen doen en naar huis om de laatste hand aan het gastenhuis te leggen want morgen krijgen wij ook gasten! 

 

Ine en Folkert

 

Ine belt dat ze de Spar passeren zodat wij weten wanneer we ons bij de poort moeten vervoegen om hen gastvrij te onthalen. Met Ine heb ik als extraneus de rechtenstudie bij de Erasmus Universiteit in Rotterdam gevolgd en voltooid. Tesamen met 2 andere meiden, allemaal van zo’n beetje dezelfde leeftijd: Anna Marijke en Els. Ooit was er een vijfde: Corinne, maar zij stapte vroegtijdig uit. Aanvankelijk om met haar echtgenoot Hans naar Curacao te gaan in verband met zijn werk. En later overleed Corrine op veel te jonge leeftijd aan borstkanker. In januari 1986 waren we nog bij Corinne op bezoek geweest op Curacao nadat we vol afgrijnzen en met afschuw het uiteenspatten van de Challenger met o.a. onderwijzeres Christa MacAuliff op het vliegveld van Miami hadden gadegeslagen. Dat beeld is wel zo op m’n netvlies gegrift, dat gaat echt nooit meer weg.

 

Ik heb Ine ruim 3 jaar niet gezien, maar bij aankomst vallen die jaren gewoon weg en gaan we verder waar we gebleven waren. Er wordt geknuffeld en gezoend en de Waterbergtaxi chauffeur weer uitgezwaaid.

 

We rijden naar het huis waar I&F ons prachtige bezit en uitzicht bewonderen. De ontbijttafel staat te wachten, want ze hebben een lange reis achter de rug denken wij, maar het wordt hun ontbijt nr 3 omdat ze in het vliegtuig ook al twee ontbijten hadden gekregen. Maar dat is al zooooo lang geleden.

 

Ze settelen in, gaan lekker zwemmen en aan het einde van de middag komen de njala’s voor hun brokkies. Daarna richten we een braai aan en genieten van elkaars gezelschap, de dis en de drank.

 

Woensdag 3 februari

 

Sakkie is weer verschenen. Maandag en dinsdag gewoon niet komen opdagen zonder enige verdere vorm van mededeling. Ik heb m’n schouders opgehaald, aan het einde van de maand is het immers einde oefening en zolang overleef ik het nog wel. Hij was naar Pietersburg, naar z’n moeder in het ziekenhuis. En dat had hij aan de missizz verteld laat hij Jan weten. Dat z’n moeder naar het ziekenhuis was of ging heeft hij inderdaad verteld, maar dat hij er naar toe zou gaan en vandaag pas terugkomen absoluut niet. Ik trek het wel van z’n salaris af.

 

Na het ontbijt vertrek ik met I&F richting rivier want Jan is toch nog wel een beetje minnetjes, gauw moe en slaapt veel. Maar van alle kanten horen we dat z’n ingreep een langdurige nasleep heeft en een grote inbreuk op je welzijn. Daar houden we het dan maar op. Er staat absoluut beroerd weinig water in de dam terwijl hij twee jaar geleden overliep. Afgelopen januari kregen wel slechts 100 mil regen (januari 2009: ruim 180 mil). We gaan te voet verder naar de waterval en rivier want het pad is slecht en ik loop liever. Dan hoor en zie je meer dan vanuit het bakkie. Maar we komen geen enkel beest tegen, behalve vlindertjes en sprink-hanen. En daar komt een mens toch niet voor naar Z.A. wel? Alhoewel de omgeving ronduit schitterend is, toch wel teleurstellend dat de beesten zich niet willen laten zien.

 

’s Avonds braaien we opnieuw want het weer is er naar.

 

Donderdag 4 februari.

 

Er moeten nodig boodschappen worden gedaan en I&F willen ook graag zien waar ons dagelijkse boodschappenleven zich afspeelt. We nemen de touristische route naar Ellisras via het Witkoppad, hetgeen een al een hele expeditie op zich is. Maar adembenemend mooi. Ik verwonder mezelf er keer op keer over hoe prachtig onze omgeving eigenlijk is.

 

Wiesenhof

 

De uitspanning “Tsena Khutse” is overgenomen door de Wiesenhof-groep, een koffieketen a la Mug and Bean. Maar we zijn er nog niet geweest om de zaak te keuren. Nu lijkt ons dat een hele goede gelegenheid want in Joburg weten ze heerlijke capucinno’s te maken, dus wie weet hier ook wel. Aan het interieur is niets veranderd behalve het personeel. Jacqueline komt op ons af met een apparaat dat ze op tafel zet. Iets met 3 knopjes: ‘call’ om de serveerster op te trommelen, I voor de rekening en II voor de manager. Het apparaat correspondeert met een soort horloge dat ze om hun pols hebben. En als we op het knopje drukken terwijl ze er nog bij staat, licht er inderdaad is blauwigs op aan haar pols. We bestellen capucinno’s, espresso en voor Folkert een dikke mop taart. Dat is ze ook wel toevertrouwd taarten bakken. De stukken zijn zo groot dat je er gemakkelijk met z’n vieren van kunt eten.

 

Na de heerlijke versnaperingen gaan we naar Bou en Hardeware, vandaar naar de curioshop waar I&F kaarten uit Lephalale kopen plus nog wat andere snuisterijen/give-aways voor de achterblijvers. En ook ik scoor een leuk houten poppetje. Daarna vervolgen we onze shopping spree richting Pic ’n Pay, Sheetstreet waar we leuke kussenovertrekken spotten, het postkantoor etc.etc. Hierdoor hebben I&F hopelijk een goed beeld gekregen hoe wij ons kostje bij elkaar moeten scharrelen.

 

Scharreltje

 

We hadden ook de tractorband weer weggebracht omdat die binnen een halve dag opnieuw lek bleek. De verkoper suggereert andere banden, want ze zijn inderdaad al behoorlijk versleten. Toevallig heeft hij een hele lading tweede hansjes en die zien er nog best goed uit. Slechts R500 per stuk. Maar wat blijkt later: een scharreltje/privé handeltje. Zal z’n baas leuk vinden dat hij in zijn eigen bedrijf rechtstreeks door z’n manager beconcurreerd wordt.

 

Bij NTK bekijken we nog een watertank voor de staff. 2500L voor ruim R2100, en daarmee het goedkoopst van alle andere aanbieders. Maar hij kan nu niet mee, want het bakkie zit al afgestampt vol met de tractorband en boodschappen. De boodschappen zijn uiteindelijk toch nog bovenop de band beland, want ze wilden de tractorband gewoon boven op de boodschappentassen leggen als Folkert niet alert was geweest en ingegrepen had. Een band zo zwaar dat hij met twee man nauwelijks te tillen is.

 

Op de farm willen de beesten zich nog steeds maar niet laten zien.

 

Vrijdag 5 februari 

 

Jan en Folkert gaan de watertank ophalen en ik ga met Ine lopend ons terrein verkennen.  We achtervolgen een kudde blou wildebeeste te voet en komen op de terugweg een slang tegen. Eerst denk ik dat het de schaduw van een boomtak is, maar de schaduw verplaatst zich wel heel erg snel. Het is een zwarte lange dunne slang die zich een weg naar het struikgewas baant in één rechte weg. Ine ziet hem gelukkig ook nog net in het gras weg-schieten. Erg duidelijk om welk merk slang het gaat is het niet, maar mijn best guess is een swart mamba.

 

De mannen komen pas erg laat in de middag weer terug, maar met watertank. Net zoals Jan is ook Folkert dol op winkelen. Aan ons is het niet besteed, althans niet in Ellisras. Jan is bekaf, valt in bed en komt er niet meer uit. Ik maak een vuur voor de braai en laat Jan lekker liggen rusten.

 

Zaterdag 6 februari

 

Mokolodam

 

Ik ga met I&F naar de Mokolodam, maar we hadden beter een andere dag kunnen kiezen want het is er wel zo ongelofelijk druk, dat het van croc’s spotten zeker niet gaat komen. Het water staat tamelijk hoog zodat we ook niet om de dam/het meer heen kunnen wandelen. We spotten wel een troep banded mongoose, een grote cameleon in een boom, een witte reiger, een fuut, een grote concentratie sprinkhanen op één grasstengel, roze leeuwenbekachtige blommetjies en vlindertjes. Dit keer moeten we trouwens ook entre fee betalen en wordt ons het hemd van het lijf gevraagd. Ze zijn zeker bezig met een nieuwe impuls voor dit redelijk verpauperde maar toch mooie natuurgebiedje. Op de heenweg erheen zagen we op eigen terrein dan eindelijk zebra’s en blou wildebeeste. En onderweg naar de Dam een waterbok die aan de buitenkant langs het gamefench liep.

 

Aan het einde van de middag rijd ik met Ine nog een rondje over het terrein en we stuiten daarbij op 4 waterbokken, twee groepen rooibokken en 5 kudu’s. Ik haal de card uit één van de de wildcamera’s.  Mevrouw Kameelperd is elke dag zout komen tanken en heeft uitgebreid voor de camera geposeerd. Van Meneer geen spoor, ook niet in het veld. Verder blou wildebeeste met 4 kleintjes, kudu’s en bobbejanne.

 

Zondag 7 februari 

 

De week is omgevlogen en vandaag vertrekken I&F helaas al weer. Bij het laatste ontbijt ook een laatste kadootje, want elke ochtend was er wel iets om uit te pakken voor ons. Kerst-klokken, zwarte kip, kadootjes voor de poezen, boterbabbelaars, drop, tijdschriften, CD’s/ DVD’s, gekleurde de Ruyter muisjes. Zo ontzettend lief en attent.

 

Wij pakken zelf ook een tandenborstel in, want het is schier onmogelijk om op één dag op en neer naar Hazyview (Krugerpark) te rijden. Jan is al wezen tanken en heeft een lekke band opgelopen. Abram cs wordt gebeld om gauw de band te komen verwisselen en moeten wij noodgedwongen zonder reservewiel op stap. Dat geeft een slecht gevoel en als I&F niet vanavond in Hazyview hadden moeten zijn, waren we zo niet op pad gegaan.

 

Abram had ook Klaas en Sakkie meegebracht om de bandenwisselklus te klaren. Ze krijgen niet alleen R 10 pp, maar ook alle leftovers van de afgelopen dagen zodat ze een leuk etentje samen kunnen organiseren.

 

We nemen Maria d’r vriend mee naar Vaalwater. We wisten niet eens dat ze die had en het blijkt een keurig uitziende man en stukken jonger dan Maria. Later blijkt het dat het de vader van haar twee jongste kinderen is en daar bovendien nog eens heel goed voor zorgt ook. Ooit werknemer van Andrew Poole en nog steeds werkzaam in de houten-tafel-maak-industrie.

 

Geen ontkomen aan

 

Jan en ik waren loonslaaf bij Friki/Plukon en Ine deed in het verleden PR-werk voor die company. Maar hoever we ook weg zijngegaan, er lijkt geen ontkomen aan. Koffiedrinken bij Wiesenhof (Plukon grootste [tevens valste] concurrent in Duitsland), Goossens (middelmatige player/mededinger op de nederlandse markt en later ook in het voormalige Oost Duitsland) Goossen en Hattingh (laatstgenoemde oud-Plukon collega† van de IT-afdeling). Maar gelukkig maakt onze Wiesenhof de heerlijkste capuccinno’s en hebben die Goossens, Goosen en Hattingh,  helemaal niets met kippen te maken.

 

Pech onderweg

 

We hebben een route uitgestippeld via de R33, 555 en 557. Vanaf Kranskop is de weg naar Marble Hall ongelofelijk slecht met veel potholes. Na Marbel Hall wordt het nog veel erger en de potholes dieper. Je probeert ze te omzeilen, maar dan begint het ook nog eens te hozen van jewelste waardoor je alleen een waterfilm op het wegdek ziet, hoe langzaam ik inmiddels ook rijd. We komen in twee potholes terecht, en de derde onzichtbare blijkt over de hele breedte van de weg te liggen. Geen ontkomen aan en het geeft een geweldige rotklap. Jan heeft nog maar net de woorden uitgesproken dat bij een volgende “hit” het met de banden wel gedaan zal zijn, of mijn stuur trekt naar links weg. Shit, een lekke band en géén reservewiel.

 

Ik stuur het bakkie de kant in en we houden medeweggebruikers aan. (Niet alleen de band, maar ook de velg blijkt beschadigd door die laatste rotklap). Om te beginnen stoppen twee aftanse auto’s met swartmense. Er is een “garage” in Stofberg, maar die rukt echt niet uit zo laten ze weten. En aangezien ze verder ook niet veel kunnen doen, rijden ze verder. Later zullen we ook begrijpen waarom vanuit de ‘garage’ niet wordt uitgerukt. Dan stopt er een klein blauw personenautootje met man en vrouw. Het zijn Derick en Renthia Wessels. We maken kennis en hun zoon blijkt in Ellisras op school te zitten terwijl zij in Witrivier wonen. Ook zij hebben net een pothole geraakt en vorige week ook al 2 nieuwe banden moeten aanschaffen. Het komt allemaal door het zware vrachtverkeer volgens Derick, hetgeen ook al onze conclusie was. De 40-50 jaar oude wegen, zijn tegen die absurd zware auto’s en idem beladingen van tegenwoordig gewoon niet bestand.

 

De band wordt eraf gehaald en samen met hen en de band gaat Jan richting Stofberg dat gelukkig slechts 3 kilometer verder op ligt. Intussen stopt er nog een bakkie met witmense die vragen of we hulp nodig hebben. Dat niet, maar toch heel hartelijk bedankt dat jullie even gestopt zijn.

 

Een half uurtje later is het gezelschap terug inclusief gerepareerde band. De velg is weer in vorm geslagen en twee punctures gestopt. Derick adviseert ons van de eerder geplande route af te zien, want die is nog slechter dan wat we tot nu toe hebben meegemaakt. En vooral ook niet harder dan 80 K om heelhuids over te komen. We bedanken hen zeer uitgebreid en nodigen hen uit om bij wijze van tegenprestatie een keer te komen logeren. Dat zullen ze zeker doen. Ze drukken ons nog op het hart vooral in deze omgeving niet te stoppen of stil te houden, want het is een compleet zwarte gemeenschap in deze regio, en je weet maar nooit.

 

Een ‘garage’ op triple A locatie

 

We weten Jan ervan te overtuigen om bij de ‘garage’ toch maar even te kijken of er niet een fatsoenlijk tweede hansje ligt voor het reservewiel. De garage is van Hendrik, een swartmens, en op triple A locatie gelegen te weten een kruispunt waar 4 pothole wegen op samenkomen. De ‘garage’ is een openlucht verzameling van banden met eenvoudig doch effectief gereed-schap om banden te wisselen en zonder servicevoertuigen. Er valt zelfs geen enkel voertuig te ontdekken. Aan de overkant bevindt zich een tankstation waar hij de banden kan oppompen. Hendrik zoekt even en komt dan met een redelijk uitziende band aanzetten. De mannen keuren de band en besluiten hem om het reservewiel te laten leggen zodat we een backup hebben voor je-ken-nie-wete. De band moet R180 kosten, maar Folkert geeft Hendrik  R200 om nog een lekker drankje te kunnen kopen als de arbeid erop zit. Hendrik zwaait ons na en wij beginnen aan een omweg om hopelijk begin van de avond in Hazyview te kunnen zijn. Daar stappen I&F in het reisgezelschap waarmee ze nog een verdere rondreis door Z.A. maken.

 

Sappi

 

4 paar ogen zijn nu aan de weg vastgekleefd om potholes te spotten en de bestuurder daarop te wijzen (inmiddels Jan, want die vindt dat ik geen auto kan rijden [kaartlezen trouwens ook al niet] hetgeen maar weer eens pijnlijk duidelijk geworden is en bewezen door de lekke band. Dat hij de andere band vanochtend zelf op ons terrein aan gort reed telt natuurlijk niet mee) teneinde ze zo maximaal mogelijk te kunnen omzeilen; een nogal inspannende tocht al met al. Een tweede tussenstop voor koffie oid zit er niet in, want dan zijn we zeker niet voor het donker op de plaats van bestemming. We passeren Dullstroom waar zich een heleboel forel kwekerijen bevinden en naar Nelspruit rijden we via Waterval Boven waarbij we langs de smerig stinkende Sappi fabriek komen. Een enorm complex waar de eucalyptus stammen worden aangevoerd om tot papier te worden verwerkt. In de wijde omgeving bestaat het landschap vrijwel uitsluitend uit eucalyptus plantages waar je constant motorzagen hoort janken. De langsstromende Elandsrivier zal ook wel niet erg fris zijn vermoed ik zo. Maar verder is het een prachtig Mpumalanga-landschap met bergen, dalen, dammen en schitterende vergezichten.

 

Na Nelspruit volgt nog Witrivier en dan Hazyview waar we in de schemer aankomen en Hippo Hollow vinden. Het hotel waar we vannacht zullen verblijven. HH is aan de Sabie rivier gelegen en de hippo’s schijnen ’s nachts op de weide te komen grazen. Maar de floodlight is helaas niet aan, dus tijdens het diner worden we niet op op een dergelijk bezoek vergast, althans het wordt aan ons oog onttrokken.

 

Bij de receptie troffen we Vernon, de gids van I&F’s gezelschap. Hij noteerde onze contact-gegevens want hij heeft ook wel eens uitstapjes naar het Waterberggebied en wie weet zijn wij wel een geschikte locatie. Na het diner en het nodige geestrijk vocht nemen we noodge-dwongen afscheid. Hopelijk smaakt het bezoek naar meer en zien we I&F spoedig weer in de winter. Want onze beesten hebben uitgeblonken in onzichtbaarheid.

 

Maandag 8 februari 

 

Het reisgezelschap is al vroeg vertrokken en Ine heeft nog een laatste briefje onder de deur doorgeschoven. Na het ontbijt op het terras met uitzicht op de rivier (en irritant verkeerslawaai van de naastgelegen snelweg) vertrekken wij ook en kiezen een veiliger route via Middelburg, tevens grote omweg, om niet weer in lekke banden verzeild te raken. Doen boodschappen bij Woolworths in Nelspruit en rijden dit keer via de Schoemanskloof om niet weer langs die smerige stinkende Sappi fabriek te komen.

 

Loskop

 

Vlak voor Groblersdal komen we voorbij Loskopdam Nature Reserve. Een schitterende grote dam waar Jan best nog wel eens terug wil komen. In Nylstroom drinken we wat bij Wiesenhof. Binnen ziet het er wel gezellig uit en een grote muur is met de Kranskop e.o. beschilderd met hele grote tarentale op de voorgrond. Echt heel leuk gedaan. Pas om zeven uur zijn we thuis. Wat een lange dag. Oorspronkelijk hadden we een paar dagen in Mozambique willen verblijven, maar gelet op Jan’s (on-)gesteldheid hadden we daar maar vanaf gezien. Want als je niet echt helemaal in orde bent, blijft het toch “oost-west, thuis-best”. Maar het is echt afzien om in twee dagen even op en neer te rijden.

 

We rijden langs de staffquarters en laden aan voedsel af wat we eerder vandaag kochten. De rest komt morgen wel.

 

Thuis doe ik de schuifdeuren nog even open voor frisse lucht en stap daarbij bijna op een grote dode schorpioen. Hoe R&L dat toch voor elkaar krijgen? Maar prettig is het wel zo’n in-house opruimingstdienst natuurlijk

 

Dinsdag 9 februari 

 

Ik heb weer een lange klussen-lijst waaronder een hele berg wasgoed en ….tig mensen achter hun vodden zitten. Daar kun je hier een dagtaak aan hebben. De jongens hebben het steigerwerk in zoverre klaar, dat de tank er op gezet kan worden. Met z’n allen tillen we de tank op en manoevreren hem op de stellage. Helaas, het steigerwerk is wederom niet goed in elkaar gezet zodat de tank niet vlak kan staan en dat is killing op den duur. Het bouwwerk moet dus weer afgebroken en opnieuw opgezet.

 

En verder zijn we ongerust over ons Kameelperd. Mams hebben we op de cameratrap gezien, maar van pa geen enkel spoor. De jongens proberen ons gerust te stellen met de boodschap dat wanneer er een kleintje komt ze tijdelijk uit elkaar zijn en pa dus hoogst-waarschijnlijk bij de rivier loopt. Het zal wel, maar daar heb ik ook geen sporen gevonden.

 

Woensdag 10 februari

 

Zoekaktie Kameelperd

 

Jan is boodschappen doen, o.a. nieuwe banden voor het bakkie en Oliver en Abram zijn op zoek naar het Kameelperd. Tegen tienen staan ze voor m’n kantoor. Pa en Ma zijn beiden terecht en hebben een kleintje dat ze verborgen houden. Als ma dus gaat fourageren, past pa op, en vise versa. Wat een opluchting en blijdschap dat er weer een kleintje is. Als deze maar niet eenzelfde lot beschoren zal zijn als de eerste, dus ik bel de state Vet maar weer of hij al nieuws heeft. Dat niet, maar het instituut in Onderstepoort had onlangs een vergelijkbaar geval. Maar hij gaat opnieuw bellen in de hoop dat de aankonding van een jongeling, and our concern about that, de ambtenaren aldaar enig peper in de reet stopt.

 

Ik bel Jan dat pa en ma terecht zijn met een bonus.

 

Moses belt ook dat hij morgen komt. Hij zou gisteren gekomen zijn, maar zijn vrouw was ziek.  Ik vraag of ze al weer wat beter is. Dat blijkt het geval. Eigenlijk was ik wel blij dat hij er gisteren niet was, vanwege een heleboel andere heisa aan m’n hoofd. Moses informeert of ons bezoek het naar de zin heeft gehad. Tussendoor had hij ook al gebeld, alleen om te informeren of ze gearriveerd waren. Op een aantal punten is hij een echte gentlemen tevens slijmjurk.

 

Maria heeft het huis weer lekker schoon en ik breng haar weg en ga even buurten bij Pat en Brian nu het nog kan. Zij hebben ene Bernie from Joburg op bezoek die hun lekkende dak aan het repareren is. Bernie kent onze farm en zou graag even een kijkje komen nemen naar alle verbeteringen en veranderingen, want Pat en Brian hebben dat allemaal kennelijk nogal zitten ophemelen. En als ze beginnen met de opsomming denk ik opeens: gut, ja dat hebben we inderdaad allemaal al gedaan en gepresteerd.

 

Aanslag

 

We kijken naar Jasper Schuringa die Northwest flight 253 behoedde tegen een Al Quida aanslag. En daarmee terecht tot een wereldwijde held geworden. Die moet straks echt het hoogst haalbare lintje krijgen en het ereburgerschap van de USA. Je vraagt je altijd af wat je zelf zou doen in zo’n situatie. Nu ben ik van nature al een opgewonden standje, dus waar-schijnlijk had ik tegen Jan gezegd (ervanuitgaande dat die er bij was natuurlijk) kom op: die moslim slaan we helemaal bewusteloos en brandblussers laten aanrukken. Je zou toch denken dat ze die dingen aan boord hebben in plaats van een kannetje met water waar de stewardess mee aan kwam zetten? Maar goed, het blijft gokken wat ik zelf gedaan zou hebben. En net zoals Jasper, kijk ook ik altijd naar kandidaat aanslagplegers bij het inchecken.

 

In Beijng maakten we ooit mee dat we met een ultra modern toestel op de luchthaven van Beijng niet konden landen vanwege de hevige mist. De piloot deed drie pogingen; bij de tweede begon ik hem te knijpen en bij de derde met alle andere chinezen (wij waren de enige niet-chinees aan boord en het cabinepersoneel  sprak uit paniek alleen nog chinees) mee te janken. Ik had wel naar de piloot toe willen stappen en zeggen: ga opzij ik doe het wel, maar tja, ik ben geen piloot, dus ik zou het ook niet voor elkaar krijgen. Maar dan zit je toch wel goed in je piepzak en je vergeet zo’n gebeurtenis nooit. We landden uiteindelijk in Tsjingdao waar iemand anders mededeelde dat dit de gewoonste zaak van de wereld was en dat het zeker één keer in de week misging.

 

Wij zaten in een ministeriele delegatie met van Aartsen en men had het toestel al opgegeven. Toen we eindelijk na uren vertraging toch nog opdoken, was de opluchting immens.

 

Donderdag 11 februari 

 

Moses meldt zich tegen twaalven en ik pik hem op bij de tarroad. Maar eerst kom ik ma Kameelperd tegen bij de kameelperdvoerbak. Ze staat zout te likken en ik feliciteer haar met haar kind. Ze kijkt me aan en likt met haar lange tong haar hele gezicht en oren af.

 

Voordat Moses aan de handrail gaat beginnen, maakt hij eerst het vloertje in de garage af en moet er over de prijs onderhandeld want we houden niet van verrassingen. We komen zijn dagelijkse fee overeen en hij gaat aan de slag. Onze eigen jongens zijn nog steeds bezig met hun watertank, maar het lijkt er op dat dat vandaag gereed zal komen.

 

State of the Union

 

’s Avonds kijken we naar de state of the union van Jacob Zuma. Die moet nodig in de leer bij Obama want het is een saaie volstrekt inhoudsloze opsomming van feiten vanaf een briefje (van auto cue nog nooit gehoord??) en hij heeft bovendien een afschuwelijk slechtzittend pak met volstrekt niet bijpassende das aan. Zelfs Balkenende doet het beter (kan dit nauwelijks uit m’n strot krijgen overigens) en Madiba is ook aanwezig en wordt regelmatig geprezen. Ik had me nog niet gerealiseerd dat JZ al 67 is, want voor die leeftijd zit hij nogal strak in ’t vel in z’n gezicht.

 

Zaterdag 13 februari

 

Tekenpreventie

 

Nu we weer een jong kameelperd hebben, moet de aandacht voor tekenpreventie verhoogd en de 3 duncan applicators geserviced. Maar hoe we ook ons best doen met schoonmaken, binnen een paar uur zijn ze al weer verstopt. Ze hebben constante aandacht nodig om goed afgesteld te  raken.

 

Drie jaar geleden plantte Abram niet alleen een prachtige agave in de tuin (en die dus nu helemaal aan het afsterven is), maar ook een cactus. Het is een lange pilaar zonder zijarmen geworden. Maar tot onze verbazing komt er nu opeens een bloemknop tevoorschijn. En zoals we al vermoedden, het is een zogenaamde Queen of the Night. De bloemknop gaat open als het donker is, en de volgende ochtend is hij al uitgebloeid. In de kas staat er ook één, en die heeft Jan met een penseeltje bestoven.

 

Ik hoorde gisteren de drukpomp bij de 4 grote watertanks constant lopen en meldde dat en-passant aan Jan die er verder geen aandacht aan besteedde. Vandaag blijkt het ding aan alle kanten water te spuiten en moet dus afgekoppeld. Samen met Moses (best een handig joch) wordt de pomp gedemonteerd en moeten we het verder met gravity (zwaartekracht) doen. Want hun poging om het ding te repareren is jammerlijk mislukt. Ergo: het bad doet er bijv. 45 minuten over om vol te lopen, maar er zijn groter ergernissen in het leven. Maar waarom gebeurt zoiets altijd in het weekend en je niet direct aktie kunt ondernemen?

 

Zondag 14 februari

 

We worden al weer dagenlang getracteerd op de donkerste zware wolken en dikke witte donderkoppen, maar er wil maar geen regen vallen. Vandaag lijkt het eindelijk zover, maar we moeten het met een luttele 2 mil stellen.

 

Ik olie de kozijnen in de badkamer want die vergen nu eenmaal onderhoud. Het is een naar precies werkje en je hangt constant met je neus boven een goedje dat volgens mij slecht voor je gezondheid is, maar met een mond-neuskapje op stik ik gewoon. Als klein kind van 5 werden mijn keel-amandelen verwijderd, en toen kreeg ik ook zo’n kapje op met lachgas, om me onder zeil te krijgen. Ik heb daar een trauma aan overhouden kennelijk. Maar ben niet op zoek naar psychische hulp daarvoor. Er valt doorgaans gewoon mee te leven.

 

Maandag 15 januari 

 

Taiga in Afrika

 

We gaan boodschappen doen in Vaalwater en de postbus legen, want als het goed is, ligt het proefexemplaar van mijn boek ‘Taiga in Afrika’ daar te wachten. Dat blijkt inderdaad het geval en in Vaalwater hoost het. Op de weg naar huis zelfs zo erg, dat de auto voor ons in de berm gaat staan. 2 kilometer bij ons huis vandaan houdt de regen op, en boven ons huis vinden we een strak blauwe lucht met stralende zon. Opnieuw hebben we het nakijken.

 

Ik begin met de correctiewerkzaamheden aan mijn boek. Merendeels afbreekstreepjes op de verkeerde plaatsen. Ik ben eerlijk gezegd wel content met het boekje dat tevens een ode aan Taiga is. Zelfs Jan vindt het leuk geschreven, zo complimenteus heb ik hem nog nooit gehoord.

 

Oliver, Abram en Sakkie zijn aan het dichtnaaien (met staaldraad) van de kas begonnen. Aan de onderkant van het schaduwnet zaten flinke kieren waarin van alles door naar binnen kon komen met hele sprinkhanenplagen tot gevolg. Hopelijk wordt met deze aktie hier grotendeels een halt aan toegeroepen.

 

Bij Waterberg besproeiings hebben we een nieuwe pomp gekocht en Riaan denkt dat de oude nog wel opgelapt kan worden zodat we in ieder geval een reserve exemplaar hebben. Samen met Moses wordt de nieuwe pomp geinstalleerd en komt er niet langer alleen maar een zielig miezerig straaltje water uit de kranen.

 

Dinsdag 16 januari

 

De kasdichtnaaiklus is nog wel niet klaar, maar het schaduwnet is op. Zelfs al het oude net van de Wapenveldse kas is er aan opgegaan. Bij het inpakken destijds vroeg ik me af wat we er in godsnaam mee moesten! Dit dus. Daarom beginnen de jongens aan een andere klus in/aan het gastenhuis. Bij de badkamer moet een muur opgemetseld. Het bovenste gedeelte van die muur bleek uit bordkarton te bestaan en dat begon inmiddels behoorlijk te kieren zodat insecten c.s. steeds meer vrij spel kregen en ik het gastenhuis zo ongeveer elke dag wel moest nalopen op ongerechtigdheden.

 

Moses is druk bezig met de handrail rond de stoep. Het gaat mij eigenlijk te langzaam, maar ook toen Jan het nog in eigen beheer deed, ging het tergend langzaam. Maar of hij ook echt lassen kan? Ik heb zo m’n twijfels. If not, dan vragen we daar Tienie van Rooijen wel voor. De enige tot nu toe eerlijk bevonden witte afrikaan.

 

Donderdag 18 januari

 

Onverwachte gasten

 

Ik ben aan het schilderen als Jan een telefoontje van Neil uit Joburg krijgt die voor hem en z’n vrouw Jolandi één nacht accommodatie zoekt. Ik bel hem terug dat ik alleen het bushcamp en Hans en Grietje kan aanbieden. Het wordt een bushtent die nog schoongemaakt moet worden. Want daar huist een gecko in die ik maar niet te pakken krijg. Ergo: overal gecko-droppings. Volgens Jan een karweitje van een half uur. Voor hem waarschijnlijk wel, want hij kijkt niet zo nauw, maar ik vrees eerder een paar uur.

 

‘s Middags gaan we naar Monique en Hans op Rhenosterfontein en nemen Abram alvast mee richting Vaalwater omdat hij lang weekend heeft. Hun zoon Bas is er ook. Ze hebben een buurtbraai georganiseerd waar ook Carla (paardensafaries) met Rienke verschijnen, Richard en Elize van Kololo, Connie en Trixie van de duitse slagerij in Vaalwater met ene gepensioneerde Geert, Anton de bowhunter (ooit gameranger in het Kruger) etc.etc. Ze hebben eerder die dag een bok geschoten (letterlijk) die op de braai moet. Volgens mij moet zo’n beest een tijdje besterven, maar zij zullen het wel beter weten mag ik hopen. Ik vind het maar een nare aanblik zo heel bloedrig rood gestroopt lijk op de braai. En zo te zien gaat het nog uren duren voordat het beest rare, medium or welldone zal zijn. Wij wachten er niet op want nog een lange weg naar huis van ca 2 uur met deels moeilijke gravelroad en verder potholes. Maar gezellig was het wel. En Hans gaat proberen om bij Linda Lucern er voor ons ook een prijs van R37 per baal er uit te slepen. Mij vroeg ze R41 dat ik slechts tot R40 teruggepraat kon krijgen.

 

Vrijdag 19 januari  

 

Moses komt me inlichten over Sakkie. Die werd kennelijk gistermiddag gebeld dat sy vrou baie siek was. Dus Sakkie wilde er naar toe. Moses en Oliver probeerden hem dat uit z’n kop te praten, want dat moet eerst aan “ the office”  (zoals Moses ons noemt) worden voorgelegd.  En bovendien, wat kan hij er aan veranderen? Dat was Sakkie helemaal niet van plan en als het dan moest, moest Moses dat maar doen. Maar die was niet van plan Sakkie’s probleem op te lossen. Lang verhaal kort, Sakkie wist Moses nog R10 uit de zak te lullen en vertrok. En vandaag is hij er dus niet. Nu is hij volgende week toch voor het laatst, dus we malen er niet meer om sprak zij groot met kokend bloed!

 

Op het politiebureau

 

We gaan met Brian naar het politiebureau in Ellisras om zijn .375 Magnum op onze naam te krijgen. Daar komt ongelofelijk veel papierwerk aan te pas en een heleboel vingerafdrukken. 4x van elke vinger en duim apart, 4x van 4 vingers zowel links als rechts naast elkaar en dan nog een keer 4x de linker en rechter duimen apart. En het is zulke troep/inkt waarmee dat gebeurt, dat je het er nauwelijks afgewassen krijgt. Na de papierstroom, moet er nog worden betaald bij de afdeling finansies, bij mevrouw Geldenhuys wel te verstaan. En nog toepasselijker naam is nauwelijks te verzinnen. We zijn al met al 2,5 uur bezig op het bureau en dan begint het lange wachten op de papieren molen die in Pta tergend langzaam draait, alshij al gaat draaien De stukken kunnen niet meer per post verzonden, want dat raakt meestal kwijt. Dus eens in de zoveel tijd worden de aanvragen door een ambtenaar zelf naar Pta gebracht. Bobbie is degene die ons door het papieren bureaucratische proces heen helpt, en het lijkt wel een geschikte kerel. Brian “loopt”  in ieder geval met hem weg. Daarna nog snel bood-schappen bij “Pick ’n Pay en koffie bij Wiesenhof waarna we huiswaarts keren. Toch weer bijna een hele dag onderweg geweest al met al.

 

In het weekend hadden George en Lesley naar hun farm zullen konden, en kon Maria zodoende bij ons niet komen schoonmaken. Maar wie er ook verschenen zijn ……. Dus vraag ik Pat of Maria de bushtent even kan komen cleanen. Dat is geen enkel bezwaar. En ik kan dus weer verder met de promotie van m’n boek in plaats van dom poets- en boenwerk. Want er zal toch weer eens een keer geld op mijn plank moeten komen. Ik word keurig onderhouden hoor, daar niet van, maar toch zit het niet lekker zo’n afhankelijke positie.

 

’s Avonds belt Pat dat Sakkie z’n vrouw helemaal niet ziek is, maar dat hij een nieuwe baan heeft aanvaard bij Matimba en donderdag a.s. z’n uniform kan ophalen. Elisabeth had Maria gebeld met deze roddel/mededeling en Maria vond dat Pat dat onmiddellijk aan mij moest melden. De aartsleugenaar, maar ik ben allang blij dat hij iets anders gevonden heeft.

 

Zaterdag 20 februari 

 

Om zeven uur een SMS van Sakkie om hem terug te bellen. Ah, denk ik nog, die komt mij alsnog netjes melden dat hij een nieuwe baan heeft. Wat ben ik toch een onnozale hals: sy vrou is baie siek, sy ma is baie siek en hy het hulle by die hospitaal in Pietersburg gevat, hy het nie die sjeld nie, weet nie wanneer hy weer by sy werk kan kom nie want hy moet mooi by sy vrou en ma kyk  bla bla bla. Maar hij weet wel dat het volgende week z’n laatste week is. Met “Ik zie je wel verschijnen t.z.t.” kap ik het gesprek af.

 

Kankerstokjes

 

Ik check de bushtent nog voor een laatste keer, en haal Neil en Yolandi op bij het hek. Wij doen er 45 minuten over vanaf de Spar, maar zij staan binnen een half uur al voor de poort. Het is een jong leuk uitziend stel. Ze bewonderen het huis, R&L en het uitzicht. En zoals elke afrikaan in z’n vrije tijd betaamt, stapt Neil binnen met een fles bier in z’n hand. We zitten in de lookout en Yolandi blijkt ook diabeet te zijn, maar kan met pillen volstaan. Neil is electricien bji een grote tabakcompany in Boksburg waar de Marlboro’s worden gefabriceerd. De omzet staat de laatste tijd sterk onder druk omdat de belasting op genotsmiddelen hier aanzienlijk gestegen is. Maar toch kost zo’n pakje kankerstokjes hier nog altijd slechts R27 oftewel zo’n EUR 2,50.

 

Het is een gezellig in de omgang gemakkelijk pas getrouwd stel dat eerder bij Grootwater logeerde. Dat was ook nu weer de bedoeling maar Dawn en Herman verwezen hen dit keer door naar ons. Later gaan ze met hun eigen 4x4 Pajero naar de rivier, nemen ijsblokjes mee voor een lekker koude brandy-coke, en daarna braaien.

 

Moses heeft geprobeerd de handrail te lassen, maar ondanks z’n bezwering het wel te kunnen, bakt hij er niets van. Daar houden we mee op. Dus wordt het Tienie van Rooijen.

 

Eindelijk een heel klein beetje regen 23 mil en ik olie de kozijnen badkamer binnenkant.

 

Gevallen

 

Van Martine (belgische journaal) vernemen we het heugelijke nieuws dat het kabinet Balken-ende gevallen is. Dat werd hoog tijd, maar de reden waarvoor is natuurlijk volstrekt belachelijk en uitsluitend te danken aan ego’s en hielenlikkerij aan Amerika. Want het streelt toch wel geweldig als eerst Hillary met haar charme-offensief komt over wat een goed voorbeeld-gevend, succesvol werk die nederlanders daar toch doen. Hebben ze dan echt niet in de gaten hoe ze in het pak genaaid worden? Alhoewel; met al die veren in je reet lijkt het mij toch lastig zitten op het pluche. Hoe je het toch in je botte kop haalt om middels kiezers-bedrog in 2007 die missie uberhaupt al te starten, en na het rapport Davids nog steeds hard-nekkig daarin blijft volharden is mij een volslagen raadsel. Waarom die amerikaanse ambassadeur niet gewoon opgedragen zijn verzoek in de trekken omdat zo’n kwestie geen kabinetsval waardig is? Ik heb ook nix met Woutertje Bos, maar hiervoor verdient hij mijn respect. Kan Geert straks leuk z’n regeerkunsten op het land uitleven. Dat wordt vast heel erg lachen geblazen en elke dag gegarandeerd spectakel. Wordt het toch nog gezellig daar in Nederland. Waarschijnlijk slechts voor korte duur want net zoals Pim, zal ook Geert wel (in opdracht van…..) worden omgelegd. Er is altijd wel een gek te vinden die zich hiervoor leent.

 

Zondag 21 februari 

 

Om acht uur komen E&Y ontbijten. Omdat er gisteravond een straffe wind stond, durfden ze het vuur van de braai niet al te lang levend te houden, en ook in de tent ging het kennelijk geweldig te keer. In die tent zit een grote dikke gecko die ik maar niet te pakken krijg. Yolandi was bang dat nu dat beest kennelijk vrij in en uit kan lopen, de slangen dat ook wel kunnen. Maar de gecko loopt niet vrij in en uit, zit altijd binnen. Na het ontbijt gaat Jan met ze het terrein verder verkennen, ik ga opruimen en schrijven.

 

Moses is gelukkig ook zelf tot het inzicht gekomen dat het lassen hem niet goed af gaat, dus hij gaat de stukken rail nog netjes op maat zagen en komt terug als Tienie klaar is met de lasklus. Dat laat ongetwijfeld nog even op zich wachten, want Tienie heeft altijd een welge-vulde orderportefeuille

 

E&Y nemen nog een duik waarna ze huiswaarts keren, maar niet nadat ze onderweg en de Kameelperde zijn tegengekomen en de 5 njala’s. Yolandi geeft ons beiden een big hug, de afrikaanse manier van een hartelijk afscheid. Er staat weer een lief stukje in het gastenboek met de belofte dat ze gauw terugkomen. Het is te hopen, want het zijn ongelofelijke aardige mensen en de schoorsteen moet wel blijven roken.

 

Aan het einde van de middag is alle beddengoed en zijn de handdoeken weer keurig gewassen en gestreken en lees ik het boekje van Eddy Scheffer “Doorstarten voor Beginners”. Hij speelt daarin zelf de hoofdrol van Reinoud die failliet gaat en een doorstart maakt. Wij kennen Eddy, dus herkennen ook heel veel in het boekje.

 

Maandag 22 februari  

 

Rond zeven uur  staat de truck met lusern al voor de poort. 600 balen moeten er gelost worden en keurig opgetast in de factory. Jan helpt zelf mee en geeft de zimbabwaan die ook hard meewerkt een fooi. Die wordt door de witte chauffeur (met de irritantie naam Sakkie) opgeeist, maar Jan grijpt in. We hebben erbarmerlijk weinig regen gekregen, en de bladeren aan de bomen beginnen al weer te verdorren. Het belooft een zware winter te worden.

 

Paard van Troje

 

Voor de vierde achtereenvolgende dag inspecteer ik Hans & Grietje. Daar was vorige week een een leger van miniscuul kleine termieten binnengedrongen. Die beginnen aan de buiten-kant van een muur en vreten zich onder het fundament door een weg naar binnen. Ergo: grote hopen zand op de vloer. Ik schrok me rot bij de aanblik ervan. Met varken-en-blik en de bus Maxforce was ik aan de slag gegaan. Eerst alle zand opvegen, daarna minuscuul kleine korreltjes Maxforce in de kiertjes. Dat schijnen de termieten lekker te vinden en mee naar hun nest te dragen: Het Paard van Troje zeg maar, want ze gaan er en-masse aan dood. En dat is ook nu weer gelukt, want ik vind geen nieuwe zandhopen meer, noch termieten. Je moet hier constant opletten op dergelijk situaties, zelfs in het huis. Een restje kattenvoer is altijd goed voor een invasie die dan per omgaande met Maxforce de kop wordt ingedrukt.

 

’s Avonds steeks opeens de wind als uit het niets op, meestal een voorbode van regen, maar wederom geen spat.

 

Woensdag 24 januari

 

Wij gaan naar onze Morukuru-vrienden in Madikwe.  Zij hebben het Farmhouse grondig onder handen laten nemen en de opening is de 26e a.s. voorzien. De Morukuru family is daarmee weer groter gegroeid (www.morukuru.com).  Wat zjjn wij toch bofkonten daar we daar bij aanwezig mogen zijn en delen in de feestvreugde.

 

We hebben met Oliver en Abram nog even de aandachtspunten doorgenomen, op papier gezet en de sleutel aan Abram gegeven.

 

De route loopt via Vaalwater in de hoop dat ook het tweede proefexemplaar van m’n boek is gearriveerd. www.gigaboek.nl ISBN nr 978-908548244-4. Kan ik dan op Morukuru achterlaten in de hoop dat er belangstelling voor bestaat en m’n kassa een beetje kan gaan rinkelen in plaats van naar een lege geldla te staren. De reis loopt voorspoedig en we rijden via de MELOA gate naar binnen. Althans dat is de afspraak. Of ik die ingang nog precies weet te vinden weet ik niet, maar er staat een bord waarop de gate is aangegeven. Ik meld Ed via SMS dat we inmiddels op de gravelroad richting die gate zitten en verwonder me over een hele grote nieuwe gate die me in deze hoedanigheid nog nooit eerder opgevallen was, maar waar verder geen enkele aanduiding te vinden is. En dan staan we plots al voor de Derdepoort gate, dus zitten we niet goed. De dienstdoende wacht vertelt dat we 15 kilometer terug moeten rijden. We zijn er dus kennelijk straal voorbij gereden. Gelukkig staan Anka en Ed met Kevin en Tom ons midden op de weg (ja, stel we zouden weer straal voorbijrijden!) op te wachten bij…….. de nieuwe grote gate van zonet.

 

De laatste puntjes op de i

 

Wij stappen over in de gramedrive vehicle, Tom-Tom rijdt ons bakkie wel naar de lodge. Bij de hide ligt een Leeuwin op de oever van het waterhole, marcheert er een lonely bull langs en drinken wij een glaasje. De Leeuwin verdwijnt in het lange gras, maar we weten haar toch te vinden voor een foto-shoot. Daarna rijden we langs het Farmhouse waar het een drukte van jewelste is om de laatste puntjes op de i te krijgen. Binnenhuisarchitecten Samara, Adèle en Liesl zijn al een week bijna dag en nacht in de weer. We inspecteren de kamers die men nu nog volop aan het inrichten is. De basisindeling/uitvoering van de vijf en-suite kamers is vrijwel identiek, maar voor de inrichting zijn wel verschillende materialen en meubels gebruikt. Alles in lichte ingetogen tinten met uit elke kamer een wijds uitzicht over de tuin waar de laatste graszoden worden gelegd. De mooie oude bomen zijn allemaal gespaard gebleven. Het prachtige 14 meter lange zwembad met aan twee zijden een infinity-edge is nog aan het vollopen en het deck wordt van ligstoelen en parasols voorzien. Het moderne interieur wordt afgewisseld met antieke gebruiksvoorwerpen, daarmee een vette knipoog gevend naar de oorspronkelijke staat: een typisch afrikaanse boerenwoning.

 

Omdat het Farmhouse nog niet helemaal klaar is, en wij als proefkonijnen dus nog niet in functie kunnen treden, nemen we onze intrek voor één nacht in het ownershuis. In de guestlodge hebben inmiddels Carina, Ernst en hun kinderen Lex en Joyce hun intrek genomen. Lex en Joyce hebben hetzelfde mooie rode haar van, en zijn  net zo frêle als, hun moeder. Later op de avond arriveren Karin, Peter met hun twee dochters Roos en Ilse. Ze hebben nog een stel vrienden bij zich: Maria en Henry. Ze zijn in Gabarone van het vliegveld opgehaald waar een einde kwam aan hun rondreis door de Okavanga en Zambia.

 

Na een gezellig heerlijk diner zoekt iedereen z’n lekkere comfortabele bedje op.

 

Donderdag 25 februari 

 

Om vijf uur wordt er op de deur geroffeld: opstaan voor de gamedrive met Kevin en Vixen. Vixen werkte reeds als mechanicien op Morukuru, maar nu zijn zuster gameranger is geworden (en dus meer verdient) zou hij tenminste toch graag tracker willen worden. En die gelegenheid wordt hem geboden in het kader van job-enrichment. Ook Carina, Ernst, Lex en Joyce zijn van de partij.

 

Grote kattenkoppen

 

We rijden naar de hide waar twee mannetjes leeuwen liggen te zonnenbaden. Ze hebben helemaal geen zin in poseren en tillen slechts een paar keer hun kop op. Maar onze drive kan al niet meer stuk en ik heb toch weer een paar leuke grote-kattenkoppen-plaatjes. Hadden wij nog een spectaculaire zonsopgang, nu regent het inmiddels en dat is gewoon niet leuk en laten de beesten zich ook niet zien behalve de sables bij de amerikaanse buren. En een lepelaar bij een waterhole. We ontbijten met z’n zessen, want de andere groep is later op gamedrive gegaan en wanneer ze terugkomen…?

 

In de loop van de ochtend arriveren er nog meer gasten: Judith en Henk met hun nog jonge tweeling Koen en Maud. Zij hebben net een rondreis door Z.A. achter de rug en gaan na dit bezoek nog naar Marakele. Later vandaag zullen Ed’s ouders nog arriveren. Zij komen met de door Carl bestuurde Caravan/EPZ, het Morukuru-vliegtuig, vanaf Johannesburg, althans dat was de bedoeling. Maar het regent al vanaf een uur of negen, en dus kan het vliegtuig niet tanken vanwege de mogelijkheid dat er regenwater in de brandstoftank terechtkomt. Daar schijnt een vliegtuig het niet echt goed op te doen. Ergo: de ouders hebben wel in het vlieg-tuig gezeten, maar komen uiteindelijk met Andrew in een busje over de weg naar Morukuru. We wachten hen met z’n allen op en de staff zingt hen toe.

 

Wij verkassen met Anka en Ed naar het Farmhouse om onze proefkonijntaak heel serieus te gaan opvatten. De regen wil maar niet ophouden. Dat belooft niet veel goeds voor het openingsfeest van het Farmhouse morgen.

 

Kruisverhoor

 

We dineren op het overdekte deck bij de guestlodge aan het water. Het is een hele lange tafel en groot gezelschap. Ik zit naast Ed’s vader die mijn aan een grondig kruisverhoor onder-werpt. Of ik helemaal geslaagd ben weet ik niet, maar op onderdelen in ieder geval wel. Hij blijkt nog bij de bouw van Vleesch-du-Bois betrokken te zijn geweest in een ver verleden. Een kippenslachterij à la Friki/Plukon en inmiddels daarmee geintegreerd. Hij had zelfs paling en dagbladen voor ons meegebracht zoals door Anka verordonneerd. Het is een ongelofelijk gezellige avond waarop heel veel afgelachen wordt.

 

Vrijdag 26 februari 

 

Om zes uur worden we uit onze slaap gehaald voor een gamedrive. Ed is ook al uit de veren, maar gaat niet mee, want er valt nog een heleboel te doen voordat de feestgangers vanmiddag arriveren. Het is gelukkig droog en we halen de andere gasten op. In twee game-drive vehicles gaan we op pad. Wij met Paul en Tom-Tom. Er laten zich maar beroerd weinig beesten zien, maar wij scoren in ieder geval nog een Rhenoster. De grote groep ontbijt in de guestlodge, wij in het Farmhouse met A&E. Daarna arriveert Arnold de cateraar en neemt de scepter in de professionale keuken van het Farmhouse over. Arnold is nederlander en een beer van een vent.

 

Inwijding van het zwembad

 

Daarna hebben we zogenaamd rust totdat het feestgedruis kan losbarsten, maar die vlieger gaat natuurlijk niet op. Er moet een stukje in het nog maadelijke gastenboek worden geschreven en samen met Anka blaas ik balonnen op voor een ereboog. Als tegen twee uur alles toch nog op tijd gereed dreigt te komen, gaan Anka en ikzelf het zwembad inwijden. Het water is bij eerste aanraking erg koud, maar zoals altijd blijkt het na een paar minuten aangenaam. Daarna gaat iedereen zich opmaken voor de openingsparty en worden de tafels gevuld met flonkerende kristallen champagneglazen en -coolers waarin de Simonsig Vonkelwijn op ijs wordt gelegd. De ingang van het Farmhouse van een lint voorzien dat Roos en Ilse straks bij wijze van formele openingshandeling met een schaar mogen doorknippen.

 

Donkere wolken pakken zich samen

 

Inmiddels pakken zich zware inktzwarte wolken samen achter de Farmhouse en begint het gevaarlijk te rommelen in de verte. We houden allemaal ons hart vast, maar de bui heeft het fatsoen om keurig achter het Farmhouse langs te trekken.

 

Om vier uur druppelen de gasten binnen. A&E’s familie, de buren, Dawie en zijn gezin, Jan en Jacy van Jacy’s lodge, oom Frikkie en zijn echtgenote, kortom: te veel om op te noemen. Ik schiet foto’s, maar na Ed’s openingsspeech houden m’n batterijen het voor gezien. Maar er is inmiddels genoeg semi-professioneel camera-apparatuur binnengestroomd om de rest vast te leggen.

 

Jeraboam

 

Na de Simonsig Vonkelwijn en canapés, begeven we ons naar Ed’s view voor het echte werk: een Jeraboam Moët et Chandon. Een fles waar maar geen einde aan wil komen hoe goed we ook ons best doen. Beneden in het dal speuren we Olifanten en met twee gamedrive vehicles gaan we er op uit. Wij met Paul. Paul is een nieuwe ranger die tot voor kort in Pilanesberg werkzaam was. Het is een ronduit aangename knul van 26. Hij is samen met zijn partner Janine thans dus werkzaam op Morukuru. Wij blijven talmen terwijl Kevin met zijn vehicle al lang weer teruggegaan is. Wij hebben geen haast Paul en zullen je wel beschermen als het er op aan komt spreken we hem bemoedigend toe. Want we vinden die olifanten veel te leuk om nu al gedag te zeggen. Er zijn hele kleintjes bij. Maar uiteindelijk moeten ook wij afscheid nemen wamt het diner en de discjockey wachten.

 

Het is vrijwel donker bij aankomst van het Farmhouse en kok Arnold heeft geweldig zijn best gedaan. Er komen allerlei hapjes uit de keuken die lopend, zittend, staand of wat dan ook genuttigd kunnen worden. Heel slim, want op deze manier hoef je geen tafel te dekken en komt iedereen toch redelijk aan z’n trekken.

 

Disco in the jungle

 

De muziek begint zoals altijd: beroerd. Maar naar mate de tijd verstrijkt, stijgt het tempo en komt het meer in mijn genre. We dansen ons uit het dak en ik belast m’n linker voet natuurlijk veel te veel. Volgens Jan zie ik er inmiddels uit als een dweil, maar we waren geloof ik niet op miss zus-en-me-zo-verkiezingen, dus jammer dan. Later hoor ik dat buurvrouw Jacy met alleen een tanga slip in het zwembad werd aangetroffen, dus het kan altijd nog erger. Als de discjockey om twaalf uur aftaait, komt hij me nog bedanken voor het dansen, want ook hij leek er plezier in te hebben dat z’n muziek kennelijk op enig moment toch aansloeg en tot dans-actie aanzette.

 

Het is al met al een schitterend feest waar ik me tussen twaalf en één uit losworstel, nadat Jan al naar bed was vertrokken. Carl probeert me het zoveelste drankje aan te smeren, maar hoe handsome hij ook is, aan alles komt een einde. Ook Lucy en Gemma zijn er nog steeds, terwijl zij echt nodig naar bed moeten vanwege alle stress van de afgelopen weken. En waar nog bijkomt dat Lucy zwanger is. De bevalling wordt weliswaar pas in september voorzien, maar in deze toestand kun je niet door blijven feesten alsof er niets aan de hand is. Gemma gaat volgend week met Kevin trouwen. Een fantastische dag voor hen beiden, maar met een zwart randje. Gemma’s moeder heeft kanker en er is nog slechts een skelet overtrokken met vel van haar over. Maar ze wil persé Gemma’s huwelijk nog bijwonen. Reden om dat huwelijk zes maanden naar voren te halen. Gemma heeft het er erg moeilijk mee en ik probeer haar bemoedigend toe te spreken. Maar het zal toch altijd een huwelijksdag met gemende gevoelens blijven. Het huwelijk wordt trouwens in Durban gesloten uit kostentechnische overwegingen.

 

Zaterdag 27 februari

 

Ik had gedacht lekker te kunnen uitslapen na m’n uitspattingen van gisteravond, maar daarin heb ik me lelijk vergist. Om zes uur wordt er op de deur geklopt  voor een gamedrive. Hoe het me lukt is me een raadsel, maar samen met Jan arriveren we om kwart voor zeven bij de guestlodge om ons bij de rest van het gezelschap te voegen. Onderweg daar naar toe zagen en een groot lint olifanten tegen de berg geplakt. Dezelfde kudde van gisteren die inmiddels dus de bergrug heeft overgestoken. M’n linkervoet laat het totaal afweten en ik strompel weer zoals een aantal maanden geleden Ik heb m’n voet gewoon veel te zwaar overlast gister-avond, en dat moet ik nu bezuren. Maar desalniettemin, toch een avondje dansplezier beleefd.

 

Het is slechts een klein gezelschap dat gewekt wordt door onze stemmen. Kevin heeft zich kennelijk verslapen. Samen met Karin, Peter, Maria, Henry en Henk gaan we op pad met Paul en Tom-Tom. Via de radio hebben ze vernomen dat er bij een waterhole in het noorden van het park een troep van 14 leeuwen ligt. En dat willen we zien. We rijden Madikwe Game Reserve binnen en weten niet wat ons overkomt. Het begint met een troep door mij gespotte banded mongoose. Dat zijn zulke leuke speelse beestjes die rond de vehicle rennen, spelen, ravotten, op de uitkijk staan and you name it. Nadat we ons hiervan hebben losgerukt volgt er een waterhole met veel watervogels zoals grey hering, egyptian geese, and so on. Daarna giraffes, gemsbokken aan gene zijde van het fench, een spotted hyena, jakhals todat we het waterhole met de leeuwen bereiken. Ze zijn moeilijk benaderbaar door het struikgewas, maar we krijgen er toch een aardig zicht op. Daarna rijden we terug. Druk pratend zie ik uit mijn rechterooghoek opeens een leeuwin onder een struik waarna we onze weg vervolgen voor de ochtendkoffie op de Madikwe plains tussen zebra’s, rooibok, springbok, tsesebe’s, en in de verte mama rhenoster met calf. Het is ronduit spectaculair. Als we uiteindelijk richting guestlodge rijden voor het ontbijt, spotten we ook nog een steenbokkie. We drukken Paul nogmaals op het hart dat we geen haast hebben, dat wij honoured guests zijn en dat het ontbijt heus niet wegloopt.

 

Ochtend toilet

 

Tegen elven arriveren we bij de guestlodge waar we afscheid nemen van de rest van het gezelschap, want ons ontbijt is in het Farmhouse bij A&E gepland. De rit er naar toe is niet ver maar duurt wel erg lang. De kudde olifanten is inmiddels de berg afgekomen en opweg naar het waterhole bij de hide. En daar moetje toch echt niet tussendoor proberen te rijden. Dat kon wel eens heel slechts voor het gezelschap en de gamedrive vehicle aflopen. We worden zelfs steeds een stukje verder terug gedrongen. Eén van de vrouwtjes is nog bezig met haar ochtend toilet. Ze woelt eerst met een voorpoot de rode aarde los, snuift het met haar slurf op waarna ze zich royaal aan alle kanten met de rode poederstof besprenkelt.

 

Bij het ontbijt treffen we alleen Anka omdat Ed de eerste ploeg bezoekers naar het vliegtuig aan het brengen is. Nadat we onze spullen gepakt hebben, en de foto’s op Ed’s computer hebben gedownload moeten wij ook noodgedwongen afscheid nemen. Van onze proef-konijnbevindingen zullen we nadien schriftelijk verslag uitbrengen. Er is weer veel te snel een eind gekomen van een paar fantastische zorgenloze dagen met spectaculaire sightings in Madikwe en op A&E’s eigen terrein. En bevonden we ons in bijzonder aangenaam gezelschap. Wat zijn er toch nog steeds fantastische en leuke mensen om te ontmoeten en kennis mee te maken. Stuk voor stuk hartelijk welkom voor een tegenbezoek.

 

Quintin heeft ons sterk aangeraden via de Molatedi gate het park te verlaten, want dat zou veel korter zijn dan via de MELOA gate. We volgen zijn advies, maar het blijkt uiteindelijk meer dan twee  maal zo lang te duren. Onderweg tanken we in Sentrum dat uit slechts een winkel/kroeg annex benzine pomp bestaat. Iedereen binnen het pand is al straalbezopen en knetterharde muziek, maar uiteindelijk komt er toch een meid de tank bijvullen. We hadden het mischien net gehaald zonder bijtanken, maar de stress van op het nippertje moeten we onszelf maar niet aandoen. En die wordt aldus voor R200 aldus bijgetankt/afgekocht. We rijden via Hermanusdorings en zien daar ook nog allerlei beesten en een vrouwtjes giraffe die wel heel erg onder te teken zit.

 

Tegen zessen zijn we weer thuis en melden ons bij de staffquarters. Emmy is gearriveerd om het gastenhuis schoon te maken en ook Sakkie is weer opgedoken. Hij probeert me het zoveelste verhaal op de mouw te spelden over z’n zieke moeder en Geikie en vraagt Jan of hij morgen naar Shongoane gebracht kan worden met zijn bezittingen.

 

Zondag 28 februari

 

Sakkie exit

 

Ik maak de eindafrekening voor Sakkie op en Jan gaat met de documenten op weg. Hij belt bij de staffquarters dat ik het verschuldigde bedrag vooral nog niet moet overmaken. Kennelijk wil Sakkie niet tekenen oid. Jan krijgt hele verhalen over de zieke moeder, Geikie, dat hy by Moria en ’n advokaat in Pietersburg geloop het, dat hy vir 13 jaar reg op kompensasie het, ook vir die jare by Herman omdat hy daar niks gekry het nie, die missizz het hom R3000 belowe. De ene leugen na de andere rolt uit z’n mond en al Jan’s stekels staan overeind. Wat ben ik blij dat ik er niet bij ben. Sakkie tekent uiteindelijk z’n retrenchment-brief en Abram tekent als getuige, maar niet nadat hij Jan nog R200 uit z’n zak gepraat heeft en Jan van ’t gezeik wil afzijn. Van de ontslagvergoeding blijft trouwens niet veel over want nog een schuld aan Pat, Moses en 6 dagen onwettig afwezig. Sakkie blijft trouwens hardnekkig ontkennen een nieuwe baan te hebben, maar waarom hij afgelopen week dan niet kwam opdagen? We zullen het nooit weten, want ze zijn allemaal van de eerste leugen niet gebarsten.

 

Het uitladen bij Shongoane was trouwens zo gepiept, want tenminste 500 nieuwsgierige zwartjes dromden om het bakkie heen om de dozen er van af te laden.

 

Het diner bestaat uit stamppot boerenkool met worst voor Jan en met paling voor mij. Goddelijk lekker mag ik wel zeggen.  En zo komt er een eind aan februari 2010

Last Updated on Wednesday, 12 May 2010 10:02
 
January 2010 PDF Print E-mail
Written by Maya   
Wednesday, 03 February 2010 13:25

Januari 2010 

 

Nieuwjaarsdag

 

Pregmant

 

Oliver komt op de fiets van Klaas voor onderdelen. Sakkie heeft met de tractor namelijk de waterleiding van de tank naar de staffquarters kapotgereden. Sakkie rijdt altijd als een halve gare voegt hij er aan toe. Dat had Jan ook al een paar keer gemerkt en Sakkie (kennelijk tevergeefs dus) op z’n rijgedrag aangesproken. En Oliver maakt zich zorgen, want Geikie blijkt weer zwanger (pregmant zoals hij het noemt), heeft daarvoor de zak gekregen bij Abrie/Tholo en hij vreest dat alle kos nu met nog meer mensen gedeeld moet worden. Gisteren heeft Sakkie bijvoorbeeld de 5 liter bak ijs meegenomen omdat hij geen vis wilde die ik hen bij wijze van extraatje/aardigheidje ook gegeven had voor een braai. En baas Jan had nog zo gezegd: nie meer kleintjies maak nie Sakkie  vervolgt Oliver. Er hangt trouwens nog een fantastische alcohol walm om hem heen, maar hij praat verder normaal. En of hij assablief de fiets van de missizz mag hebben want hij moet altijd maar lopen. Hij kan niet meer met de tractor meerijden omdat dat te veel hobbelt en de pijn in z’n onderrug weer triggert. Als ik ooit tegen een tweede hansje aanloop, wie weet, maar de fiets van de missizz is en blijft van de missizz. En waar is trouwens de fiets gebleven die je van Alfie had gekocht? Verpatst natuurlijk voor drank.

 

Raaaaaaaazend

 

Ik maak me wel zo razend om die onverantwoordelijke stompzinnige idioot van een Sakkie. Aangekleede Baviaan. Want er blijken, integenstelling tot hetgeen wij altijd dachten, niet reeds 3 maar al 4 kinderen te zijn. Er scharrelde vaak wel een 4e bij, maar over de herkomst daarvan werd altijd een beetje schimmig gedaan. En straks dus nummer 5. Ik ben benieuwd hoe die allemaal onderhouden moeten gaan worden. Dat belooft weer een heleboel gezeik om sjeld en kos. En waarschijnlijk ruzie onder de staff onderling. We moeten hem gewoon zien te lozen. Want ik heb daar wel zo’n minachting voor dat ik het niet meer zal kunnen opbrengen om gewoon tegen hem te blijven doen.

 

Pat belt met de beste nieuwjaarswensen en vertelt en passant dat Geikie door Abrie niet vanwege de zwangerschap op straat is gezet. Ze was tijdens Erica’s en Abrie’s afwezigheid/ vakantie on duty, maar vertrok desalniettemin met Sakkie naar  Shongoane en liet de tent daar gewoon in de steek. Erica was des duivels.

 

Zaterdag 2 januari

 

Na de 52 mil regen van vannacht hebben we weer een bijzonder warme dag achter de rug, zwembadje van 30°, en van Theo Maassen genoten. Luna geniet minder want die zit weer achter iets aan dat hem plotsklaps 3 sprongen in z’n achteruit bezorgt en waarna hij hevig aan z’n voorpootje begint te likken. Het blijkt een klein 2 cm lang schorpioentje te zijn dat zich inmiddels in de rand van de schuifpui heeft verschanst. Daar helpt onze glazen doos niet dus moet er een pincet aan te pas komen om hem bij z’n staartje te pakken en naar buiten te bonjouren. De steek doet waarschijnlijk flink zeer, maar gevaarlijk is het niet. Het schorpioentje heeft namelijk een lang dun staartje, die hoeft het van zijn gif om prooi te verlammen dus niet te hebben. 

 

Zondag 3 januari  

 

Mannenoverschot

 

De nala’s zijn wel 3 keer komen grazen bij het huis, en dus ook brokkies gekregen. Luna vindt dat altijd er spannend en zit pal voor hun neus in het grind. Niet alleen het meisje van vorig jaar is een jongetje aan het worden, ook het enig overgebleven kleintje van dit jaar begint minuscule puntjes op z’n koppie te krijgen. Straks hebben we dus een mannenoverschot.

 

Aan het eind van de middag duiken er opeens twee blou wildebeeste op bij de NWS. Dat is echt heel lang geleden dat ik hen hier gezien heb. Plus twee vlakvarks met hele jonge biggetjes. Dat is altijd zo’n koddig gezicht. Zo hard als hun korte beentjes het toelaten, achter hun moeder aanhollend met het staartje recht om hoog.

 

Maandag 4 januari  

 

Ik kan er niets aan doen, maar heb me het hele weekend lopen opwinden over Sakkie en nu staat hij al weer te bedelen om extra kos vanavond want hij heeft het hele gezin hier kennelijk weer ondergebracht zonder het te vragen. Jan vertelt hem dat de hele handel uiterlijk morgen vertrokken moet zijn. Het zijn staffquarters en hij krijgt kos voor alleen hemzelf, dat zit nu eenmaal in het arbeidsvoorwaardenpakket. En daarmee basta.

 

Een goed begin?

 

Maar de hoofdprijs voor vandaag gaat naar Oliver. Sy kind is baie baie siek, hy moet saam met die Liesbeth by die dokter loop en R300 want die sjeld is klaar. Ik ontplof bijkans en met Jan is het niet anders. Begin december R3300 op de bank gestort gekregen, alle vreterij rond de Kerstdagen en Oud en Nieuw, Kerstkadootjes voor de hele meute, R100 voor Oliver als verjaarsdagskadootje. En wat blijkt: vrijwel alles verzopen. Ik ben wel zo ontzettend woedend, gefrustreerd, teleurgesteld maar kan er geen uitlaatklep voor vinden. En ik kan toch moeilijk Jan een rotschop verkopen voor het wangedrag van het personeel. Hebben we ze net nog zitten ophemelen dat ze zich het vorig jaar over het algemeen keurig hebben gedragen, en dan beginnen we het nieuwe jaar zo.

 

En of het kind werkelijk ziek is? Ze gaan voor elke scheet die dwars zit naar de dokter. Het state hospital is gratis, maar ze moeten persé naar een private dokter. Elisabeth blijkt achteraf al met Abrie naar Ellisras te zijn gegaan, Oliver gaat er geheel opgedoft achteraan om het geld te brengen. We hebben Slechts R200 in huis en willen geen dood kind op ons geweten hebben, maar een half uur lang moet hij m’n donderpreek ondergaan, dat dit toch echt de laatste keer is (niet lachen!) en dat het tijd wordt dat hij dink in plaats van drink. Moedeloos staart hij me aan: ja missizz ons het die sjeld klaargedrink. Is nie reg nie missizz. Tja, vertel mij wat. Met gebogen hoofd en staart tussen z’n benen verdwijnt hij. Berouw komt na de zonde en hoe hij zich daaronder voelt en/of zich er ook maar iets van aantrekt?

 

Bijna inmiddels 3 jaar doen we ons stinkende best om ze als normale mensen te behandelen, niet kinderachtig om te gaan met de feestdagen, geduld te tonen, begrip op te brengen, te praten, te trainen, te leren, goede voorbeelden geven, proberen ze aan het sparen te krijgen met een flinke bonus, het heeft allemaal volstrekt geen enkele enkele zin. Eens een k….r altijd een k….r. We moeten gewoon vaststellen dat er, ondanks alle inspanningen, gewoon niets van te maken is. Maar de ontwikkelingshulp moet wel blijven komen, want de dranken-winkels zijn altijd goed gevuld, en des te armer het dorp, des te meer liquor stores. Goed voor de economie!

 

Jan gaat naar buiten en daar blijkt onze krokodil voor de deur te liggen. Het beest schrikt zich rot, Jan eveneens, en gaat er als een hazewind vandoor tot onder de eerste beste begroeiing. Als ik probeer om een foto te maken gaat hij er definitief vandoor. Uit de route die hij neemt kan niet anders worden afgeleid dan dat hij die wel vaker loopt.

 

Het is de hele dag zwaar bewolkt en het onweert de gehele dag, maar regen wil er niet vallen. En de mobiel laat geen ringtone horen terwijl ik hem nog wel op high alert had geprogram-meerd. Ik loop dus een telefoontje van Mirjam mis, Nino en Marc hebben na 3 pogingen meer succes. Onze oude buurtjes die naar Portugal verhuisd zijn. Het is daar ook niet allemaal halleluja, maar terug naar NL? Geen denken aan.

 

Tegen zessen staan de njala’s al weer naar binnen te gluren of ze tekenen van leven zien. Het mannetje van vorig jaar begint nu in rap tempo zwart te worden. Ik ben benieuwd hoelang het nog duurt voordat hij ook zo’n shabby zwarte coat aanheeft zoals een volwassen mannetje betaamt.

 

Dinsdag 5 januari 

 

Sakkie heeft het echt helemaal verbruid want naast z’n verzoek om extra voer gisteren, liet hij Jan bovendien weten dat de vis absoluut niet gewaardeerd werd en dat Oliver het ook niet lekker vond. Dat liegt hij dat hij groen ziet want Oliver vertelde het tegenovergestelde. Bovendien hadden een doos met 15 of 16 hamburgertjes gekregen. En we hadden het helemaal niet hoeven doen trouwens dat oudejaars extraatje.

 

Alles kommer en kwel??

 

Case 1:            retrenchment

 

Ik begin steeds kwaaier te worden. En aangezien we al vaker tegen elkaar gezegd hebben dat we met 2 man personeel ook toe moeten kunnen, gaan we dat nu in de praktijk brengen. Oftewel: Jansen we zouden niet weten wat we zonder je zouden moeten beginnen, maar we gaan het nu proberen, was een veelgehoorde grap bij Plukon tijden ons arbeidszame leven daar. Per 1 april kan Sakkie vertrekken, krijgt tijd om een andere baan te zoeken en krijgt nog een fatsoenlijke oprotpremie. Maar we vertellen het hem pas maandag a.s. want eerst moet de garage nog af. We moeten wel practisch blijven natuurlijk. En verder ga ik hen zo veel mogelijk uit de weg, echt ik kan ze wel schieten. Maar genoeg daarover nu, anders lijkt het hier alleen maar kommer en kwel…..of?

 

Case 2:            lekkende solar geyser

 

In het weekend in de solar geyser gaan lekken en veroorzaakt kortsluiting. Veel geluk met dat ding hebben we niet echt en de leverancier laat het ook mooi afweten. Ondanks …… tig telefoontjes en emails met gedetailleerde probleemomschrijving, wordt ik maar niet terug-gebeld.

 

Case 3:             website

 

En Francois de nieuwe webhoster heeft het ook totaal laten afweten dus had ik hem in het weekend een nogal gepeperd mailtje gestuurd en de deposit teruggeëist inclusief rente. Dat hielp, eerst kreeg ik een mailtje waarin hij zijn falen ruiterlijk toegeeft, excuses aanbiedt plus het aanbod om een totaal nieuwe site te bouwen die woensdag a.s. om 15.00 uiterlijk gereed zal zijn. Hij heeft zo ongeveer de gehele nacht doorgewerkt (aan de tijdstippen waarop mailtjes binnengekomen zijn te zien) aan de nieuwe website. De oude kon helaas slechts gedeeltelijk gekopieerd, maar mischien wen ik aan de nieuwe lay-out ook wel. Morgen zal de site helemaal klaar zijn en kunnen de laatste puntjes op de i gezet wordt mij zo ongeveer elk uur herbevestigd.

 

Moses

 

We hebben de hele Bijbel hier zo ongeveer aan het werk (gehad). Abram, Aaron, Salomon, Samuel, Jozef, Maria, Elias (van de verhuiscontainer), Jesaya (Sakkie’s originele naam), en daar komt nu dus Moses bij. Andries heeft Moses voor ons opgespoord omdat hij een goede timmervakman is. In het gastenhuis moeten nog steeds een paar kozijnen vervangen  worden inclusief flyscreen. En omdat deze, vanwege de afwijkende maatvoering, niet standaard te koop zijn, moet er dus maatwerk van worden gemaakt 

 

Moses belt, en praat goed en beschaafd engels. Hij is voornemens om maandag a.s. naar de klus te komen kijken, zodra hij z’n opdracht in Ellisras klaar heeft. Andries komt ook nog even langs voor de laatste hand aan de garage op de nok. Die klus is binnen 2 uur klaar en Jan brengt hem naar Vaalwater terug want er moeten toch boodschappen worden gedaan. Bekloeg ik mij eerder over het aantal kerstkaarten: die zijn na het nieuwe jaar alsnog aangekomen. Hartelijk dank voor de alle prachtige kaarten! Een pakje van Mirjam dat met DHL had moeten komen is ins Blaue hineingegangen. DHL zegt het ergens afgeleverd te hebben aan ene meneer of mevrouw Marks, maar hoe wat en waar? Iemand zal het wel interessant gevonden hebben, want zo is de Toucan ook immers verdwenen. En een pakket uit Joburg ook nooit aangekomen waar voor derden echt waardeloze zooi in zat. Een paar klemmen van afwijkende maat t.b.v de firefighterslang. Mischien heeft iemand er oorbellen van gemaakt?

 

Woensdag 6 januari

 

Een verjaardagsmailtje naar m’n ex. Die wordt volgend jaar ook al 60. Wat worden we toch allemaal oud en waarom gaat het zo snel? En intensief contact met Francois over de website. De nederlandse en duitse vlag zijn bijv. verwisseld en dat ligt vast erg gevoelig. En de route map is kwijt, maar wordt na enig speurwerk weer teruggevonden. Dagboek nog niet helemaal in de goede volgorde. Kleinigheidjes dus. Nu nog op bijles om zelf te site te kunnen beheren, onderhouden en nieuwe kunstjes te leren. Moses belt weer: hij komt morgen al tussen 09.00 en 10.00. Hij komt liftend dus of we hem aub willen komen ophalen bij het kruispunt. Andries heeft hem uitgelegd waar hij ons kan vinden.

 

Eén van de tien plagen

 

In de kas staat nog één krop andijvie, de rest is allemaal door de sprinkhanen (order orthoptera), opgevreten. We hebben ze in alle kleuren en maten: grote en kleine bruine, zwarte met gele strepen (Phymateus morbillosus en in tegenstelling tot andere sprinkhanen-soorten in groepend levend), zwarte met rode stippels, grote en hele kleine groene die op een groenblad vrijwel niet opvallen.  Het toeval wil dat Jan gisteren op de parkeerplaats bij de Spar iemand tegen het lijf liep die aan “crop protection” bleek te doen aldus het logo op z’n bakkie. Hij zal eens kijken of er iets speciaal voor/tegen sprinkhanen is. We hebben er een ontzettende hekel aan om te moeten spuiten, maar dit is ook niet leuk meer. De boerenkool hebben ze het nog meest op voorzien want daar kunnen ze zich zo leuk tussen de krullen verbergen en inmiddels en grote gaten in vreten.

 

’s Middags begint eindelijk de zon weer door te breken. Vanaf vrijdagmiddag is het zwaar-bewolkt geweest.

 

Donderdag 7 januari 

 

Om half zeven gaat m’n mobiel die in de kamer staat op een plek waar zeker ontvangst is. Voordat ik er naar toegehobbeld ben, duurt even. Het is Moses die nu al op het kruispunt staat. Jan schiet met een noodvaart in de kleren om hem op te halen. Voordat ik op gang ben inclusief lenzen inzetten, neemt wat meer tijd in beslag, vandaar.

 

Mission statement and core values

 

Moses zit keurig in de kleren, praat nog steeds beschaafd, noemt mij “ madam”  en heeft zelfs een flyer bij zich van zijn bedrijf MOSMARC Teak Furniture met daarin zelfs een mission statement en core values zoals daar zijn

 

Accountability

Integrity

Excellent Customer Satisfaction

Honesty

Reliability

Puncuality and

Professional

 

Toe maar! Kozijnen, vlonders, plafonds. Kortom: alles met hout. We gaan kijken wat er moet gebeuren, en hij gaat later alles netjes opmeten en tekeningen maken. Hij zou niet weten wat het moet kosten, maar hij is zeker niet duur zo verzekert hij ons. Vlonders etc. berekent hij per m2. Dan doe je toch een tarief per dag, oppert Jan. Nou dat is wel zo’n dom plan volgens Moses. Want dan zou hij bijv. halverwege de dag al kunnen zeggen: I am tired, om zo het aantal dagen te rekken. Ik vraag of hij iets wil drinken: anything madam!. Dus breng ik hem een glas anything. Cola dus want daar lopen ze op, zoals een bakkie op bezine of diesel.

 

Na het opmeten gaat Jan samen met hem terug naar Ellisras om de materialen te kopen. Dat valt nog niet mee, en ze zijn er de hele ochtend mee bezig ondertussen heel Ellisras afschuimend. Ze hebben ook voedsel voor Moses gekocht (op een aparte rekening teneinde later te kunnen verrekenen). Hij zal z’n intrek in room nr 2 nemen. Die kamer staat niet vaak leeg de laatste tijd.

 

Na de spullen te hebben uitgeladen moet Mozes naar Vaalwater naar z’n twee kinderen die hij al een tijd niet gezien heeft en waar het eea voor geregeld/gekocht moet worden, en hij heeft geen safety boots bij zich. Ik kan m’n oren niet geloven, want het woord safety is onder de werkende bevolking hier een totaal onbekend begrip. Maar morgen komt hij weer heel vroeg terug. En passant meldt hij de madam dat hij R100 wil hebben voor transport. Heb je hier een ATM gezien dan vraag ik hem. Dat niet, maar binnen is er mischien wel een bank? Veronderstelt hij. Inderdaad, om op te zitten. Maar hij laat z’n hele gereedschapskist hier achter, dus we hebben onderpand! En Jan kan er altijd nog wel wat bij gebruiken in z’n workshop. Temeer nu hieruit een aantal grote dingen zoals ladders etc naar de garage verhuizen. Dan kan er best weer wat bij.

 

De hele familie was dus vroeg uit de veren en Raja en Luna willen naar buiten. Dat gaat helaas niet want er zitten Bobbejanne in de buurt. De bastards blijven de hele ochtend rondhangen, luid schreeuwend en krijsend. Alsof ze vermoord worden. Als dat zou kunnen!!

 

Ik breng Maria naar huis en wil even bij Pat, Brian en Letty buurten. Want Letty vertrekt volgende week definitief en ik wil weten of er nog een gelegenheid komt om afscheid te nemen. Eigenlijk niet volgens Letty, maar er komen een paar mensen langs verspreid over verschillende dagen. Ze vindt het verre van leuk, maar kan het standpunt van haar kinderen wel begrijpen. En met George weet je het maar nooit, die kan van de een op de andere dag de farm zo maar verkopen. Nu kan ze haar eigen regie voeren in plaats van voor voldongen feiten te worden geplaatst.

 

We drinken een biertje en bespreken de actualiteiten zoals het personeel en hun (wan-) gedrag. En dan krijg ik het verhaal te horen dat tijdens onze vakantie aan de Hoop, Sakkie elke dag Jerry mee naar het werk nam tot grote ergernis van Abram en Oliver die zich daarover bij Pat beklaagden. Pat had nog aangeboden ons te bellen, maar ze wilden ons niet nodeloos lastig vallen.  

 

Het is de natuur maar ……

 

Weer terug op onze farm zie ik een slang op het pad liggen met een flinke bos gras in z’n bek. Nou ja, het is groen dus denk ik direct aan gras, maar begrijpen doe ik het niet echt. Ik ken geen vegetarische slangensoort eigenlijk. Ik parkeer het bakkie naast de slang-met-gras. Blijkt het een grote groene cameleon te zijn. Zo een die vorige maand over mijn handen en armen klauterde. De slang heeft hem arme beestje in z’n zij te pakken. De cameleon probeert de slang te bijten, maar met niets voorstellende tandjes heeft dat geen enkel effect. Z’n armpjes en handjes maaien in het wilde weg om uit deze greep weg te komen, maar tevergeefs. Als Luna of Raja iets in hun bek hebben dat mij niet zint, dan haal ik het eruit, maar iets bij een slang uit z’n bek te halen lijkt me toch een beetje hachelijk avontuur. Ik herken het merk slang niet, dus ook niet of hij al dan niet licht, matig of erg giftig is. Bovendien, anders dan R&L die gratis kost en inwoning hebben, moet zo’n slang toch maar zelf z’n kostje bij elkaar zien te scharrelen. Maar ik had toch liever een muis in z’n bek gezien. Bovendien is de cameleon wel zoveel groter, dat ik in de praktijk nog niet zie hoe die slang het beest gaat verorberen. Ik kan en mag niet ingrijpen, dus verlaat ik het doodstrijdtoneel. Ik vraag Jan of hij nog iets gruwelijks wil zien en vertel hem het voorval. Hij gaat op de quad, maar komt terug zonder de slang-met-cameleon gezien te hebben. Alleen de sporen resteerden nog. Ondanks dat ik m’n mobiel bij me had, vergat ik een foto te nemen.

 

We hadden dus een dubbeldeurs vrieskast-uit-de-erfenis van George en Lesley die we vanwege z’n overmatige Eskom-gebruik hebben afgedankt. Sakkie had al gevraagd of hij het ding mocht hebben, maar we hebben het hem afgeraden vanwege het stroomgebruik en wat moet je met zo’n grote vrieskist. Maar zelf weten, zelf baas, dus Jan heeft hem gezegd maar een bod te moeten uitbrengen. Sakkie vertelt mij dat baas Jan er R100 voor wil hebben, maar dat mag ik deze maand niet van z’n salaris inhouden. Geen geld, geen vrieskist denk je dan toch nietwaar? Blijkt de vrieskast al pontificaal in z’n kamer te staan.

 

Vrijdag 8 januari 

 

Moses zou heel vroeg komen, maar het regent in Vaalwater laat hij telefonisch weten. En in de regen gaat hij niet op een taxi staan wachten. Hij komt zo gauw het weer droog is. Tegen de middag arriveert hij in zijn werkoutfit en veiligheidsschoenenen en gaat onmiddellijk aan de slag in de workshop. Moses heeft dan wel een goed gevulde toolbox, maar Jan heeft natuurlijk veel meer waar hij ook handig gebruik van kan maken. Er moeten 4 kozijnen en een flyscreen schuifdeur worden gemaakt en we weten nog steeds niet wat het moet kosten. Ik had het natuurlijk kunnen weten: Moses is geen zuid afrikaan maar komt uit Malawi. Aan de manier van doen heeft hij wel iets weg van Alexander van The Capitol House in Pta. Ook een Malawiaan en net zo netjes en beschaafd. Het kan dus wel…..

 

Vreemd fenomeen

 

Al snel nadat wij hier kwamen wonen, liet Jan een mooie agave van de stafffquarters naar onze “ tuin”  overbrengen. De agave groeide als kool, en was echt beeldschoon. Maar een paar maanden geleden begon er een piemel, oftewel bloeistengel, uit z’n hart te groeien. Dat betekent uiteindelijk de dood voor zo’n plant. Ook de piemel groeide als kool en bereikte een hoogte van zo’n 3,5 meter. Aan de stengel zaten allemaal donker gekleurde driehoekjes. Net envelopjes. En uit die envelopjes (9 etages boven elkaar)  kwamen etage voor etage weer aparte bloemstengeltjes te voorschijn. De bloemen hebben de afgelopen weken gebloeid. Elke dag kwam er een nieuwe etage bloemen uit en elke dag tussen vijf en zes uur kwam er een zwerm bijen op die net uitgekomen bloemen fourageren. Vandaag is de laatste etage in bloei gekomen en is uitgebreid door de bijen bezocht. De uitgebloeide bloemen beginnen te veranderen in dikke groene zaadknoppen, althans dat is mijn best guess. De plant zelf is in rap tempo afgetakeld tot een uitgeleefd/uitgeteerd lijf zo lijkt het wel. Maar is niet vergeten om voor nieuwe uitlopers te zorgen. Voor zover te zien een stuk of 3.

 

Zaterdag 9 januari 

 

Jan gaat boodschappen doen en Moses wil graag praten als hij weer terug is over z’n fee zodat we beiden weten waar we aan toe zijn. Hij werkt de hele dag stug door en vraagt alleen om koud water. Want uit de kraan komt alleen maar lauw water.

 

Ik behandel de houten panelen in de garage die straks het zoldertje in de garage moeten gaan vormen. Volgens Jan is dat helemaal niet nodig, maar hier verrot alles waar je bijstaat. En om nu eerst duur hout aan te schaffen om het vervolgens weg te laten rotten gaat mij echt te ver. Het zijn 8 platen en steeds komt Moses helpen om ze om te draaien en/of nieuwe op de bokkies te leggen. En als hij me met een verfblik ziet worstelen om het open te krijgen, snelt hij te hulp: let me open it for you madam.

 

Onderhandelingen

 

Aan het einde van de dag zijn alle kozijnen in ruwbouw klaar behalve de schuifdeur. En dan is het tijd voor de onderhandelingen. Moses vraagt eerst of er nog meer werk in het verschiet zit, maar wij denken van niet. Than I charge you 4.2 (R4200). Nou Moses, wij dachten van niet hoor, dat is meer dan het dubbele dat wij in gedachten hadden. Dan kunnen we er three-point-something van maken aldus Moses. Dat is prima: 3.0. En daar eindigen we op. Hij is veel duurder dan Andries, maar Andries komt zonder tools, in afgetrapte schoenen en kleren, heeft geen CC dus hoeft geen belasting en verzekering te betalen. En steekt dus alles zwart in z’n zak. De R 3,000.00 is inclusief BTW die Moses moet betalen en wij kunnen aftrekken.

 

Na de onderhandelingen vertrekt hij naar room nr 2 met wat braaihout om z’n vlees te kunnen braaien. Ik breng hem weg, want Jan heeft een reuze interessante voetbalwedstrijd te pakken op TV. Oliver is niet thuis, dus Moses heeft het rijk voor zich alleen.

 

En bij ons komen de Njala’s hun brokkies bietsen.

 

Zondag 10 januari

 

We horen de houtbewerkingsmachines vanuit bed al weer vroeg loeien in de workshop, maar om tien uur is Moses uitgewerkt wegens gebrek aan materiaal. De schuiframen moeten over een “bottomtrack” , een soort rail, schuiven en die kon Jan gisteren in Ellisras nergens krijgen. Ja, iedereen kan wel bestellen maar dan moet je maar afwachten wanneer het komt. Moses heeft de workshop helemaal schoongeveegd en gaat dus naar huis. Hij vertelt de madam dat het eigenlijk gebruik is om een deposit te betalen voor opdrachten. Dat is inderdaad wel gebruikelijk, maar lang niet iedereen vraagt erom. Andries zou het niet in z’n hoofd halen, alhoewel hij het eigenlijk wel zou moeten doen. Want het aantal wanbetalende cliënten is hier ook aanzienlijk en stijgende. Er wordt dan gewoon gezegd dat het werk niet goed gedaan is. Beste jongen je hebt al R537,49 van ons gekregen, breng ik hem in herrinnering. Maar hij wil R 1,000.00. Daarmee hebben we dan de helft van de aanneemsom betaald, de rest bij afronding van het werk indien naar tevredenheid uitgevoerd. Aldus geschiedt en wordt op papier gezet.

 

Hij wil het bedrag graag cash, maar dat hebben (en willen) wij niet in huis. Als je pretenteert goed en slim zakenman te zijn Moses, dan wordt je geacht banktransfers te accepteren. Zo gaat dat nu eenmaal in de zakenwereld. Dus hij schrijft zijn banking details voor me op.

 

Jan brengt hem naar de tarroad en ik maak het bedrag over. Moses belooft maandag a.s. als eerste de hem bekende bedrijven in Modimolle te bellen met de vraag of daar die bottom-tracks wel verkrijgbaar zijn. Oliver was nu wel thuis, maar voor de middag al straal bezopen. Dat was hij gisteravond ook al volgens Moses. Waar haalt hij het geld vandaan om aan drank te komen? Was de ziekte van z’n kind gewoon een K-smoes or what. Nou ja, we hadden de moed om er nog wat van te maken al opgegeven. En we zijn nu eenmaal niet de baas over hem in z’n vrije tijd. Maar geld voorschieten in noodgevallen, waar wij doktersbezoek dus tot nu onder lieten vallen, is er ook niet meer bij.

 

Eind van de middag belt Sakkie. Jan neemt op, maar smijt algauw de hoorn weer neer. Dan gaat mijn mobiel: weer Sakkie. M’n bloed begint alweer door m’n aderen te gieren. Met z’n zeurstem vertelt hij dat sy kind baie baie siek is en hy môre by die state hospitaal moet loop want hy het nie die sjeld nie om dokter toe te gaan. En dan probeert hij nog een heel verhaal op te hangen, maar ik zeg hem op ijskoude toon: je doet maar, en hang op. Niet valt in te zien waarom hij naar het ziekenhuis moet terwijl Geikie op d’r luie reet werkeloos thuiszit te zitten. Want voor Sakkie (en de anderen trouwens ook) geldt: een dag niet gewerkt, een dag niet betaald.

 

Maandag 11 januari 

 

Moses laat weten in Modimolle de ontbrekende materialen te hebben gevonden met de vraag of Jan hem komt oppikken in Vaalwater om samen naar MM te gaan. Oliver heeft nog wat reparaties aan het fench verricht en zegt vrijdag een klomp Waterbokke te hebben gezien met kleintjies. Ook veel Kudu, ook met kleintjies.

 

Als een dief in de nacht zitten de Bobbejanne plotsklaps overal rond het huis. Raja is buiten. Ik roep haar en zie haar tot mijn grote opluchting verschijnen. Tot vier keer toe moet ik die rotapen wegjagen, maar of het voor lange duur zal zijn? Er staan op het ogenblik overal wilde-vrucht-dragende boompjes en struiken, dus daar zullen ze heus wel niet bij wegblijven. En intussen zitten R&L te balen als een stekker binnen.

 

Een lening

 

Eind van de middag is Jan weer terug met het materiaal. Hij heeft dus een paar uur samen met Moses in het bakkie doorgebracht. En naar goed gebruik: er wordt van alles geprobeerd. Hij heeft een lening van R 600.000 (jawel zo’n 60.000 EUR) nodig voor uitbreiding van z’n houtbewerkingsmachinepark. Bij de overheid vangt hij overal bot ondanks de diverse hulp- en aanmoedigings-programma’s die er voor starters lopen. Maar de overheid werkt hier niets, anders dan voor het eigen belang van de ambtenaren, dus daar moet je het ook niet van hebben.

 

Bij Builders discount staan zogenaamde “pletters” waar je mooie planken mee kunt zagen. En dat is nou precies wat Moses ook hard nodig heeft. Kosten R 6000.00 dus het verzoek om de lening wordt overeenkomstig verlaagd naar R 6000.00. Bij Jan spookt het bezit ervan trouwens ook al heel lang door z’n hoofd.

 

Bij de supermarkt zet Moses z’n lunch in Jan z’n mandje. Maar dat wordt echt keurig bij het lijstje “reeds verstrekt deposit”  bijgeschreven. Ik hou me aan afspraken, hij dus ook. En als hij het niet zelf doet, dan help ik hem daarbij wel een handje. Het enige wat we voor hem kunnen doen is z’n business plan (dat hij zegt te hebben) met hem door te nemen en aan te passen aan hetgeen een bank wil horen en zien om een lening te verkrijgen.

 

Sakkie exit

 

Bij einde werktijd hebben we een gesprek met Sakkie dat er op neer komt dat er gewoonweg niet langer werk is voor 3 personen op de farm en dat het financieel helaas ook niet meer uitkan. Inclusief eindejaarsuitkering en voedsel en andere faciliteiten zijn we zo’n EUR 700 per maand kwijt aan personeelskosten en dat is echt niet vol te houden.

 

Gelet op z’n houding de afgelopen week moet hij iets voorvoeld hebben. Hij vraagt of hy ’n fout by die plaas gemaak het. Te veel om op te noemen, maar over die boeg gooien wij het niet: geen werk meer en financieel kan ’t niet uit. Ik beloof hem een mooi getuigschrift te schrijven waarmee hij de hele volgende week mee op pad kan. Hij krijgt onbetaald verlof gedurende die week om iets anders te vinden. De formele einddatum is 28 februari 2010. Het is best wel sneu, maar het gaat gewoon niet meer. En de kans dat hij hier in de buurt aan de bak komt is vrijwel nul omdat zijn reputatie inmiddels wel gevestigd is. Veiligheidshalve schrijf ik de buren een email met een korte uiteenzetting om de bushphone voor te zijn die mogelijk de verkeerde boodschap de wereld inhelpt.

 

Dinsdag 12 januari

 

Afscheid van Letty

 

Er zijn weer documenten voor Pat en Brian bij mij binnengekomen die ik uitprint. Ik bel Pat dat ik ze vanmiddag wel kom brengen om gelijk afscheid van Letty te nemen. Even later belt Letty zelf om ons uit te nodigen want ze heeft a couple of beers. Ik pak een fles lekker badschuim voor haar in (Radox; echt heerlijk spul) in zilverkleurig papier met zilverkleurig lint en schrijf een afscheidsbriefje waarin ik haar o.a. bedank voor haar fantastische opvang toen wij hier 3 jaar geleden kwamen wonen. Ze heeft zich ogenschijnlijk in haar lot geschikt, maar niet van harte. Ze komt op een soort compound bij Kroondal/Rustenburg waar ook dekbedden en kussens worden gemaakt. Waar de eenden zitten weet ze eigenlijk niet. De tuin schijnt er wel erg mooi te zijn met mooie grote schaduw- en lommerijke bomen. Het meest zal ze nog de njala’s, rooibokkies etc. missen. Alle huisraad is ingepakt en morgen komt haar zoon Andrew dit met een grote truck van diens bedrijf opladen. Andrew mest kuikens voor Rainbow Chickens. Ze rijdt er zelf met haar twee honden en beddengoed achteraan zo is het plan.

 

Ik vind het erg jammer dat ze weggaat. Niet dat we elkaar vaak zagen of spraken, maar gewoon de wetenschap een hele goeie buur te hebben die mij destijds toch maar mooi kwam helpen en naar de dokter bracht ten tijde van val van de zwembadmuur. Met een bezwaard hart zoen ik haar ten afscheid.

 

Bij de NWS tref ik aan het eind van de middag nu al een paar dagen twee blou wildebeeste met een kleintje. BW-kalfjes lijken in niets op hun ouders en zijn lichtbruin van kleur. Zo vertederend.

 

Woensdag 13 januari

 

Bijles

 

Ik ga naar Ellisras om het beheer en onderhoud van de nieuwe website bijgebracht te krijgen. Francois had uitgelegd waar hij ongeveer woont. Als ik in de buurt ben moet ik hem bellen zodat hij mij verder kan loodsen. Als ik eenmaal voor het hek van een compound sta, blijkt mijn telefoon het niet te doen. Dus hoe vind ik Francois nu? Vorige week moest hij naar Pta voor een onderhoudsbeurt aan z’n auto. Ik vroeg hem toen nog waarin hij reed als je helemaal naar Pta moet. Een Rolls Royce, Jaquar, Hummer, (en dat allemaal van mijn centen? denk ik erbij). Dat niet volgens Francois, maar wel een Volvo. Voor alle andere auto’s dan een Toyota moet je gewoon naar de grote stad voor een onderhoudsbeurt.

 

Ik kijk dus hoopvol rond of ik ergens binnen het hek een Volvo bij een huis geparkeerd zie staan. Er staan een stuk of 10 – 12 huizen op elkaar gepakt en ik zie maar twee auto’s waarvan één inderdaad een Volvo. Dat wordt dus gewoon even heel hard toeteren in de hoop dat hij me hoort. De deur van het huis-met-Volvo gaat open en Francois komt naar buiten om met de afstandsbediening het hek open te maken.

 

Francois rookt als een ketter, maar in huis heeft hij een alternatief. Een nepsigaret die je met vloeibaar teer kunt vullen om zonder de omgeving er mee te storen toch je verslaving in stand te kunnen houden en voortzetten. Met de website waarop hij die rotzooi kan bestellen altijd onder handbereik.

 

Het is een piepklein huisje met open keukentje en een woonkamer die net groot genoeg is voor een tweepersoons zitbankje, een bureau en een TV die conform goed gebruik staat te brullen. Het heeft geen zin om te vragen dat ding uit te doen, ze kunnen gewoon niet zonder een heleboel kabaal aan hun kop die zuid afrikanen. Z’n vrouw is kennelijk naar haar werk (je zou echt gek worden als je met z’n tweeën de hele dag ik zo’n kleine ruimte opgesloten zat; de cellen in nederlandse gevangenissen zijn echt groter) en hun dochter van een half jaar naar de creche om er de eerste beginselen van rottigheid uithalen bijgebracht te krijgen.

 

Het lijkt allemaal erg eenvoudig, maar het probleem van ieder whizkid is dat ze nix kunnen uitleggen aan een leek. Flits flits flits terwijl ik driftig probeer mee te kijken en mee te schrijven. Het zal wel een kwestie zijn van vaak doen denk ik hoopvol.

 

Na twee uur sta ik weer buiten en ga de mij opgedragen boodschappen doen.

 

Thuis kan ik niet met m’n website aan de slag omdat er een heleboel werk te wachten staat zoals het in de olie zetten van de nieuwe kozijnen die Moses klaar heeft. Het hout drinkt de olie zodat de behandeling wel drie keer herhaald moet worden.

 

Raja zoek

 

Maar bij thuiskomst staan mij heel andere zorgen te wachten: Raja staat niet achter de deur, ik kan haar ook nergens vinden, en die verdomde apen zitten overal in de tuin. Jan is er ook niet. Op goed geluk bel ik de buren of hij daar toevallig is om mee te helpen laden oid. Hij is er inderdaad, maar zit in de lapa aan het bier. De truck met Letty’s huisraad is nog maar net vertrokken want er was veel tegenslag met lekke banden. Pat en Letty moesten dus nog achter nieuwe banden aan in Ellisras voordat de caravaan uiteindelijk om vier uur kon vertrekken in plaats van twaalf uur zoals gepland. Want het is zeker vier uur rijden naar Rustenburg e.o.

 

Jan weet zeker dat Raja binnen is, maar ik heb het hele huis doorzocht en ben een toeval nabij. En dan opeens zie ik haar met een bek vol met hele grote veren. Madam heeft prooi en haar kop niet opengedaan. Want wat wil het geval: Jan had een grote dode roofvogel althans de veren ervan) gevonden en die mee naar huis genomen om uit te zoeken wat het was. Aan die veren zat nog een stuk karkas en dat had hij in de woonkamer ergens in een doek gewikkeld neergelegd. Ik vond het al zo vreemd toen ik binnenkwam: overal hele grote veren over de vloer verspreid.

 

Mijn opluchting kent geen grenzen.

 

Donderdag 14 januari 

 

Jan is ziek en ik krijg hem zover om mee naar dokter Poortier te gaan. Die kan op het eerste oog niets vinden en neemt bloedmonsters voor nader onderzoek. Jan voelt zich echt honds-beroerd en het wordt er niet beter op, de situatie verslechtert nog verder. Maar hij wil de uitslag van het onderzoek eerst afwachten en gaat naar bed.

 

Kom van dat dak af!

 

Bij thuiskomst hoor ik iets zwaars op het dak lopen. Ik ga naar buiten en zie de krokodil op het dak. Ik probeer het met “kom van dat dak af”, maar ze kent of Peter Koelewijn of het liedje niet, want ze geeft geen sjoegen. Er liggen ook overal grote plukken wol uit de schapenvacht die in de bieb ligt. Ik snap er geen hout van. Ik loop naar de bieb en kijk uit het raam naar de plukken wol en daar blijkt mevrouw ook reeds bij het raam gearriveerd. Ze is bezig om een gat te graven en een nest te bouwen. Ik doe het raam open en zeg haar dat dit echt niet de bedoeling is. Ik wil best een kraamkamer voor je maken, maar niet in het dak. Ze begint te blazen en haar longen vol te zuigen om nog imponerender over te komen dan ze al is. Jan ligt in bed te kreperen, dus die ga ik niet storen. Dan maar Moses om hulp gevraagd. Met dikke handschoenen aan proberen we haar te pakken om in een voerzak te stoppen zodat we haar een paar kilometer verderop weer los kunnen laten. Mission impossible want ze vlucht verder het dak op.

 

Moses stelt voor een lange lat met een oog te maken waar een touw doorheen kan om een lus te vormen die we om haar kop kunnen wurmen. Zo gezegd zo gedaan. Als we haar kop dan eenmaal in de lus hebben (het klinkt eenvoudiger dan de werkelijkheid) racet ze het dak verderop Moses min of meer achter zich aan sleurend. Het is nogal een hilarische vertoning, maar ook stressvol omdat ik haar absoluut geen pijn wil doen of wurgen. Na een half uur worstelen en met een extra stok weten we haar uiteindelijk aan de grond te krijgen omdat ze zich met haar grote klauwen stevig vasthield aan het kippegaas op het dak. Ik hou de voerzak voor haar kop waar ze invlucht met het touw nog om haar nek. Moses probeert het eraf te halen waarbij ik op haar moet neerhurken en haar lijf en klauwen tussen mijn kniën klemmen zodat ze met haar scherpe klauwen niet op Moses kan inhouwen. Ze is gewoon doodsbang en doet er alles aan om te ontsnappen. We besluiten het touw nu maar even het touw te laten en in de zak naar haar nieuwe bestemming te rijden. Moses achterop het bakkie met de zak in z’n hand. Als we een geschikte plek gevonden hebben volgt hetzelfde ritueel: ik klem haar tussen m’n kniën en Moses weet het touw van haar kop te krijgen waarna ik haar loslaat en ze er als een speer vandoor gaat. Het zal mij benieuwen hoe lang het duurt voordat ze terug is onze krokodil. Hopelijk houdt ze er niet al te veel trauma’s aan over en heeft ze niet alleen letterlijk, maar ook figuurlijk een hele dikke huid.

 

Truuk speciaal

 

Sakkie komt vragen of ek môre miskien by die dorp loop om met my saam te loop. Ek loop by die dorp Sakkie, maar jy loop mooi met mis Pat saam. Sy vat jou by die bank en jy gaan haar mooi bataal. Daar had hij niet op gerekend dat ik van z’n enorme betalingsachterstand bij Pat op de hoogte was. Onnozele hals om te denken hiermee het terugbetalingsonheil te kunnen omzeilen. Maar eerlijk gezegd begrijp ik ook niet dat Pat er opnieuw ingestonken is nadat ik vorig jaar ook al een keer geld inhield op z’n salaris op haar af te betalen en ik haar liet weten dat dit niet de methode is. Het is immers een zaak tussen hen beiden waar ik niet tussen wil zitten.

 

Vrijdag 15 januari

 

Elisabeth

 

En weer moet ik op pad richting Ellisras. Dit keer om glas te laten snijden voor de nieuwe kozijnen plus nog een heleboel andere nagekomen berichten. Bij Shoprite stuit ik op Elisabeth. Wat doe jij hier? vraag ik haar. Ze is op zoek naar werk hetgeen soms in een ééndagsbaantgje resulteert. Ze is met het kind vorige week maandag inderdaad naar de dokter geweest maar van Olivier slechts R150 gekregen. Hij wilde er van ons 300 maar we hadden er slechts 200 in huis plus een handje koper geld voor de taxie. De rest dus zoals reeds vermoed gewoon verzopen. Ze had hem al gevraagd hoe kom jy gaan nie terug by die werk toe nie? Ik vertel haar van het voorval en vraag haar waarom ze geen beetje geld op de bank achterhoudt voor noodgevallen zoals deze. Het antwoord is even simpel als onthutsend. Als Oliver naar Ellisras komt, moet zij er ook zijn om zijn hele salaris van haar rekening (Olivers salaris wordt op haar rekening gestort omdat hij er zelf niet in slaagt om een bankrekening te openen) te trekken en aan hem te overhandigen. Maar krijg je dan geen geld voor de kinderen vraag ik haar. Nix nix nix. En dan vervolgt ze zoveel spijt te hebben van haar besluit destijds om het kind niet te laten weghalen omdat ze bang was voor Olivers dreiging dan naar de politie te gaan wegens moord op zijn kind. Ik had een mooie baan vervolgt ze en door zijn toedoen ben ik die kwijtgeraakt, zit ik in de problemen en onderhoudt hij z’n kind niet. Hy het my ook nie getrou nie en is net lief vir die bier . Had ik maar naar die missizz geluisterd. Jy het my so gesê nie meer babas nie en ek het jou nie mooi gehoor nie.  Ik kan dit ook niet voor haar oplossen hoe sneu ik het ook vind. En dan vervolgt ze dat ze bij haar ontslag ook al niets van ons gekregen had. Pardon: doorbetaald zwangerschapsverlof gedurende 5 maanden en R5000 op je bankrekening. En zo sta je met beide voetjes heel gauw weer op de grond, een eventueel opkomend gevoel van medelijden daarmee hardhandig en rigoreus de kop indrukkend.

 

Stopverf

 

Ik heb m’n hele boodschappenlijstje keurig afgewerkt en heb me 5 kilo stopverf in de maag laten splitsen. Zoveel heb ik helemaal niet nodig sputter ik tegen, maar volgens de geleerden bij Bou en Hardeware echt wel. Het kost bijna niets, maar hier kan ik een hele stad mee van ramen laten voorzien volgens mij. Een gedachte die bij thuiskomst door iedereen wordt bevestigd. Op Jan se Pad tref ik een groep van tussen de 20 – 30 dwarf mongooses. Zulke kleine schattige diertjes waarvan er altijd, zoals bij meerkatte/stokstaartjes een aantal rechtop op wacht moeten staan.

 

Ik ben eigenlijk bekaf van al dat een en weer gerij maar ik kan direct weer aan de slag met oliën van kozijnen nu Jan uit de roulatie is.

 

Hamerkop

 

Na het zwemmen staan de njala’s al weer hoopvol naar binnen te loeren en valt mijn oog op iets geks in de vijver voor het huis. Het lijkt een eend, maar het is de Hamerkop die rustig zit te wachten op de kikkervisjes die zo nu en dan een beetje te  dicht bij de wateroppervlakte komen. Ik begreep het al niet dat het gebroed van de foamtreefrog dat wij zo listig hadden weten te redden totaal verdwenen was, maar nu dus wel.

 

Zaterdag 16

 

Pat en Brian hadden gisteren nog even langs zullen komen, maar de documenten voor de verkoop van hun huis die bij mij waren binnengekomen, moeten in origineel per post naar de makelaar. Ik vraag haar of ze haar geld van Sakkie terugbetaald heeft gekregen. …………….. neen. Hij was al vertrokken voordat zij naar Ellisras ging, maar kwam hem onderweg toch liftend tegen. Ze heeft hem meegenomen naar de bank, maar hij zei dat zijn pasje bij Geikie was. Eerder toen ze hem om z’n pas vroeg loog hij dat het pasje in z’n kamer lag. Nu liegt Sakkie altijd en kan Pat naar d’r centen fluiten. Ik zal het van z’n retrenchmentvergoeding aftrekken.

 

Moses heeft tot vier uur gewerkt, Oliver ook. Die kon kiezen: z’n afwezigheid van vorige week maandag wordt of van z’n salaris afgetrokken, of hij werkt vandaag over om Moses te helpen. Het was het laatste geworden. Maar om vier uur heeft hij er tabak van, terwijl Moses nog niet klaar is. Moses besluit dus om naar Vaalwater te gaan en of ik hem aub naar de tarroad wil brengen. Dat wil ik wel, maar dan wil hij ook geld. En dat nu is niet aan de orde. Vorige week duidelijk papieren afspraak gemaakt: rest van de verschuldigde aanneemsom bij oplevering naar algehele tevredenheid en daar wijken we niet van af. Maar het restant werk is slechts een peulenschil blijft hij maar volhouden. Nou stop it Moses or I am going to get very mad at you. Als je de zakenman  wil uithangen, gedraag je dan ook als zodanig in plaats van te jengelen als een klein kind. De boodschap komt over en hij gaat zonder geld naar huis. Als hij uitstapt zegt hij dat hij bij ons echt niets te klagen heeft, waarschijnlijk om z’n gezeur over geld goed te maken.

 

Zondag 17 januari 

 

Jan ligt nog steeds te bed, valt kilo’s af, eet niet en drinkt nauwelijks en ziet er inmiddels uit als een spook, maar zoiets zeg je natuurlijk niet hardop. Ik maak me wel zorgen want het ziektebeeld verandert maar toch wil hij wachten op het bloedonderzoek ipv opnieuw naar de huisarts. Ik ben de hele dag bezig met allerlei klussies om te herstellen wat anderen hebben laten vallen. Postief puntje is dat Abram belt dat hij weer terug by die plaas is. De njala’s melden zich voor hun brokkies, maar die zijn helaas op. Ik probeer dit gemis te compenseren met doorgeschoten sla uit de kas en dat gaat schoon op.

 

Maandag 18 januari 

 

Leugentje om bestwil

 

Jan is er werkelijk ongelofelijk beroerd aan toe en ik bel Poortier of de uitslag al bekend is. Jawel: geen bijzonderheden. Behalve een verhoogde bloodcount dat zou kunnen wijzen op een bacterië infectie. Ik zeg Topsy dat we er nu aankomen en meldt Jan dat de dokter hem weer wil zien. Klein leugentje om bestwil  nu de gezondheid in het geding is.

 

We gaan op weg naar Poortier en ik meldt Moses (ik had hem beloofd om nog wat ontbrekende latten te kopen) dat het later gaat worden omdat we bij de dokter zitten. En dat toch echt prioriteit geniet.

 

NU

 

Bij Poortier wordt de meest recente gang van pijnzaken besproken en na een nieuwe onderzoek komt hij op de suggestie dat het mogelijk galstenen zijn en die daarenboven ook nog eens een infectie veroorzaakt hebben. Poortier belt onmiddellijk dr. Grobbelaar in Pta en die zegt; stuur hem maar langs. NU. Fijn, kunnen we eerst terug naar huis (de totaal verkeerde kant op) om medicijnen en kleding op te halen en dan dezelfde weg terug naar Pta. Moses z’n toolbox staat achter op het bakkie, maar ik heb nu geen tijd om die ergens bij hem thuis te gaan afladen. Er is hier gewoon sprake van een noodgeval want ik moet om uiterlijk drie uur in Pta in het ziekenhuis zijn.

 

Eenmaal thuis zoekt Jan z’n handeltje aan medicijnen en kleren bijeen, ik instrueer Moses, maar die is van mening dat het binnen een uurtje allemaal gepiept is en ik best kan wachten. En dan komt opeens de baas in mij naar boven: I am not looking for a rush job but a perfect job. Ik herhaal het 10 keer en wel steeds hardhandiger en nu geen gezeik. Ik heb andere dingen aan m’n kop. Maar ik heb er geen vertrouwen in dat hij de opdrachten die ik hem gegeven heb, ook uitgevoerd gaan worden. Als de kat van huis is …….

 

Kwelgeest

 

Ik ben genoodzaakt het met de verkeersregels dit keer niet zo nauw te nemen maar weet toch twee speedtraps handig te omzeilen dankzij mijn voorliggers. Thank you! Om klokslag drie uur staan we voor ’t zuid afrikaanse hospitaal en melden we ons bij dr. Grobbelaar. En die heeft me een spreekkamer wel zo chique. Hij lijkt in niets op een hospitaal. Mooie fauteuls in bordeaux rood, zelfde kleur vazen en nepblommen, kunst aan de muur. Dr. Grobbelaar doet een echo en spot Jan’s kwelgeest. Inderdaad een galsteen. De Dr bespreekt onmiddellijk een zaal en stuurt ons door naar de naast gelegen slagerij. Kwestie van een deposit betalen, formulieren invullen en naar je kamer. Jan moet aan de drip om de ontsteking die de galsteen veroorzaakt heeft te bedwingen en ook z’n bloedsuiker lijkt inmiddels nergens meer op. Als dat allemaal niet in orde is, kan er niet geopereerd worden. Grobbelaar is inmiddels ook aan het bed verschenen en ook dr van den Berg (Jan’s diabetes internist) wordt opgetrommeld (zit in hetzelfde ziekenhuis).

 

Er worden pijnbestrijders en slaappillen aangerukt just in the case en ik ga weer naar huis want ik wil ’t liefst voor het donker is in ieder geval Vaalwater hebben bereikt. De weg tussen Modimolle en Vaalwater is wel zo beroerd slecht, daar wil je met het donker niet rijden. Ik scoor nog snel witlof bij Woolworths en dan kan ik er weer 300 K tegenaan. Om tien voor acht ben ik weer op de farm en heb dan 700 K op de teller staan die dag. Na het ontbijt niets meer gegeten of gedronken  (nou ja anderhalve liter water) dus ik begin aan een feestmaal van witlof met een grote bel rode wijn. Het heeft helemaal geen zin mee te lijden met Jan, daar wordt hij niet beter of slechter van. Ik bel Abram dat ik weer thuis ben, maar hij had het bakkie natuurlijk allang gehoord. Raja doet alsof ze niets te eten gekregen heeft (dat liegt ze, want ik zie aan de positionering van de voerbakken dat ze het wel gekregen heeft) maar ze krijgt het voordeel van (geen) twijfel. Ze schrokt een tweede portie naar binnen terwijl Luna slechts een paar hapjes uit beleefdheid neemt. 

 

Dinsdag 19 januari

 

Om zeven uur telefoon: Moses die opgehaald wil worden. Ik vraag hem of hij niet goed snik is, dat ik nog in bed lig en wil slapen omdat ik doodop ben van die uitputtende reis van gisteren. Nou valt dat echt reuze mee, maar ik heb geen zin om voor m’n  werkvolk het bed uit te komen. Daar komt nog bij dat hij vanochtend met iemand anders hier zijn toolbox zou komen ophalen en Abram zou het hek voor hem zou openmaken. Het was immers helemaal niet zeker of ik gisteren terug had zullen/kunnen komen.  Hoe laat dan wel, wil hij weten. Deze week in ieder geval niet meer. Als ik in bad lig, staat hij opeens bijna voor m’n neus. Hij is toch met die iemand anders gekomen. Ene witte Tom voor een tweedaagse klus in Welgevonden.

 

Klerezooi

 

Moses wil dat ik naar z’n werk kom kijken want het is klaar. Het glas zit er in, maar ik heb zelden zo’n knoeiboel gezien. De stopverf is op goed geluk in de sponningen gemikt lijkt het wel zodat er op de meeste plaatsen niets zit, en waar het wel zit piept het aan alle kanten met grote klodders en lange slierten uit de sponingen. Ook de kieren en naden zijn niet dicht-gemaakt. En hoekjes die moesten worden afgewerkt, heeft hij gewoon stopverf opgesmeerd in plaats van houtvuller.  Ik wordt hier toch wel zo kwaad om. Zou je het zelf accepteren in jouw huis vraag ik hem: neen dat niet. Waarom hier dan wel? Ik wordt steeds kwaaier want ook het bureau dat ze beloofden weg te zetten om het tegen beschadiging te beschermen staat nog waar het stond met 3 diepe krassen erin. Ik sla met vlakke hand keihard op het bureaublad zodat iedereen er als bevroren bijstaat. Ja, als ik eenmaal over het randje geduwd ben dan kun je maar beter niet in de buurt zijn. Moses kan vertrekken en vrijdag de rotzooi in orde komen maken.

 

Moses haalt het gelukkig niet in z’n hoofd om over afrekenen te praten, want Oliver vertelt mij later gniffelend dat hij Moses gisteren al had ingepeperd: jy gaan so nie regkom met die missizz nie! Sommige boodschappen blijven kennelijk soms toch hangen.

 

We zullen een lijst voor Moses maken wat er allemaal nog moet gebeuren vrijdag a.s.: alle glas eruit bijvoorbeeld, brandschoon poetsen, alle stopverf verwijderen en dan zal ik hem eens mooi voordoen hoe het wel moet. Hij had het zelfs gepresteerd om een gebarsten raam te plaatsen. Wie doet nou zoiets? Alle dagen mooi gewerkt, maar als de kat van huis is ……..

 

Woensdag 20 januari

 

Jan is vanmiddag geopereerd, maar pas begin van de avond krijg ik hem aan de bel. Hij heeft pijn en omdat z’n galblaas ernstig ontstoken bleek, heeft hij ook nog een drain gekregen. Hij probeert maar zoveel mogelijk te slapen om hopelijk gauw weer boven-Jan te zijn.

 

Kikkervissen

 

Als ik m’n baantjes aan het trekken ben, vliegt de hamerkop over. Die is ongetwijfeld weer wezen kikkervissen. Want inmiddels hadden we een tweede lading foamtreefoglarven gered. Die zullen ook wel snel vertrokken zijn als de hamerkop elke dag komt snacken.

 

En afgelopen nacht blijkt er een bruine hyëna langs het huis te zijn gemarcheerd. Dat is eigenlijk heel erg leuk als ik ’s ochtends naar de workshop of kas ga, om sporen te lezen en te zien wat zich afgelopen nacht zich min of meer onder je neus weer heeft afgespeeld.

 

Donderdag 21 januari 

 

De tractor heeft een lekke voorband, maar onze grote jack (krik) is volgens de jongens stuk, dus haal ik er een bij Brian. Een heel kleintje waarmee ik nog niet zie gebeuren dat de tractor kan worden opgekrikt, maar Brian legt Abram uit hoe hij met moet doen. Ik had Abram veiligheidshalve maar meegenomen in de veronderstelling dat ik met een loeizwaar ding thuis zou komen. Daarna wijdt ik me aan huishoudelijke taken omdat Maria deze week niet kan komen schoonmaken. George en Lesley worden in het weekeinde verwacht, dus dat moeten de gastenverblijven er pico bello bijliggen. Ik vind het een pokke (maar absoluut noodzake-lijke) baan. De aantallen spinnen in allerlei vormen, maten en kleuren, die ik in de loop der tijd al heb moeten opruimen is niet meer bij te houden. Er zijn plekken waar je elke dag gewoon even met de duster langs moet. Dat zijn nu de geneugten van een grasdak.

 

’s Middags breng ik de jack terug naar Brian en ben aangenaam verrast dat Oliver en Abram het wiel er af gekregen hebben. We hebben ooit een off-load-ramp gemaakt voor eventuele dieren die we nog eens zouden willen aanschaffen, maar nu blijkt het een hele goede plek om het wiel op de auto te rollen. Want het is echt ontilbaar. Als het wiel op het bakkie belandt ben ik bang dat het door z’n veren gaat. Morgen gaat het wiel mee naar het tyre cente in Ellisras en hopelijk is het alleen maar een gaatje dat gerepareerd kan worden.

 

Gemarineerde schorpioen

 

Bij het opentrekken van het poolcover spot ik een grote schorpioen op de bodem. Eén met een hele dikke staart en hele dikke scharen. Het lijkt een parabuthus, die door het chloor en zout mogelijk lichtelijk verkleurd is. Ik vis hem eruit en kieper hem over de rand. Als hij nog leeft kan hij vandaar af zijn levenspad vervolgen, anders komt er wel een predator langs die wel zin heeft in een gechloreerde cq gemarineerde schorpioen, want zo’n lekkernij kom je niet elke dag tegen.

 

Ik probeer Jan te bellen, maar hij neemt niet op en z’n mailbox is vol. Ik bel regelmatig met het ziekenhuis. Jan is helemaal niet goed te pas en heeft veel pijn en ongemak van de drain. Volgens mij hoef je in een ziekenhuis toch geen pijn te lijden, maar hij is er beroerd aan toe. Ziet en spreekt het liefst niemand en probeert zoveel mogelijk te slapen. Het klinkt nogal liefdeloos, maar om in deze situatie naar Pta te gaan en daar te blijven logeren om 3xdaags een uurtje op bezoek te zitten terwijl het hem eigenlijk allemaal te veel is, heeft niet zoveel zin.

 

’s Avonds belt Ria uitgebreid. Meestal als telefoongesprekken lang duren, wordt zomaar opeens de verbinding verbroken, maar we waren wel zo’n beetje weer op de hoogte van elkaars wel en op dit moment veel wee.

 

Vrijdag 22 januari 

 

Volgens het ziekenhuis gaat het iets minder slecht met Jan. Hij klinkt inderdaad iets beter en ik een kort gesprek met hem voeren, maar ’s middags is het al weer veel minder en z’n arts is iemand van heel weinig woorden en nog veel minder tijd aan het bed. Het is echt zo waardeloos als je partner ver weg ligt te kreperen en je er geen zak aan kunt doen, behalve hopen dat het snel weer de goede kant opgaat.

 

Ik heb weer een hele waslijst in Ellisras af te werken. Het tractorwiel, nieuw raam, glaslatten, supermarkt, verf etc.etc. Ik heb met Moses afgesproken dat hij morgen komt, want dat komt ons allebei wel zo goed uit. En aangezien de vader van Emmy weer een vrachtje dood hout komt opladen, kan hij Moses mooi meebrengen had ik zo gedacht. Maar bij thuiskomst blijkt pa nu reeds gearriveerd. Daar gaat m’n plannetje hetgeen des te vervelender is omdat er in heel Ellisras geen glaslatten te vinden waren. Die had Moses mooi uit Vaalwater kunnen meebrengen als hij toch met pa z’n bakkie zou meekomen. Wat nu?  Als u morgen nu nog een vrachtje komt ophalen en Moses dan gelijk meeneemt stel ik voor? Er wordt druk overlegd (met kleine Abram en Frikkie die ook meegekomen zijn) en daartoe zijn ze wel bereid. Ze kunnen Moses zelfs thuis ophalen, want kleine Abram weet waar hij woont.

 

Ik dacht aanvankelijk dat er niet zoveel hout op pa z’n bakkie zou passen, maar ze hebben verticale stokken in de hoeken gezet zodat je daar toch een behoorlijk grote hoeveelheid hout tussen kunt optasten en dat alles met touwen vastgesjord. Het hout is bedoeld om eten te koken, want met Eskom kan het niet meer uit. Zij zijn zo mooi geholpen en bij ons ruimt het lekker op al die dode bomen die her en der in het veld verspreid liggen.

 

Goed gedaan manneke!

 

Op de heenweg naar Ellisras trof ik een verkleurmannetjie op het Witkoppad. Ik stapte uit, want voor een niet oplettende chauffeur, rij je er zo overheen. Manneke we gaan je mooi aan de kant van de weg zetten, maar het manneke doet liever z’n eigen zin. Ik probeer hem met m’n voet voorzichtig in de goede richting te dwingen, maar daar wordt hij boos om. Hij spert z’n bekkie wagenwijd open, blaast zijn buikje bol en klimt resoluut op m’n schoenen. Dat komt mij wel goed uit, want dat is een betere transportmethode naar de kant van de weg dan de aanvankelijke manier. Maar het blijft niet bij mijn schoen, hij klimt met een noodvaart tegen m’n broekspijpen op, strijdlustig nog steeds z’n mond dreigend wijd open. Hij vervolgt de reis via m’n shirt naar mijn rug en schouders waar ik hem niet meer kan zien. Nu staan er langs de kant van de weg allemaal boompjes en struiken, dus ik loop naar een struik, buig me voorover onder een tak en stel het manneke voor op een tak te klimmen. Hij snapt direct wat de bedoeling is, en stapt over op een tak waar ik hem nog even een klopje op z’n rug geef: goed gedaan manneke.

 

Met Jan is het nog steeds kommer en kwel en hij heeft liever dat ik niet meer bel. Hij belt zelf wel als hij daartoe in staat is, want het kost het teveel moeite en pijn om zich te bewegen. Wat een absoluut waardeloze situatie.

 

Zoals gebruikelijk komen de njala’s hun brokkies bietsen, maar een beetje aan de late kant en al vrijwel donker. Het is dat ik toevallig naar buiten keek anders waren ze hun brokkies misgelopen.

 

Bij Matthijs is Hetty Blok (90!!!) op bezoek. Ik was vroeger gek op die serie en het is moeilijk voor te stellen dat het allemaal al zo lang geleden is en zij inmiddels zo stok en stok oud. En Marjanne Timmer er door een totaal bekend meisje uitgeschaatst voor de 500 meter op de Olympische Spelen. Zonde.

 

Zaterdag 23 januari  

 

Slijmbal

 

Om tien uur arriveert het gezelschap en Moses laadt z’n gereedschapskist weer af. Toen ik hem gisteren belde, zei hij erg blij te zijn dat ik terugbelde. Kennelijk had hij verwacht niet meer terug te hoeven komen na het zooitje wat hij er maandag van gemaakt had. Ik vroeg hem of hij toevallig de nog afmetingen van het gebarsten glas uit z’n hoofd wist. Dat niet, maar hij was er zeker van dat ik het heel goed kan opmeten because you are a very clever lady madam. You can do everything. Slijmbal!

 

Moses haalt de 10 glaspanelen uit hun sponningen en ik boen het glas brandschoon. Als ook alle stopverf verwijderd is begin ik met het draaien van de stofverfdrolletjes om in de sponningen aan te brengen waarna het glas er tegenaangedruk kan worden. Elke keer als ik hem vraag of hij het snapt zegt hij yes, I am with you madam! Moses moet handschoenen aan om geen vieze vingers meer op het glas te krijgen, want achter 5 van de 10 panelen kan ik niet meer komen vanwege het vliegennet dat daar is aangebracht. Het gaat tergend lang-zaam want hij wil het niet opnieuw verprutsen kennelijk want hij krijgt graag nog meer klusjes.

 

Tijdens het werk komt er wel eens iets te sprake. Dat Frank (Jan’s zoon) en zijn gezin in mei op bezoek komen bijvoorbeeld. Hij vraagt of dat dan ook niet mijn zoon is. Neen want ik heb en wilde geen kinderen. Daar wil Moses alles van weten, want hij heeft er twee en dat moeten er vooral niet meer worden. Maar z’n vrouw heeft het niet zo op prevention (condooms dus). Dan ga je gewoon naar dr. Poortier en vertel dat er een knoop in moet dan krijg je wel een verwijzing naar het ziekenhuis waar het een fluitje van een cent is om een en ander onge-daan te laten maken. Dat lijkt hem een goed plan. En ik kan dit maar niet genoeg promoten: Knoop erin, want de wereld barst nu al uit haar voegen. 

 

Om half zes meld ik me off-duty en ga zwemmen.

 

Zondag 24 januari 

 

Op ziekenbezoek

 

Nu er nog geen zicht is op Jan’s thuiskomst, ga ik op bezoek met schone kleren, medicijnen etc. Op de een of andere manier wil Moses niet alleen blijven of alleen werken. Hij rijdt dus mee naar Vaalwater en ik pik hem vanavond gewoon weer op. Hij was trouwens om kwart over zes al begonnen om het gebrekenlijstje af te werken. Ik vraag Abram het bakkie vol te tanken en dan bekent hij dat hy ’n fout gemaak het. Nie groot fout nie, maar toch. Gisteren was Emmy’s pa dus weer hier om en Moses te brengen en nog een lading hout te stouwen. Daarbij hadden ze een houtzaag gebruikt om er handteerbare stukken van te zagen en was de zaag per ongeluk op pa’s bakkie achtergebleven. 

 

Hoe het komt weet ik niet, maar iedereen weet opeens dat Sakkie voor de Kerst ongevraagd een rol electriciteitskabel had meegenomen naar Shongoane en veronderstelt nu dat dat de reden voor ontslag is. Dat is het dus niet, maar als het helpt om zo de orde een beetje te handhaven, vind ik het allang best.

 

Ik heb er geen hekel aan om naar Pta te gaan, maar dat ellendige stuk weg van 60 kilometer tussen Vaalwater en Modimolle blijf ik een verschrikking vinden. Er is gelukkig nauwelijks verkeer op de weg en om elf uur sta ik bij Woolworths om lekkere dingen voor Jan te kopen. Want eten en drinken doet hij nauwelijks en het ziekenhuisvoer is ronduit vies, aldus Jan. Veel fruit, zoals ananas, meloen, bosbessen, druiven, fruitsapjes, melk en (ongezonde) snackdingen. Als ik hem maar aan het eten krijg is op dit moment belangrijker dan de mate van verantwoord of niet.

 

Gourmet meal

 

In het ziekenhuis loop ik z’n diabetes arts Janie van den Berg tegen het lijf. Ze komt elke dag even langs. Jan zelf ligt nog te slapen zodat ik nog snel een krantje voor hem kan gaan kopen in de kiosk. Hij ziet een beetje bleekjes en met 2 drains plus een drip een al met al een behoorlijke slangentoestand. Een toiletbezoek is dus een hele operatie om maar in passende ziekenhuistermen te blijven. De lunch wordt gebracht en inderdaad het lijkt nergens op. Aardappelpuree, worteltjespuree en een grijzig bruine droge korrelige substantie dat op rul gebakken gehakt moet lijken of zo. Echt het ziet er niet uit en dat krijgt hij elke dag. Er is namelijk maar één lichtverteerbaar menu voor diabetspatienten. Zelfs dr. Van den Berg trekt een vies gezicht en vraagt of dat nou echt niet beter kan. Neen dus. Maar voorlopig kan hij teren op de twee boodschappentassen vol Woolworths heerlijkheden. 

 

Ik lees de SMSjes voor, laat hem de mailbox uitluisteren zodat ik de telefoon weer kan opschonen en er weer nieuwe berichten kunnen binnenkomen.

 

Om drie uur is het weer tijd om te vertrekken want ik moet wat boodschappen doen en wil voor het donker thuis zijn. Het is wel zo vervelend om Jan achter te moeten laten met al z’n pijntjes, ongemakken en ziekenhuisleed.

 

Alle winkels in Brooklynmall zijn al gesloten behalve Woolworths, maar die blijkt compleet geplunderd, althans wat de verse producten betreft. Moses heeft ook een boodschappenlijstje ingeleverd. Hoofdbestandddeel: 2 (!!!!!) kilo vlees. Hij eet meer vlees dan hij per dag verdient als je het mij vraagt. Daarna nog snel naar Buildersware House voor een rail die ik bij ons in de buurt nergens kan krijgen. BWH staat op sluiten, maar mij wordt doodleuk medegedeeld dat de verkoper van die rails vandaag niet werkt, en ze dan dus ook die spullen niet verkopen. Dat liegen ze, want die dingen staan gewoon los in een bak die je zo mee kunt graaien. Het is wel duidelijk dat ze de cliënt liever de tent uitkijken dan spullen op de valreep te verkopen.

 

Pot met goud

 

Bij Bela Bela kom ik een ongelofelijke hoosbui terecht. Links van mij schijnt de zon, boven mij hoost het en rechts staat een perfecte  regenboog. Aan het eind daarvan zou een pot met goud staan aldus mijn moeder destijds. Ik heb er tevergeefs wat achteraan gelopen.

 

Ik pik Moses in Vaalwater weer op en die heeft een vriendin meegenomen (na mij terzake eerst telefonisch te hebben geconsulteerd) om zijn kamer schoon te maken. Toe maar. Tegen zevenen ben ik weer thuis. Ik heb rustiger zondagen gekend.

 

Maandag 25 januari 

 

Bietser

 

Halverwege de middag meldt Moses dat hij het lijstje helemaal heeft afgewerkt. En hij heeft twee extra klussies gedaan. Ter compensatie zijn de boodschappen van gisteren voor mijn rekening. Want hij blijkt het vlees gisteravond ook nog met Abram, Sakkie en Oliver te hebben gedeeld. Dus hij is ook de beroerdste niet. Ik inspecteer het werk en het kan de goed-keuring wegdragen. We maken een optelsom van hetgeen hij al verteerd heeft en nog te goed heeft: ruim R 1,100.00. Hij probeert er nog airtime bij te bietsen, maar alleen het tot op de cent nauwkeurig uitgerekende verschuldige bedrag wordt uitbetaald en eventueel airtime daar dus van afgetrokken. I like you madam, I like you very much. We can talk business. Hij bedoelt waarschijnlijk dat hij er respect voor heeft dat ik op mijn strepen sta en blijf staan. Ik breng hem en de vriendin naar de tarroad nadat hij nog geprobeerd heeft of ik hem naar Vaalwater wil  brengen. De kamer ziet er inderdaad spic en span schoon uit en is keurig opgeruimd.

 

Jan sms’t dat de drain er uit is en en woensdag naar huis mag.

 

Dinsdag 26 januari 

 

Het gastenhuis moet opnieuw geschilderd want bij de werkzaamheden zijn hier en daar beschadigingen opgetreden en ik vond de gele kleur altijd al te citroenerig. Ik ben van negen uur tot half zeven ’s avonds bezig. Abram doet de hogere gedeelten waar ik zelf niet bijdurf. Dat valt me nou toch wel zo tegen van mezelf, maar met m’n instabiele linkervoet durf ik echt niet meer op een hoge ladder te jongleren met kwast, roller en emmertje verf. Abram heeft niet alleen de muren geschilderd, maar ook zichzelf. Z’n hele werkoutfit is geel van voren. Oliver heeft tot taak om de ladder stevig in bedwang te houden om ongelukken te voorkomen.

 

Om half zeven heb ik er best wel ongelofelijk tabak van en wil gewoon even helemaal nix. Maar dan belt Abram dat Felida van Tswana voor het blouwe hek staat en mij wil spreken. Maar ik zit zelf nog onder de verf, moet nog douchen en heb er gewoon geen zin in. Ze moet maar bellen of een andere keer komen hoor. Abram zal de boodschap overbrengen.

 

Woensdag 27 januari 

 

Het voornemen om om half acht te vertrekken is gelukt. Abram heeft het bakkie weer vol-getankt en moet in de slaapkamer van het gastenhuis de nok nog schilderen. Ook als ik er niet bij ben Abram, moet je netjes werken hoor en niet zoals Moses vorige week. Dat loopt niet goed af zoals je weet. De reis verloopt zeer voorspoedig en ik spot gelukkig tijdig alle 3 speedtraps between Kranskop en Pta.

 

Jan zit aangekleed te wachten. Hij ziet er bleekjes en loopt vandaag in ieder geval geen marathon meer. Maar na 10 dagen ziekenhuisbed ben je gewoon een vaatdoek. Hij heeft al afscheid genomen van z’n lieve zustertjes/assistenten/mede zaalgenoten en de administra-tieve kant van de zaak afgehandeld inclusief ontslagbewijs.

 

We gaan naar Woolworths en opnieuw naar Builders Warehouse. Inderdaad, die rails staan gewoon in een bepaald schap en kun je zonder enige interventie van wie dan ook meenemen naar de kassa.

 

In Vaalwater pikken we Emmy op; ze gaat morgen het gastenhuis schoonmaken. Haar zoon Abram staat er ook en zegt dat hij geen geld heeft voor bepaalde schoolspullen. Je weet toch wel dat je voor geld moet werken Abram? Ja dat weet hij heus wel. Hij komt of in een weekend, maar in ieder geval bij de volgende schoolvakantie. Hij krijgt de schoolspullen en staat 2,5 dag werken bij mij in het krijt.

 

Een echt gourmet meal

 

Jan gaat lekker uitgebreid onder de douche. Daar knapt een mens heerlijk van op. Bad of zwemmen mag voorlopig nog niet. Sommige wonden zijn gehecht, maar die van de drain niet. Moet kennelijk uit zichzelf dichtgroeien. Z’n rug is bont en blauw. Het zal er tijdens de operatie dus wel heftig aan toe zijn gegaan. Hij laat zich nog even aan de staff zien, want die hebben elke dag gevraagd hoe het met baas Jan ging. Ze zijn blij dat hij er weer is en gauw weer helemaal de oude zal zijn.En dan is het genieten van een feestmaal van alle heerlijkheden die hij bij Woolworths in de trolley had gestopt.

 

Onze eigen instorting

 

Tijdens het eten koken staat Abram opeens voor het keukenraam. Het is al donker dus ik heb het eerst niet in de gaten. Sy het ’n baie probleem. Die watertank het geval en gebreek en met armgebaren en bijpassend geluid wordt gedemonstreerd hoe dat er aan toe ging. De 2500 liter watertank staat op steigerwerk dat mogelijk doorgerot of geroest is, maar het zal me inderdaad wel een rotklap gegeven hebben. Maar het journaal zal het wel niet halen. Slachtoffers zijn er ook niet te betreuren behalve de tank zelf.

 

Donderdag 28 januari 

 

Bolletje wol

 

Ik ben al om half zes wakker. De vleermuis in het kleine kamertje in het gastenhuis houdt me bezig. Het beestje woont daar al 3 jaar en hangt overdag als een klein bolletje wol aan een lat. Nu dat kamertje helemaal is dichtgemaakt met een kozijn kan hij er niet meer uit. De afgelopen 4 avonden heb ik de deur toch open laten staan en ben elk uur gaan kijken met een zaklamp of hij al uitgevlogen was om te gaan fourageren (zodat ik de deur definitief voor hem kan sluiten), maar steeds bleek hij er nog te hangen. Gisteravond heb ik de deur dichtgehouden om aan het vrije spel van de muizen een eind te maken. Ze vreten echt alles kapot. Maar die aktie zit me toch niet lekker. Het bolletje wol hangt er nog en met een duster probeer ik hem zachtjes, doch beslist te laten uitvliegen. Dat lukt uiteindelijk waarbij het kleine bolletje wol een wingspan van wel 20 cm blijkt te hebben. Het is best sneu, maar er zijn nog andere grasdakken genoeg waar hij vrij toegang tot heeft om overdag te kunnen hangen. 

 

Emmy maakt het gastenhuis schoon samen met Abram, en Maria ons huis. Pat laat Maria aankondigen zat zij en Brian vanmiddag op bezoek komen. Oliver en Sakkie verwijderen gras en snel opschietende takken die de solargeyzer bij H&G het zicht op de zon ontnemen. Ik moet daar ook even in de buurt zijn in het generatorhok waar ook verfspullen opgeslagen staan en liggen. En dan opeens blijkt Sakkie weer achter me aangelopen en dat betekent altijd ergens om zeuren. Sy sissie het hom gebel en sy ma is baie siek en by die hospitaal in Pietersburg. Hy wil by sy my kyk en die missizz gaan hom assablief help en die sjeld gê. M’n bloed giert weer door m’n aderen en waarom beginnen m’n handen toch weer zo te jeuken? Nee, nee, nee en nog eens nee. Duidelijk? Zielig/hard/onmenselijk? Welnee, 99,99% kans dat het regelrecht uit z’n duim komt. Hoeveel borden kan een mens voor z’n kop hebben?

 

Om vier uur komen Pat en Brian. Pat heeft een klein tuiltje bloemen gemaakt voor Jan en we drinken gezellig koffie op de stoep. Ik zet een aantal foto’s op een DVD’tje die haar zus Gloria mij eerder stuurde. We zullen het ongelofelijk gaan missen.

 

Filida heeft weer gebeld, ze zou aanvankelijk vanmiddag komen, maar het wordt nu zaterdag omdat ze nog niet klaar is met haar werk. Het zal mij benieuwen wat er aan de hand is, maar de bushphone laat er weinig misverstanden over bestaan wat er op Tswana aan de hand is. Maar we willen het uit haar mond horen en vooral: waarom kom je het aan ons vertellen in plaats van aan Groot Baas Gerrit?

 

Onverwacht gezelschap

 

We zitten in de bieb naar Mathijs te kijken. Het is buiten weliswaar pikkedonker, maar binnen toch redelijk helder verlicht. Jan houdt er namelijk niet van in het donker te zitten. Maar ondanks het licht komt er toch een schorpioen onder de boekenplanken vandaan gewandeld. Het heeft hem kennelijk allemaal al veel te lang geduurd, heeft honger, en wil niet langer wachten tot het donker is. Echt heel ongebruikelijk dat een schorpioen zich laat zien als het nog licht is. Jan houdt hem in de smiezen en ik ga onze plastic doos ophalen. Want gezelschap is leuk, zo lang we het zelf maar uit kunnen kiezen. We manoevreren de tamelijk flinke schorpioen met dikke staart en dikke scharen het doosje in en Jan kiepert hem naar buiten. Bij de voordeur blijkt er ook nog een heen en weer te marcheren op zoek naar prooi.

 

Vrijdag 29 januari

 

Oliver en Sakkie sorteren de nog bruikbare delen van de watertank-stellage uit. Ook de hoog-zit wordt gesloopt want daar durf ik ook niet meer op vanwege alle roestvorming. Het zal je toch gebeuren dat er gasten inklimmen en neerstorten met de handel.  Als het met de water-tank kan, waarom daar dan niet?

 

Er begint weer een beetje leven in Jan te komen, en voorzichtig begint hij zich weer met de gang van zaken te bemoeien. Hij meldt 4 waterbokken gezien te hebben in de buurt van de factory. De waterbokken blijven meestal bij de rivier en volgens zeggen hebben we er inmiddels 9 van het teelpakkie van 6 dat we samen met de Kameelperde kochten.

 

Oliver en Sakkie zijn begonnen aan een nieuw fundament voor de watertank. Ze hebben geen water, behalve de 10 liter flessen die ze bij ons halen om eten te koken. En dan zou je toch denken: ik maak deze klus lekker af in het weekend zodat er zo spoedig mogelijk weer een nieuwe tank geplaatst kan worden, we weer lekker kunnen douchen en het toilet doorspoelen. Neen hoor, om vijf uur houden ze het voor gezien. Maandag is er weer een dag (en weer zonder water).

 

Zaterdag 30 januari  

 

We kunnen lekker lang uitslapen en zelfs R&L houden zich koest. Maar rond een uur of negen belt Filida weer en doet uitgebreid haar verhaal met het verzoek dat toch alsjeblieft aan grootbaas Gerrit over te brengen. Ik beloof haar dat te zullen en Els en Gerrit moeten maar kijken of en zo ja, wat ze met de informatie doen. En weten zul je het nooit wie er nu wel/niet liegt.

 

Tijdens het gesprek met Filida hoor ik gestommel bij het gastenhuis. Dat is raar, want Moses heeft niet gebeld, die heb ik dus niet opgehaald en kan het dan ook niet zijn. Maar ik zit er mooi naast. Moses is al uren bezig. Is vanaf de tarroad komen lopen, over het hek geklommen, daar een half uur gerust en toen naar het huis gelopen. Hij vond dat hij het niet kon maken om ons om zes uur te bellen in verband met baas Jan die nog aan het herstellen is en vraagt wat er in hemelsnaam bij de staffquarters gebeurd is vanwege de kapotte watertank. Hij gaat aan het eind van de middag weer naar huis omdat hij niet verder kan,  want ik moet de nieuwe slider/gaasdeur nog tweemaal in de olie zetten. Morgenochtend komt hij terug.

 

Zondag 31 januari 

 

Moses komt op een wat christelijker tijdstip en meldt zich om negen uur. Halverwege de middag is hij klaar met deze klus en ik kan het gastenhuis opnieuw dweilen. Hij wil graag meer werk, en als hij kan lassen, mag hij de handrail komen afmaken. Jan zie ik voorlopig nog niet zwaar aan het klussen en die handrail moet toch echt een keer af. Zeker nu in mei Wina, Frank, Mart (6) en Luuk (4) op bezoek komen. Dat wordt ongetwijfeld een geweldige tegenvaller voor die kleine jochies, want die denken vast dat er achter elke boom een leeuw verborgen ligt. Die leeuwen gaan we wel bekijken in Madikwe op Morukuru bij Anka en Ed.

 

We wikkelen de financiën af en ik breng hem weer naar de tarroad. Daar staat toevallig ook Klaas te liften, keurig gekleed met een cowboy hoed op. Ik herken hem eerst niet eens.

 

Het is al weer dagen lang zwaar bewolkt, maar regenen ho maar. We hebben deze maand slechts 100 mil gekregen (vorig jaar 180) en dat is veel te weinig voor de tijd van het jaar. Bij de NWS duiken 4 kudu’s op. Broer en zus van nu drie jaar oud, plus een 4 jaar oude broer en een hele grote bull. Die heeft het ongetwijfeld op het vrouwtje voorzien. Maar het vrouwtje is mogelijk nog te jong voor reproductie. M’n handboek verschaft terzake geen opheldering. Kudu’s hebben overigens eenzelfde draagtijd als de mens: 9 maanden dus en kunnen tot 22 jaar oud worden.

 

Last Updated on Wednesday, 12 May 2010 10:04
 
<< Start < Prev 1 2 Next > End >>

Page 2 of 2